Eindexamen bedrijfseconomie havo 2021, tijdvak 3: vragen en antwoorden
Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Opgave 1, Opgave 2, Opgave 3, Opgave 4, Opgave 5, Opgave 6.
Het centraal examen bedrijfseconomie havo 2021, tijdvak 3 loopt tot vraag 30. Van 26 vragen staat het onderwerp in de vragenbank. De meeste vragen gaan over investeren (9), balans en resultatenrekening (8) en kostprijs en break-even (4). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.
Onderwerpen in dit examen
| Onderwerp | Vragen | Aantal |
|---|---|---|
| Investeren | 13, 22-23, 25-30 | 9 |
| Balans en resultatenrekening | 6-8, 14-15, 18, 20-21 | 8 |
| Kostprijs en break-even | 11, 16-17, 24 | 4 |
| Personeel en organisatie | 5, 9 | 2 |
| Financiering | 12, 19 | 2 |
| Marketing | 4 | 1 |
Vergeleken met andere jaren
Vergeleken met de andere 13 examens bedrijfseconomie havo sinds 2021: dit examen vroeg meer over investeren (35% van de vragen, gemiddeld 9%). Minder over financiering (8% van de vragen, gemiddeld 24%) en personeel en organisatie (8% van de vragen, gemiddeld 15%).
Opgaven en correctievoorschrift
De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.
Oefenen als leerling
Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen bedrijfseconomie havo 2021, tijdvak 3 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.
Nakijken als docent
Start gratis vanaf deze pagina
Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen bedrijfseconomie havo 2021, tijdvak 3 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.
Laat de klas het examen maken
Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.
Geef de resultaten vrij
Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.
ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.
Vragen en antwoorden
Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen bedrijfseconomie havo 2021, tijdvak 3. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.
Opgave 1
Op 19 maart 2019 ziet de stamboom van de familie De Groot, na het overlijden van Trudy op 18 maart 2019, er als volgt uit:
ouders:
kinderen:
kleinkinderen:
† betekent overleden.
Op het moment van overlijden van Trudy was haar vermogen € 180.000. Trudy had geen testament opgemaakt. Alle erfgenamen zullen de erfenis zuiver aanvaarden.
Wettelijke regels erfenis
Indien er geen testament is opgemaakt, zal de erfenis bij het overlijden van een ouder als volgt verdeeld worden.
- De helft van het totale gezamenlijke vermogen (bezittingen minus schulden), gemeten op het moment van overlijden, komt ten gunste aan de langstlevende: dit is meestal de partner.
- Indien de partner al is overleden, valt de erfenis toe aan de kinderen met een gelijk kindsdeel.
- Indien een van de kinderen al is overleden, wordt het kindsdeel gelijkelijk verdeeld onder de kinderen van dat overleden kind.
Vraag 1 2 punten
Bereken voor elke erfgenaam de omvang in euro’s van het erfdeel.
Bekijk het antwoord
- Dirk en Marleen (ieder een derde, dus) = € 60.000 (1)
- Kelly en Tom (als plaatsvervangers van Sandra): = € 30.000 (1)
Over het erfdeel moet erfbelasting worden afgedragen. Dat gebeurt op basis van onderstaande tabellen.
Vrijstelling erfbelasting
relatie met de overledene bedrag vrijstelling partner € 650.912 kind of kleinkind € 20.615 ouder € 48.965 overige erfgenamen € 2.173
Tarieven erfbelasting
waarde erfenis partner en kleinkinderen en overige (na vrijstelling) kind achterkleinkinderen erfgenamen zoals broer en zus over de eerste 10% 18% 30% € 124.727 over het 20% 36% 40% meerdere
Vraag 2 2 punten
Bereken de te betalen erfbelasting over het erfdeel van Marleen.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerking Voor elke fout 1 scorepunt in mindering brengen.
Trudy en Marleen hadden ruzie. Daarom overwoog Trudy om Marleen te onterven. Trudy had dat echter niet vastgelegd in een testament.
Vraag 3 2 punten
Als Trudy dat wel had vastgelegd in een testament, betekent dit dan dat Marleen geen aanspraak kan maken op een deel van de erfenis? Motiveer het antwoord.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerking Het tweede scorepunt kan alleen toegekend worden als het eerste scorepunt is behaald.
