Eindexamen aardrijkskunde vwo 2022, tijdvak 2: vragen en antwoorden

Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Opgave 1 − Regionale VN-ontwikkelingsindex, Opgave 2 − Wereldstad Istanbul, Opgave 3 − Endogene krachten in Yellowstone National Park, Opgave 4 − Paleogeografie van Nederland, Opgave 5 − 'Wie is de mol?' in Colombia, Opgave 6 − Chili en Bolivia, Opgave 7 − Bevolkingsontwikkeling in de grote steden, Opgave 8 − Zeespiegelstijging en deltascenario’s.

Kort antwoord

Het centraal examen aardrijkskunde vwo 2022, tijdvak 2 loopt tot vraag 32. Van 30 vragen staat het onderwerp in de vragenbank. De meeste vragen gaan over ontwikkelingsvraagstukken (6), verstedelijking (6) en endogene en exogene processen (6). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.

Onderwerpen in dit examen

Onderwerp per vraag in het centraal examen aardrijkskunde vwo 2022, tijdvak 2, voor de vragen waarvan het onderwerp bekend is. Elke vraag is eenmalig door een AI-model bij een onderwerp ingedeeld; per vraag kan dat afwijken.
OnderwerpVragenAantal
Ontwikkelingsvraagstukken1, 4, 21-246
Verstedelijking5, 7, 25-286
Endogene en exogene processen9-12, 16, 186
Nederland: wonen en water29-324
Globalisering2-3, 83
Weer en klimaat14-15, 193
Bevolking en migratie61
Water en rivieren131

Vergeleken met andere jaren

Vergeleken met de andere 17 examens aardrijkskunde vwo sinds 2018: dit examen vroeg meer over ontwikkelingsvraagstukken (20% van de vragen, gemiddeld 10%). Minder over energie en grondstoffen (0% van de vragen, gemiddeld 6%).

Opgaven en correctievoorschrift

De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.

Oefenen als leerling

Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen aardrijkskunde vwo 2022, tijdvak 2 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.

Nakijken als docent

  1. Start gratis vanaf deze pagina

    Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen aardrijkskunde vwo 2022, tijdvak 2 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.

  2. Laat de klas het examen maken

    Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.

  3. Geef de resultaten vrij

    Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.

ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.

Vragen en antwoorden

Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen aardrijkskunde vwo 2022, tijdvak 2. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.

Opgave 1 − Regionale VN-ontwikkelingsindex

Bij deze opgave horen de bronnen 1 en 2.

Gebruik de bronnen 1 en 2. Uitspraak 1: de VN-ontwikkelingsindex komt tot stand door politieke en culturele kenmerken van landen te combineren. Uitspraak 2: het welzijnsniveau van de centrumlanden uit bron 2 is tussen

1990 en 2018 sneller gegroeid dan dat van de (semi-)perifere landen uit bron 2. Uitspraak 3: in vrijwel alle regio’s in Oost-Azië is het welzijnsniveau tussen 1990 en 2018 gestegen.

Vraag 1 2 punten

Geef voor elke uitspraak aan of die juist of onjuist is.

Bron 2

Regionale VN-ontwikkelingsindex in Oost-Azië in 1990 en 2018

Opgave 2

  • Wereldstad Istanbul

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage kaartenkatern · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • uitspraak 1: onjuist uitspraak 2: onjuist uitspraak 3: juist indien drie juiste antwoorden (2) indien twee juiste antwoorden (1) indien minder dan twee juiste antwoorden (0) (2)

Gebruik bron 2. Elk land neemt in het centrum-periferiemodel een bepaalde positie in het wereldsysteem in. Zo ook de landen die met de letters a tot en met d in bron 2 zijn weergegeven.

Vraag 2 2 punten

Noteer de letters a tot en met d uit bron 2 op je antwoordblad. Schrijf achter elke letter of het gaat om:

  • een BRIC-land
  • een land uit de periferie
  • een land uit het centrum
  • een nieuw industrieland
Bron 2

Regionale VN-ontwikkelingsindex in Oost-Azië in 1990 en 2018

Opgave 2

  • Wereldstad Istanbul

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage kaartenkatern · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • a een BRIC-land b een land uit de periferie c een nieuw industrieland / een land uit het centrum d een land uit het centrum indien vier juiste antwoorden (2) indien drie juiste antwoorden (1) indien minder dan twee juiste antwoorden (0) (2)

Gebruik bron 2. De regionale VN-ontwikkelingsindex wordt gebruikt om regio’s te vergelijken. In bron 2 is met de letter X een regio aangegeven in China en met de letter Y een regio in Zuid-Korea.

