Eindexamen tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving vwo 2018, tijdvak 1: vragen en antwoorden

Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Een ideaal portret, Tussen toverdoos en mystieke grot, Theater van de mode.

Kort antwoord

Het centraal examen tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving vwo 2018, tijdvak 1 telt 28 vragen. De meeste vragen gaan over kunstgeschiedenis (15), beeldaspecten (6) en beschouwen (4). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.

Onderwerpen in dit examen

Onderwerp per vraag in het centraal examen tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving vwo 2018, tijdvak 1. Elke vraag is eenmalig door een AI-model bij een onderwerp ingedeeld; per vraag kan dat afwijken.
OnderwerpVragenAantal
Kunstgeschiedenis1, 3-6, 8, 11, 16, 19-21, 24-25, 27-2815
Beeldaspecten7, 9, 15, 18, 22-236
Beschouwen2, 10, 17, 264
Technieken12-143

Vergeleken met andere jaren

Vergeleken met de andere 10 examens tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving vwo sinds 2019: dit examen vroeg meer over kunstgeschiedenis (54% van de vragen, gemiddeld 39%). Minder over beschouwen (14% van de vragen, gemiddeld 30%).

Opgaven en correctievoorschrift

De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.

Oefenen als leerling

Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving vwo 2018, tijdvak 1 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.

Nakijken als docent

  1. Start gratis vanaf deze pagina

    Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving vwo 2018, tijdvak 1 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.

  2. Laat de klas het examen maken

    Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.

  3. Geef de resultaten vrij

    Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.

ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.

Vragen en antwoorden

Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving vwo 2018, tijdvak 1. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.

Een ideaal portret

Vragen bij afbeelding 1 tot en met 8

Op afbeelding 1 zie je het schilderij Portret van een man van Titiaan uit 1509. De kunstenaarsbiograaf Giorgio Vasari identificeerde de geportretteerde als een lid van de aristocratische Barbarigo-familie. Later is wel gesuggereerd dat het een zelfportret van Titiaan is. Deze suggestie wordt onder meer onderbouwd door te wijzen op de nieuwe positie die kunstenaars ten tijde van de renaissance krijgen.

Vraag 1 2 punten

Leg uit dat het maken van zelfportretten past bij de positie van kunstenaars ten tijde van de renaissance. Beschrijf vervolgens een kenmerk van Portret van een man dat uitdrukking geeft aan deze positie.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Kleurenbijlage

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

  • positie van kunstenaars ten tijde van de renaissance (een van de volgende): (1p)
    • De kunstenaar zag zichzelf niet langer als louter ambachtsman, maar ook als intellectueel/als homo universalis / kunstenaars bekleedden belangrijke posities aan de hoven. Het past bij dit nieuwe zelfbewustzijn om jezelf te vereeuwigen.
    • Kunstenaars wedijverden met elkaar, met een zelfportret kon een kunstenaar laten zien wat hij in huis had / kon hij zijn kunnen (op het gebied van het portretteren) presenteren en opdrachtgevers interesseren / kon hij roem vergaren.
    • Vanuit het humanisme ontstond in de renaissance aandacht voor het individu / de eigen identiteit. Het past bij deze aandacht om een zelfportret te maken.
  • Het beeld van de geportretteerde past hierbij, omdat (een van de volgende): (1p)
    • deze zelfbewust / vol vertrouwen de beschouwer aankijkt.
    • de wijze van schilderen getuigt van grote bekwaamheid / groots vertoon van kunnen, bijvoorbeeld in de manier waarop de mouw is weergeven.
    • Titiaan ervoor kiest zichzelf af te beelden in voorname kleding (niet als ambachtsman).

In 1568 schreef Vasari in zijn levensbeschrijvingen van renaissancekunstenaars over dit schilderij: "Toen Titiaan nog maar pas begonnen was Giorgones stijl na te volgen

  • hij was niet ouder dan achttien jaar
  • schilderde hij het portret van een met hem bevriende edelman uit de Barbarigo familie, een portret dat prachtig werd gevonden, daar de gelaatskleur heel goed en levensecht was weergegeven en de haren zozeer van elkaar onderscheiden dat men ze had kunnen tellen, zoals ook het geval was met de steken van een zilvergrijs satijnen wambuis dat hij in dit portret schilderde. Kortom men vond het zo goed en zorgvuldig gedaan dat het voor een werk van Giorgone zou zijn gehouden als Titiaan er, tegen een donkere achtergrond, niet zijn naam op had gezet.

In dit citaat draagt Vasari argumenten van verschillende aard aan waarom Titiaan als een groot kunstenaar werd beschouwd.

Vraag 2 2 punten

Geef, op basis van het citaat, twee van deze verschillende argumenten.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Kleurenbijlage

Bekijk het antwoord
  • twee van de volgende: − het natuurgetrouwe / levensechte karakter van het portret ("daar de gelaatskleur heel goed en levensecht was weergegeven en de haren zozeer van elkaar onderscheiden dat men ze had kunnen tellen, zoals ook het geval was met de steken van een zilvergrijs satijnen wambuis dat hij in dit portret schilderde".) − Het talent op jonge leeftijd ("niet ouder dan achttien jaar"). − Het evenaren van de grote meester ("dat het voor een werk van Giorgone zou zijn gehouden als Titiaan er, tegen een donkere achtergrond, niet zijn naam op had gezet".) per juist antwoord (1) (2)

Het Portret van een man op afbeelding 1 wordt vaak genoemd als inspiratiebron voor het zelfportret van Rembrandt uit 1640 dat je ziet op afbeelding 2. Het schilderij van Titiaan was in 1640 in Amsterdam. Het is goed mogelijk dat Rembrandt het heeft gezien. Voor Rembrandts zelfportret worden ook andere inspiratiebronnen genoemd, zoals een portret van Rafaël dat zich destijds in Italië bevond. Van Rembrandt is bekend dat hij nooit in Italië is geweest. Toch kon een zeventiende-eeuwse kunstenaar als Rembrandt, bij gebrek aan het originele schilderij, beschikken over andere beeldbronnen.

