Eindexamen aardrijkskunde vmbo-gl/tl 2018, tijdvak 2: vragen en antwoorden
Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Weer en klimaat, Water, Bevolking en ruimte.
Het centraal examen aardrijkskunde vmbo-gl/tl 2018, tijdvak 2 telt 46 vragen. De meeste vragen gaan over weer en klimaat (14), water en rivieren (9) en bevolking en migratie (9). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.
Onderwerpen in dit examen
| Onderwerp | Vragen | Aantal |
|---|---|---|
| Weer en klimaat | 1-7, 9-15 | 14 |
| Water en rivieren | 19, 22-23, 25-28, 30-31 | 9 |
| Bevolking en migratie | 32-35, 37-41 | 9 |
| Verstedelijking | 36, 42-46 | 6 |
| Nederland: wonen en water | 16-18, 20-21 | 5 |
| Landbouw en voedsel | 8, 24 | 2 |
| Energie en grondstoffen | 29 | 1 |
Vergeleken met andere jaren
De verdeling over de onderwerpen ligt dicht bij het gemiddelde van de andere 17 examens aardrijkskunde vmbo-gl/tl sinds 2018. Geen enkel onderwerp wijkt meer dan zes procentpunten af.
Opgaven en correctievoorschrift
De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.
Oefenen als leerling
Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen aardrijkskunde vmbo-gl/tl 2018, tijdvak 2 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.
Nakijken als docent
Start gratis vanaf deze pagina
Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen aardrijkskunde vmbo-gl/tl 2018, tijdvak 2 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.
Laat de klas het examen maken
Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.
Geef de resultaten vrij
Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.
ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.
Vragen en antwoorden
Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen aardrijkskunde vmbo-gl/tl 2018, tijdvak 2. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.
Weer en klimaat
bron 1 Weerkaart provincie Groningen, 19 december 2016
N
6 °C
6 °C temperatuur op
3 de Martinitoren 7 °C
7 °C
7 °C
Vraag 1 1 punt
Bekijk bron 1. Bron 1 laat een weerkaart van de provincie Groningen zien. Welke weerelementen ontbreken er op de weerkaart?
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
Antwoord: B
Vraag 2 1 punt
Bekijk bron 1. De temperatuur bovenop de Martinitoren is 7 °C. De Martinitoren is ongeveer 100 meter hoog. Wat is de temperatuur aan de grond?
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
Antwoord: C
bron 2 Weeroverzicht van Thesinge (Groningen) op 27 maart 08.00 uur tot en met 29 maart 08.00 uur
maandag 27 maart dinsdag 28 maart woensdag 29 maart 08u 11u 14u 17u 20u 23u 02u 05u 08u 11u 14u 17u 20u 23u 02u 05u 08u
18 °C 15 12 9 6 3
0 1,0 0,5 0,5 0,5 0,7
wind
Legenda: 1,0 zonnig zwaar bewolkt neerslag in mm wind licht bewolkt regen temperatuur in °C nacht
Vraag 3 1 punt
Bekijk bron 2. Bron 2 laat zien dat de temperatuur in Thesinge (Groningen) in de nacht van maandag op dinsdag lager was dan in de nacht van dinsdag op woensdag. Geef met behulp van bron 2 een oorzaak van het verschil in temperatuur.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Juiste oorzaken zijn: − Er was een verschil in bewolkingsgraad / In de nacht van maandag op dinsdag was het licht bewolkt en in de nacht van dinsdag op woensdag was het zwaar bewolkt. − Er was een verschil in windrichting / In de nacht van maandag op dinsdag waaide er een (koude) oostenwind en in de nacht van dinsdag op woensdag een zuidwestenwind. (1)
bron 3 Twee weerkaarten van Europa
weerkaart 1 980
990 985 L 995 1000 L
980 1005 1010
985 1010 1015 1015 1020 1020 1025 1025
1030 1030 1035
1025 H H 1040
1020 1015 1010 1030 L
Legenda:
1015 luchtdruk L lagedrukgebied H hogedrukgebied
weerkaart 2 1040
990 H 1030 1025
1035 L970975 1030 L 980 985
1015 1025 990
995 1020 1000 1005
1010 L 1010 1015 1025 1020 1015
H 1020 1025
1025 Legenda:
1015 luchtdruk L lagedrukgebied H hogedrukgebied
Vraag 4 1 punt
Bekijk bron 3. In bron 3 staan twee weerkaarten van Europa. Geef eerst aan op welke weerkaart het in Nederland het meest bewolkt is. Kies uit: weerkaart 1 of weerkaart 2. Geef daarna een argument voor je keuze vanuit de weerkaart.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
Opmerking Het scorepunt alleen toekennen bij een juiste keuze met een juist argument.
bron 4 Weerkaart Middellandse Zeegebied, 23 maart 2016
1013 1019 1011 1017 1009
1015 1007
1001 1005
999 1003
1013 997 1011
987 985 L 989 1009 991
1007 993 995
1005 997 999
1001 H 1003
Legenda:
1015 luchtdruk L lagedrukgebied H hogedrukgebied
bron 5 Weerbericht van de Spaanse weerdienst op 23 maart 2016
Het kan flink gaan regenen langs de Middellandse Zeekust. In de hoger gelegen delen van Spanje kan het gaan sneeuwen, omdat de temperatuur zal gaan dalen. In een deel van Spanje zal het de komende dagen flink gaan waaien en regenen en zal de wind voor een ruwe zee zorgen met hoge golven.
