Eindexamen filosofie havo 2021, tijdvak 3: vragen en antwoorden
Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Opgave 1 Portretfotografie, Opgave 2 Harari en zijn 21 lessen voor de 21ste eeuw, Opgave 3 Mens en huisdier.
Het centraal examen filosofie havo 2021, tijdvak 3 telt 20 vragen. De meeste vragen gaan over mens en techniek (9), kennisleer (5) en ethiek (4). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.
Onderwerpen in dit examen
| Onderwerp | Vragen | Aantal |
|---|---|---|
| Mens en techniek | 1, 5-6, 8-9, 11-12, 18, 20 | 9 |
| Kennisleer | 2, 14-17 | 5 |
| Ethiek | 3-4, 10, 19 | 4 |
| Politieke filosofie | 7, 13 | 2 |
Vergeleken met andere jaren
Vergeleken met de andere 16 examens filosofie havo sinds 2018: dit examen vroeg meer over mens en techniek (45% van de vragen, gemiddeld 22%) en kennisleer (25% van de vragen, gemiddeld 7%). Minder over politieke filosofie (10% van de vragen, gemiddeld 55%).
Opgaven en correctievoorschrift
De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.
Oefenen als leerling
Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen filosofie havo 2021, tijdvak 3 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.
Nakijken als docent
Start gratis vanaf deze pagina
Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen filosofie havo 2021, tijdvak 3 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.
Laat de klas het examen maken
Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.
Geef de resultaten vrij
Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.
ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.
Vragen en antwoorden
Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen filosofie havo 2021, tijdvak 3. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.
Opgave 1 Portretfotografie
Portretfoto’s kunnen vragen oproepen over identiteit en de verschillende aspecten die daarbij een rol spelen. In het fotoproject Hipster/Muslim werden de afgelopen jaren in vijf verschillende steden telkens een hipster en een moslim samen gefotografeerd. Vervolgens ruilden ze van kleding en werden ze opnieuw gefotografeerd. Qua levensverhaal en achtergrond verschillen de jonge mannen, maar ze hebben minstens twee overeenkomsten: beiden hebben een baard en ze wonen in dezelfde wijk. Dit zijn de foto’s van Ayoub en Bas. Zij wonen in de Schilderswijk in Den Haag.
Bij de vraag naar persoonlijke identiteit wordt een onderscheid gemaakt tussen kwalitatieve identiteit en numerieke identiteit.
Vraag 1 2 punten
Geef het onderscheid weer tussen kwalitatieve en numerieke identiteit. Leg vervolgens uit dat het fotoproject over kwalitatieve identiteit gaat.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een weergave van het onderscheid tussen kwalitatieve en numerieke identiteit: kwalitatieve identiteit gaat over overeenkomstige eigenschappen, terwijl numerieke identiteit gaat over de vraag hoe je ondanks veranderingen door de tijd heen dezelfde persoon blijft (1) • een uitleg dat het fotoproject over kwalitatieve identiteit gaat: door de overeenkomstige eigenschappen wordt de vraag opgeroepen in hoeverre de jongens hetzelfde zijn (1) voorbeeld van een goed antwoord: • Kwalitatieve identiteit gaat over overeenkomstige eigenschappen, terwijl numerieke identiteit gaat over de vraag hoe je ondanks veranderende kwalitatieve eigenschappen door de tijd heen dezelfde persoon blijft (1) • Het fotoproject gaat over kwalitatieve identiteit, namelijk over overeenkomstige eigenschappen en de vraag in hoeverre een hipster en een moslim op elkaar lijken. Doordat de jongens van kleding wisselen, weet je niet meer precies wie nou wie is en lijken de jongens dezelfde te zijn (1) (2)
Degene die het project Hipster/Muslim heeft bedacht, wil dat kijkers gaan nadenken over vooroordelen omtrent hipsters en moslims. Zij zegt: “Deze personen zijn niet dé hipster of dé moslim. En toch zien we de ene groep als hip, vooruitstrevend en modern en de andere groep als conservatief, agressief en radicaal.” Vooroordelen kunnen expliciet, maar ook impliciet zijn. Impliciete oordelen kunnen het idee van eerstepersoonsautoriteit ondermijnen.
Vraag 2 2 punten
Leg uit dat impliciete oordelen het idee van eerstepersoonsautoriteit kunnen ondermijnen. Beargumenteer met het idee van impliciete oordelen of het fotoproject Hipster/Muslim volgens jou kan bijdragen aan het versterken van de eerstepersoonsautoriteit van de toeschouwers.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg dat impliciete oordelen het idee van eerstepersoons- autoriteit kunnen ondermijnen, omdat deze oordelen onbewust bepalen wat je vindt (1) • een argumentatie met het idee van impliciete oordelen of het fotoproject Hipster/Muslim kan bijdragen aan het versterken van de eerstepersoonsautoriteit van de toeschouwers (1) voorbeeld van een goed antwoord: • Impliciete oordelen zijn onbewuste stereotypen die een rol spelen in ons denken en handelen. Omdat we ons van deze stereotypen niet bewust zijn, bepalen impliciete oordelen wat we vinden en kan onze eerstepersoonsautoriteit worden ondermijnd. Wat we vinden bepalen we in dit geval niet helemaal zelf (1) • Ik denk dat de tentoonstelling Hipster/Muslim inderdaad kan bijdragen aan het versterken van de eerstepersoonsautoriteit van de mensen die naar deze foto’s kijken. Je kunt je door deze tentoonstelling namelijk bewust worden van de onbewuste stereotypen die jouw denken kennelijk bepalen. Door je daarvan bewust te worden, kan je zelf ook veranderen en dus met meer eerstepersoonsautoriteit oordelen over jezelf en anderen (1) of • Ik denk dat de tentoonstelling Hipster/Muslim niet per se bijdraagt aan het versterken van de eerstepersoonsautoriteit van de mensen die naar deze foto’s kijken. Ze zullen zich misschien wel bewust worden van hun eigen impliciete oordelen, maar dat wil nog niet meteen zeggen dat ze die ook kwijtraken als ze na het bezoek aan de tentoonstelling weer verder leven. Het ingewikkelde van impliciete oordelen is juist dat ze onbewust zijn en dat ook als je je bewust bent geworden van je eigen impliciete oordelen, dat nog niet wil zeggen dat je daar naar gaat handelen. Om je eerstepersoonsautoriteit echt te versterken, moet je jezelf reguleren op basis van wat je te weten bent gekomen over je eigen vooringenomen oordelen (1) (2)
Onderdeel van het project zijn de levensverhalen van de geportretteerden. Dit vertellen Ayoub en Bas:
tekst 1
Bas (29): “Ik ben een jonge gozer met baard en knotje. Ja, dan ben je al snel een hipster. Bij hipsters denk ik ook aan vintagewinkels, aan je druk maken over wat er in de wereld gebeurt.” Ayoub (24): “Voor mij is een hipster een vrije geest die zijn eigen grenzen bepaalt. Ik houd me aan de Koran. Ik heb in het café heus niet alle rondjes overgeslagen, maar weet dat alcohol een gevaarlijke verleiding is.”
naar: de Volkskrant, 17 januari 2019, Baarden in de Schilderswijk
Ayoub en Bas denken na over wat de ‘hipster-identiteit’ inhoudt.
