Eindexamen economie vmbo-bb 2018, tijdvak 1: vragen en antwoorden

Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Minispeaker, Minispeaker, Made in Europe, Arbeidsmarkt, Arbeidsmarkt, De scooter van Manon, De scooter van Manon, Licht en water in ontwikkelingslanden, Licht en water in ontwikkelingslanden, De frietautomaat van Frits.

Kort antwoord

Het centraal examen economie vmbo-bb 2018, tijdvak 1 loopt tot vraag 36. Van 27 vragen staat het onderwerp in de vragenbank. De meeste vragen gaan over arbeidsmarkt (8), inkomen en consumptie (7) en internationale handel (5). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.

Onderwerpen in dit examen

Onderwerp per vraag in het centraal examen economie vmbo-bb 2018, tijdvak 1, voor de vragen waarvan het onderwerp bekend is. Elke vraag is eenmalig door een AI-model bij een onderwerp ingedeeld; per vraag kan dat afwijken.
OnderwerpVragenAantal
Arbeidsmarkt12-17, 31, 368
Inkomen en consumptie18-247
Internationale handel7-9, 28, 305
Productie en kosten11, 32-33, 354
Overheid en belastingen10, 342
Risico en verzekeren61

Vergeleken met andere jaren

De verdeling over de onderwerpen ligt dicht bij het gemiddelde van de andere 5 examens economie vmbo-bb sinds 2019. Geen enkel onderwerp wijkt meer dan zes procentpunten af.

Opgaven en correctievoorschrift

De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.

Oefenen als leerling

Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen economie vmbo-bb 2018, tijdvak 1 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.

Nakijken als docent

  1. Start gratis vanaf deze pagina

    Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen economie vmbo-bb 2018, tijdvak 1 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.

  2. Laat de klas het examen maken

    Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.

  3. Geef de resultaten vrij

    Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.

ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.

Vragen en antwoorden

Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen economie vmbo-bb 2018, tijdvak 1. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.

Minispeaker

(Deze vraag heeft geen inleidende tekst.)

Vraag 1 1 punt

Lisa en Valentino zien op televisie een uitzending van het consumentenprogramma Kassa over minispeakers. Kassa is een consumentenprogramma dat producten test en producten met elkaar vergelijkt. Noem een consumentenorganisatie die ook producten test en producten met elkaar vergelijkt.

Bekijk het antwoord
  • voorbeelden van een juiste organisatie: − de ANWB − de Consumentenbond (1)

Minispeaker

..................................................................................................................

Vraag 2 1 punt

Lisa en Valentino vertrouwen de testuitslagen van Kassa. Lisa: “Consumentenorganisaties doen onderzoek naar de prijs en de kwaliteit van producten. Op basis daarvan geven ze onafhankelijke informatie en advies”. Valentino: “Consumentenorganisaties houden zich niet alleen bezig met het testen van producten. Ze informeren ook over mogelijke gevolgen voor het milieu”. Wat geldt voor deze beweringen?

  1. A Alleen Lisa heeft gelijk.
  2. B Alleen Valentino heeft gelijk.
  3. C Beiden hebben gelijk.
  4. D Beiden hebben ongelijk.
Bekijk het antwoord

Antwoord: C

test minispeakers tot € 60

merk en type prijs in accutijd testcijfer euro’s House of Marley Chant Mini 58,99 6 uur 7,6 JAM HX-P240 Plus 51,00 onbekend 4,3 JBL Clip 45,00 5 uur 8,0 Logitech X100 44,99 4 uur 8,6 Urban Revolt Moki 19,99 4 uur 3,3

Vraag 3 1 punt

Lisa en Valentino bekijken de testresultaten. Welke twee minispeakers komen het slechtst uit deze test?

Bekijk het antwoord

Opmerking Alleen een scorepunt toekennen als beide antwoorden juist zijn.

1 ...............................................................................................................

2 ...............................................................................................................

