Eindexamen bedrijfseconomie vwo 2021, tijdvak 1: vragen en antwoorden

Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Opgave 1, Opgave 2, Opgave 3, Opgave 4, Opgave 5, Opgave 6.

Kort antwoord

Het centraal examen bedrijfseconomie vwo 2021, tijdvak 1 loopt tot vraag 31. Van 26 vragen staat het onderwerp in de vragenbank. De meeste vragen gaan over investeren (6), kostprijs en break-even (6) en balans en resultatenrekening (5). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.

Onderwerpen in dit examen

Onderwerp per vraag in het centraal examen bedrijfseconomie vwo 2021, tijdvak 1, voor de vragen waarvan het onderwerp bekend is. Elke vraag is eenmalig door een AI-model bij een onderwerp ingedeeld; per vraag kan dat afwijken.
OnderwerpVragenAantal
Investeren2, 23-276
Kostprijs en break-even11-13, 29-316
Balans en resultatenrekening8-9, 16, 20-215
Marketing5-6, 14, 194
Financiering10, 15, 17-184
Personeel en organisatie281

Vergeleken met andere jaren

Vergeleken met de andere 13 examens bedrijfseconomie vwo sinds 2021: dit examen vroeg meer over investeren (23% van de vragen, gemiddeld 14%) en marketing (15% van de vragen, gemiddeld 8%). Minder over personeel en organisatie (4% van de vragen, gemiddeld 14%).

Opgaven en correctievoorschrift

De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.

Oefenen als leerling

Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen bedrijfseconomie vwo 2021, tijdvak 1 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.

Nakijken als docent

  1. Start gratis vanaf deze pagina

    Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen bedrijfseconomie vwo 2021, tijdvak 1 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.

  2. Laat de klas het examen maken

    Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.

  3. Geef de resultaten vrij

    Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.

ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.

Vragen en antwoorden

Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen bedrijfseconomie vwo 2021, tijdvak 1. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.

Opgave 1

Julie en August zijn in 2002 getrouwd op huwelijkse voorwaarden en hebben op 1 maart 2003 een tweeling gekregen. Het huwelijk houdt geen stand en ze besluiten om per 1 maart 2021 te scheiden.

Vraag 1 2 punten

Noem een verschil tussen trouwen op huwelijkse voorwaarden en trouwen in gemeenschap van goederen. Betrek beide vormen van huwelijk in het antwoord.

Bekijk het antwoord
  • Bij huwelijkse voorwaarden maken beide partners afspraken over de verdeling van het vermogen (1)
  • Bij gemeenschap van goederen zijn het door de partners in het huwelijk ingebrachte vermogen en het tijdens het huwelijk verworven vermogen gemeenschappelijk (1)

De afspraken met betrekking tot partneralimentatie zijn:

  • Omdat Julie een hoger inkomen heeft dan August, moet Julie aan August, gedurende 5 jaar, maandelijks € 150 partneralimentatie betalen (in totaal dus 60 betalingen).
  • Dit bedrag wordt steeds op elke eerste dag van de maand betaald, waarbij de eerste betaling op 1 maart 2021 is.

De wet staat toe dat Julie alle te betalen partneralimentatie in één keer aan August betaalt. Hiervoor wordt de contante waarde van alle partneralimentatieverplichtingen per 1 maart 2021 berekend, op basis van een rekenrente van 0,2% samengestelde interest per maand.

Vraag 2 2 punten

Bereken per 1 maart 2021 de contante waarde van alle partneralimentatieverplichtingen van Julie aan August (zie formuleblad).

Bekijk het antwoord

Opmerking Aan elk antwoord groter dan of gelijk aan € 9.000 (60 x € 150) worden geen scorepunten toegekend.

Julie komt op 1 mei 2021 te overlijden en heeft op dat moment een vermogen van € 200.000.

