Eindexamen aardrijkskunde vwo 2026, tijdvak 1: vragen en antwoorden
Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: De marathon van New York, Het leefgebied van de Sami, De Indische plaat, Fysische geografie van Peru, Migratie vanuit Venezuela, Bebouwing aan de Nederlandse kust, De stad als gezonde leefomgeving.
Het centraal examen aardrijkskunde vwo 2026, tijdvak 1 telt 33 vragen. De meeste vragen gaan over verstedelijking (6), endogene en exogene processen (6) en weer en klimaat (5). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.
Onderwerpen in dit examen
| Onderwerp | Vragen | Aantal |
|---|---|---|
| Verstedelijking | 2-3, 29-31, 33 | 6 |
| Endogene en exogene processen | 8, 10, 13-16 | 6 |
| Weer en klimaat | 6-7, 9, 17, 20 | 5 |
| Nederland: wonen en water | 25-28 | 4 |
| Energie en grondstoffen | 12, 18, 32 | 3 |
| Bevolking en migratie | 22-24 | 3 |
| Globalisering | 1, 4 | 2 |
| Kaartvaardigheden | 5 | 1 |
| Europese Unie | 11 | 1 |
| Water en rivieren | 19 | 1 |
| Ontwikkelingsvraagstukken | 21 | 1 |
Vergeleken met andere jaren
Vergeleken met de andere 17 examens aardrijkskunde vwo sinds 2018: dit examen vroeg minder over ontwikkelingsvraagstukken (3% van de vragen, gemiddeld 11%) en globalisering (6% van de vragen, gemiddeld 13%).
Opgaven en correctievoorschrift
De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.
Oefenen als leerling
Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen aardrijkskunde vwo 2026, tijdvak 1 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.
Nakijken als docent
Start gratis vanaf deze pagina
Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen aardrijkskunde vwo 2026, tijdvak 1 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.
Laat de klas het examen maken
Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.
Geef de resultaten vrij
Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.
ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.
Vragen en antwoorden
Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen aardrijkskunde vwo 2026, tijdvak 1. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.
De marathon van New York
Bij deze opgave horen de bronnen 1 en 2.
bron 1
De route van de New York City Marathon door de vijf stadsdelen
De New York City Marathon is een jaarlijks terugkerend hardloopevenement in New York. Elk jaar doen ruim 55.000 deelnemers uit meer dan 100 landen mee. Elke deelnemer die de finish bereikt, heeft 42,195 kilometer afgelegd.
De eerste New York City Marathon werd in 1970 georganiseerd. Om het tweehonderdjarig bestaan van de Verenigde Staten in 1976 te vieren, werd een route door alle vijf de stadsdelen van New York uitgestippeld. Sindsdien is de route niet meer gewijzigd.



Gebruik de bronnen 1 en 2.
De marathon van New York kan worden gezien als een kosmopolitisch evenement. Door de finish in Manhattan te plaatsen, wordt het stereotiepe beeld van de stad New York versterkt.
Vraag 1 2 punten
Geef aan
- waarom de marathon van New York kan worden gezien als een kosmopolitisch evenement; (1 punt)
- waarom het plaatsen van de finish in Manhattan het stereotiepe beeld van New York versterkt. (1 punt)
Bekijk het antwoord
- Uit het antwoord moet blijken dat bij de marathon van New York veel mensen met diverse nationaliteiten samenkomen / dat de marathon van New York een evenement is dat de eigen nationale identiteit overstijgt.
- Uit het antwoord moet blijken dat het laatste deel van de marathon langs iconische gebouwen / wolkenkrabbers gaat (en dat dit beeld overeenkomt met het stereotiepe beeld van New York).