Vraag 4 1 punt

Valentino wil een minispeaker met de volgende eigenschappen:

  • niet duurder dan € 50
  • een accutijd van minimaal vier uur
  • een testcijfer van minimaal 8,5 Welke speaker kan Valentino het best kiezen?
  1. A House of Marley Chant Mini
  2. B JAM HX-P240 Plus
  3. C JBL Clip
  4. D Logitech X100
Bekijk het antwoord

Antwoord: D

Vraag 5 1 punt

Valentino ziet op internet een aanbieding van een minispeaker die vergelijkbaar is met zijn keuze uit de test. Op de speaker zit een jaar garantie. De garantie kan tot drie jaar worden verlengd als Valentino een bijbetaling van 15% op de prijs uit de aanbieding doet.

Bekijk het antwoord
  • voorbeeld van een juiste berekening: € 36,95 × 1,15 = € 42,49 (1)

€ 49,95 NU € 36,95

Hoeveel moet Valentino betalen voor deze minispeaker uit de aanbieding als hij kiest voor de extra lange garantie? Schrijf je berekening op en rond af op twee decimalen.

..................................................................................................................

..................................................................................................................

..................................................................................................................

Vraag 6 2 punten

Valentino besluit de minispeaker van de aanbieding te kopen, maar hij twijfelt over het nut van het bijkopen van extra lange garantie. Noteer in het schema een argument voor en een argument tegen het bijkopen van extra lange garantie.

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

argument voor argument tegen

  • Een minispeaker is kwetsbaar.
  • minder prijsvoordeel
  • Voor weinig geld ben je extra
  • Mogelijk zal je geen gebruik lang verzekerd. maken van de geboden
  • Drie jaar lang hoef je geen garantie. kosten van eventuele schade
  • Na een jaar is deze te betalen. minispeaker verouderd.

Made in Europe

Chinese fabrikanten produceren zonnepanelen. Deze worden onder andere geëxporteerd naar landen binnen de Europese Unie (EU).

Vraag 7 1 punt

Chinese fabrikanten bieden zonnepanelen aan onder de kostprijs op de Europese markt. Europese fabrikanten van zonnepanelen eisen dat de EU maatregelen hiertegen neemt. Maak de volgende zinnen kloppend door de juiste woorden te kiezen. Kies daarbij uit de woorden die tussen haakjes staan. Als Europese bedrijven en consumenten voor zonnepanelen uit China kiezen, zal de …(1)… (export / import) door Europa stijgen. Omdat Nederland een …(2)… (gesloten / open) economie is, worden ook op de Nederlandse markt Chinese zonnepanelen aangeboden.

Bekijk het antwoord

Opmerking Alleen een scorepunt toekennen als beide antwoorden juist zijn.

(1) ..............................................................................................................

(2) ..............................................................................................................

Vraag 8 2 punten

Geef van elk van de volgende stellingen aan of deze juist of onjuist is. Zet telkens een kruisje in de juiste kolom.

Bekijk het antwoord
  • stellingen juist onjuist Door invoerrechten te heffen op producten van buiten de EU worden Europese producten in x Europa goedkoper. Door invoerrechten te heffen op producten van buiten de EU worden Europese bedrijven x beschermd tegen concurrenten van buiten de EU. Invoerrechten bepalen hoeveel goederen x maximaal mogen worden ingevoerd. indien drie juist (2) indien twee juist (1) indien minder dan twee juist (0) (2)

stellingen juist onjuist Door invoerrechten te heffen op producten van buiten de EU worden Europese producten in Europa goedkoper. Door invoerrechten te heffen op producten van buiten de EU worden Europese bedrijven beschermd tegen concurrenten van buiten de EU. Invoerrechten bepalen hoeveel goederen maximaal mogen worden ingevoerd.

Vraag 9 1 punt

Jan Kozijn uit Nederland wil zonnepanelen aanschaffen die in Europa zijn geproduceerd. Hij gaat de Nederlandse prijzen van zonnepanelen vergelijken met die uit België en Duitsland. Deze landen zijn alle drie lid van de Europese Monetaire Unie (EMU). Stelling I: Alle EMU-landen zijn lid van de EU. Stelling II: De EU vertegenwoordigt alle landen van Oost- en West- Europa. Wat geldt voor deze stellingen?

