Eindexamen management en organisatie vwo 2018, tijdvak 2: vragen en antwoorden
Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Opgave 1, Opgave 2, Opgave 3, Opgave 4, Opgave 5, Opgave 6.
Het centraal examen management en organisatie vwo 2018, tijdvak 2 telt 31 vragen. De meeste vragen gaan over kostprijs en break-even (11), financiering (9) en balans en resultatenrekening (9). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.
Onderwerpen in dit examen
| Onderwerp | Vragen | Aantal |
|---|---|---|
| Kostprijs en break-even | 19-20, 23-31 | 11 |
| Financiering | 1-4, 14-18 | 9 |
| Balans en resultatenrekening | 6-13, 21 | 9 |
| Personeel en organisatie | 5, 22 | 2 |
Vergeleken met andere jaren
Vergeleken met de andere 3 examens management en organisatie vwo sinds 2018: dit examen vroeg meer over financiering (29% van de vragen, gemiddeld 15%). Minder over investeren (0% van de vragen, gemiddeld 18%).
Opgaven en correctievoorschrift
De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.
Oefenen als leerling
Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen management en organisatie vwo 2018, tijdvak 2 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.
Nakijken als docent
Start gratis vanaf deze pagina
Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen management en organisatie vwo 2018, tijdvak 2 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.
Laat de klas het examen maken
Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.
Geef de resultaten vrij
Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.
ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.
Vragen en antwoorden
Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen management en organisatie vwo 2018, tijdvak 2. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.
Opgave 1
Anja Jansen heeft op 1 maart 2008 een woonhuis gekocht in Bergen op Zoom. Bij bank en verzekeraar AGM heeft ze per die datum een hypothecaire lening voor het woonhuis afgesloten.
Hypothecaire lening
Van de hypothecaire lening zijn de volgende gegevens bekend:
wijze van aflossing lineair looptijd 30 jaar interest 4,5% op jaarbasis betaling aflossing € 4.800 elk half jaar beide voor het eerst betaling interest elk half jaar, achteraf op 1 september 2008
Vraag 1 2 punten
Wat is het verschil met betrekking tot de periodieke aflossingen tussen een hypothecaire lening met lineaire aflossing en een hypothecaire lening met aflossing op basis van annuïteiten?
Bekijk het antwoord
- Bij lineaire aflossingen zijn de aflossingen elke periode gelijk (1)
- Bij aflossing op basis van annuïteiten nemen de periodieke aflossingen toe (1)
Vraag 2 2 punten
Bereken de schuldrest van Anja direct na de aflossing op
1 september 2017.
Bekijk het antwoord
- (30 x 2 – 19) x 4.800 = € 196.800 (2)
Vraag 3 2 punten
Bereken de totale uitgaven van Anja in 2018 aan AGM in verband met de hypothecaire lening.
Bekijk het antwoord
- interest: 196.800 x 0,045 1 maart 2018: = 4.428 2 (196.800 - 4.800) x 0,045 1 september 2018: = 4.320 (1)
- aflossing: 2 x 4.800 = 9.600 totaal € 18.348 (1)
Op de website van de Belastingdienst leest Anja over het berekenen van de hypotheekrenteaftrek het volgende:
“U moet de rente die u betaalt, toerekenen aan het kalenderjaar waarover de rente berekend wordt.”
(bron: Belastingdienst, aangepast)
Anja rekent in 2018 met een tarief inkomstenbelasting van 40,8%.
Vraag 4 3 punten
Bereken het belastingvoordeel in euro’s dat Anja heeft door de hypotheekrenteaftrek over 2018.
Bekijk het antwoord
- 2 (6) • (196.800 x x 0,045) + (192.000 x x 0,045 + 12 (12) 4 (187.200 x x 0,045) = 8.604 (2) 12 • 8.604 x 0,408 = € 3.510,43 (1) (3)
Opgave 2
Bij deze opgave blijven belastingen buiten beschouwing.
Bij deze opgave horen de informatiebronnen 1 tot en met 3.
Woningcorporaties zijn verenigingen of stichtingen met een volkshuisvestelijk doel: betaalbare woningen voor mensen met lagere inkomens.
Vraag 5 2 punten
Noem twee verschillen tussen een vereniging en een stichting.
