Eindexamen bedrijfseconomie havo 2021, tijdvak 2: vragen en antwoorden
Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Opgave 1, Opgave 2, Opgave 3, Opgave 4, Opgave 5, Opgave 6.
Het centraal examen bedrijfseconomie havo 2021, tijdvak 2 loopt tot vraag 27. Van 17 vragen staat het onderwerp in de vragenbank. De meeste vragen gaan over financiering (6), balans en resultatenrekening (4) en personeel en organisatie (3). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.
Onderwerpen in dit examen
| Onderwerp | Vragen | Aantal |
|---|---|---|
| Financiering | 5-6, 8-10, 13 | 6 |
| Balans en resultatenrekening | 15-18 | 4 |
| Personeel en organisatie | 1-3 | 3 |
| Marketing | 25-27 | 3 |
| Investeren | 7 | 1 |
Vergeleken met andere jaren
Vergeleken met de andere 13 examens bedrijfseconomie havo sinds 2021: dit examen vroeg meer over financiering (35% van de vragen, gemiddeld 22%) en marketing (18% van de vragen, gemiddeld 9%). Minder over kostprijs en break-even (0% van de vragen, gemiddeld 17%).
Opgaven en correctievoorschrift
De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.
Oefenen als leerling
Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen bedrijfseconomie havo 2021, tijdvak 2 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.
Nakijken als docent
Start gratis vanaf deze pagina
Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen bedrijfseconomie havo 2021, tijdvak 2 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.
Laat de klas het examen maken
Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.
Geef de resultaten vrij
Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.
ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.
Vragen en antwoorden
Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen bedrijfseconomie havo 2021, tijdvak 2. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.
Opgave 1
Bij het ontslagrecht wordt onderscheid gemaakt tussen: I ontslag om bedrijfseconomische redenen II ontslag wegens niet goed functioneren III ontslag op staande voet wegens dringende redenen.
Een ondernemer kan een werknemer ontslaan om verschillende redenen, zoals: a werkvermindering b bedrijfsverhuizing c de werknemer komt vaak te laat d de werkrelatie met collega’s is slecht e de werknemer verschijnt dronken op de werkvloer f de onderneming ontvangt geen loonkostensubsidie meer.
Vraag 1 3 punten
Geef bij elk type ontslag (I, II of III) aan welke reden/redenen (a tot en met f) daarbij hoort/horen. Noteer het antwoord als volgt: I : …….. II: …….. III: ……..
Bekijk het antwoord
- I : a, b, f II: c, d III: e indien zes antwoorden goed (3) indien vijf of vier antwoorden goed (2) indien minder dan vier antwoorden goed (1) (3)
Wegens bedrijfseconomische redenen zullen in een onderneming werknemers ontslagen worden. Hierbij wordt uitgegaan van het afspiegelingsbeginsel.
Het afspiegelingsbeginsel
Bij ontslag om bedrijfseconomische redenen wordt de volgorde van ontslagen bepaald door het door de overheid voorgeschreven afspiegelingsbeginsel. Het afspiegelingsbeginsel houdt in: per functie (bijvoorbeeld bij de functie administratief medewerker of bij de functie onderhoudsmedewerker) wordt het personeel in leeftijdsgroepen (bijvoorbeeld 15 - 25 jaar; 25 - 35 jaar; 35 - 45 jaar; 45 - 55 jaar; 55 jaar en ouder) ingedeeld. Vervolgens wordt per functie en per leeftijdsgroep de werknemer met het kortste dienstverband als eerste voor ontslag voorgedragen door de werkgever.
Vraag 2 2 punten
Noem een voordeel voor de onderneming van ontslag volgens het afspiegelingsbeginsel. Licht het antwoord toe.
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
- De werkgever hoeft niet specifiek te motiveren waarom hij een bepaalde werknemer voordraagt voor opzegging en anderen niet (1p)
- Dit voorkomt discussies met de ontslagen werknemers (1p)
of
- Bij de ontslagkeuze spelen persoonlijke voorkeur of functioneren geen rol: de ontslagvolgorde is dwingend voorgeschreven door de ontslagregels (1p)
- Dit maakt de acceptatie van het ontslag door de werknemer soms makkelijker. Dit voorkomt discussies met de ontslagen werknemers (1p)
Ontslagen werknemers hebben recht op een financiële vergoeding bij ontslag: een transitievergoeding van de werkgever. De overheid heeft de transitievergoeding verlaagd: de berekeningswijze van de transitievergoeding is voor werknemers vanaf 1 januari 2020 ongunstiger dan vóór 1 januari 2020.