  1. A Alleen stelling I is juist.
  2. B Alleen stelling II is juist.
  3. C Beide stellingen zijn juist.
  4. D Beide stellingen zijn onjuist.
Bekijk het antwoord

Antwoord: A

Vraag 10 1 punt

Jan Kozijn koopt 20 zonnepanelen tegen de voordeligste hoeveelheid- prijscombinatie. Omdat de overheid de aanschaf van zonnepanelen wil stimuleren, kan Jan de btw terugkrijgen.

Bekijk het antwoord
  • voorbeeld van een juiste berekening: (€ 7.000 / 121) × 100 = € 5.785,12 (1)

aantal panelen prijs inclusief 21% btw

7 € 3.800

9 € 4.400

14 € 5.100

20 € 7.000

Hoeveel hebben de 20 zonnepanelen gekost exclusief btw? Schrijf je berekening op en rond af op twee decimalen.

..................................................................................................................

..................................................................................................................

..................................................................................................................

Vraag 11 1 punt

Chinese fabrikanten verplaatsen steeds meer de productie naar landen zoals India en Vietnam. Noem een reden voor het verplaatsen van de productie naar deze landen.

Bekijk het antwoord
  • voorbeelden van een juiste reden: − lagere loonkosten / productiekosten − voldoende gekwalificeerd personeel − kortere afstand tot de afzetmarkt (1)

Arbeidsmarkt

(Deze vraag heeft geen inleidende tekst.)

Vraag 12 2 punten

Robert en Wendy (allebei 20 jaar) zijn net klaar met hun mbo-opleiding. Zij hebben een gesprek over hun kansen op de arbeidsmarkt. Geef van elk van de volgende stellingen aan of deze juist of onjuist is. Zet telkens een kruisje in de juiste kolom.

Bekijk het antwoord
  • stellingen juist onjuist De arbeidsmarkt is het geheel van de vraag naar x arbeid en het aanbod van arbeid. Als het aanbod van arbeid groter is dan de vraag x naar arbeid is er sprake van werkloosheid. Structurele werkloosheid ontstaat als bedrijven x arbeid vervangen door machines. indien drie juist (2) indien twee juist (1) indien minder dan twee juist (0) (2)

Arbeidsmarkt

stellingen juist onjuist De arbeidsmarkt is het geheel van de vraag naar arbeid en het aanbod van arbeid. Als het aanbod van arbeid groter is dan de vraag naar arbeid is er sprake van werkloosheid. Structurele werkloosheid ontstaat als bedrijven arbeid vervangen door machines.

Vraag 13 1 punt

Robert werkt vijftien uur per week bij een supermarkt. Wendy werkt vijftien uur per week als vrijwilliger bij de kinderopvang. Wendy is voorlopig niet beschikbaar voor een betaalde baan. stelling I: Robert behoort tot de beroepsbevolking. stelling II: Wendy behoort tot de groep verborgen werklozen. Wat geldt voor deze stellingen?

  1. A Alleen stelling I is juist.
  2. B Alleen stelling II is juist.
  3. C Beide stellingen zijn juist.
  4. D Beide stellingen zijn onjuist.
Bekijk het antwoord

Antwoord: A

Vraag 14 1 punt

Wendy doet vrijwilligerswerk. Noem twee motieven voor het verrichten van onbetaald werk.

Bekijk het antwoord
  • voorbeelden van juiste motieven: − maatschappelijke waardering − werkervaring opdoen − sociale contacten − nuttig bezig zijn − persoonlijke ontwikkeling − plezier indien twee juist (1) indien minder dan twee juist (0) (1)

1 ...............................................................................................................

2 ...............................................................................................................