Vraag 5 1 punt
Bekijk bron 4 en lees bron 5. In bron 5 staat dat het de komende dagen flink gaat waaien. Waaide het op 23 maart 2016 het hardst in West-Spanje of in Oost-Spanje? Kies eerst West-Spanje of Oost-Spanje. Geef daarna met behulp van bron 4 een argument voor je keuze.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
Opmerking Het scorepunt alleen toekennen bij een juiste keuze met een juist argument.
bron 6 Klimaatgebieden in Spanje Legenda: N 1 2 3 4 5
0 175 350 km
Vraag 6 1 punt
Bekijk bron 6. Bron 6 laat de klimaatgebieden van Spanje zien. In de legenda zijn de namen van de klimaatgebieden vervangen door de cijfers 1 tot en met 5. Waar staan de klimaatgebieden juist bij de cijfers?
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Antwoord: D (1)
1 2 3 4 5
A land- steppe- hoog- zeeklimaat medi- klimaat klimaat gebergte- met neerslag terraan klimaat in alle klimaat jaargetijden
B land- steppe- zeeklimaat mediterraan hoog- klimaat klimaat met klimaat gebergte- neerslag in klimaat alle jaargetijden
C land- zeeklimaat mediterraan steppe- hoog- klimaat met neerslag klimaat klimaat gebergte- in alle klimaat jaargetijden
D zeeklimaat land- mediterraan hoog- steppe- met neerslag klimaat klimaat gebergte- klimaat in alle klimaat jaargetijden
E zeeklimaat land- steppe- hoog- medi- met neerslag klimaat klimaat gebergte- terraan in alle klimaat klimaat jaargetijden
F zeeklimaat mediterraan steppe- land- hoog- met neerslag klimaat klimaat klimaat gebergte- in alle klimaat jaargetijden
bron 7 Vegetatiezones in de Pyreneeën
1 2 eeuwige sneeuw
sneeuwgrens hoogte rotsen (m) 4000 grasland boomgrens 3000 naaldbomen 2000 loofbomen
1000
0
dal
Vraag 7 1 punt
Bekijk bron 7. Bron 7 laat de vegetatiezones in de Pyreneeën zien. Welke kant van de berg is de Spaanse kant? Kies uit 1 of 2. Geef een argument voor je keuze.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
Opmerking Het scorepunt alleen toekennen bij een juiste keuze met een juist argument.
bron 8 krantenartikel
De woestijn bereikt het Spaanse Murcia 24-11-2015 - Bij Murcia worden abrikozen, perziken en citroenen geteeld. De boeren moeten hun best doen om het vruchtbare land niet te verliezen aan de oprukkende woestijn. Er valt steeds minder regen. Als het regent, dan komt de neerslag vaak in hevige stortbuien. De verwoestijning in Spanje is ook letterlijk in het landschap terug te zien. Jaarlijks worden honderden hectares land opgeslokt door het zand. De boeren in Murcia, die veel groente en fruit exporteren, ondergaan de gevolgen. “Wij strijden wel degelijk tegen die verwoestijning”, vertelt Francisco Victoria van de Murciaanse regioregering. “Boeren die hun broeikasuitstoot beperken, krijgen een keurmerk. Bedrijven in Murcia compenseren hun schadelijke uitstoot door aanplant van bomen.”
Vraag 8 2 punten
Lees bron 8. Over bron 8 worden drie uitspraken gedaan. Uitspraak 1: in Murcia worden vooral handelsgewassen geteeld. Uitspraak 2: door de verdroging en verwoestijning is de waterbalans in Murcia positief. Uitspraak 3: door de aanplant van bomen wordt meer CO2 aan de atmosfeer afgegeven. Neem de cijfers 1, 2 en 3 van de uitspraken over op het antwoordblad en zet erachter of de uitspraak juist of onjuist is.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- 1 = juist 2 = onjuist 3 = onjuist indien drie antwoorden juist (2) indien twee antwoorden juist (1) indien minder dan twee antwoorden juist (0) (2)
bron 9 Verenigde Staten
N
New York San Francisco
Phoenix
Miami
0 400 800 km
bron 10 Vier klimaatgrafieken uit de Verenigde Staten
klimaatgrafiek 1 klimaatgrafiek 2 mm °C mm °C
450 40 450 40
400 30 400 30
350 20 350 20
300 10 300 10
250 0 250 0
200 -10 200 -10
150 -20 150 -20
100 -30 100 -30
50 -40 50 -40
0 -50 0 -50 J FMAM J J A SOND J FMAM J J A SOND
klimaatgrafiek 3 klimaatgrafiek 4 mm °C mm °C
450 40 450 40
400 30 400 30
350 20 350 20
300 10 300 10
250 0 250 0
200 -10 200 -10
150 -20 150 -20
100 -30 100 -30
50 -40 50 -40
0 -50 0 -50 J FMAM J J A SOND J FMAM J J A SOND
Vraag 9 1 punt
Bekijk bron 9 en bron 10. De klimaatgrafieken uit bron 10 zijn van de vier plaatsen uit bron 9. Waar staan de steden juist bij alle vier de klimaatgrafieken?