Grote Bosatlas 56e editie kaartblad 193A-C
Gebruik bron 1 en het kaartenkatern.
De marathon van New York gaat door de vijf stadsdelen van New York. Over elk stadsdeel staat hieronder een uitspraak.
- Uitspraak 1: dit stadsdeel heeft de meest homogene etnische bevolkingssamenstelling.
- Uitspraak 2: in dit stadsdeel ligt de wijk met het grootste aandeel mensen met voorouders uit Sub-Sahara Afrika.
- Uitspraak 3: in dit stadsdeel liggen de meeste wijken met een grote Aziatische minderheid.
- Uitspraak 4: in dit stadsdeel is de secundaire sector bijna helemaal verdwenen.
- Uitspraak 5: dit is het enige stadsdeel dat op het Amerikaanse vasteland ligt.
Vraag 2 2 punten
Geef voor elke uitspraak aan over welk stadsdeel die gaat.
Bekijk het antwoord
| Uitspraak 1: | Staten Island (Richmond County) |
| Uitspraak 2: | Brooklyn (Kings County) |
| Uitspraak 3: | Queens (County) |
| Uitspraak 4: | Manhattan (New York County) |
| Uitspraak 5: | Bronx (County) |
indien vijf juiste antwoorden: 2 scorepunten; indien vier of drie juiste antwoorden: 1 scorepunt; indien minder dan drie juiste antwoorden: 0 scorepunten.
Gebruik het kaartenkatern.
New York is een stad waarin op verschillende schaalniveaus sprake is van ruimtelijke segregatie.
Vraag 3 2 punten
Beredeneer dat er binnen New York op verschillende schaalniveaus sprake is van ruimtelijke segregatie.
Bekijk het antwoord
Uit de redenering moet blijken dat
- in New York bevolkingsgroepen met een verschillende etniciteit (grotendeels) gescheiden van elkaar leven,
- zodat er zowel tussen als binnen de stadsdelen verschillen in bevolkingssamenstelling bestaan.
Aan de marathon van New York doen meer mensen mee dan aan de marathons van Los Angeles en Washington DC samen. Dit heeft onder andere te maken met de status van New York als wereldstad.
Vraag 4 3 punten
Geef voor New York, Los Angeles en Washington DC aan vanuit welke dimensie of dimensies de stad een wereldstad is.
Ga in je antwoord in op alle drie de steden.
Bekijk het antwoord
Uit het antwoord moet blijken dat
- New York een mondiale functie vervult vanuit de economische (Wall Street), sociaal-culturele (theaters / mode) en politieke (Verenigde Naties) dimensie,
- terwijl Los Angeles alleen een mondiale functie vervult vanuit de economische (‘hoofdstad’ van de westkust) en sociaal-culturele (Hollywood / filmindustrie) dimensie,
- en Washington DC alleen een mondiale functie vervult vanuit de politieke dimensie (Witte Huis / Capitool).
Het leefgebied van de Sami
Bij deze opgave horen de bronnen 3 tot en met 6.
bron 3
Leefgebied van de Sami
Lapland of Samenland is een regio in het noorden van Scandinavië, die wordt bewoond door de Sami. De Sami hechten veel waarde aan traditionele leefgewoonten en spreken meerdere eigen talen, maar hebben geen eigen staat.
De rendierhouderij speelt van oudsher een belangrijke rol in het leven van de Sami. De kuddes rendieren zwerven, afhankelijk van het seizoen, rond over de verschillende weidegronden. Tegenwoordig is toerisme de belangrijkste bron van inkomsten voor de Sami. In de winter maken toeristen tochten met sneeuwscooters en sledehonden. In de zomer is Lapland een populaire bestemming voor wandelaars en mountainbikers.
Het leefgebied van de Sami is rijk aan grondstoffen zoals ijzererts, goud, nikkel en zeldzame aardmetalen (zie bron 6).

Gebruik bron 3.
Door weidegronden voor verschillende seizoenen aan de Sami toe te kennen, wordt rekening gehouden met hun traditionele levenswijze.
Vraag 5 1 punt
Geef nog een andere aanwijzing uit bron 3 waaruit blijkt dat bij het toekennen van weidegronden rekening gehouden is met de traditionele levenswijze van de Sami.
Bekijk het antwoord
Voorbeelden van een juiste aanwijzing zijn:
- In Noorwegen zijn aan Zweedse Sami graasrechten toegekend op Noors grondgebied.
- Er zijn (binnen Noorwegen, Zweden en Finland) ook weidegronden toegekend in gebieden die buiten het leefgebied van de Sami liggen.



Grote Bosatlas 56e editie kaartblad 94
Gebruik de bronnen 3 en 4 en het kaartenkatern.
Bij het toekennen van graasrechten aan de Sami is rekening gehouden met het klimaat.
Vraag 6 2 punten
Toon met een klimaatfactor aan waarom bij het toekennen van de graasrechten onderscheid tussen zomer- en winterweidegronden gemaakt is.
Bekijk het antwoord
Uit het antwoord moet blijken dat
- de bergen in de winter (te) koud / (te) lang met sneeuw bedekt zijn (om rendieren te laten grazen),
- zodat (vooral) de lager gelegen gebieden als winterweidegronden toegekend zijn.
Opmerking
Aan een juist antwoord dat uitgaat van de hoger gelegen zomerweidegronden dienen scorepunten toegekend te worden.
Gebruik de bronnen 3 en 4.
Toerisme is tegenwoordig de belangrijkste bron van inkomsten voor de Sami. De toendra is in de zomer gevoeliger voor landdegradatie dan in de winter.
Vraag 7 2 punten
Leg vanuit de dimensie natuur uit waardoor de toendra juist in de zomer gevoelig is voor landdegradatie.
Je uitleg moet een oorzaak-gevolgrelatie bevatten.
Bekijk het antwoord
Een voorbeeld van een juiste uitleg is:
- De toendra is in de zomer niet bedekt met sneeuw, / De bovenlaag van de toendra is in de zomer ontdooid, (oorzaak)
- waardoor de bodem / vegetatie makkelijker aangetast wordt door menselijke activiteiten. (gevolg)
bron 5
IJzerertsmijn van Kiruna
In het noorden van Zweeds Lapland liggen de Kiruna-ertsen. Dit ijzerertslichaam is 4 kilometer lang, 80 meter breed en 2 kilometer diep. Het ijzererts werd zo’n 1,6 miljard jaar geleden gevormd door vulkanische activiteit. In 1898 werd begonnen met het winnen van ijzererts in een open mijn. Vanaf 1965 zijn schachten gegraven om het ijzererts naar boven te halen. Om het ijzererts te exporteren, werd een spoorlijn naar Luleå en het Noorse Narvik aangelegd.