Vraag 3 2 punten
Leg met de uitspraak van Bas en met de uitspraak van Ayoub uit dat in tekst 1 twee verschillende morele invullingen van de hipster-identiteit worden gegeven.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg met tekst 1 dat Bas een morele invulling van de hipster- identiteit geeft, omdat hij aan de hipster-identiteit de morele waarde van maatschappelijke betrokkenheid toekent (1) • een uitleg met tekst 1 dat Ayoub een morele invulling van de hipster- identiteit geeft, omdat hij de hipster-identiteit zelfscheppende morele vrijheid toekent (1) voorbeeld van een goed antwoord: • Volgens Bas maken hipsters zich druk om de wereld. Maatschappelijke betrokkenheid is een morele waarde. Bas geeft dus in tekst 1 een morele invulling aan de hipster-identiteit (1) • Volgens Ayoub zijn hipsters vrije geesten die hun eigen grenzen bepalen. Dat betekent dat hipsters volgens hem hun eigen waarden creëren, anders dan hijzelf doet omdat hij de morele regels van de Koran volgt, bijvoorbeeld over alcohol. Ook Ayoub geeft in tekst 1 dus een morele invulling aan de hipster-identiteit (1) (2)
Voor Ayoub is zijn identiteit als moslim het belangrijkst:
tekst 2
Ayoub: “Ik ben hier geboren, mijn ouders komen uit Marokko. In Nederland blijf ik de Marokkaan, in Marokko ben ik de Nederlander. Wat altijd blijft, is dat ik moslim ben. Dat is mijn puurste identiteit.”
bron: de Volkskrant, 17 januari 2019, Baarden in de Schilderswijk
Charles Taylor beschrijft authenticiteit in termen van wat we het meest waardevol vinden. Taylors authenticiteitsideaal leidt tot een regressieprobleem. Taylor en Harry Frankfurt hebben een verschillende benadering voor dit regressieprobleem.
Vraag 4 3 punten
Leg uit dat Ayoubs uitspraak in tekst 2 kan aansluiten bij de benadering van het regressieprobleem van:
- Taylor en
- Frankfurt. Beargumenteer vervolgens met het begrippenpaar ‘cultuur en natuur’ bij welk van deze twee filosofen jij Ayoubs opvatting het best vindt aansluiten.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg dat Ayoubs uitspraak in tekst 2 kan aansluiten bij Taylors benadering van het regressieprobleem als Ayoub de waarde van zijn moslim-identiteit niet simpelweg ontdekt maar interpreteert als wie hij het liefst wil zijn (1) • een uitleg dat Ayoubs uitspraak in tekst 2 kan aansluiten bij Frankfurts benadering van het regressieprobleem als Ayoub ontdekt dat moslim- zijn voor hem de liefde is waaruit al zijn andere verlangens voortkomen / die geen verdere rechtvaardiging behoeft (1) • een argumentatie met het begrippenpaar ‘cultuur en natuur’ bij welke benadering Ayoubs uitspraak het best aansluit (1) voorbeeld van een goed antwoord: • Taylor benadert het regressieprobleem door te zeggen dat je uiteindelijk niet alleen in jezelf ontdekt wat voor persoon je wilt zijn, maar dit ook interpreteert. Je geeft vorm aan jezelf door je belangrijkste waarden en overtuigingen te interpreteren. Dit noemt Taylor ‘zelfarticulatie’. Ayoubs uitspraak in tekst 2 kan hierbij aansluiten als hij zijn moslim-zijn als puurste identiteit niet alleen passief als gegeven ontdekt, maar actief interpreteert als dat wat hij het liefst wil zijn (1) • Volgens Frankfurt kunnen we de oneindige regressie stoppen vanwege een gevoel van liefde. Uiteindelijk komen al onze keuzes voort uit dat waarvan we het meest houden en dat hoeft niet verder gerechtvaardigd te worden. Ayoubs uitspraak in tekst 2 kan hierbij aansluiten als zijn moslim-zijn nou eenmaal dat is van waaruit hij keuzes maakt in zijn leven (1) • Ik vind dat Ayoubs uitspraak het best past bij Taylors benadering van het regressieprobleem. Hij zegt dat moslim-zijn zijn puurste identiteit is. Dat is een religieuze identiteit en volgens mij is religie altijd cultuur. Hij formuleert zijn puurste identiteit ook in één adem met de twee culturen waar hij deelgenoot van is, maar ook niet helemaal bij hoort. Ik denk dus dat zijn moslim-zijn niet simpelweg een ontdekking is van zijn innerlijke nat (3)
Een van de bekendste portretfotografen in Nederland is Erwin Olaf. Op zijn vijftigste maakte hij onderstaand zelfportret I wish, I am, I will be (Ik zou willen, ik ben, ik zal zijn). Olaf maakte dit portret ruim tien jaar geleden. Hij wist toen al dat hij een ongeneeslijke longziekte had, maar hij had op dat moment nog geen zuurstofflessen nodig.
I wish I am I will be
Volgens Paul Ricoeur speelt het onderscheid tussen huidig en toekomstig perspectief een rol bij de vraag naar persoonlijke identiteit.