Vraag 3 2 punten

Geef

  • voor beide landen aan welke positie ze in het wereldsysteem innemen;
  • voor beide regio’s aan welke positie ze op nationaal schaalniveau innemen.
Bron 2

Regionale VN-ontwikkelingsindex in Oost-Azië in 1990 en 2018

Opgave 2

  • Wereldstad Istanbul

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage kaartenkatern · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • Uit het antwoord moet blijken dat China in het wereldsysteem een semi-perifere positie inneemt en Zuid-Korea een centrumpositie (1)
  • Uit het antwoord moet blijken dat regio X op nationaal schaalniveau / binnen China een centrumregio is en regio Y op nationaal schaalniveau / binnen Zuid-Korea een perifere regio is (1)

Gebruik bron 2. In China is de regionale ongelijkheid sinds 1990 sterk toegenomen.

Vraag 4 2 punten

Beredeneer dit door in te gaan op het politiek-economische beleid dat China sinds 1990 voert.

Bron 2

Regionale VN-ontwikkelingsindex in Oost-Azië in 1990 en 2018

Opgave 2

  • Wereldstad Istanbul

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage kaartenkatern · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • China zich door (exportgerichte) industrialisatie met name in de kustregio ontwikkeld heeft / in de kustregio speciale economische zones aangewezen heeft (1)
  • zodat het welzijnsniveau in de kustregio’s sterker gestegen is dan het welzijnsniveau in het binnenland (waardoor de regionale ongelijkheid toegenomen is) (1)

Opgave 2 − Wereldstad Istanbul

Bij deze opgave hoort bron 3.

Gebruik het kaartenkatern. Een wereldstad of metropool is een belangrijk mondiaal knooppunt op economisch, cultureel en/of politiek gebied. Istanbul claimt een wereldstad te zijn.

Vraag 5 3 punten

Geef

  • twee argumenten vóór deze claim;
  • een argument tegen deze claim.
Bron 3

De Bosporus De Bosporus is een smalle zee-engte dwars door Istanbul. In het Verdrag van Montreux (1936) is vastgelegd dat commerciële vrachtschepen uit alle landen vrije doorgang door de Bosporus krijgen. Dat geldt niet voor oorlogs- schepen. Alleen oorlogsschepen van landen die aan de Zwarte Zee grenzen, mogen door de Bosporus varen. Per jaar gaan meer dan 50.000 vrachtschepen door de zee-engte. Voor grote vrachtschepen geldt eenrichtings- verkeer, waardoor schepen soms wel twee weken moeten wachten voordat ze door de Bosporus mogen varen. In 2021 is Turkije begonnen met de aanleg van het 150 meter brede Istanbulkanaal, dat de drukke Bosporus moet ontlasten. Dit kanaal zal niet onder het Verdrag van Montreux vallen.

Ligging van het nieuw aan te leggen Istanbulkanaal

Aarde

Opgave 3

  • Endogene krachten in Yellowstone National Park

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage kaartenkatern · Opgaven

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

  • Juiste argumenten voor deze claim zijn: (2p)
    • Istanbul is een belangrijk knooppunt voor internationale (vlieg- en scheepvaart)verbindingen.
    • Istanbul is (veruit) de grootste stad van Turkije / is een primate city.
    • Istanbul is een mondiaal knooppunt op cultureel gebied / ligt op de grens van het Christendom en de Islam.
  • Een juist argument tegen deze claim is: (1p)
    • Istanbul is geen mondiaal beslissingscentrum op economisch / politiek gebied.
    • Istanbul is op nationale schaal niet de politieke hoofdstad.

Opmerking Per juist argument 1 scorepunt toekennen.

Istanbul trekt op mondiale schaal andere groepen mensen aan dan uit Turkije zelf. Dit verschil leidt in Istanbul tot sociaal-culturele polarisatie.

Vraag 6 2 punten

Beredeneer dat deze verschillende migratiestromen tot sociaal-culturele polarisatie in de stad leiden.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Bijlage kaartenkatern

Bekijk het antwoord
  • (internationale) toeristen / migranten / kosmopolieten in Istanbul hebben (vaak) een moderne / westerse / minder religieuze levensstijl (1)
  • die kan botsen met de traditionelere levensstijl van (nationale) migranten die van het Turkse platteland naar Istanbul komen (1)

Gebruik bron 3. De Turkse nationale overheid is bezig met de aanleg van het Istanbulkanaal. Dit kanaal gaat de Zwarte Zee met de Zee van Marmara verbinden. De burgemeester van Istanbul is echter tegen de aanleg van het kanaal.

Vraag 7 2 punten

Geef twee argumenten die de burgemeester van Istanbul kan hebben tegen de aanleg van het Istanbulkanaal.