De ijzerertsmijn bij Kiruna ligt in het leefgebied van de Sami. Tot 1965 werd het ijzererts bij Kiruna gewonnen in open mijnen. Het ijzererts lag toen aan het aardoppervlak (zie bron 5).
Vraag 8 2 punten
Geef aan
- door welk proces in de gesteentecyclus het ijzererts bij Kiruna ontstaan is; (1 punt)
- door welke combinatie van een endogeen en een exogeen proces het ijzererts aan het aardoppervlak is komen te liggen. (1 punt)
Bekijk het antwoord
- afkoelen / stollen (van magma)
- opheffing / omhoogkomen én verwering / erosie
Opmerking
Het tweede scorepunt alleen toekennen als het endogene én het exogene proces juist zijn.

Grote Bosatlas 56e editie kaartblad 230
Gebruik bron 5 en het kaartenkatern.
Om de export van ijzererts het hele jaar mogelijk te maken, is de ijzerertsmijn van Kiruna niet alleen verbonden met de haven van Luleå, maar ook met de havenstad Narvik in Noorwegen.
Vraag 9 2 punten
Leg vanuit de dimensie natuur uit waardoor het vanuit Noorse havensteden wel mogelijk is om het hele jaar ijzererts te transporteren.
Je uitleg moet een oorzaak-gevolgrelatie bevatten.
Bekijk het antwoord
Uit de uitleg moet blijken dat
- voor de kust van Noorwegen een warme zeestroom ligt, (oorzaak)
- waardoor Noorse havensteden (zoals Narvik) (in tegenstelling tot de haven van Luleå) in de winter ijsvrij blijven (en er dus het hele jaar door ijzererts getransporteerd kan worden.) (gevolg)
bron 6
Zeldzame aardmetalen in het leefgebied van de Sami
Het leefgebied van de Sami blijkt rijk aan zeldzame aardmetalen te zijn. Deze aardmetalen spelen een cruciale rol in de energietransitie en zijn onmisbaar in communicatie- en navigatieapparatuur. De winning van zeldzame aardmetalen in Lapland is voor Europa van groot economisch en geopolitiek belang.

| Fase 1: | door verwering van graniet ontstaat een verweringslaag met zeldzame aardmetalen die door infiltratie van regenwater oplossen en uitspoelen naar onderliggende lagen. |
| Fase 2 en 3: | als de verweringslaag door erosie verdwijnt, komt het gebied omhoog. Hierdoor komt steeds nieuw graniet aan het aardoppervlak te liggen. |
| Fase 4: | de fasen 1 tot en met 3 blijven zich herhalen totdat winbare concentraties zeldzame aardmetalen ontstaan zijn. |
Gebruik bron 6.
Uit de aanwezigheid van zeldzame aardmetalen kun je afleiden dat Lapland ooit een ander klimaat gehad heeft.
Vraag 10 2 punten
Toon met bron 6 in twee stappen aan dat Lapland ooit een ander klimaat gehad heeft.
Bekijk het antwoord
Uit het antwoord moet blijken dat
- (economisch winbare hoeveelheden) zeldzame aardmetalen ontstaan door langdurige chemische verwering,
- en dat chemische verwering alleen optreedt in een warm en vochtig (tropisch) klimaat / niet optreedt in een koud klimaat.