Opgave 2
Bij deze opgave horen de informatiebronnen 1 tot en met 3.
In deze opgave blijft de btw buiten beschouwing.
BJones bv is een modeketen met vijf fysieke winkels en een distributiecentrum. Alleen het distributiecentrum is in eigen bezit van BJones. De winkels zijn gehuurd. Bridget is per 1 januari 2018 directeur en enige aandeelhouder. Bridget stelt een SWOT-analyse van BJones op om het toekomstperspectief van het bedrijf te kunnen vergroten. In de SWOT-analyse staat onder andere:
- het veranderende koopgedrag van consumenten: consumenten doen vaker online aankopen en minder vaak aankopen in fysieke winkels
- de hoge personeelskosten van BJones: het personeelsbestand is te groot
Een SWOT-analyse bestaat uit vier onderdelen: de analyse van Strengths, Weaknesses, Opportunities en Threats.
Vraag 4 2 punten
In welk onderdeel van de SWOT-analyse van BJones zou het veranderende koopgedrag van consumenten meegenomen moeten worden? Motiveer het antwoord.
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
- in de analyse van O (Opportunities) (1p)
- want het al aanwezige distributiecentrum (een interne factor) kan de online verkopen faciliteren die passen bij het veranderende koopgedrag (1p)
Opmerking Het tweede scorepunt kan alleen toegekend worden als het eerste scorepunt is behaald.
Vraag 5 2 punten
In welk onderdeel van de SWOT-analyse van BJones zouden de hoge personeelskosten van BJones meegenomen moeten worden? Motiveer het antwoord.
Bekijk het antwoord
Opmerking Het tweede scorepunt kan alleen toegekend worden als het eerste scorepunt is behaald.
Het veranderende koopgedrag van consumenten heeft geleid tot een daling van de omzet en de winst in de kledingbranche. Hoewel ook BJones heeft gemerkt dat de omzet en winst zijn gedaald, is er pas sinds het vierde kwartaal van 2019 sprake van een gestegen faillissementsrisico bij BJones.
In informatiebron 1 is de balans per 31 december 2019 van BJones opgenomen. Voor de inschatting van het faillissementsrisico wordt onder andere de liquiditeitspositie berekend door middel van de quick ratio. Deze is in het algemeen geschikter dan de current ratio.
Vraag 6 2 punten
Geef aan wat het verschil is tussen de quick ratio en current ratio en geef vervolgens aan waarom in het algemeen de quick ratio geschikter is voor het vaststellen van het faillissementsrisico dan de current ratio.
Bekijk het antwoord
- Bij het bepalen van de quick ratio wordt de voorraad niet meegenomen (wel bij de current ratio) (1)
- Voorraden zijn moeilijk te verkopen / zijn in voorkomende gevallen niet tegen de balanswaarde te verkopen (1)
Op 1 oktober 2019 was de quick ratio 0,64.
Vraag 7 2 punten
Toon aan of het faillissementsrisico van BJones in het vierde kwartaal van
2019 is toegenomen. Bereken hiertoe de quick ratio per
31 december 2019 (zie formuleblad en informatiebron 1).
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
280.000 + 10.000 + 4.600
BJones heeft verplichtingen met betrekking tot onroerend goed die niet uit de balans van BJones blijken, maar wel het faillissementsrisico vergroten.
Vraag 8 1 punt
Geef een voorbeeld van zo’n niet uit de balans blijkende verplichting voor BJones die het faillissementsrisico kan vergroten.
Bekijk het antwoord
- Voorbeelden van juiste antwoorden zijn: − verplichtingen met betrekking tot de huurcontracten van de fysieke winkels − verplichtingen met betrekking tot het onderhoud van het distributiecentrum (1)
Surseance van betaling?
Vanwege de hoge personeelskosten en het verhoogde faillissementsrisico wil Bridget begin december 2019 surseance van betaling aanvragen. Ze verwacht bij toekennen van surseance van betaling dat ze het overtollige personeel kan ontslaan. De accountant geeft aan dat surseance van betaling hiervoor geen geschikt middel is.
Vraag 9 1 punt
Leg uit dat het aanvragen van surseance van betaling geen oplossing is om overtollig personeel te kunnen ontslaan.
