Eindexamen natuur- en scheikunde I vmbo-kb 2022, tijdvak 1: vragen en antwoorden
Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Kustrace, Diktemeter, Stoffen, Waterkoker, Hoverboard, Accu (ont)laden, Verhuizing, Stemvorkgeluid.
Het centraal examen natuur- en scheikunde I vmbo-kb 2022, tijdvak 1 telt 36 vragen. De meeste vragen gaan over krachten en bewegen (10), elektriciteit (9) en licht en geluid (7). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.
Onderwerpen in dit examen
| Onderwerp | Vragen | Aantal |
|---|---|---|
| Krachten en bewegen | 1-3, 5-7, 28-31 | 10 |
| Elektriciteit | 12, 18-23, 26-27 | 9 |
| Licht en geluid | 8, 10, 32-36 | 7 |
| Energie | 4, 15-17, 24-25 | 6 |
| Stoffen en materialen | 9, 11, 13-14 | 4 |
Vergeleken met andere jaren
Vergeleken met de andere 5 examens natuur- en scheikunde I vmbo-kb sinds 2018: dit examen vroeg meer over licht en geluid (19% van de vragen, gemiddeld 11%).
Opgaven en correctievoorschrift
De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.
Oefenen als leerling
Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen natuur- en scheikunde I vmbo-kb 2022, tijdvak 1 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.
Nakijken als docent
Start gratis vanaf deze pagina
Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen natuur- en scheikunde I vmbo-kb 2022, tijdvak 1 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.
Laat de klas het examen maken
Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.
Geef de resultaten vrij
Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.
ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.
Vragen en antwoorden
Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen natuur- en scheikunde I vmbo-kb 2022, tijdvak 1. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.
Kustrace
Ward doet mee aan een kustrace. Deze race gaat over het strand en door de duinen.
Vraag 1 1 punt
Op een bepaald moment heeft Ward een snelheid van 8,9 m/s. Noteer deze snelheid in km/h.
Bekijk het antwoord
- (v =) 32 (km/h) (1)
Vraag 2 3 punten
Op het strand rijdt Ward met constante snelheid. De totale wrijvingskracht is 98 N. Op de uitwerkbijlage staat een afbeelding met de rolwrijving op elk wiel van Wards fiets. Teken op de uitwerkbijlage de luchtwrijving vanuit P en noteer de grootte van de luchtwrijving onder de afbeelding. De krachtenschaal is 1,0 cm ≙ 20 N.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
voorbeeld van een juist antwoord:
(De luchtwrijving =) 24 N (een grootte van 22 N tot en met 26 N goed rekenen)
Vraag 3 1 punt
Tijdens de wedstrijd oefent Ward kracht uit op de pedalen. Hierdoor werkt in de ketting een kracht. Noteer de naam van de kracht in de ketting.
Bekijk het antwoord
- spankracht (1)
Vraag 4 1 punt
Als Ward een duin beklimt, neemt zijn zwaarte-energie toe met 4200 J. In zijn lichaam zet hij daarvoor chemische energie om. Het rendement van de omzetting van chemische energie naar zwaarte- energie is 25%. Hoe groot is de chemische energie die Ward tijdens deze klim omzet?
Bekijk het antwoord
Antwoord: D
Vraag 5 3 punten
De kustrace wordt gehouden over een afstand van 41,2 km. Ward legt deze afstand af in een tijd van 1 uur en 45 minuten. Bereken zijn gemiddelde snelheid.
Bekijk het antwoord
- omrekenen van de tijd (1)
- gebruik van de formule vgem = s : t (1)
- rest van de berekening juist (1)
Ward draagt een fietshelm.
Vraag 6 1 punt
De fietshelm verkleint het risico op schade aan het hoofd bij een val. Wat is het effect van een fietshelm voor het hoofd bij een val?
Bekijk het antwoord
Antwoord: D
Vraag 7 1 punt
De fietshelm heeft een harde buitenkant en een zachte binnenkant. Noteer een veiligheidsvoorziening in een auto waarmee de zachte binnenkant van de fietshelm te vergelijken is.