Grote Bosatlas 56e editie kaartblad 80A t/m 80F
Gebruik het kaartenkatern.
Op het schaalniveau van Europa heeft Lapland kenmerken die typerend zijn voor afgelegen perifere gebieden en kenmerken die typerend zijn voor centrumgebieden. Het hoge bruto regionale product van Lapland is bijvoorbeeld een kenmerk dat past bij centrumgebieden.
Vraag 11 2 punten
Geef van Lapland
- nog een ander economisch kenmerk dat past bij centrumgebieden; (1 punt)
- een demografisch kenmerk dat past bij afgelegen perifere gebieden. (1 punt)
Bekijk het antwoord
- Een voorbeeld van een juist kenmerk van Lapland dat past bij centrumgebieden is: het grootste deel van de bewoners van (Noors en Zweeds) Lapland is werkzaam in de dienstensector.
- Uit het demografische kenmerk van Lapland dat past bij afgelegen perifere gebieden moet blijken dat Lapland dunbevolkt is / in Lapland weinig mensen wonen.
Gebruik de bronnen 3 tot en met 6.
Vraag 12 3 punten
Toon met de bronnen aan dat in Lapland een concurrentiestrijd om de ruimte plaatsvindt.
Ga in je antwoord in op
- verschillende actoren; (1 punt)
- hun belangen vanuit verschillende dimensies; (1 punt)
- verschillende schaalniveaus. (1 punt)
Bekijk het antwoord
Een juist antwoord gaat in op de concurrentiestrijd om de ruimte in Lapland, waarbij
- verschillende actoren juist benoemd worden;
- hun belangen vanuit verschillende dimensies juist toegepast worden;
- verschillende schaalniveaus juist toegepast worden.
Een voorbeeld van een juist antwoord is:
- In Lapland vindt een concurrentiestrijd om de ruimte plaats tussen de Sami en mijnbouwbedrijven / de overheid,
- waarbij de tradities van de Sami, zoals het vrij laten rondlopen van rendieren, botsen met de aanleg van infrastructuur / mijnen door mijnbouwbedrijven / de overheid,
- waarbij de Sami opkomen voor het behoud van hun leefgebied / Lapland, terwijl mijnbouwbedrijven / de overheid belangen hebben op een hoger / nationaal / Europees / continentaal schaalniveau.
De Indische plaat
Bij deze opgave horen de bronnen 7 tot en met 10.


Grote Bosatlas 56e editie kaartblad 224
Gebruik bron 7 en het kaartenkatern.
In bron 7 staan met de letters a, b en c drie locaties aangegeven. De aardkorst op deze locaties is niet even oud.
Vraag 13 1 punt
Noteer de letters a, b en c in de juiste volgorde van oud naar jong op je antwoordblad.
Bekijk het antwoord
c - b - a

Gebruik de bronnen 7 en 8 en het kaartenkatern.
Tot 40 miljoen jaar geleden bewoog de Indische plaat met ongeveer 15 centimeter per jaar naar het noordoosten. Daarna name de bewegingssnelheid van de Indische plaat af.
Vraag 14 2 punten
Geef aan
- welke tektonische kracht tot 40 miljoen jaar geleden zorgde voor de hoge bewegingssnelheid van de Indische plaat; (1 punt)
- welke tektonische verandering plaatsvond waardoor de bewegingssnelheid van de Indische plaat afnam. (1 punt)
Bekijk het antwoord
- Uit het antwoord moet blijken dat de Indische plaat snel bewoog door de slab pull / trekkracht van de onderduikende plaat.
- Uit het antwoord moet blijken dat de botsing van het oceanische deel van de Indische plaat (met de Euraziatische plaat) veranderde in een botsing van het continentale deel van de Indische plaat (met de Euraziatische plaat).
bron 9
De Mount Everest
De Mount Everest is met 8.849 meter de hoogste berg op aarde. De Mount Everest ligt in het noordoosten van Nepal op de grens met China. De top van de Mount Everest bestaat uit kalksteen. In het kalksteen worden fossielen gevonden die tot 400 miljoen jaar oud zijn. De geologische laag eronder, de Yellow Band, bestaat uit marmer.


Gebruik de bronnen 9 en 10.
De top van de Mount Everest bestaat uit kalksteen. Daaronder ligt de Yellow Band, die bestaat uit marmer. Voor het ontstaan van marmer is kalksteen nodig.
Vraag 15 3 punten
Beschrijf in drie stappen het ontstaan van marmer.
Begin je beschrijving met het afzettingsmilieu waarin kalksteen ontstaat.
Bekijk het antwoord
Uit de beschrijving moet blijken dat
- op de bodem van de oceaan kalkhoudende sedimenten ophoopten
- die (uiteindelijk) werden samengedrukt tot kalksteen
- en dat dit kalksteen (bij de plooiing / opheffing van de Himalaya) door hoge druk en/of temperatuur vervormde tot marmer.
Gebruik de bronnen 9 en 10.
De Yellow Band is niet alleen op de Mount Everest te zien, maar ook op de bergen Changtse en Changzheng. Op de Lhotse-Nuptse is de Yellow Band niet te zien.
Vraag 16 2 punten
Leg uit waardoor de Yellow Band op de Mount Everest, de Changtse en de Changzheng wel zichtbaar is, maar op de Lhotse-Nuptse niet.
Je uitleg moet een oorzaak-gevolgrelatie bevatten.
Bekijk het antwoord
Uit de uitleg moet blijken dat
- de Yellow Band bij de Lhotse-Nuptse door endogene krachten / compressie / plooiing / scheefstelling hoger is komen te liggen (dan bij de Mount Everest, de Changtse en de Changzheng), (oorzaak)
- waardoor de Yellow Band op de Lhotse-Nuptse door exogene krachten / erosie en/of verwering verdwenen is. (gevolg)
Fysische geografie van Peru
Bij deze opgave horen de bronnen 11 tot en met 14.

