Eindexamen aardrijkskunde vmbo-kb 2018, tijdvak 1: vragen en antwoorden

Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Weer en klimaat, Water, Bevolking en ruimte.

Kort antwoord

Het centraal examen aardrijkskunde vmbo-kb 2018, tijdvak 1 telt 46 vragen. De meeste vragen gaan over weer en klimaat (14), bevolking en migratie (9) en Nederland: wonen en water (7). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.

Onderwerpen in dit examen

Onderwerp per vraag in het centraal examen aardrijkskunde vmbo-kb 2018, tijdvak 1. Elke vraag is eenmalig door een AI-model bij een onderwerp ingedeeld; per vraag kan dat afwijken.
OnderwerpVragenAantal
Weer en klimaat1-13, 1514
Bevolking en migratie32-34, 36-38, 40-41, 469
Nederland: wonen en water17, 19-247
Water en rivieren16, 25-296
Verstedelijking35, 39, 42-43, 455
Landbouw en voedsel14, 30-313
Globalisering181
Ontwikkelingsvraagstukken441

Opgaven en correctievoorschrift

De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.

Oefenen als leerling

Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen aardrijkskunde vmbo-kb 2018, tijdvak 1 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.

Nakijken als docent

  1. Start gratis vanaf deze pagina

    Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen aardrijkskunde vmbo-kb 2018, tijdvak 1 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.

  2. Laat de klas het examen maken

    Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.

  3. Geef de resultaten vrij

    Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.

ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.

Vragen en antwoorden

Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen aardrijkskunde vmbo-kb 2018, tijdvak 1. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.

Weer en klimaat

Meerkeuzevragen

Schrijf alleen de hoofdletter van het goede antwoord op.

Open vragen

Geef niet meer antwoorden (redenen, voorbeelden e.d.) dan er worden gevraagd. Als er bijvoorbeeld twee redenen worden gevraagd en je geeft meer dan twee redenen, dan worden alleen de eerste twee in de beoordeling meegeteld.

bron 1

Twee weerkaarten

kaart 1: 16 december 2017

kaart 2: 17 december 2017

Vraag 1 2 punten

Bekijk kaart 1 en kaart 2 in bron 1.

De kaarten laten de weersverwachting zien voor twee opeenvolgende dagen.

Noem de twee verschillen in de weersverwachting voor Overijssel tussen 16 december en 17 december.

twee weerkaarten van 16 en 17 december 2017 met temperaturen per plaats en de legenda van de provincie Overijssel Bekijk in Opgaven, pagina 2

Bekijk het antwoord
  • de windrichting / De wind kwam op 16 december uit het zuidoosten en op 17 december uit het zuidwesten
  • de bewolkingsgraad / Op 16 december was het onbewolkt/zonnig en op 17 december was het licht bewolkt

Vraag 2 1 punt

Bekijk bron 1.

Een beginnende windsurfer wil gaan surfen langs de westkust.

Bij welke weersverwachting is de kans het grootst dat hij afdrijft en te ver uit de kust raakt? Kies voor 16 december of 17 december. Geef met behulp van bron 1 een argument voor je keuze.

twee weerkaarten van 16 en 17 december 2017 met temperaturen per plaats Bekijk in Opgaven, pagina 2

Bekijk het antwoord

16 december, omdat er dan een aflandige wind / oostenwind waait

Opmerking

Het scorepunt alleen toekennen bij een juiste keuze met een juist argument.

bron 2

Weersituatie in Overijssel

Vraag 3 1 punt

Bekijk bron 1 en bron 2.

Welke foto uit bron 2 geeft de weersituatie in Overijssel op 17 december 2017 (kaart 2 in bron 1) het best weer?

  1. A foto 1
  2. B foto 2
  3. C foto 3
  4. D foto 4

vier foto's (foto 1 tot en met foto 4) van de weersituatie in Overijssel Bekijk in Opgaven, pagina 3

Bekijk het antwoord

Antwoord: D

D

bron 3

Vier klimaatgrafieken

Vraag 4 1 punt

Bekijk de klimaatgrafieken in bron 3.

In bron 3 staan één klimaatgrafiek van een plaats in Nederland en twee klimaatgrafieken van plaatsen in Spanje. Eén klimaatgrafiek is van een plaats buiten Europa.

Welke klimaatgrafiek is van een plaats buiten Europa?

  1. A klimaatgrafiek 1
  2. B klimaatgrafiek 2
  3. C klimaatgrafiek 3
  4. D klimaatgrafiek 4

vier klimaatgrafieken (klimaatgrafiek 1 tot en met 4) met neerslag in mm en temperatuur in °C per maand Bekijk in Opgaven, pagina 4

Bekijk het antwoord

Antwoord: B

B

bron 4

Zonnestralen op aarde

Vraag 5 2 punten

Bekijk bron 4.

Het verschil tussen de gemiddelde temperatuur in Nederland en Spanje wordt vooral bepaald door het verschil in breedteligging.