Vraag 15 1 punt

Volgens Robert maken nieuwe technieken, zoals robots, massaproductie mogelijk. Dit kan uiteindelijk nieuwe banen opleveren. Hieronder staan zes verschijnselen. Zet deze in de juiste volgorde, zodat een economisch logische redenering ontstaat. Nummer 1, 2 en 6 staan al op de juiste plaats.

1 nieuwe technieken

2 lagere loonkosten per product

3 hogere arbeidsproductiviteit

4 hogere vraag naar producten

5 lagere kost- en verkoopprijzen per product

6 nieuwe banen

Bekijk het antwoord
  • (1) → 3 → (2) → 5 → 4 → (6) (1)

1→…→2→…→…→6

robotverkopen per jaar wereldwijd

220 robotverkopen per jaar 200 (x 1000) 180 160 140 120 100 80 60 40 20 0

2009 2010 2011 2012 2013 2014

Gebruik bovenstaande grafiek.

Vraag 16 1 punt

In 2014 bedroeg het aantal verkochte robots wereldwijd 205.000. Met hoeveel procent zijn de robotverkopen wereldwijd toegenomen in

2014 ten opzichte van 2012?

  1. A met 21,2%
  2. B met 28,1%
  3. C met 35,6%
  4. D met 78%

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven

Bekijk het antwoord

Antwoord: B

Vraag 17 2 punten

Voor de meeste beroepen is een opleiding nodig (geschoold werk). Voor sommige beroepen is geen opleiding nodig (ongeschoold werk). Geef bij elk beroep aan of het geschoold of ongeschoold werk is. Zet telkens een kruisje in de juiste kolom.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven

Bekijk het antwoord
  • beroepen geschoold werk ongeschoold werk boekhouder x vakkenvuller x verpleegkundige x vrachtwagenchauffeur x inpakker x indien vijf juist (2) indien vier of drie juist (1) indien minder dan drie juist (0) (2)

De scooter van Manon

(Deze vraag heeft geen inleidende tekst.)

Vraag 18 1 punt

Manon heeft een bijbaantje bij een supermarkt. Het geld dat ze hiermee verdient, spaart zij om later een scooter te kunnen kopen. Haar moeder heeft ook geld gespaard. “Je weet nooit waarvoor je het nodig hebt”, zegt haar moeder. Van welke twee spaarmotieven is hier sprake?

  1. A van sparen voor een doel en sparen voor de rente
  2. B van sparen voor een doel en sparen uit voorzorg
  3. C van sparen voor de rente en sparen uit voorzorg
Bekijk het antwoord

Antwoord: B

Vraag 19 1 punt

Manon besteedt per maand 40% van haar uitgaven aan uitgaan en in de schoolkantine. Ze besteedt 10% van haar uitgaven aan de afbetaling van haar smartphone. Bereken de ontbrekende bedragen in de begroting van Manon. Schrijf je berekeningen op.

Bekijk het antwoord

Opmerking Alleen een scorepunt toekennen als beide antwoorden juist zijn.

De scooter van Manon

Begroting van Manon inkomsten per maand uitgaven per maand bijbaantje € 195 make-up € 20 zakgeld / kleedgeld € 60 kleding € 50 uitgaan en schoolkantine € …. afbetaling smartphone € ….. cadeaus € 10 contributie handbal € 30 totaal € 255 totaal € 220

Berekening uitgaan en schoolkantine: ....................................................

..................................................................................................................

Berekening afbetaling smartphone: .........................................................

………………………………………………………………………………………..

Vraag 20 1 punt

Manon gaat elke dinsdag 2 uur extra werken bij de supermarkt. Ze verdient € 3,75 per uur. Hoeveel verdient Manon extra per maand? Schrijf je berekening op en rond af op twee decimalen.

Bekijk het antwoord
  • voorbeeld van een juiste berekening: (2 x € 3,75) x 52 / 12 = € 32,50 (1)

..................................................................................................................

..................................................................................................................