Vraag 5 2 punten
Leg Ricoeurs opvatting over persoonlijke identiteit uit met:
- Ricoeurs onderscheid tussen huidig en toekomstig perspectief en
- de titel van Olafs portret I wish, I am, I will be.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg dat Ricoeurs opvatting over persoonlijke identiteit gaat om een zelf dat zich tot zichzelf verhoudt, waarbij je kunt vooruitblikken vanuit een huidig perspectief naar mogelijke toekomstige situaties en je de vraag kunt stellen of je dat nog wel zelf zal zijn (1) • een uitleg dat de Olaf op de foto I am vooruit kan blikken naar toekomstige perspectieven en zich kan afvragen of hij dezelfde blijft als hij degene op de foto I will be is geworden in plaats van degene op de foto I wish (1) voorbeeld van een goed antwoord: • Volgens Ricoeur gaat het bij de vraag naar persoonlijke identiteit om een zelf dat zich tot zichzelf verhoudt. Hierbij gaat het onder andere om een zelf dat vanuit zijn huidige perspectief vooruit kan blikken op veranderingen door de tijd heen en zich daarbij een voorstelling maakt van een toekomstig perspectief en zich afvraagt of hij het dan nog wel zelf is (1) • Vanuit het huidige perspectief, op de foto I am kan Olaf misschien nog hopen dat hij in de toekomst gespierd of gezond zal zijn, zoals op de foto I wish. Maar hij weet door zijn ziekte ook dat hij in de toekomst degene met de zuurstofflessen zal zijn, de foto I will be. Ondanks de veranderingen zal hij denken dat hij het zelf is die in de toekomst zuurstof nodig heeft en niet meer gezond en met strakke spieren rond zal lopen (1) (2)
In een interview probeert Olaf zijn werk als kunstenaar te karakteriseren:
tekst 3
Gevraagd naar de overkoepelende thema’s in zijn werk, zegt Olaf: “In de jaren tachtig was het seks
- vooral mijn angst ervoor. Ik was al blij dat ik uit de kast was gekomen.” De jaren negentig: agressie. “Ik zat altijd op het paard en ik zou de wereld wel gaan veroveren met mijn lans.” De jaren nul: verdriet
- niet alleen om de wereld, na 9/11, ook omdat zijn ziekte, longemfyseem, hem steeds vaker begon te hinderen. Een woord dat het thema voor de jaren tien dekt vond hij lastig. “Stuurloos? Ik ben sinds mijn 55ste de weg een beetje kwijt. Ik ben een ouder wordende man, die niet meer precies weet waar hij voor staat. Ik ben privé heel gelukkig, met mijn man. Ook met dat homo-activisme van mij is het wel mooi geweest. Ik denk: ga nieuwe dingen leren en bedenken wat je wilt doen met je bedrijf.”
naar: de Volkskrant, 25 mei 2018, 'Ik ben bang dat wat ik heb gemaakt, geen kunst blijkt te zijn'
Olafs karakterisering van zijn werk lijkt ook een karakterisering van zijn identiteit te zijn, van zijn ‘zelf’. Zoals blijkt uit tekst 3 staat Olafs ‘zelf’ door de jaren heen niet vast. David Hume gebruikt ‘de geest als theater’ als metafoor voor zijn sceptische opvatting over het zelf.
Vraag 6 3 punten
Leg met ‘de geest als theater’ Humes sceptische opvatting over het zelf uit. Beargumenteer vervolgens of jij het eens bent met Humes opvatting over het zelf met:
- tekst 3 en
- Humes begrip van losse percepties.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg van Humes sceptische opvatting van het zelf met de geest als theater: zoals in het theater losse scènes voorbijglijden, zo heeft de mens losse percepties. Maar de geest heeft niet zoals het theater een toeschouwer die deze percepties waarneemt: het zelf is niets anders dan een bundel vluchtige percepties (1) • een argumentatie voor of tegen Humes opvatting over het zelf met tekst 3 en (1) • Humes begrip van losse percepties (1) voorbeeld van een goed antwoord: • Zoals in het theater alleen maar scènes en beelden voorbijglijden, zo heeft de mens alleen maar losse percepties die voortdurend veranderen. Anders dan in het theater is er in de geest geen toeschouwer (zelf) dat deze veranderende percepties kan waarnemen. Hieruit concludeert Hume dat het zelf niet kan bestaan als iets wat door de tijd heen hetzelfde blijft. Percepties zijn vluchtig en daarom bestaat er geen stabiel en voortdurend zelf (1) • De losse percepties die Olaf in tekst 3 van zichzelf heeft, zoals zijn angst voor seks, agressie, verdriet en het gevoel van de weg kwijt zijn, kunnen volgens mij niet uit niks voortkomen zoals Hume beweert. Er moet iets zijn dat Olafs identiteit is en vast blijft staan, al zijn het maar zijn verlangen en vermogen om die voorbijtrekkende, losse percepties van hemzelf en de wereld weer te geven in foto’s. Dat je het zelf niet kan waarnemen, wil niet zeggen dat het niet bestaat. Ik ben het dus niet met Hume eens (2) of • Olafs veranderlijke ervaringen van zichzelf in tekst 3, zoals zijn angst voor seks, agressie, eerst wel en dan weer niet geïnteresseerd zijn in homo-activisme, veronderstellen volgens mij geen vaststaand zelf. Ze trekken voorbij. Meer is er niet en meer kunnen we er ook niet over zeggen. Het idee van een stabiel zelf heeft wat mij betreft zelfs iets raars als je kijkt hoe uiteenlopend Olafs ervaringen van zichzelf en zijn werk zijn. Ik ben het dus met Hume eens dat er geen onveranderlijk en stabie (3)
De meeste mensen maken met hun smartphone portretten van zichzelf en elkaar. Soms gaat een selfie viral. Dat overkwam de dertienjarige Ryan toen hij in 2018 tijdens de halftime- show van de Super-Bowl (een veel bekeken footballwedstrijd) een selfie maakte met de bekende zanger Justin Timberlake. Ryan had onmiddellijk tienduizenden volgers op zijn Instagram en kwam met zijn foto in allerlei media, waaronder het Nederlandse Jeugdjournaal. Deze tijdelijke beroemdheid overdonderde Ryan.
Volgens Honneth kan je pas autonoom zijn als anderen je erkennen. Hij onderscheidt drie vormen van erkenning. Een van die vormen is sociale waardering. In het voorbeeld van Ryan is het de vraag of er sprake is van sociale waardering. Ga ervan uit dat er in ieder geval wél sprake is van de andere twee vormen van erkenning.