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Antwoord: B (1)
1 2 3 4
A Phoenix New York Miami San Francisco
B Phoenix Miami New York San Francisco
C Phoenix San Francisco New York Miami
D San Francisco Miami New York Phoenix
E San Francisco Miami Phoenix New York
F San Francisco Phoenix Miami New York
bron 11 Weerapp 9 januari 2017
Vraag 10 1 punt
Bekijk bron 9 en bron 11. In bron 11 zie je een afbeelding uit een weerapp. Over de weerapp van
9 januari worden twee uitspraken gedaan. Uitspraak 1: New York ligt onder invloed van een hogedrukgebied. Uitspraak 2: in New York was het warm voor de tijd van het jaar. Neem de cijfers 1 en 2 van de uitspraken over op het antwoordblad en zet erachter of de uitspraak juist of onjuist is.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
Opmerking Het scorepunt alleen toekennen bij twee juiste antwoorden.
bron 12 Weerkaart van het noordoosten van de Verenigde Staten
N
poollucht
d e win New York hard h t l uc grootste kans e ig op sneeuwstorm c ht vo ATLANTISCHE OCEAAN
0 500 1000 km
Vraag 11 2 punten
Bekijk bron 12. In het noordoosten van de Verenigde Staten komen regelmatig zware sneeuwstormen (blizzards) voor. Wat voor soort neerslag betreft het hier? Kies uit: frontale neerslag, stuwingsneerslag of stijgingsneerslag. Geef met behulp van de weerkaart uit bron 12 een argument voor je keuze.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- frontale neerslag (1)
- Uit het antwoord moet blijken dat vochtige (warme) lucht in aanraking komt met koude poollucht (waardoor de warme lucht opstijgt, afkoelt en het gaat regenen/sneeuwen) (1)
bron 13 Vijf verschillende landschappen in de Verenigde Staten
Corn Belt: *hoogteligging: 200-500 m *oppervlakte: 1600 km 2 *vruchtbaar en voldoende regen voor mais en sojabonen
Coastal Range: *hoger dan 1500 m *vochtige zeewind *teelt van citrusfruit, rijst, groente met behulp van irrigatie *jong gebergte
Great Plains/Prairies: *hoogvlakte *droge grasvlaktes *akkerbouw (tarwe)
Grote Bekken: *hoogvlakte rond 1500 m *kurkdroog *kale rotsen, dorre grassen, cactussen
Rocky Mountains: *toppen boven de 4000 m *eeuwige sneeuw *hooggebergte (rotsgebergte)
bron 14 Verenigde Staten
N
2
5 1 4
3
0 400 800 km
Vraag 12 1 punt
Lees bron 13 en bekijk bron 14. In bron 13 worden de kenmerken van vijf verschillende landschappen en de daarbij behorende vegetatiezones en agrarisch bodemgebruik beschreven. Waar staan de landschappen uit bron 13 juist bij de vijf gebieden uit bron 14?
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Antwoord: B (1)
gebied 1 gebied 2 gebied 3 gebied 4 gebied 5
A Coastal Rocky Great Plains Corn Belt Grote Range Mountains Bekken
B Coastal Rocky Grote Great Plains Corn Belt Range Mountains Bekken
C Corn Belt Great Plains Rocky Coastal Grote Mountains Range Bekken
D Grote Corn Belt Coastal Rocky Great Plains Bekken Range Mountains
E Grote Rocky Corn Belt Great Plains Coastal Bekken Mountains Range
F Rocky Great Plains Corn Belt Grote Coastal Mountains Bekken Range
bron 15 Tekst
Recordaantal tropische stormen Atlantisch gebied In 2005 was er een recordaantal tropische stormen en orkanen in de Verenigde Staten, waaronder orkaan Wilma en tropische storm Alpha. Nog onduidelijk is of dit een gevolg is van klimaatopwarming en of het aantal tropische stormen in de toekomst nog verder zal toenemen.
Vraag 13 1 punt
Lees bron 15. In bron 15 wordt gesproken over een mogelijke relatie tussen klimaatopwarming en de toename van het aantal tropische stormen en orkanen. Geef de oorzaak waardoor klimaatopwarming zou kunnen leiden tot een toename van het aantal tropische stormen en orkanen.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Uit het antwoord moet blijken dat door klimaatopwarming de temperatuur van het oceaanwater stijgt / de temperatuur van het oceaanwater eerder boven de 27 graden Celsius komt / de temperatuur van het oceaanwater langer boven de 27 graden Celsius blijft. (1)
bron 16 Noodtoestand in Florida, 7 oktober 2016
President Obama kondigde donderdagavond de noodtoestand af voor een aantal staten. In Florida, Georgia en South Carolina, waar de orkaan Matthew later verwacht wordt, is een evacuatie-advies uitgegaan voor miljoenen inwoners. Het is niet duidelijk hoeveel mensen gehoor hebben gegeven aan de oproep tot evacuatie. Volgens de overheid is het voor bewoners van levensbelang om de kustgebieden te verlaten. Als gevolg van het noodweer dat voorafging aan Matthew, is in Florida al op verschillende plekken de stroom uitgevallen. Hulpdiensten kunnen op veel plaatsen in het gebied al niet meer functioneren. Inwoners wordt dringend aangeraden om binnen te blijven.