Bekijk het antwoord
- voorbeelden van een juist antwoord: − airbag − kreukelzone (1)
Diktemeter
Om de dikte van een ijzeren voorwerp te kunnen meten, gebruik je een diktemeter. Op de afbeelding zie je de diktemeter op een ijzeren testplaatje
De diktemeter maakt gebruik van ultrasoon geluid. Dit is geluid boven de gehoorgrens van de mens.
Vraag 8 1 punt
Noteer vanaf welke frequentie er sprake is van ultrasoon geluid.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- 20.000 Hz / 20 kHz (1)
Vraag 9 2 punten
Een ijzeren staaf heeft een massa van 250 g. De dichtheid van het ijzer is 7,4 g/cm3. Bereken het volume van de staaf.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- gebruik van de formule ρ = m : V (1)
- rest van de berekening juist (1)
De diktemeter wordt gebruikt om de dikte van een andere ijzeren staaf te meten. Het uitgezonden signaal weerkaatst op de onderkant van de staaf.
Vraag 10 3 punten
Het uitgezonden signaal wordt na 1,6 ∙ 10–5 s ontvangen. De geluidssnelheid in ijzer is 5100 m/s. Bereken de dikte van de staaf.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- gebruik van de formule s = vgeluid x t (1)
- juist gebruik van de factor 2 (1)
- rest van de berekening juist (1)
Stoffen
Karel doet in een practicum onderzoek aan stoffen. Hij krijgt een granieten steen, een blokje zink en een blokje eikenhout.
Vraag 11 2 punten
De stoffen graniet, zink en eikenhout hebben verschillende dichtheden. Karel zoekt op of de voorwerpen kunnen drijven op water. Op de uitwerkbijlage staat een tabel over de voorwerpen. Zet in elke rij één kruisje in de juiste kolom.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- voorwerp zinkt zweeft drijft granieten steen X blokje zink X blokje eikenhout X indien drie rijen juist (2) indien twee rijen juist (1) indien een of geen rij juist (0) (2)
Vraag 12 2 punten
Karel bepaalt van elk voorwerp of het een geleider of een isolator is. Op de uitwerkbijlage staat een tabel over de voorwerpen. Zet in elke rij één kruisje in de juiste kolom.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- voorwerp geleider isolator granieten steen X blokje zink X blokje eikenhout X indien drie rijen juist (2) indien twee rijen juist (1) indien een of geen rij juist (0) (2)
Vraag 13 3 punten
Karel smelt het blokje zink. Op de uitwerkbijlage staan drie zinnen over het smelten. Maak elke zin compleet.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerkingen
- Het eerste scorepunt alleen toekennen als beide antwoorden juist zijn.
- Als de kandidaat een onjuiste waarde voor de temperatuur in K noteert maar die juist omrekent naar °C, voor deze vraag maximaal 2 scorepunten toekennen.
Waterkoker
Met een waterkoker kan je snel water heet maken om thee te zetten.
Vraag 14 2 punten
De buitenkant van de waterkoker is van kunststof. Noteer twee stofeigenschappen waarom bij deze toepassing voor kunststof is gekozen.
Bekijk het antwoord
Opmerking Als de kandidaat als antwoord geeft dat het een licht materiaal is, hiervoor geen scorepunt toekennen.
Je ziet een tabel met gegevens over het opwarmen van een hoeveelheid water.
tijd (min) 0,0 1,0 2,0 3,0 4,0 5,0 6,0 7,0 8,0
temperatuur (°C) 15 40 60 75 85 93 96 100 100
Vraag 15 3 punten
Zet in het diagram op de uitwerkbijlage alle meetpunten uit en teken de grafiek.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerkingen
- Als de kandidaat minder dan 2/3 van de verticale as heeft gebruikt, het eerste scorepunt niet toekennen.
- Als de kandidaat een enkel gegeven onjuist heeft geplaatst, dit niet aanrekenen.
Vraag 16 1 punt
Noteer na hoeveel minuten een temperatuur van 70 °C is bereikt.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- 2,60 (minuut) ≤ tijd ≤ 2,75 (minuut) (1)
Deze waterkoker kan worden ingesteld op verschillende eindtemperaturen.