Bekijk het antwoord
- Voorbeelden van juiste antwoorden zijn: − Een vereniging heeft leden en een stichting niet. − Het bestuur van een vereniging is gekozen, bij een stichting is er sprake van coöptatie. − Het doel van een vereniging is meestal ten behoeve van de leden, bij een stichting ligt het doel meestal buiten de stichting. per juist antwoord (1) (2)
Stichting Stefanus is een woningcorporatie in Tilburg. De woningen staan op de balans van de woningcorporatie onder de post Sociaal vastgoed en worden gewaardeerd op basis van de zogenaamde exploitatiewaarde (zie informatiebron 1).
De exploitatiewaarde op 31 december 2016 is de contante waarde van de onderstaande huuropbrengsten van de komende 20 jaar (2017 tot en met 2036).
aantal verhuurde woningen 5.620 per 31 december 2016 huuropbrengst € 500 per maand per woning rekenrente 0,4% samengestelde interest per maand
De huur wordt steeds aan het eind van elke maand ontvangen.
Vraag 6 2 punten
Bereken de exploitatiewaarde van de balanspost Sociaal vastgoed op
31 december 2016 (zie formuleblad). Rond de uitkomst af op een veelvoud van duizend euro.
Bekijk het antwoord
- 1 − 1,004 −240 5.620 x 500 x = 433.002.181,28. afgerond € 433.002.000 0,004 of 1 a= 1,004240 r = 1,004 n = 240 S = 154,0933029 5.620 x 500 x 154,0933029 = 433.002.181,28. afgerond € 433.002.000 (2)
Bij de berekening van de exploitatiewaarde wordt er vanuit gegaan dat er gedurende 20 jaar huuropbrengsten zullen zijn. Stel dat bij de berekening van de exploitatiewaarde deze periode verlengd zou worden met 50%. Dan zal de exploitatiewaarde
a dalen. b niet veranderen. c stijgen met minder dan 50%. d stijgen met 50%. e stijgen met meer dan 50%.
Vraag 7 2 punten
Schrijf de letter van het juiste antwoord op. Motiveer het antwoord.
Bekijk het antwoord
Opmerking Het tweede scorepunt wordt toegekend wanneer het eerste scorepunt ook is behaald.
In 2015 is Stefanus gestart met een ‘Verantwoord Kopen’-regeling (zie informatiebron 2). In 2015 en 2016 heeft Stefanus een groot aantal bestaande woningen verkocht via de ‘Verantwoord Kopen’-regeling. De toezichthouder, de Autoriteit Woningcorporaties, heeft aan Stefanus de volgende verplichting opgelegd: “Alle woningen die onder de ‘Verantwoord Kopen’-regeling door Stefanus aan starters zijn verkocht, moeten op de balans van Stefanus blijven staan. Deze woningen staan op de debetzijde bij de post Terugkooprecht en op de creditzijde als een betalingsverplichting bij de post Te betalen bedragen bij terugkoop.”
Stefanus heeft bezwaar gemaakt tegen de verplichting die de toezichthouder heeft opgelegd. Deze verplichting leidt tot een verslechtering van de solvabiliteit van Stefanus.
Vraag 8 2 punten
Geef een ander argument waarmee Stefanus bezwaar kan maken tegen het feit dat alle woningen uit deze regeling op de balans moeten worden opgenomen.
Bekijk het antwoord
- Voorbeelden van een juist antwoord zijn: − Stefanus heeft het recht tot terugkoop, maar niet de plicht. Het is niet zeker dat ook alle woningen zullen worden terugverkocht aan Stefanus. − De balans van Stefanus geeft dan geen getrouw beeld van de werkelijkheid. (2)
Ondanks het bezwaar heeft Stefanus aan de verplichting van de toezichthouder voldaan en deze op de balans per 31 december 2016 verwerkt (zie informatiebron 1). De wettelijke ondergrens van de solvabiliteit, gemeten via het eigen vermogen in procenten van het vreemd vermogen, van de Nederlandse woningcorporaties is 33,3%.
Vraag 9 2 punten
Toon aan met een berekening dat Stefanus op 31 december 2016 niet aan deze solvabiliteitseis voldoet (zie informatiebron 1).