Vraag 3 2 punten

Bereken de erfenis na erfbelasting van elk kind van Julie. Gebruik hierbij informatie uit onderstaande tabel.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • erfenis: 200.000 x 0,5 = 100.000,00 per kind (1)
  • erfbelasting: (100.000 – 20.616) x 0,10 = 7.938,40 per kind 92.061,60 per kind (1)

Opgave 2

Bij deze opgave horen de informatiebronnen 1 tot en met 5.

In deze opgave blijft de btw buiten beschouwing.

Lucy Detmers is medewerker van een accountantskantoor. In 2020 heeft Lucy van haar oom Herman een snackbar geërfd. Lucy besluit de erfenis alleen te aanvaarden als het saldo van de waarde van de bezittingen en de schulden in de erfenis positief is.

Vraag 4 1 punt

Wat is de juridische term voor het onder deze voorwaarde aanvaarden van een erfenis?

Bekijk het antwoord
  • beneficiair aanvaarden (1)

Er is sprake van een positief saldo, dus aanvaardt Lucy de erfenis. De snackbar staat in de wijk Bottendaal, die vroeger een achterstandsbuurt was, maar tegenwoordig een hippe wijk is met kapitaalkrachtige jongeren. Lucy heeft het plan opgevat ontslag te nemen en deze snackbar om te vormen tot een frisse sapbar met de naam Juicy Lucy. Ze wil verse groente- en vruchtensappen, belegde broodjes en lunches verkopen.

Verkennend onderzoek

Lucy voert eerst een SWOT-analyse en een marktonderzoek uit. Hiervoor heeft ze een aantal punten op een rij gezet (zie informatiebron 1).

Vraag 5 2 punten

Welk punt uit informatiebron 1 hoort bij de O van de SWOT-analyse? Vermeld het bijbehorende nummer en onderbouw het antwoord met twee argumenten.

Bekijk het antwoord

Opmerkingen Het tweede scorepunt kan alleen behaald worden als het eerste scorepunt is behaald. Om het tweede scorepunt te behalen, moeten beide argumenten genoemd worden.

Er is een marktonderzoek uitgevoerd naar de bereidheid van wijkbewoners om een sapbar te bezoeken. In informatiebron 2 staan de uitkomsten van dat onderzoek én de leeftijdsopbouw van de wijk Bottendaal. Juicy Lucy zal 7 dagen per week geopend zijn.

Vraag 6 2 punten

Bereken op basis van het marktonderzoek het verwachte aantal klanten voor Juicy Lucy per dag in Bottendaal. Rond het antwoord naar beneden af op hele personen.

Bekijk het antwoord

Opmerking Wanneer niet juist is afgerond, wordt 1 scorepunt in mindering gebracht.

Lucy twijfelt echter of in de praktijk het te verwachten aantal klanten per dag in Bottendaal gelijk zal zijn aan het berekende verwachte aantal klanten per dag van vraag 6.

Vraag 7 2 punten

Noem twee mogelijke redenen voor haar twijfel en licht ze toe.

Bekijk het antwoord
  • Voorbeelden van juiste antwoorden zijn: − Het is niet zeker of de ja-zeggers ook werkelijk zullen gaan kopen. − Het is niet zeker of de leeftijdsopbouw van de wijk gelijk zal blijven. − De respondenten kunnen ook een sapbar in een andere wijk gaan of blijven bezoeken. per juiste reden (1) (2)

Lucy is tevreden met de uitkomst van de SWOT-analyse en, ondanks haar bedenkingen, ook tevreden met het aantal te verwachten klanten volgens het marktonderzoek. Vervolgens gaat ze voor de financiering van het plan in gesprek met de Remo-bank. Lucy gaat verder onderzoeken of ze Juicy Lucy gaat starten, rekening houdend met de voorwaarden die Lucy en de bank stellen (zie informatiebron 3).

Voorwaarden Lucy

Na het verkennend onderzoek stelt Lucy de verwachte openingsbalans per 1 januari 2021 en een exploitatiebegroting over 2021 op (zie informatiebronnen 4 en 5).