bron 12
Klimaatdiagrammen van vier plaatsen uit bron 11





Gebruik de bronnen 11 tot en met 13.
De klimaatdiagrammen in bron 12 horen bij de steden Arequipa, Cusco, Iquitos en Trujillo (zie bron 11).
Vraag 17 2 punten
Noteer de namen van deze vier steden onder elkaar op je antwoordblad. Schrijf achter elke stad de letter van het juiste klimaatdiagram.
Bekijk het antwoord
| Arequipa - | d |
| Cusco - | c |
| Iquitos - | a |
| Trujillo - | b |
indien vier juiste antwoorden: 2 scorepunten; indien drie of twee juiste antwoorden: 1 scorepunt; indien minder dan twee juiste antwoorden: 0 scorepunten.
In het noordoosten van Peru ligt een voorlandbekken. In dit voorlandbekken zijn fossiele energiebronnen ontdekt.
Vraag 18 3 punten
Beschrijf in drie stappen het ontstaan van deze fossiele energiebronnen in het voorlandbekken van Peru.
Begin je beschrijving met het ontstaan van dit voorlandbekken.
Bekijk het antwoord
Een juiste beschrijving moet onderstaande drie stappen bevatten:
- Bij het ontstaan van de Andes ontstond (ten oosten van de Andes) ook een dalingsgebied.
- In dit (voorland)bekken / laaggelegen gebied sedimenteerde (onder andere) organisch materiaal.
- Dit organisch materiaal werd onder invloed van hoge druk / hoge temperatuur omgezet tot fossiele energiebronnen.
bron 14
Het Pacaya-Samiria-reservaat
Het Pacaya-Samiria-reservaat ligt ten zuidwesten van Iquitos (zie bron 11). Het reservaat ligt tussen de rivieren Marañon en Ucayali. Waar deze rivieren samenkomen, stroomt het water verder als de Amazone.


Grote Bosatlas 56e editie kaartblad 202
Gebruik de bronnen 11 en 14 en het kaartenkatern.
Afhankelijk van het schaalniveau waarop je kijkt, kan de Ucayali in het Pacaya-Samiria-reservaat tot de benedenloop óf tot de bovenloop gerekend worden.
Vraag 19 2 punten
Geef
- een kenmerk van de Ucayali in dit reservaat dat past bij de benedenloop van een rivier; (1 punt)
- een argument waarom de Ucayali in dit reservaat ook tot de bovenloop gerekend kan worden. (1 punt)
Bekijk het antwoord
Voorbeelden van een juist kenmerk dat past bij de benedenloop zijn:
- De Ucayali in het reservaat heeft (grote) meanders / bochten.
- De Ucayali in het reservaat ligt in een laagvlakte / moeras.
Voorbeelden van een juist argument waarom de Ucayali in dit reservaat ook tot de bovenloop gerekend kan worden, zijn
- De Ucayali komt in dit reservaat net uit de bergen.
- De Ucayali ligt in dit reservaat duizenden kilometers van de zee waarin de rivier uiteindelijk uitmondt.
Gebruik bron 11.
Tijdens El Niño neemt het debiet van de rivieren in het Pacaya Samiria-reservaat af. Dit komt doordat er in dit gebied tijdens El Niño minder neerslag valt.
Vraag 20 2 punten
Leg uit waardoor tijdens El Niño minder neerslag in dit gebied valt.
Je uitleg moet een oorzaak-gevolgrelatie bevatten.
Bekijk het antwoord
Uit de uitleg moet blijken dat
- de wind in dit gebied tijdens El Niño uit het westen komt (in plaats van de standaard waaiende oostpassaat), (oorzaak)
- waardoor dit gebied aan de lijzijde / in de regenschaduw van de Andes komt te liggen. (gevolg)
Migratie vanuit Venezuela
Bij deze opgave horen de bronnen 15 en 16.
bron 15
Miljoenen Venezolanen gaan naar het buitenland
In 1999 werd Hugo Chávez als president van Venezuela gekozen. Zijn overwinning was kenmerkend voor de linkse politiek van veel Zuid-Amerikaanse landen in die tijd.
Tijdens zijn regeerperiode steeg de aardolieprijs van ongeveer tien dollar per vat naar meer dan 50 dollar in 2006. In 2011 kostte een vat aardolie (tijdelijk) zelfs meer dan 100 dollar. Met aardoliehandel werd veel geld verdiend. Chávez gebruikte dat geld voor een beleid waarbij iedereen toegang kreeg tot gezondheidszorg en onderwijs, arme Venezolanen voedselhulp kregen en fabrieken door de staat werden onteigend (a).
In maart 2013 overleed Chávez en werd hij opgevolgd door Nicolás Maduro. In die tijd daalde de aardolieprijs. Hierdoor daalden de inkomsten uit export (b). De staatsuitgaven bleven echter hoog. De staatsschuld groeide, de inflatie nam toe, de werkloosheid steeg en de armoede trof steeds meer mensen. De inkomensongelijkheid steeg in 2017 tot 0,68 en was daarmee het hoogst van alle Zuid-Amerikaanse landen (c).
Bij de overheid was veel corruptie en door stijgende criminaliteit nam de veiligheid op straat af. Er ontstond een kleine groep extreem rijke mensen die ook de politieke macht hadden, terwijl de nationale welvaart daalde (d).
Dit alles leidde vanaf 2017 tot een vluchtelingenstroom van miljoenen Venezolanen naar het buitenland.
Gebruik bron 15.
In bron 15 staan de letters a tot en met d. Elke letter is van toepassing op de zin die ervoor staat.
Hieronder staan acht begrippen.
- culturele diffusie
- exportvalorisatie
- Gini-coëfficiënt
- handelsbalans
- informele sector
- neoliberalisme
- oligarchie
- socialisme
Vraag 21 2 punten
Noteer de letters a tot en met d uit bron 15 op je antwoordblad. Schrijf achter elke letter het juiste begrip.
Let op: je gebruikt vier van de acht begrippen.
Bekijk het antwoord
| a - | socialisme |
| b - | handelsbalans |
| c - | Gini-coëfficiënt |
| d - | oligarchie |
indien vier juiste antwoorden: 2 scorepunten; indien drie juiste antwoorden: 1 scorepunt; indien minder dan drie juiste antwoorden: 0 scorepunten.
Aanvulling: Op pagina 11, bij vraag 21 moeten bij a alle antwoorden, ook een blanco antwoord, goedgerekend worden.
Gebruik bron 15.
De Venezolaanse regering deed weinig om de emigratie tegen te gaan.
Vraag 22 2 punten
Geef hiervoor een reden
- vanuit de politieke dimensie; (1 punt)
- vanuit de economische dimensie. (1 punt)
Bekijk het antwoord
Voorbeelden van een juiste reden vanuit de politieke dimensie zijn:
- Vluchtelingen waren vooral politieke tegenstanders van het systeem.
- Het tegengaan van emigratie zou de interne spanningen kunnen verergeren.
Voorbeelden van een juiste reden vanuit de economische dimensie zijn:
- Er was grote werkloosheid / een overschot aan werkzoekenden in het land.
- De overheid had niet het geld om de massale uittocht effectief te controleren of te stoppen.
- Als mensen emigreren, hoeft de overheid de sociale voorzieningen (zoals onderwijs / gezondheidszorg) voor deze mensen niet in stand te houden.


