Eindexamen economie vmbo-kb 2024, tijdvak 1: vragen en antwoorden
Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Retour Nederland, Lage inkomens in de problemen, Boer Bauer, Marokko, Reiskosten woon-werkverkeer, Personeelstekort.
Het centraal examen economie vmbo-kb 2024, tijdvak 1 loopt tot vraag 39. Van 38 vragen staat het onderwerp in de vragenbank. De meeste vragen gaan over productie en kosten (8), internationale handel (7) en arbeidsmarkt (7). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.
Onderwerpen in dit examen
| Onderwerp | Vragen | Aantal |
|---|---|---|
| Productie en kosten | 16, 28-30, 32, 37-39 | 8 |
| Internationale handel | 1-4, 23-25 | 7 |
| Arbeidsmarkt | 5-7, 17, 26, 35-36 | 7 |
| Inkomen en consumptie | 8, 12, 14, 21, 34 | 5 |
| Vraag en aanbod | 9-10, 15, 18 | 4 |
| Overheid en belastingen | 11, 13, 19-20 | 4 |
| Geld en inflatie | 22, 33 | 2 |
| Conjunctuur | 27 | 1 |
Vergeleken met andere jaren
Vergeleken met de andere 6 examens economie vmbo-kb sinds 2018: dit examen vroeg meer over overheid en belastingen (11% van de vragen, gemiddeld 2%) en vraag en aanbod (11% van de vragen, gemiddeld 3%). Minder over inkomen en consumptie (13% van de vragen, gemiddeld 25%) en internationale handel (18% van de vragen, gemiddeld 24%).
Opgaven en correctievoorschrift
De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.
Oefenen als leerling
Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen economie vmbo-kb 2024, tijdvak 1 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.
Nakijken als docent
Start gratis vanaf deze pagina
Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen economie vmbo-kb 2024, tijdvak 1 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.
Laat de klas het examen maken
Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.
Geef de resultaten vrij
Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.
ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.
Vragen en antwoorden
Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen economie vmbo-kb 2024, tijdvak 1. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.
Retour Nederland
Bij de beantwoording van de vragen in deze opgave moet je soms gebruikmaken van informatiebron 1 en 2 in de bijlage.
Peru is een ontwikkelingsland in Zuid-Amerika. Een groot deel van de Peruanen leeft onder de armoedegrens. Goud is het tweede exportproduct van het land.
Gebruik informatiebron 1.
Informatiebron 1: de waarde van de import en export van goederen van Peru in 2020
| export | import | |
|---|---|---|
| totaal goederen | $ 40,5 miljard | $ 34,7 miljard |
| kopererts | $ 9,23 miljard | |
| goud | $ 6,44 miljard |
Vraag 1 1 punt
Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen.
Doe het zo: Noteer de nummers (1), (2) en (3) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan.
Peru heeft in 2020 een ...(1)... (tekort / overschot) in de goederenhandel met het buitenland. De waarde van de ...(2)... (geëxporteerde / geïmporteerde) goederen is hoger dan de waarde van de ...(3)... (geëxporteerde / geïmporteerde) goederen.
Kaart van Zuid-Amerika met Peru gemarkeerd. Bekijk in Opgaven, pagina 2
Bekijk het antwoord
- (1) overschot
- (2) geëxporteerde
- (3) geïmporteerde
Vraag 2 1 punt
De laatste jaren is de wisselkoers van de Peruaanse munt sterk gedaald ten opzichte van de Amerikaanse dollar.
De buitenlandse handel van Peru neemt toe, doordat ...
Bekijk het antwoord
Antwoord: B
B
In 2020 was de gemiddelde goudprijs $ 56.000 per kilogram.
Gebruik informatiebron 1.
Vraag 3 1 punt
Bereken hoeveel kilogram goud Peru in 2020 heeft geëxporteerd. Schrijf je berekening op.
Bekijk het antwoord
voorbeeld van een juiste berekening:
\frac{\$ 6.440.000.000}{\$ 56.000} = 115.000 \text{ kilogram}
Vraag 4 1 punt
Jim d'Or uit Amsterdam is goudsmid. Hij doet mee aan een internationaal project in Peru. Zo kan Peru ook gouden sieraden gaan exporteren.
Leg uit dat Peru meer verdient aan de export van gouden sieraden dan aan de export van de grondstof goud.