Vraag 8 4 punten

Stel de verwachte openingsbalans per 1 januari 2021 op. Vul hiervoor de uitwerkbijlage bij deze vraag verder in.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

debet Beginbalans Juicy Lucy per credit

1 januari 2021 (bedragen in €) Pand 340.000 Eigen vermogen 184.000 Bestelauto 4.000 Hypothecaire lening 170.000 Inventaris 8.000 Crediteuren 3.000 Voorraad 6.000 Rekening- courantkrediet 2.800 Vooruitbetaalde bedragen 1.200 Kas 600 359.800 359.800

Vraag 9 1 punt

Bereken het totaal van de beloningen die Lucy in 2021 via privé-opnames uit de sapbar wil onttrekken.

Bekijk het antwoord
  • 50.000 + 184.000 x 0,04 = € 57.360 (1)

Voorwaarden bank

Eén van de voorwaarden die de bank stelt, is dat Juicy Lucy start als eenmanszaak en niet als besloten vennootschap.

Vraag 10 2 punten

Motiveer waarom deze voorwaarde door de bank wordt gesteld. Betrek beide rechtsvormen in het antwoord.

Bekijk het antwoord
  • Minder risico voor de bank (1)
  • In geval van faillissement kan de bank bij een eenmanszaak aanspraak doen op het privévermogen van Lucy en bij een besloten vennootschap niet: alleen op het vermogen van de bv zelf (1)

Lucy stemt in met de rechtsvorm eenmanszaak. Vanwege de tweede voorwaarde van de bank, de rentedekkingsfactor, berekent Lucy eerst de verwachte constante kosten over 2021 en daarna de verwachte EBIT over

2021 (zie informatiebron 5).

Vraag 11 3 punten

Bereken de verwachte constante kosten van Juicy Lucy over 2021. Vul hiervoor de uitwerkbijlage bij deze vraag verder in.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

Verwachte constante kosten over 2021 ruimte voor berekeningen constante personeelskosten 23.115,46 343 x 4 x 12 x 1,08 x 1,30

800 + (170.000 x 0,02) + ((170.000

  • (7.590,49
  • 3.400)) interestkosten 7.516,19 x 0,02 8.000
  • 1.200 + 1.000 afschrijvingskosten 1.850 (8) overige constante kosten 10.000

Vraag 12 4 punten

Bereken de verwachte EBIT over 2021, gegeven het aantal te verwachten klanten van vraag 6. Vul hiervoor de uitwerkbijlage bij deze vraag in.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

De verwachte EBIT van Juicy Lucy over 2021 ruimte voor berekeningen omzet 164.640,00 343 x 60 x 8 inkoopwaarde van de omzet 41.160,00 164.640 x 0,25 variabele personeelskosten 4.939,20 164.640 x 0,03 voor de EBITDA 23.115,46 relevante constante (zie vraag 11) + kosten 33.115,46 10.000 EBITDA 85.425,34 afschrijvingskosten 1.850,00 (zie vraag 11) EBIT 83.575,34

Conclusie

Vraag 13 4 punten

Zal Juicy Lucy van start gaan? Licht het antwoord toe met een berekening en een verwijzing naar voorwaarden 1 tot en met 5 uit informatiebron 3. Vul hiervoor de uitwerkbijlage bij deze vraag volledig in.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

rentedekkingsfactor over 2021 ruimte voor berekening 11,1 83.575,34 7.516,19

voorwaarde onderwerp voldaan ruimte voor uitleg / ja/nee berekening 1, 2 en 5 beloning Lucy is ja (83.575,34

  • 7.516,19) > mogelijk 57.360

3 rechtsvorm ja ‘Jucy stemt in’

4 rentedekking ja 11,1 > 7,0 Conclusie: Juicy Lucy gaat van start (aan alle voorwaarden wordt voldaan).