Bekijk het antwoord
- Bij surseance van betaling gelden de ontslagverboden / geldt regulier ontslagrecht (inclusief eventuele opzegtermijnen). (1)
Faillissement en doorstart
Aangezien Bridget geen toekomst ziet voor het bedrijf zoals het nu is, vraagt zij eind december 2019 faillissement aan. Per 1 januari 2020 is BJones failliet verklaard. Vanaf dat moment wordt er door de curator gekeken of BJones overgenomen kan worden en vervolgens een doorstart kan maken.
Investeringsbedrijf Darcy nv overweegt BJones over te nemen voor € 325.000 en een doorstart te maken. De doorstart omvat:
- het sluiten van de huidige winkels
- het handhaven van de merknaam BJones
- een herpositionering: online verkoop
In informatiebron 2 staat een plan voor deze herpositionering uitgewerkt. Daarin is een overzicht opgenomen van de verwachte omzet na de herpositionering. Bij de online verkopen moet Darcy nog beslissen over de omvang van het assortiment en de levertijd. Darcy kiest voor:
- een groot assortiment
- een levertijd van 2 dagen
Vraag 10 2 punten
Geef aan of er bij de grootte van het assortiment sprake is van een kritische succesfactor of van een kritische prestatie-indicator. Motiveer het antwoord.
Bekijk het antwoord
Opmerking Het tweede scorepunt kan alleen toegekend worden als het eerste scorepunt is behaald.
Vraag 11 1 punt
Bepaal de omzet die bij deze keuze van Darcy hoort. Vul deze berekende omzet in op de uitwerkbijlage die bij deze vraag en vraag 13 hoort.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- 767.140 (1)
Verwacht resultaat na herpositionering
In informatiebron 3 staat een overzicht van te verwachten kosten voor BJones in het eerste jaar (1 april 2020 tot en met 31 maart 2021) na de doorstart.
Vraag 12 3 punten
Bereken de interestkosten van Darcy in het eerste jaar na de doorstart, dus vanaf 1 april 2020 tot en met 31 maart 2021 (zie informatiebronnen 1 en 3).
Bekijk het antwoord
Opmerking Aan het antwoord 0,036 x 60.000 = € 2.160 wordt maximaal
1 scorepunt toegekend.
Darcy wil per 1 april 2020 met BJones een doorstart maken als het verwachte bedrijfsresultaat als percentage van de investering (€ 325.000) in het eerste jaar na de doorstart hoger zal zijn dan 30%.
Vraag 13 5 punten
Geef aan of Darcy per 1 april 2020 met BJones een doorstart zal maken (zie informatiebronnen 2 en 3). Vul hiertoe de uitwerkbijlage die bij deze vraag hoort volledig in.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
exploitatiebegroting Opbrengsten Omzet (zie vraag 11) 767.140
Kosten Inkoopwaarde van de omzet 126.818 Loonkosten 374.632 Interestkosten (zie vraag 12) 2.025 Overige kosten 30.000 Totale kosten 533.475 Bedrijfsresultaat 233.665
berekeningen:
Loonkosten 2.200 x 12 x 8 x (1 + 0,08 + 0,02) x 1,35 = 313.632 313.632 + 61.000 = € 374.632 Bedrijfsresultaat als percentage 233.665 x 100% = 71,9% van de 325.000 investering
Conclusie: Darcy maakt een doorstart, omdat 71,9 > 30%
of
233.665 > 0,30 x 325.000
Opgave 3
In deze opgave is het btw-tarief 21%.
Vink is een webshop in kantoorartikelen en heeft als rechtsvorm de eenmanszaak.
Van Vink is de onderstaande balans per 1 december 2019 gegeven.
debet (getallen x € 1) credit Vaste activa Eigen vermogen 3.866 Inventaris 3.250 Lang vreemd vermogen Vlottende activa Banklening 2.500 Voorraad 500 Vooruitbetaalde Kort vreemd huur 1.200 vermogen Debiteuren 137 Crediteuren 847 Te vorderen btw 126 Te betalen btw 600 Liquide middelen 2.600 7.813 7.813
Op de balans van Vink staat de balanspost Vooruitbetaalde huur. Deze balanspost hoort tot de overlopende posten.