Vraag 21 2 punten

Manon kan ook bezuinigen op haar uitgaven om een scooter te kunnen kopen. Ze kan alleen niet onmiddellijk op alle uitgaven bezuinigen. Geef van elk van de volgende uitgaven aan of Manon daar wel of niet onmiddellijk op kan bezuinigen. Zet telkens een kruisje in de juiste kolom.

Bekijk het antwoord
  • uitgaven wel niet make-up x kleding x uitgaan en schoolkantine x afbetaling smartphone x cadeaus x indien vijf juist (2) indien vier of drie juist (1) indien minder dan drie juist (0) (2)

uitgaven wel niet make-up kleding uitgaan en schoolkantine afbetaling smartphone cadeaus

Vraag 22 1 punt

Manon heeft inmiddels € 200 gespaard. Nu ze extra gaat werken, kan ze per maand in totaal € 67,50 sparen. De scooter die Manon wil kopen kost € 1.350. Hoeveel hele maanden moet Manon nog sparen om de scooter te kunnen kopen?

  1. A 17 maanden
  2. B 18 maanden
  3. C 20 maanden
Bekijk het antwoord

Antwoord: B

Vraag 23 2 punten

De scooter die Manon graag wil hebben, is nu in de aanbieding. Als ze de scooter nu koopt, kost hij € 1.150 in plaats van € 1.350.

Bekijk het antwoord
  • 24 x € 42,50 = € 1.020 (1)
  • € 1.020 + € 200 = € 1.220 (1)

€ 1.350

NU

€ 1.150

Manon kan de scooter op afbetaling kopen. Ze gebruikt haar volledige spaargeld als aanbetaling. Dan moet zij nog 24 maanden € 42,50 per maand betalen. Hoeveel gaat Manon in totaal voor de scooter betalen als ze deze op afbetaling koopt? Schrijf je berekening op.

..................................................................................................................

..................................................................................................................

Vraag 24 1 punt

Tim, Manon’s broer, vindt dat ze de scooter uit de aanbieding op afbetaling moet kopen. Manon spaart liever voor de scooter. Geef een argument voor de mening van Tim.

Bekijk het antwoord
  • voorbeelden van een juist argument: − Ze kan nu al gebruik maken van de scooter. − De extra kosten van kopen op afbetaling zijn niet zo hoog. − De scooter is nu in de aanbieding. (1)

Licht en water in ontwikkelingslanden

(Deze vraag heeft geen inleidende tekst.)

Vraag 25 1 punt

Een Nederlands bedrijf heeft ledlampen ontwikkeld die op zonne-energie werken. In Tanzania is het om zes uur ’s avonds al donker. Met lampen op zonne-energie wordt het mogelijk gemaakt dat kinderen in Tanzania ’s avonds hun huiswerk kunnen maken. Met deze scholing maken ze later meer kans op een baan. Hieronder staan vijf verschijnselen. Zet deze in de juiste volgorde, zodat een economisch logische redenering ontstaat. Nummer 1 en 5 staan al op de juiste plaats.

1 betere scholing

2 meer bestedingen

3 meer inkomen

4 minder analfabetisme

5 meer werkgelegenheid

Bekijk het antwoord
  • (1) → 4 → 3 → 2 → (5) (1)

Licht en water in ontwikkelingslanden

1→…→…→…→5

Vraag 26 2 punten

Een ander Nederlands bedrijf maakt voor Tanzania elektrische waterpompen die op zonne-energie werken. Deze waterpompen leveren stromend water, wat zorgt voor meer hygiëne en betere gezondheidszorg. Een slechte gezondheidszorg is een van de kenmerken van een ontwikkelingsland. Geef van elk van de volgende stellingen aan of deze juist of onjuist is. Zet telkens een kruisje in de juiste kolom.

Bekijk het antwoord
  • stellingen juist onjuist Armoede is een oorzaak én een gevolg van x economische onderontwikkeling. Een langzame bevolkingsgroei is een kenmerk van x ontwikkelingslanden. Beperkte technische kennis is een kenmerk van x ontwikkelingslanden. indien drie juist (2) indien twee juist (1) indien minder dan twee juist (0) (2)

stellingen juist onjuist Armoede is een oorzaak én een gevolg van economische onderontwikkeling. Een langzame bevolkingsgroei is een kenmerk van ontwikkelingslanden. Beperkte technische kennis is een kenmerk van ontwikkelingslanden.