Bekijk het antwoord
voorbeeld van een juiste uitleg:
De toegevoegde waarde van eindproducten is groter dan van grondstoffen.
Na afloop van het project wil Jim met zijn nieuwe Peruaanse vriendin terug naar Nederland. Arbeid en gezinsvorming zijn de belangrijkste motieven voor mensen om te emigreren.
Gebruik informatiebron 2.
Vraag 5 2 punten
Bereken het percentage immigranten dat in 2018 als motief arbeid had. Schrijf je berekening op.
Vlakkendiagram van de immigratiemotieven naar Nederland in 2008 en 2018, met de aantallen van 2018 per motief. Bekijk in Bijlage, pagina 2
Bekijk het antwoord
voorbeeld van een juiste berekening:
totaal: 57.830 + 51.540 + 32.585 + 12.855 + 36.250 = 191.060 immigranten
57.830 / 191.060 × 100% = 30,3%
Opmerking
Een andere manier van afronden niet fout rekenen.
Vraag 6 1 punt
Arbeid is een belangrijk immigratiemotief om naar Nederland te komen. Wat is het effect van de komst van immigranten op de Nederlandse arbeidsmarkt?
Bekijk het antwoord
Antwoord: D
D
Vraag 7 1 punt
Immigranten, zoals Duitsers en Polen, blijven korter in Nederland dan immigranten uit andere landen.
Duitsers en Polen kunnen relatief makkelijk in Nederland studeren of werken, want in de EU is sprake van een vrij verkeer van ...
Bekijk het antwoord
Antwoord: D
D
Lage inkomens in de problemen
Bij de beantwoording van de vragen in deze opgave moet je soms gebruikmaken van informatiebron 3 en 4 in de bijlage.
Mikasa leeft met haar gezin van een bijstandsuitkering. Het gezin heeft veel moeite om rond te komen. Nu de energieprijzen sterk zijn gestegen, voorziet zij grote financiële problemen.
Vraag 8 1 punt
Welke inkomensvorm is een bijstandsuitkering?
Foto van een spaarvarken met bankbiljetten en een meter. Bekijk in Opgaven, pagina 4
Bekijk het antwoord
Antwoord: C
C
Vraag 9 2 punten
Het energieverbruik van het gezin bestaat uit gas- en stroomverbruik. Elke maand betalen ze een voorschot aan de energiemaatschappij met een automatische bankafschrijving.
Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen.
Doe het zo: Noteer de nummers (1), (2) en (3) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan.
Betaling van het voorschot is een ...(1)... (directe / indirecte) ruil. Het maandelijkse voorschot is een ...(2)... (dagelijkse huishoudelijke uitgave / vaste last / incidentele uitgave). De automatische bankafschrijving is een ...(3)... (chartale / girale) betaling.
Bekijk het antwoord
- (1) indirecte
- (2) vaste last
- (3) girale
Mikasa heeft de jaarafrekening 2021 gekregen van de energiemaatschappij. Daarop staat het verbruik aan gas en stroom, en of ze dit jaar moeten bijbetalen.
In 2022 worden de prijzen: stroom € 0,50 per kWh en gas € 1,25 per m³.
Gebruik informatiebron 3.
Informatiebron 3: jaaroverzicht energiekosten 2021, bedragen inclusief btw
| verbruik | tarief | bedrag | |
|---|---|---|---|
| verbruik stroom: verbruikskosten | 3.500 kWh | € 0,22 | € 770 |
| verbruik gas: verbruikskosten | 1.500 m3 | € 0,73 | € 1.095 |
| leveringskosten: vaste leveringskosten | € 250 | ||
| totale energiekosten inclusief btw: | € 2.115 |
Vraag 10 2 punten
Bereken hoeveel het gezin in euro's in 2022 meer betaalt aan energie. Het verbruik en de vaste kosten blijven gelijk. Schrijf je berekening op.
Bekijk het antwoord
voorbeeld van een juiste berekening:
3.500 \times (\text{€ }0{,}50 - \text{€ }0{,}22) = \text{€ }980
1.500 \times (\text{€ }1{,}25 - \text{€ }0{,}73) = \text{€ }780
totaal: € 980 + € 780 = € 1.760
Volgens Mikasa heeft de overheid voordeel van de stijgende energieprijzen.
Gebruik informatiebron 3.