Geef met behulp van bron 4 de twee gevolgen van het verschil in breedteligging die leiden tot een verschil in de gemiddelde temperatuur tussen Nederland en Spanje.

schematische weergave van zonnestralen op aarde met de breedtegraden 60° NB, 30° NB, de evenaar, 30° ZB en 60° ZB Bekijk in Opgaven, pagina 5

Bekijk het antwoord
  • In Spanje vallen de zonnestralen rechter op het aardoppervlak, waardoor er een kleiner oppervlakte verwarmd wordt. / In Nederland vallen de zonnestralen schuiner op het aardoppervlak, waardoor er een groter oppervlakte verwarmd wordt
  • De zonnestralen leggen een kortere afstand af door de dampkring naar Spanje. / De zonnestralen leggen een langere afstand af door de dampkring naar Nederland

bron 5

Klimaatgrafiek Málaga

Vraag 6 2 punten

Bekijk bron 5.

Málaga ligt in Zuid-Spanje.

Geef de naam van het klimaat van Málaga.

Geef twee kenmerken van dit klimaat.

klimaatgrafiek van Málaga met neerslag in mm en temperatuur in °C per maand Bekijk in Opgaven, pagina 5

Bekijk het antwoord

Málaga heeft een mediterraan klimaat / een Middellandse Zeeklimaat

Juiste kenmerken zijn:

  • droge zomer
  • warme zomer
  • zachte winter
  • relatief natte winter

Opmerking

Het tweede scorepunt alleen toekennen bij twee juiste kenmerken.

Vraag 7 1 punt

Ultraviolette straling kan leiden tot het verbranden van de huid.

Wanneer is de kans op verbranding het hoogst?

  1. A bij een hogedrukgebied in de winter
  2. B bij een hogedrukgebied in de zomer
  3. C bij een lagedrukgebied in de winter
  4. D bij een lagedrukgebied in de zomer
Bekijk het antwoord

Antwoord: B

B

bron 6

Krantenartikel

Door het smelten van poolijs komt methaangas vrij. Wetenschappers hebben in het Noordpoolgebied duizenden plaatsen ontdekt waar methaangas de atmosfeer in gaat. Het methaangas zat duizenden jaren vast onder het ijs, maar komt nu vrij omdat het ijs smelt.

Vraag 8 1 punt

Lees bron 6.

Welk wereldwijd probleem wordt erger doordat er veel extra methaangas in de atmosfeer komt?

Bekijk het antwoord

het versterkt broeikaseffect / de klimaatopwarming / de klimaatverandering

bron 7

Wijnblog

Wijnbouw

Voor de wijngaarden is een klimaat noodzakelijk waarin de winter niet te koud is, het voorjaar niet te droog, de zomer warm genoeg met af en toe wat neerslag en de herfst droog en voldoende warm.

bron 8

De belangrijkste wijngebieden op aarde

Vraag 9 1 punt

Lees bron 7 en bekijk bron 8.

Door de klimaatverandering zal een groter gebied geschikt worden voor wijnbouw.

In welke richting zal de uitbreiding van de wijngebieden plaatsvinden?

  1. A De wijngebieden verschuiven naar de evenaar.
  2. B De wijngebieden verschuiven naar de polen.
  3. C De wijngebieden verschuiven naar het noorden.
  4. D De wijngebieden verschuiven naar het zuiden.

wereldkaart met de belangrijkste wijngebieden op aarde en een legenda Bekijk in Opgaven, pagina 6

Bekijk het antwoord

Antwoord: B

B

bron 9

Verenigde Staten, weerkaart van 19 december 2016

Vraag 10 1 punt

Bekijk bron 9.

Over bron 9 worden twee uitspraken gedaan.

Uitspraak 1: in gebied Y is een hoge luchtdruk.

Uitspraak 2: in gebied Y waait het harder dan in gebied X.

Neem de cijfers 1 en 2 van de uitspraken over op het antwoordblad en zet erachter of de uitspraak juist of onjuist is.

weerkaart van de Verenigde Staten van 19 december 2016 met isobaren en de gebieden X en Y Bekijk in Opgaven, pagina 7

Bekijk het antwoord

1 = juist

2 = onjuist

Opmerking

Het scorepunt alleen toekennen bij twee juiste antwoorden.

Vraag 11 1 punt

Alaska is een staat in het uiterste noordwesten van de Verenigde Staten en Florida is een staat in het uiterste zuidoosten van de Verenigde Staten.

In Alaska is het 's winters zeer koud en 's zomers komt de temperatuur maar net boven de nul graden. In Florida is de temperatuur het hele jaar door hoog.

Welke klimaatfactor is de belangrijkste verklaring voor dit verschil?

Bekijk het antwoord

de breedteligging / de invalshoek van de zon

bron 10

Reliëf, Verenigde Staten

bron 11

Klimaatgrafieken van drie plaatsen in de Verenigde Staten

Vraag 12 1 punt

Bekijk bron 10 en bron 11.

In bron 11 staan drie klimaatgrafieken die horen bij drie plaatsen die staan in de kaart van bron 10.

Waar staan de cijfers 1, 2 en 3 van de klimaatgrafieken juist bij de drie plaatsen uit bron 10?