Vraag 14 1 punt
Lees bron 16. Over bron 16 worden twee uitspraken gedaan. Uitspraak 1: het uitroepen van de noodtoestand in Florida is een onderdeel van hazard management. Uitspraak 2: het wel of niet opvolgen van het evacuatie-advies is een voorbeeld van risicoperceptie. Neem de cijfers 1 en 2 van de uitspraken over op het antwoordblad en zet erachter of de uitspraak juist of onjuist is.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
Opmerking Het scorepunt alleen toekennen bij twee juiste antwoorden.
Vraag 15 2 punten
Lees bron 16. Geef twee redenen waarom juist de inwoners van de kustgebieden moeten evacueren.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- in kustgebieden is de orkaan het sterkst / boven land neemt de orkaan in sterkte af (1)
- in kustgebieden is er het risico op overstromingen / spoelen golven ver landinwaarts / is er kans op dijkdoorbraken (1)
Water
bron 17 Schematische dwarsdoorsnede van een bedijkte rivier
Vraag 16 1 punt
Bekijk bron 17. Geef de oorzaak waardoor de uitwaarden hoger liggen dan het gebied aan de andere kant van de dijk.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- sedimentatie / Bij een overstroming bezinkt sediment (waardoor uiterwaarden steeds hoger komen te liggen). (1)
bron 18 Gescheiden afvoer van regenwater en afvalwater in huishoudens
Legenda: regenwaterafvoer afvalwaterafvoer bestrating
rioolwater- infiltratie- zuiveringsinstallatie gebieden
Vraag 17 2 punten
Bekijk bron 18. Geef een veelvoorkomende oorzaak van verdroging in stedelijke gebieden. Geef de oorzaak waardoor de gescheiden afvoer van regenwater een goede oplossing is tegen verdroging.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- verstening van het aardoppervlak (woonwijken, bedrijventerreinen, wegen) / versnelde afstroming van regenwater (1)
- Uit het antwoord moet blijken dat er meer (regen)water in de bodem infiltreert (en niet meer in het riool belandt) (1)
bron 19 Dwarsdoorsnede duingebied
duinen
NOORDZEE poldergebied stuwwal
gemiddeld zeewaterpeil
zoet water brak water zoet water
zout water
zout water
Legenda: klei en veen ondoorlatende laag
Vraag 18 1 punt
Bekijk bron 19. Onder de duinen bevindt zich water dat gebruikt wordt om drinkwater van te maken. Welk voordeel heeft dit duinwater ten opzichte van oppervlaktewater?
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Uit het antwoord moet blijken dat duinwater gefilterd wordt door het zand / duinwater schoner is dan oppervlaktewater. (1)
bron 20 Dwarsdoorsnede van het stroomgebied van een rivier
1 2 3
Vraag 19 1 punt
Bekijk bron 20. Door een rivier worden de verschillende sedimenten op verschillende plaatsen langs de rivier afgezet. In bron 20 staan de cijfers 1, 2 en 3 bij verschillende delen van de rivier. Waar staan de cijfers van de rivierdelen juist bij de sedimenten?
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Antwoord: B (1)
grind klei zand
A 1 2 3
B 1 3 2
C 2 1 3
D 2 3 1
E 3 1 2
F 3 2 1
bron 21 Topografische kaart van een laagveenlandschap
N
ligging kaartfragment
0 75 150 km
0 650 1300 m
Vraag 20 1 punt
Bekijk bron 21. Over het gebied in bron 21 worden twee uitspraken gedaan. Uitspraak 1: grondwater uit de polders in dit gebied wordt vaak gebruikt voor de drinkwatervoorziening. Uitspraak 2: het gebied in bron 21 moet bemalen worden. Neem de cijfers 1 en 2 van de uitspraken over op het antwoordblad en zet erachter of de uitspraak juist of onjuist is.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
Opmerking Het scorepunt alleen toekennen bij twee juiste antwoorden.
bron 22 Zeven begrippen over waterbeheer
1 bemalen
2 boezem
3 draineren
4 dijkverlegging
5 gemaal
6 kribben
7 nevengeul
Vraag 21 2 punten
Lees bron 22. In bron 22 worden zeven begrippen genoemd die met waterbeheer te maken hebben. Vier ervan gaan over waterbeheer van een polder. Neem de vier cijfers van de begrippen die horen bij het waterbeheer van een polder over op het antwoordblad.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- 1, 2, 3 en 5 indien vier antwoorden juist (2) indien drie of twee antwoorden juist (1) indien minder dan twee antwoorden juist (0) (2)
bron 23 De Maas
[foto 1: zie het originele examen]
[foto 2: zie het originele examen]
Vraag 22 1 punt
Bekijk bron 23. Bron 23 laat twee foto’s van de Maas zien. Op foto 1 is de stroomsnelheid … P … (hoger / lager) dan op foto 2. Op foto 1 is het debiet … Q … (groter / kleiner) dan op foto 2. Waar staan de woorden juist bij de letters P en Q uit de tekst?
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Antwoord: B (1)
P Q
A hoger groter
B hoger kleiner
C lager groter
D lager kleiner
bron 24 Stroomgebieden China
N
0 400 800 km
Vraag 23 1 punt
Bekijk bron 24. Over Chinese rivieren worden twee uitspraken gedaan. Uitspraak 1: Shanghai ligt in de delta van de Xi Jiang. Uitspraak 2: de Chang Jiang en de Huang He zijn allebei gemengde rivieren. Neem de cijfers 1 en 2 van de uitspraken over op het antwoordblad en zet erachter of de uitspraak juist of onjuist is.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
Opmerking Het scorepunt alleen toekennen bij twee juiste antwoorden.
