Eindexamen filosofie vwo 2022, tijdvak 3: vragen en antwoorden
Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: bron: NRC, Er is een nieuwe aristocratie gecreëerd, 2021, bron: Sandel, De tirannie van verdiensten, 2020, bron: Sandel, De tirannie van verdienste, 2020, Opgave 2 Voedsel, landbouw en de vrije markt, bron: Groene Amsterdammer, Klem in een onhoudbaar systeem, 2019, bron: De Correspondent, Er is een omwenteling nodig in de landbouw, 2018, hier, 2020, Opgave 3 Steward-ownership.
Het centraal examen filosofie vwo 2022, tijdvak 3 telt 24 vragen. De meeste vragen gaan over politieke filosofie (20), ethiek (3) en mens en techniek (1). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.
Onderwerpen in dit examen
| Onderwerp | Vragen | Aantal |
|---|---|---|
| Politieke filosofie | 1-10, 13-16, 18-23 | 20 |
| Ethiek | 11, 17, 24 | 3 |
| Mens en techniek | 12 | 1 |
Vergeleken met andere jaren
Vergeleken met de andere 17 examens filosofie vwo sinds 2018: dit examen vroeg meer over politieke filosofie (83% van de vragen, gemiddeld 19%). Minder over mens en techniek (4% van de vragen, gemiddeld 42%) en kennisleer (0% van de vragen, gemiddeld 18%).
Opgaven en correctievoorschrift
De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.
Oefenen als leerling
Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen filosofie vwo 2022, tijdvak 3 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.
Nakijken als docent
Start gratis vanaf deze pagina
Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen filosofie vwo 2022, tijdvak 3 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.
Laat de klas het examen maken
Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.
Geef de resultaten vrij
Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.
ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.
Vragen en antwoorden
Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen filosofie vwo 2022, tijdvak 3. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.
bron: NRC, Er is een nieuwe aristocratie gecreëerd, 2021
Heij ziet een aristocratie als een onrechtvaardige samenleving. Plato en Aristoteles zagen een vorm van aristocratie als de beste samenlevingsvorm.
Vraag 1 1 punt
Leg uit in welk opzicht in Plato’s ideale staat een rechtvaardige samenleving gebaseerd is op ongelijkheid.
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat een uitleg dat in Plato’s ideale staat een rechtvaardige samenleving gebaseerd is op ongelijkheid voor zover deze uitgaat van een hiërarchische ordening waarin iedereen zich moet schikken in de plaats die hem toekomt. voorbeeld van een goed antwoord: Plato’s ideale staat is gebaseerd op een duidelijke verdeling in standen. Iedereen komt op de positie terecht die het best past bij zijn of haar natuur. Iedere stand dient zijn bijdrage te leveren aan het geheel. Zo komt een rechtvaardige samenleving tot stand. Juist dankzij de ongelijkheid tussen menselijke naturen kunnen volgens Plato de verschillende functies in de samenleving goed vervuld worden. (1)
Aristoteles onderscheidt verschillende goede samenlevingsvormen, namelijk een monarchie, een aristocratie en een politeia. Tegenover de politeia staat de democratie.
Vraag 2 3 punten
Leg met het begrip ‘deugd’ uit dat volgens Aristoteles een politeia een betere samenlevingsvorm is dan een democratie. Leg vervolgens de overeenkomst en het verschil uit tussen Aristoteles’ politeia en de aristocratie in tekst 1.