Vraag 27 1 punt

Ook de landbouw profiteert van de elektrische waterpompen. Maak de volgende zinnen kloppend door de juiste woorden te kiezen. Kies daarbij uit de woorden die tussen haakjes staan. Door het gebruik van de elektrische waterpompen hebben de boeren …(1)… (meer / minder) tijd voor werken op het land, omdat ze het water niet met de hand hoeven op te pompen. De arbeidsproductiviteit van de boeren kan hierdoor …(2)… (dalen / stijgen).

Bekijk het antwoord

Opmerking Alleen een scorepunt toekennen als beide antwoorden juist zijn.

(1) .............................................................................................................

(2) .............................................................................................................

Vraag 28 1 punt

Veel rijke landen treffen maatregelen tegen de invoer van producten uit landen als Tanzania. Maak de volgende zinnen kloppend door de juiste woorden te kiezen. Kies daarbij uit de woorden die tussen haakjes staan. Door gebruik te maken van …(1)... (contingentering / invoerrechten) laten de rijke landen maar een beperkte hoeveelheid producten toe uit Tanzania. Bovendien maken de rijke landen bij de handel in tabak en thee gebruik van invoerrechten. Door deze laatste maatregel wordt de import van tabak en thee uit Tanzania …(2)... (duurder / goedkoper) in de rijke landen.

Bekijk het antwoord

Opmerking Alleen een scorepunt toekennen als beide antwoorden juist zijn.

(1) .............................................................................................................

(2) .............................................................................................................

Vraag 29 1 punt

Tanzania is een van de armste landen van de wereld. In 2013 bedroeg het inkomen per hoofd van de bevolking in Tanzania $ 1.700. Het aantal inwoners in dat jaar was 50 miljoen. Hoe hoog was het nationaal inkomen in Tanzania in 2013?

  1. A $ 8,5 miljard
  2. B $ 34 miljard
  3. C $ 85 miljard
Bekijk het antwoord

Antwoord: C

Vraag 30 1 punt

Door het afschaffen van maatregelen tegen de invoer kunnen de rijke landen eraan bijdragen dat de welvaart in ontwikkelingslanden toeneemt. Noem nog een economische maatregel waardoor de welvaart in ontwikkelingslanden kan toenemen.

Bekijk het antwoord
  • voorbeelden van een juiste economische maatregel: − investeringen doen in ontwikkelingslanden − leningen verschaffen tegen een lage (of geen) rente − schulden kwijtschelden − ontwikkelingssamenwerking verbeteren (1)

De frietautomaat van Frits

Uit de krant: Het Nederlandse bedrijf Caenator heeft in samenwerking met de Universiteit Wageningen een frietautomaat ontworpen. Het apparaat bakt een portie friet in 120 seconden en levert ook saus, een vorkje en een zakje zout.

Vraag 31 1 punt

Frits is eigenaar van een snackbar en leest het krantenstukje over de nieuwe frietautomaat. Hij overweegt een personeelslid te vervangen door zo’n frietautomaat. Hoe wordt het vervangen van arbeid door deze computergestuurde frietautomaat genoemd?

  1. A arbeidsproductiviteit
  2. B arbeidsverdeling
  3. C automatisering
Bekijk het antwoord

Antwoord: C

Vraag 32 2 punten

Frits verwacht dat hij één personeelslid kan ontslaan en dat de nettowinst dan zal stijgen. De bedrijfskosten van de automaat bedragen € 80 per week. De totale loonkosten zullen per maand afnemen met € 1.100. De snackbar van Frits is het hele jaar geopend. Bereken hoeveel de nettowinst op jaarbasis zal stijgen. Schrijf je berekening op.