Vraag 14 2 punten
Leg uit waarom Vooruitbetaalde huur tot de overlopende posten hoort.
Bekijk het antwoord
Als de huur vooruitbetaald wordt, valt het moment van betaling niet samen met de periode waaraan de huurkosten worden toegerekend.
Vink stelt maandelijks een balans en een winst- en verliesrekening op. In december 2019 moeten de onderstaande gegevens nog in de boekhouding worden verwerkt.
a de inkoop van kantoorartikelen in december 2019 voor € 992,20 inclusief btw De betaling is in januari 2020. b de betaling van de annuïteit van december 2019 met betrekking tot de banklening De maandelijkse annuïteit is € 53 en is gebaseerd op een interestvergoeding van 0,2% per maand. c een privéopname van € 2.000 van de bank in december d de huurkosten van december Op 1 november is de huur voor drie maanden vooruitbetaald per bank. e de aanschaf op 1 december van inventaris voor € 3.267 inclusief btw De betaling is contant. Op deze inventaris wordt maandelijks in vijf jaar lineair afgeschreven tot een restwaarde van 0.
Vraag 15 3 punten
Bereken met welk bedrag in totaal de liquide middelen van Vink in december 2019 afnemen als gevolg van de verwerking van bovenstaande gegevens a tot en met e. Vul hiertoe het gedeelte van de uitwerkbijlage dat bij deze vraag hoort in. Wanneer er geen verandering is, wordt 0 ingevuld.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- financiële afname liquide gevolg voor berekeningen gebeurtenis middelen kosten gevolgen voor (vraag 15) (vraag 16) kosten (vraag 16) a 0 (0) b 53 5 0,2% x 2.500 c 2.000 (0) d 1.200 0 600 (2) 3.267 e 3.267 45 1,21 x 60 totaal 5.320 650 • indien zes antwoorden juist (3) • indien vijf of vier antwoorden juist (2) • indien drie, twee of één antwoord(en) juist (1) • indien geen antwoord juist (0) (3)
Vraag 16 4 punten
Bereken de gevolgen voor de totale kosten van Vink over december 2019 als gevolg van de verwerking van bovenstaande gegevens a tot en met e. Vul hiertoe het gedeelte van de uitwerkbijlage dat bij deze vraag hoort in. Wanneer er geen gevolg is, wordt 0 ingevuld.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- 0 en 0 (1)
- 5 (1)
- 600 (1)
- 45 en totaal (1)
Opgave 4
In deze opgave is het btw-tarief 21%.
CosmoSub bv is een organisatie die abonnementen op cosmeticaproducten aan consumenten verkoopt. De abonnementhouders krijgen elke maand een cosmeticaproduct naar keuze. De afnemers betalen voor het abonnement aan CosmoSub € 12,10 inclusief btw op elke eerste dag van de maand en krijgen het cosmeticaproduct vervolgens één week later thuisbezorgd.
Hieronder zijn de gedeeltelijk ingevulde balansen, het overzicht van ontvangsten en uitgaven en de winst- en verliesrekening van CosmoSub gegeven.
Balansen (getallen x € 1) CosmoSub
31 31 31 31 december december december december
2019 2018 2019 2018 debet credit Gebouwen 330.000 300.000 Aandelenkapitaal 100.000 100.000 Voorraad cosmetica- producten …(a)… 50.000 Reserves 35.000 30.000
Te vorderen btw …(b)... 5.000 6%-Banklening …….. 250.000 Liquide middelen 80.000 66.450 Crediteuren 36.300 24.200 Nog te betalen interest 6%- Banklening 9.000 11.250 …………………. ………… ………… Te betalen btw 17.010 6.000 ………………… ……….. ……….. ………….. ……….. ……….. …………
(gedeeltelijk) overzicht van ontvangsten en uitgaven (getallen x € 1) over 2019 ontvangsten uitgaven abonnementen 217.800 inkopen cosmeticaproducten 133.100 interest 6%-Banklening 15.000 aflossing 6%-Banklening ………
(gedeeltelijke) winst- en verliesrekening (getallen x € 1) over 2019 opbrengsten kosten abonnementen 180.000 inkoopwaarde van de omzet 108.000 interestkosten 6%-Banklening ……….