Bron 3

De Bosporus De Bosporus is een smalle zee-engte dwars door Istanbul. In het Verdrag van Montreux (1936) is vastgelegd dat commerciële vrachtschepen uit alle landen vrije doorgang door de Bosporus krijgen. Dat geldt niet voor oorlogs- schepen. Alleen oorlogsschepen van landen die aan de Zwarte Zee grenzen, mogen door de Bosporus varen. Per jaar gaan meer dan 50.000 vrachtschepen door de zee-engte. Voor grote vrachtschepen geldt eenrichtings- verkeer, waardoor schepen soms wel twee weken moeten wachten voordat ze door de Bosporus mogen varen. In 2021 is Turkije begonnen met de aanleg van het 150 meter brede Istanbulkanaal, dat de drukke Bosporus moet ontlasten. Dit kanaal zal niet onder het Verdrag van Montreux vallen.

Ligging van het nieuw aan te leggen Istanbulkanaal

Aarde

Opgave 3

  • Endogene krachten in Yellowstone National Park

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage kaartenkatern · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • Juiste argumenten zijn: − Het kanaal zorgt voor (nog) een fysieke barrière tussen / vermindert de bereikbaarheid tussen de stadsdelen. − De opbrengsten / tolheffingen van het kanaal komen vooral ten goede aan de nationale overheid (en niet ten goede aan de stad). − Op de plek waar het kanaal gebouwd wordt, moeten bewoners hun huizen verlaten. − De natuur wordt aangetast door de aanleg van het kanaal. per juist argument (1) (2)

Gebruik bron 3 en het kaartenkatern. Niet alleen in Turkije zijn voor- en tegenstanders van de aanleg van het Istanbulkanaal. Ook in Rusland zijn de meningen over de aanleg van dit kanaal verdeeld.

Vraag 8 2 punten

Geef aan dat het Istanbulkanaal voor Rusland

  • vanuit economisch oogpunt kansen biedt;
  • vanuit geopolitiek oogpunt een bedreiging kan vormen.
Bron 3

De Bosporus De Bosporus is een smalle zee-engte dwars door Istanbul. In het Verdrag van Montreux (1936) is vastgelegd dat commerciële vrachtschepen uit alle landen vrije doorgang door de Bosporus krijgen. Dat geldt niet voor oorlogs- schepen. Alleen oorlogsschepen van landen die aan de Zwarte Zee grenzen, mogen door de Bosporus varen. Per jaar gaan meer dan 50.000 vrachtschepen door de zee-engte. Voor grote vrachtschepen geldt eenrichtings- verkeer, waardoor schepen soms wel twee weken moeten wachten voordat ze door de Bosporus mogen varen. In 2021 is Turkije begonnen met de aanleg van het 150 meter brede Istanbulkanaal, dat de drukke Bosporus moet ontlasten. Dit kanaal zal niet onder het Verdrag van Montreux vallen.

Ligging van het nieuw aan te leggen Istanbulkanaal

Aarde

Opgave 3

  • Endogene krachten in Yellowstone National Park

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage kaartenkatern · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • Uit het antwoord moet blijken dat (Russische) vrachtschepen de lange wachttijden voor de Bosporus kunnen omzeilen door via het Istanbulkanaal te varen (1)
  • Een juist antwoord is: Turkije kan via het Istanbulkanaal oorlogsschepen uit alle landen toegang tot de Zwarte Zee verlenen zonder daarbij het Verdrag van Montreux te schenden (waardoor de oorlogsschepen een bedreiging voor Rusland kunnen vormen) (1)

Opgave 3 − Endogene krachten in Yellowstone National Park

Bij deze opgave horen de bronnen 4 tot en met 6.

De vulkanische activiteit in Yellowstone National Park wordt veroorzaakt door een hotspot. Hotspotvulkanisme komt bij continentale korst minder vaak voor dan bij oceanische korst.

Vraag 9 2 punten

Leg uit dat hotspotvulkanisme bij continentale korst minder vaak voorkomt dan bij oceanische korst. Je uitleg moet een oorzaak-gevolgrelatie bevatten.

Bekijk het antwoord
  • Continentale korst is anders qua chemische samenstelling / dikker dan oceanische korst (oorzaak) (1)
  • waardoor magma / de mantelpluim moeilijker door continentale korst naar boven kan komen (en er bij continentale korst dus minder vaak hotspotvulkanisme voorkomt dan bij oceanische korst) (gevolg) (1)

Gebruik bron 4 en het kaartenkatern. Bij zowel subductiezones als bij hotspots vinden aardbevingen plaats.

Vraag 10 3 punten

Geef drie verschillen tussen aardbevingen bij subductiezones en aardbevingen bij hotspots.

Bron 4

Yellowstone National Park Yellowstone National Park is een vulkanisch en seismisch actief gebied in de staat Wyoming in het noorden van de Verenigde Staten. Onder Yellowstone ligt een hotspot, waardoor er aardbevingen kunnen voorkomen. In Yellowstone National Park zijn bijzondere natuurverschijnselen te zien die verband houden met de aanwezigheid van de hotspot, zoals Mammoth Hot Springs (bron 5) en de Old Faithful geiser (bron 6).