Grote Bosatlas 56e editie kaartblad 203
Gebruik bron 16 en het kaartenkatern.
In de landen in het westen van Zuid-Amerika hebben zich meer Venezolanen gevestigd dan in de landen in het oosten van Zuid-Amerika.
Vraag 23 4 punten
Geef
- twee redenen waarom zich in de landen in het westen van Zuid-Amerika meer Venezolanen gevestigd hebben; (2 punten)
- twee redenen waarom Bolivia hierop een uitzondering is. (2 punten)
Bekijk het antwoord
Voorbeelden van juiste redenen zijn:
- Alle landen in het westen van Zuid-Amerika zijn (net als Venezuela) Spaanstalige landen.
- De landen in het westen van Zuid-Amerika zijn goed bereikbaar over de weg / via de Pan-American Highway.
Voorbeelden van juiste redenen zijn:
- Bolivia is een minder welvarend land (dan de andere landen in het westen van Zuid-Amerika).
- De hoge ligging van (delen van) Bolivia kan voor immigranten gezondheidsproblemen opleveren.
Opmerking
Per juiste reden een scorepunt toekennen.
Niet alle Venezolaanse migranten bleven in Zuid-Amerika. Een deel migreerde naar Spanje.
Vraag 24 1 punt
Geef aan waarom de migratie van Venezolanen naar Spanje een vorm van selectieve migratie is.
Bekijk het antwoord
Uit het antwoord moet blijken dat alleen rijkeren de mogelijkheid hebben om Venezuela per vliegtuig te verlaten.
Bebouwing aan de Nederlandse kust
Bij deze opgave horen de bronnen 17 en 18.
Het kustbeheer in Nederland is gericht op het handhaven van de basiskustlijn en wordt uitgevoerd door Rijkswaterstaat.
Vraag 25 1 punt
Geef de maatregel die Rijkswaterstaat neemt als de kustlijn zich landinwaarts verplaatst.
Bekijk het antwoord
Uit het antwoord moet blijken dat de basiskustlijn wordt gehandhaafd door zandsuppleties uit te voeren.