Vraag 24 1 punt
Bij druppelirrigatie wordt water via slangen naar elke plant afzonderlijk gebracht. Gaatjes in de slangen zorgen voor de dosering van het water. Over druppelirrigatie worden twee uitspraken gedaan. Uitspraak 1: druppelirrigatie leidt tot meer verdamping dan beregening. Uitspraak 2: bij druppelirrigatie is de kans op verzilting kleiner dan bij beregening. Neem de cijfers 1 en 2 van de uitspraken over op het antwoordblad en zet erachter of de uitspraak juist of onjuist is.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
Opmerking Het scorepunt alleen toekennen bij twee juiste antwoorden.
Vraag 25 2 punten
Vanuit het Midden-Oosten is er veel belangstelling voor nieuwe technieken om afvalwater te zuiveren. Terwijl water in West-Europa na zuivering meestal wordt geloosd op het oppervlaktewater, wordt in het Midden-Oosten het gezuiverde water vaak geschikt gemaakt voor irrigatie of industriële toepassingen of zelfs drinkwater. Geef een klimatologisch argument waarom er in het Midden-Oosten veel belangstelling is voor afvalwaterzuivering. Geef een demografisch argument waarom er in het Midden-Oosten veel belangstelling is voor afvalwaterzuivering.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Klimatologisch argument: Door droogte is er een gebrek aan water / er valt te weinig neerslag (1)
- Demografisch argument: De bevolking in het Midden-Oosten groeit snel (1)
Vraag 26 1 punt
Over de rivieren in het Midden-Oosten worden twee uitspraken gedaan. Uitspraak 1: de toename van geïrrigeerde landbouw in Oost-Turkije zorgt voor minder water in de Eufraat in Irak. Uitspraak 2: de Eufraat en de Tigris ontspringen in het bergland van Oost-Turkije waar relatief veel stijgingsneerslag valt. Neem de cijfers 1 en 2 van de uitspraken over op het antwoordblad en zet erachter of de uitspraak juist of onjuist is.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
Opmerking Het scorepunt alleen toekennen bij twee juiste antwoorden.
bron 25 Turkije, bevolking en beschikbare hoeveelheid water per hoofd van de bevolking, 1960-2030
120 5000 bevolking beschikbare hoeveelheid in miljoen 100 4500 water per hoofd van de
100 4000 bevolking (in m3) 4000 3500
80 72
68 3000
60 2500 2000
1652 1566 40
28 1500 1120
1000 Legenda:
20 m3 water
500 per hoofd per jaar
0 0 bevolking
1960 2000 2008 2030
Vraag 27 1 punt
Bekijk bron 25. Welke uitspraak over bron 25 is juist?
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
Antwoord: A
bron 26 Irrigatie in het Midden-Oosten
Legenda: irrigatiegebied N gepland irrigatiegebied TURKIJE percentage akkerland dat geïrrigeerd wordt, per land geïrrigeerd gebied niet-geïrrigeerd gebied
oppervlakte akkerland (x 1000 ha)
25 000 EGYPTE
10 000 2500 500
0 450 900 km
Vraag 28 1 punt
Bekijk bron 26. Welke uitspraak over bron 26 is juist?
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
Antwoord: B
bron 27 Ilisudam, Turkije
Legenda: ZWARTE ZEE landsgrens N rivier
TURKIJE Hasankeyf Ilisudam
Tigr is SYRIË
IRAK
0 250 500 km
bron 28 Krantenartikel
Hasankeyf heeft een eeuwenoude geschiedenis. Het stadje is 12.000 jaar oud en ligt aan de Tigris. Hasankeyf zal na de bouw van de stuwdam bij Ilisu onder water staan. Veel mensen kwamen vroeger deze stad bezoeken vanwege zijn oudheden. De toeristenwinkels, hotels en restaurants zijn inmiddels allemaal gesloten. In 2016 was al 80% van de bouw van de dam klaar.
Vraag 29 1 punt
Bekijk bron 27 en lees bron 28. De bouw van de Ilisudam levert naast nadelen ook voordelen op. De bouw van de dam zorgt tijdelijk voor extra werkgelegenheid. Noem nog een voordeel van een stuwdam.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Voorbeelden van een juist voordeel zijn: − Er ontstaat een meer voor irrigatie voor de landbouw. − De mogelijkheden voor visserij nemen toe. − Er wordt elektriciteit opgewekt. (1)
bron 29 Deel stroomgebied van de Nijl
Legenda: hoogte in meters N Aswan R onder zeeniveau
od EGYPTE 0 - 200
e Z
200 - 500 Jabal Oda
ee
500 - 2000 2259
2000 - 5000 hoger dan 5000 SUDAN landsgrenzen Khartoum
Bla uw Ras Dasjan eN 4533 ijl Goena 4231 Birhan 4152
ETHIOPIË
ZUID-SUDAN
OEGANDA KENIA
0 250 500 km
Vraag 30 1 punt
Bekijk bron 29. Eén van de bronnen van de Nijl ligt in Ethiopië. In tegenstelling tot Egypte is er op de Blauwe Nijl in Ethiopië weinig scheepvaart. Geef hiervan een natuurlijke oorzaak met behulp van bron 29.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- In Ethiopië is veel reliëf / de stroomsnelheid van de Nijl is hier (te) hoog / het debiet van de Blauwe Nijl is (in een groot deel van het jaar) (te) laag. (1)
bron 30 Mosuldam Irak, 2016
De Mosuldam - de grootste stuwdam van Irak - kan elk moment bezwijken. Mocht de dam echt doorbreken, dan ontstaat een twintig meter hoge vloedgolf. Die vloedgolf kan tot een miljoen mensen treffen.
