Eindexamen filosofie havo 2023, tijdvak 1: vragen en antwoorden

Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Opgave 1 Democratie voor toekomstige generaties, bron: Krznaric, De Goede Voorouder, 2021, Bedrijven zouden zich niet over maatschappelijke kwesties moeten uitspreken., maatschappelijke invloed die ze later mogelijk via bedrijven uitoefenen., maatschappelijke invloed die ze later mogelijk via bedrijven uitoefenen., Opgave 3 Vrijheid van meningsuiting en drillrap, waarin wordt aangezet tot strafbare feiten, zoals doodsbedreigingen, wel., praten, niet gewoon zeggen bij zo’n steekpartij: het is drillrap.”.

Kort antwoord

Het centraal examen filosofie havo 2023, tijdvak 1 telt 23 vragen. Alle vragen vallen onder politieke filosofie. De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.

Onderwerpen in dit examen

Alle 23 vragen van dit examen vallen onder politieke filosofie. Bij dit vak toetst het centraal examen één vaardigheid; de verschillen zitten in de teksten en de vraagsoorten.

Opgaven en correctievoorschrift

De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.

Oefenen als leerling

Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen filosofie havo 2023, tijdvak 1 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.

Nakijken als docent

  1. Start gratis vanaf deze pagina

    Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen filosofie havo 2023, tijdvak 1 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.

  2. Laat de klas het examen maken

    Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.

  3. Geef de resultaten vrij

    Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.

ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.

Vragen en antwoorden

Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen filosofie havo 2023, tijdvak 1. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.

Opgave 1 Democratie voor toekomstige generaties

Is de democratie wel geschikt om uitdagingen die op de lange termijn spelen, zoals het klimaatprobleem, aan te gaan? Volgens sommige wetenschappers en filosofen niet. Democratieën zouden te veel gericht zijn op de korte termijn, zoals de eerstvolgende verkiezingen. Daarom stellen die wetenschappers en filosofen dat het mondiale klimaatprobleem om een fundamenteel ander politiek systeem vraagt. Een voorbeeld van zo’n ander systeem is een goedaardige dictatuur, waarbij direct gehandeld kan worden op basis van kennis over de urgentie van het klimaatprobleem. Een dictatoriale regering is namelijk niet afhankelijk van stemmen en kan daardoor verder vooruitdenken en daadkrachtiger grote problemen aanpakken dan democratische landen. In een opiniestuk komt de Britse wetenschapper Martin Rees daarom met het voorstel voor een goede despoot: alleen een goede despoot kan maatregelen doorvoeren die het mogelijk maken om de 21e eeuw veilig door te komen. Plato onderscheidt vijf verschillende staatsvormen, waaronder de democratie.

Vraag 1 1 punt

Leg uit dat de democratie volgens Plato een negatief effect heeft op het karakter van mensen.

Bekijk het antwoord
  • Een goed antwoord bevat een uitleg van Plato’s opvatting dat de democratie een negatief effect heeft op het karakter van mensen: de democratische mens streeft alleen nog maar vrijheid na en laat onderbuikgevoelens overheersen. voorbeeld van een goed antwoord: Volgens Plato levert een democratie een type mens op dat steeds meer vrijheid wil en daarbij onderbuikgevoelens laat overheersen. Het verlangen naar vrijheid heeft volgens Plato geen grenzen. Daardoor worden mensen slaven van hun begeerte en zullen ze uiteindelijk met geweld ook het eigendom van anderen willen afpakken. (1)

Vraag 2 1 punt

Leg uit met welke van de vijf staatsvormen die Plato onderscheidt, het voorstel van Rees het meest overeenkomt.

Bekijk het antwoord
  • Een goed antwoord bevat een uitleg met welke staatsvorm het voorstel van Rees het meest overeenkomt: in Plato’s aristocratie hebben mensen met filosofische en militaire kennis en vaardigheden de macht, waardoor zij de maatschappij kunnen beschermen / in Plato’s ideale staat is de leiding in handen van een filosoof-koning die inzicht heeft in de Idee van het Goede en Rechtvaardige. voorbeeld van een goed antwoord: Het voorstel van Rees komt het meest overeen met Plato’s beschrijving van de aristocratie. De goede despoot heeft namelijk net als een filosoof- koning kennis van zaken en weet zo de juiste maatregelen in te voeren om de gehele maatschappij op de lange termijn te beschermen. (1)

Rees lijkt ervan uit te gaan dat een goede, alwetende despoot kan bestaan. John Stuart Mill heeft kritiek op het idee van een goede, alwetende despoot. Zelfs als een goede despoot zou bestaan die alles zou kunnen overzien en besturen, zijn de gevolgen volgens Mill niet wenselijk.

Vraag 3 1 punt

Geef met deze kritiek van Mill een argument tegen de opvatting van Rees dat een goede, alwetende despoot nodig is om het klimaatprobleem op te lossen.

Bekijk het antwoord
  • Een goed antwoord bevat een argument tegen de opvatting van Rees dat een goede, alwetende despoot nodig is om het klimaatprobleem op te lossen, met Mills kritiek op een goede, alwetende despoot: passiviteit / mensen ontplooien zich niet / geen betrokken burgerschap. voorbeeld van een goed antwoord: Mill heeft kritiek op het idee van een goede despoot die alles zou kunnen overzien, beheersen en besturen. Volgens hem zorgt deze vorm van absolute macht ervoor dat het volk passief wordt en zich mentaal niet zal ontwikkelen. Alles wordt voor hen bepaald. Dit is niet alleen slecht voor mensen zelf, maar ook voor de samenleving als geheel. Juist bij een mondiaal klimaatprobleem is het belangrijk dat mensen betrokken zijn en zich blijven ontplooien. Hierdoor komen ze misschien wel met creatieve oplossingen om grote duurzaamheidsvraagstukken aan te pakken. (1)

Robert Dahl benoemt tien voordelen van de democratie.