Vraag 7 3 punten
Geef deze twee andere vormen van erkenning weer. Geef vervolgens een argument vóór en een argument tegen de bewering dat Ryans beroemdheid zijn autonomie volgens Honneth zal vergroten.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een weergave van Honneths twee andere vormen van erkenning: liefde en respect (1) • een argument vóór de bewering dat Ryans beroemdheid zijn autonomie volgens Honneth vergroot: een selfie met zo’n beroemdheid is een prestatie die vanuit de gemeenschap als waardevol wordt gezien (1) • een argument tegen de bewering dat Ryans beroemdheid zijn autonomie volgens Honneth vergroot: Ryans beroemdheid is meeliften op de beroemdheid van een ander en geen waardevolle verdienste van Ryan binnen de gemeenschap (1) voorbeeld van een goed antwoord: • De andere twee vormen van erkenning zijn liefde en respect (1) • Autonomie is bij Honneth relationeel. Volgens Honneth moet aan alle drie de vormen van erkenning worden voldaan om te kunnen spreken van autonomie. Kennelijk is er sprake van liefde en respect. Een argument dat er ook sprake is van sociale waardering zou kunnen zijn dat het nogal een bijzondere prestatie is om een selfie te maken met een beroemdheid als Justin Timberlake. Dat kan niet iedereen en kan dus vanuit Ryans omgeving gezien worden als waardevol, waardoor Ryans zelfwaardering toeneemt. Dat blijkt ook wel uit het feit dat hij in Nederland met zijn foto in het Jeugdjournaal kwam. Dan wordt Ryans autonomie dus vergroot door zijn beroemdheid (1) • Maar je kan ook zeggen dat er geen sprake is van sociale waardering, want zijn tijdelijke beroemdheid en de interesse van allerlei media gaan helemaal niet over iets waardevols van Ryans eigen identiteit. Ryan wordt beroemd door de sociale waardering voor Justin Timberlake, niet door zijn eigen verdienste. Dus als je het op deze wijze bekijkt, wordt Ryans zelfwaardering niet groter van de foto en vergroot de beroemdheid van Ryan zijn autonomie niet volgens Honneth (1) (3)
Opgave 2 Harari en zijn 21 lessen voor de 21ste eeuw
Yuval Noah Harari is beroemd geworden met zijn boeken over de mens. In 21 lessen voor de 21ste eeuw bespreekt hij de belangrijkste vragen van onze tijd. In het boek is de centrale gedachte dat wij als mensen goed met elkaar kunnen samenwerken omdat we in ‘mythen’ of gedeelde verhalen geloven. Dat kunnen persoonlijke verhalen zijn die je in kleine kring uitwisselt of die je bijvoorbeeld in films kunt zien. Harari noemt Disney-films als voorbeeld van gedeelde persoonlijke verhalen. Deze films weerspiegelen door de jaren heen opvattingen over onze identiteit. In de film Inside Out uit 2015 kunnen we in het brein van het meisje Riley kijken en haar emoties volgen.
tekst 4
Riley wordt bestuurd door tegenstrijdige biochemische mechanismen, die in de film worden weergegeven door stripfiguurtjes. Deze figuurtjes regelen al Rileys stemmingen, beslissingen en handelingen met knoppen en hendels in het ‘Hoofdkwartier’.
naar: Harari, 21 lessen voor de 21ste eeuw
In deze film is volgens Harari de huidige hersenwetenschappelijke visie op de mens duidelijk te herkennen.
Vraag 8 2 punten
Leg uit in welk opzicht tekst 4 aansluit bij het breinreductionisme. Leg vervolgens uit welke kritiek Kant zou hebben op de opvatting van de breinreductionisten over het zelf.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg in welk opzicht tekst 4 aansluit bij het breinreductionisme: het zelf is een hersenactiviteit, een verzameling biochemische mechanismen (1) • een uitleg welke kritiek Kant zou kunnen hebben op het breinreductionisme: het zelf vormt de mogelijkheidsvoorwaarde om hersenactiviteit als een verzameling biochemische processen te kunnen beschouwen (1) voorbeeld van een goed antwoord: • Volgens breinreductionisten is het zelf niets meer dan een verzameling hersenactiviteiten. Ook Riley in tekst 4 wordt gereduceerd tot een verzameling biochemische mechanismen; die stripfiguurtjes bepalen wat zij doet en wie zij is (1) • Volgens Kant bestaat het zelf niet uit een verzameling biochemische mechanismen of processen. Het zelf is transcendentaal: het vormt de mogelijkheidsvoorwaarde om deze verzameling biochemische processen als zelf te kunnen beschouwen (1) (2)
Volgens Harari wordt persoonlijke identiteit gevormd door het vertellen van verhalen. Hij laat zien welke belangrijke rol sociale media als Instagram en Facebook daarbij spelen.
tekst 5
Het is een fascinerend en angstaanjagend schouwspel, al die mensen die talloze uren achter hun computer zitten om met foto’s en verhalen een perfect ‘zelf’ te construeren en te verfraaien. Vervolgens raken ze gehecht aan hun eigen creatie en gaan ze daarin geloven.
naar: Harari, 21 lessen voor de 21ste eeuw
Harari beschrijft in tekst 5 wat mensen tegenwoordig op sociale media doen om het zelf vorm te geven. Volgens Marya Schechtman spelen verhalen een essentiële rol in de bepaling van onze identiteit. Lynne Rudder Baker heeft kritiek op deze opvatting van identiteit.
Vraag 9 3 punten
Leg uit of het vormgeven van een zelf zoals dat in tekst 5 wordt beschreven, aansluit bij de karakterisatievraag van Schechtman. Geef vervolgens weer wat de kritiek is van Baker op de identiteitsopvatting van Schechtman. Beargumenteer tot slot of een geconstrueerde internet-identiteit volgens jou een werkelijk zelf kan zijn. Geef daarbij aan of je het eens of oneens bent met de opvatting van Baker over het zelf.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg of de beschrijving in tekst 5 over het vormgeven van een zelf aansluit bij Schechtmans karakterisatievraag: door actief te zijn op sociale media denken we na over welke kenmerken bij ons horen / op sociale media denken we niet echt goed na over onze kenmerken (1) • een weergave van de kritiek van Baker op de identiteitsopvatting van Schechtman: de vraag naar de numerieke identiteit gaat altijd vooraf aan de karakterisatievraag (1) • een argumentatie of een geconstrueerde internet-identiteit een werkelijk zelf kan zijn op basis van het wel of niet eens zijn met de opvatting van Baker over het zelf (1) voorbeeld van een goed antwoord: • In tekst 5 gaat het over de geconstrueerde internet-identiteit als resultaat van ons nadenken over welke kenmerken bij ons horen en welke kenmerken we kunnen aanpassen. Dit sluit aan bij de karakterisatievraag van Schechtman: welke kenmerken bepalen wie iemand werkelijk is? Je bent volgens haar pas een persoon als je een verhaal kunt vertellen over jezelf of een zelfnarratief kunt scheppen (1) • De kritiek van Baker op Schechtman is dat er een persoon moet bestaan die het verhaal over zichzelf kan vertellen, oftewel die een zelfnarratief kán scheppen (1) • Een geconstrueerde internet-identiteit kan volgens mij geen werkelijk zelf zijn, omdat er altijd een persoon of een zelf moet zijn dat met deze internet-identiteit moet beginnen: de constructie van een identiteit via internet moet een beginpunt hebben. Ik ben het dus eens met Baker dat er altijd een persoon moet bestaan voordat er een verhaal over jezelf op internet gemaakt kan worden (1) of • ik ben het niet eens met Baker want een geconstrueerde internet- identiteit kan volgens mij een werkelijk zelf zijn: er is geen persoon nodig als beginpunt. Bij het construeren van een internet-identiteit doe je niet veel anders dan bij het construeren van een identiteit zonder internet: je schept een zelfbeeld op basis van sociale ver (3)
Volgens Harari heeft iedereen in het dagelijks leven niet een enkele identiteit, maar meerdere identiteiten:
tekst 6
Niemand is alleen maar moslim, of alleen maar Italiaan, of alleen maar kapitalist. Je kunt een trouwe Italiaan zijn met speciale verplichtingen ten opzichte van de Italiaanse natie en tegelijk nog andere identiteiten hebben. Je kunt ook nog socialist zijn, katholiek, echtgenoot, vader, wetenschapper en vegetariër, en bij al die identiteiten komen weer nieuwe verplichtingen kijken.