Bekijk het antwoord
  • € 80 × 52 = € 4.160 € 1.100 × 12 = € 13.200 (1)
  • € 13.200 − € 4.160 = € 9.040 (1)

..................................................................................................................

..................................................................................................................

..................................................................................................................

Vraag 33 2 punten

Behalve loonkosten zijn er nog andere bedrijfskosten. Geef van elk van de volgende voorbeelden aan of ze wel of geen bedrijfskosten zijn. Zet telkens een kruisje in de juiste kolom.

Bekijk het antwoord
  • wel geen bedrijfskosten bedrijfskosten het elektriciteitsverbruik van de x automaat de inkoopwaarde van de friet x de huur van het pand x het onderhoud van de automaat x indien vier juist (2) indien drie of twee juist (1) indien minder dan twee juist (0) (2)

wel geen bedrijfskosten bedrijfskosten het elektriciteitsverbruik van de automaat de inkoopwaarde van de friet de huur van het pand het onderhoud van de automaat

Let op: de laatste vragen van dit examen staan op de volgende pagina.

Vraag 34 2 punten

Als Frits 130 porties uit de automaat per dag verkoopt, ontvangt hij € 292,50. Dit is inclusief 6% btw. Bereken de verkoopprijs van één portie friet exclusief btw. Schrijf je berekening op. Rond af op twee decimalen.

Bekijk het antwoord
  • € 292,50 / 130 = € 2,25 (1)
  • (€ 2,25 / 106) × 100 = € 2,12 (1)

..................................................................................................................

..................................................................................................................

..................................................................................................................

Vraag 35 1 punt

Frits heeft nu vijf mensen in dienst. Maak de volgende zinnen kloppend door de juiste woorden te kiezen. Kies daarbij uit de woorden die tussen haakjes staan. Als Frits in de snackbar arbeidsverdeling toepast, zal de arbeidsproductiviteit …(1)… (dalen / stijgen). Dezelfde productie kan dan met …(2)… (meer / minder) mensen worden gedaan.

Bekijk het antwoord

Opmerking Alleen een scorepunt toekennen als beide antwoorden juist zijn.

(1) ..............................................................................................................

(2) ..............................................................................................................

Vraag 36 1 punt

De nicht van Frits, Tonnie, werkt ook in de snackbar. Zij verdient minder per uur dan Frits, terwijl ze even oud is. Frits legt haar uit dat dit komt, omdat hij een leidinggevende functie heeft en Tonnie niet. Noem een reden waarom iemand met een leidinggevende functie vaak meer verdient dan iemand met een uitvoerende functie.

Bekijk het antwoord
  • voorbeelden van een juiste reden: − Iemand met een leidinggevende functie heeft meer verantwoordelijkheid. − Iemand met een leidinggevende functie heeft vaak een hogere / betere / meer opleiding. (1)

Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen vmbo-bb Economie 2018, tijdvak 1. Afbeeldingen en de exacte opmaak staan in het originele examen: https://www.examenblad.nl/2018/vmbo-bb/documenten/cse-1/bb-0233-a-18-1-o

Andere examens economie vmbo-bb

Hoe ToetsChecker economie per vraagtype nakijkt, lees je op economie toetsen nakijken met AI.

Veelgestelde vragen

Hoeveel vragen heeft het eindexamen economie vmbo-bb 2018, tijdvak 1?

Het centraal examen economie vmbo-bb 2018, tijdvak 1 loopt tot vraag 36. Van 27 vragen staat het onderwerp in de vragenbank. De meeste vragen gaan over arbeidsmarkt (8), inkomen en consumptie (7) en internationale handel (5).

Wat zijn de antwoorden van het examen economie vmbo-bb 2018, tijdvak 1?

Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.

Waar vind ik het correctievoorschrift van economie vmbo-bb 2018, tijdvak 1?

Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2018/vmbo-bb/documenten/cse-1/bb-0233-a-18-1-c).

Hoe oefen ik met het examen economie vmbo-bb 2018, tijdvak 1 en krijg ik feedback?

Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.