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg met Aristoteles’ begrip van de deugd dat een politeia een betere samenlevingsvorm is dan een democratie: in een democratie gelden de willekeur en mening van allen, terwijl een politeia geleid wordt door het verstandige inzicht van een deugdelijke elite (1) • een uitleg van de overeenkomst tussen Aristoteles’ politeia en de aristocratie in tekst 1, met het onderscheid tussen elite en massa (1) • een uitleg van het verschil tussen Aristoteles’ politeia en de aristocratie in tekst 1, met de mens als gemeenschapswezen / het ontwikkelen van deugden (1) voorbeeld van een goed antwoord: • Volgens Aristoteles zijn er verschillende goede staatsvormen mogelijk, zoals een monarchie, een aristocratie of een politeia. Maar al deze vormen kunnen ontaarden als de betreffende machthebbers niet handelen volgens de deugd. Zo wordt een politeia bestuurd door een elite van mensen die handelen vanuit de deugd, terwijl in een democratie de wil en de mening van iedereen telt, ook van mensen die niet handelen vanuit de deugd (1) • In tekst 1 is een aristocratie een samenleving waarin je kansen bepaald worden door het opleidingsniveau van je ouders. Zo ontstaat een elite van hoogopgeleiden die haar maatschappelijke positie via het onderwijs in stand houdt. Dat is ook zo in Aristoteles’ politeia, die bestuurd wordt door een elite van deugdelijk gevormde burgers. Voor de massa is zo’n positie niet haalbaar, omdat je daarvoor een goede opvoeding en genoeg middelen nodig hebt en je wieg op de goede plek moet staan. In beide samenlevingen is er een zichzelf in stand houdende elite die de meeste invloed over de samenleving kan uitoefenen (1) • Een verschil is dat het in Aristoteles’ politeia om iets heel anders gaat dan om het soort aristocratie in tekst 1. In Aristoteles’ opvatting ben je een gemeenschapswezen en kun je je alleen verwerkelijken via deugden die in relatie tot andere mensen worden uitgeoefend. In Aristoteles’ ideaal van e (3)
Een meritocratie is een samenleving waarin iemands maatschappelijke positie wordt bepaald door verdiensten (merites). Veel mensen vinden dit rechtvaardiger dan een samenleving waarin kansen afhangen van iemands afkomst. In een meritocratie begint iedereen met gelijke kansen om zichzelf te ontwikkelen, en de verschillen in maatschappelijke positie worden bepaald door wat ze met hun capaciteiten doen. Het ideaal van een meritocratie sluit aan bij de opvatting dat mensen autonome individuen zijn. Deze opvatting is in de moderniteit op verschillende manieren ingevuld.
Vraag 3 2 punten
Leg uit dat het ideaal van een meritocratie kan aansluiten bij de opvatting van het autonome individu van:
- het protestantisme, en
- het existentialisme.
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg dat het ideaal van de meritocratie kan aansluiten bij de opvatting van het autonome individu van het protestantisme, dat uitgaat van gewetensvrijheid (1) • een uitleg dat het ideaal van de meritocratie kan aansluiten bij de opvatting van het autonome individu van het existentialisme, dat uitgaat van hoogst-individuele authenticiteit (1) voorbeeld van een goed antwoord: • Het protestantisme gaat uit van het autonome individu als individu dat de gewetensvrijheid moet hebben om een individuele relatie met God aan te gaan. Daarbij heb je de plicht om zo goed mogelijk te handelen naar Gods wil. Werk is daar een onderdeel van; werk geldt als roeping. Door hard te werken vanuit wat jou door God gegeven is, dien je God. Het idee dat hard werken verdienstelijk is, sluit aan bij het ideaal van de meritocratie, dat ervan uitgaat dat jouw verdienste bestaat in wat jij met jouw talenten doet (1) • Het existentialisme vat de autonomie van het individu op als individuele zelfexpressie. Je bent een autonoom individu als je op authentieke wijze je eigen leven zelf vormgeeft. Dat sluit aan bij meritocratie in zoverre je het hoogst haalbare bereikt door te werken aan jouw individuele capaciteiten (1) (2)
bron: Sandel, De tirannie van verdiensten, 2020
Volgens Sandel is een meritocratie een onrechtvaardige samenleving. In het debat tussen liberalisme en communitarisme geldt Sandel als een communitaristische filosoof.
Vraag 4 2 punten
Leg uit van welke opvatting van rechtvaardigheid het communitarisme uitgaat, met:
- het begrip ‘dikke moraal’, en
- tekst 2.
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg met het begrip ‘dikke moraal’, georiënteerd op een gemeenschapsidee, dat het communitarisme uitgaat van rechtvaardigheid als verantwoordelijkheid van het individu voor de gemeenschap / van de gemeenschap voor het individu (1) • een uitleg dat het communitarisme uitgaat van rechtvaardigheid als solidariteit met Sandels opvatting in tekst 2 dat mensen in een rechtvaardige samenleving solidair zijn met elkaar (1) voorbeeld van een goed antwoord: • Het communitarisme gaat uit van een dikke moraal met een gedeeld idee over wat het betekent om met elkaar in een gemeenschap te leven. Daar past een opvatting van rechtvaardigheid bij die gebaseerd is op solidariteit en gedeelde verantwoordelijkheid: de gemeenschap is rechtvaardig als die zorgdraagt voor iedereen in de samenleving en individuen handelen rechtvaardig als zij niet alleen uitgaan van hun eigen belang maar verantwoordelijkheid nemen voor de gemeenschap (1) • Sandel zegt in tekst 2 dat een meritocratie leidt tot minder solidariteit in de samenleving en dat de ‘winnaars’ neerkijken op de ‘verliezers’ die toevallig wat minder talentvol zijn. Een rechtvaardige samenleving is volgens hem dus een samenleving waarin de gemeenschap zich verantwoordelijk voelt om zorg te dragen voor het goede leven van iedereen (1) (2)
Onderstaande afbeeldingen 1 en 2 verbeelden elk een ander begrip van rechtvaardigheid. Critici van de meritocratie koppelen het meritocratische ideaal aan afbeelding 1, terwijl volgens hen afbeelding 2 een rechtvaardiger samenleving verbeeldt. Of een meritocratie rechtvaardig is, hangt af van principiële vragen over gelijkheid, vrijheid en verantwoordelijkheid.
