Eindexamen management en organisatie vwo (bezemexamen) 2021, tijdvak 1: vragen en antwoorden

Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Opgave 1, Opgave 2, Opgave 3, Opgave 4, Opgave 5, Opgave 6.

Kort antwoord

Het centraal examen management en organisatie vwo (bezemexamen) 2021, tijdvak 1 loopt tot vraag 28. Van 27 vragen staat het onderwerp in de vragenbank. De meeste vragen gaan over kostprijs en break-even (11), balans en resultatenrekening (6) en financiering (5). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.

Onderwerpen in dit examen

Onderwerp per vraag in het centraal examen management en organisatie vwo (bezemexamen) 2021, tijdvak 1, voor de vragen waarvan het onderwerp bekend is. Elke vraag is eenmalig door een AI-model bij een onderwerp ingedeeld; per vraag kan dat afwijken.
OnderwerpVragenAantal
Kostprijs en break-even11, 13-19, 24-2611
Balans en resultatenrekening5-106
Financiering1-3, 27-285
Investeren4, 20-224
Marketing231

Vergeleken met andere jaren

Vergeleken met de andere 2 examens management en organisatie vwo (bezemexamen) sinds 2021: dit examen vroeg meer over investeren (15% van de vragen, gemiddeld 7%). Minder over balans en resultatenrekening (22% van de vragen, gemiddeld 37%).

Opgaven en correctievoorschrift

De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.

Oefenen als leerling

Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen management en organisatie vwo (bezemexamen) 2021, tijdvak 1 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.

Nakijken als docent

  1. Start gratis vanaf deze pagina

    Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen management en organisatie vwo (bezemexamen) 2021, tijdvak 1 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.

  2. Laat de klas het examen maken

    Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.

  3. Geef de resultaten vrij

    Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.

ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.

Vragen en antwoorden

Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen management en organisatie vwo (bezemexamen) 2021, tijdvak 1. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.

Opgave 1

In deze opgave blijven de belastingen buiten beschouwing.

Electricars nv is producent van elektrische auto’s. Vanwege de groeiende wereldwijde vraag naar elektrische auto’s wil de onderneming uitbreiden. Hiertoe heeft Electricars per 1 januari 2020 een extra financieringsbehoefte van € 500.000.000. In de Algemene Vergadering van Aandeelhouders (AVA) wordt gesproken over de wijze waarop de financiering moet gaan plaatsvinden: een emissie van obligaties of een emissie van aandelen.

De AVA heeft een voorkeur voor een aandelenemissie vanwege de nadelen van een emissie van obligaties.

Vraag 1 2 punten

Noem twee nadelen van een emissie van obligaties vergeleken met een emissie van aandelen. Betrek beide vormen van financiering bij het noemen van de twee nadelen.

Bekijk het antwoord
  • Voorbeelden van een juist antwoord zijn: − Een obligatielening moet verplicht worden afgelost, in tegenstelling tot aandelen. − Een obligatielening verplicht tot vaste interestbetaling, ongeacht het resultaat. Bij aandelen is er een mogelijkheid van dividenduitkering, maar deze is niet verplicht. − Een obligatielening verslechtert de solvabiliteit, een aandelenemissie verbetert de solvabiliteit. voor elke juiste combinatie (1) (2)

De directie besluit tot een nieuwe aandelenemissie. Electricars wordt bij de aandelenemissie begeleid door een aantal banken.

Bepaling bandbreedte emissiekoers

De begeleidende banken adviseren een bandbreedte voor de emissiekoers. Bij een emissiekoers binnen deze bandbreedte is volgens hen de kans groot dat de aandelenemissie succesvol wordt. De bandbreedte loopt van 5% onder tot 5% boven de intrinsieke waarde per aandeel, op basis van de balans van Electricars per 31 december 2019.

debet 31 december 2019 (getallen x € 1.000) credit 1) Octrooien 85.000 Geplaatst aandelenkapitaal 380.000 Gebouwen 335.000 Reserves 364.000 Overige vaste activa 295.000 Resultaat 2019 16.000 Debiteuren 63.000 Voorzieningen 50.000 Overige vlottende activa 49.000 Obligatielening 10.500 Liquide middelen 27.000 Onderhandse lening 33.500 854.000 854.000

noot 1 De aandelen hebben een nominale waarde van € 20 per aandeel.