ChicagoMiamiSan Francisco
A123
B132
C213
D231
E312
F321
  1. A Chicago 1, Miami 2, San Francisco 3
  2. B Chicago 1, Miami 3, San Francisco 2
  3. C Chicago 2, Miami 1, San Francisco 3
  4. D Chicago 2, Miami 3, San Francisco 1
  5. E Chicago 3, Miami 1, San Francisco 2
  6. F Chicago 3, Miami 2, San Francisco 1

bron 10: reliëfkaart van de Verenigde Staten met de plaatsen Seattle, Williston, San Francisco, Chicago en Miami; bron 11: drie klimaatgrafieken Bekijk in Opgaven, pagina 8

Bekijk het antwoord

Antwoord: E

E

bron 12

Twee klimaatgrafieken

Seattle

Williston

Vraag 13 1 punt

Bekijk bron 10 en bron 12.

Geef met behulp van bron 10 de oorzaak van het verschil in jaarlijkse neerslag tussen Seattle en Williston.

twee klimaatgrafieken van Seattle en Williston met neerslag in mm en temperatuur in °C per maand Bekijk in Opgaven, pagina 9

Bekijk het antwoord

Uit het antwoord moet blijken dat Seattle aan de loefzijde van het gebergte ligt en Williston aan de lijzijde/regenschaduw / dat Seattle aan zee ligt en Williston meer landinwaarts.

bron 13

Landbouwgordels in de Verenigde Staten

Vraag 14 1 punt

Bekijk bron 13.

In de Verenigde Staten overheerst in één gebied vaak één vorm van landbouw. We spreken daarom van landbouwgordels.

Welke landbouwgordels horen bij 1, 2 en 3 uit de legenda?

gebied 1gebied 2gebied 3
Aextensieve veeteeltkatoentarwe
Bextensieve veeteelttarweintensieve veeteelt
Cintensieve veeteeltextensieve veeteeltkatoen
Dintensieve veeteelttarwekatoen
Etarweextensieve veeteeltintensieve veeteelt
Ftarwekatoenextensieve veeteelt
  1. A gebied 1 extensieve veeteelt, gebied 2 katoen, gebied 3 tarwe
  2. B gebied 1 extensieve veeteelt, gebied 2 tarwe, gebied 3 intensieve veeteelt
  3. C gebied 1 intensieve veeteelt, gebied 2 extensieve veeteelt, gebied 3 katoen
  4. D gebied 1 intensieve veeteelt, gebied 2 tarwe, gebied 3 katoen
  5. E gebied 1 tarwe, gebied 2 extensieve veeteelt, gebied 3 intensieve veeteelt
  6. F gebied 1 tarwe, gebied 2 katoen, gebied 3 extensieve veeteelt

kaart van de Verenigde Staten met de landbouwgordels 1, 2 en 3 en de overige gebieden Bekijk in Opgaven, pagina 10

Bekijk het antwoord

Antwoord: E

E

bron 14

Verandering in neerslag tot 2025 en tot 2050 in de Verenigde Staten

Vraag 15 1 punt

Bekijk bron 14.

Welke uitspraak over bron 14 is juist?

  1. A Het zal naar verwachting in alle staten van de Verenigde Staten droger worden.
  2. B In de Appalachen zal het naar verwachting droger gaan worden.
  3. C In de gebieden in de Verenigde Staten die nu al droog zijn, wordt het nog droger.

twee kaarten van de Verenigde Staten met de procentuele verandering van de neerslag tot 2025 en tot 2050 (minder of meer neerslag) Bekijk in Opgaven, pagina 11

Bekijk het antwoord

Antwoord: C

C

Water

bron 15

De verdeling van water op aarde

Vraag 16 1 punt

Bekijk bron 15.

Bron 15 geeft de verdeling van het water op aarde weer. In deze bron is de beschrijving van de staven vervangen door de cijfers 1, 2 en 3.

Waar staan de cijfers 1, 2 en 3 van de staven bij de juiste beschrijving?

al het water op aardezoet oppervlaktewateral het zoete water op aarde
A123
B132
C213
D231
E312
F321
  1. A al het water op aarde 1, zoet oppervlaktewater 2, al het zoete water op aarde 3
  2. B al het water op aarde 1, zoet oppervlaktewater 3, al het zoete water op aarde 2
  3. C al het water op aarde 2, zoet oppervlaktewater 1, al het zoete water op aarde 3
  4. D al het water op aarde 2, zoet oppervlaktewater 3, al het zoete water op aarde 1
  5. E al het water op aarde 3, zoet oppervlaktewater 1, al het zoete water op aarde 2
  6. F al het water op aarde 3, zoet oppervlaktewater 2, al het zoete water op aarde 1

bron 15: drie staven (1, 2 en 3) met de verdeling van het water op aarde over zout water, ijskappen en gletsjers, grondwater, meren, moerassen en rivieren Bekijk in Opgaven, pagina 12

Bekijk het antwoord

Antwoord: B

B

Vraag 17 1 punt

In de meeste landen op de wereld wordt voor de productie van drinkwater meer oppervlaktewater dan grondwater gebruikt. In Nederland gebruiken we juist vaak grondwater om drinkwater van te maken.

Noem een voordeel van grondwater in vergelijking met oppervlaktewater voor de productie van drinkwater.

Bekijk het antwoord

Uit het antwoord moet blijken dat grondwater schoner is / minder gezuiverd hoeft te worden dan oppervlaktewater.

bron 16

Goederenvervoer over water

Vraag 18 1 punt

Bekijk bron 16.

Over bron 16 worden twee uitspraken gedaan.

Uitspraak 1: bron 16 gaat over goederenvervoer via zeevaart.