Opmerking De juiste uitleg of berekening bij elke voorwaarde is noodzakelijk voor toekenning van het scorepunt.

Opgave 3

In deze opgave blijven de btw en de emissiekosten buiten beschouwing.

The Maxx Brothers nv (TMB) uit Hilversum produceert sinds 1979 reclamefilms voor ondernemingen die vervolgens op televisie en in bioscopen worden vertoond. Lange tijd was reclame iets voor gespecialiseerde bedrijven zoals TMB, tot de opkomst van social media. Voor TMB was de komst van social media zowel een kans als een bedreiging.

Vraag 14 2 punten

Leg uit op welke manier de komst van social media voor TMB zowel een kans als een bedreiging zou kunnen zijn.

Bekijk het antwoord
  • Voorbeelden van juiste antwoorden zijn: − Kans: tv en bioscoop zijn dure kanalen. De komst van goedkopere social media vergroot het aantal mogelijke klanten van TMB, want TMB kan ook filmpjes maken ten behoeve van het gebruik van social media. − Bedreiging: de komst van digitale technologieën maakt het voor nieuwe aanbieders (bijvoorbeeld vloggers en influencers) mogelijk om tegen lage kosten tot de markt toe te treden. of − Bedreiging: bedrijven willen niet meer adverteren op tv, maar op social media. per juiste kans (1) per juiste bedreiging (1) (2)

TMB wil zich aanpassen aan nieuwe technieken en nieuwe media. Hiervoor zal TMB verhuizen. TMB verkoopt haar bedrijfspand in Hilversum tegen de boekwaarde en lost de daarop rustende hypothecaire lening af. TMB koopt een nieuw bedrijfspand in Eindhoven. Voor de financiering hiervan heeft TMB in december 2020 een converteerbare obligatielening uitgeschreven.

Op 29 december 2020, vóór bovengenoemde financiële feiten, ziet de balans van TMB er als volgt uit:

debet Balans TMB per 29 december 2020 credit (getallen x € 1.000) Maatschappelijk Licenties 500 aandelenkapitaal 4.000 Bedrijfspand 3.000 Aandelen in portefeuille 2.200 Apparatuur 1.300 1.800 Debiteuren 2.400 Agioreserve 200 Bank 550 Algemene reserve 1.600 Resultaat 2020 400 5% Hypothecaire lening 2.500 Crediteuren 1.250 7.750 7.750

Ieder aandeel TMB heeft op 29 december 2020 een intrinsieke waarde van € 50, een beurskoers van € 62 en een nominale waarde van € 22,50.

Vraag 15 1 punt

Bereken het aantal geplaatste aandelen TMB per 29 december 2020.

Bekijk het antwoord
  • 1.800.000 + 200.000 + 1.600.000 + 400.000 = 80.000 aandelen 50 of 1.800.000 = 80.000 aandelen 22,50 (1)

Van de emissie van de converteerbare obligaties is het volgende gegeven:

  • nominale waarde: € 1.000 per obligatie
  • emissiekoers: 105%
  • totale opbrengst van de emissie: € 5.092.500

De emissie, de verhuizing en de financiële afwikkeling (per bank) ervan worden op 30 december 2020 afgerond. De volgende financiële feiten moeten nog op bovenstaande balans worden verwerkt.

− Het bedrijfspand op de balans wordt verkocht tegen de boekwaarde. De opbrengst is ontvangen.

  • De 5% Hypothecaire lening is volledig afgelost.
  • De opbrengst van de emissie van de converteerbare obligatielening is ontvangen.
  • Het nieuwe bedrijfspand in Eindhoven is door TMB voor € 5.000.000 gekocht en betaald.

Vraag 16 5 punten

Geef in de uitwerkbijlage bij deze vraag de mutaties op de balans aan die het gevolg zijn van bovenstaande financiële feiten.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Wanneer is geantwoord ‘Agio’ in plaats van ‘Agio op obligaties’, wordt

1 scorepunt in mindering gebracht.