Vraag 3 2 punten

Noem twee van deze beeldbronnen.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Kleurenbijlage

Bekijk het antwoord
  • twee van de volgende: − drukwerk (etsen, prenten) waarin schilderijen werden gerepresenteerd (reproductiegrafiek) − tekeningen naar een schilderij (van de maker zelf of van kunstenaars die een kopie maakten) − schetsbladen (van de kunstenaar zelf die voorstudies maakte) − geschilderde kopieën (van de schilder zelf of van kunstenaars die een kopie maakten) per juist antwoord (1) (2)

Vraag 4 2 punten

Geef twee redenen waarom Rembrandt juist gekozen zou hebben voor werk van Titiaan en Rafaël als voorbeeld.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Kleurenbijlage

Bekijk het antwoord
  • twee van de volgende: − De Italiaanse kunst van de renaissance gold als schoolvoorbeeld / zeer hoogstaand. − Het kennen van de kunstgeschiedenis was een vereiste die in Rembrandts tijd van belang werd geacht. Met het verwijzen naar deze bekende voorbeelden toonde hij aan over de nodige kennis te beschikken. − Hij kon door te kiezen voor deze grote meesters laten zien wat hij zelf waard was al schilder. / Op deze manier kon hij zich met hen meten. − Rembrandt spiegelt zich aan de positie die deze kunstenaars innamen/kozen: de kunstenaar als voornaam persoon. per juist antwoord (1) (2)

Bekijk afbeelding 1 en 2 In de kunsttheorie in de Republiek in de zeventiende eeuw wordt de term 'aemulatio' gebruikt voor het overtreffen van een voorbeeld of voorganger.

Rembrandts zelfportret op afbeelding 2 is te zien als een overtreffing van het portret van Titiaan.

Vraag 5 2 punten

Beschrijf aan de hand van twee aspecten van Rembrandts portret waarom hier, volgens kunsttheoretici in de zeventiende eeuw, sprake is van aemulatio.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Kleurenbijlage

Bekijk het antwoord
  • Rembrandt baseert zijn zelfportret op dat van Titiaan, waarbij hij probeert dat op verschillende aspecten te overtreffen, zoals (twee van de volgende): − (levendig) Rembrandt kiest voor meer levendigheid door gebruik van grotere licht-donkercontrasten. Rembrandt werkt vooral in bruintinten en kiest voor veel licht-schaduwwerking, bijvoorbeeld het gezicht dat veel licht vangt en de arm / mouw die in donkere tinten uit het schilderij lijkt te steken. (Bij Titiaan zijn de licht-donkerverschillen genuanceerder.) − (realisme) Rembrandt kiest voor realisme in plaats van idealisering / het uitdrukking geven aan (oprechte) emotie / leven in het gezicht. De wijze waarop Rembrandt bijvoorbeeld ogen en mond weergeeft zorgt voor een 'open' of 'eerlijker' of levendiger gezicht. (Bij Titiaan is het gezicht eerder geïdealiseerd of verstild te noemen, oppervlakkiger.) − (directer) Rembrandt kiest voor een opener houding / directer contact met de beschouwer, door een meer naar de beschouwer gedraaide hoofd- en lichaamshouding. (Titiaans portret is meer op afstand, ingetogen.) − (stofuitdrukking) Rembrandt kiest voor het tonen van zijn kunnen in de weergave van verschillende stoffen / hij kiest voor een grotere variatie aan stoffen: bont met patroon, rijke stoffen met verschillende kleurbanen, kant en zilver. (Bij Titiaan is deze variatie kleiner.) − Rembrandt kiest voor een diagonaal, licht vlak en kiest daarmee voor (een theatraal licht)effect in plaats van voor natuurlijke lichtval. (Bij Titiaan is het licht consistent en egaal, geconstrueerd vanuit de waarneming.) per juist antwoord (1) (2)

Een van de bekendste leerlingen van Rembrandt is Govaert Flinck (1615- 1660). Flinck kreeg les van Rembrandt in Amsterdam van 1631 tot 1635. Op afbeelding 3 zie je een zelfportret van Flinck op 24-jarige leeftijd (1639).

De schrijver Arnold Houbraken omschreef Flinck in zijn boek De groote schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen (1718), als "een groot talent". Volgens Houbraken had Flinck de kwaliteit om het werk van zijn meester Rembrandt al op relatief jonge leeftijd te evenaren. Hierbij maakte Flink gebruik van het zogenaamde 'rapen': het kopiëren van (delen van) het werk van de meester.

Bekijk afbeelding 2 en 3. Het rapen werd in de kunsttheorie van de zeventiende eeuw aangemerkt als een geoorloofde en zelfs zinvolle activiteit. In het zelfportret op afbeelding 3 kopieert Flinck de houding en gezichtsuitdrukking van Rembrandts zelfportret.