Vraag 3 1 punt
Welk gevolg kan de verlaging van de transitievergoeding hebben voor het personeelsbeleid van een werkgever in het algemeen na 1 januari 2020 vergeleken met dat van vóór 1 januari 2020?
Bekijk het antwoord
- Voorbeelden van een juist antwoord zijn: − Een werkgever zal een werknemer makkelijker ontslaan, omdat het minder financiële consequenties heeft. − Een werkgever zal (nieuw) personeel eerder een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd aanbieden, omdat er een kleiner financieel risico is bij ontslag. (1)
Opgave 2
Bij deze opgave horen de informatiebronnen 1 tot en met 4.
In deze opgave blijft de btw buiten beschouwing.
Robin Vermeer wil een woning kopen.
Vraag 4 2 punten
Geef twee voordelen voor de consument van het kopen van een woning ten opzichte van het huren van een woning. Betrek in het antwoord zowel het kopen als het huren.
Bekijk het antwoord
- Voorbeelden van juiste antwoorden zijn: − lagere maandlasten vergeleken met de hoge huren in de private sector − meer invloed op de duur van het koopproces vergeleken met de lange wachtlijsten in de sociale huursector − opbouw van vermogen doordat de waarde van de koopwoning kan stijgen De waardestijging van de huurwoning valt toe aan de verhuurder. − belastingvoordeel op hypotheekinterest De huur is geen fiscale aftrekpost. − Bij een koophuis kan je als bewoner verbouwen/aanbouwen/bijbouwen naar eigen wens en smaak, bij huur is dat afhankelijk van toestemming / financiering van de verhuurder. per juist antwoord (1) (2)
De huizenprijzen zijn de afgelopen jaren flink gestegen. Om meer kans te maken op de koopwoningmarkt, wil ze samen met haar beste vriendin Floor Oosterwind per 1 januari 2021 een woning kopen. Robin en Floor hebben een woning te koop zien staan met een vraagprijs van € 359.500 inclusief kosten koper. Ze gaan in overleg met een bank onderzoeken of ze de aankoop ervan kunnen financieren. De bank financiert maximaal 100% van de aankoopprijs. Floor en Robin moeten de kosten koper en andere aankoopkosten uit eigen middelen financieren.
Om het maximaal te lenen hypotheekbedrag vast te kunnen stellen, bepaalt de bank eerst het toetsinkomen op basis van de inkomensgegevens die Robin en Floor hebben aangeleverd. Daarna moeten Robin en Floor de volgende stappen zetten:
1 onderzoeken of ze voldoende eigen middelen hebben om de extra kosten te financieren
2 besluiten tot aankoop van de woning
3 de hypothecaire lening aanvragen bij een bank
4 de bank aantonen dat de continuïteit van het inkomen voldoende zeker is
5 de gewenste aflossingsvorm van de hypothecaire lening kiezen.
Toetsinkomen en maximale hypothecaire lening
Het inkomen van Robin bestaat uit loon en alimentatie uit een vorige relatie. Haar arbeidscontract is opgenomen in informatiebron 2. De partneralimentatie bedraagt jaarlijks € 11.400. Robin staat op haar rekening-courantkrediet € 1.000 rood. Robin heeft geen andere schulden. Floor is zelfstandig ondernemer. Floor heeft geen privéschulden. De inkomensgegevens van Floor als zelfstandig ondernemer staan in informatiebron 3.
Vraag 5 5 punten
Bereken het gezamenlijke toetsinkomen van Robin en Floor over het jaar 2020. Vul hiervoor de uitwerkbijlage bij deze vraag in.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
getallen x € 1 Robin Floor jaarinkomen uit dienstverband 35.164,80 overige inkomsten 11.400,00 gemiddeld jaarinkomen zelfstandige 46.000 totaal 46.564,80 46.000 gezamenlijk toetsinkomen 78.764,80
Berekeningen:
jaarinkomen uit (32) salaris: 3.300 x ( ) x 12 = 31.680 dienstverband (40) salaris inclusief vakantiegeld en eindejaarsuitkering: 31.680 x (1 + 0,08 + 0,03) = 35.164,80 overige inkomsten gemiddeld jaarinkomen 41.000 + 47.000 + 50.000 = 46.000 zelfstandige (3) gezamenlijk toetsinkomen 46.564,80 + (0,7 x 46.000) = 78.764,80
Na onderhandeling komen Robin en Floor met de verkoper een aankoopprijs van € 350.000 exclusief kosten koper overeen. Ze kopen de woning onder voorbehoud van financiering.