Vraag 4 2 punten

Beargumenteer met twee van Dahls voordelen of een goedaardige dictatuur volgens jou geschikter is dan een democratie om het mondiale klimaatprobleem te beperken.

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

  • Ik vind niet dat een dictatuur geschikter is dan een democratie om het mondiale klimaatprobleem te beperken. Een van de voordelen van een democratie is volgens Dahl dat de democratie menselijke ontwikkeling volwaardiger bevordert dan welk alternatief ook. Zeker in een dictatuur, ook al zou die goedaardig zijn, ontbreekt het daaraan. Om klimaatproblemen structureel op te lossen, moet de mens zich verder ontwikkelen om met creatieve oplossingen te komen en dat kan nu juist alleen goed binnen een democratie (1p)
  • Dit hangt samen met een ander voordeel, namelijk dat een democratie een regering van wrede, kwaadaardige autocraten helpt voorkomen. Het is niet uitgesloten dat een goedaardige dictatuur uiteindelijk toch kwaadaardig wordt en in plaats van het klimaatprobleem te beperken alleen nog maar gaat voor macht of zelfverrijking. Als een dictatuur het politieke stelsel wordt, kan je daar niet veel meer aan veranderen (1p)

In De goede voorouder onderzoekt filosoof Roman Krznaric de gevolgen van het kortetermijndenken in de huidige democratie. Volgens hem is er te weinig oog voor toekomstige generaties, die machteloos zijn omdat ze nog niet mogen stemmen of nog niet gekozen kunnen worden. Hij wijst erop dat grote duurzame projecten vaak worden geschrapt, omdat die op korte termijn kostbaar zijn en pas op de lange termijn iets opleveren. Volgens Krznaric gebruiken overheden een rekenprincipe waardoor toekomstige generaties veel minder zwaar meetellen in keuzes over duurzame investeringen dan de huidige generatie. Krznaric vergelijkt dit rekenprincipe met de manier waarop vroeger, ten tijde van de slavernij, een slaafgemaakte Afrikaans-Amerikaan minder meetelde dan een witte Amerikaan. Daarom vergelijkt hij toekomstige burgers met slaafgemaakten. De filosoof Robert Nozick beschrijft zijn kritiek op de democratie in Tale of the slave.

Vraag 5 2 punten

Geef een overeenkomst en een verschil tussen Nozicks Tale of the slave en Krznarics beschrijving van toekomstige burgers als slaafgemaakten.

Bekijk het antwoord
  • Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een overeenkomst tussen Nozicks Tale of the slave en Krznarics beschrijving van toekomstige burgers als slaafgemaakten: zoals toekomstige burgers in Krznarics’ beschrijving geen gelijke inspraak hebben, zijn volgens Nozick mensen in een democratie niet vrij doordat zij zijn overgeleverd aan de meerderheid als meester (1) • een verschil tussen Nozicks Tale of the slave en Krznarics beschrijving van toekomstige burgers als slaafgemaakten: bij Nozick zijn ook de huidige burgers slaven binnen een democratie (1) voorbeeld van een goed antwoord: • In zijn Tale of the slave wil Nozick duidelijk maken dat mensen binnen een democratie helemaal niet vrij zijn. Ook in een democratie zijn mensen nog te vergelijken met slaafgemaakten, omdat er nooit sprake is van gelijke inspraak. Dit komt overeen met de beschrijving van toekomstige generaties door Krznaric. Toekomstige generaties hebben namelijk geen mogelijkheid tot inspraak. Hierdoor zijn ze overgeleverd aan de grillen van de huidige generatie en politiek machteloos (1) • Maar Nozick gaat verder dan Krznaric en stelt dat dit niet alleen voor toekomstige generaties geldt, maar dat dit gebrek aan inspraak ook voor burgers nu geldt. Ook zij hebben geen gelijke inspraak en zijn in dat opzicht niet vrij. In Krznarics beschrijving zijn het alleen de toekomstige generaties van wie inspraak beperkt is en die met slaafgemaakten worden vergeleken (1) (2)

Krznaric noemt een aantal initiatieven om een langetermijnperspectief in de bestaande democratie te introduceren, zoals het houden van burgerberaden met het oog op de toekomst. Hierbij doet een groep burgers aanbevelingen aan politici over beleid. Volgens Krznaric zijn deze burgerberaden zinvol. Omdat de leden een heel verschillende achtergrond hebben, wordt over de toekomst van alle groepen gesproken. Bovendien bieden burgerberaden

  • als oefening in ‘langzaam denken’
  • de deelnemers de ruimte en tijd om langetermijnproblemen uitvoerig te bespreken en te bestuderen. Volgens Mill is een democratie een meer rationele staatsvorm dan een regering van experts. Hij heeft daarbij een bepaalde opvatting over stemrecht.

Vraag 6 2 punten

Leg uit dat volgens Mill de kwaliteit en rationaliteit van beslissingen toenemen bij een burgerberaad.

Bekijk het antwoord
  • Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg dat bij een burgerberaad de kwaliteit van beslissingen toeneemt, met Mills argument dat meer betrokken mensen zorgen voor meer informatie: bij een burgerberaad wordt over de toekomst van alle groepen gesproken (1) • een uitleg dat bij een burgerberaad de rationaliteit van beslissingen toeneemt, met Mills argument dat meer opvattingen zorgen voor meer discussie / voor een rijper beraad: een burgerberaad biedt ruimte en tijd voor bespreking/bestudering van meer opvattingen (1) voorbeeld van een goed antwoord: • Mill stelt dat de kwaliteit van beslissingen toeneemt wanneer er meer mensen betrokken zijn bij politieke beslissingen. Door de betrokkenheid van zoveel mogelijk mensen is er namelijk veel meer informatie beschikbaar die meegenomen kan worden in het maken van politieke beslissingen. Dit is te zien in het argument dat bij een burgerberaad over de toekomst van alle groepen wordt gesproken door de verschillende achtergronden van de burgers die eraan deelnemen (1) • Daarnaast stelt Mill dat de rationaliteit toeneemt wanneer er meer opvattingen worden besproken. Ook dit is het geval bij een burgerberaad, want burgers hebben hierbij de ruimte en tijd om langetermijnproblemen uitvoerig te bespreken en te bestuderen. Door het bespreken van deze opvattingen zullen politieke beslissingen genomen worden na rijper beraad. Zo’n oefening in ‘langzaam denken’ komt de rationaliteit ten goede (1) (2)

Vraag 7 1 punt

Geef een argument tegen een burgerberaad met Mills opvatting over stemrecht.