Vraag 6 3 punten

Geef aan waarom het rapen zinvol werd geacht. Noem vervolgens nog twee voorbeelden uit dit werk van Flinck die aantonen dat hier sprake is van rapen.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Kleurenbijlage

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

  • een van de volgende: (1p)
    • om te leren (In de zeventiende eeuw was het gangbaar / een vereiste dat je als leerling leert door het werk van een meester te kopiëren. / Op de school (in het atelier) leert de leerling door 'rapen'.)
    • om inspiratie op te doen (In de zeventiende eeuw was het gangbaar dat kunstenaars / leerlingen zich lieten inspireren door de traditie.)
    • om je kunnen te tonen (Het nabootsen van de handeling van de meester betekende dat je 'de ogen kon bedriegen' en dat was het doel van de schilderkunst.)
  • Flinck kopieert Rembrandt voor wat betreft de volgende onderdelen (twee van de volgende): (2p)
    • het werken met licht-donkercontrasten (tussen gezicht en kleding, en ook tussen kleding en glimmende versieringen)
    • het werken in aarde- of bruintinten
    • voorname kledingkeuze: Flinck kiest voor vergelijkbare, donkere (voorname) kleding en een baret (met zilveren versiering).
    • de keuze voor een realistische benadering in plaats van een idealiserende (bijvoorbeeld in de weergave van het gezicht)
    • de techniek: een gedetailleerd uitgewerkte stofuitdrukking afgewisseld met suggestieve delen

Opmerking Als slechts één juist voorbeeld wordt genoemd, 1 scorepunt toekennen.

Bekijk afbeelding 4. Op afbeelding 4 zie je Portret van Suzanna van Baerle dat Flinck schilderde in 1655. Flinck stapte in de jaren veertig af van de stijl die hij bij Rembrandt had geleerd en koos voor de hofstijl, die classicistisch wordt genoemd.

Vraag 7 3 punten

Noem aan de hand van het Portret van Suzanna van Baerle drie aspecten die classicistisch zijn.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Kleurenbijlage

Bekijk het antwoord
  • drie van de volgende: − de tekenachtige, lineaire benadering (designo) − gedetailleerde uitwerking (o.a. stofuitdrukking) gelijkmatig over het hele doek − de onzichtbare penseelstreek − het (afgewogen) gebruik van kleur: koel geel, blauw en rood (in plaats van warme aarde- / bruintinten) − licht: een gelijkmatige en consistente belichting (van het eerste plan) − ruimtebehandeling: gebruik van lijnperspectief en/of een geschilderd doorkijkje of het gebruik van plans (voorgrond, midden en achtergrond / ondiepe kijkdoos-effect) − een geposeerde houding − de entourage / het interieur met vaas en pilasters per juist antwoord (1) (3)

Bekijk afbeelding 4. Flinck verwierf rond 1650 een positie in het topsegment van de kunstmarkt. Zijn 'moderne' manier van werken sloot blijkbaar beter aan bij de wensen van de opdrachtgevers, de rijke Amsterdamse burgerij, dan zijn oude, Rembrandteske stijl.

Vraag 8 2 punten

Geef twee verklaringen waarom Flincks nieuwe stijl beter paste bij de wensen van de rijke burgerij.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Kleurenbijlage

Bekijk het antwoord
  • twee van de volgende: − Deze stijl was internationaal in de mode (onder andere aan het Engelse en Franse hof) en was daarom interessant voor de Amsterdamse burgerelite: zij konden zich zo meten met de internationale elite. − In de nieuwe stijl van Flinck is sprake van meer idealisering en het is goed voorstelbaar dat de rijke burgers, zoals Suzanna van Baerle, zich liever op deze verfijnde en elegante wijze geportretteerd zagen (dan op de realistischere wijze van Rembrandts stijl). − Deze stijl leende zich beter voor het (tot in detail) weergeven van rijkdom / pracht en praal, zoals kleding, sieraden en voorwerpen. − Deze stijl leende zich beter voor het verwerken van symboliek / symbolische details en daarmee het vertellen van een verhaal, zoals (in dit geval) de parel en de tulp. per juist antwoord (1) (2)

Denkbeelden over het ideale portret zijn niet voorbehouden aan de zeventiende eeuw. Ook in de eenentwintigste eeuw wordt hierover volop nagedacht. In 2015 publiceerde de Nederlandse kunstenaar Willem Popelier de Do-It- Yourselfie-Guide, een handboek met bijhorende kaartenset voor het maken van een perfecte selfie (figuur 1 en 2). Voor dit werk analyseerde Popelier duizenden tips, bronnen en selfies op internet.

figuur 1 figuur 2

Bij elke aanwijzing voor het maken van een perfecte selfie hoort een foto waarmee Popelier de aanwijzing illustreert (afbeelding 5 t/m 8). Popelier creëert in zijn handboek een standaard voor selfies.

Vraag 9 1 punt

Geef aan hoe Popelier door de vormgeving van zijn selfies benadrukt dat het hier gaat om een standaard.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Kleurenbijlage

Bekijk het antwoord
  • Popelier maakt gebruik van een vast format: hij reduceert zichzelf tot voorbeeldpop / voorbeeldmodel, telkens in dezelfde kleding, tegen eenzelfde witte achtergrond (eventueel met gebruik van een donker attribuut), hierdoor wordt benadrukt dat het om een standaard gaat. (1)

De Do-It-Yourselfie-Guide van Popelier is te beschouwen als een ironisch commentaar op de selfie-cultuur.