Vraag 2 3 punten

Bereken de minimale en maximale emissiekoers in euro’s van de aandelen op grond van de geadviseerde bandbreedte.

Bekijk het antwoord
  • intrinsieke waarde: 380.000.000 + 364.000.000 + 16.000.000 = 760.000.000 (1)
  • aantal geplaatste aandelen: = 19.000.000 20 760.000.000 intrinsieke waarde per aandeel: = 40 (1)
  • minimale emissiekoers = 40 x 0,95 = € 38 maximale emissiekoers = 40 x 1,05 = € 42 (1)

Het orderboek

Er wordt van tevoren geen emissiekoers vastgesteld. Inschrijvers dienen zelf de koers aan te geven bij de begeleidende banken waarvoor zij willen inschrijven. Aan de hand van de ontvangen inschrijvingen wordt na afloop de definitieve emissiekoers vastgesteld. Inschrijvingen tegen een koers lager dan de definitieve emissiekoers krijgen niets toegewezen en inschrijvingen tegen een hogere koers alles. Inschrijvingen op exact de definitieve emissiekoers worden gedeeltelijk toegewezen of geheel indien de aandelenvraag bij deze emissiekoers precies toereikend is, om in de financieringsbehoefte van Electricars te voorzien.

emissiekoers aandelenvraag emissiekoers x aandelenvraag (in euro’s) (in stuks) (in euro’s)

35 168.983.229 5.914.413.015

36 89.385.921 3.217.893.156

37 46.443.285 1.718.401.545

38 18.265.070 694.072.660

39 13.300.381 518.714.859

40 8.138.271 325.530.840

41 3.722.298 152.614.218

42 795.529 33.412.218

43 335.121 14.410.203

44 5.603 246.532

45 140 6.300

De AVA heeft als uitgangspunten dat

  • de emissiekoers zo hoog mogelijk wordt vastgesteld, zodat er zo weinig mogelijk aandelen uitgegeven hoeven te worden én
  • in de volledige financieringsbehoefte van € 500.000.000 wordt voorzien.

Op grond van deze uitgangspunten wordt de emissiekoers in hele euro’s vastgesteld.

Vraag 3 2 punten

Bereken het aantal aandelen dat bij deze vastgestelde emissiekoers zal worden uitgegeven. Rond af op hele aandelen.

Bekijk het antwoord

Opmerking Als naar beneden is afgerond, wordt 1 scorepunt in mindering gebracht.

Vraag 4 2 punten

Leg uit dat door de vastgestelde emissiekoers de beurskoers van een aandeel Electricars na de emissie zou kunnen stijgen.

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

  • Door de investeringen met het ontvangen eigen vermogen stijgt het resultaat van Electricars in de toekomst (1p)
  • Hierdoor stijgt de vraag naar het aandeel Electricars en daardoor de beurskoers (1p)

Opgave 2

Bij deze opgave horen de informatiebronnen 1 tot en met 4.

In deze opgave worden drie verschillende btw-tarieven genoemd.

Circus Salvi bevindt zich in zwaar weer. Naast een groot negatief bedrijfsresultaat over 2019 heeft het ook een slechte liquiditeitspositie per

1 januari 2020.

Vaststelling liquiditeitspositie per 1 januari 2020

Bij Circus Salvi wordt de liquiditeitspositie bepaald door middel van:

vlottende activa + liquide activa

  • kort vreemd vermogen

In informatiebron 1 en 2 zijn financiële overzichten van Circus Salvi gegeven. Circusdirecteur Giovanni wil de balans per 1 januari 2020 opstellen om de negatieve liquiditeitspositie aan te tonen. Op de op te stellen balans van 1 januari 2020 (zie uitwerkbijlage vraag 10) staan enkele transitorische/overlopende posten zoals “Te vorderen sponsorgelden” en “Te betalen interest”.