Vraag 11 1 punt
Leg uit dat de inkomsten van de overheid toenemen als de energieprijzen stijgen.
Bekijk het antwoord
voorbeeld van een juiste uitleg:
De overheid int btw / belasting over de energieprijs. Hoe hoger de energieprijs, des te meer btw / belasting de overheid ontvangt.
De overheid gaat de gestegen energieprijzen voor huishoudens met lage maandinkomens compenseren met een energietoeslag.
Gebruik informatiebron 4.
Informatiebron 4: informatie energietoeslag
De energieprijzen zijn enorm gestegen. Er is geld beschikbaar gesteld om mensen met een laag inkomen te helpen.
Alle huishoudens met een inkomen dat lager is dan 125% van het sociaal minimum krijgen een energietoeslag van € 800.
De gemeente betaalt dat bedrag vanaf oktober 2022.
Sociaal minimum gezin in 2022 per maand: € 1.725
Vraag 12 1 punt
Bereken hoeveel het maandinkomen maximaal mag zijn, als Mikasa in aanmerking wil komen voor de energietoeslag. Schrijf je berekening op.
Bekijk het antwoord
voorbeeld van een juiste berekening:
\frac{\text{€ }1.725}{100} \times 125 = \text{€ }2.156{,}25
Vraag 13 1 punt
De betaling van de energietoeslag vindt plaats in de maand oktober. Mikasa vindt dit veel te laat voor mensen met een laag inkomen.
Leg uit dat het voor mensen met een laag inkomen beter zou zijn om de toeslag elke maand te ontvangen in plaats van in een keer in oktober 2022.
Bekijk het antwoord
voorbeeld van een juiste uitleg:
Mensen met een laag inkomen hebben meestal onvoldoende financiële reserve om zelf de prijsstijging tot oktober op te kunnen vangen.
Vraag 14 1 punt
Mikasa wil besparen op het energieverbruik, maar ze heeft geen geld voor energiebesparende investeringen.
Noteer twee tips voor Mikasa om te besparen op energieverbruik, zonder dat zij energiebesparende investeringen hoeft te doen.
Bekijk het antwoord
voorbeelden van juiste tips:
- korter douchen
- apparaten/verlichting niet onnodig aanzetten
- thermostaat (eerder) lager zetten
Boer Bauer
Bij de beantwoording van de vragen in deze opgave moet je soms gebruikmaken van informatiebron 5 in de bijlage.
In de afgelopen jaren is het aantal varkensboeren in Nederland sterk afgenomen. Dit komt door de steeds strengere milieueisen waaraan deze boerderijen moeten voldoen. Ook varkensboer Jan Bauer wil stoppen met zijn bedrijf.
Vraag 15 2 punten
Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen.
Doe het zo: Noteer de nummers (1) en (2) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan.
Door de strengere milieueisen moet Bauer investeren in nieuwe machines op zijn boerderij, waardoor de ...(1)... (afschrijvingskosten / loonkosten / maatschappelijke kosten) voor Bauer stijgen. De overheid stelt deze strenge milieueisen vast om de overlast voor de omgeving te beperken, waardoor de ...(2)... (bedrijfskosten / maatschappelijke kosten) dalen.
Bekijk het antwoord
- (1) afschrijvingskosten
- (2) maatschappelijke kosten
Terwijl het aantal varkensboeren daalde, steeg het gemiddeld aantal varkens per boerderij. De varkensboeren die overbleven gingen dus meer varkens houden.
Gebruik informatiebron 5.
Informatiebron 5: overzicht aantal varkens en varkensboerderijen
| jaren | totaal aantal varkens (× 1.000.000) | totaal aantal varkensboerderijen |
|---|---|---|
| 2010 | 12,25 | 7.000 |
| 2015 | 12,6 | 5.000 |
| 2020 | 12,24 | 3.400 |
Vraag 16 2 punten
In 2010 hadden varkensboeren gemiddeld 1.750 varkens per boerderij.
Bereken de procentuele stijging van het gemiddeld aantal varkens per boerderij in 2020, ten opzichte van 2010. Schrijf je berekening op.
Bekijk het antwoord
voorbeeld van een juiste berekening:
\text{2020: } \frac{12.240.000}{3.400} = 3.600 \text{ varkens per boerderij}
\frac{3.600 - 1.750}{1.750} \times 100\% = 106\%
Opmerking
Een andere manier van afronden niet fout rekenen.