In het overzicht van ontvangsten en uitgaven staat bij ‘abonnementen’ een bedrag van € 217.800, terwijl dit op de winst- en verliesrekening € 180.000 is.
Vraag 17 1 punt
Geef de verklaring voor het verschil tussen € 217.800 en € 180.000.
Bekijk het antwoord
Opmerking Het antwoord 180.000 x 1,21 = 217.800 ook goed rekenen.
Vraag 18 2 punten
Bereken de waarde van de balanspost Voorraad cosmeticaproducten (a) op 31 december 2019.
Bekijk het antwoord
Opmerking Voor elke fout 1 scorepunt in mindering brengen.
Elk jaar worden op 1 april de jaarlijkse lineaire aflossing en de interest van de 6%-Banklening van de voorafgaande twaalf maanden betaald.
Vraag 19 2 punten
Bereken de omvang van de 6%-Banklening per 31 december 2019 na de aflossing op 1 april 2019. Gebruik hiertoe de balanspost Te betalen interest 6%-Banklening.
Bekijk het antwoord
- Voorbeeld van een juiste berekening is: Stel 6%-Banklening na 1 april 2019 = Y. 9 Y x 0,06 x = 9.000 12 Y = € 200.000 of 9.000 x 250.000 = € 200.000 11.250 (2)
Half januari 2020 verrekent CosmoSub de te vorderen btw en de te betalen btw over het vierde kwartaal van 2019 met de Belastingdienst. Op de eerste dag van de maanden oktober, november en december van 2019 had CosmoSub respectievelijk 2.600, 2.700 en 2.800 betalende abonnees. Verder is gegeven dat:
- in 2019 de inkoopwaarde van de omzet 60% van de omzet is.
- in de maanden van het vierde kwartaal van 2019 de inkopen exclusief btw gelijk zijn aan de inkoopwaarde van de omzet.
Vraag 20 2 punten
Bereken de omvang van de balanspost Te vorderen btw (b) per
31 december 2019.
Bekijk het antwoord
- omzet exclusief btw: (2.600 + 2.700 + 2.800) x 10 = 81.000 inkopen = 0,6 x 81.000 = 48.600 (1)
- Te vorderen btw: 48.600 x 0,21 = € 10.206 (1)
Vraag 21 2 punten
Bereken het btw-bedrag dat half januari 2020 met de Belastingdienst moet worden verrekend als gevolg van de inkopen en verkopen in het vierde kwartaal van 2019. Geef aan of CosmoSub dit bedrag moet afdragen aan de Belastingdienst of moet ontvangen van de Belastingdienst.
Bekijk het antwoord
- Te betalen btw 0,21 x 81.000: 17.010 (1)
- Te vorderen btw: 10.206 af te dragen btw: € 6.804 (1)
Opgave 5
Bij deze opgave hoort informatiebron 4.
In deze opgave blijft de btw buiten beschouwing.
Adviesbureau Advice4U heeft een werknemer in dienst genomen. Deze heeft voor zijn werk een auto van de zaak nodig. Advice4U wil voor deze medewerker vanwege milieuoverwegingen een elektrische auto aanschaffen, maar dit mag niet tot hogere totale jaarlijkse kosten voor Advice4U leiden dan wanneer een benzineauto zou worden aangeschaft.
Advice4U heeft twee vergelijkbare auto’s geselecteerd: één benzineauto en één elektrische auto. Omdat een elektrische auto via het elektriciteitsnet opgeladen moet worden, zal bij de keuze voor de elektrische auto ook een laadpaal worden aangeschaft die op het terrein van Advice4U zal worden geïnstalleerd.
De verzamelde informatie van de twee auto’s en de laadpaal is opgenomen in informatiebron 4.
Opvallend is dat op de elektrische auto jaarlijks met een hoger percentage wordt afgeschreven dan op de benzineauto. Een verklaring hiervoor is de verwachte ontwikkeling van technologieën voor elektrische auto’s.
Vraag 22 1 punt
Leg uit dat de verwachte technologische ontwikkelingen op het gebied van elektrische auto’s tot een hoger afschrijvingspercentage voor de elektrische auto leiden.