Bekijk het antwoord
  • Een goed antwoord bevat een argument tegen een burgerberaad, met Mills opvatting over stemrecht: gelijk stemrecht geeft kennis en onwetendheid evenveel recht / door gelijk stemrecht kunnen opgeleide burgers geen tegenwicht bieden aan onwetende burgers. voorbeeld van een goed antwoord: Mill maakt een onderscheid tussen mensen. Hij ontkent niet dat sommige mensen intelligenter of verstandiger zijn dan andere mensen. Daarom pleit hij voor ongelijk stemrecht. Een argument tegen burgerberaden is dat er geen onderscheid is in de inbreng van leden met kennis en leden die geen kennis hebben. Dit komt de rationaliteit niet ten goede, omdat hierdoor tegenwicht tegen onwetendheid ontbreekt. (1)

Om te stimuleren dat burgerberaden zich daadwerkelijk verplaatsen in toekomstige generaties, hebben onderzoekers van de universiteit van Kyoto hiervoor een speciale vorm van burgerberaad bedacht, die zij ‘Future Design’ noemen. Dit burgerberaad bestaat uit twee groepen. De ene groep deelnemers neemt het standpunt van de huidige bewoners in, en de andere groep beeldt zich in dat ze ‘toekomstige inwoners’ uit het jaar 2060 zijn. Uit onderzoek blijkt dat de groep ‘toekomstige inwoners’ veel radicalere en vooruitstrevender plannen bedenkt dan de huidige inwoners. Vooral op het gebied van milieu. Hoewel de deelnemers vaak volwassenen zijn, nemen soms ook middelbare scholieren deel aan Future Design. Amy Gutmann is een voorstander van het deliberatieve model van democratie, zoals ook blijkt uit haar opvatting over onderwijs en democratie.

Vraag 8 2 punten

Geef weer om welke reden onderwijsprofessionals volgens Gutmann geen volledige zeggenschap over het onderwijs moeten hebben. Leg vervolgens uit dat Future Design een voorbeeld kan zijn van Gutmanns opvatting over onderwijs en democratie.

Bekijk het antwoord
  • Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een weergave van Gutmanns reden dat onderwijsprofessionals geen volledige zeggenschap over het onderwijs moeten hebben: onderwijs kan onmogelijk neutraal zijn (1) • een uitleg dat Future Design een voorbeeld kan zijn van Gutmanns opvatting over onderwijs en democratie: door het aanleren van democratische vaardigheden is er sprake van onderwijs door democratie (1) voorbeeld van een goed antwoord: • Volgens Gutmann kunnen onderwijsprofessionals geen volledige zeggenschap hebben over het onderwijs omdat neutraliteit een omstreden ideaal is. In het onderwijs is volgens haar namelijk niet uit te sluiten dat er een voorkeur voor een bepaalde manier van leven in doorklinkt (1) • Gutmann pleit voor onderwijs door democratie. Hierbij worden leerlingen in het onderwijs aangemoedigd om democratische vaardigheden aan te leren zoals luisteren, argumenteren en elkaars belangen herkennen. Future Design is een manier om hier invulling aan te geven. Leerlingen leren in het openbaar te spreken en op te komen voor hun eigen belangen als toekomstige generatie (1) (2)

bron: Krznaric, De Goede Voorouder, 2021

Milton Friedman neemt een duidelijk standpunt in over bemoeienis door de overheid met onderwijs. Op basis van zijn paternalisme-argument kun je stellen dat betrokkenheid van jongeren bij politieke besluitvorming zoals in het voorstel van Krznaric geen goed idee is. Ook vanuit andere filosofische posities kan het voorstel van Krznaric beoordeeld worden.

Vraag 9 3 punten

Beargumenteer of jij het eens bent met Krznarics voorstel in tekst 1 voor het organiseren van intergenerationele jury's en verwerk in je argumentatie:

  • Friedmans paternalisme-argument,
  • een voordeel van het deliberatieve model van democratie, en
  • een definitie van het begrip ‘rechtvaardigheid’.
Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

  • Dit alles pleit ervoor om de democratie op een duurzame manier opnieuw uit te vinden, zodat er daadwerkelijk sprake kan zijn van rechtvaardigheid, in de betekenis dat ieder het zijne krijgt. Ook toekomstige generaties. De huidige democratie is volgens mij te veel gericht op kortetermijnbelangen van mensen die nu de macht hebben. Het zou wenselijk zijn als daar verandering in komt en Krznarics voorstel biedt daarvoor een goede mogelijkheid (1) of
  • Ik ben het niet eens met Krznarics voorstel voor intergenerationele jury’s om de democratie te vernieuwen. Om te beginnen vind ik het onverstandig om jongeren al te betrekken bij de politiek. In dat opzicht ben ik het met Friedman eens, wanneer hij stelt dat jongeren zich eerst op school moeten richten en zich moeten ontwikkelen tot volwassenen. Volgens mij kunnen jongeren best betrokken zijn bij de politiek en actuele vraagstukken, maar is het goed als zij pas later inspraak krijgen over deze onderwerpen (1p)
  • Vanuit het deliberatieve model van democratie zou betoogd kunnen worden dat dit een gesprek oplevert waarin de meningsverschillen die overblijven in elk geval redelijk zijn. Hier ben ik het alleen niet mee eens. Het gebrek aan inzicht of inlevingsvermogen zal blijven bestaan. Ik ben er niet van overtuigd dat dit soort intergenerationele jury’s daar een oplossing voor gaat bieden. Sterker nog, ik denk dat ze dit probleem alleen maar gaan vergroten doordat zowel politieke ervaring als inhoudelijke kennis geen vereiste is om mee te mogen praten over deze vraagstukken (1p)
  • Onder rechtvaardigheid versta ik dat alle belangen op een eerlijke manier tegen elkaar worden afgewogen. Voor een rechtvaardige invulling van de democratie is het volgens mij belangrijk dat mensen kennis van zaken hebben. Niet iedereen heeft zomaar inzicht in het Goede

Opmerking Aan alleen een weergave van de afzonderlijke elementen die geen onderdeel zijn van de argumentatie kan geen scorepunt worden toegekend.

voorbeeld van een goed antwoord:

Bedrijven zouden zich niet over maatschappelijke kwesties moeten uitspreken.