Uitspraak 2: de reis per schip van Rotterdam naar het Ruhrgebied kost meer brandstof dan de reis van het Ruhrgebied naar Rotterdam.

Neem de cijfers 1 en 2 van de uitspraken over op het antwoordblad en zet erachter of de uitspraak juist of onjuist is.

kaart met de lading in miljoen ton op de hoofdvaarwegen in 2002, met Rotterdam en het Ruhrgebied Bekijk in Opgaven, pagina 13

Bekijk het antwoord

1 = onjuist

2 = juist

Opmerking

Het scorepunt alleen toekennen bij twee juiste antwoorden.

Vraag 19 1 punt

Zandlandschappen in Nederland hebben meer last van verdroging dan kleilandschappen.

Geef een oorzaak waardoor zandlandschappen meer last van verdroging hebben.

Bekijk het antwoord

Voorbeelden van een juiste oorzaak zijn:

  • Zand laat door zijn losse structuur gemakkelijk water door.
  • Zandlandschappen liggen in Nederland meestal hoger, waardoor het grondwater relatief laag staat.
  • In zandlandschappen vindt meer (grond)waterwinning plaats.

bron 17

Drinkwaterverbruik Nederland, 1960-2010

Vraag 20 1 punt

Bekijk bron 17.

Bron 17 geeft het drinkwaterverbruik tussen 1960 en 2010 weer.

Over bron 17 worden twee uitspraken gedaan.

Uitspraak 1: door waterbesparende apparaten is het drinkwatergebruik per persoon per dag na 2000 gedaald.

Uitspraak 2: ondanks de bevolkingsgroei is het totale drinkwatergebruik per jaar na 1990 afgenomen.

Neem de cijfers 1 en 2 van de uitspraken over op het antwoordblad en zet erachter of de uitspraak juist of onjuist is.

staafdiagrammen van het drinkwaterverbruik per persoon per dag in liters en het totale drinkwaterverbruik per jaar (x 10 miljard liter) in 1960, 1990, 2000 en 2010 Bekijk in Opgaven, pagina 14

Bekijk het antwoord

1 = juist

2 = juist

Opmerking

Het scorepunt alleen toekennen bij twee juiste antwoorden.

bron 18

De IJssel bij Deventer

Vraag 21 1 punt

Bekijk bron 18.

Bij Deventer heeft de IJssel meer ruimte gekregen door de aanleg van een jachthaven.

Welke andere maatregel in het kader van Ruimte voor de Rivier is bij Deventer uitgevoerd en is te herkennen in bron 18?

  1. A het aanleggen van een spaarbekken
  2. B het verlagen van de kribben
  3. C het verlagen van de uiterwaarden
  4. D het verleggen van de winterdijk

foto's van de IJssel bij Deventer vóór de ingrepen en na de ingrepen Bekijk in Opgaven, pagina 15

Bekijk het antwoord

Antwoord: C

C

bron 19

De IJssel

Vraag 22 1 punt

Bekijk bron 19.

De maatregelen in het kader van Ruimte voor de Rivier die bij Deventer uitgevoerd zijn, zorgen ervoor dat niet alleen Deventer minder overlast van hoogwater heeft, maar ook steden zoals Zwolle en Kampen.

Geef de reden waarom de stad Zutphen geen voordeel heeft van de maatregelen die bij Deventer zijn genomen.

kaart van de IJssel met de steden Kampen, Zwolle, Deventer, Zutphen, Apeldoorn en Arnhem Bekijk in Opgaven, pagina 16

Bekijk het antwoord

Uit het antwoord moet blijken dat de maatregel alleen stroomafwaarts voor een kleiner overstromingsrisico zorgt en Zutphen ligt stroomopwaarts ten opzichte van Deventer.

Vraag 23 1 punt

Bekijk bron 19.

In de IJssel zijn in de loop der tijd bochten ontstaan. We noemen zo'n bocht in een rivier ook wel een meander.

Waardoor ontstonden de meanders in de IJssel?

  1. A door deltavorming
  2. B door erosie en sedimentatie
  3. C door getijdenwerking
  4. D door verzilting en ontzilting

kaart van de IJssel met de steden Kampen, Zwolle, Deventer, Zutphen, Apeldoorn en Arnhem Bekijk in Opgaven, pagina 16

Bekijk het antwoord

Antwoord: B

B

Vraag 24 1 punt

Welke maatregel zorgt ervoor dat de vaargeul van een rivier zoals de IJssel voldoende diep en goed op zijn plaats blijft?

  1. A de aanleg van dijken
  2. B de aanleg van een nevengeul
  3. C de aanleg van kribben
  4. D het verlagen van de uiterwaarden
Bekijk het antwoord

Antwoord: C

C

Vraag 25 1 punt

In Wuhan, een stad aan de Chang Jiang, viel in juli 2016 in één week tijd een recordhoeveelheid regen: 574 mm. Wateroverlast door extreme neerslag komt meer voor in de steden dan op het platteland.

Geef de oorzaak waardoor water in steden minder goed kan infiltreren dan op het platteland.

Bekijk het antwoord

Uit het antwoord moet blijken dat steden meer versteend zijn dan het platteland.

bron 20

De Chang Jiang en zijrivieren

Vraag 26 2 punten

Bekijk bron 20.