naar: Harari, 21 lessen voor de 21ste eeuw
Christine Korsgaard gebruikt het begrip ‘praktische identiteit’. Bovendien gaat zij uit van een opvatting van authenticiteit als autonomie.
Vraag 10 2 punten
Leg met tekst 6 uit wat praktische identiteit bij Korsgaard inhoudt. Leg vervolgens Korsgaards opvatting van authenticiteit als autonomie uit.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg met tekst 6 wat praktische identiteit bij Korsgaard inhoudt: een beschrijving van jezelf waaruit blijkt wat jij waardevol vindt, zoals de verschillende rollen in tekst 6 met bijbehorende verplichtingen (1) • een uitleg van Korsgaards opvatting van authenticiteit als autonomie: de vraag naar wie je bent verschuift naar de vraag naar het vermogen dat wij hebben om vragen over onze identiteit te stellen / om ons kritisch tot onszelf te verhouden (1) voorbeeld van een goed antwoord: • Een praktische identiteit is een beschrijving van jezelf waaruit blijkt wat je waardevol vindt en wat je leven betekenis geeft. Voorbeelden van wat je waardevol kunt vinden, worden in de laatste zin van tekst 6 genoemd: echtgenoot, vader, wetenschapper en vegetariër (1) • Volgens Korsgaard ligt de waarde van authenticiteit in het vermogen om ons kritisch tot onszelf te kunnen verhouden. De waarde die je hecht aan je praktische identiteit wordt bepaald door de vraag te stellen wie je wilt zijn en wat je daarvoor moet doen. Daarmee komt de nadruk te liggen op het vermogen dat wij als autonoom wezen hebben om de identiteitsvraag te stellen, en niet op welke identiteit we hebben (1) (2)
Harari wijst erop dat door de technologische revolutie erg veel gegevens over jouw persoonlijke internetleven in handen komen van de internetbedrijven. Bedrijven als Google, Apple en Disney kunnen op basis van verzamelde data over jou adviezen geven op het moment dat je via het internet een keuze voor een product of een film wilt maken. Het op grote schaal verzamelen van gegevens van personen heeft voordelen en nadelen.
Vraag 11 3 punten
Leg met het voorbeeld van het verzamelen van data over jouw gedrag op internet uit dat de mens een dubbelzinnige houding heeft ten aanzien van techniek. Beargumenteer vervolgens met deze dubbelzinnige houding of jij een voorstander of tegenstander bent van het verzamelen van gegevens over jouw gedrag op internet.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat: • een uitleg met het voorbeeld van het verzamelen van gegevens over jouw gedrag op internet dat de mens een dubbelzinnige houding heeft ten aanzien van techniek: − enerzijds is het een nuttig hulpmiddel dat kan leiden tot goede adviezen, − anderzijds is er angst voor de consequenties, wat er door wie met de gegevens wordt gedaan (2) • een argumentatie over het voorstander of tegenstander zijn van het door bedrijven op grote schaal verzamelen van persoonlijke gegevens over internet-gedrag met de dubbelzinnige houding ten aanzien van techniek (1) voorbeeld van een goed antwoord • Het verzamelen van mijn gegevens kan mij enerzijds helpen om snel beslissingen te nemen over welk product ik wil aanschaffen. Het kan anderzijds een bedreiging zijn, omdat er geen controle is op wat precies over mij wordt verzameld en of de gegevens over mij niet worden doorverkocht (2) • Ik ben er tegenstander van dat bedrijven op grote schaal data over mij verzamelen omdat ik bang ben voor de consequenties: ik weet niet wat zij verzamelen en ook niet wat zij met die data doen. Doordat je niet weet wat die bedrijven allemaal over je weten, is het gevaar groot dat ze jou laten doen wat zij graag willen. Dit weegt daarom wat mij betreft niet op tegen de praktische voordelen van aanbiedingen doen en hulp bieden bij keuzes voor producten (1) of • Ik ben er voorstander van dat bedrijven op grote schaal data over mij verzamelen omdat het voor mij zeer nuttig is: het scheelt mij veel tijd bij het aanschaffen van producten. De grote angst voor het verzamelen van gegevens over mij door bedrijven onderschrijf ik niet, want ik ben namelijk nog steeds zelf degene die een beslissing neemt over wat ik met die adviezen doe. Het praktische nut van snel advies krijgen, vind ik belangrijker, want het maakt mijn leven een stuk aangenamer (1) (3)
Volgens Harari kunnen algoritmen de mensen in de toekomst beter kennen dan mensen zichzelf kennen.
tekst 7
Elk jaar moeten miljoenen jongeren beslissen wat ze willen studeren. Je wordt onder druk gezet door je ouders, je vrienden en je leraren, die allemaal andere interesses en meningen hebben. Het is extra moeilijk om verstandig te kiezen doordat je niet goed weet wat je nodig hebt om te slagen in een bepaald beroep en niet per se een realistisch beeld hebt van je eigen tekortkomingen. In de toekomst zouden we het aan Google kunnen overlaten om dergelijke beslissingen voor ons te nemen. Google zou mij kunnen vertellen dat ik mijn tijd zou verspillen op een rechtenfaculteit, maar dat ik best een prima psycholoog of loodgieter kan worden.
naar: Harari, 21 lessen voor de 21ste eeuw
Het overlaten van levensbeslissingen aan bedrijven zoals Google kan worden gezien als mensverbeteringstechniek. Maar er wordt verschillend gedacht over het toelaten van deze techniek in onze samenleving. Het wel of niet toelaten is dan vaak afhankelijk van de opvatting of technologische ontwikkelingen bepalend (constitutief) zijn voor de menselijke identiteit.