Vraag 17 1 punt
Geef een reden waarom je de waterkoker niet op 120 °C kan instellen.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- Uit het antwoord moet blijken dat (vloeibaar) water niet warmer wordt dan 100 °C / dat het kookpunt van water 100 °C is. (1)
De waterkoker is aangesloten op de netspanning van 230 V.
Vraag 18 2 punten
Het maximale opgenomen vermogen van de waterkoker is 2500 W. Bereken de stroomsterkte bij maximaal vermogen.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- gebruik van de formule P = U x I (1)
- rest van de berekening juist (1)
Vraag 19 2 punten
Wanneer de waterkoker op de laagste stand is ingesteld, is de stroomsterkte 2,4 A. Bereken de weerstand in die situatie.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- gebruik van de formule R = U : I (1)
- rest van de berekening juist (1)
Hoverboard
Rick heeft een hoverboard. Het hoverboard heeft twee elektromotoren en een accu.
De accu van het hoverboard wordt opgeladen met een adapter. De transformator in de adapter zet de netspanning van 230 V om in een spanning van 36 V.
Vraag 20 2 punten
De primaire spoel van de transformator heeft 690 windingen. Bereken het aantal windingen van de secundaire spoel. Neem aan dat de transformator ideaal is.
Bekijk het antwoord
Opmerking Voor het toekennen van het eerste scorepunt hoeft het woord windingen of het symbool voor het aantal windingen niet te zijn genoteerd.
Vraag 21 1 punt
In de adapter zitten ook elektronica-componenten die de stroom maar in één richting doorlaten. Welke elektronica-component laat de stroom maar in één richting door?
Bekijk het antwoord
Antwoord: A
Vraag 22 2 punten
In het hoverboard zit een accu met een capaciteit van 4000 mAh. Rick kan het hoverboard 1,4 h gebruiken totdat de accu leeg is. Bereken de gemiddelde stroomsterkte.
Bekijk het antwoord
- gebruik van de formule C = I x t (1)
- rest van de berekening juist (1)
Accu (ont)laden
Een automotor wordt gestart met een startmotor. De startmotor is een elektromotor die zijn energie krijgt van een accu.
Vraag 23 2 punten
Als de sleutel in het contactslot wordt omgedraaid, schakelt een relais de startmotor in. Je ziet een vereenvoudigd schakelschema.
Bekijk het antwoord
- gelijk aan (1)
- groter dan (1)
De weerstand van de startmotor is veel kleiner dan de weerstand van de spoel van het relais. Op de uitwerkbijlage staan drie zinnen over deze schakeling. Omcirkel in de tweede en derde zin de juiste mogelijkheid.
Vraag 24 2 punten
De startmotor heeft een vermogen van 600 W. Als je de sleutel in het contactslot omdraait, loopt er 1,5 s een stroom door de startmotor. Bereken de energie die de startmotor in die tijd heeft omgezet.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- gebruik van de formule E = P x t (1)
- rest van de berekening juist (1)
Tijdens het rijden laadt een dynamo de accu op.
Vraag 25 2 punten
Op de uitwerkbijlage staan twee zinnen over de energieomzettingen tijdens het opladen. Maak elke zin compleet.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- elektrische (energie) (1)
- chemische (energie) (1)
Je ziet een vereenvoudigd schakelschema van het opladen van de accu. In dit schema zijn enkele elektronica-onderdelen genummerd.
Vraag 26 2 punten
Noteer in de tabel op de uitwerkbijlage het juiste nummer achter elk elektronica-onderdeel.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- elektronica-onderdeel nummer accu (2) condensator (3) dynamo (1) indien drie rijen juist (2) indien een of twee rij(en) juist (1) indien geen rij juist (0) (2)
Vraag 27 2 punten
Op de uitwerkbijlage staan enkele elektronica-onderdelen en hun functie in een schakeling. Trek op de uitwerkbijlage een lijn vanuit elk onderdeel naar de bijbehorende functie.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
onderdeel functie
accu O O snel opslaan van elektrische energie
langdurig opslaan van elektrische dynamo O energie
condensator O opwekken van elektrische energie
Verhuizing
Jos gaat op kamers wonen. Hij doet al zijn spullen in dozen.