Jean-Jacques Rousseau en Joseph Schumpeter hebben verschillende opvattingen over het algemeen belang.

Vraag 10 3 punten

Leg uit wat volgens Rousseau de relatie is tussen de algemene wil en het algemeen belang. Geef vervolgens Schumpeters kritiek op Rousseaus opvatting over het algemeen belang. Beargumenteer tot slot of je het eens bent met stelling 1 en gebruik daarbij de opvatting van Rousseau of die van Schumpeter.

Bekijk het antwoord
  • Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg wat volgens Rousseau de relatie is tussen de algemene wil en het algemeen belang: in de algemene wil is ieders visie op het algemeen belang meegenomen / het algemeen belang wordt uitgedrukt door de algemene wil (1) • een weergave van Schumpeters kritiek op Rousseaus opvatting over het algemeen belang: er bestaat geen algemeen belang dat een volk als geheel kan willen omdat er verschil van mening is over wat waardevol is (1) • een argumentatie of bedrijven zich zouden moeten uitspreken over maatschappelijke kwesties, met de opvatting over het algemeen belang van Rousseau of Schumpeter (1) voorbeeld van een goed antwoord: • Volgens Rousseau is in de algemene wil de visie van iedere burger op het algemeen belang gehoord en meegenomen. De algemene wil wordt vervolgens vastgesteld en is daarmee absoluut. De algemene wil is daarmee een wet die voor iedereen geldt en die allen in gelijke mate bevoordeelt. De algemene wil geldt als ieders eigen wil en daarmee is de algemene wil de uitdrukking van het algemeen belang (1) • Volgens Schumpeter is het idee dat democratie een algemene volkswil tot uitdrukking brengt, onhoudbaar. Er bestaat geen algemeen belang dat een volk als geheel kan willen, omdat er verschil van mening is over wat waardevol is (1) • Ik ben het niet eens met stelling 1 en vind dat grote bedrijven zich mogen uitspreken over maatschappelijke kwesties. Daarmee kunnen ze tegelijkertijd het maatschappelijk belang dienen en winst maken. Ik heb net als Schumpeter mijn twijfels bij het bestaan van het algemeen belang als algemene volkswil. Iedereen kan een ander idee hebben over wat waardevol is in het leven. Juist vanuit die gedachte zouden ook bedrijven stelling moeten kunnen nemen in maatschappelijke kwesties (1) of • Ik ben het eens met stelling 1 en vind dat grote bedrijven zich niet moeten uitspreken over maatschappelijke kwesties. Bedrijven zijn uit op het maken van winst. In een democratie zou volge (3)

Op sociale media worden vaak heftige debatten gevoerd over maatschappelijke kwesties. Bedrijven als Nike laten zich in hun keuze om zich uit te spreken over maatschappelijke kwesties vaak beïnvloeden door de publieke opinie op sociale media. Als Nike zich laat leiden door de publieke opinie op sociale media, lijkt dit op democratie. Rousseau is voorstander van directe democratie.

Vraag 11 2 punten

Leg met het begrip ‘natuurtoestand’ uit dat volgens Rousseau directe democratie de juiste manier is om vrij te zijn. Leg vervolgens met het begrip ‘sociaal contract’ uit dat er volgens Rousseau geen sprake is van directe democratie als Nike zich laat leiden door de publieke opinie op sociale media.

Bekijk het antwoord
  • Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg met het begrip natuurtoestand dat volgens Rousseau directe democratie de juiste manier is om vrij te zijn: burgers leggen zichzelf de wet op waarmee de vrijheid en autonomie van de natuurtoestand worden herwonnen (1) • een uitleg dat als Nike zich door de publieke opinie via sociale media laat leiden, er volgens Rousseau geen sprake is van directe democratie, met het begrip sociaal contract: Nike heeft niet de plicht via een sociaal contract om zich door de publieke opinie te laten leiden / burgers die via sociale media invloed uitoefenen leggen zichzelf niet de wet op / een sociaal contract wordt alleen tussen burgers gesloten en het bedrijf Nike is geen burger (1) voorbeeld van een goed antwoord: • In een directe democratie worden volgens Rousseau door een sociaal contract de vrijheid en autonomie van de natuurtoestand herwonnen doordat individuen zichzelf de wet opleggen. Deze algemene wil is voor iedereen gelijk, waardoor de vrijheid voor iedereen wordt vergroot (1) • De volksraadpleging via sociale media zou volgens de opvatting van Rousseau geen vorm van directe democratie zijn. Bedrijven als Nike hebben niet de plicht via een sociaal contract om zich door de publieke opinie te laten leiden. Er vindt wel een soort volksraadpleging plaats, maar alleen via sociale media en dit levert geen bindende politieke besluiten op (1) (2)

Grote internationale bedrijven zoals Nike zijn machtig en rijk en hebben veel invloed op samenlevingen. Als bedrijven zich mengen in maatschappelijke kwesties is niet altijd duidelijk welke regels en normen ze zouden moeten volgen: internationale handelsverdragen, de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, de normen van de bedrijven zelf of de persoonlijke opvattingen van de leidinggevenden. Aan leidinggevenden van zes Nederlandse bedrijven die internationaal zakendoen, werd de vraag gesteld of je bijvoorbeeld nog een vestiging kunt openen in landen met de doodstraf, landen waar homorechten niet bestaan, of landen waar minderheden worden vervolgd. In de filosofie wordt bij dergelijke kwesties het begrippenpaar ‘universalisme en (cultuur)relativisme’ gebruikt.