Binnen de conversieperiode kunnen de converteerbare obligaties door de houders ervan worden ingewisseld tegen aandelen. De houders ervan bepalen of zij de converteerbare obligaties wel of niet converteren in aandelen.

De houders van converteerbare obligaties zullen (nog) niet converteren als op een bepaald moment de … (1)… van het betreffende aandeel lager is dan de conversiekoers van het betreffende aandeel.

Vraag 17 2 punten

Bij (1) moet staan a nominale waarde b emissiekoers c beurskoers d intrinsieke waarde Noteer de letter van het juiste antwoord en leg de keuze uit.

Bekijk het antwoord

Opmerking Het tweede scorepunt kan alleen worden behaald als het eerste scorepunt is behaald.

De conversievoorwaarden zijn:

1 obligatie, met bijbetaling van € 200, geeft recht op 15 aandelen TMB.

Vraag 18 2 punten

Bereken met welk bedrag de agioreserve van TMB toeneemt als 1.000 obligaties worden ingewisseld.

Bekijk het antwoord
  • (1.000 + 200 – 15 x 22,50) x 1.000 = € 862.500 (2)

Opgave 4

In deze opgave is de btw 21%.

Brait bv is een dienstverlenende onderneming in lampen. De klanten van Brait kunnen in de fysieke winkel van Brait aankopen doen, maar ook via de webshop van Brait.

Vraag 19 1 punt

Tot welk onderdeel van de marketingmix van Brait behoort de mogelijkheid tot aankoop via de webshop?

Bekijk het antwoord
  • (p van) plaats (1)

Brait wil de onderstaande financiële feiten verwerken in de winst- en verliesrekening over en het liquiditeitsoverzicht van het eerste kwartaal van 2021:

1. Verkopen

getallen x € 1.000

2020 2021 oktober november december januari februari maart verkopen inclusief 100 120 130 125 135 140 21% btw

− Van de verkopen is 60% op rekening.

  • De krediettermijn debiteuren is 1,5 maand en hiervan wordt volledig gebruikgemaakt.
  • De verkopen vinden gelijkmatig verspreid binnen een maand plaats.

2. Onderhoud

Iedere maand wordt € 1.000 gedoteerd aan de Voorziening Onderhoud. In maart 2021 wordt € 20.000 inclusief 21% btw betaald aan een schildersbedrijf voor het onderhoud van het pand van Brait.

Vraag 20 5 punten

Bereken als gevolg van de verkopen en het onderhoud de bedragen die op de winst- en verliesrekening of op het liquiditeitsoverzicht of op beide met betrekking tot het eerste kwartaal van 2021 moeten worden opgenomen. Vul hiervoor de uitwerkbijlage bij deze vraag volledig in.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

winst- en verliesrekening liquiditeitsoverzicht (in €) over (in €) in eerste kwartaal 2021 eerste kwartaal 2021 verkopen 330.578,51 389.500 onderhoud 3.000 20.000

ruimte voor berekeningen:

winst- en verliesrekening liquiditeitsoverzicht (in €) (in €) over eerste kwartaal in eerste kwartaal 2021 2021 verkopen 125.000 + 135.000 + 140.000 debiteuren: 1, 21 0,6 x 0,5 x 120.000 + + 0,6 x 130.000 + 0,6 x 125.000 + 0,6 x 0,5 x 135.000 contante verkopen: 0,4 x (125.000 + 135.000 +140.000)

3. Verdeling van het resultaat

In januari 2021 wordt het resultaat over 2020 verdeeld en wordt aan alle hieraan verbonden verplichtingen voldaan. Hierover is bekend:

  • Het resultaat voor vennootschapsbelasting over 2020 is € 500.000.
  • Het resultaat na vennootschapsbelasting is € 390.000 en wordt verdeeld in de verhouding 2:3 over respectievelijk: a dividend: de ene helft cashdividend en de andere helft stockdividend b toevoeging aan de algemene reserve van Brait

Vraag 21 2 punten

Bereken als gevolg van de verdeling van het resultaat over 2020 de bedragen die op de winst- en verliesrekening of op het liquiditeitsoverzicht of op beide met betrekking tot het eerste kwartaal van 2021 moeten worden opgenomen. Vul hiervoor de uitwerkbijlage bij deze vraag volledig in.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

winst- en verliesrekening liquiditeitsoverzicht (in €) over (in €) in eerste kwartaal 2021 eerste kwartaal 2021 verdeling 188.000 resultaat

ruimte voor berekeningen:

winst- en liquiditeitsoverzicht (in €) in verliesrekening (in €) eerste kwartaal 2021 over eerste kwartaal 2021 verdeling vennootschapsbelasting: resultaat 500.000

  • 390.000 + cash dividend: 390.000 x 2 x 0,5 5

Opgave 5

Bij deze opgave horen de informatiebronnen 6 tot en met 8.

In deze opgave blijven de belastingen en transactiekosten buiten beschouwing.

Stijn Verhulst heeft de afgelopen jaren een aardig spaarsaldo opgebouwd op zijn spaarrekening. Omdat de interestvergoeding op zijn spaarrekening erg laag is, wil hij dit geld aanwenden om te beleggen in aandelen.

Stijn vraagt zich af welke instelling toezicht houdt op financiële markten.

Vraag 22 1 punt

Noem een instelling die toezicht houdt op financiële markten.

Bekijk het antwoord
  • − AFM/ Autoriteit Financiële Markten − DNB/De Nederlandsche Bank (1)

Bij de keuze van het aandeel dat hij wil kopen heeft Stijn twee criteria opgesteld:

Het aandeel moet:

  • ‘relatief goedkoop’ / ondergewaardeerd zijn
  • een gelijkmatig koersverloop hebben.

Stijn heeft met betrekking tot deze criteria informatie van een aantal aandelen op de ADX-beurs opgezocht (zie informatiebron 6).

Vraag 23 2 punten

Noem de aandelen die voldoen aan beide criteria van Stijn. Motiveer het antwoord en betrek hierbij beide criteria.

Bekijk het antwoord
  • Een aandeel moet een lage volatiliteit hebben (1)
  • en een lage koers/winstverhouding. Aandelen Eduard nv en Ferdinand nv voldoen aan deze criteria (1)

Een professionele belegger adviseert Stijn om, naast de aandelen van vraag 23, aandelen in Jacobsen nv te kopen. Zijn verwachting is dat de beurskoers van dit aandeel gaat stijgen, echter het risico bestaat altijd dat de beurskoers juist gaat dalen. Om dit koersrisico af te dekken, kan Stijn naast het aandeel Jacobsen ook putopties Jacobsen kopen.

Stijn heeft in de positie van aandeelhouder andere rechten dan in de positie van optiehouder.

Vraag 24 2 punten

Noem twee rechten die een aandeelhouder wel heeft en een optiehouder niet.

Bekijk het antwoord
  • zeggenschap / stemrecht (1)
  • (recht op) dividend (1)

Stijn berekent wat het verwachte resultaat in euro’s over 2021 is, indien hij per 1 januari 2021: a 100 aandelen Jacobsen koopt of b 100 aandelen Jacobsen én 1 putoptie Jacobsen koopt.

Hiervoor heeft Stijn informatie verzameld over het aandeel Jacobsen en een putoptie Jacobsen (zie informatiebron 7). Stijn vraagt de professionele belegger waar de hoogte van de optiepremie van een putoptie van afhankelijk is. De professionele belegger antwoordt dat hoe verder de afloopdatum (expiratiedatum) van de putoptie in de toekomst ligt, hoe hoger de optiepremie van de putoptie is.