Vraag 10 2 punten

Geef hiervoor twee argumenten.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Kleurenbijlage

Bekijk het antwoord
  • twee van de volgende: − Popeliers gezichtsuitdrukkingen verraden een lichte spot / droogkomische humor, zijn werk is zichtbaar een parodie op het genre/de cultuur en daarmee een ironisch commentaar erop. − Popelier maakt een officiële gids met 'geschreven regels' over de selfie-cultuur en becommentarieert daarmee de ogenschijnlijke ongedwongenheid/spontaniteit van de selfie-cultuur. − Popelier perst zichzelf in tal van bekende selfieposes, maar doordat de gebruikelijke context/entourage mist, of doordat deze tot in het extreme is getrokken (cactus als natuur), toont hij het belachelijke karakter ervan. − Popelier stelt zichzelf centraal in dit handboek en dat is te zien als een commentaar op de selfie-cultuur waarin de fotograaf zichzelf ook telkens weer centraal stelt. per juist antwoord (1) (2)

Bekijk afbeelding 2 t/m 8. Het werk van Popelier toont de kracht aan van (het doorwerken van) beeldconventies. Het maken van een selfie is een relatief nieuw fenomeen, toch zou je kunnen beargumenteren dat de selfie in een lange beeldtraditie van (zelf)portretten staat.

Vraag 11 3 punten

Geef, op basis van afbeelding 2 t/m 8, drie argumenten waarmee je aantoont dat de selfie in een lange traditie staat.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Kleurenbijlage

Bekijk het antwoord
  • De regels die Popelier geeft / conventies die hij beschrijft of toont, zijn ook al aanwezig in het werk van Rembrandt en Flinck (drie van de volgende): − De waarde van 'een interessante gezichtsuitdrukking' is een van de handelsmerken van Rembrandt (en zijn leerling Flinck). − De waarde van een interessante / elegante pose (iets vasthouden, de stand van de handen) is zichtbaar in Flinks portret van Suzanna van Baerle. − De waarde van een decoratieve / interessante achtergrond of omgeving is zichtbaar in Flinks portret van Suzanna van Baerle. − Het belang van werken in de laatste mode is zichtbaar in Flinks portret van Suzanna van Baerle. (Flinck maakte een stijlwijziging door in de jaren veertig van de zeventiende eeuw.) − Bij selfies worden idolen/beroemdheden/voorbeelden vaak gevolgd in mimiek en gebaar en dit is ook zichtbaar in Flincks zelfportret waarin hij Rembrandt navolgt. per juist antwoord (1) (3)

Tussen toverdoos en mystieke grot

Vragen bij afbeelding 9 tot en met 15

In 1918 vatte Le Raincy, een gemeente ten noordoosten van Parijs, het plan op voor de bouw van een kerk. Deze moest onder meer dienen als monument ter herinnering aan een veldslag die de Fransen in 1914 leverden in de buurt van Le Raincy. De gemeente wilde dat het gebouw er snel zou komen, maar had

  • als gevolg van de Eerste Wereldoorlog
  • weinig geld ter beschikking.

Het bedrijf Perret Frères, onder leiding van Auguste Perret, kreeg de opdracht. De firma had enige bekendheid gekregen door haar betrokkenheid bij de bouw van een appartementencomplex, een garage en een theater, met behulp van gewapend beton.

De gemeente nam, met de keuze voor Perret, risico's.

Vraag 12 2 punten

Noem twee van deze risico's. Laat financiële risico's buiten beschouwing.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Kleurenbijlage

Bekijk het antwoord
  • twee van de volgende: − Perret was relatief onervaren (had nog niet veel gebouwen zelf ontworpen en gebouwd). − Perret bouwde met een destijds nieuw materiaal / procedé: gewapend beton. − Perret had niet eerder een kerk / monument ontworpen of gebouwd. − Perret was, als architect, ongeschoold. per juist antwoord (1) (2)

In 1923 werd de Notre-Dame du Raincy opgeleverd. Op figuur 3 en 4 zie je het exterieur van de kerk. Op afbeelding 9 en 10 zie je het interieur.

Perrets manier van bouwen was economisch gezien voordelig.

Vraag 13 3 punten

Leg voor drie aspecten van de bouw van de Notre-Dame du Raincy uit waarom deze voordelig was.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Kleurenbijlage

Bekijk het antwoord
  • drie van de volgende: − industriële vervaardiging: De betonelementen waaruit de kerk hoofdzakelijk is opgetrokken werden industrieel vervaardigd (gieten van beton in rasters). Er was zodoende weinig mankracht nodig (geen handwerk) en dat maakt de bouw relatief goedkoop. − beperkt aantal vormen: De kerk werd opgetrokken uit een herhaling van dezelfde vormen. Dit betekent veel hergebruik van (zelfs reeds bestaande) mallen en dat is goedkoop. − materiaalkosten: Het gebouw bestaat hoofdzakelijk uit beton en glas (en geen bijzondere of exclusieve materialen) en is om die reden relatief goedkoop. − systeembouw: Veel onderdelen van de kerk (de buitenwanden, het gewelf, de zuilen, de elementen voor de toren) werden geprefabriceerd en op de bouwplaats met elkaar verbonden. Dit maakt het bouwen snel en weinig arbeidsintensief en zodoende goedkoop. − onbewerkt materiaal: Het gewapende beton is ruw toegepast, zonder verdere bekleding, dit maakt het relatief goedkoop. − goedkope arbeidskrachten: Er kan gebruikgemaakt worden van relatief goedkope arbeidskrachten, de inzet van verschillende ambachtslieden met specifieke kennis of vaardigheden is bij deze kerk beperkt. per juist antwoord (1) (3)

[figuur 3: zie het originele examen]

[figuur 4: zie het originele examen]

Perrets kerk in Le Raincy wordt ook wel de 'Sainte-Chapelle van gewapend beton' genoemd. De bijnaam verwijst naar de beroemde middeleeuwse hofkapel van koning Lodewijk IX in Parijs. Op figuur 5 en 6 zie je het exterieur van de Sainte-Chapelle in Parijs en op afbeelding 11 zie je een gedeelte van het interieur.

figuur 5 figuur 6

Het is heel goed mogelijk dat Perret de Sainte-Chapelle als voorbeeld nam voor zijn Notre-Dame du Raincy.