Vraag 5 1 punt

Wat is over het algemeen de oorzaak van het ontstaan van transitorische/overlopende posten?

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlagen · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • Er is een tijdsverschil tussen het moment van toerekenen van de opbrengsten/kosten en de ontvangsten/betalingen. (1)

Vraag 6 3 punten

Bereken de boekwaarde van de circustenten per 1 januari 2020 (zie informatiebron 1 en 2).

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlagen · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Wanneer er is gerekend met een foutief btw-percentage, wordt in totaal

1 scorepunt in mindering gebracht.

Vraag 7 1 punt

Bereken de omvang van de balanspost Te vorderen sponsorgelden per

1 januari 2020 (zie informatiebron 1 en 2).

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlagen · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • 8.000 – 100.000 + 95.000 = € 3.000 (1)

Vraag 8 2 punten

Bereken de omvang van de balanspost Voorraad merchandise per

1 januari 2020 (zie informatiebron 1 en 2).

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlagen · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • 12 14.300 + 4.961 x – 50.400 = € 13.100 1,21 (2)

Vraag 9 1 punt

Bereken de omvang van de balanspost Te betalen interest per

1 januari 2020 (zie informatiebron 1 en 2).

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlagen · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • 1.125 – 1.500 + 1.275 = € 900 of 0,03 (50.000 – 10.000) x x 9 = € 900 12 (1)

Vraag 10 4 punten

Toon de negatieve liquiditeitspositie per 1 januari 2020 aan. Stel hiertoe de balans van Circus Salvi per 1 januari 2020 op. Vul hiertoe de uitwerkbijlage die bij deze vraag hoort volledig in. Berekenen van een balanspost door te salderen, is hier niet toegestaan.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlagen · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

debet Balans per 1 januari 2020 credit (getallen x € 1) Vaste activa Eigen Vermogen -/- 26.845 Circustenten (vraag 6) 130.000 Overige vaste activa 30.000 Lang vreemd vermogen Onderhandse lening 40.000 Vlottende en liquide activa Te vorderen sponsorgelden 3.000 Kort vreemd vermogen (vraag 7) Voorraad merchandise 13.100 Crediteuren 4.961 (vraag 8) merchandise Te vorderen btw Te betalen overige 14.763 kosten 104.900 Kas 10.000 Te betalen btw 35.238 Te betalen interest 900 (vraag 9) Rekening-courantkrediet 41.709 200.863 200.863

berekeningen:

Rekening-courantkrediet 17.000

  • 11.785
  • 36.924
  • 10.000 =

41.709 (of 41.709 roodstand)

Liquiditeitspositie per 1 januari (3.000 + 13.100 + 14.763 +

2020 10.000)

  • (4.961 + 104.900 + 35.238 + 900 + 41.709) =

€ 146.845

Oorzaken van de negatieve liquiditeitspositie zijn:

  • de dalende ontvangsten uit toegangsbewijzen in 2019 De terugloop in de bezoekersaantallen (zie informatiebron 3) komt met name doordat het sinds enkele jaren wettelijk niet meer toegestaan is om wilde zoogdieren (olifanten, apen, leeuwen, tijgers e.d.) te laten optreden in circussen.
  • de hoge loonbetalingen in 2019 aan het personeel.

Het plafond van het rekening-courantkrediet zal, als het zo doorgaat, binnen enkele maanden worden bereikt.

Vraag 11 2 punten

Bereken het totaalaantal bezoekers van Circus Salvi in 2019 (zie informatiebronnen 2 en 3).

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlagen · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Voor elke fout 1 scorepunt in mindering brengen.

Als er geen maatregelen komen, vreest circusdirecteur Giovanni dat schuldeisers het faillissement van zijn circus zullen aanvragen.

Vraag 12 1 punt

Leg uit dat schuldeisers faillissement aanvragen op basis van een liquiditeitsprobleem en niet op basis van negatieve resultaten.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlagen · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • Voorbeelden van een juist antwoord zijn: − Een faillissement zal door schuldeisers worden aangevraagd indien er niet aan de betalingsverplichtingen wordt voldaan. − Negatieve resultaten betekenen niet automatisch dat er problemen zijn met het voldoen aan de betalingsverplichtingen. (1)

Reddingsplan met ingang van 2020

Giovanni heeft een reddingsplan opgesteld om de liquiditeitspositie te verbeteren (zie informatiebron 4). Het plan gaat in vanaf 1 januari 2020.