Vraag 17 1 punt
De werkgelegenheid in Nederland neemt af doordat varkensboeren, zoals Bauer, stoppen met hun varkensboerderijen.
Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen.
Doe het zo: Noteer de nummers (1) en (2) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan.
Doordat varkensboeren stoppen met produceren ontstaat er ...(1)... (conjuncturele / structurele) werkloosheid. Tegelijkertijd is de vraag naar varkensvlees in Nederland gedaald, hierdoor ontstaat ...(2)... (conjuncturele / structurele) werkloosheid.
Bekijk het antwoord
- (1) structurele
- (2) conjuncturele
Boer Bauer merkte in de laatste jaren al dat de vraag naar varkensvlees in Nederland daalde. Dat was voor hem ook een reden om te stoppen als varkensboer.
Vraag 18 1 punt
Hieronder staan vijf economische verschijnselen:
- 1 de vraag naar varkensvlees daalt
- 2 de prijs van varkensvlees daalt
- 3 de opbrengsten voor Bauer dalen
- 4 de winst voor Bauer daalt
- 5 Bauer stopt met het produceren van varkensvlees
In welke regel staan deze verschijnselen zo, dat een logische gedachtegang ontstaat?
Foto van een varken. Bekijk in Opgaven, pagina 7
Bekijk het antwoord
Antwoord: A
A
De overheid biedt varkensboeren die willen stoppen een subsidie. Met de subsidie kunnen ze een ander bedrijf starten. De overheid heeft hiervoor in totaal € 180 miljoen beschikbaar.
Gebruik informatiebron 5.
Vraag 19 2 punten
Per varkensboer is er een subsidie beschikbaar van € 58.000.
Bereken of het budget van € 180 miljoen subsidie voldoende is om alle boeren, die in de afgelopen 10 jaar zijn gestopt, een subsidie te verlenen. Schrijf je berekening en conclusie op.
Bekijk het antwoord
voorbeelden van een juiste berekening:
Er zijn 7.000 − 3.400 = 3.600 boeren gestopt.
3.600 \times \text{€ }58.000 = \text{€ }208.800.000
Er is te weinig subsidie.
of
\frac{\text{€ }180.000.000}{7.000 - 3.400} = \text{€ }50.000 \text{ per boer}
en dat is minder dan € 58.000, de subsidie is ontoereikend.
Vraag 20 1 punt
Volgens de subsidieregeling krijgen de varkensboeren de subsidie alleen als ze hun boerderij gaan gebruiken voor een milieuvriendelijke productie.
Geef een reden voor de overheid om deze subsidie te geven.
Bekijk het antwoord
voorbeelden van een juiste reden:
De overheid geeft de subsidie:
- om te bevorderen dat Bauer begint met andere, milieuvriendelijke productie.
- om te voorkomen dat Bauer werkloos wordt. In dat geval ontvangt hij een sociale uitkering (ten laste van de overheid).
Marokko
Bij de beantwoording van de vragen in deze opgave moet je soms gebruikmaken van informatiebron 6 in de bijlage.
Marokko is een land in het noordwesten van Afrika. Het land heeft een bovengemiddelde economische groei en is daarmee inmiddels de zesde economie van Afrika.
In 2021 bedroeg het nationaal inkomen van Marokko € 100,38 miljard. Het land had toen 35 miljoen inwoners. In Nederland was in datzelfde jaar het nationaal inkomen per hoofd van de bevolking € 47.800.
Vraag 21 1 punt
Bereken het nationaal inkomen per hoofd van de bevolking van Marokko in 2021. Schrijf je berekening op.
Kaart van Marokko en de omliggende landen. Bekijk in Opgaven, pagina 8
Bekijk het antwoord
voorbeeld van een juiste berekening:
\frac{\text{€ }100{,}38 \text{ miljard}}{35 \text{ miljoen}} = \text{€ }2.868
Vraag 22 1 punt
Het inkomen per hoofd van de bevolking is in Nederland veel hoger dan in Marokko. Toch is het verschil in koopkracht tussen Nederland en Marokko kleiner dan je zou verwachten.
Wat kan hiervan de oorzaak zijn?
Bekijk het antwoord
Antwoord: B
B
Er is een groot verschil tussen de exportwaarde en de importwaarde van Marokko.