Vraag 14 2 punten

Geef een bouwkundige reden waarom de Sainte-Chapelle een aantrekkelijk voorbeeld vormde. Geef vervolgens een reden voor de keuze van dit voorbeeld in het kader van Perrets status.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Kleurenbijlage

Bekijk het antwoord
  • bouwkundig: De Sainte-Chapelle is een voorbeeld van skeletbouw / geraamte van pijlers, bogen en steunberen, en skeletbouw is ook kenmerkend voor bouwconstructies met gewapend beton (waardoor muren niet dragend zijn en er grote glas-in-loodramen geplaatst kunnen worden) (1)
  • status: De Sainte-Chapelle is een interessant voorbeeld, omdat de Notre-Dame du Raincy daarmee in een reeks van beroemde kerken komt te staan en dat werkt statusverhogend voor Perret (1)

[figuur 7: zie het originele examen]

Plattegrond van de Notre-Dame du Raincy

Bekijk afbeelding 9 en 10, figuur 3 en figuur 7 Auguste Perret was bekend met de theorieën van Viollet-le-Duc. In de Notre-Dame du Raincy zijn voorbeelden te vinden van de Grieks-gotische synthese die Viollet-le-Duc zo waardeerde. Zo zijn de pijlers op te vatten als een synthese van de hoge, gebundelde pijlers uit de gotische traditie met de Griekse traditie waarin pijlers naar boven toe versmallen.

Vraag 15 2 punten

Geef aan op welke wijze er sprake is van deze Grieks-gotische synthese

  • in de voorgevel en
  • in de indeling van de (binnen)ruimte. Let op dat je voor beide zowel het gotische als het Griekse aspect benoemt.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Kleurenbijlage

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

  • voorgevel (een van de volgende): (1p)
    • Gotisch is de bundeling van de (hoge smalle) pijlers, en Grieks de plaatsing aan de voorzijde van het gebouw.
    • Gotisch is de verticaliteit (in de toren), en Grieks de stapeling van cilinders of het gebruik van stapelbouw / de horizontale-verticale structuur (geen spitsbogen).
    • Gotisch zijn de grote ramen, en Grieks de indeling van de gevel (van het schip) aan de voorzijde (met een architraaf, trigliefen en een fronton).
  • de indeling van de (binnen)ruimte (een van de volgende): (1p)
    • Gotisch is de hoge, driebeukige opzet, en Grieks de in een of twee rechthoek(en) geplaatste zuilen.
    • Gotisch is de grondvorm met absis, en Grieks de rechthoekige grondvorm.

Opmerking Alleen als zowel het gotische als het Griekse element wordt genoemd

1 scorepunt toekennen.

Perret wordt in de kunstgeschiedenis gezien als degene die een moderne, betonnen variant toevoegde aan deze 'Grieks-gotische' traditie. Maar de architectuur van de Notre-Dame du Raincy valt ook te plaatsen binnen andere stijlen dan de (neo-)Griekse of (neo-)Gotische.

Vraag 16 2 punten

Noem twee andere stijlen waarbinnen de kerk van Perret te plaatsen valt. Geef per stijl een argument waarom de Notre-Dame du Raincy er binnen past.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Kleurenbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Alleen als zowel de stijltraditie met een daarbij horend juist argument wordt genoemd 1 scorepunt toekennen.

De gotische kerk, zoals de Sainte Chapelle in Parijs, was bedoeld om het idee van 'God is licht' in de kerk ervaarbaar te maken. De glas in loodramen stonden in dienst van dit doel.

Bekijk afbeelding 9 tot en met 11. Je kunt stellen dat de Notre-Dame du Raincy de Sainte-Chapelle zelfs overtreft als het gaat om het ervaarbaar maken van 'God is licht'.

Vraag 17 3 punten

Geef op basis van de architectuur van de Notre-Dame du Raincy drie argumenten die deze stelling ondersteunen.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Kleurenbijlage

Bekijk het antwoord
  • drie van de volgende: − Perrets ontwerp laat veel meer licht toe door de toepassing van raampartijen met een relatief groot glasoppervlak (ten opzichte van het oppervlak van de raamomlijsting) (veel meer dan de door spitsbogen ingekaderde ramen van de Sainte-Chapelle). − Perrets ontwerp laat veel meer licht toe door het gebruik van helder en licht gekleurd glas (meer dan het donkere glas in lood van de Sainte- Chapelle). − Perrets ontwerp is lichter, omdat het geen steunberen bevat die de directe lichtinval belemmeren (anders dan de door steunberen omgeven glas in loodramen van de Sainte-Chapelle). − Perrets eenvoudige (veelal geometrische) ontwerp van de raampartijen benadrukt de werking van het licht sterker (meer dan de raampartijen van de Sainte-Chapelle waar ook aandacht wordt opgeëist door de voorstellingen). − Het glas en beton zijn samen (anders dan de glas-in-loodramen van de Sainte-Chapelle) meer als totaal / als één geheel ontworpen en dat versterkt de idee van eenheid van licht / de symboliek van 'God is licht'. per juist antwoord (1) (3)

De Franse architect Le Corbusier was twee jaar in de leer bij Perret en legde daarmee de basis voor zijn werk in beton. Op figuur 8 zie je de Villa Savoye uit 1929 die Le Corbusier ontwierp. De villa, slechts enkele jaren na de kerk in Raincy gerealiseerd, werd een schoolvoorbeeld van modernistische architectuur. Op de begane grond bevinden zich de entree, de garage en ruimtes voor het personeel. De eerste verdieping herbergt de woonkamer, keuken, slaapkamers, badkamers, kantoorruimte en een terras. Op het dak bevindt zich een zonneterras.