bron 31 Deel van het Midden-Oosten
Legenda: TURKIJE
1 stuwdam N landsgrenzen Mosuldam Bekhmedam 2
SYRIË Tigris
IRAN Hadithadam Fallujadam JORDANIË Bagdad 3 IRAK
Eu fra at
4 SAUDI-ARABIË KOEWEIT
0 110 220 km
Vraag 31 1 punt
Lees bron 30 en bekijk bron 31. Op de kaart in bron 31 staan de cijfers 1, 2, 3 en 4. Bij welk cijfer zal het overstromingsgevaar het grootst zijn bij het breken van de Mosuldam?
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
Antwoord: B
Bevolking en ruimte
bron 32 Demografische gegevens van Nederland in 2015
totale geboorte sterfte immigratie emigratie bevolkingsomvang op 1 januari 2015 16.900.726 170.510 147.134 204.615 149.509
Vraag 32 1 punt
Bekijk bron 32. Wat is juist over de bevolkingsontwikkeling in Nederland in 2015?
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
Antwoord: D
bron 33 Drie bevolkingsgrafieken van Nederland
1950 1990 100+ 100+ 95-99 95-99 90-94 90-94 85-89 85-89 80-84 80-84 mannen 75-79 vrouwen mannen 75-79 vrouwen 70-74 70-74 65-69 65-69 60-64 60-64 55-59 55-59 50-54 50-54 45-49 45-49 40-44 40-44 35-39 35-39 30-34 30-34 25-29 25-29 20-24 20-24 15-19 15-19 10-14 10-14 5-9 5-9 0-4 0-4
200 150 100 50 0 0 50 100 150 200 200 150 100 50 0 0 50 100 150 200 x1000 x1000
2030 100+ 95-99 90-94 85-89 80-84 mannen 75-79 vrouwen 70-74 65-69 60-64 55-59 50-54 45-49 40-44 35-39 30-34 25-29 20-24 15-19 10-14 5-9 0-4
200 150 100 50 0 0 50 100 150 200 x1000
Vraag 33 1 punt
Bekijk bron 33. Over bron 33 worden twee uitspraken gedaan. Uitspraak 1: in 2030 zullen er naar verwachting meer kinderen van nul tot en met vier jaar zijn dan in 1990. Uitspraak 2: uit de bevolkingsgrafieken is af te leiden dat de beroepsbevolking tussen 1950 en 1990 afnam. Neem de cijfers 1 en 2 van de uitspraken over op het antwoordblad en zet erachter of de uitspraak juist of onjuist is.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
Opmerking Het scorepunt alleen toekennen bij twee juiste antwoorden.
Vraag 34 1 punt
Bekijk bron 33. In de bevolkingsgrafiek van 1990 zie je een in verhouding grote groep mensen van twintig tot vijfentwintig jaar. Geef de verklaring hiervoor die af te leiden is uit de bevolkingsgrafiek van 1990.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- De groep van twintig tot vijfentwintig jaar is in verhouding groot omdat dit de kinderen zijn van de grote groep tussen de veertig en vijfenveertig jaar. (1)
Vraag 35 2 punten
Geef twee oorzaken van de daling van het geboortecijfer in Nederland vanaf 1965.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Voorbeelden van juiste oorzaken zijn: − Grote gezinnen zijn niet meer nodig vanwege de stijging van de welvaart. / Kinderen zijn niet meer nodig als oudedagsvoorziening (na invoering AOW). − Vrouwen emancipeerden. / Meer vrouwen gingen buitenshuis werken. − De invloed van de kerk nam af. − Er zijn voorbehoedsmiddelen beschikbaar. / de introductie van de pil − De opvoeding van kinderen is duur. − Er kwamen meer eenpersoonshuishoudens. per juist antwoord (1) (2)
bron 34 Park and Ride (P&R) in Amsterdam
Vraag 36 2 punten
Bekijk bron 34. Een Park and Ride (Nederlands: Parkeer- en Reisvoorziening) is een parkeervoorziening bij een halte of station die bedoeld is voor automobilisten die vervolgens met het openbaar vervoer verder reizen. Dit leidt tot minder auto’s in het centrum van een stad. Door de aanleg van P&R-plaatsen is de leefbaarheid in het centrum van Amsterdam verbeterd. Geef hiervoor twee argumenten.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Voorbeelden van juiste argumenten zijn: − De congestie in het centrum van de stad neemt af. − Er is minder uitstoot van uitlaatgassen in het centrum van de stad. − Er zijn minder parkeerplaatsen nodig in het centrum van de stad. − Er is minder geluidsoverlast in het centrum van de stad. per juist antwoord (1) (2)
bron 35 Herkomstlanden van mensen met een migratieachtergrond die in 2014 in Nederland woonden
500 aantal (x 1000) 400
300
200
100
0 1 je
ë
e
ub n
n
ië
n k gd
l a lig
na si
am
Ar tille
le ki
lg
o s ma a
J o vo k
ë n i eni
hi ne
Po r
Be
rij
vi Tu
C rin
en n do
e g or Ko r .A
Ve Su In
ed N e ig al m or vo
Vraag 37 1 punt
Bekijk bron 35. In de grafiek van Nederland is de naam van één herkomstland vervangen door het cijfer 1. Uit welk land is deze groep immigranten afkomstig?