Gebruik informatiebron 6.
Informatiebron 6: export- en importgegevens van Marokko in 2021
| totale exportwaarde | € 28 miljard |
| totale importwaarde | € 42 miljard |
| export van auto's | € 3,32 miljard |
Vraag 23 1 punt
Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen.
Doe het zo: Noteer de nummers (1) en (2) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan.
De betalingsbalans van Marokko heeft een ...(1)... (negatief / positief) saldo. Dit betekent dat de waarde van de export ...(2)... (groter / kleiner) is dan de waarde van de import.
Bekijk het antwoord
- (1) negatief
- (2) kleiner
Vraag 24 1 punt
De snelle economische groei van Marokko heeft te maken met de ligging van Marokko ten opzichte van Europa en de rest van Afrika.
Leg uit dat deze ligging van Marokko kan leiden tot een snelle economische groei.
Bekijk het antwoord
voorbeelden van een juiste uitleg:
- Europese bedrijven die goedkoop willen produceren, vinden dicht bij Europa een land met lage (loon)kosten.
- Goederen die geëxporteerd worden van Europa naar Afrika kunnen gemakkelijk verhandeld worden via Marokko.
Vraag 25 1 punt
Er worden al sinds 1966 auto's in Marokko gemaakt. De autoproductie steeg enorm toen het Franse Renault er in 2012 een tweede autofabriek opende. Renault werd gelokt door miljardeninvesteringen van de Marokkaanse overheid in de infrastructuur.
Leg uit dat voor Renault een goede infrastructuur belangrijk is.
Bekijk het antwoord
voorbeeld van een juiste uitleg:
Renault is voor de aanvoer van materialen en het vervoer van de auto's afhankelijk van goede verbindingen (zoals wegen, spoor, havens).
Renault heeft in Marokko zo'n 11.000 mensen in dienst. De werkgelegenheid die ontstaat door de aanwezigheid van Renault is echter veel groter dan deze 11.000 banen.
Vraag 26 1 punt
Verklaar dat de werkgelegenheid in Marokko door de aanwezigheid van Renault groter is dan de 11.000 banen bij Renault zelf.
Foto van een monteur die aan de motor van een auto werkt. Bekijk in Opgaven, pagina 9
Bekijk het antwoord
voorbeeld van een juiste verklaring:
Er zijn veel toeleveringsbedrijven die zich in de buurt van de Renaultfabrieken hebben gevestigd. Dat levert ook werkgelegenheid op.
De investeringen in de infrastructuur door de Marokkaanse overheid hebben veel geld gekost. In de toekomst verwacht men dat de inkomsten van de Marokkaanse overheid als gevolg van deze investeringen kunnen gaan stijgen.
Vraag 27 1 punt
Hieronder staan drie economische verschijnselen:
- 1 De belastingopbrengsten in Marokko stijgen.
- 2 De inkomens van Marokkaanse inwoners stijgen.
- 3 De werkloosheid in Marokko daalt.
In welke regel staan deze verschijnselen zo, dat een logische gedachtegang ontstaat?
Bekijk het antwoord
Antwoord: C
C
Reiskosten woon-werkverkeer
Bij de beantwoording van de vragen in deze opgave moet je soms gebruikmaken van informatiebron 7 in de bijlage.
Annabel is verpleegkundige en gaat met de auto naar haar werk. Ze is niet blij nu de benzineprijzen flink zijn gestegen. Ze krijgt van haar werkgever geen hogere vergoeding voor de gemaakte reiskosten.
Vraag 28 2 punten
Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen.
Doe het zo: Noteer de nummers (1), (2) en (3) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan.
Een auto is een ...(1)... (gebruiksgoed / verbruiksgoed). De noodzakelijke benzine voor de auto is een ...(2)... (schaars / zeldzaam) goed. Op weg naar haar werk maakt zij ...(3)... (geen / wel) gebruik van collectieve voorzieningen.
Bekijk het antwoord
- (1) gebruiksgoed
- (2) schaars
- (3) wel
Vraag 29 2 punten
Annabel heeft een zuinige benzineauto die 1 liter benzine verbruikt voor 20 kilometer. Om de benzinekosten overzichtelijk te houden, tankt zij elke keer voor € 60. De literprijs van benzine is gestegen van € 1,60 naar € 2,40.