Directe gevolgen

Het reddingsplan heeft directe gevolgen voor de loonuitgaven en de ontvangsten uit toegangsbewijzen in 2020.

Vraag 13 2 punten

Bereken de verwachte besparing op loonuitgaven in 2020 (zie informatiebronnen 2 en 4).

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlagen · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Voor elke fout 1 scorepunt in mindering brengen.

Giovanni verwacht dat het aantal verkochte toegangsbewijzen in 2020 gelijk zal blijven aan dat in 2019 (zie vraag 11).

Vraag 14 3 punten

Bereken de verwachte toename van de ontvangsten uit de verkoop van toegangsbewijzen in 2020 (zie informatiebron 4).

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlagen · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • loge: 30.000 x 0,9 x 29 = 783.000 (1)
  • tribune: (77.000 – 30.000 x 0,9) x 15 = 750.000 totale ontvangsten = 1.533.000 (1)
  • 1.533.000 – 1.373.400 = € 159.600 (1)

Indirecte gevolgen

Als het reddingsplan wordt uitgevoerd, dan zal dit ook indirecte gevolgen hebben voor de liquiditeitspositie, als gevolg van bijvoorbeeld de verkoop van merchandise-artikelen, de te betalen btw en de te vorderen btw. Hierdoor zullen de vlottende en liquide activa met € 35.000 meer toenemen dan het kort vreemd vermogen zal toenemen.

Conclusie

Giovanni zal het reddingsplan uitvoeren als de liquiditeitspositie in 2020 naar verwachting met minimaal € 250.000 zal stijgen. Zo niet, dan stopt hij met zijn circus.

Vraag 15 2 punten

Gaat Giovanni zijn plan uitvoeren? Motiveer het antwoord met een berekening.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlagen · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • 199.500 + 159.600 + 35.000 = € 394.100 (1)
  • Dit is meer dan € 250.000, dus zal Giovanni zijn plan gaan uitvoeren (1)

Opgave 3

In deze opgave is het btw-tarief 21%.

Onderneming Hapdo bv handelt in het product Unos. Hapdo hanteert in zijn voorraadadministratie de vaste verrekenprijs (vvp), die bestaat uit de verwachte inkoopprijs en een opslag voor de verwachte inkoopkosten.

Uit de voorcalculatie over 2019 zijn de volgende gegevens ontleend:

vvp …………… overheadkosten 20% van de vvp winstmarge 28% van de verkoopprijs exclusief btw verkoopprijs inclusief btw € 90,75

Vraag 16 2 punten

Bereken de vaste verrekenprijs.

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

vvp 100% € 45,00 overheadkosten 20% kostprijs 120% 72% € 54,00 winstmarge 28% verkoopprijs exclusief btw 100% € 75,00 btw 21% verkoopprijs inclusief btw 121% € 90,75

berekeningen:

verkoopprijs exclusief btw 75,00 90,75 1,21 kostprijs 54,00 0,72 x 75,00 vvp 45,00 54,00 x 100 120

Over het jaar 2019 zijn de volgende nacalculatorische gegevens bekend:

werkelijke verkoopprijs inclusief btw € 90,75 technische voorraad op 1 januari 2019 (tegen vvp) € 67.500 maandelijkse inkopen (worden in dezelfde maand ontvangen) 1.600 stuks omzet 2019 inclusief btw € 1.724.250 voorverkopen per 31 december 2019 (tegen vvp) € 8.100 technische voorraad op 31 december 2019 (tegen vvp) ……………

Vraag 17 4 punten

Bereken de technische voorraad van het product Unos in aantallen op

31 december 2019. Vul hiertoe de uitwerkbijlage die bij deze vraag hoort volledig in.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlagen · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

aantal berekeningen Unos technische voorraad op 67.500

1 januari 2019 1.500 (45) ontvangen in 2019 19.200 12 x 1.600 stuks afgeleverd in 2019 1.724.250 = 19.000 90,75 8.100