Gebruik bron 17.
Bebouwing op het strand verstoort natuurlijke processen in de duinen. Hierdoor kan de primaire functie van de duinen op termijn in gevaar komen.
Vraag 26 2 punten
Leg uit waardoor bebouwing op het strand de primaire functie van de duinen op termijn in gevaar kan brengen.
Je uitleg moet een oorzaak-gevolgrelatie bevatten.
Bekijk het antwoord
Uit de uitleg moet blijken dat
- door de bebouwing op het strand minder zand naar het duingebied kan waaien, (oorzaak)
- waardoor de duinen minder goed kunnen (blijven) aangroeien. (gevolg)

Gebruik bron 18.
In het westen van Schouwen-Duiveland heeft zich strandtoerisme ontwikkeld. Ten noorden van Renesse is echter veel meer strandtoerisme dan bij de stranden ten westen van Burgh-Haamstede.
Vraag 27 2 punten
Leg vanuit de dimensie natuur uit dat strandtoerisme ten noorden van Renesse veiliger is dan strandtoerisme ten westen van Burgh-Haamstede.
Je uitleg moet een oorzaak-gevolgrelatie bevatten.
Bekijk het antwoord
Een voorbeeld van een juiste uitleg is:
- De zee ten noorden van Renesse ligt (in tegenstelling tot de zee bij de stranden ten westen van Burgh-Haamstede) in de luwte / aan de lijzijde van het westelijk deel van Schouwen-Duiveland, (oorzaak)
- waardoor de zee daar rustiger is / een minder sterke stroming heeft / minder golfslag heeft (en er veilig gezwommen kan worden). (gevolg)

Grote Bosatlas 56e editie kaartblad 22/23
Gebruik bron 18 en de kaart Zuid-Nederland in het kaartenkatern.
Na de aanleg van de Brouwersdam ontstonden in het Grevelingenmeer geen nieuwe zandplaten meer. In de Oosterschelde ontstaan nog wel nieuwe zandplaten.
Vraag 28 3 punten
Beschrijf in drie stappen waardoor in de Oosterschelde nog wel nieuwe zandplaten ontstaan.
Bekijk het antwoord
Uit de beschrijving moet blijken dat
- de Oosterscheldekering (in tegenstelling tot de Brouwersdam) een open waterkering is,
- waardoor het zeewater (in tegenstelling tot bij het Grevelingenmeer) bij eb en vloed (nog steeds) in en uit de Oosterschelde kan stromen,
- waardoor in de Oosterschelde (nog steeds) erosie en sedimentatie plaatsvinden (waardoor zandplaten kunnen ontstaan).
De stad als gezonde leefomgeving
Bij deze opgave horen de bronnen 19 tot en met 22.
bron 19
Levensverwachting in Utrecht
De gemiddelde levensverwachting in de stad Utrecht is 81,3 jaar. Uit geografische analyses van de stad Utrecht blijkt dat er tussen wijken grote verschillen bestaan in levensverwachting. Deze verschillen zijn onder andere te verklaren door sociaal-economische verschillen tussen de wijken.
Doordat grootschalige herstructureringsprojecten uitgevoerd zijn, wordt aanbevolen om deze onderzoeken niet meer op wijkniveau uit te voeren, maar op een ander schaalniveau.


Gebruik de bronnen 19 en 20.
Tussen stadswijken bestaan verschillen in gezondheid en in levensverwachting.
Vraag 29 2 punten
Beredeneer vanuit de economische dimensie waarom het verschil in levensverwachting tussen wijken groot kan zijn.
Bekijk het antwoord
Een voorbeeld van een juiste redenering is:
- Het gemiddelde inkomen / De welvaart tussen wijken verschilt,
- zodat de toegang tot gezond eten / sportvoorzieningen / gezondheidszorg / woningen met een gezond binnenmilieu voor minder welvarende inwoners beperkter kan zijn.
bron 21
De stad als gezonde leefomgeving
De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) is de belangenorganisatie en het kennisplatform voor alle Nederlandse gemeenten. De VNG helpt gemeenten om de Omgevingswet uit te voeren door advies te geven over het nemen van maatregelen (zie bron 22). De Omgevingswet heeft onder andere als doel het beschermen en het bevorderen van een gezonde leefomgeving.