Vraag 12 2 punten
Beargumenteer of we levensbeslissingen volgens jou zouden moeten overlaten aan bedrijven zoals Google, met:
- een opvatting of de menselijke geest begrensd of juist onbegrensd is, en
- een opvatting of technologische ontwikkelingen bepalend (constitutief) zijn voor de menselijke identiteit.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
- Technologische ontwikkelingen kunnen volgens mij dus niet bepalend zijn voor de menselijke identiteit. Technologische ontwikkelingen zijn immers geen intrinsiek onderdeel van wie wij zijn. En daarom heeft de kennis die Google over mij verzamelt niet per definitie iets met mijn identiteit te maken. Google kan er immers naast zitten. In deze zin beschouw ik technologische ontwikkelingen niet als bepalend, maar als toevoeging waarover ik zelf kan beslissen om die wel of niet te gebruiken (1p)
Harari waarschuwt voor het verzamelen van data van persoonlijk zoekgedrag op internet door bedrijven. Sommige opiniemakers zijn zelfs van mening dat de overheid het ongelimiteerd verzamelen door bedrijven van deze persoonlijke data zou moeten verbieden.
Vraag 13 2 punten
Geef een argumentatie tegen zo’n verbod van de overheid op basis van de twee vooronderstellingen van het klassiek liberale mensbeeld.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bestaat uit de weergave van een argumentatie tegen een verbod van de overheid op het verzamelen van persoonlijke data door bedrijven, met de twee vooronderstellingen van het klassiek liberale mensbeeld: • wij weten als individuele mensen zelf het best wat we willen (1) • als (rationele) mensen zijn wij goed in staat te handelen op basis van onze redenen en voorkeuren (1) voorbeeld van een goed antwoord: • Volgens de klassiek liberale opvatting over de mens weten wij als individuele mensen zelf het best wat we willen. Als de overheid het verzamelen zou verbieden, dan zou de overheid beter dan ikzelf weten wat goed voor mij is bij bijvoorbeeld het kiezen van een product. Dat is onmogelijk (1) • Bovendien: omdat individuele mensen handelen op basis van hun rationele voorkeuren en redenen ben ik goed in staat om de informatie van Google op waarde te schatten en te beoordelen of ik die informatie vervolgens wel of niet zal gebruiken. De overheid hoeft daarom het verzamelen van persoonlijke data niet te verbieden (1) (2)
Opgave 3 Mens en huisdier
Het wordt vaak gezegd, maar is het ook waar? Lijken honden en hun baasjes op elkaar? Wetenschappelijk onderzoek bevestigt dat die overeenkomst niet toevallig is. Zo blijkt dat baasjes hun hond kiezen op het karakter dat ze zelf ook hebben: nerveuze baasjes kiezen vaak een onrustige hond en kalme baasjes juist een relaxed type. Stel, een man besluit een hond te nemen en kan kiezen uit twee soorten honden: een grote herder of een schoothond. Hij kiest voor de herder en geeft als reden dat die er zo stoer uitziet. Het verschijnsel van confabulatie heeft te maken met het geven van redenen voor keuzes die je maakt.
Vraag 14 1 punt
Leg met het voorbeeld van de man en bovengenoemd onderzoek uit wat confabulatie is.
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat een uitleg met het voorbeeld van de man en het onderzoek dat confabulatie het verzinnen van redenen is om een keuze te rechtvaardigen, terwijl je eigenlijk niet weet waarom je die keuze hebt gemaakt. voorbeeld van een goed antwoord: Confabulatie houdt in dat de reden die je geeft voor je keuze, zonder dat je het zelf doorhebt, niet de echte maar een verzonnen reden is. We weten vaak helemaal niet goed waarom we iets kiezen en we hebben de neiging om dan redenen te verzinnen. Zo kiest die man misschien in werkelijkheid de herder op basis van het karakter dat ze gemeen hebben, maar heeft hij dit zelf niet in de gaten en denkt hij echt dat hij de herder kiest om zijn uiterlijk. (1)
Dieren kunnen ons helpen om tot meer zelfkennis te komen, bijvoorbeeld via coaching met paarden. Bij paardencoaching maak je onder begeleiding van een coach contact met een paard. De reactie van het paard wordt vervolgens gebruikt om tot meer kennis over jezelf te komen. Je kunt je afvragen waarom je paardencoaching nodig zou hebben om tot zelfkennis te komen. Volgens de introspectietheorie kennen mensen zichzelf het best. Zelfkennis heeft volgens de introspectietheorie van Descartes twee kenmerken.
Vraag 15 2 punten
Leg met de twee kenmerken van zelfkennis uit dat paardencoaching:
- volgens de introspectietheorie van Descartes niet nodig is om tot zelfkennis te komen, maar
- volgens de neocartesianen wel kan helpen om tot zelfkennis te komen.
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg dat volgens de introspectietheorie van Descartes paardencoaching niet nodig is om tot zelfkennis te komen omdat zelfwaarneming onfeilbaar en alwetend is (1) • een uitleg dat volgens de neocartesianen paardencoaching kan helpen om tot zelfkennis te komen, omdat introspectie niet onfeilbaar of alwetend hoeft te zijn (1) voorbeeld van een goed antwoord: • Volgens de introspectietheorie zijn we onfeilbaar en alwetend als het om kennis van onszelf gaat. Voor zelfkennis hoeven we alleen maar naar binnen te kijken. We hebben dan ook niet zoiets als paardencoaching nodig om tot kennis van onszelf te komen (1) • Volgens de neocartesianen werkt introspectie net als normale waarneming. Soms vergissen we ons in wat we zien of zien we iets over het hoofd, maar dat betekent nog niet dat alle waarneming onbetrouwbaar is. Zo werkt het ook met introspectie. Soms vergissen we ons in hoe we ons voelen, maar met een beetje hulp van een paard weten we dat vervolgens wel (1) (2)
Volgens paardencoach Tirza Brouwer reageert een paard direct vanuit zijn karakter op iemands gedrag. Brouwer zegt:
tekst 8
Wanneer je verdrietig bent, kan een paard denken: ‘oké, ik zal vandaag rustig doen’ omdat je laag bent in je energie. Maar er zijn ook paarden die bij dezelfde verdrietige persoon registeren: ‘nou, zij is niet helemaal wakker’ en dan besluiten: ‘ik gooi jou lekker van mijn rug’.
naar: www.bitmagazine.nl, Paarden kunnen je gedrag feilloos aanvoelen, maar hoe kan dat?, 2018
Het directe reageren van paarden lijkt aan te sluiten bij de interpretatietheorie van zelfkennis.