Bij de prijs van € 1,60 kon zij 750 kilometer rijden als ze voor € 60 getankt had.
Bereken hoeveel kilometer ze kan rijden voor € 60 nu de prijs van benzine is gestegen naar € 2,40. Schrijf je berekening op.
Bekijk het antwoord
voorbeeld van een juiste berekening:
\frac{\text{€ }2{,}40}{20} = \text{€ }0{,}12 \text{ per km}
\frac{\text{€ }60}{\text{€ }0{,}12} = 500 \text{ km}
Vraag 30 1 punt
Annabel werkt 5 dagen per week en rijdt hiervoor 30 kilometer per dag. Van haar werkgever krijgt zij een vergoeding voor de gemaakte reiskosten van € 0,19 per kilometer. De werkelijke autokosten per kilometer bedragen € 0,49 per gereden kilometer.
Bereken hoeveel euro ze wekelijks niet vergoed krijgt. Schrijf je berekening op.
Bekijk het antwoord
voorbeeld van een juiste berekening:
(\text{€ }0{,}49 - \text{€ }0{,}19) \times 30 \times 5 = \text{€ }45
Annabel vraagt zich af of er alternatieven zijn voor haar woon- werkverkeer.
Een goed alternatief zou een snelle e-bike kunnen zijn: de zogenaamde speed-pedelec. Deze fiets moet dan aan een aantal eisen voldoen.
Annabels eisen aan de speed-pedelec:
| maximumprijs | € 5.000 |
| gewicht | maximaal 27 kg |
| actieradius | meer dan 75 km |
| laadtijd | maximaal 7 uur |
| motor | midden |
Gebruik informatiebron 7.
Informatiebron 7: vergelijkend warenonderzoek speed-pedelec
| merk | prijs | gewicht in kg | actieradius in km | laadtijd | motor |
|---|---|---|---|---|---|
| Fast Bike Speed | € 4.900 | 26 | 70 km | 4 uur | midden |
| Gezelle Spido | € 4.800 | 28 | 80 km | 5 uur | midden |
| Kleaver Speed | € 4.950 | 26 | 80 km | 6 uur | midden |
| Stroomer Sport | € 5.100 | 25 | 100 km | 4 uur | achter |
| Racing 450 | € 4.300 | 24 | 60 km | 4 uur | midden |
Vraag 31 1 punt
Welke speed-pedelec voldoet het best aan haar eisen?
Bekijk het antwoord
Antwoord: C
C
Vraag 32 1 punt
Annabel berekent de afschrijving per kilometer van de speed-pedelec. Op welke manier wordt de afschrijving per kilometer berekend?
Bekijk het antwoord
Antwoord: A
A
Vraag 33 1 punt
Bij de fietsenwinkel kan ze de fiets ook kopen op basis van koop op afbetaling of huurkoop. In welke regel staat een juist verschil tussen koop op afbetaling en huurkoop?
Bekijk het antwoord
Antwoord: B
B
Vraag 34 1 punt
Annabel koopt de speed-pedelec om dagelijks naar haar werk te gaan. De auto houdt ze voor langere afstanden.
Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen.
Doe het zo: Noteer de nummers (1) en (2) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan.
De dagelijkse uitgaven aan de auto zullen ...(1)... (dalen / gelijk blijven / stijgen) en de vaste lasten voor de auto zullen ...(2)... (dalen / gelijk blijven / stijgen).
Bekijk het antwoord
- (1) dalen
- (2) gelijk blijven
Personeelstekort
Bij de beantwoording van de vragen in deze opgave moet je soms gebruikmaken van informatiebron 8 in de bijlage.
Restauranteigenaar Ayla heeft een probleem. Zij kan heel moeilijk personeel vinden. Ze is niet de enige. De hele horecasector heeft dit probleem.
Vraag 35 2 punten
In de horeca is sprake van personeelstekort.
Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen.
Doe het zo: Noteer de nummers (1) en (2) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan.
Van personeelstekort is sprake als het aanbod van arbeid ...(1)... (groter / kleiner) is dan de vraag naar arbeid. Er is dan sprake van een ...(2)... (krappe / ruime) arbeidsmarkt.
Bekijk het antwoord
- (1) kleiner
- (2) krappe
Door personeelstekort staan er minder tafels op haar terras. De afzet is hierdoor gedaald met 15%.