Naar aanleiding van deze kaart worden drie uitspraken gedaan.

Uitspraak 1: Wuhan ligt in de bovenloop van de Chang Jiang.

Uitspraak 2: de Chang Jiang is een gemengde rivier.

Uitspraak 3: van Wuhan naar de Drie Klovendam vaar je tegen de stroming in.

Neem de cijfers 1, 2 en 3 van de uitspraken over op het antwoordblad en zet erachter of de uitspraak juist of onjuist is.

kaart van de Chang Jiang en zijrivieren met Wuhan, de Drie Klovendam, de Oost-Chinese Zee en de stad Wuhan Bekijk in Opgaven, pagina 17

Bekijk het antwoord

1 = onjuist

2 = juist

3 = juist

Vraag 27 1 punt

Heeft de Drie Klovendam gezorgd voor meer of minder overstromingen in Wuhan? Geef een argument voor je keuze.

Bekijk het antwoord

minder (overstromingen)

Uit het argument moet blijken dat sinds de aanleg van de Drie Klovendam het water bij extreme neerslag tijdelijk in het stuwmeer kan worden opgeslagen / vertraagd kan worden doorgelaten (waardoor er minder vaak een piekafvoer is).

Opmerking

Het scorepunt alleen toekennen bij een juiste keuze met een juist argument.

bron 21

Wadi in Israël

Vraag 28 1 punt

Bron 21 laat een wadi zien.

Welke uitspraak is juist?

  1. A Een wadi heeft een onregelmatig regiem.
  2. B Een wadi heeft een regelmatig regiem.
  3. C Een wadi heeft het hele jaar een groot debiet.
  4. D Een wadi heeft het hele jaar een klein debiet.

foto van een wadi in Israël Bekijk in Opgaven, pagina 18

Bekijk het antwoord

Antwoord: A

A

Vraag 29 1 punt

In de omgeving van wadi's is de bevolkingsdichtheid groot vergeleken met andere droge gebieden.

Geef de oorzaak waardoor de bevolkingsdichtheid in de omgeving van wadi's meestal groter is dan in andere droge gebieden.

Bekijk het antwoord

Er is water beschikbaar waardoor landbouw mogelijk is. / Water is hier gemakkelijk te winnen.

Vraag 30 2 punten

De toenemende bevolking in het Midden-Oosten leidt tot een grotere kans op bodemerosie en verzilting en tot een toename van de ontbossing.

Bij de volgende drie redeneringen ontbreekt steeds een stap.

  • 1: meer mensen → grotere vraag naar brandhout → ... 1 ...
  • 2: meer mensen → meer landbouwgrond nodig → meer irrigatie → meer verdamping → ... 2 ...
  • 3: meer mensen → meer akkerbouw in gebieden die minder geschikt zijn voor akkerbouw → ... 3 ...

Neem de cijfers 1, 2 en 3 uit de redeneringen over op het antwoordblad en zet de volgende stap erachter.

Kies uit:

  • grotere kans op bodemerosie
  • grotere kans op verzilting
  • toename ontbossing
Bekijk het antwoord

1 = toename ontbossing

2 = grotere kans op verzilting

3 = grotere kans op bodemerosie

bron 22

Twee vormen van irrigatie in het Midden-Oosten

Traditionele irrigatiemethode

Druppelirrigatie

Vraag 31 1 punt

Bekijk bron 22.

In het Midden-Oosten worden verschillende manieren van irrigatie toegepast. Bij de traditionele irrigatiemethode wordt het water via irrigatiekanaaltjes aangevoerd. Bij druppelirrigatie wordt het water bij elke plant gedruppeld.

Noem een oorzaak waardoor druppelirrigatie duurzamer is dan de traditionele irrigatiemethode.

twee foto's: de traditionele irrigatiemethode met irrigatiekanaaltjes en druppelirrigatie bij de plantengroei Bekijk in Opgaven, pagina 19

Bekijk het antwoord

Voorbeelden van een juiste oorzaak zijn:

  • Er wordt minder water verbruikt dan bij de traditionele manier van irrigatie.
  • Er verdampt minder water dan bij de traditionele manier van irrigatie.

Bevolking en ruimte

Vraag 32 1 punt

Sinds de Tweede Wereldoorlog zie je dat de herkomstgebieden van immigranten per periode verschillen.

Waar staat bij elke periode het belangrijkste herkomstgebied van deze immigranten juist?

rond 19491960-1970rond 19751990-2000
AIndonesiëlanden rondom de Middellandse ZeeOost-EuropaSuriname
BIndonesiëlanden rondom de Middellandse ZeeSurinameOost-Europa
Clanden rondom de Middellandse ZeeOost-EuropaIndonesiëSuriname
Dlanden rondom de Middellandse ZeeSurinameIndonesiëOost-Europa
  1. A rond 1949 Indonesië, 1960-1970 landen rondom de Middellandse Zee, rond 1975 Oost-Europa, 1990-2000 Suriname
  2. B rond 1949 Indonesië, 1960-1970 landen rondom de Middellandse Zee, rond 1975 Suriname, 1990-2000 Oost-Europa
  3. C rond 1949 landen rondom de Middellandse Zee, 1960-1970 Oost-Europa, rond 1975 Indonesië, 1990-2000 Suriname
  4. D rond 1949 landen rondom de Middellandse Zee, 1960-1970 Suriname, rond 1975 Indonesië, 1990-2000 Oost-Europa
Bekijk het antwoord

Antwoord: B

B

bron 23

Vier woningtypen

type 1: appartement

type 2: eengezinswoning

type 3: grachtenpand

type 4: villa

Vraag 33 1 punt

Bekijk bron 23.