Bekijk het antwoord
- Voorbeeld van een juist antwoord is: Als elektrische auto’s door technologische ontwikkelingen in de toekomst beter worden, dan zullen elektrische auto’s die al zijn verkocht, sneller minder waard worden. / snellere economische veroudering (1)
Bij de aanschaf van de benzineauto wordt BPM (belasting op personenauto’s en motorrijwielen) geheven. De door Advice4U geselecteerde benzineauto heeft een CO 2-uitstoot van 125 gram per kilometer.
Vraag 23 1 punt
Bereken het BPM-bedrag van de benzineauto (zie informatiebron 4).
Bekijk het antwoord
- (125 – 98) x 139 + 2.077 = € 5.830 (1)
Vraag 24 3 punten
Bereken voor de benzineauto inclusief BPM en voor de elektrische auto met laadpaal de variabele kosten per kilometer en de constante kosten per jaar. Vul hiertoe de uitwerkbijlage die bij deze vraag hoort volledig in. Let op: niet alle cellen hoeven te worden ingevuld.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
per per benzineauto elektrische auto variabele constante variabele constante kosten per kosten kosten per kosten kilometer per jaar kilometer per jaar afschrijvingskosten 8.700 12.100 brandstof/energie- kosten 0,07 0,03 overige kosten 4.080 2.400 totaal 0,07 12.780 0,03 14.500
berekeningen:
benzineauto afschrijvingskosten (37.670 + 5.830) x 0,2 = 8.700 brandstofkosten (1) x 1,75 = 0,07 25 elektrische auto afschrijvingskosten (50.000 + 5.000) x 0,22 = 12.100 energiekosten 0,15 x 0,20 = 0,03
Opmerking Als de antwoorden anders zijn afgerond, geen scorepunten in mindering brengen.
Advice4U verwacht dat de auto 50.000 kilometer per jaar zal rijden.
Vraag 25 2 punten
Toon met een berekening aan dat de kosten per jaar van de elektrische auto inclusief laadpaal lager zijn dan de kosten per jaar van de benzineauto.
Bekijk het antwoord
- jaarkosten elektrische auto: 0,03 x 50.000 + 14.500 = 16.000 (1)
- jaarkosten benzineauto: 0,07 x 50.000 + 12.780 = 16.280 (€ 16.000 < € 16.280) (1)
Advice4U kiest dus voor de elektrische auto. Een financieel medewerker van Advice4U geeft echter aan dat er niet is gekeken naar de optie om de elektrische auto met laadpaal te leasen in plaats van aan te schaffen. Aan de leasemaatschappij zal Advice4U een maandelijks leasebedrag moeten betalen. In dit leasebedrag zitten de afschrijvingskosten en de overige kosten voor onderhoud, wegenbelasting, verzekering en financiering.
Uit informatie van de leasemaatschappij blijkt dat het leasebedrag van de elektrische auto met laadpaal € 12.000 per jaar is. De financieel medewerker van Advice4U stelt dat, ongeacht het aantal kilometers, het leasen van de elektrische auto met laadpaal tot minder jaarlijkse kosten leidt dan wanneer deze wordt aangeschaft.
In de uitwerkbijlage bij vraag 26 is het verloop van de jaarlijkse kosten bij het aanschaffen van de elektrische auto met laadpaal weergegeven.
Vraag 26 2 punten
Toon aan dat de financieel medewerker gelijk heeft. Teken hiertoe de lijn die het verloop van de jaarlijkse kosten van de elektrische auto met laadpaal bij lease aangeeft. Gebruik hiertoe de uitwerkbijlage die bij deze vraag hoort.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- beginpunt bij € 12.000 (1)
- evenwijdig aan de andere lijn en doorgetrokken tot 100.000 km (€15.000) (1)
Opgave 6
In deze opgave blijven de belastingen buiten beschouwing.
Erkun is een zelfstandig ondernemer zonder personeel (zzp’er) in de zorg. Omdat hij als zzp’er geen verplicht pensioen opbouwt, is Erkun in 2012 zelf begonnen met beleggen en sparen voor zijn ‘oude dag’.
