Digitalisering in de klas is mislukt. Terug naar toetsen op papier

Tien jaar lang moest alles naar het scherm. De opbrengst: afgeleide leerlingen, tabbladen met spelletjes en opstellen van een chatbot.

Opinie · door Daniël van Egdom, Oprichter ToetsChecker · · 5 min lezen

Kort antwoord

De digitalisering van het klaslokaal heeft geleverd wat niemand wilde: meer afleiding, minder handschrift en toetsen waarvan onzeker is wie ze gemaakt heeft. Het alternatief is niet terug naar niets, maar high-tech analoog: leerlingen schrijven op papier met een pen, en de technologie draait onzichtbaar op de computer van de docent.

In het kort
  • Het apparaat op de tafel van de leerling levert vooral afleiding en twijfel over auteurschap.
  • Schrijven met de hand heeft aantoonbare voordelen die een toetsenbord niet geeft.
  • Papier lost het fraudeprobleem op zonder detectiesoftware of surveillance.
  • De techniek hoort achter de schermen te draaien, bij de docent, niet op de leerlingtafel.

Loop een willekeurig lokaal binnen waar met laptops gewerkt wordt en kijk naar de schermen in plaats van naar de leerlingen. Je ziet een opdracht, en daarnaast vier tabbladen die niets met de opdracht te maken hebben. Dat is geen incident en het is ook geen kwestie van slechte klassenregels. Het is de voorspelbare uitkomst van het plaatsen van een apparaat met de hele wereld erin op de tafel van een vijftienjarige.

We hebben tien jaar lang gedaan alsof dit een overgangsprobleem was. Dat was het niet.

Wat er beloofd werd, en wat er kwam

De belofte van het digitale klaslokaal was gepersonaliseerd leren: elke leerling in zijn eigen tempo, met directe terugkoppeling en materiaal dat zich aanpast. Een aantal van die beloftes zijn ook echt uitgekomen, vooral bij rekenen en talen op oefenniveau.

Maar de dagelijkse praktijk in de meeste lokalen ziet er anders uit. Het schoolboek is een pdf geworden. De werkbladen zijn invulvelden geworden. Het schrift is een tekstverwerker geworden. Er is niets gepersonaliseerd, er is alleen een papieren proces op een scherm gezet, met een afleidingsmachine erbij. En ik weet wat ik zeg, ik maak dit elke schooldag mee als leerling (lees meer over wat ik doe en wie ik ben). Ik laat me ook makkelijk afleiden als ik online aan een saaie opdracht moet werken.

Waarom de pen niet nostalgisch is

Het argument voor papier wordt vaak weggezet als sentiment. Dat is het niet. Schrijven met de hand is trager dan typen, en juist die traagheid doet het werk: je kunt niet alles opschrijven, dus je moet kiezen wat belangrijk is. Dat kiezen is de verwerking. Wie typt, notuleert. Wie schrijft, vat samen.

Daar komt bij dat de motoriek van het schrijven en de ruimtelijke ordening op een blad iets doen wat een scrollend document niet doet. Je weet waar op de bladzijde iets stond. Dat klinkt als een detail, maar het is een geheugenanker dat een tekstvak niet biedt.

High-tech analoog

De vraag is dus niet of we technologie in het onderwijs willen. De vraag is waar hij staat. Mijn stelling is simpel: de beste technologische innovatie voor een school is technologie die je in het lokaal niet ziet.

  1. Voor de leerling: papier

    Een toets op papier, met een pen. Geen tabbladen, geen detectiesoftware, geen surveillance-extensie in de browser. De vraag wie het gemaakt heeft, stelt zichzelf niet meer.

  2. Tussenin: een scanner

    De hele klas gaat in één keer door het kopieerapparaat, of via de camera van een telefoon. Dat is de enige handeling die verandert ten opzichte van vroeger.

  3. Voor de docent

    Handschriftherkenning en beoordeling gebeuren op de computer van de docent, na schooltijd, buiten het zicht van de klas. De docent controleert en keurt goed.

Het aardige aan deze verdeling is dat elk van de bezwaren tegen digitalisering erdoor vervalt. Geen schermtijd erbij voor leerlingen. Geen twijfel over auteurschap. Geen apparaat dat kapot kan tijdens een toets. Geen leerling die zijn werk kwijt is doordat de wifi eruit lag. En tegelijkertijd geen docent die zijn zondag kwijt is aan het vergelijken van dertig antwoorden met hetzelfde correctiemodel.

Wat er dan nog wel op een scherm mag

Dit is geen pleidooi om alle apparatuur de school uit te dragen. Er zijn dingen die op een scherm beter gaan, en die horen daar dus te blijven: een simulatie van een natuurkundig proces, een tekening in een cad-programma, oefenmateriaal dat zich aanpast aan het niveau, een videofragment in de bovenbouw.

Het onderscheid dat ik voorstel is dit: een scherm mag in het lokaal als het iets kan wat papier niet kan. Doet het hetzelfde als papier, maar dan met notificaties erbij, dan hoort het er niet.

De afgelopen tien jaar hebben we dat onderscheid niet gemaakt. We hebben het apparaat als doel behandeld en de vraag wat het opleverde overgeslagen. Het gevolg is een generatie die minder schrijft, minder geconcentreerd werkt en van wie we niet meer zeker weten wat ze zelf hebben gedaan. Dat is niet vooruitgang die je wilt verdedigen.

Veelgestelde vragen

Is dit geen pleidooi om terug te gaan naar vroeger?

Nee. Het voorstel is niet om technologie af te schaffen maar om hem te verplaatsen: van de tafel van de leerling naar de computer van de docent. Wat een school ermee wint, namelijk snellere terugkoppeling en consistenter beoordelen, is met alleen papier niet haalbaar.

Hoe voorkom je fraude als leerlingen digitaal toetsen?

Met surveillancesoftware, volledig scherm, tabdetectie en achteraf controleren. Dat werkt tot op zekere hoogte, maar het is een wapenwedloop en het maakt van een toets een bewakingssituatie. Een toets op papier heeft dat probleem simpelweg niet, en dat is een van de sterkste argumenten voor de analoge afname.

Wat is het voordeel van met de hand schrijven?

Schrijven is trager dan typen, waardoor een leerling moet kiezen wat hij opschrijft. Dat selecteren is verwerking. Daarbij helpen de motoriek en de vaste plek op de bladzijde bij het onthouden, en is er geen tweede tabblad dat om aandacht vraagt.

Daniël van Egdom

Daniël van EgdomOprichter ToetsChecker

Meer uit de kennisbank