Bekijk het antwoord
- 187.435 x 100% = 30,7% 7.302 + 282.636 + 316.000 + 4.688 (2)
Stefanus heeft in 2017 geen sociale woningen aan starters verkocht. Wel hebben 180 starters, die in 2015 een woning hebben gekocht, aangegeven hun woning in 2017 te willen verkopen. Stefanus moet een besluit nemen of zij wel of niet deze woningen van de starters zal terugkopen. Stefanus kiest voor de optie die direct het meest gunstige effect heeft op de solvabiliteit.
Optie 1: Stefanus koopt de 180 woningen wel zelf terug in 2017
Vraag 10 2 punten
Bereken met behulp van informatiebron 2 en 3 wat Stefanus per saldo aan een starter moet betalen bij het terugkopen van één woning.
Bekijk het antwoord
- 166.000 – 45.000 – 0,3 x (166.000 – 150.000) = € 116.200 (2)
De terug te kopen woningen worden door Stefanus volledig gefinancierd met nieuw af te sluiten hypothecaire leningen. De teruggekochte woningen worden door Stefanus tegen het in vraag 10 uitgerekende bedrag op een aparte balanspost Teruggekochte woningen genoteerd.
Vraag 11 3 punten
Bereken de gevolgen van deze optie voor de debet- en creditzijde van de balans van Stefanus. Geef aan welke invloed deze optie heeft op de balansposten en met welke bedragen ze veranderen. Vul hiertoe de uitwerkbijlage behorende bij deze vraag zo volledig mogelijk in.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
balanspost bedrag toename / afname / geen verandering verandering bij activa
Optie 2: Stefanus koopt de 180 woningen niet zelf terug in 2017
Alle 180 woningen worden door de starters aan derden verkocht. Stefanus ontvangt het bedrag waar ze recht op heeft.
Vraag 12 3 punten
Bereken de gevolgen van deze optie voor de creditzijde van de balans van Stefanus. Geef aan welke invloed deze optie heeft op de balansposten en met welke bedragen ze veranderen. Vul hiertoe de uitwerkbijlage behorende bij deze vraag zo volledig mogelijk in.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
balanspost bedrag toename / afname / geen verandering verandering bij activa
Liquide middelen € 8.964.000 toename
balanspost bedrag toename / afname/ geen verandering verandering bij Eigen Vermogen
Eigen Vermogen € 8.964.000 toename
……………………………. verandering bij Vreemd Vermogen
Ruimte voor berekeningen
Terugkooprecht: 180 x 115.000 = 20.700.000 Liquide middelen zie bij Eigen Vermogen Eigen Vermogen terug te ontvangen:
- korting: 180 x 45.000 = 8.100.000
- deel winst: 0,3 x 180 x (166.000
- 150.000) = 864.000 totaal 8.964.000 Te betalen bedragen zie bij Terugkooprecht bij terugkoop
Conclusie
Vraag 13 2 punten
Leg uit welke optie de meest gunstige is voor de solvabiliteit van Stefanus. Betrek in de uitleg het teller- en het noemereffect van de solvabiliteit voor beide opties.
Bekijk het antwoord
- Bij optie 1 blijft het eigen vermogen gelijk, terwijl het vreemd vermogen toeneemt. De solvabiliteit verslechtert (1)
- Bij optie 2 neemt het eigen vermogen toe, terwijl het vreemd vermogen afneemt. De solvabiliteit verbetert. Conclusie: optie 2 is het meest gunstig voor de solvabiliteit (1)
Opgave 3
Een financieel adviesbureau maakt voor de onderneming Wesselink een financiële analyse. Van Wesselink zijn onderstaande cijfers bekend:
Kengetallen 2015 t/m 2017 6,00 5,50 in procenten 5,33 5,00 5,00 4,25 4,18 4,09 4,00 3,60 3,50 3,30 3,00
2,00
1,00
0
2015 2016 2017 Legenda: REV = rentabiliteit van het gemiddeld eigen vermogen IVV = interestkosten van het gemiddeld vreemd vermogen RTV = rentabiliteit van het gemiddeld totaalvermogen
Interestkosten en nettowinst 45 x € 1.000 40
35
30 22 18 16 25
20
15
10 18 19,25 19,08
5
0
2015 2016 2017 Legenda: interestkosten nettowinst
Wesselink heeft te maken met een hefboomeffect als gevolg van de wijze van financiering van zijn onderneming.