Vraag 6 2 punten
Toon aan dat € 350.000 door Robin en Floor hypothecair geleend kan worden (zie informatiebron 1).
Bekijk het antwoord
- a: 78.764,80 x 4,5 = 354.441,60 b: 1.000 x 4 = 4.000 (1)
- c: 354.441,60 – 4.000 = 350.441,60 (> 350.000) (1)
Eigen middelen
De eigen middelen die moeten worden ingebracht, zijn nodig om de kosten koper en andere aankoopkosten te betalen (zie informatiebron 4).
Vraag 7 3 punten
Bereken de kosten koper en andere aankoopkosten voor de woning die Robin en Floor willen kopen.
Bekijk het antwoord
- 0,02 x 350.000 = 7.000,00 0,015 x 359.500 = 5.392,50 (1)
- 0,12 x (359.500 – 350.000) = 1.140,00 (1)
- 1.200 + 2.600 + 500 + 450 = 4.750,00 € 18.282,50 (1)
Robin heeft € 10.000 aan liquide middelen beschikbaar. Floor kan ook over eigen liquide middelen beschikken (zie informatiebron 3).
Vraag 8 2 punten
Toon aan met een berekening of Robin en Floor de kosten koper en andere aankoopkosten met eigen geld kunnen betalen.
Bekijk het antwoord
- Floor 53.000 x 0,25 = 13.250 Robin 10.000 € 23.250 (1)
- De kosten koper en overige aankoopkosten (18.282,50) zijn minder dan de beschikbare liquide middelen (23.250), dus ja (1)
Robin en Floor besluiten tot de aankoop van de woning en de aanvraag van de hypothecaire lening.
Continuïteit van het inkomen
De bank wil van Robin en Floor graag zekerheden hebben alvorens zij een hypothecaire lening verstrekt. Zo wordt er gevraagd naar het type van de arbeidsovereenkomst van Robin en de rechtsvorm van Floors onderneming.
Vraag 9 2 punten
Leg uit dat de arbeidsovereenkomst van Robin vergeleken met de rechtsvorm van Floor, de bank een grotere financiële zekerheid geeft met betrekking tot het ontvangen van de betalingsverplichtingen. Betrek zowel Robin als Floor in het antwoord.
Bekijk het antwoord
- Robin heeft een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd waardoor er meer zekerheid is dat de geldnemer aan de betalingsverplichting kan voldoen (1)
- Floor loopt ondernemersrisico, dus kunnen haar inkomsten fluctueren (1)
Keuze van de aflossingsvorm
Voor de verstrekking van een hypothecaire lening kijkt de bank ook naar richtlijnen van het Nibud. Daaruit blijkt dat de hypotheekuitgaven na belastingvoordeel voor de woning maximaal 23% van het toetsinkomen van Robin en Floor mogen zijn. Hierbij houden Robin en Floor nog voldoende geld over voor andere uitgaven. De bank kijkt samen met Robin en Floor bij een hypothecaire lening van € 350.000 bij welke aflossingsvorm wordt voldaan aan de richtlijnen van het Nibud.
De bank biedt keuze uit twee aflossingsvormen: aflossing met behulp van annuïteiten en lineaire aflossing.
annuïteiten lineair interest 3,2% per jaar 3,2% per jaar looptijd 30 jaar 30 jaar percentage belastingvoordeel op hypothecaire interest in 2021 en 40% 40% 2022 annuïteit per 31 december € 18.321 per jaar
Robin en Floor kiezen voor de hypothecaire lening met aflossing met behulp van annuïteiten.
