Nakijken met AI voor Engels, Duits en Frans: grammatica, leesvaardigheid en schrijven

Bij een moderne vreemde taal beoordeel je soms de inhoud en soms juist de taal. Zo leg je dat verschil per vraag vast, zodat een AI-model een spelfout wel meetelt bij grammatica en niet bij tekstbegrip.

Per vak · door Daniël van Egdom, Oprichter ToetsChecker · · 5 min lezen

Kort antwoord

Bij Engels, Duits en Frans hangt de beoordeling af van wat je toetst. Bij grammatica en woordenschat is de exacte vorm het antwoord, en daar werk je het best met aanvulvragen waarin je per gat alle goede antwoorden noemt. Bij leesvaardigheid meet je begrip, en tellen taalfouten meestal niet mee. Bij schrijfvaardigheid beoordeel je op criteria met niveaus. De tekstherkenning neemt de spelling van de leerling ongewijzigd over, zodat een taalfout ook echt als taalfout beoordeeld kan worden.

In het kort
  • Leg per vraag vast of je de inhoud of de taal beoordeelt; dat bepaalt of een spelfout meetelt.
  • Grammatica en woordenschat werken het best als aanvulvraag met alle goede antwoorden per gat.
  • Bij leesvaardigheid beoordeel je begrip, ook als de leerling in het Nederlands antwoordt.
  • Schrijfopdrachten beoordeel je op criteria met niveaus, met markeringen in de tekst.

Bij de meeste vakken is een spelfout bijzaak. Bij een moderne vreemde taal is hij soms precies waar het om gaat. "He have" is bij een grammaticavraag fout, en bij een leesvaardigheidsvraag waarin de leerling laat zien dat hij de tekst begreep misschien niet eens de moeite van het noemen waard. Een AI-model kan dat onderscheid prima maken, maar alleen als het per vraag weet wat je meet.

Drie soorten vragen, drie manieren van beoordelen

Grammatica en woordenschat
De vorm is het antwoord. "Has lived" of "has been living" is goed, "have lived" niet. Hier telt elke letter.
Leesvaardigheid
Je meet of de leerling de tekst begrepen heeft. Taalfouten tellen meestal niet mee, zolang het antwoord eenduidig is.
Schrijfvaardigheid
Inhoud, samenhang, woordenschat en grammatica tellen allemaal mee, elk als apart criterium met niveaus.

Grammatica: noem elk goed antwoord

Een invuloefening kijk je het snelst en het eerlijkst na als aanvulvraag. Je zet de zin in het correctiemodel met gaten erin, en per gat de antwoorden die je goed rekent. De AI leest wat de leerling heeft ingevuld, en het vergelijken met jouw lijst gebeurt daarna vast, zonder interpretatie. Twee leerlingen met hetzelfde antwoord krijgen dus altijd dezelfde punten.

Voorbeeld: present perfect, 3 gaten van 1 punt.
ZinGoedNiet goed
She ___ (live) in Leeds since 2019.has lived, has been livinglived, is living, have lived
___ you ever ___ (be) to Scotland?Have ... beenDid ... be, Have ... gone
They ___ (not finish) their homework yet.haven't finished, have not finisheddidn't finish, don't finish

Het werk zit in de middelste kolom. Wie daar alleen het schoolboekantwoord zet, rekent een correcte variant fout. Denk aan samentrekkingen ("haven't" en "have not"), aan Brits en Amerikaans Engels ("colour" en "color"), en bij Duits aan de nieuwe en oude spelling als je die allebei accepteert. Bepaal ook of hoofdletters meetellen: bij een Duits zelfstandig naamwoord is dat vaak juist de bedoeling.

Leesvaardigheid: begrip, in welke taal ook

Veel secties laten open leesvaardigheidsvragen in het Nederlands beantwoorden, zodat je begrip meet en niet schrijfvaardigheid. Dat maakt voor het nakijken weinig uit: je beschrijft in het correctiemodel de kern van het goede antwoord, in welke taal de leerling ook schrijft. Zet er wel bij of een Engels antwoord ook goed is, en of een letterlijk overgeschreven zin uit de tekst telt.

Taalfouten tellen niet mee bij de leesvaardigheidsvragen, zolang het antwoord eenduidig is. Een antwoord in het Engels is ook goed. Een letterlijk overgeschreven zin uit de tekst telt alleen als de vraag om een citaat vraagt.

Voorbeeld van AI-context bij een leesvaardigheidstoets Engels

Schrijfvaardigheid: criteria met niveaus

Een e-mail, een opinion essay of een brief beoordeel je in ToetsChecker met de modus voor verslagen en schrijfopdrachten. Je legt criteria vast met niveaus, bijvoorbeeld afgestemd op het ERK-niveau dat je verwacht. Het AI-model kiest per criterium een niveau en zet markeringen in de tekst: sterke zinnen, verbeterpunten en fouten, elk met een korte toelichting die de leerling terugziet.

Voorbeeld van criteria voor een e-mail, havo 4 (streefniveau B1).
CriteriumOnder B1B1Boven B1
TaakuitvoeringEen of meer gevraagde punten ontbrekenAlle punten behandeldAlle punten, uitgewerkt en passend bij de lezer
SamenhangLosse zinnenAlinea's met eenvoudige verbindingswoordenVloeiende opbouw met gevarieerde verbanden
WoordenschatBeperkt, veel herhalingVoldoende voor het onderwerpGevarieerd en precies
GrammaticaFouten hinderen het begripFouten, maar de boodschap is duidelijkVrijwel foutloos, ook in complexere zinnen

Wat de tekstherkenning met een andere taal doet

Veelgestelde vragen

Telt de AI spelfouten mee bij Engels?

Alleen als jij dat aangeeft. Bij een aanvulvraag vergelijkt ToetsChecker het antwoord met jouw lijst goede antwoorden, dus daar telt elke letter. Bij open vragen zet je in de AI-context of taalfouten meetellen.

Kan ToetsChecker ook Duits en Frans nakijken?

Ja. De tekstherkenning en het AI-model werken met elke taal die leerlingen op school schrijven, inclusief accenten en speciale tekens. De spelling van de leerling wordt ongewijzigd overgenomen.

Hoe beoordeel ik een schrijfopdracht?

Met de modus voor verslagen en schrijfopdrachten. Je legt criteria met niveaus vast, bijvoorbeeld afgestemd op het ERK, en het AI-model kiest per criterium een niveau en zet markeringen in de tekst.

Wat als een leerling een variant schrijft die ook goed is?

Bij een open vraag herkent het AI-model gelijkwaardige formuleringen als je de kern van het antwoord beschrijft. Bij een aanvulvraag noem je elke variant die je goedrekent. Zie je er achteraf een die je vergat, voeg hem toe en kijk die vraag opnieuw na.

Daniël van Egdom

Daniël van EgdomOprichter ToetsChecker

Meer uit de kennisbank