Vraag 25 1 punt

Leg dit antwoord van de professionele belegger uit.

Bekijk het antwoord
  • Hoe verder de afloopdatum is, hoe groter de kans op winst bij uitoefenen van de putoptie, omdat de kans dat de uitoefenprijs een keer boven de beurskoers plus optiepremie komt dan groter is. (1)

Bij het bepalen van het verwachte resultaat houdt Stijn rekening met twee scenario’s:

  • een bestcase-scenario: de beurskoers van een aandeel Jacobsen zal in 2021 met 8% stijgen;
  • een worstcase-scenario: de beurskoers van een aandeel Jacobsen zal in 2021 met 15% dalen.

Onder ‘resultaat’ verstaat Stijn het bedrag in euro’s van de koersresultaten en het dividend.

Vraag 26 5 punten

Bereken het verwachte resultaat over 2021, wanneer a Stijn alleen 100 aandelen Jacobsen koopt en b Stijn 100 aandelen Jacobsen én 1 putoptie Jacobsen koopt. Stijn zal de putoptie tot de afloopdatum in bezit houden. Vul hiervoor de uitwerkbijlage bij deze vraag volledig in.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

resultaat over 2021 bij een stijgende beurskoers een dalende beurskoers van 8% van 15%

100 aandelen Jacobsen 158,40 –124,50

100 aandelen Jacobsen én 128,40

  • 24,50

1 putoptie Jacobsen

ruimte voor berekeningen:

resultaat over 2021 bij een stijgende een dalende beurskoers beurskoers van 8% van 15%

100 aandelen 100 x 12 x 0,08 = 96,00 100 x 12 x

  • 0,15 =
  • 180 Jacobsen 100 x 0,05 x 100 x 0,05 x

12 + (12 x 1,08) 12 + (12 x 0,85) = 62,40 = 55,50

2 (2) 158,40

  • 124,50

100 aandelen 158,40

  • (100 x 0,30) = 100 x (11,50
  • (0,85 x 12)) Jacobsen én 128,40 = 130

1 putoptie 130

  • 124,50
  • 30 = Jacobsen
  • 24,50 of

100 x (12

  • 11,50) =
  • 50

100 x 0,05 x

12 + (12 x 0,85) = 55,50 2

– 50 + 55,50

  • 30 =
  • 24,50

Stijn heeft de invloed van de beurskoers op 31 december 2021 op het resultaat in situatie a (100 aandelen Jacobsen) en b (100 aandelen Jacobsen én 1 putoptie Jacobsen) grafisch weergegeven (zie informatiebron 8).

Vraag 27 2 punten

Leg uit dat uit de grafiek in informatiebron 8 de volgende algemene financiële regel blijkt: “hoe hoger het risico van effecten, des te hoger de potentiële winsten en verliezen”.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

  • maar het verlies kan ook groter zijn (1p)

Opgave 6

Schildersbedrijf Vermeer bv heeft vijf personeelsleden in dienst: vier schilders en één opzichter. Elke schilder heeft een contract voor onbepaalde tijd van 36 uur per week. De directie van Vermeer overweegt nieuw personeel alleen nog nul- urencontracten aan te bieden.

Vraag 28 2 punten

Noem voor Vermeer een voordeel en een nadeel van een nul- urencontract, vergeleken met een contract voor onbepaalde tijd. Licht de antwoorden toe.

Bekijk het antwoord

Opmerkingen

  • Aan antwoorden met de strekking: “Een werknemer met een nul- urencontract hoeft niet te komen als hij niet wil” of “kan direct ontslag nemen” worden geen scorepunten toegekend.
  • De juiste motivatie per voordeel/nadeel is noodzakelijk voor het behalen van ieder scorepunt.