Aardbevingen sinds 1973 in Yellowstone National Park

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage kaartenkatern · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • Juiste verschillen zijn: − Aardbevingen bij subductiezones zijn in het algemeen zwaarder dan aardbevingen bij hotspots. − Aardbevingen bij subductiezones verschillen meer in diepte dan aardbevingen bij hotspots. − Aardbevingen bij subductiezones vinden plaats in lineaire patronen langs de plaatgrens, terwijl aardbevingen bij hotspots geclusterd plaatsvinden. − Aardbevingen bij subductiezones ontstaan door wrijvings- / spanningsopbouw tussen platen, terwijl aardbevingen bij hotspots ontstaan door drukopbouw / het vollopen van magmakamers. per juist verschil (1) (3)

Gebruik bron 5. De terrassenstructuur op de foto in bron 5 is ontstaan door interactie tussen de gesteentekringloop en de hydrologische kringloop. Het ontstaan van deze terrassen is te beschrijven in vijf stappen. De beschrijvingen van deze vijf stappen staan hieronder in willekeurige volgorde: a De temperatuur van het water neemt door de nabijheid van magma toe. b Warm water beweegt omhoog in de korst. c Mineralen uit de kalksteen lossen op in het warme grondwater. d Mineralen worden afgezet aan het aardoppervlak. e Regenwater dringt de kalksteenlagen in.

Vraag 11 2 punten

Noteer de letters van deze vijf stappen in de juiste volgorde van ontstaan op je antwoordblad.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Bijlage kaartenkatern

Bekijk het antwoord

Opmerking Indien door het weglaten van een foutief geplaatste letter een verder foutloze reeks ontstaat, 1 scorepunt toekennen.

Gebruik bron 6. De Old Faithful geiser barst met regelmatige tussenpozen uit.

Vraag 12 2 punten

Beschrijf in twee stappen het ontstaan van het regelmatige patroon in de uitbarstingen van de Old Faithful geiser.

Bron 6

De Old Faithful geiser De Old Faithful geiser spuit met regelmatige tussenpozen van zo'n 60 à

80 minuten zo'n 30.000 liter kokend water ruim 50 meter de lucht in. Zo'n uitbarsting duurt tussen de twee en zes minuten.

Opgave 4

  • Paleogeografie van Nederland

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage kaartenkatern · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • door de hotspot / magma wordt verhit (kokend) water onder grote druk omhoog geperst (waardoor het water naar buiten spuit) (1)
  • waarna het weer een tijd (tussen de 60 à 80 minuten) duurt voor een nieuwe hoeveelheid water genoeg verhit is / is gaan koken om weer uit te barsten (1)

Opgave 4 − Paleogeografie van Nederland

Bij deze opgave hoort bron 7.

Paleogeografie Bij deze opgave gebruik je in het kaartenkatern de kaartbladen van Nederland over paleogeografie en geologie. Paleogeografie is een tak binnen de aardwetenschappen die zich bezighoudt met de verdeling van land, zee en gebergten door de geologische geschiedenis heen. Het bestuderen van landschapsvormen (geomorfologie) speelt hierbij een belangrijke rol.

Gebruik het kaartenkatern. Vóór de maximale ijsuitbreiding in het Saalien mondden de grote rivieren in Nederland verder naar het noorden in zee uit.

Vraag 13 2 punten

Leg uit dat de huidige loop van de grote rivieren ontstaan is door geomorfologische verschijnselen die tijdens het Saalien ontstaan zijn. Je uitleg moet een oorzaak-gevolgrelatie bevatten.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Bijlage kaartenkatern

Bekijk het antwoord
  • tijdens het Saalien in het midden van Nederland gestuwde afzettingen / stuwwallen gevormd werden (oorzaak) (1)
  • waardoor de loop van de grote rivieren naar het westen verlegd werd / de grote rivieren naar het westen gingen stromen (gevolg) (1)

Gebruik het kaartenkatern. In de laatste ijstijd, het Weichselien, werd Nederland niet bedekt met ijs. Nederland had toen wel een ander klimaat dan nu.

Vraag 14 1 punt

Welk klimaat had Nederland tijdens de laatste ijstijd? Kies uit: BS, Cf, Df, EF, ET

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Bijlage kaartenkatern

Bekijk het antwoord
  • ET (1)

Gebruik het kaartenkatern. Vanaf het Subatlanticum werd in het westen van Nederland ander materiaal afgezet dan in het Midden- en Laat-Atlanticum.