= 180 45 18.820 18.820 technische voorraad op

31 december 2019 1.880

Werkelijke inkoopprijs exclusief btw van een Unos in een maand in 2019:

januari € 40 juli € 38 februari € 40 augustus € 38 maart € 40 september € 38 april € 41 oktober € 42 mei € 41 november € 42 juni € 41 december € 42

De werkelijke inkoopkosten over 2019 waren € 80.000.

Vraag 18 3 punten

Bereken het resultaat op inkopen over 2019. Geef aan of het een voordelig/positief/+ of een nadelig/negatief/- resultaat betreft.

Bekijk het antwoord
  • toegestaan: 45 x 1.600 x 12 = 864.000 (1)
  • werkelijk: 3 x 1.600 x (40 + 41 + 38 + 42) + 80.000 = 852.800 – resultaat op inkopen: € 11.200 voordelig/positief/+ (2)

Het resultaat op overheadkosten over 2019 was € 12.200 nadelig.

Vraag 19 2 punten

Bereken het bedrijfsresultaat van Hapdo over 2019 met behulp van het verkoopresultaat. Geef aan of het een voordelig/positief/+ of een nadelig/negatief/- resultaat betreft.

Bekijk het antwoord
  • verkoopresultaat: (75 – 54) x 19.000 = 399.000 (voordelig) (1)
  • resultaat op inkopen (vraag 18): 11.200 (voordelig) resultaat op overheadkosten: 12.200 (nadelig) bedrijfsresultaat: € 398.000 voordelig/positief/+ (1)

Opgave 4

In deze opgave blijven de belastingen buiten beschouwing.

Van der Graaf nv produceert dieselgeneratoren. Op bouwterreinen en in de scheepvaart worden deze gebruikt om stroom op te wekken. Van der Graaf merkt dat de afzet van deze dieselgeneratoren daalt vanwege het slechte imago van diesel. De directie van Van der Graaf onderzoekt de mogelijkheid om per

1 januari 2020 over te stappen op de productie van generatoren met waterstofaandrijving. Hiertoe berekent zij de netto contante waarde van het project. De directie gaat uit van de volgende voorcalculatorische gegevens.

Investering in project waterstofgeneratoren

− Er wordt op 1 januari 2020 € 2.500.000 geïnvesteerd in nieuwe vaste activa, met een levensduur van 8 jaar.

  • De jaarlijkse afschrijvingskosten van deze investering zijn € 300.000.

Overige gegevens project waterstofgeneratoren

− De overige constante kosten zijn € 400.000 per jaar.

  • De variabele kosten zijn € 3.500 per generator.
  • De verkoopprijs is € 8.000 per generator.
  • De verwachte jaarlijkse afzet is 205 stuks.
  • Met uitzondering van de investering vinden alle cashflows aan het eind van het jaar plaats.
  • De rendementseis is 7,5% per jaar.

Vraag 20 1 punt

Bereken de verwachte jaarlijkse cashflow als gevolg van de investering in dit project (zie formuleblad).

Bekijk het antwoord
  • jaarlijkse winst: 205 x (8.000 – 3.500) – 300.000 – 400.000 = 222.500 jaarlijkse cashflow: 222.500 + 300.000 = € 522.500 (1)

Vraag 21 3 punten

Bereken de netto contante waarde per 1 januari 2020 van dit project en bepaal of het project doorgaat (zie formuleblad).

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

Een andere manier van berekenen van 3.060.441,11 is met behulp van de somformule

1 1,0758

  • 1 S= x 1,0758 1,075
  • 1

= 5,857303555 dus 5,857303555 x 522.500 = 3.060.441,11.

In 2021 is te verwachten dat er vanwege scherpere veiligheidseisen op

1 januari 2022 een aanvullende investering van € 660.000 nodig zal zijn met een levensduur van 6 jaar en zonder restwaarde. De overige gegevens blijven gelijk. De algemeen directeur is van mening dat door deze aanvullende investering de jaarlijkse cashflows met ingang van 2022 met € 110.000 zullen dalen. De financieel directeur stelt dat de jaarlijkse cashflows gelijk zullen blijven.