Vraag 16 2 punten
Leg met een voorbeeld uit hoe we volgens de interpretatietheorie tot zelfkennis komen. Leg vervolgens met tekst 8 uit dat de observatie van het gedrag van paarden volgens de interpretatietheorie niet altijd tot meer zelfkennis leidt.
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg met een voorbeeld dat we volgens de interpretatietheorie geen directe toegang hebben tot mentale toestanden, maar conclusies trekken op basis van waarnemingen van ons gedrag (1) • een uitleg met tekst 8 dat de observatie van het gedrag van paarden volgens de interpretatietheorie niet altijd tot meer zelfkennis leidt: uit het waarneembare gedrag van de verschillende paarden is geen eenduidige conclusie te trekken (1) voorbeeld van een goed antwoord: • Volgens de interpretatietheorie is er geen principieel verschil tussen de manier waarop we onszelf kennen en de manier waarop we iemand anders kennen. In beide gevallen trek je conclusies over bijvoorbeeld gevoelens of verlangens op basis van waarneembaar lichamelijk gedrag. Ik weet bijvoorbeeld dat ik erg van paarden hou omdat ik, elke keer als ik op de manege ben, de paarden ga borstelen en knuffelen (1) • Paardencoaching zou je kunnen helpen tot meer zelfkennis te komen door naar de reactie van paarden te kijken. Maar zoals in tekst 8 wordt aangegeven, kan de reactie op hoe jij je voelt per paard verschillen. Als het paardengedrag niet eenduidig is, dan kun je ook geen eenduidige conclusie trekken over hoe jij je voelt en kom je dus niet tot zelfkennis (1) (2)
Volgens paardencoach Tirza Brouwer zijn paarden heel gevoelig voor hoe mensen zich voelen, omdat een paard wil weten of iemand veilig is of dat het juist weg moet vluchten. Brouwer legt uit hoe je deze gevoeligheid van een paard kan gebruiken voor zelfkennis:
tekst 9
Wanneer een paard zich veilig bij je voelt, gaat hij zich bij je aansluiten in zijn energie. Dus ben je bijvoorbeeld hoog in je energie, dan wordt het paard daar zelf ook vaak drukker van. Soms zegt iemand bijvoorbeeld dat hij of zij rustig is en dat het goed gaat, maar dan zie ik vervolgens dat het paard heel hoog in zijn energie is: zijn hals staat hoog en hij is druk in zijn bewegingen.
bron: www.bitmagazine.nl, Paarden kunnen je gedrag feilloos aanvoelen, maar hoe kan dat?, 2018
De deliberatietheorie heeft kritiek op de interpretatietheorie.
Vraag 17 2 punten
Leg deze kritiek uit. Geef vervolgens met tekst 9 een kritiekpunt op de deliberatietheorie.
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg van de kritiek van de deliberatietheorie op de interpretatie- theorie: we kennen onszelf niet door (vanuit derdepersoonsperspectief) ons gedrag te interpreteren, maar door (vanuit eerstepersoonsperspectief) actief te bepalen wat we ergens van vinden (1) • een weergave met tekst 9 van een kritiekpunt op de deliberatietheorie: paardencoaching geeft je in tegenstelling tot de deliberatietheorie ook inzicht in je gevoelens / via paardencoaching kun je erachter komen dat de redenen voor je overtuiging onjuist waren (1) voorbeeld van een goed antwoord: • De interpretatietheorie gaat ervan uit dat we zelfkennis krijgen door onszelf als het ware van een afstandje te observeren en daar vervolgens conclusies op te baseren. Maar volgens de deliberatietheorie kom je niet iets over jezelf te weten door jezelf te observeren, maar door actief te bepalen wat jij ergens van vindt door redenen tegen elkaar af te wegen (1) • Een kritiekpunt op de deliberatietheorie is dat zelfkennis beperkt wordt tot rationele overtuigingen: alsof we niet meer zijn dan een verzameling rationele oordelen over de wereld. Je stemmingen en gevoelens geven net zo goed kennis over jezelf en juist deze aspecten van jezelf kun je leren kennen via de reactie van het paard op jou, zoals in tekst 9 iemand leert dat hij of zij eigenlijk veel gestrester is dan hij of zij dacht. / In tekst 9 werd al aangegeven dat sommige mensen beweren dat ze rustig zijn, terwijl het paard laat zien dat die persoon hoog in zijn energie zit. Misschien was die persoon er op basis van een afweging van redenen oprecht van overtuigd dat het goed met hem ging: diegene had immers net een dikke promotie gemaakt vanuit de overtuiging dat maatschappelijk succes gelukkig maakt. Maar het paard laat zien dat deze persoon heel erg gestrest en helemaal niet gelukkig is. De redenen die we geven voor onze overtuigingen zijn dus niet altijd waar (1) (2)
Dat paarden sommige mensen kunnen helpen om dichter bij hun gevoel te komen, laat volgens Brouwer iets zien over onze cultuur.
tekst 10
Wij hebben in onze Nederlandse cultuur heel erg geleerd om onze emoties en gevoelens wat weg te stoppen en te zeggen dat het wel goed met ons gaat. We praten er niet zo over. Maar door in contact te komen met dieren, en paarden in het bijzonder, leer je jezelf weer kennen. Paarden lezen geen visitekaartjes, maar kijken echt naar hoe jij je van binnen voelt, waardoor ze ons meer bewust over onszelf maken.
bron: www.bitmagazine.nl, Paarden kunnen je gedrag feilloos aanvoelen, maar hoe kan dat?, 2018
Rousseau ziet de maatschappij als bedreiging voor het authentieke leven.
Vraag 18 2 punten
Leg deze opvatting van Rousseau uit. Leg vervolgens uit dat Brouwer in tekst 10 aansluit bij die opvatting van Rousseau.