[figuur 8: zie het originele examen]

Het moderne bouwen gaat vaak gepaard met functionalisme, maar bij Le Corbusier lijken esthetische overwegingen soms belangrijker dan functionele.

Vraag 18 2 punten

Beschrijf twee aspecten van de Villa Savoye waar esthetische overwegingen belangrijker lijken dan functionele.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Kleurenbijlage

Bekijk het antwoord
  • twee van de volgende: − Het 'optillen' van de leefruimte naar de eerste verdieping zorgt weliswaar voor een doorlopend maaiveld, maar is voor de bewoners niet (altijd) praktisch/functioneel. − Het wit schilderen van de gevel en de pilaren heeft geen beschermende functie (voor het materiaal), maar benadrukt vooral de vorm van het gebouw (in contrast met de ruimte er omheen). − De keuze voor ronde vormen / cilinders op het dak heeft geen praktische functie, maar zorgt voor een fraai contrast met de rechthoekige doos op de eerste etage en/of komt voort uit het idee van machine-esthetiek. − De keuze voor een plat dak zorgt voor een zuivere geometrische vorm / zorgt voor een scherp contrast tussen rond en hoekig, maar is in een nat klimaat niet optimaal/functioneel. per juist antwoord (1) (2)

Le Corbusier, en niet Perret, is de geschiedenis ingegaan als dé grote modernist.

Vraag 19 3 punten

Geef drie verklaringen waarom Le Corbusier die status van grote modernist wel heeft gekregen.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Kleurenbijlage

Bekijk het antwoord
  • Le Corbusier heeft die status van grote modernist gekregen (drie van de volgende): − door zijn herkenbare stijl / strak moderne esthetiek (Internationale Stijl) die door veel architecten is nagevolgd. − doordat hij zijn visie op (moderne) architectuur in veel publicaties/lezingen uitdroeg (sterke pr voor zichzelf). − doordat hij zowel architect als theoreticus was (anders dan Perret die in de eerste plaats aannemer was en nauwelijks een theorie op schrift stelde). − doordat hem (ook) een bepaald modern mensbeeld voor ogen stond / doordat hij bouwde vanuit een moderne maatschappijvisie (hij bouwde sociale architectuur). − doordat hij als architect internationaal werkzaam was (anders dan Perret die nauwelijks buiten Frankrijk werkte). per juist antwoord (1) (3)

Kort na de Tweede Wereldoorlog kreeg Le Corbusier het verzoek om een kerk te bouwen voor een kleine geloofsgemeenschap in Ronchamp. De bouw van deze kerk, de Notre-Dame du Haut, was gereed in 1955. Op afbeelding 12 zie je een foto van het exterieur en op afbeelding 13 tot en met 15 zie je het interieur.

Le Corbusier veroorloofde zich in de architectuur van de Notre-Dame du Haut grote vrijheden. Deze kerk was een totaal nieuwe variant op de bestaande typologie van kerkgebouwen. De onregelmatig geplaatste vensters (met verschillende formaten) van de kerk in Ronchamp wijken bijvoorbeeld sterk af van de bestaande typologie, waarbij vensters op een lijn en op regelmatige afstand worden geplaatst.

Bekijk afbeelding 12.

Vraag 20 3 punten

Leg aan de hand van nog drie aspecten van het exterieur uit waardoor die vernieuwing in typologie wordt bepaald. Noem daarbij telkens zowel de vernieuwing als de bestaande typologie in je antwoord.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Kleurenbijlage

Bekijk het antwoord
  • drie van de volgende: − De scheve en gekromde wanden van de kerk in Ronchamp zijn organisch en wijken daarmee sterk af van de traditionele typologie van een kerk met geometrische vormen. − Het dak van de Notre-Dame du Haut is een (holle) vorm die over de gevel heen steekt / die doet denken aan een paddenstoel, en wijkt daarmee sterk af van de traditionele geometrische (punt)daken. − De kerk in Ronchamp heeft een (weinig opvallende) lage toren die los staat van de kerk, terwijl de hoge toren(s) (op de viering of het westwerk) een belangrijk onderdeel is van de typologie van veel traditionele kerken. − De kerk in Ronchamp heeft geen direct herkenbare façade, zij- en achterkant, dit is een belangrijk onderdeel van de typologie van traditionele kerken (westfront, middenschip, koor aan de oostzijde). − De kerk in Ronchamp heeft geen geprononceerde ingangspartij, dit is wel een belangrijk onderdeel van de typologie van traditionele kerken (grote deuren / poort, portaal). per juist antwoord (1) (3)

De architectuurhistoricus Charles Jencks typeerde de villa en de kerk als volgt: "Is de Villa Savoye een koele rationalistische toverdoos waarin een 'promenade architecturale' voert langs een schitterende opeenvolging van in elkaar overlopende ruimtes; de knoestige, sculpturale kerk in Ronchamp is, met zijn dikke muren en kleine ramen, een mystieke bedevaartsgrot."

Bekijk afbeelding 12 tot en met 15. Volgens Jencks legde Le Corbusier met zijn "mystieke bedevaartsgrot" (de Notre-Dame du Haut in Ronchamp) de basis voor het postmodernisme.