Vraag 12 2 punten

Geef met het begrip ‘universalisme’ een argument tegen het openen van een vestiging in dergelijke landen. Geef vervolgens met het begrip ‘(cultuur)relativisme’ een argument voor het openen van een vestiging in dergelijke landen.

Bekijk het antwoord
  • Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een argument tegen het openen van een vestiging in landen met de doodstraf / landen waar homorechten niet bestaan / landen waar minderheden worden vervolgd, met het begrip ‘universalisme’ als algemene geldigheid van normen en waarden (1) • een argument voor het openen van een vestiging in landen met de doodstraf / landen waar homorechten niet bestaan / landen waar minderheden worden vervolgd, met het begrip ‘relativisme’ als relatieve geldigheid van normen en waarden (1) voorbeeld van een goed antwoord: • Bedrijven mogen geen vestiging openen in landen met de doodstraf, landen waar homorechten niet bestaan of landen waar minderheden worden vervolgd. Leidinggevenden van bedrijven zouden moeten handelen volgens universele normen die voor iedereen gelden, zoals de universele rechten van de mens (universalisme). En in de genoemde landen hebben mensen die rechten niet. Vrijheid en gelijkheid zouden altijd en overal moeten worden nagestreefd, en in landen waarin dat niet gebeurt, moet je geen vestiging openen (1) • Bedrijven mogen een vestiging openen in landen met de doodstraf, landen waar homorechten niet bestaan of landen waar minderheden worden vervolgd. Leidinggevenden van bedrijven kunnen niet zomaar voor mensen in andere culturen bepalen aan welke normen ze zouden moeten voldoen (cultuurrelativisme). De normen van de leidinggevenden zijn bepaald door de cultuur waarin zij zijn opgegroeid, net zoals dat geldt voor de normen in de landen waarin ze een vestiging willen openen (1) (2)

maatschappelijke invloed die ze later mogelijk via bedrijven uitoefenen.

(Deze vraag heeft geen inleidende tekst.)

Vraag 13 2 punten

Geef met Biesta’s begrip ‘politiek existeren’ een argument voor stelling 2. Geef vervolgens vanuit een van Biesta’s kritiekpunten op burgerschapsonderwijs een argument tegen stelling 2.

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

  • Het idee dat scholen democratische burgers moeten produceren laat een individualistische benadering zien van democratisch onderwijs, waarbij het alleen gaat om het aanleren van vaardigheden van het individu zonder daarbij de context te betrekken waarin leerlingen leven. Leerlingen tijdens burgerschapsonderwijs laten nadenken over hoe zij maatschappelijke invloed kunnen uitoefenen via bedrijven heeft geen zin als het hier alleen maar gaat over een individuele vaardigheid om later je mening te kunnen geven in een bedrijf, en niet gaat over de sociale context waarin sommigen wel en anderen niet op invloedrijke posities in bedrijven terecht kunnen komen (1) of
  • Vanuit Biesta’s kritiek dat burgerschapsonderwijs uitgaat van een individualistische visie op democratie is het alleen goed om leerlingen te laten nadenken over de mogelijke maatschappelijke invloed die ze kunnen hebben via bedrijven als ze dat samen zouden doen en als er recht wordt gedaan aan meerdere invullingen van democratie. Het risico bestaat dat als je burgerschapsonderwijs gebruikt zoals in de stelling, leerlingen alleen maar vanuit hun eigen individualistische invulling gaan ‘nadenken’ (1p)

maatschappelijke invloed die ze later mogelijk via bedrijven uitoefenen.

Maatschappelijke invloed van bedrijven kan overgaan in politieke invloed. Grote techbedrijven als Google, Meta (voorheen Facebook) en Apple zijn zo rijk en machtig dat ze zelfs democratische verkiezingen kunnen beïnvloeden, zoals in het verleden al is gebeurd. De Europese Unie (EU) wil met nieuwe wetgeving de macht van de grote techbedrijven verkleinen. De grote techbedrijven proberen die nieuwe wetgeving vervolgens tegen te gaan door recordbedragen uit te geven aan politieke invloed in de EU. Volgens critici kopen deze bedrijven zo politieke invloed om hun eigen winst te vergroten. De critici vinden dit ondemocratisch en stellen dat je grote internationale bedrijven op deze manier kunt vergelijken met partijen die in staat zijn om de democratie in samenlevingen te ondermijnen. Hans Kelsen en George van den Bergh hebben verschillende opvattingen over hoe om te gaan met partijen die een bedreiging kunnen zijn voor de democratie.

Vraag 14 3 punten

Geef Kelsens opvatting weer dat partijen in een democratie niet verboden mogen worden. Geef vervolgens Van den Berghs opvatting weer dat partijen in een democratie wel verboden mogen worden. Beargumenteer tot slot met een afweging van deze twee opvattingen of politieke invloed van grote internationale bedrijven volgens jou verboden moet worden.