De zwaartekracht op een van de gevulde dozen is 180 N.
Vraag 28 1 punt
Noteer de massa van deze doos.
Bekijk het antwoord
- (m =) 18 kg (1)
Vraag 29 3 punten
De bodem van de gevulde doos heeft de afmetingen 60 x 40 cm. Bereken de druk van de doos op de vloer.
Bekijk het antwoord
- noteren van de waarde van de oppervlakte ((2400 cm 2)) (1)
- gebruik van de formule p = F : A (1)
- rest van de berekening juist (1)
Vraag 30 2 punten
Jos tilt de doos op. Hij kan de doos op twee manieren optillen. Op manier 1 steunt de doos op de vingers van Jos. Op manier 2 steunt de doos op de hand van Jos.
Bekijk het antwoord
Opmerking Het tweede scorepunt alleen toekennen als beide keuzes juist zijn.
manier 1 manier 2
Op de uitwerkbijlage staan drie zinnen over het tillen op deze twee manieren. Omcirkel in elke zin de juiste mogelijkheid.
Vraag 31 2 punten
Jos zet twee verhuisdozen op een steekwagen en kantelt hem. Hij houdt de steekwagen bij het handvat in evenwicht. Je ziet een afbeelding van deze situatie.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerking Voor het toekennen van het eerste scorepunt hoeft het woord kracht of het symbool van (spier)kracht niet te zijn genoteerd.
Stemvorkgeluid
Tijdens de natuurkunde-les onderzoeken leerlingen met hun docente het geluid van een stemvork met klankkast.
stemvork oscilloscoop met klankkast
De docente slaat de stemvork aan.
Vraag 32 1 punt
Wat is de functie van de klankkast voor het geluid van de stemvork? De klankkast
Bekijk het antwoord
Antwoord: C
De toon van de stemvork wordt weergegeven op een oscilloscoop. De docente sluit hiervoor een geluidsontvanger aan op de oscilloscoop.
Vraag 33 1 punt
Welke geluidsontvanger gebruikt de docente?
Bekijk het antwoord
- microfoon / geluidssensor (1)
Vraag 34 3 punten
Je ziet een afbeelding van het oscilloscoopscherm vlak nadat de stemvork is aangeslagen.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
f = 444 Hz (antwoorden van 417 Hz tot en met 455 Hz goed rekenen)
Bereken de frequentie van de stemvork. Noteer ook de trillingstijd.
Vraag 35 2 punten
Op de uitwerkbijlage is het oscilloscoopbeeld nogmaals weergegeven. Schets in de afbeelding het oscilloscoopbeeld van de stemvork enkele seconden later.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- trillingstijd even groot (1)
- kleinere amplitude (1)
Het geluidsniveau van de stemvork is gemeten met een dB-meter. Vlak na het aanslaan van de stemvork is het geluidsniveau 76 dB.
Vraag 36 1 punt
In welke zone van gehoorgevoeligheid ligt dit geluid?
Bekijk het antwoord
Antwoord: B
Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen vmbo-kb Natuur- en scheikunde I 2022, tijdvak 1. Afbeeldingen en de exacte opmaak staan in het originele examen: https://www.examenblad.nl/2022/vmbo-kb/documenten/cse-1/kb-0173-a-22-1-o
Andere examens natuur- en scheikunde I vmbo-kb
Veelgestelde vragen
Hoeveel vragen heeft het eindexamen natuur- en scheikunde I vmbo-kb 2022, tijdvak 1?
Het centraal examen natuur- en scheikunde I vmbo-kb 2022, tijdvak 1 telt 36 vragen. De meeste vragen gaan over krachten en bewegen (10), elektriciteit (9) en licht en geluid (7).
Wat zijn de antwoorden van het examen natuur- en scheikunde I vmbo-kb 2022, tijdvak 1?
Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.
Waar vind ik het correctievoorschrift van natuur- en scheikunde I vmbo-kb 2022, tijdvak 1?
Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2022/vmbo-kb/documenten/cse-1/kb-0173-a-22-1-c).
Hoe oefen ik met het examen natuur- en scheikunde I vmbo-kb 2022, tijdvak 1 en krijg ik feedback?
Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.