Vraag 10 5 punten
Toon aan of Robin en Floor in de eerste twee jaren (2021 en 2022) wel aan de norm van het Nibud voldoen bij een hypothecaire lening van € 350.000 met aflossingen door middel van annuïteiten, maar niet bij een hypothecaire lening van € 350.000 met lineaire aflossingen. Vul hiervoor de uitwerkbijlage bij deze vraag volledig in.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
annuïtaire lening (bedragen in €) jaar schuld interest aflossing belasting- uitgaven begin van voordeel na het jaar belasting- voordeel
2021 350.000,00 11.200,00 7.121,00 4.480,00 13.841,00
2022 342.879,00 10.972,13 7.348,87 4.388,85 13.932,15
lineaire lening (bedragen in €) jaar schuld interest aflossing belasting- uitgaven begin van voordeel na het jaar belasting- voordeel
2021 350.000,00 11.200,00 11.666,67 4.480,00 18.386,67
2022 338.333,33 10.826,67 11.666,67 4.330,67 18.162,67
Opmerking Als de kandidaat geen berekeningen geeft van de bedragen in de tabellen, worden geen scorepunten in mindering gebracht.
Opgave 3
In deze opgave blijven de belastingen buiten beschouwing.
Harry Griffioen is de enige aandeelhouder van reisbureau De Zonnige Kant bv. De Zonnige Kant heeft gedurende de laatste jaren een dalende omzet en toenemende financiële verplichtingen.
De Zonnige Kant kan de openstaande rekeningen niet meer betalen. Harry vraagt zich af of hij het faillissement van De Zonnige Kant moet aanvragen. Zijn accountant wijst hem erop dat hij eerst surseance van betaling kan aanvragen.
Vraag 11 1 punt
Wat is in het algemeen het doel van surseance van betaling?
Bekijk het antwoord
Opmerking Voor het antwoord “uitstel van betaling” wordt geen scorepunt toegekend.
De surseance van betaling wordt verleend, maar er blijven betalingsproblemen. Een van de schuldeisers van De Zonnige Kant is een hotel op een Grieks eiland. Het Griekse hotel krijgt alleen via De Zonnige Kant gasten. Aangezien De Zonnige Kant nog steeds het Griekse hotel niet heeft kunnen betalen, zou het hotel (samen met andere schuldeisers) zelf kunnen vragen om het faillissement van De Zonnige Kant.
Vraag 12 1 punt
Leg uit dat een faillissement van De Zonnige Kant nadelig kan zijn voor de omzet van het Griekse hotel.
Bekijk het antwoord
- Omdat De Zonnige Kant de enige is die toeristen naar het hotel brengt, betekent het faillissement van De Zonnige Kant geen toeristen/hotelovernachtingen en dus geen ontvangsten. (1)
de balans van De Zonnige Kant per 1 maart 2021:
debet Balans De Zonnige Kant bv credit per 1 maart 2021 (getallen x € 1) Vaste activa 210.000 Eigen vermogen 1.000 Vlottende activa 65.000 Hypothecaire lening 200.000 Kortlopende verplichtingen:
- Grieks hotel 6.000
- Belastingdienst 10.000
- Overige verplichtingen 58.000 275.000 275.000
Op 2 maart 2021 is De Zonnige Kant alsnog failliet gegaan. Er is een curator benoemd die verantwoordelijk is voor het verdelen van de boedel na het faillissement. Hij gaat uit van een bepaalde volgorde waarin de schuldeisers worden betaald. Hierbij komt de verstrekker van de hypothecaire lening eerder aan bod dan het Griekse hotel.
Vraag 13 2 punten
Leg uit op grond waarvan de verstrekker van de hypothecaire lening eerder aan bod komt dan het Griekse hotel.
Bekijk het antwoord
- Voorbeelden van een juist antwoord zijn − De hypotheekverstrekker heeft het recht van hypotheek (en het Griekse hotel heeft dit niet). − Een vast actief is onderpand voor de verstrekker van de hypothecaire lening (en de verstrekker kan bij niet betalen het onderpand opeisen). (2)
Harry maakt zich zorgen over zijn eigen financiële situatie. Hij denkt dat hij het overblijvende deel van de schulden van De Zonnige Kant aan de schuldeisers moet betalen met zijn privégeld.
Vraag 14 1 punt
Leg uit of Harry gelijk heeft.
Bekijk het antwoord
- Harry heeft geen gelijk, want voorbeeld van een juiste motivatie is: De Zonnige Kant is een bv/rechtspersoon en dan ben je privé niet aansprakelijk. (1)
Opgave 4
In deze opgave is het btw-tarief 21%.