maatregelen in de leefomgeving
- 1 verkeersveiligheid
- 2 brede en veilige (snel)fiets- en voetpaden
- 3 oriëntatie vanuit woning op de straat (veilige leefomgeving)
- 4 toegankelijke ontmoetingsplekken (buurthuis, publieke bankjes)
- 5 kwalitatief hoogwaardig groen met wateropvang
- 6 bouwen met CO$_2$ absorberend materiaal
- 7 ruimte voor sport en spel (speeltuin/beweegplein)
- 8 bescherming tegen schadelijke verkeerseffecten (geluid, lucht, geur)
- 9 rookvrije woonomgeving (inclusief haardvuur)
- 10 faciliteren en stimuleren elektrisch vervoer
- 11 gezond binnenmilieu in woningen en schoolgebouwen
- 12 schone en veilige leefomgeving
- 13 openbare ruimte die uitnodigt om te lopen
- 14 nabijheid van voorzieningen
- 15 voorzieningen op begane grond
- 16 beweegvriendelijke openbare ruimte en toegankelijke gebouwen
- 17 groene daken
- 18 rustige verblijfplek bij de woning
- 19 volksmoestuin/stadslandbouw
- 20 gezonde schoolomgeving
- 21 lokale (digitale) steunpunten
- 22 stimuleren en faciliteren maatschappelijke initiatieven
- 23 goed bereikbare OV-voorzieningen
- 24 fruitbomen langs de straat
- 25 monitoring indicatoren gezonde leefomgeving
Gebruik de bronnen 21 en 22.
De maatregelen 7 en 19 kunnen de sociale cohesie in een wijk versterken, maar ze kunnen ook een risico vormen voor de leefbaarheid in de wijk.
Vraag 30 2 punten
Geef aan waarom deze maatregelen
- de sociale cohesie in een wijk kunnen versterken; (1 punt)
- ook een risico kunnen vormen voor de leefbaarheid in een wijk. (1 punt)
Bekijk het antwoord
- Uit het antwoord moet blijken dat met deze maatregelen plekken worden gecreëerd waar mensen elkaar (kunnen) ontmoeten.
Voorbeelden van een juist antwoord zijn:
- Volkstuinen / speeltuinen / beweegpleinen kunnen (bij slecht onderhoud) makkelijk verpauperen / in verval raken.
- Volkstuinen / speeltuinen / beweegpleinen kunnen zorgen voor een onoverzichtelijke inrichting van de openbare ruimte.
Gebruik bron 22.
De maatregelen 5, 17 en 24 beperken de gevolgen van klimaatverandering in de stad.
Vraag 31 2 punten
Geef twee manieren waarop deze maatregelen de gevolgen van klimaatverandering beperken.
Bekijk het antwoord
Voorbeelden van juiste manieren zijn:
- In een groene leefomgeving wordt tijdens extreme regenval water beter vastgehouden.
- Een groene leefomgeving heeft tijdens hittegolven / extreem hoge temperaturen een verkoelend effect in de stad.
per juiste manier: 1 scorepunt
Maatregel 10 (zie bron 22) is een onderdeel van de energietransitie. De energietransitie heeft niet alleen invloed op de stad, maar ook op de ruimtelijke inrichting van landelijke gebieden.
Vraag 32 1 punt
Geef een gevolg van de energietransitie voor de ruimtelijke inrichting van landelijke gebieden in Nederland.
Bekijk het antwoord
Een voorbeeld van een juist antwoord is: in landelijke gebieden worden windmolenparken / zonnepanelenparken aangelegd.
Ruimtelijke gezondheidsanalyses worden meestal uitgevoerd op wijkniveau (zie bron 19). Gezien de herstructureringsprojecten van de laatste twintig jaar is het zinvoller om ruimtelijke (gezondheids)analyses uit te voeren op een ander schaalniveau.
Vraag 33 2 punten
Beredeneer waarom ruimtelijke analyses in wijken waar herstructurering plaatsgevonden heeft, zinvoller zijn als ze op een ander schaalniveau worden uitgevoerd.
Bekijk het antwoord
Een voorbeeld van een juiste redenering is:
- Bij veel herstructureringsprojecten de laatste twintig jaar werden binnen een wijk verschillende woningtypes gebouwd,
- zodat bij een ruimtelijke (gezondheids)analyse op wijkniveau de sociaal-economische verschillen op straatniveau niet naar voren komen.
Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen vwo Aardrijkskunde 2026, tijdvak 1. Figuren en de exacte opmaak staan in het originele examen.
Andere examens aardrijkskunde vwo
- 2026, tijdvak 2
- 2025, tijdvak 1
- 2025, tijdvak 2
- 2024, tijdvak 1
- 2024, tijdvak 2
- 2023, tijdvak 1
- 2023, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 1
- 2022, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 3
- 2021, tijdvak 1
- 2021, tijdvak 2
- 2021, tijdvak 3
- 2019, tijdvak 1
- 2019, tijdvak 2
- 2018, tijdvak 1
- 2018, tijdvak 2
Hoe ToetsChecker aardrijkskunde per vraagtype nakijkt, lees je op aardrijkskunde toetsen nakijken met AI.
Veelgestelde vragen
Hoeveel vragen heeft het eindexamen aardrijkskunde vwo 2026, tijdvak 1?
Het centraal examen aardrijkskunde vwo 2026, tijdvak 1 telt 33 vragen. De meeste vragen gaan over verstedelijking (6), endogene en exogene processen (6) en weer en klimaat (5).
Wat zijn de antwoorden van het examen aardrijkskunde vwo 2026, tijdvak 1?
Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.
Waar vind ik het correctievoorschrift van aardrijkskunde vwo 2026, tijdvak 1?
Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2026/vwo/documenten/cse-1/vw-0131-a-26-1-c). Bij dit examen hoort ook een aanvulling op het correctievoorschrift.
Hoe oefen ik met het examen aardrijkskunde vwo 2026, tijdvak 1 en krijg ik feedback?
Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.