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

  • Het vermogen tot zelfcorrectie van een democratie verdwijnt niet met politieke invloed van grote techbedrijven. Die kunnen weliswaar democratische verkiezingen beïnvloeden, zoals in het verleden al is gebeurd, maar burgers kunnen daarop reageren. Ze kunnen bijvoorbeeld proberen de bedrijven op andere gedachten te brengen of ervoor kiezen geen gebruik meer te maken van die techbedrijven. Daar is geen onomkeerbare grens voor democratie, zoals in de opvatting van Van den Bergh. Als de techbedrijven hun koers veranderen, door andere gedachten of door financiële verliezen, dan herleeft de democratie dankzij de burgers. Dat is volgens Kelsen het vertrouwen dat burgers in democratie zouden moeten houden. Daarom vind ik niet dat de politieke invloed van grote internationale bedrijven moet worden verboden (1p)

Opgave 3 Vrijheid van meningsuiting en drillrap

Drillrap is een hiphopstroming die is ontstaan in de Verenigde Staten. Kenmerken van drillrap zijn agressieve teksten, gewelddadige video’s en een beat die lijkt op het geluid van automatische wapens. In Nederland zijn verschillende drillrapgroepen populair. Vaak bestaan deze groepen uit jongeren die samen in een wijk

  • meestal een achterstandswijk
  • zijn opgegroeid. Met hun muziek geven ze uiting aan het harde leven op straat en hun moeilijke maatschappelijke positie. Drillrapgroepen richten hun dreigende muziek doorgaans op elkaar. Met beledigende en kwetsende teksten dagen ze elkaar uit. Dat kan uitlopen op geweld. De ene groep post bijvoorbeeld een rap op Snapchat waarin leden van die groep in de wijk van een andere groep op straat plassen of iemands moeder beledigen. Vervolgens treffen de rivaliserende drillrapgroepen elkaar om de ruzie met wapens uit te vechten. De afgelopen jaren zijn bij dit soort ruzies ook jongeren gedood. Vanwege het verband tussen drillrap en geweld willen sommige mensen drillrap als muziekstijl verbieden. Zo’n verbod roept vragen op over de vrijheid van meningsuiting. Bhikhu Parekh geeft vier redenen waarom hij vindt dat de traditionele argumenten voor de vrijheid van meningsuiting niet toereikend zijn.

Vraag 15 2 punten

Leg twee van deze vier redenen van Parekh uit met drillrap als voorbeeld van vrijheid van meningsuiting.

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

Een goed antwoord bevat een uitleg van twee van Parekhs redenen dat de traditionele argumenten voor vrijheid van meningsuiting niet toereikend zijn, met drillrap als voorbeeld:

  • niet elke uiting kan begrepen worden als een zoeken naar waarheid.
  • sommigen profiteren meer van de vrijheid dan anderen.
  • sommige uitingen dienen bepaalde belangen.
  • ook andere maatschappelijke waarden zijn belangrijk.

Opmerking Per juiste uitleg van een reden van Parekh met het voorbeeld van drillrap

1 scorepunt toekennen.

voorbeeld van een goed antwoord:

Bij vrijheid van meningsuiting kunnen de twee kernwaarden van een democratie

  • vrijheid en gelijkheid
  • op gespannen voet met elkaar komen te staan.

Vraag 16 1 punt

Leg met het voorbeeld van drillrap uit dat in een democratie de waarden vrijheid en gelijkheid op gespannen voet met elkaar staan.

Bekijk het antwoord
  • Een goed antwoord bevat een uitleg met het voorbeeld van drillrap dat in een democratie de waarden vrijheid en gelijkheid op gespannen voet staan met elkaar: vrijheid om te zeggen wat je wilt, kan het idee van gelijkheid ondermijnen zoals in het voorbeeld van drillrap waarin andere groepen beledigd worden. Voorbeeld van een goed antwoord: De vrijheid om te zeggen wat je wilt, is niet altijd voor iedereen goed. Elkaar mogen beledigen zoals in het voorbeeld van drillrap kan het idee van gelijkheid ondermijnen. In het voorbeeld van drillrap zie je dat de beledigende rapteksten er letterlijk toe leiden dat anderen in een hoek worden gedreven of zelfs gedood. (1)

In een democratie kan vrijheid van meningsuiting leiden tot de paradox van de bescherming van vrijheid en gelijkheid.

Vraag 17 1 punt

Beargumenteer of Parekh volgens jou een goede oplossing geeft voor deze paradox.

Bekijk het antwoord
  • Een goed antwoord bevat een argumentatie of Parekh een goede oplossing geeft voor de paradox van de bescherming van vrijheid en gelijkheid door groepen met weinig macht te beschermen tegen uitingen die hen beledigen. Voorbeeld van een goed antwoord: − Ik denk dat Parekh een goede oplossing biedt voor de paradox van de bescherming van vrijheid en gelijkheid. Volgens hem moet de vrijheid van meningsuiting beperkt worden, omdat anders kwetsbare groepen door groepsbeledigingen uitgesloten kunnen worden. Als iedereen stelselmatig bepaalde toch al kwetsbare groepen zou mogen beledigen of haat zou mogen zaaien en bedreigen, dan kunnen mensen geen kant meer op, wordt de ongelijkheid vergroot en verdwijnt de saamhorigheid in de samenleving. Door het beledigen van groepen te verbieden en daarbij rekening te houden met de kwetsbare maatschappelijke positie van die groepen, kan die ongelijkheid worden tegengegaan, ook al moeten sommigen (die willen beledigen) daarvoor een beetje vrijheid opgeven. of − Om de paradox van de bescherming van vrijheid en gelijkheid op te lossen, stelt Parekh voor om sommige uitingen te verbieden. Zo hou je volgens hem oog voor de ongelijke maatschappelijke positie van bepaalde groepen. Ik denk niet dat dit de oplossing is. Wie bepaalt er dan wat de kwetsbare groepen zijn? En hoe bepaal je dat? Bovendien ontstaat er bij elk verbod op vrijheid van meningsuiting automatisch weer een nieuwe ongelijkheid voor degenen die dan niet meer mogen zeggen wat ze willen. In die zin denk ik dat een beperking van de vrijheid van meningsuiting juist ook gepaard gaat met een beperking van gelijkheid. (1)

waarin wordt aangezet tot strafbare feiten, zoals doodsbedreigingen, wel.

John Stuart Mill is een voorstander van de vrijheid van meningsuiting. Maar daar is volgens hem wel een grens aan.

Vraag 18 1 punt

Leg met Mills opvatting over kwetsende meningen uit dat Mill het ermee eens zou zijn dat drillrap op zichzelf niet strafbaar moet zijn.