Strota is een onderneming die consumenten en bedrijven adviseert op het gebied van websiteontwikkeling. Zij heeft een afdeling GAME die games inkoopt en verkoopt en een eigen financiële administratie heeft. De games zijn online te koop en via verkooppunten. Van GAME is gegeven:
verkopen exclusief inkopen exclusief btw (getallen x € 1) btw (getallen x € 1) november 2020 15.000 6.000 december 2020 25.000 10.000 januari 2021 20.000 8.000 februari 2021 30.000 11.000 maart 2021 25.000 9.000
Overige gegevens:
- 90% van de verkopen is contant (per kas en via de bank). De rest van de verkopen is op rekening, met een krediettermijn van twee maanden.
- Alle inkopen zijn op rekening met een krediettermijn van één maand.
- Van de krediettermijnen wordt volledig gebruik gemaakt.
- GAME verrekent op de tweede dag van het nieuwe kwartaal de te betalen btw met de te vorderen btw. GAME draagt het saldo dan af aan de Belastingdienst. Op 2 januari 2021 draagt GAME € 6.930 aan btw-aangifte over het laatste kwartaal van 2020 af per bank.
- GAME betaalt de verzekeringspremie ieder jaar op 1 februari voor een heel jaar vooruit. Over januari 2021 waren de verzekeringskosten € 250. Met ingang van februari 2021 waren de verzekeringskosten € 275 per maand. De btw hierover blijft buiten beschouwing.
- De overige uitgaven zijn € 4.000 per maand. De btw hierover blijft buiten beschouwing.
Vraag 15 3 punten
Bereken de ontvangsten in het eerste kwartaal van 2021 uit verkopen.
Bekijk het antwoord
- contante verkoop: (20.000 + 30.000 + 25.000) x 0,90 = 67.500 debiteuren: (15.000 + 25.000 + 20.000) x 0,10 = 6.000 + 73.500 (2)
- btw 0,21 x 73.500 15.435 + ontvangsten € 88.935 (1)
Vraag 16 1 punt
Bereken het bedrag op de balanspost Vooruitbetaalde verzekeringspremie per 31 maart 2021.
Bekijk het antwoord
- 275 x 10 = € 2.750 (1)
Op 1 januari 2021 zat er € 350 in kas en stond er € 250 op de bankrekening. Op 31 maart 2021 zit er € 500 in kas.
Vraag 17 4 punten
Bereken het bedrag van de balanspost Bank per 31 maart 2021. Geef aan of de balanspost Bank aan de debetzijde of aan de creditzijde staat.
Bekijk het antwoord
- liquide middelen 1 januari 2021: 350 + 250 = 600 ontvangsten uit verkopen: + 88.935 (1)
- btw-afdracht – 6.930 betaalde verzekeringspremie en overige uitgaven: 12 x 275 + 4.000 x 3 = – 15.300 (1)
- betaald aan crediteuren: (10.000 + 8.000 + 11.000) x 1,21 = – 35.090 (1)
- 31 maart 2021 kas: – 500 31 maart 2021 bank: € 31.715 Bank staat aan de debetzijde (1)
Vraag 18 2 punten
Bereken het saldo van Te betalen btw en Te vorderen btw voor het eerste kwartaal van 2021. Geef bij het saldo aan of het een te ontvangen bedrag van of een te betalen bedrag is aan de Belastingdienst.
Bekijk het antwoord
- Te betalen btw: (20.000 + 30.000 + 25.000) x 0,21 = 15.750 (1)
- Te vorderen btw: (8.000 + 11.000 + 9.000) x 0,21 = 5.880 saldo te betalen aan de Belastingdienst € 9.870 (1)
Opgave 5
Bij deze opgave horen de informatiebronnen 5 en 6.
De zussen Eva (43) en Sanne (45) zijn de enige wettelijke erfgenamen van hun op 1 april 2021 overleden tante Door. Tante Door had geen partner en geen kinderen.
Eva en Sanne besluiten de erfenis beneficiair te aanvaarden in plaats van zuiver te aanvaarden.
Vraag 19 2 punten
Noem een reden waarom Eva en Sanne besluiten de erfenis beneficiair te aanvaarden in plaats van zuiver te aanvaarden. Betrek beide vormen van aanvaarden in het antwoord.
Bekijk het antwoord
- In geval van beneficiair aanvaarden van de erfenis kunnen Eva en Sanne, wanneer de schulden groter zijn dan de bezittingen, de erfenis (alsnog) verwerpen (1)
- Bij zuivere aanvaarding wordt de erfenis altijd aanvaard, ongeacht de verhouding schuld/bezit (1)
In de privéadministratie van tante Door vinden ze terug dat hun tante de stichting Hulphond Nederland (met ANBI-status) steunde. Jaarlijks deed ze een schenking aan deze stichting. Ook zien ze dat hun tante kort voor haar overlijden nog geïnformeerd heeft naar de mogelijkheid om de stichting als erfgenaam aan te wijzen. Het is er niet meer van gekomen om dat te regelen.