Vraag 15 2 punten

Leg dit uit. Je uitleg moet een oorzaak-gevolgrelatie bevatten.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Bijlage kaartenkatern

Bekijk het antwoord
  • vanaf het Subatlanticum / 2.600 jaar geleden een gesloten strandwal / duinenrij voor de Nederlandse kust ontstond (oorzaak) (1)
  • waardoor de zee niet meer kon binnendringen in het achterland en er (geen zeeklei meer, maar) veen werd gevormd / plantenresten werden afgezet (gevolg) (1)

Gebruik bron 7 en het kaartenkatern. De Hogeberg op Texel is in dezelfde periode ontstaan en heeft dezelfde ontstaanswijze als de heuvels in Fryslân (Friesland).

Vraag 16 2 punten

Geef

  • de periode waarin de Hogeberg op Texel en de heuvels in Fryslân (Friesland) ontstaan zijn;
  • de naam van de regio in Fryslân (Friesland) waar deze heuvels liggen.
Bron 7

De Hogeberg op Texel In het zuidoosten van Texel ligt een vijftien meter hoge heuvel die de Hogeberg wordt genoemd. Deze heuvel heeft dezelfde ouderdom en ontstaanswijze als een aantal heuvels in Fryslân (Friesland).

Zuid-Amerika

Opgave 5

  • 'Wie is de mol?' in Colombia

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage kaartenkatern · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • tijdens het Saalien / 150.000 jaar geleden (1)
  • Gaasterlân (Gaasterland) (1)

Opgave 5 − 'Wie is de mol?' in Colombia

Bij deze opgave horen de bronnen 8 tot en met 11.

In 2019 speelde het programma 'Wie is de Mol?' zich af in Colombia. Hieronder staan drie uitspraken over Colombia (a tot en met c) en zes begrippen (1 tot en met 6).

a Het percentage mensen met een 1 bevolkingsparticipatie volledig Europese, Afrikaanse of inheemse achtergrond daalt. 2 cliëntelisme

b Een volksraadpleging in Cajamarca in 3 elite maart 2017 voorkwam de uitvoering van een groot mijnbouwproject. 4 etniciteit

c In een onderzoek gaf 20% van de 5 latifundia huishoudens aan dat hun stem in de verkiezingen mede bepaald wordt door 6 mestizering gunsten, geschenken of banen in ruil voor hun stem.

Vraag 17 2 punten

Noteer de letters a tot en met c onder elkaar op je antwoordblad. Schrijf achter elke letter het daarbij behorende begrip. Let op: er blijven drie begrippen over.

Bekijk het antwoord
  • a - mestizering (6) b - bevolkingsparticipatie (1) c - cliëntelisme (2) indien drie juiste antwoorden (2) indien twee juiste antwoorden (1) indien minder dan twee juiste antwoorden (0) (2)

Gebruik de bronnen 8 en 9 en het kaartenkatern. De deelnemers van 'Wie is de mol?' vlogen van Medellín in de Centrale Cordillera naar Bucaramanga in de Oostelijke Cordillera.

Vraag 18 2 punten

Geef twee geologische verschillen tussen deze Cordillera's. Gebruik in je antwoord de namen van deze twee Cordillera's.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Bijlage kaartenkatern

Bekijk het antwoord
  • Juiste verschillen zijn: − In de Centrale Cordillera komt in tegenstelling tot de Oostelijke Cordillera actief vulkanisme voor. − De Centrale Cordillera is jonger dan de Oostelijke Cordillera. per juist verschil (1) (2)

Gebruik de bronnen 8 en 10 en het kaartenkatern. De reis die werd gemaakt startte in Medellín en eindigde in Cartagena. Deze twee plaatsen hebben een verschillend klimaat.

Vraag 19 3 punten

Noteer op je antwoordblad drie klimatologische verschillen tussen Medellín en Cartagena. Geef voor elk verschil de juiste oorzaak.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Bijlage kaartenkatern

Bekijk het antwoord

Opmerking De scorepunten dienen alleen toegekend te worden wanneer het klimatologische verschil in combinatie met de oorzaak juist is.

Gebruik bron 11.

Vraag 20 2 punten

Beredeneer dat het televisieprogramma ‘Wie is de mol?’ zowel het geografische beeld als het mentale beeld van Colombia kan versterken.

Bron 11

Adios Colombia Het RTL Nieuws plaatste op zijn website na afloop van het seizoen van 'Wie is de Mol?' het volgende bericht: "Na maanden te hebben meegeleefd met de deelnemers zijn we toch wel aan ze verknocht geraakt en ook aan het land waar ze doorheen reisden: wat ís het daar mooi! Daarom nemen we je nog een keer mee langs al die mooie plekjes. Misschien een goede inspiratie voor een spannende reis."