Bekijk het antwoord
  • Een goed antwoord bevat een uitleg met Mills opvatting over kwetsende meningen dat Mill het ermee eens zou zijn dat drillrap op zichzelf niet strafbaar moet zijn: kwetsende drillraps kunnen een groter maatschappelijk belang dienen / individuele burgers moeten beschermd worden als zij een impopulaire/kwetsende mening willen uiten. voorbeeld van een goed antwoord: Net als in de stelling zou Mill ook zeggen dat drillrap op zich niet verboden hoeft te worden, omdat het beledigen van andere groepen onderdeel is van deze muziekstijl en omdat daarmee maatschappelijk ongenoegen wordt geuit. Meningen die door anderen als kwetsend worden ervaren moeten volgens Mill juist niet verboden worden, omdat het belangrijk is ook het maatschappelijk belang van deze meningen te kunnen dienen / omdat zo’n verbod vooral impopulaire meningen zal treffen, terwijl ook in een kwetsende mening wel een kern van waarheid zou kunnen zitten. (1)

Vraag 19 1 punt

Leg met Mills verhaal van de graanhandelaar uit dat Mill het ermee eens zou zijn dat drillnummers die aanzetten tot geweld wel strafbaar moeten zijn.

Bekijk het antwoord
  • Een goed antwoord bevat een uitleg met Mills verhaal van de graanhandelaar dat Mill het ermee eens zou zijn dat drillnummers die aanzetten tot geweld wel strafbaar moeten zijn: drillrap leidt onmiddellijk en vrijwel zeker tot geweld, zoals ook te verwachten valt bij kritiek op een uitbuitende graanhandelaar tegen een opgefokte menigte voor zijn huis. voorbeeld van een goed antwoord: Volgens Mill mag een kritische opvatting over een uitbuitende graanhandelaar die wordt uitgesproken tegen een opgefokte menigte die zich voor het huis van de graanhandelaar heeft verzameld, worden bestraft. Als opvattingen vrijwel zeker en onmiddellijk zullen leiden tot geweld, mogen ze volgens Mill worden verboden. De context waarin een mening wordt verkondigd, is dus belangrijk. Bij drillrap worden dreigementen regelmatig ook daadwerkelijk uitgevoerd na een paar rivaliserende raps over en weer op sociale media. Dat betekent dus dat de opvattingen in drillraps tot geweld kunnen leiden en dus verboden moeten worden. Mill zou het er dus mee eens zijn dat drillnummers die aanzetten tot strafbare feiten verboden moeten worden. (1)

John Rawls zou het eens zijn met stelling 3. Hij maakt een onderscheid tussen vrijwillige verbanden die burgers aangaan en de basisstructuur van een samenleving. Hij vindt het belangrijk om dit onderscheid te maken.

Vraag 20 4 punten

Leg Rawls’ onderscheid uit tussen de basisstructuur en vrijwillige verbanden. Leg vervolgens uit dat Rawls dit onderscheid belangrijk vindt. Leg tot slot met het belang dat Rawls aan dit onderscheid hecht uit:

  • dat hij tegen een algeheel verbod op drillrap zou zijn, maar
  • dat hij het ermee eens zou zijn dat drillnummers die aanzetten tot geweld, strafbaar moeten zijn.
Bekijk het antwoord
  • Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg van Rawls’ onderscheid tussen de basisstructuur en vrijwillige verbanden: sommige domeinen (politiek, juridisch systeem, economie en opvoeding) vereisen gedeelde afspraken voor iedereen, terwijl vrijwillige verbanden eigen regels toelaten die van de wet afwijken (1) • een uitleg dat Rawls belang hecht aan het onderscheid tussen de basisstructuur en vrijwillige verbanden: hierdoor wordt diversiteit mogelijk (1) • een uitleg met het belang dat Rawls hecht aan het onderscheid tussen vrijwillige verbanden en de basisstructuur dat hij tegen een algeheel verbod op drillrap zou zijn: een algeheel verbod op drillrap ondermijnt de mogelijkheid van diversiteit (1) • een uitleg met het belang dat Rawls hecht aan het onderscheid tussen vrijwillige verbanden en de basisstructuur dat hij het ermee eens zou zijn dat drillnummers die aanzetten tot geweld strafbaar zouden moeten zijn: de mogelijkheid van diversiteit mag niet ten koste gaan van basale rechten zoals veiligheid (1) voorbeeld van een goed antwoord: • Volgens Rawls bestaat de basisstructuur van een samenleving uit politieke instituties, het juridisch systeem, de economie en de opvoeding van kinderen en van nieuwe burgers. In deze domeinen zijn gedeelde afspraken nodig die voor iedereen gelden. Niemand kan deze basisstructuur van een samenleving verlaten, terwijl er ook domeinen zijn waar je als burger vrijwillig aan kunt deelnemen. Die vrijwillige verbanden kunnen eigen regels stellen, die verder gaan dan de wetten van de basisstructuur. Wie het niet eens is met de wetten van bijvoorbeeld de volleybalclub, kan immers uit de vereniging stappen (1) • Rawls hecht belang aan dit onderscheid, omdat hierdoor volgens hem ruimte ontstaat voor diversiteit. Je kunt zelf bepalen wel of geen lid te zijn van een kerk of club met bepaalde regels die jij goed vindt (1) • Drillrap is een vrijwillig verband en je kunt van drillrap houden of er een hekel aan hebben, om uiteenlope (4)

praten, niet gewoon zeggen bij zo’n steekpartij: het is drillrap.”

Volgens Ella-John is het voor veel drillrappers niet gemakkelijk om tot bloei te komen in de Nederlandse democratische samenleving. De rappers zien hun muziek als uiting van de strijd die hun leven is. Over ‘tot bloei komen in een democratie’ heeft John Stuart Mill een andere opvatting dan Friedrich Nietzsche.

Vraag 21 3 punten

Leg de overeenkomst uit tussen Mills mensbeeld en Nietzsches beeld van de mens als niet-vastgesteld dier. Leg vervolgens met deze twee mensbeelden het verschil uit tussen de opvattingen van Mill en Nietzsche over of mensen tot bloei komen in een democratie. Leg tot slot met tekst 2 uit dat de moeilijkheid die Ella-John beschrijft om tot bloei te komen, aansluit bij Mills opvatting over tot bloei komen in een democratie.