Vraag 21 2 punten

Geef op basis van de architectuur van de Notre-Dame du Haut twee redenen waarom deze postmodern te noemen is.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Kleurenbijlage

Bekijk het antwoord
  • twee van de volgende: − Materiaalgebruik en vormen van de Notre-Dame du Haut zijn niet (louter) functioneel (form follows function), maar hebben (vooral) een verhalende functie en dat is postmodern te noemen. − De speelse/organische vormgeving van de Notre-Dame du Haut lijkt een directe reactie op de rationele/strenge modernistische vormgeving. Het afzetten tegen het modernisme is postmodern te noemen. − De Notre-Dame du Haut is met haar dikke muren en kleine ramen het tegenbeeld van de moderne uitgangspunten licht, lucht en ruimte. Het afzetten tegen het modernisme is postmodern te noemen. − De Notre-Dame du Haut is door het 'speelse' karakter (spel met licht en kleur, vrij en afwisselend gebruik van vormen) een voorbeeld te noemen van het postmoderne adagium 'less is a bore'. per juist antwoord (1) (2)

Bekijk afbeelding 13 tot en met 15. De typering van de Notre-Dame du Haut als "mystieke bedevaartsgrot" valt niet alleen te verklaren vanuit de knoestige, sculpturale vorm, maar ook door het spel met licht.

Vraag 22 3 punten

Beschrijf drie manieren waarop Le Corbusier de lichtinval manipuleert.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Kleurenbijlage

Bekijk het antwoord
  • drie van de volgende: − Door het formaat van de ramen te variëren valt er in meer of mindere mate licht (direct) naar binnen. − Door de speelse plaatsing van de ramen in de gevel valt er op sommige plaatsen meer licht naar binnen dan op andere. − Door het op verschillende manieren afschuinen van de vensterranden (als een soort schietgaten) valt het licht op verschillende wijzen naar binnen gericht/gebundeld, of juist gespreid. − Door kieren te laten tussen de wanden (en tussen de wanden en het plafond) valt licht als strijklicht op de wanden. − Door kleuraccenten in het glas wordt het licht gekleurd. per juist antwoord (1) (3)

Theater van de mode

Vragen bij afbeelding 16 tot en met 22

[figuur 9: zie het originele examen]

foto van het duizend-en-tweede-nacht-feest

De Franse modeontwerper Paul Poiret liet zich voor zijn ontwerpen inspireren door culturen uit het Nabije Oosten en Noord-Afrika, een gebied dat destijds aangeduid werd als de Oriënt. Op afbeelding 16 zie je Poirets ontwerp Sjieke jurk uit 1911. Dit ontwerp werd gedragen op het duizend-en-tweede-nacht-feest dat Poiret organiseerde in de tuin van zijn atelier (figuur 9).

Vraag 23 3 punten

Noem drie aspecten van Poirets ontwerp op afbeelding 16 die geïnspireerd zijn op de Oriënt.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Kleurenbijlage

Bekijk het antwoord
  • drie van de volgende: − de wijdvallende (harem)broek − de tuniek − het tulband-achtige hoofddeksel − het kleurgebruik − de versieringen in de kleding, in de vorm van edelstenen en kwastjes per juist antwoord (1) (3)

[figuur 10: zie het originele examen]

Het feest van Poiret was geïnspireerd op een bundel Oosterse vertellingen getiteld Duizend-en-één-nacht. Op figuur 10 zie je Poiret die tijdens het feest poseert samen met zijn vrouw en muze Denise Poiret. Het beeld van het Oosten dat tijdens het feest werd gecreëerd, is een beeld dat ook in de schilderkunst van de negentiende eeuw veelvuldig is neergezet. Een voorbeeld daarvan is de voorstelling van een harem in De vrouwen van Algiers in hun vertrek van Eugène Delacroix uit 1834 (afbeelding 17).

De Oriënt had een grote aantrekkingskracht op kunstenaars en ontwerpers zoals Delacroix en Poiret.

Vraag 24 2 punten

Noem, aan de hand van figuur 9 en 10 en afbeelding 17, twee aspecten waaruit de aantrekkingskracht van de Oriënt bestond.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Kleurenbijlage

Bekijk het antwoord
  • De Oriënt vormde een inspiratiebron vanwege (twee van de volgende): − de rijkdom aan andere/'nieuwe' vormen en kleuren (bijvoorbeeld de rijk gekleurde en geornamenteerde kleden, tegels en stoffen). − de associatie met sensualiteit (de pasja's en hun harems). − de (nieuwe) verhalen, thema's / onderwerpen afkomstig uit deze wereld (de sprookjes van Duizend-en-één-nacht bijvoorbeeld). per juist antwoord (1) (2)

Poiret ontwierp, behalve voor zijn themafeesten, ook jurken voor andere speciale gelegenheden. Denise Poiret droeg bijvoorbeeld de avondjurk Théâtre des Champs-Élysées naar de première van de dansvoorstelling Le Sacre du Printemps van het destijds zeer spraakmakende balletgezelschap Les Ballets Russes.

Het bijwonen van premières in bijzondere ontwerpen en het organiseren van themafeesten waren geschikte reclamemiddelen voor Poirets mode.

Vraag 25 2 punten

Geef twee argumenten waarom dergelijke evenementen als geschikte reclamemiddelen functioneerden.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Kleurenbijlage

Bekijk het antwoord
  • twee van de volgende: − Beide gelegenheden trekken het 'juiste', mondaine / rijke / hippe / modebewuste publiek aan. − Beide gelegenheden zijn vanwege het feestelijke karakter geschikt om uitbundige (avant-gardistische) ontwerpen te dragen. − Beide gelegenheden genereren publiciteit via artikelen en foto's in kranten en tijdschriften (en bereiken daarmee een groot/breed publiek). per juist antwoord (1) (2)

Op figuur 11 zie je een foto van Denise gekleed in Poirets ontwerp 'Faun' uit 1919. Voor de spiegel staat het beeld Vogel van de avant- gardebeeldhouwer Brancusi. De foto is gemaakt door de Amerikaanse fotograaf Man Ray. Poiret was een van de eerste couturiers die zijn ontwerpen liet fotograferen. Dergelijke foto's verschenen in modetijdschriften zoals Vogue en Harper's Bazar.