Vraag 22 1 punt

Welk van de twee directieleden heeft gelijk? Beargumenteer het antwoord.

Bekijk het antwoord
  • De financieel directeur heeft gelijk. Voorbeelden van een juist antwoord zijn: − De toename van de afschrijvingskosten leidt tot een even grote afname van de winst. − Afschrijvingen zijn geen uitgaven, dus beïnvloeden ze de cashflow niet. (1)

Opgave 5

Bij deze opgave horen de informatiebronnen 5 tot en met 7.

In deze opgave blijft de btw buiten beschouwing.

Max Tegelaar is eigenaar van een klusbedrijf in tegelzetten. Hij heeft tegelzetters in loondienst. Het grootste gedeelte van zijn opdrachten verkrijgt hij door gebruik te maken van openbare platforms zoals Werkspot.nl (zie informatiebron 5).

Vraag 23 2 punten

Geef een voordeel en een nadeel voor een klusbedrijf van het gebruikmaken van openbare platforms.

Bekijk het antwoord
  • Voorbeelden van juiste antwoorden zijn: voordeel: lagere acquisitiekosten/marketingkosten / positieve reviews/ groot bereik / extra sales-kanaal; nadeel: grotere concurrentie / (soms) lidmaatschapskosten van het platform/beknopte informatie kunnen geven / geen direct contact met de klant over diens wensen, pas als die eventueel contact opneemt / klanten kennen tarieven van andere aanbieders. voor elk juist antwoord (1) (2)

Als Max een offerte maakt voor het betegelen van een oppervlakte, dan gaat hij uit van voorcalculatorische gegevens (zie informatiebron 6). Op basis hiervan komt hij tot een offerteprijs per m2. Deze prijs per m 2 gebruikt hij in de offerte.

Vraag 24 4 punten

Bereken de offerteprijs per m 2 te betegelen oppervlakte.

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

  • tegellijm: 2,5 x 25 x = 187,50 15 16 voegmortel: 0,4 x 25 x = 40,00 4 25 arbeidsloon: x 40 = 500,00 2 totaal: 727,50 (1) 727,50

Max verricht een budgetanalyse over het jaar 2019.

In informatiebron 7 zijn de nacalculatorische gegevens over het jaar 2019 gegeven.

Het gerealiseerde budgetresultaat kan worden uitgesplitst in deelresultaten.

Vraag 25 7 punten

Bereken deze deelresultaten (zie formuleblad). Vul hiertoe de uitwerkbijlage die bij deze vraag hoort volledig in.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlagen · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

getallen x € 1 bezettingsresultaat 2.262 voordelig / nadelig prijsresultaat constante kosten 300 voordelig / nadelig prijsresultaat tegellijm 3.432 nadelig efficiencyresultaat tegellijm 1.584 nadelig prijsresultaat voegmortel 1.056 voordelig / nadelig efficiencyresultaat arbeid 10.560 voordelig / nadelig

berekeningen:

bezettingsresultaat W = 220 x 24 = 5.280 N = 180 x 25 = 4.500 (5.280

  • 4.500) x 2,90 = 2.262 prijsresultaat constante kosten 13.050
  • 12.750 = 300 prijsresultaat voegmortel (16) sp = =4 4 9.504 wp = = 4,50 2.112 (4 - 4,50) x 2.112 = 1.056 efficiencyresultaat arbeid (24) sh = 220 x = 2.640 2 wh = 2.640 x 1,1 = 2.904 uur

(2.640

  • 2.904) x 40 = 10.560 of 116.160 toegestaan is = 105.600 1,10 werkelijk: 116.160 10.560

Opmerking Als nadelig of voordelig niet of verkeerd is doorgehaald, worden maximaal

2 scorepunten in mindering gebracht.