Gebruik informatiebron 8.
Informatiebron 8: financiële gegevens per maand, voor het personeelstekort
| afzet | gemiddelde verkoopprijs | gemiddelde inkoopprijs | |
|---|---|---|---|
| menu's | 3.500 | € 29 | € 15 |
| drankjes | 10.000 | € 3,50 | € 1,50 |
Vraag 36 2 punten
Bereken hoeveel omzet per maand het restaurant gemiddeld misloopt door het personeelstekort. Schrijf je berekening op.
Bekijk het antwoord
voorbeeld van een juiste berekening:
gemiste afzet menu's: 0,15 × 3.500 = 525
gemiste afzet drankjes: 0,15 × 10.000 = 1.500
525 × € 29 = € 15.225
1.500 × € 3,50 = € 5.250
gemiste omzet € 15.225 + € 5.250 = € 20.475
Ayla is op zoek naar een oplossing voor het personeelstekort. Ze zou een hoger uurloon kunnen betalen om nieuw personeel aan te trekken. Maar ze denkt dat daardoor de afzet van het restaurant kan dalen.
Vraag 37 1 punt
Een hoger uurloon kan nadelige gevolgen hebben voor de afzet. Hieronder staan drie economische verschijnselen.
- 1 de totale bedrijfskosten stijgen
- 2 de loonkosten stijgen
- 3 de verkoopprijzen stijgen
In welke regel staan deze verschijnselen zo, dat een logische gedachtegang ontstaat?
Bekijk het antwoord
Antwoord: C
C
Er zijn ook QR-bestelsystemen, waarbij de gasten met hun eigen telefoon van een digitale menukaart bestellen. De gast scant een QR-code, kan zelf bestellen en betalen.
Vraag 38 1 punt
Door invoering van een QR-bestelsysteem wordt het werk in het restaurant ...
QR-code. Bekijk in Opgaven, pagina 15
Bekijk het antwoord
Antwoord: D
D
Het QR-bestelsysteem kost Ayla's restaurant € 2.160 per jaar. In de praktijk blijkt dat gasten meer drankjes bestellen dan bij gewone bediening.
Gebruik informatiebron 8.
Vraag 39 1 punt
Bereken het aantal drankjes dat per jaar extra moet worden verkocht om deze € 2.160 terug te verdienen. Schrijf je berekening op.
Bekijk het antwoord
voorbeeld van een juiste berekening:
\frac{\text{€ }2.160}{\text{€ }3{,}50 - \text{€ }1{,}50} = 1.080 \text{ drankjes}
Vraag 40 1 punt
Volgens Ayla zullen er ook gasten zijn die niet blij worden van het QR-bestelsysteem.
Geef een voorbeeld van een groep gasten die minder blij zal zijn met een QR-bestelsysteem. Leg je antwoord uit.
Bekijk het antwoord
voorbeelden van een juist antwoord:
- gasten (bijvoorbeeld ouderen), die digitaal minder vaardig zijn: zij zijn minder in staat om een bestelling te doen
- gasten die persoonlijke service belangrijk vinden: deze manier van verkoop is erg onpersoonlijk
- gasten zonder (mobiele) telefoon: zij zullen een ander terras opzoeken
Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen vmbo-kb Economie 2024, tijdvak 1. Figuren en de exacte opmaak staan in het originele examen.
Andere examens economie vmbo-kb
Hoe ToetsChecker economie per vraagtype nakijkt, lees je op economie toetsen nakijken met AI.
Veelgestelde vragen
Hoeveel vragen heeft het eindexamen economie vmbo-kb 2024, tijdvak 1?
Het centraal examen economie vmbo-kb 2024, tijdvak 1 loopt tot vraag 39. Van 38 vragen staat het onderwerp in de vragenbank. De meeste vragen gaan over productie en kosten (8), internationale handel (7) en arbeidsmarkt (7).
Wat zijn de antwoorden van het examen economie vmbo-kb 2024, tijdvak 1?
Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.
Waar vind ik het correctievoorschrift van economie vmbo-kb 2024, tijdvak 1?
Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2024/vmbo-kb/documenten/cse-1/kb-0233-a-24-1-c).
Hoe oefen ik met het examen economie vmbo-kb 2024, tijdvak 1 en krijg ik feedback?
Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.