Bogotá Medellín

Opgave 6

  • Chili en Bolivia

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage kaartenkatern · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • Enerzijds wordt het bestaande geografische beeld dat er van Colombia is (bij Nederlanders) uitgebreid door verhalen en/of (televisie)beelden (landschappen, steden, bevolking) (1)
  • maar dat deze verhalen en/of (televisie)beelden wel gekleurd zijn / alleen een positief (incompleet) beeld van Colombia laten zien (en dus het mentale beeld van Colombia versterken) (1)

Opgave 6 − Chili en Bolivia

Bij deze opgave horen de bronnen 12 tot en met 15.

De politieke situatie in Chili en Bolivia is, net als in veel andere landen in Zuid-Amerika, sinds de jaren 80 van de vorige eeuw veranderd.

Vraag 21 1 punt

Geef aan welke politieke verandering veel landen in Zuid-Amerika sinds de jaren 80 van de vorige eeuw doorgemaakt hebben.

Bekijk het antwoord
  • Uit het antwoord moet blijken dat veel landen in Zuid-Amerika zich sinds de jaren 80 van de vorige eeuw ontwikkeld hebben van instabiele / dictatoriale landen naar politiek (en economisch) meer stabiele landen. (1)

Gebruik de bronnen 12 en 13.

Vraag 22 2 punten

Geef aan

  • welk verschil tussen Chili en Bolivia bestaat in politieke invloed op het economisch systeem;
  • dat het neoliberale beleid in Chili niet tot exportvalorisatie heeft geleid.
Bekijk het antwoord
  • Een juist antwoord is: in (het neoliberale) Chili wordt gestreefd naar vrije marktwerking / concurrentie tussen bedrijven, terwijl in (het socialistische) Bolivia de invloed van de staat op de economie juist groot is (1)
  • Een juist antwoord is: Chili was in 2017, net als in 1995, voor de export nog steeds zeer afhankelijk van grondstoffen / de mijnbouw (1)

Gebruik de bronnen 14 en 15. De bronnen 14 en 15 geven een verklaring voor de maatschappelijke onrusten die in 2019 in Chili en Bolivia uitbraken. Om economische ongelijkheid in een land (zie bron 15) weer te geven wordt vaak een specifieke lijngrafiek gebruikt.

Vraag 23 2 punten

Geef

  • de naam van de lijngrafiek waarmee economische ongelijkheid in een land weergegeven kan worden.
  • met de bronnen 14 en 15 aan waarom in Chili en Bolivia maatschappelijke onrusten uitbraken.
Bron 15

Economische ongelijkheid in Chili en Bolivia

Leefomgeving

Opgave 7

  • Bevolkingsontwikkeling in de grote steden

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage kaartenkatern · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • Lorenzcurve (1)
  • Uit het antwoord moet blijken dat het bnp/hoofd / de economie van Chili en Bolivia de laatste decennia gegroeid is, maar dat de armste 50% daarvan nauwelijks geprofiteerd heeft / de economische ongelijkheid (nagenoeg) hetzelfde gebleven is (1)

Gebruik het kaartenkatern. Bolivia wordt door zijn ligging meer belemmerd om tot verdere economische ontwikkeling te komen dan Chili.

Vraag 24 2 punten

Geef twee van deze belemmeringen voor verdere economische ontwikkeling van Bolivia.

Bron 15

Economische ongelijkheid in Chili en Bolivia

Leefomgeving

Opgave 7

  • Bevolkingsontwikkeling in de grote steden

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage kaartenkatern · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • Juiste belemmeringen zijn: − Bolivia ligt (in tegenstelling tot Chili) landlocked / heeft geen ligging aan zee (waardoor internationale handel lastig is). − Bolivia is (door de hoge ligging en het landschap) een onherbergzaam / moeilijk in cultuur te brengen land. per juiste belemmering (1) (2)

Opgave 7 − Bevolkingsontwikkeling in de grote steden

Bij deze opgave horen de bronnen 16 en 17.

Gebruik bron 16 en het kaartenkatern. Vóór 1990 werd ten aanzien van de bevolkingsontwikkeling van grote steden in de Randstad een ander ruimtelijk beleid gevoerd dan ná 1990.

Vraag 25 3 punten

Geef eerst aan welke verandering in ruimtelijk beleid vanaf ongeveer

1990 plaatsvond. Beredeneer vervolgens dat deze beleidsverandering te zien is in de top tien van groeiende steden in de periode 1968 - 1983 en in de top tien van groeiende steden in de periode 2008 - 2018.