In 1967 schreef de filosoof Roland Barthes een essay over de modefotografie. Volgens Barthes werd de wereld in de modefotografie meestal gefotografeerd in de vorm van een decor, een achtergrond of een scène. Barthes noemde dit 'het theater van de mode', waarbij het decor de betekenis van het getoonde kledingstuk mede bepaalt of versterkt.

Poiret en Man Ray hebben het decor op de foto (figuur 11) op een dusdanige manier gekozen, dat (de betekenis van) het ontwerp wordt versterkt.

Vraag 26 2 punten

Leg aan de hand van twee aspecten uit hoe het decor (de betekenis van) het ontwerp versterkt.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Kleurenbijlage

Bekijk het antwoord
  • twee van de volgende: − De sculptuur van een sprookjesachtige vogel (Vogel van Brancusi) versterkt het exotische / dierlijke karakter van Poirets ontwerp. (Door deze associatie wordt Denise als het ware een exotische paradijsvogel.) − Het poseren voor het met bloemen gedecoreerde behang versterkt het natuurlijke / exotische / dierlijke karakter van Poirets ontwerp. (Door deze associatie wordt Denise als het ware een exotische paradijsvogel.) − Het gebruik van een avant-gardistisch kunstwerk, in een verder voorname traditionele, 'klassieke' omgeving, benadrukt het avant- gardistische of surreële karakter van Poirets ontwerp. − De voorname en sierlijke/verfijnde omgeving (ornamentiek, behang, materiaal) verleent ook Poirets ontwerp grandeur/klasse. per juist antwoord (1) (2)

[figuur 11: zie het originele examen]

Denise Poiret in 'Faun'-jurk, foto van Man Ray,1919

Let op: de laatste vragen van dit examen staan op de volgende pagina.

Op afbeelding 18 tot en met 22 zie je foto's waarop de herfst- en wintercollectie 2013 van het Nederlandse ontwerpersduo Viktor&Rolf wordt getoond. De show begon met een minutenlange meditatie van het ontwerpersduo, zittend op een podium dat bedekt is met een print van aangeharkt grind. Vervolgens verdwenen de ontwerpers naar de achtergrond en klonk er een gong in een herhalend ritme. Daarna kwamen er één voor één twintig modellen het podium op. Om de beurt werden de modellen door Viktor en Rolf op het podium gepositioneerd. De ontwerpers drapeerden vervolgens de kleding om en over de modellen zodat er een beeld van rots en gras ontstond. De show eindigde met vijf groepen modellen verspreid over het podium.

Viktor&Rolf raakten geïnspireerd door de Japanse zentuin of rotstuin (kare-sansui) van de vijftiende-eeuwse tempel in Kyoto. Deze tuin werd nagebootst als setting voor hun modeshow die het thema 'mindfulness' kreeg. Van het ontwerpersduo wordt vaak gezegd dat het de grens opzoekt tussen kunst en mode. In de modeshow van de herfst- en wintercollectie 2013, zijn verschillende stromingen uit de beeldende kunst van na de Tweede Wereldoorlog als inspiratiebron te herkennen.

Vraag 27 1 punt

Noem een van deze stromingen.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Kleurenbijlage

Bekijk het antwoord
  • een van de volgende: − performance art − minimal art (1)

Poiret is te beschouwen als wegbereider en voorbeeld voor Viktor&Rolf. Zo gebruikte Poiret, net als Viktor&Rolf, de kunst als inspiratiebron voor zijn ontwerpen.

Vraag 28 2 punten

Beschrijf nog twee aspecten van het werk van Viktor&Rolf waaruit blijkt dat Poiret voor hen een voorbeeld vormt.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Kleurenbijlage

Bekijk het antwoord
  • twee van de volgende: − Net als Poiret tonen Viktor&Rolf hun mode in een exotische / oosterse setting. − Net als Poiret tonen Viktor&Rolf hun mode in een theatrale / geënsceneerde setting. − Net als Poiret combineren/gebruiken Viktor&Rolf verschillende kunstdisciplines (muziek, drama / dans) om hun mode te presenteren. − Net als Poiret (oriëntalisme) sluiten Viktor&Rolf aan op een trend door te kiezen voor het thema mindfulness. per juist antwoord (1) (2)

Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen vwo Tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving 2018, tijdvak 1. Afbeeldingen en de exacte opmaak staan in het originele examen: https://www.examenblad.nl/2018/vwo/documenten/cse-1/vw-5001-a-18-1-o

Andere examens tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving vwo

Veelgestelde vragen

Hoeveel vragen heeft het eindexamen tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving vwo 2018, tijdvak 1?

Het centraal examen tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving vwo 2018, tijdvak 1 telt 28 vragen. De meeste vragen gaan over kunstgeschiedenis (15), beeldaspecten (6) en beschouwen (4).

Wat zijn de antwoorden van het examen tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving vwo 2018, tijdvak 1?

Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.

Waar vind ik het correctievoorschrift van tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving vwo 2018, tijdvak 1?

Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2018/vwo/documenten/cse-1/vw-5001-a-18-1-c).

Hoe oefen ik met het examen tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving vwo 2018, tijdvak 1 en krijg ik feedback?

Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.