Uit de analyse van de deelresultaten blijkt onder meer een nadelig efficiencyresultaat op het gebruik van tegellijm. Dit kan veroorzaakt worden door een voordelig prijsverschil bij het gebruik van tegellijm.

Vraag 26 1 punt

Verklaar het verband tussen een voordelig prijsverschil en een nadelig efficiencyresultaat.

Bekijk het antwoord
  • Voorbeelden van een juist antwoord zijn: − Er is goedkopere tegellijm ingekocht, maar deze is van mindere kwaliteit, dus is er meer tegellijm gebruikt. − Er is goedkopere tegellijm ingekocht. Daardoor is er minder zuinig mee omgegaan en is er meer tegellijm gebruikt. (1)

Opgave 6

Na 2012 kozen nagenoeg alle huizenkopers voor een hypothecaire lening

  • met lineaire aflossing of
  • met aflossing op basis van annuïteiten.

Op 1 januari 2019 hebben Osman en Laetitia een hypothecaire lening afgesloten, waarbij ze een keuze hebben gemaakt uit een van de onderstaande alternatieven.

lineair aflossen annuïtair aflossen startdatum 1 januari 2019 1 januari 2019 grootte van de beginschuld € 450.000 € 450.000 looptijd 30 jaar 30 jaar betaling interest en aflossing jaarlijks op 31 december jaarlijks op 31 december grootte annuïteit € 22.958,67 interestpercentage 3% per jaar 3% per jaar

Een kenmerk van het door Osman en Laetitia gekozen alternatief is dat ze bij deze vorm van aflossing in de eerste jaren het meest profiteren van de hypotheekrenteaftrek.

Vraag 27 2 punten

Voor welke vorm van aflossing hebben Osman en Laetitia gekozen? Motiveer het antwoord.

Bekijk het antwoord

Opmerking Wanneer gekozen is voor een hypothecaire lening met lineaire aflossingen, worden bij deze vraag geen scorepunten toegekend.

Met betrekking tot de aftrekbaarheid van de hypotheekrente voor de inkomstenbelasting heeft er na 2012 een verandering plaatsgevonden. Voor Osman en Laetitia is het percentage van de te betalen interest die kan worden teruggevraagd via de belastingaangifte:

2018 49,5%

2019 49,0%

2020 46,0%

2021 43,0%

2022 40,0%

2023 37,5%

Eenvoudigheidshalve wordt verondersteld dat het belastingvoordeel over

2020 ook wordt ontvangen in 2020.

Vraag 28 3 punten

Bereken de uitgaven na belastingvoordeel met betrekking tot de hypothecaire lening voor Osman en Laetitia in 2020.

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

  • uitgaven na belastingvoordeel = 22.958,67
    • 6.079,47 = € 16.879,20 (1)

of wanneer bij vraag 27 gekozen is voor lineair aflossen:

450.000

  • interestuitgaven na belastingvoordeel = 435.000 x 0,03 x (1
    • 0,46) = 7.047 (1)

Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen vwo Management en organisatie vwo (bezemexamen) 2021, tijdvak 1. Afbeeldingen en de exacte opmaak staan in het originele examen: https://www.examenblad.nl/2021/vwo/documenten/cse-1/vw-0251-h-21-1-o

Andere examens management en organisatie vwo (bezemexamen)

Veelgestelde vragen

Hoeveel vragen heeft het eindexamen management en organisatie vwo (bezemexamen) 2021, tijdvak 1?

Het centraal examen management en organisatie vwo (bezemexamen) 2021, tijdvak 1 loopt tot vraag 28. Van 27 vragen staat het onderwerp in de vragenbank. De meeste vragen gaan over kostprijs en break-even (11), balans en resultatenrekening (6) en financiering (5).

Wat zijn de antwoorden van het examen management en organisatie vwo (bezemexamen) 2021, tijdvak 1?

Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.

Waar vind ik het correctievoorschrift van management en organisatie vwo (bezemexamen) 2021, tijdvak 1?

Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2021/vwo/documenten/cse-1/vw-0251-h-21-1-c).

Hoe oefen ik met het examen management en organisatie vwo (bezemexamen) 2021, tijdvak 1 en krijg ik feedback?

Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.