Beleggingen in aandelen en obligaties
Het onderstaande overzicht geeft informatie over zijn beleggingen.
nominale beurskoers vergoeding beurskoers aantal op totale waarde per over 2019 per 1 januari waarde op per aandeel en per aandeel en 2019 en 31 aandeel obligatie aandeel en obligatie op 31 december en per op per op 31 december 2019 obligatie 1 januari obligatie december 2019
2019 2019 aandelen € 0,10 € 20 € 0,50 € 22 500 …….. obligaties € 500 101% van 4% 103% van 10 …….. de de nominale nominale waarde waarde
De vergoedingen over 2019 uit deze vermogenstitels zijn uitgekeerd op
31 december 2019.
Door het beleggen in aandelen en obligaties loopt Erkun risico.
Vraag 27 2 punten
Geef twee redenen waarom beleggen in aandelen meer risico geeft dan beleggen in obligaties. Betrek in het antwoord zowel aandelen als obligaties.
Bekijk het antwoord
- Voorbeelden van juiste antwoorden zijn: − De beloning is bij beleggen in aandelen (dividend) onzekerder dan bij obligaties (interest). − De koersen van aandelen schommelen over het algemeen meer dan de koersen van obligaties. − Bij faillissement krijgen de aandeelhouders pas uitbetaald nadat eerst de schuldeisers, onder andere de obligatiehouders, zijn betaald. voor elke correcte reden (1) (2)
Spaarrekening
Bij het openen van de spaarrekening op 1 januari 2012 heeft Erkun eenmalig een bedrag gestort. Op 31 december wordt jaarlijks de samengestelde interest van 2% bijgeschreven. Er zijn door Erkun geen opnames en stortingen gedaan. Het bedrag op zijn spaarrekening op 31 december 2019 na bijschrijving van de interest is € 22.440.
Vraag 28 3 punten
Bereken de totale vergoeding van Erkun over 2019 uit zijn beleggingen en over zijn spaarrekening.
Bekijk het antwoord
- dividend: 500 x 0,50 = 250 (1)
- interest obligatie: 0,04 x 500 x 10 = 200 (1)
- interest spaarrekening: 0,02 x = 440 1,02 totaal: € 890 (1)
Vraag 29 2 punten
Bereken de totale waarde op 31 december 2019 van zijn beleggingen en spaarrekening.
Bekijk het antwoord
Opmerking Voor elke fout 1 scorepunt in mindering brengen.
Erkun wil het risico op zijn beleggingen verlagen door in 2020 zijn aandelen te verkopen en het vrijgekomen geld te beleggen in een beleggingsfonds in plaats van zelf te beleggen.
Vraag 30 1 punt
Leg uit dat zijn beleggingsrisico lager kan worden, wanneer Erkun besluit te gaan beleggen in een beleggingsfonds.
Bekijk het antwoord
- Voorbeelden van een juist antwoord zijn: − Een beleggingsfonds heeft meer kennis / beschikt over meer data. − Een beleggingsfonds spreidt de ontvangen gelden over vermogenstitels van meerdere bedrijven / overheden. (1)
Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen havo Bedrijfseconomie 2021, tijdvak 3. Afbeeldingen en de exacte opmaak staan in het originele examen: https://www.examenblad.nl/2021/havo/documenten/cse-3/ha-0400-a-21-3-o
Andere examens bedrijfseconomie havo
- 2026, tijdvak 1
- 2026, tijdvak 2
- 2025, tijdvak 1
- 2025, tijdvak 2
- 2024, tijdvak 1
- 2024, tijdvak 2
- 2023, tijdvak 1
- 2023, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 1
- 2022, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 3
- 2021, tijdvak 1
- 2021, tijdvak 2
Veelgestelde vragen
Hoeveel vragen heeft het eindexamen bedrijfseconomie havo 2021, tijdvak 3?
Het centraal examen bedrijfseconomie havo 2021, tijdvak 3 loopt tot vraag 30. Van 26 vragen staat het onderwerp in de vragenbank. De meeste vragen gaan over investeren (9), balans en resultatenrekening (8) en kostprijs en break-even (4).
Wat zijn de antwoorden van het examen bedrijfseconomie havo 2021, tijdvak 3?
Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.
Waar vind ik het correctievoorschrift van bedrijfseconomie havo 2021, tijdvak 3?
Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2021/havo/documenten/cse-3/ha-0400-a-21-3-c).
Hoe oefen ik met het examen bedrijfseconomie havo 2021, tijdvak 3 en krijg ik feedback?
Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.