Door vergrijzing verandert de woningbehoefte.

Naar welk woningtype nam door vergrijzing de vraag het meest toe?

  1. A naar appartementen
  2. B naar eengezinswoningen
  3. C naar grachtenpanden
  4. D naar villa's

vier foto's van woningtypen: type 1 appartement, type 2 eengezinswoning, type 3 grachtenpand en type 4 villa Bekijk in Opgaven, pagina 21

Bekijk het antwoord

Antwoord: A

A

bron 24

Bevolkingsdiagrammen van Nederland in 1950, 2010 en 2050 (verwachting)

Vraag 34 1 punt

Bekijk bron 24.

De bevolkingsdiagrammen in bron 24 horen bij drie verschillende jaartallen.

Waar staan de jaartallen juist bij de drie bevolkingsdiagrammen?

bevolkingsdiagram 1bevolkingsdiagram 2bevolkingsdiagram 3
A195020102050
B195020502010
C201019502050
D201020501950
E205019502010
F205020101950
  1. A bevolkingsdiagram 1: 1950, bevolkingsdiagram 2: 2010, bevolkingsdiagram 3: 2050
  2. B bevolkingsdiagram 1: 1950, bevolkingsdiagram 2: 2050, bevolkingsdiagram 3: 2010
  3. C bevolkingsdiagram 1: 2010, bevolkingsdiagram 2: 1950, bevolkingsdiagram 3: 2050
  4. D bevolkingsdiagram 1: 2010, bevolkingsdiagram 2: 2050, bevolkingsdiagram 3: 1950
  5. E bevolkingsdiagram 1: 2050, bevolkingsdiagram 2: 1950, bevolkingsdiagram 3: 2010
  6. F bevolkingsdiagram 1: 2050, bevolkingsdiagram 2: 2010, bevolkingsdiagram 3: 1950

drie bevolkingsdiagrammen van Nederland (bevolkingsdiagram 1, 2 en 3) per leeftijdsgroep, mannen links en vrouwen rechts Bekijk in Opgaven, pagina 22

Bekijk het antwoord

Antwoord: C

C

bron 25

Krantenartikel

School Aerdt dicht door fusie met basisschool in Herwen

Basisschool De Driehoek in Aerdt had nog maar 36 leerlingen. Dat is onder de opheffingsnorm van 44 leerlingen. Daarom sloot De Driehoek in Aerdt in augustus 2016. De Driehoek fuseerde met een basisschool in Herwen. Herwen is een ander dorp in de gemeente Rijnwaarden.

bron 26

Gemeente Rijnwaarden

Vraag 35 1 punt

Lees bron 25 en bekijk bron 26.

Waar staan de juiste gegevens over de drempelwaarde van de oude school en het verzorgingsgebied van de nieuwe school waar de leerlingen naartoe gaan?

de drempelwaarde van De Driehoek in Aerdt wordthet verzorgingsgebied van de basisschool in Herwen wordt
Aniet meer behaaldkleiner
Bniet meer behaaldgroter
Coverschredenkleiner
Doverschredengroter
  1. A de drempelwaarde van De Driehoek in Aerdt wordt niet meer behaald, het verzorgingsgebied van de basisschool in Herwen wordt kleiner
  2. B de drempelwaarde van De Driehoek in Aerdt wordt niet meer behaald, het verzorgingsgebied van de basisschool in Herwen wordt groter
  3. C de drempelwaarde van De Driehoek in Aerdt wordt overschreden, het verzorgingsgebied van de basisschool in Herwen wordt kleiner
  4. D de drempelwaarde van De Driehoek in Aerdt wordt overschreden, het verzorgingsgebied van de basisschool in Herwen wordt groter

bron 26: kaart van de gemeente Rijnwaarden Bekijk in Opgaven, pagina 24

Bekijk het antwoord

Antwoord: B

B

bron 27

Demografisch transitiemodel

Vraag 36 1 punt

Bekijk bron 27.

Over het demografisch transitiemodel worden twee uitspraken gedaan.

Uitspraak 1: in fase 1 is er weinig natuurlijke bevolkingsgroei.

Uitspraak 2: in fase 5 neemt de totale bevolking af.

Neem de cijfers 1 en 2 van de uitspraken over op het antwoordblad en zet erachter of de uitspraak juist of onjuist is.

demografisch transitiemodel met het geboortecijfer, het sterftecijfer en de totale bevolking in de fasen 1 tot en met 5 over de tijd Bekijk in Opgaven, pagina 25

Bekijk het antwoord

1 = juist

2 = juist

Opmerking

Het scorepunt alleen toekennen bij twee juiste antwoorden.

bron 28

Het aantal inwoners van West-Berlijn met en zonder migratieachtergrond, 2014

Het aantal inwoners van Oost-Berlijn met en zonder migratieachtergrond, 2014

Legenda: Duitsers zonder migratieachtergrond / Duitsers met migratieachtergrond

Vraag 37 1 punt

Bekijk bron 28.