Bron 16

Ranglijst van relatief snelst groeiende steden

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage kaartenkatern · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • het ruimtelijk beleid (ten aanzien van de Randstad) tot (ongeveer) 1990 was gericht op spreiding (groeikernenbeleid) en daarna op concentratie (verdichting / compacte stad) (1)
  • veel van de plaatsen in de top 10 in de periode 1968 - 1983 (zoals Zoetermeer / Spijkenisse / Purmerend) waren aangewezen als groeikern (en dus toen een sterke bevolkingsgroei hadden) (1)
  • terwijl in de periode 2008 - 2018 juist de grote steden als woonomgeving weer aantrekkelijk werden (als Utrecht / Amsterdam / Den Haag) (1)

In de top tien in de periode 2008 - 2018 staan veel creatieve steden (zie bron 16). Juist in deze steden kan de ruimtelijke en sociale ongelijkheid groter worden.

Vraag 26 2 punten

Beredeneer waarom de ruimtelijke en sociale ongelijkheid juist in steden met een grote creatieve sector groter kan worden.

Bron 16

Ranglijst van relatief snelst groeiende steden

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage kaartenkatern · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • De centra van steden met een grote creatieve sector hebben een grote aantrekkingskracht op hoger opgeleiden / mensen uit hogere (sociaal-)economische klassen (die zich met name in de stadscentra vestigen) (1)
  • zodat de economische verschillen tussen de centra van creatieve steden en de armere (buiten)wijken groter kunnen worden (1)

Gebruik bron 17 en het kaartenkatern. Voor gemeentes is het aantal beschikbare banen dat binnen acceptabele reistijd bereikbaar is een belangrijke aantrekkingsfactor.

Vraag 27 2 punten

Beredeneer waarom het schaalniveau waarop dan gekeken wordt van belang is. Betrek in je redenering de provincie waarvoor dit het meeste geldt.

Bron 16

Ranglijst van relatief snelst groeiende steden

Bron 17

Beschikbare banen mét (links) en zonder (rechts) grensbarrières

Opgave 8

  • Zeespiegelstijging en deltascenario's

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage kaartenkatern · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • In de grensgemeentes kunnen ook de beschikbare banen in Duitsland en België meegewogen worden / geven de beschikbare banen alleen op nationale schaal een vertekend beeld van de werkgelegenheid (1)
  • zodat juist de grensgemeentes in Limburg, waar over de grens veel grote steden binnen acceptabele reistijd liggen / veel werkgelegenheid binnen acceptabele reistijd is, aantrekkelijker zullen zijn (1)

Stel jij mag ten aanzien van de bevolkingsontwikkeling van de grote steden voor de komende twintig jaar het ruimtelijk beleid bepalen.

Vraag 28 2 punten

Zou jij dan beleid maken waardoor de steden in de Randstad blijven groeien of zou je juist beleid maken waardoor de steden buiten de Randstad zouden groeien? Geef twee argumenten voor je keuze.

Bron 17

Beschikbare banen mét (links) en zonder (rechts) grensbarrières

Opgave 8

  • Zeespiegelstijging en deltascenario's

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage kaartenkatern · Opgaven

Bekijk het antwoord

Opmerking Per juist argument 1 scorepunt toekennen.

of

Opmerking Per juist argument 1 scorepunt toekennen.

Opgave 8 − Zeespiegelstijging en deltascenario’s

Bij deze opgave horen de bronnen 18 en 19.

Gebruik bron 18. Uitspraak 1: bij de deltascenario’s wordt voor het jaar 2100 rekening gehouden met een zeespiegelstijging van maximaal 1 meter. Uitspraak 2: het RCP8,5-scenario voorspelt tussen 2050 en 2100 een maximale zeespiegelstijging van rond de 15 millimeter per jaar. Uitspraak 3: het smelten van landijs op Antarctica en Groenland draagt meer bij aan zeespiegelstijging dan het smelten van zee-ijs in het noordpoolgebied.

Vraag 29 2 punten

Geef voor elk van de uitspraken aan of die juist of onjuist is.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Bijlage kaartenkatern

Bekijk het antwoord
  • uitspraak 1: juist uitspraak 2: onjuist uitspraak 3: juist indien drie juiste antwoorden (2) indien twee juiste antwoorden (1) indien minder dan twee juiste antwoorden (0) (2)

Bij het berekenen van de scenario's (zie bron 18) is rekening gehouden met zowel absolute als relatieve zeespiegelstijging.

Vraag 30 1 punt

Geef aan waarom in Nederland juist ook met relatieve zeespiegelstijging rekening gehouden wordt.

Bron 18

Zeespiegelstijging en deltascenario's De zeespiegelstijging voor de Nederlandse kust bedraagt momenteel

2 mm per jaar, maar gaat steeds sneller. Op basis van deze versnellende zeespiegelstijging zijn voor de Nederlandse kust verschillende deltascenario’s uitgewerkt. De deltascenario's zijn gebaseerd op de verwachte zeespiegelstijging. Door het versneld afbreken en smelten van het landijs op Antarctica en Groenland zou de zeespiegel zelfs nóg sneller kunnen stijgen dan de zeespiegelstijging waarmee in de deltascenario’s rekening gehouden wordt. De verwachtingen voor deze nog snellere zeespiegelstijging zijn in de grafiek weergegeven met RCP4,5 en RCP8,5.