Vraag 20 1 punt
Wat had Tante Door moeten doen om de stichting Hulphond Nederland als erfgenaam aan te wijzen?
Bekijk het antwoord
- Tante Door had een testament moeten laten opstellen (bij een notaris) waarin ze de stichting als erfgenaam benoemde. (1)
Eva en Sanne besluiten dat zij, wanneer ze de erfenis aanvaarden:
- de inboedel van de woning van tante Door onderling verdelen.
- het bedrag op de spaarrekening van tante Door, na betaling van de schulden en de erfbelasting, zullen schenken aan de stichting Hulphond Nederland.
Vraag 21 1 punt
Noem een financieel voordeel dat de stichting Hulphond Nederland zou hebben gehad van het direct ontvangen van de erfenis ten opzichte van het ontvangen van de schenking van Eva en Sanne.
Bekijk het antwoord
- Voorbeelden van een juist antwoord zijn: − De stichting heeft de ANBI-status en hoeft geen erf-/schenkbelasting te betalen. − Eva en Sanne moeten over de erfenis belasting betalen waardoor de schenking aan de stichting lager uitvalt. − Bij direct ontvangen van de erfenis zou de waarde van de inboedel aan de stichting Hulphond Nederland toegekomen zijn, terwijl dat bij de huidige verrekening aan Eva en Sanne toekomt. (1)
Onderzoek naar de schulden en bezittingen per 1 april 2021
Het contract met de energiemaatschappij en de zorgverzekeraar is per
1 april 2021 beëindigd. Er moeten nog enkele openstaande schulden worden betaald.
Vraag 22 2 punten
Bereken per 1 april 2021 het totaal van de openstaande schulden van tante Door bij de energiemaatschappij en bij de zorgverzekeraar (zie informatiebron 5).
Bekijk het antwoord
- bij de energiemaatschappij: 840 – 5 x 130 = 190 (1)
- bij de zorgverzekeraar: 385 € 575 (1)
Eva en Sanne besluiten medio april 2021 de erfenis te aanvaarden.
Vraag 23 3 punten
Bereken de totale waarde van de erfenis per 1 april 2021 door de bezittingen te verminderen met de schulden.
Bekijk het antwoord
- waarde bezittingen op 1 april: spaarrekeningen: 9.560 inboedel: 4.500 14.060 (1)
- waarde schulden op 1 april: energiemaatschappij en zorgverzekeraar: 575 rood staan betaalrekening: 240 creditcardschuld 360 1.175 waarde bezittingen min schulden: € 12.885 (2)
Ze berichten de stichting Hulphond Nederland dat ze namens hun tante Door een schenking zullen gaan doen. Ze schenken dan het bedrag dat van de spaarrekening van tante Door overblijft nadat alle schulden per
1 april en de te betalen erfbelasting (zie informatiebron 6) zijn verrekend.
Vraag 24 3 punten
Bereken het bedrag dat de stichting Hulphond Nederland van Sanne en Eva zal ontvangen.
Bekijk het antwoord
Opmerking Wanneer de erfbelasting naar beneden is afgerond op hele euro’s, is dit ook correct.
Opgave 6
In het najaar van 2019 stond het volgende in de krant:
Samenwerking Hema en Jumbo: straks Hema-artikelen te koop in de supermarkt Jumbo
Supermarktketen Jumbo en warenhuis Hema gaan samenwerken in Nederland en België. Beide bedrijven willen zo hun marktpositie verbeteren. Het is de bedoeling dat artikelen van Hema in de
650 supermarkten van Jumbo worden verkocht.
“De samenwerking komt voort uit de gedachte dat het aanbod van beide bedrijven elkaar goed aanvult. Ook een mogelijk co-sponsorschap door Hema van de schaats- en wielerploeg Team Jumbo-Visma is onderwerp van de lopende gesprekken”, aldus beide bedrijven in een verklaring.
Jumbo en Hema werken de plannen verder uit. Het is niet de eerste keer dat Hema een samenwerking aangaat met een andere supermarkt. Zo worden inmiddels Hema artikelen verkocht in Franse supermarkten.