In de staafgrafieken in bron 28 staat aangegeven hoeveel mensen er in (voormalig) West- en Oost-Berlijn per leeftijdsgroep zijn. In beide staafgrafieken is ook aangegeven welk deel van de inwoners een migratieachtergrond heeft en welk deel niet.

Geef een politieke verklaring voor het verschil in het aandeel inwoners met een migratieachtergrond.

twee staafgrafieken van het aantal inwoners van West-Berlijn en Oost-Berlijn per leeftijdsjaar in 2014, met en zonder migratieachtergrond Bekijk in Opgaven, pagina 26

Bekijk het antwoord

Voorbeelden van een juiste verklaring zijn:

  • Door de aanwezigheid van de Berlijnse Muur en/of het IJzeren Gordijn was het voor veel migranten moeilijk om zich in Oost-Berlijn te vestigen.
  • Door het socialistische regime wilden maar weinig migranten zich in Oost-Berlijn vestigen. / Er werden in Oost-Berlijn maar weinig migranten toegelaten.

bron 29

Duitsers met een migratieachtergrond (naar herkomstland), 2014 en 2015

herkomstland20142015verandering 2015 ten opzichte van 2014
1 ... P ...1.527.1181.506.113-21.005
2 ... Q ...674.152740.96266.810
3 Italië574.530596.12721.597
4 Roemenië355.343452.71897.375
5 ... R ...118.196366.556248.360

Vraag 38 1 punt

Bekijk bron 29.

In bron 29 staat de top 5 van herkomstlanden van Duitsers met een migratieachtergrond in 2014 en 2015. Drie herkomstlanden zijn vervangen door de letters P, Q en R.

Waar staan de landen juist bij de letters P, Q en R uit bron 29?

PQR
APolenTurkijeSyrië
BRuslandTurkijeSyrië
CTurkijePolenSyrië
DTurkijeRuslandPolen
ESyriëPolenRusland
FSyriëRuslandPolen
  1. A P Polen, Q Turkije, R Syrië
  2. B P Rusland, Q Turkije, R Syrië
  3. C P Turkije, Q Polen, R Syrië
  4. D P Turkije, Q Rusland, R Polen
  5. E P Syrië, Q Polen, R Rusland
  6. F P Syrië, Q Rusland, R Polen
Bekijk het antwoord

Antwoord: C

C

bron 30

Landschapspark Duisburg-Noord

bron 31

Artikel van een website

Landschapspark Duisburg-Noord

Het landschapspark is een multifunctioneel attractiepark dat behoort tot de grootste bezienswaardigheden van Noordrijn-Westfalen. Tussen 1991 en 2002 werd het terrein als openbaar park ingericht. Het is nu een groen vrijetijdspark waar bewoners en toeristen zich heerlijk kunnen ontspannen. Door de lichtkunst ziet het geheel er 's nachts zelfs romantisch uit. Tegenwoordig kun je naar concerten gaan of een theaterstuk bekijken in de voormalige hallen. In de oude Gasometer is het grootste kunstmatige duikcentrum van Europa ontstaan. Een voormalige bunker is omgetoverd tot een klimpark en er is een 70 meter hoge uitkijktoren.

Vraag 39 2 punten

Bekijk bron 30 en lees bron 31.

Van welk (voormalig) industriegebied maakt Duisburg onderdeel uit?

Toon aan dat hier sprake is van herinrichting.

bron 30: afbeelding bij het Landschapspark Duisburg-Noord Bekijk in Opgaven, pagina 28

Bekijk het antwoord

het Ruhrgebied

Uit het antwoord moet blijken dat een oud industriegebied wordt omgevormd tot een nieuwe (toeristische) bestemming

Vraag 40 1 punt

China heeft in 2015 de eenkindpolitiek afgeschaft en is overgegaan op een tweekinderenbeleid.

Noem een demografisch verschijnsel dat de Chinese regering met dit nieuwe beleid wil tegengaan.

Bekijk het antwoord

Voorbeelden van een juist demografisch verschijnsel zijn:

  • vergrijzing
  • een in verhouding te kleine productieve groep (te weinig arbeidskrachten)
  • ontgroening
  • de scheve man-vrouwverhouding

Vraag 41 2 punten

Na de afschaffing van de eenkindpolitiek mogen Chinezen een tweede kind nemen, maar de verwachting is dat veel mensen dit niet zullen doen.

Geef twee sociaal-economische redenen waarom veel gezinnen toch niet zullen kiezen voor een tweede kind.

Bekijk het antwoord

Voorbeelden van juiste redenen zijn:

  • De kosten van het levensonderhoud voor een tweede kind zijn hoog.
  • De ouders werken meestal allebei fulltime.
  • De woonsituatie leent zich vaak niet voor grotere gezinnen.
  • De scholing van kinderen kost veel geld.

per juist antwoord 1

Vraag 42 1 punt

Hutongs zijn woonwijken met specifieke kenmerken.