Verwachte zeespiegelstijging

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage kaartenkatern · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • Uit het antwoord moet blijken dat in Nederland bodemdaling optreedt / de ondergrond van Nederland zakt. (1)

Een bijkomend probleem van zeespiegelstijging is verzilting in het westen van Nederland.

Vraag 31 2 punten

Leg uit dat in het westen van Nederland verzilting vooral in de zomer optreedt. Je uitleg moet een oorzaak-gevolgrelatie bevatten.

Bron 18

Zeespiegelstijging en deltascenario's De zeespiegelstijging voor de Nederlandse kust bedraagt momenteel

2 mm per jaar, maar gaat steeds sneller. Op basis van deze versnellende zeespiegelstijging zijn voor de Nederlandse kust verschillende deltascenario’s uitgewerkt. De deltascenario's zijn gebaseerd op de verwachte zeespiegelstijging. Door het versneld afbreken en smelten van het landijs op Antarctica en Groenland zou de zeespiegel zelfs nóg sneller kunnen stijgen dan de zeespiegelstijging waarmee in de deltascenario’s rekening gehouden wordt. De verwachtingen voor deze nog snellere zeespiegelstijging zijn in de grafiek weergegeven met RCP4,5 en RCP8,5.

Verwachte zeespiegelstijging

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage kaartenkatern · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • In de zomer voeren rivieren minder zoet water aan / wordt (in droge perioden) veel zoet (grond)water gebruikt voor beregening / In de zomer verdampt veel zoet water (oorzaak) (1)
  • waardoor het (zout) zeewater ondergronds kan binnendringen / er te weinig tegendruk is van zoet grondwater (en er verzilting optreedt) (gevolg) (1)

Gebruik bron 19. In bron 19 staan vier toekomstscenario’s voor Nederland weergegeven.

Vraag 32 3 punten

Geef

  • het scenario dat voor Nederland het gunstigste is;
  • twee manieren waarop de Nederlandse overheid dit scenario kan bereiken.
Bron 18

Zeespiegelstijging en deltascenario's De zeespiegelstijging voor de Nederlandse kust bedraagt momenteel

2 mm per jaar, maar gaat steeds sneller. Op basis van deze versnellende zeespiegelstijging zijn voor de Nederlandse kust verschillende deltascenario’s uitgewerkt. De deltascenario's zijn gebaseerd op de verwachte zeespiegelstijging. Door het versneld afbreken en smelten van het landijs op Antarctica en Groenland zou de zeespiegel zelfs nóg sneller kunnen stijgen dan de zeespiegelstijging waarmee in de deltascenario’s rekening gehouden wordt. De verwachtingen voor deze nog snellere zeespiegelstijging zijn in de grafiek weergegeven met RCP4,5 en RCP8,5.

Verwachte zeespiegelstijging

Bron 19

Toekomstscenario's

►►► ν

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage kaartenkatern · Opgaven

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

  • Juiste antwoorden zijn: (2p)
    • het overstromingsrisicobewustzijn kan verhoogd worden door kennisoverdracht / onderwijs / voorlichting
    • en klimaatverandering kan getemperd worden door het terugdringen van CO 2 / broeikasgassen (door te participeren in / het naleven van klimaatakkoorden)

Opmerking Per juist antwoord 1 scorepunt toekennen.

Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen vwo Aardrijkskunde 2022, tijdvak 2. Afbeeldingen en de exacte opmaak staan in het originele examen: https://www.examenblad.nl/2022/vwo/documenten/cse-2/vw-0131-a-22-2-o

Andere examens aardrijkskunde vwo

Hoe ToetsChecker aardrijkskunde per vraagtype nakijkt, lees je op aardrijkskunde toetsen nakijken met AI.

Veelgestelde vragen

Hoeveel vragen heeft het eindexamen aardrijkskunde vwo 2022, tijdvak 2?

Het centraal examen aardrijkskunde vwo 2022, tijdvak 2 loopt tot vraag 32. Van 30 vragen staat het onderwerp in de vragenbank. De meeste vragen gaan over ontwikkelingsvraagstukken (6), verstedelijking (6) en endogene en exogene processen (6).

Wat zijn de antwoorden van het examen aardrijkskunde vwo 2022, tijdvak 2?

Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.

Waar vind ik het correctievoorschrift van aardrijkskunde vwo 2022, tijdvak 2?

Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2022/vwo/documenten/cse-2/vw-0131-a-22-2-c). Bij dit examen hoort ook een aanvulling op het correctievoorschrift.

Hoe oefen ik met het examen aardrijkskunde vwo 2022, tijdvak 2 en krijg ik feedback?

Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.