Vraag 25 2 punten
Geef voor twee P’s van de marketingmix aan op welke wijze deze worden ingezet in de samenwerking tussen Jumbo en Hema. Gebruik hiervoor het bovenstaande krantenbericht.
Bekijk het antwoord
- Voorbeelden van juiste antwoorden zijn: − Product: door het assortiment te veranderen − Plaats: de Hema distributiekanalen worden uitgebreid (nu ook bij Jumbo). − Promotie: er is sprake van co-sponsoring. per P met juiste uitleg (1) (2)
Een voorbeeld van de samenwerking tussen Hema en Jumbo is onder andere de mogelijkheid dat Hema co-sponsor wordt van de schaats- en wielerploeg Team Jumbo-Visma. Op het shirt van een schaatser en wielrenner van die ploeg komt dan ook de naam Hema te staan.
Vraag 26 1 punt
Geef een voordeel voor Jumbo van deze co-sponsoring door Hema. Motiveer het antwoord.
Bekijk het antwoord
- Voorbeelden van een juist antwoord zijn: − Grotere naamsbekendheid Hema, hierdoor neemt de afzet van Hema producten toe. Deze Hema producten zijn ook te koop bij Jumbo, dus komen er meer klanten bij de Jumbo die ook Jumbo producten gaan kopen. − Het sponsorbudget van Jumbo kan nu verdeeld worden over meer sporten (bijvoorbeeld voetbal) met ieder een specifiek publiciteitskanaal (sportblad, tv-programma) waardoor de naamsbekendheid van Jumbo kan toenemen. − De kwaliteit van de wielerploeg wordt groter, want door het grotere budget kunnen er betere wielrenners gecontracteerd worden waardoor de wielerploeg en dus ook Jumbo meer in de publiciteit komen. − Lagere promotiekosten omdat Hema die voor een deel voor haar rekening neemt. (1)
Een ander voorbeeld van de samenwerking tussen Hema en Jumbo is dat per 1 januari 2021 de beroemde Hema tompouce ook door Jumbo verkocht zal worden. In de reclamefolder van Hema staat dat de tompouce in alle Hema- en Jumbovestigingen in de aanbieding is. Hema zal de winkelinrichting van Jumbo met betrekking tot de Hema tompouce verzorgen.
Voor de tompouce maakt Hema zowel gebruik van een pushstrategie als van een pullstrategie.
Vraag 27 2 punten
Waaruit blijkt dat Hema voor de tompouce gebruik maakt van zowel een push- als een pullstrategie?
Bekijk het antwoord
- Pullstrategie, want door de reclamefolder wordt het voor de klant aantrekkelijk om naar de tompouce te vragen bij zowel Jumbo als Hema (1)
- Pushstrategie, want Hema zal de winkelinrichting verzorgen waardoor het voor Jumbo aantrekkelijk gemaakt wordt om de tompouce in het assortiment op te nemen (1)
Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen havo Bedrijfseconomie 2021, tijdvak 2. Afbeeldingen en de exacte opmaak staan in het originele examen: https://www.examenblad.nl/2021/havo/documenten/cse-2/ha-0400-a-21-2-o
Andere examens bedrijfseconomie havo
- 2026, tijdvak 1
- 2026, tijdvak 2
- 2025, tijdvak 1
- 2025, tijdvak 2
- 2024, tijdvak 1
- 2024, tijdvak 2
- 2023, tijdvak 1
- 2023, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 1
- 2022, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 3
- 2021, tijdvak 1
- 2021, tijdvak 3
Veelgestelde vragen
Hoeveel vragen heeft het eindexamen bedrijfseconomie havo 2021, tijdvak 2?
Het centraal examen bedrijfseconomie havo 2021, tijdvak 2 loopt tot vraag 27. Van 17 vragen staat het onderwerp in de vragenbank. De meeste vragen gaan over financiering (6), balans en resultatenrekening (4) en personeel en organisatie (3).
Wat zijn de antwoorden van het examen bedrijfseconomie havo 2021, tijdvak 2?
Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.
Waar vind ik het correctievoorschrift van bedrijfseconomie havo 2021, tijdvak 2?
Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2021/havo/documenten/cse-2/ha-0400-a-21-2-c). Bij dit examen hoort ook een aanvulling op het correctievoorschrift.
Hoe oefen ik met het examen bedrijfseconomie havo 2021, tijdvak 2 en krijg ik feedback?
Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.