Waar staan de juiste gegevens bij de drie kenmerken van hutongs?

sociale contactenstratenpatroonsanitair
Aveelbrede stratengeen eigen sanitair
Bveelnauwe stratengeen eigen sanitair
Cveelnauwe stratenwel eigen sanitair
Dweinigbrede stratengeen eigen sanitair
Eweinigbrede stratenwel eigen sanitair
Fweinignauwe stratenwel eigen sanitair
  1. A sociale contacten veel, stratenpatroon brede straten, sanitair geen eigen sanitair
  2. B sociale contacten veel, stratenpatroon nauwe straten, sanitair geen eigen sanitair
  3. C sociale contacten veel, stratenpatroon nauwe straten, sanitair wel eigen sanitair
  4. D sociale contacten weinig, stratenpatroon brede straten, sanitair geen eigen sanitair
  5. E sociale contacten weinig, stratenpatroon brede straten, sanitair wel eigen sanitair
  6. F sociale contacten weinig, stratenpatroon nauwe straten, sanitair wel eigen sanitair
Bekijk het antwoord

Antwoord: B

B

bron 32

Straatbeeld van Shanghai

Vraag 43 1 punt

Bekijk bron 32.

Noem met behulp van bron 32 een politiek argument waarom deze foto niet van vóór 1980 kan zijn.

foto van een straatbeeld in Shanghai 's avonds met verlichte reclameborden en voetgangers Bekijk in Opgaven, pagina 29

Bekijk het antwoord

Uit het antwoord moet blijken dat westerse bedrijven, zoals McDonalds, pas na 1980 welkom waren.

bron 33

Gemiddeld inkomen per hoofd van de bevolking in yuan (munteenheid), 2002-2012

Vraag 44 1 punt

Bekijk bron 33.

Bron 33 geeft het gemiddeld inkomen per hoofd van de bevolking weer voor het platteland en de stedelijke gebieden in China.

Wat is juist?

het inkomen van het platteland isde sociale ongelijkheid tussen stad en platteland
Alijn 1neemt af
Blijn 1neemt toe
Clijn 2neemt af
Dlijn 2neemt toe
  1. A het inkomen van het platteland is lijn 1, de sociale ongelijkheid tussen stad en platteland neemt af
  2. B het inkomen van het platteland is lijn 1, de sociale ongelijkheid tussen stad en platteland neemt toe
  3. C het inkomen van het platteland is lijn 2, de sociale ongelijkheid tussen stad en platteland neemt af
  4. D het inkomen van het platteland is lijn 2, de sociale ongelijkheid tussen stad en platteland neemt toe

grafiek van het gemiddeld inkomen per hoofd van de bevolking in yuan in 2002-2012, met lijn 1 en lijn 2 Bekijk in Opgaven, pagina 30

Bekijk het antwoord

Antwoord: D

D

Vraag 45 1 punt

Over China worden twee uitspraken gedaan.

Uitspraak 1: een van de grootste oorzaken van smog in China is het gebruik van steenkool.

Uitspraak 2: door urbanisatie is het probleem van congestie in Chinese steden toegenomen.

Neem de cijfers 1 en 2 van de uitspraken over op het antwoordblad en zet erachter of de uitspraak juist of onjuist is.

Bekijk het antwoord

1 = juist

2 = juist

Opmerking

Het scorepunt alleen toekennen bij twee juiste antwoorden.

bron 34

Twee bevolkingsdiagrammen van China

Vraag 46 1 punt

Bekijk bron 34.

Beide bevolkingsdiagrammen zijn van China. Het ene bevolkingsdiagram is van 2000 en het andere bevolkingsdiagram is de verwachting voor 2050.

Wat is juist?

  1. A Bevolkingsdiagram 1 is van 2050 en de ontgroening neemt af tussen 2000 en 2050.
  2. B Bevolkingsdiagram 1 is van 2050 en de ontgroening neemt toe tussen 2000 en 2050.
  3. C Bevolkingsdiagram 2 is van 2050 en de ontgroening neemt af tussen 2000 en 2050.
  4. D Bevolkingsdiagram 2 is van 2050 en de ontgroening neemt toe tussen 2000 en 2050.

twee bevolkingsdiagrammen van China (bevolkingsdiagram 1 en 2) per leeftijdsgroep, mannen links en vrouwen rechts Bekijk in Opgaven, pagina 31

Bekijk het antwoord

Antwoord: B

B

Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen vmbo-kb Aardrijkskunde 2018, tijdvak 1. Figuren en de exacte opmaak staan in het originele examen.

Hoe ToetsChecker aardrijkskunde per vraagtype nakijkt, lees je op aardrijkskunde toetsen nakijken met AI.

Veelgestelde vragen

Hoeveel vragen heeft het eindexamen aardrijkskunde vmbo-kb 2018, tijdvak 1?

Het centraal examen aardrijkskunde vmbo-kb 2018, tijdvak 1 telt 46 vragen. De meeste vragen gaan over weer en klimaat (14), bevolking en migratie (9) en Nederland: wonen en water (7).

Wat zijn de antwoorden van het examen aardrijkskunde vmbo-kb 2018, tijdvak 1?

Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.

Waar vind ik het correctievoorschrift van aardrijkskunde vmbo-kb 2018, tijdvak 1?

Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2018/vmbo-kb/documenten/cse-1/kb-0131-a-18-1-c).

Hoe oefen ik met het examen aardrijkskunde vmbo-kb 2018, tijdvak 1 en krijg ik feedback?

Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.