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- uit Marokko (1)
bron 36 Herkomstlanden van mensen met een migratieachtergrond die in 2014 in Duitsland woonden.
2.859 aantal (x 1000)
1.617
1.188 921 764 593
394 361 285 255 je
n
nd
an
lië
ië
d
tië
ië
e le
an
ïn ki
en
rv Ita
oa la
st Po
ra r
Se nl Tu
us
ch
m
Kr
ek ke oe R
za
O rie R Ka
G
bron 37 Europa
Legenda: landsgrenzen
Nederland
Polen Duitsland
0 375 750 km
Vraag 38 1 punt
Bekijk bron 35, bron 36 en bron 37. In Duitsland hebben zich in verhouding meer Polen gevestigd dan in Nederland. Zij zijn geëmigreerd vanwege werk. Geef vanuit bron 37 nog een reden waarom de groep Poolse immigranten in Duitsland in verhouding groter is dan in Nederland.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Polen is een buurland van Duitsland / Duitsland is voor Polen dichterbij dan Nederland (waardoor het gemakkelijker is om af en toe naar Polen terug te gaan). (1)
Vraag 39 1 punt
De Duitse overheid ziet de komst van immigranten als een van de oplossingen om het probleem van vergrijzing in Duitsland aan te pakken. Noem een kenmerk van de immigranten waardoor hun komst de vergrijzing tegengaat.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Voorbeelden van een juist kenmerk zijn: − De immigranten zijn relatief jong / zorgen ervoor dat de gemiddelde leeftijd daalt. − De leeftijdsopbouw van immigranten leidt tot relatief veel kinderen. − De immigranten zijn vaak in de productieve leeftijd. (1)
bron 38 Bevolkingsontwikkeling van Duitsland* en China, 1950-2010
Duitsland 20 geboorte- en sterftecijfer per 15
1000 inwoners 10
5
0
1950 1960 1970 1980 1990 2000 2010 Legenda sterftecijfer Duitsland geboortecijfer Duitsland
China geboorte- en 45 sterftecijfer per
1000 inwoners 40 35
30
25
20
15
10
5
0
1950 1960 1970 1980 1990 2000 2010 Legenda sterftecijfer China geboortecijfer China
* Voor de periode 1961 tot 1989 zijn de gegevens van Oost-Duitsland en West-Duitsland bij elkaar opgeteld en weergegeven als Duitsland.
Vraag 40 1 punt
Bekijk bron 38. Over bron 38 worden twee uitspraken gedaan. Uitspraak 1: tussen 2000 en 2010 was het geboortecijfer in China lager dan in Duitsland. Uitspraak 2: Duitsland en China hadden in 2000 allebei een negatieve natuurlijke groei. Neem de cijfers 1 en 2 van de uitspraken over op het antwoordblad en zet erachter of de uitspraak juist of onjuist is.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
Opmerking Het scorepunt alleen toekennen als beide antwoorden juist zijn.
bron 39 Binnenlandse migratie in China
Legenda: percentage van de bevolking N dat elders geregistreerd staat (in de provincie van oorsprong), 2014 minder dan 10
10 - 15
15 - 20
20 - 30
30 of meer A aantal inwoners dat elders geregistreerd staat (in de provincie van oorsprong), 2014
B 20 miljoen
10 miljoen
5 miljoen
1 miljoen
0 450 900 km
Vraag 41 1 punt
Bekijk bron 39. Naar aanleiding van bron 39 worden twee uitspraken gedaan. Uitspraak 1: in gebied B is er sprake van braindrain. Uitspraak 2: in steden aan de oostkust wonen meer mensen met een hukou die niet past bij hun woongebied dan op het platteland. Neem de cijfers 1 en 2 van de uitspraken over op het antwoordblad en zet erachter of de uitspraak juist of onjuist is.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
Opmerking Het scorepunt alleen toekennen als beide antwoorden juist zijn.
bron 40 Buitenlandse investeringen in China
N
Legenda: 0 450 900 km buitenlandse investeringen per inwoner in euro’s, gemiddeld 2013-2014 minder dan 500 3000 - 6000
500 - 1000 6000 of meer
1000 - 3000 geen gegevens
bron 41 Tekst over buitenlandse investeringen
Vanaf … 1 … (1960 / 1980) werd China opengesteld voor buitenlandse investeringen. Voor de handel is de … 2 … (goede infrastructuur naar het westen van China / ligging aan zee) belangrijk voor buitenlandse bedrijven. Hierdoor zette de … 3 … (urbanisatie / suburbanisatie) in China door. De migranten zijn voornamelijk … 4 … (economische / politieke) migranten.