Het hefboomeffect wordt bepaald door de combinatie van
- de interestmarge (RTV
- IVV) en
gemiddeld VV
- de hefboomfactor ( ). gemiddeld EV
Vraag 14 1 punt
Is er bij Wesselink in 2016 sprake geweest van een positief of van een negatief hefboomeffect? Licht het antwoord toe met behulp van de staafdiagrammen met de kengetallen REV, IVV en/of RTV.
Bekijk het antwoord
- positief, want − IVV < RTV (oorzaak) of − REV > RTV (gevolg) (1)
Vraag 15 2 punten
Bereken de hefboomfactor bij Wesselink in 2016.
Bekijk het antwoord
- GEV = x 100 = 360.000 (1)
- GVV = x 100 = 550.000 3,50 550.000 = 1,53 (1)
Vraag 16 2 punten
Heeft de hefboomfactor in 2016 een versterkende of een verzwakkende werking van de interestmarge op het hefboomeffect? Licht het antwoord toe.
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
- Voorbeeld van een juiste toelichting is: (1p)
- Er is een positieve interestmarge bij een hefboomfactor > 1
- Er is een positieve interestmarge bij de situatie dat het gemiddeld vreemd vermogen groter is dan het gemiddeld eigen vermogen
Opmerking Het tweede scorepunt wordt toegekend wanneer het eerste scorepunt ook is behaald.
In 2017 hebben bij Wesselink onderstaande financiële feiten plaatsgevonden: a Er zijn aandelen uitgegeven. Met de opbrengst van deze uitgifte is een rentevrije lening afgelost. b Er heeft een opwaardering van de vaste activa plaatsgevonden.
Vraag 17 2 punten
Geef van financieel feit a het gevolg aan voor de hefboomfactor en voor de interestmarge. Licht het antwoord toe. Vul hiertoe de uitwerkbijlage behorende bij deze vraag volledig in.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
hefboomfactor toelichting GVV Licht zowel het teller- als noemereffect GEV toe.
0 daalt GVV neemt af, want lening neemt af. GEV neemt toe door de aandelenemissie.
interestmarge toelichting (RTV - IVV) Licht zowel het teller- als noemereffect toe.
0 daalt Nettowinst en interestkosten blijven gelijk. GTV blijft gelijk, dus de RTV blijft gelijk. Interestkosten blijven gelijk. GVV daalt, dus de IVV stijgt.
Vraag 18 2 punten
Geef van financieel feit b het gevolg aan voor de hefboomfactor en voor de interestmarge. Licht het antwoord toe. Vul hiertoe de uitwerkbijlage behorende bij deze vraag volledig in.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
GVV toelichting hefboomfactor GEV Licht zowel het teller- als noemereffect toe.
0 daalt GEV stijgt, want herwaarderingsreserve stijgt. GVV blijft gelijk.
interestmarge toelichting (RTV - IVV) Licht zowel het teller- als noemereffect toe.
0 daalt Nettowinst en interestkosten blijven gelijk. GTV stijgt door stijging herwaarderingsreserve, dus RTV daalt. Interestkosten blijven gelijk, GVV blijft gelijk, dus IVV blijft gelijk.
Opgave 4
Bij de fotografieclub Photolearn kunnen sinds 1989 beginnende hobbyisten onder begeleiding van deskundigen kennismaken met de technieken van fotograferen.
Wie lid wil worden van Photolearn kan kiezen uit drie abonnementen:
abonnement contributie maand € 55 3-maands € 150 12-maands € 540
Verder zijn de volgende voorwaarden van toepassing:
- Het is alleen mogelijk per eerste dag van een maand lid te worden. Elk lid kan maar één abonnement tegelijkertijd hebben.
- De betaling dient altijd te geschieden per vooruitbetaling op de eerste dag van een maand. Niet vooruitbetaald is niet deelnemen. Er zal dus nooit sprake zijn van ‘nog te ontvangen contributie’.
Het aantal uitstaande abonnementen van Photolearn in de eerste vier maanden van 2018 staat hieronder weergegeven:
abonnement maand 3-maands 12-maands totaal januari 3 3 7 13 februari 6 3 7 16 maart 6 3 6 15 april 4 4 6 14
Vraag 19 2 punten
Bereken de totale contributiebaten over april 2018.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerking Aan het antwoord € 4.060 worden geen scorepunten toegekend.