De voorcalculatorische loonkosten over 2021 van één schilder zijn voor Vermeer € 47.309,18. De opzichter maakt de planningen, bestelt de materialen en controleert de werkzaamheden ter plekke. De loonkosten van de opzichter bedragen € 60.000 in 2021. Het loon van de opzichter kan niet direct aan de klanten doorbelast worden. Het schildersbedrijf brengt haar klanten een uurtarief in rekening. Dat uurtarief bestaat uit de loonkosten van de schilder per uur ( totale loon alle schilders / totaal aantal werkzame uren alle schilders) + opslag voor de opzichter per uur(loon opzichter / totaal aantal gewerkte uren van alle schilders)

De loonkosten van de opzichter zouden ook op een andere manier in de calculatie kunnen worden doorberekend.

Vraag 29 1 punt

Geef een andere manier waarop Vermeer de loonkosten van de opzichter in de voorcalculatie zou kunnen doorberekenen.

Bekijk het antwoord
  • Voorbeelden van juiste antwoorden zijn: Door het doorberekenen van: − een vast bedrag per offerte − een vast bedrag per te werken dag − een opslag in de vorm van een percentage van de totale kosten (1)

Van de 52 weken in een jaar heeft elke schilder in 2021 in totaal 6 weken vakantie. In de weken dat een schilder werkt, kunnen de kosten van

30 uur per week aan klanten doorbelast worden.

Vraag 30 2 punten

Bereken het uurtarief dat Vermeer per schilder hanteert in de voorcalculatie.

Bekijk het antwoord
  • 47.309,18 60.000 + = € 45,15 30 x (52 – 6) 4 x 30 x ( 52 – 6 ) (2)

Voor schilderwerk aan het woonhuis van Tim van Delft maakt Vermeer een voorcalculatie waarin de volgende punten verwerkt worden:

kosten plaatsen steiger € 240 exclusief btw materiaal € 850 exclusief btw arbeid 28 uur te declareren uren resultaat 20% van het offertebedrag exclusief btw btw 9% op arbeid btw 21% op alle overige kosten

Vraag 31 3 punten

Bereken de offerteprijs inclusief btw die Vermeer voor het schilderwerk voor Tim van Delft calculeert. Vul hiervoor de uitwerkbijlage bij deze opgave verder in.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

plaatsen steiger 240,00 materiaal 850,00 arbeid 28 uur à € 45,15 1.264,20 kostprijs 2.354,20 resultaat 20% 588,55 offertebedrag exclusief btw 2.942,75 btw 342,68 offertebedrag inclusief btw 3.285,43

ruimte voor berekeningen:

arbeid 45,15 x 28 = 1.264,20 resultaat 2.354,20 x 20 = 588,55 80 btw 1.264,20 x 0,09 = 113,78 (240 + 850) x 0,21 = 228,90 342,68

Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen vwo Bedrijfseconomie 2021, tijdvak 1. Afbeeldingen en de exacte opmaak staan in het originele examen: https://www.examenblad.nl/2021/vwo/documenten/cse-1/vw-0400-a-21-1-o

Andere examens bedrijfseconomie vwo

Veelgestelde vragen

Hoeveel vragen heeft het eindexamen bedrijfseconomie vwo 2021, tijdvak 1?

Het centraal examen bedrijfseconomie vwo 2021, tijdvak 1 loopt tot vraag 31. Van 26 vragen staat het onderwerp in de vragenbank. De meeste vragen gaan over investeren (6), kostprijs en break-even (6) en balans en resultatenrekening (5).

Wat zijn de antwoorden van het examen bedrijfseconomie vwo 2021, tijdvak 1?

Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.

Waar vind ik het correctievoorschrift van bedrijfseconomie vwo 2021, tijdvak 1?

Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2021/vwo/documenten/cse-1/vw-0400-a-21-1-c). Bij dit examen hoort ook een aanvulling op het correctievoorschrift.

Hoe oefen ik met het examen bedrijfseconomie vwo 2021, tijdvak 1 en krijg ik feedback?

Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.