Vraag 42 2 punten
Bekijk bron 40 en lees bron 41. In bron 41 staat achter de cijfers 1, 2, 3 en 4 een keuzemogelijkheid. Neem de cijfers 1, 2, 3 en 4 uit bron 41 over op het antwoordblad en zet de juiste keuze erachter.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- 1 = 1980 2 = ligging aan zee 3 = urbanisatie 4 = economische indien vier antwoorden juist (2) indien drie of twee antwoorden juist (1) indien minder dan twee antwoorden juist (0) (2)
bron 42 Luchtvervuiling in Beijing
Vraag 43 1 punt
Bekijk bron 42. De foto in bron 42 bestaat uit twee delen: het linkerdeel is gemaakt op een heldere dag en het rechterdeel met ernstige luchtvervuiling. Ernstige luchtvervuiling komt regelmatig voor in Beijing en vooral in de winter. Deze luchtvervuiling wordt door mensen veroorzaakt. Noem de reden waarom ernstige luchtvervuiling in de winter in Beijing vaker voorkomt dan in de zomer.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Uit het antwoord moet blijken dat de verwarming van huizen zorgt voor extra luchtvervuiling in de winter. (1)
bron 43 China
N
1
2
3
0 450 900 km
Vraag 44 1 punt
Bekijk bron 43. Waar staat juist aangegeven in welk gebied Guangzhou en in welk gebied Shanghai ligt?
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Antwoord: F (1)
Guangzhou Shanghai
A in gebied 1 in gebied 2
B in gebied 1 in gebied 3
C in gebied 2 in gebied 1
D in gebied 2 in gebied 3
E in gebied 3 in gebied 1
F in gebied 3 in gebied 2
bron 44 Bevolking in Guangzhou
inwoneraantal van Guangzhou bevolkingsopbouw in 2015
15 65 jaar of ouder 14 jaar of jonger 12,7 13 8% 13% miljoen miljoen
10
5 15-64 jaar oud 79%
4,5 miljoen gezinnen
0 gemiddelde gezinsgrootte:
2010 2015 2,75 mensen
Vraag 45 1 punt
Bekijk bron 44. De bevolkingsgroei in Guangzhou is voornamelijk te danken aan migratie. Geef hiervoor een aanwijzing vanuit bron 44.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Voorbeelden van een juiste aanwijzing zijn: − De bevolking groeit vrij snel ondanks dat men gemiddeld maar 0,75 kinderen krijgt. − De groep van 65 jaar en ouder vormt maar een klein deel van de totale bevolking (ongeveer 8%). − De groep 0-15-jarigen vormt maar een klein deel van de totale bevolking (ongeveer 13%). − De groep in de leeftijd van 15 tot en met 64 vormt een onevenredig groot deel van de bevolking. (1)
bron 45 De wijk Shikumen
Vraag 46 2 punten
Bekijk bron 45. In het centrum van Chinese steden worden veel oude wijken zoals de wijk Shikumen gesloopt. Noem twee redenen waarom deze wijken worden gesloopt.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Voorbeelden van juiste redenen zijn: − De grondprijzen in het centrum zijn hoog / de overheid heeft hier liever hoogbouw. − Het voorzieningenniveau van de huizen in deze oude wijken voldoet niet meer aan de eisen van deze tijd. − Deze oude wijken zijn brandgevaarlijk. − Deze oude wijken zijn slecht bereikbaar / de infrastructuur is onvoldoende. per juist antwoord (1) (2)
Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen vmbo-gl/tl Aardrijkskunde 2018, tijdvak 2. Afbeeldingen en de exacte opmaak staan in het originele examen: https://www.examenblad.nl/2018/vmbo-gl/documenten/cse-2/gt-0131-a-18-2-o
Andere examens aardrijkskunde vmbo-gl/tl
- 2026, tijdvak 1
- 2026, tijdvak 2
- 2025, tijdvak 1
- 2025, tijdvak 2
- 2024, tijdvak 1
- 2024, tijdvak 2
- 2023, tijdvak 1
- 2023, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 1
- 2022, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 3
- 2021, tijdvak 1
- 2021, tijdvak 2
- 2021, tijdvak 3
- 2019, tijdvak 1
- 2019, tijdvak 2
- 2018, tijdvak 1
Hoe ToetsChecker aardrijkskunde per vraagtype nakijkt, lees je op aardrijkskunde toetsen nakijken met AI.
Veelgestelde vragen
Hoeveel vragen heeft het eindexamen aardrijkskunde vmbo-gl/tl 2018, tijdvak 2?
Het centraal examen aardrijkskunde vmbo-gl/tl 2018, tijdvak 2 telt 46 vragen. De meeste vragen gaan over weer en klimaat (14), water en rivieren (9) en bevolking en migratie (9).
Wat zijn de antwoorden van het examen aardrijkskunde vmbo-gl/tl 2018, tijdvak 2?
Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.
Waar vind ik het correctievoorschrift van aardrijkskunde vmbo-gl/tl 2018, tijdvak 2?
Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2018/vmbo-gl/documenten/cse-2/gt-0131-a-18-2-c). Bij dit examen hoort ook een aanvulling op het correctievoorschrift.
Hoe oefen ik met het examen aardrijkskunde vmbo-gl/tl 2018, tijdvak 2 en krijg ik feedback?
Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.