Over de verandering van het aantal abonnementen in mei 2018 ten opzichte van april 2018 is het volgende gegeven:
3-maandsabonnement
Van drie van de vier leden in april met een 3-maandsabonnement liep het abonnement op 30 april af:
- Twee van hen hebben hun 3-maandsabonnement per 1 mei verlengd.
- De derde is gestopt.
- De vierde had een 3-maandsabonnement genomen op 1 april 2018. Er waren in mei geen nieuwe aanmeldingen van leden voor een 3-maandsabonnement.
12-maandsabonnement
De zes leden in april met een 12-maandsabonnement hebben hun abonnement per 1 januari 2018 aangeschaft. Op 1 mei heeft één nieuw lid een 12-maandsabonnement afgesloten.
Contributieontvangsten
De totale contributieontvangsten in mei waren € 1.170.
Vraag 20 2 punten
Bereken het aantal leden van Photolearn met een maandabonnement in mei 2018.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- (1.170 – 2 x 150 – 1 x 540 ) = 6 leden 55 (2)
Vraag 21 4 punten
Bereken de grootte van de balanspost Vooruitontvangen contributie per
31 mei 2018 van Photolearn.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
vooruitontvangen van 150
Opgave 5
In deze opgave blijven de belastingen buiten beschouwing.
Bij deze opgave horen de informatiebronnen 4 tot en met 6.
Steigerhuis bv produceert en verkoopt kapstokken uitsluitend op bestelling. De kapstokken zijn gemaakt van steigerbuizen en steigerhout. Steigerhuis bepaalt per bestelling of deze geaccepteerd wordt. De eigenaren hebben bij de oprichting van Steigerhuis gekozen voor de rechtsvorm van een besloten vennootschap (bv) en niet voor de rechtsvorm van een vennootschap onder firma (vof).
Vraag 22 1 punt
Noem een voordeel voor een onderneming zelf als de rechtsvorm een bv is in plaats van een vof.
Bekijk het antwoord
- Voorbeeld van een juist antwoord is: − Continuïteit is beter gewaarborgd bij vertrek/overlijden van één van de eigenaren. − De te betalen belasting over de winst kan lager zijn. (1)
Om de indirecte kosten van 2018 door te berekenen in de kostprijs van de kapstok gebruikt Steigerhuis de verfijnde opslagmethode.
Vraag 23 1 punt
Noem een voordeel voor een onderneming van het gebruik van de verfijnde opslagmethode ten opzichte van de primitieve opslagmethode.
Bekijk het antwoord
- Voorbeeld van een juist antwoord is: − De kostprijs wordt nauwkeuriger opgebouwd. − Door de verfijning per kostensoort kunnen budgetten nauwkeuriger worden geëvalueerd. (1)
In de productiehal van Steigerhuis werken zeven werknemers (zie informatiebron 4). Deze werknemers zijn het hele jaar 2017 in dienst geweest van Steigerhuis. De werkelijke directe loonkosten worden berekend onder andere op basis van de cao-afspraken (zie informatiebron 5). Het budgetresultaat op de directe lonen in 2017 was € 3.085,84 voordelig.
Vraag 24 3 punten
Bereken de totale standaard directe loonkosten over 2017. Rond af op hele euro’s.
Bekijk het antwoord
- 13.872,58 + 3.563 x = 17.623,11 (1)
- 17.623,11 x 12 x 1,08 x 1,30 = 296.914,16 (1)
- 296.914,16 + 3.085,84 = € 300.000 (1)
Voor het berekenen van de kostprijs van een kapstok in 2018 worden
- de indirecte variabele loonkosten over 2017 uitgedrukt in een percentage van de totale standaard directe kosten over 2017;
- de indirecte variabele overige kosten over 2017 uitgedrukt in een percentage van de totale standaard directe materiaalkosten over 2017;
- de indirecte constante kosten uitgedrukt in een opslag in euro’s per kapstok.
Maak bij de beantwoording van de vragen 25, 26 en 27 gebruik van informatiebron 6.