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg van Rousseaus opvatting dat de maatschappij een bedreiging vormt voor het authentieke leven, doordat de maatschappelijke mens altijd buiten zichzelf leeft in de mening van anderen (1) • een uitleg dat Brouwer in tekst 10 aansluit bij die opvatting van Rousseau: mensen hebben door de maatschappij geleerd hun gevoelens weg te stoppen (1) voorbeeld van een goed antwoord: • Volgens Rousseau is de mens van nature vrij en onafhankelijk. Maar in de maatschappij, die draait om bezit, is de mens voortdurend in concurrentie met anderen en doordat hij zichzelf steeds ziet door de ogen van anderen, wordt hij een gekunstelde en onechte versie van zichzelf (1) • Brouwer sluit hierbij aan. Volgens haar zijn mensen in Nederland zo opgevoed dat zij hun gevoelens niet mogen tonen. Daardoor zijn sommige mensen zo gekunsteld geworden dat ze ook niet meer weten wie ze echt zijn (1) (2)
Sartre is kritisch over de invulling die Rousseau geeft aan authenticiteit.
Vraag 19 2 punten
Leg met Sartres opvatting van authenticiteit uit welke kritiek Sartre heeft op de invulling van authenticiteit door Rousseau. Leg vervolgens uit of Sartre het jezelf leren kennen uit tekst 10 ‘authentiek’ of ‘te kwader trouw’ zou noemen.
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg met zijn opvatting van authenticiteit van Sartres kritiek op de invulling die Rousseau aan authenticiteit geeft: het gaat niet om wie we van nature zijn, maar om het maken van radicale keuzes (1) • een uitleg dat Sartre het jezelf leren kennen in tekst 10 ‘te kwader trouw’ zou noemen, omdat je een paard accepteert als autoriteit over je gevoel / omdat dit ervan uitgaat dat al vaststaat hoe je je voelt (1) voorbeeld van een goed antwoord: • Volgens Sartre houdt authenticiteit het vermogen in om radicale keuzes te maken. De enige die keuzes maakt en daarvoor verantwoordelijk is, ben jijzelf. Rousseau gaat er echter van uit dat er een menselijke natuur is die gegeven is en die dus niet het gevolg is van een radicale keuze (1) • Sartre zou het jezelf leren kennen in tekst 10 ‘te kwader trouw’ noemen. Volgens tekst 10 leer je door de paarden je echte gevoelens kennen. Maar volgens Sartre is dat helemaal niet authentiek. Je laat je door een paard vertellen hoe je je voelt en door een autoriteit te accepteren ben je volgens Sartre ook te kwader trouw (1) (2)
Paarden reageren sterk op mensen, maar je ziet omgekeerd ook vaak dat mensen een sterke verbinding ervaren met hun huisdier. Pia Cuijpers heeft een bijzonder huisdier, een otter genaamd Pip. Cuijpers werkte als dierverzorgster toen Pip door haar moeder verstoten werd en Cuijpers de zorg op zich nam. Sindsdien woont Pip bij haar thuis. Ze benadrukt dat Pip altijd een wild dier zal blijven en dat otters niet geschikt zijn als huisdier.
tekst 11
Ik heb vooral geleerd om haar slimheid te waarderen, de humor van haar gedrag te zien. Pip is ingesteld op overleven, ze is ontzettend slim. Als wij ’s avonds op de bank zaten en geen zin hadden met haar te spelen, sprong ze op de vensterbank. Dan ging ze je provocerend zitten aankijken, tussen de vazen, met zo’n blik van: Zie je me? Ik doe het weer. Als gevolg daarvan hebben we de vensterbank leeggehaald en voortaan mag Pip er gewoon op. Om toch aandacht te krijgen als wij tv keken, bedacht Pip iets anders: achter onze tv ligt zo’n stekkerdoos met een aan-uitschakelaar. Pip weet dat als ze daarop drukt, de tv uitgaat. Dat genereert minstens zo veel aandacht als het kapot gooien van vazen.
bron: HBVB Magazine, 22, 2018
Dieren kunnen een eigen karakter hebben, maar of dieren ook een persoonlijke identiteit hebben is een punt van discussie. Voor Locke is het duidelijk dat dieren geen persoonlijke identiteit hebben. Hij haalt daarbij het voorbeeld aan van een papegaai waarmee je wel een intelligent gesprek kunt voeren, maar die om die reden volgens Locke nog geen persoonlijke identiteit heeft.
Vraag 20 3 punten
Geef Lockes onderscheid weer tussen persoon en mens. Leg vervolgens met het voorbeeld van de papegaai uit dat dieren volgens Locke geen persoonlijke identiteit hebben. Beargumenteer tot slot met tekst 11 of jij het eens bent met Lockes opvatting dat dieren geen persoonlijke identiteit kunnen hebben.
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
- Ik ben het eens met Lockes opvatting dat dieren geen persoonlijke identiteit kunnen hebben. Pip is duidelijk een intelligent dier dat op een slimme manier probeert haar omgeving te manipuleren, maar dat wil nog niet zeggen dat zij ook een persoonlijke identiteit heeft. Volgens Locke moet je daarvoor bewuste herinneringen hebben aan jezelf op eerdere momenten. En als je die hebt, ben je ook verantwoordelijk voor wat je eerder hebt gedaan. Het is echter onzinnig om Pip ter verantwoording te roepen voor die gebroken vazen of het uitzetten van de tv. Ik zou niet weten hoe je dat met een otter moet doen. En voor zover ik weet doen otters dat ook niet onderling met elkaar (1p)
Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen havo Filosofie 2021, tijdvak 3. Afbeeldingen en de exacte opmaak staan in het originele examen: https://www.examenblad.nl/2021/havo/documenten/cse-3/ha-0311-a-21-3-o
Andere examens filosofie havo
- 2026, tijdvak 1
- 2026, tijdvak 2
- 2025, tijdvak 1
- 2025, tijdvak 2
- 2024, tijdvak 1
- 2024, tijdvak 2
- 2023, tijdvak 1
- 2023, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 1
- 2022, tijdvak 2
- 2021, tijdvak 1
- 2021, tijdvak 2
- 2019, tijdvak 1
- 2019, tijdvak 2
- 2018, tijdvak 1
- 2018, tijdvak 2
Veelgestelde vragen
Hoeveel vragen heeft het eindexamen filosofie havo 2021, tijdvak 3?
Het centraal examen filosofie havo 2021, tijdvak 3 telt 20 vragen. De meeste vragen gaan over mens en techniek (9), kennisleer (5) en ethiek (4).
Wat zijn de antwoorden van het examen filosofie havo 2021, tijdvak 3?
Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.
Waar vind ik het correctievoorschrift van filosofie havo 2021, tijdvak 3?
Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2021/havo/documenten/cse-3/ha-0311-a-21-3-c).
Hoe oefen ik met het examen filosofie havo 2021, tijdvak 3 en krijg ik feedback?
Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.