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

  • De moeilijkheid die Ella-John beschrijft in tekst 2 over tot bloei komen als je opgroeit met achterstand en armoede, sluit aan bij Mills opvatting dat in een democratie iedereen iets van zijn leven kan maken. Ella- John zegt dat je daarvoor wel liefde en motivatie nodig hebt. Alleen als je gezien en gehoord wordt, doe je mee in een samenleving en kan je tot ontwikkeling komen. Dat is ook hoe Mill het ziet. Alleen door iedereen in een samenleving mee te laten doen, komen alle uiteenlopende belangen en opvattingen naar boven, en door daar met elkaar over te praten en daarover te discussiëren kunnen mensen met hun verstand en creativiteit tot de beste oplossingen en manieren van samenleven komen (1p)

Vraag 22 1 punt

Beargumenteer met tekst 2 of drillrap volgens jou past bij wat Nietzsche een Übermensch noemt.

Bekijk het antwoord
  • Een goed antwoord bevat een argumentatie met tekst 2 of drillrap past bij wat Nietzsche een Übermensch noemt: niet vertrouwen op een algemene moraal of God / het leven omarmen als strijd. Voorbeeld van een goed antwoord: − Ik denk niet dat je drillrap kan opvatten als een uiting van wat Nietzsche een Übermensch noemt. Die drillrappers zijn niet boos over gelijkheid, waar ze bovenuit proberen te stijgen met hun muziek. Ze zijn juist boos over ongelijkheid, waarvan zij zichzelf als slachtoffer zien. ‘Ze hebben niks om voor te leven’, staat in tekst 2. Hun boze en gewelddadige muziek is een manier om duidelijk te maken dat ze juist gelijk willen zijn aan anderen bij wie niet ‘alles fout gaat in hun leven’. Dat is eerder kinderachtig dan voluit erkennen dat het leven een strijd is en ja zeggen tegen die strijd zoals Nietzsche bedoelt. of − Ik denk dat drillrap zeker een uiting kan zijn van wat Nietzsche een Übermensch noemt. Drillrappers omarmen het leven als strijd door die strijd niet uit de weg te gaan, maar daar in hun muziek juist uiting aan te geven. Ze gebruiken de strijd, de ‘struggle’ uit tekst 2, om hun leven creatief vorm te geven met boze en gewelddadige muziek die uitstijgt boven de standaardmuziek (die kuddes mensen lekker makkelijk in het gehoor vinden liggen). (1)

Ella-John benadrukt in tekst 2 dat drillrappers afstand voelen tot de samenleving. Volgens Joseph Schumpeter is het beter als burgers zich niet te veel bemoeien met politieke besluitvorming. Hij geeft hiervoor de volgende reden: de rationaliteit van mensen in hun rol als burger neemt af door de afstand die burgers hebben tot politieke besluiten.

Vraag 23 2 punten

Geef met tekst 2 een argument voor en een argument tegen deze reden van Schumpeter.

Bekijk het antwoord
  • Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een argument met tekst 2 voor de reden van Schumpeter dat de afstand die burgers hebben tot politieke besluiten tot gevolg heeft dat mensen minder rationeel zijn in hun rol als burger (1) • een argument met tekst 2 tegen de reden van Schumpeter dat de afstand die burgers hebben tot politieke besluiten tot gevolg heeft dat mensen minder rationeel zijn in hun rol als burger (1) voorbeeld van een goed antwoord: • Volgens Schumpeter worden mensen minder rationeel als burger door de afstand die ze tot politieke besluiten hebben. Ze merken namelijk dat ze geen invloed hebben op politieke besluiten en door dat gebrek aan invloed nemen burgers ook niet de tijd om zich te verdiepen. Het loont immers toch niet en dat maakt burgers minder rationeel als het om politieke besluiten gaat. Deze reden kan je terugzien in tekst 2. De rappers hebben het gevoel dat ze niet gehoord of geholpen worden met hun problemen, ze worden gediscrimineerd, krijgen geen baan, leven in een achtergestelde, eenzame situatie. Zij hebben dus geen invloed op politieke besluiten die hen zouden kunnen helpen. Daar worden ze boos van en die boosheid gebruiken ze in boze muziek die ze misschien wel nog verder in de problemen brengt. Ze zijn dus inderdaad niet rationeel bezig door het gevoel dat ze op afstand staan van politieke besluiten (1) • Maar aan de andere kant kan je ook zeggen dat Schumpeters redenering juist niet klopt en dat hij oorzaak en gevolg door elkaar haalt. Als je burgers veel meer in hun rationele waarde laat en naar ze luistert, dan hebben ze minder afstand tot politieke besluiten en loont het ook als ze zich beter in politiek verdiepen. Je kan zelfs boze rappers die zich enorm achtergesteld voelen, als rationele burgers benaderen door hun ongenoegen over hun maatschappelijke situatie serieus te nemen en hun invloed te accepteren (1) (2)

Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen havo Filosofie 2023, tijdvak 1. Afbeeldingen en de exacte opmaak staan in het originele examen: https://www.examenblad.nl/2023/havo/documenten/cse-1/ha-0311-a-23-1-o

Andere examens filosofie havo

Veelgestelde vragen

Hoeveel vragen heeft het eindexamen filosofie havo 2023, tijdvak 1?

Het centraal examen filosofie havo 2023, tijdvak 1 telt 23 vragen. Alle vragen vallen onder politieke filosofie.

Wat zijn de antwoorden van het examen filosofie havo 2023, tijdvak 1?

Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.

Waar vind ik het correctievoorschrift van filosofie havo 2023, tijdvak 1?

Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2023/havo/documenten/cse-1/ha-0311-a-23-1-c).

Hoe oefen ik met het examen filosofie havo 2023, tijdvak 1 en krijg ik feedback?

Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.