Vraag 25 1 punt
Bereken het opslagpercentage ter dekking van de indirecte variabele loonkosten.
Bekijk het antwoord
- 325.000 x 100% = 25% 1.000.000 + 300.000 (1)
Vraag 26 1 punt
Bereken het opslagpercentage ter dekking van de indirecte variabele overige kosten.
Bekijk het antwoord
- 140.000 x 100% = 14% 1.000.000 (1)
Vraag 27 1 punt
Bereken de opslag in euro’s per kapstok ter dekking van de indirecte constante kosten.
Bekijk het antwoord
- 183.000 = € 3,05 60.000 (1)
Een grote hotelketen plaatst een bestelling van honderd kapstokken van het model Almere. De hotelketen geeft aan maximaal € 44,59 te willen betalen per kapstok. De directie van Steigerhuis heeft besloten de bestelling alleen te accepteren als de voorgecalculeerde nettowinstmarge per kapstok hoger is dan 15% van de verkoopprijs. De standaard directe materiaalkosten zijn € 20 per kapstok van model Almere en de standaard directe loonkosten zijn € 5 per kapstok van model Almere.
Vraag 28 4 punten
Toon aan met een berekening of de bestelling geaccepteerd zal worden.
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
directe materiaalkosten 20,00 directe loonkosten + 5.00 directe kosten 25,00 opslag indirecte variabele loonkosten 0,25 x 25 6,25 opslag indirecte variabele overige kosten 0,14 x 20 2,80 totale indirecte constante kosten + 3,05 kostprijs € 37,10
Opgave 6
In deze opgave blijft de btw buiten beschouwing.
Inbeeld bv is een communicatiebureau dat zich richt op de markt van visuele communicatie. Voorbeelden van zijn activiteiten zijn het bouwen en onderhouden van websites en het maken van bedrijfsfilms.
Het tarief van de diensten van Inbeeld wordt uitgedrukt in een bedrag per arbeidsuur.
De volgende gegevens van Inbeeld zijn bekend:
Totale kosten 2018 bij verschillende arbeidsuren 380.000 totale kosten (€) 370.000
360.000
350.000
340.000
330.000
320.000
310.000
€0
0 7.500 8.000 8.500 9.000 9.500 arbeidsuren
Het aantal verwachte arbeidsuren over 2018 is 9.000.
Vraag 29 1 punt
Bereken de variabele kosten per arbeidsuur.
Bekijk het antwoord
- Voorbeeld van een juiste berekening is: 370.000 − 310.000 = € 30 9.500 − 7.500 (1)
Vraag 30 1 punt
Bereken de totale constante kosten.
Bekijk het antwoord
- 370.000 – (9.500 x 30) = € 85.000 (1)
De verwachte omzet over 2018 is € 450.000. De eigenaren streven continuïteit van de onderneming na. Zij willen daarom dat bij Inbeeld de verwachte omzet over 2018 minstens 1,5 keer de breakeven-omzet is.
Vraag 31 3 punten
Bereken met behulp van de dekkingsbijdrage of Inbeeld in 2018 voldoet aan de wens van de eigenaren (zie formuleblad).
Bekijk het antwoord
Opmerking Indien de leerling het antwoord geeft met behulp van een berekening van de break-even afzet, 1 scorepunt in mindering brengen.
Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen vwo Management en organisatie 2018, tijdvak 2. Afbeeldingen en de exacte opmaak staan in het originele examen: https://www.examenblad.nl/2018/vwo/documenten/cse-2/vw-0251-a-18-2-o
Andere examens management en organisatie vwo
Veelgestelde vragen
Hoeveel vragen heeft het eindexamen management en organisatie vwo 2018, tijdvak 2?
Het centraal examen management en organisatie vwo 2018, tijdvak 2 telt 31 vragen. De meeste vragen gaan over kostprijs en break-even (11), financiering (9) en balans en resultatenrekening (9).
Wat zijn de antwoorden van het examen management en organisatie vwo 2018, tijdvak 2?
Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.
Waar vind ik het correctievoorschrift van management en organisatie vwo 2018, tijdvak 2?
Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2018/vwo/documenten/cse-2/vw-0251-a-18-2-c).
Hoe oefen ik met het examen management en organisatie vwo 2018, tijdvak 2 en krijg ik feedback?
Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.