afbeelding 1 afbeelding 2
Voorstanders van een meritocratie zullen het niet eens zijn met de manier waarop het ideaal van een meritocratie in afbeelding 1 wordt weergegeven.
Vraag 5 2 punten
Leg uit dat afbeelding 1 en 2 uitgaan van een ander begrip van rechtvaardigheid. Geef vervolgens met de waarden vrijheid en verantwoordelijkheid een kritiekpunt op de weergave van een meritocratie in afbeelding 1.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg dat afbeelding 1 uitgaat van een begrip van rechtvaardigheid als gelijke uitgangssituatie, terwijl afbeelding 2 uitgaat van een begrip van rechtvaardigheid als gelijke uitkomsten (1) • een weergave met de waarden vrijheid en verantwoordelijkheid van een kritiekpunt op de weergave van een meritocratie in afbeelding 1 (1) voorbeeld van een goed antwoord: • In afbeelding 1 staan de drie figuren op hetzelfde kratje. Volgens deze afbeelding is het rechtvaardig als alle drie een gelijke uitgangssituatie hebben om bij de appels te komen. Alleen kan de een er beter bij dan de ander. In afbeelding 2 kunnen ze alle drie even goed bij de appels, maar zijn de kratjes niet gelijk. Afbeelding 1 gaat dus uit van rechtvaardigheid als een gelijke uitgangssituatie terwijl afbeelding 2 rechtvaardigheid opvat als dezelfde uitkomst (1) • Een meritocratie draait om wat jij met jouw capaciteiten van het leven kunt maken. En naar die verdiensten word je beloond. In een meritocratie staan de waarden vrijheid en verantwoordelijkheid centraal. Je hebt de vrijheid om je eigen leven zo vorm te geven zoals jij wilt en kan, en je bent vervolgens ook zelf verantwoordelijk voor wat je daar mee doet. Afbeelding 1 doet echter alsof er helemaal geen vrijheid en verantwoordelijkheid zijn. Waarom pakt de rechter figuur niet gewoon een extra kratje om er beter bij te kunnen? Of gaat hij op de schouders van een van de anderen zitten? Of maakt hij een ladder om in de boom te klimmen? Afbeelding 1 stelt mensen voor als tamelijk passief terwijl ze juist in een meritocratie zelf actief iets van hun leven kunnen maken (1) (2)
Vraag 6 1 punt
Beargumenteer met een definitie van rechtvaardigheid of een meritocratie volgens jou het goede leven mogelijk maakt.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat een argumentatie met een definitie van rechtvaardigheid of een meritocratie het goede leven mogelijk maakt. voorbeeld van een goed antwoord: − Ik definieer rechtvaardigheid als ‘ieder krijgt wat hem toekomt’. Een situatie is rechtvaardig als jij krijgt wat je eerlijk hebt verdiend en onrechtvaardig als je dat niet of onterecht krijgt. Daarom vind ik een meritocratie ook een rechtvaardige samenleving. Hard werken en iets van je leven proberen te maken worden daarin beloond met succes. Er is volgens mij pas sprake van het goede leven als je dat zelf actief hebt gecreëerd. Als eigen verdienste geen rol zou spelen zouden we overgeleverd zijn aan toeval. of − Ik vind het onrechtvaardig dat je geen maatschappelijk succesvol leven zou kunnen leiden, of daar veel harder voor moet werken dan anderen die meer bevoorrecht zijn, als jij toevallig de pech hebt dat je niet zo getalenteerd bent of dat je onder moeilijke omstandigheden moet opgroeien. Een meritocratie gaat er al te gemakkelijk vanuit dat iedereen even goed in staat is om tot dezelfde succesvolle uitkomst te komen, als je maar allemaal met dezelfde basissituatie begint. Maar niet iedereen is daartoe in staat. Ik versta onder rechtvaardigheid dat iedereen in staat moet zijn een goed leven te kunnen leiden, en een meritocratie voldoet daar wat mij betreft niet aan. (1)
bron: Sandel, De tirannie van verdienste, 2020
Critici noemen de meritocratie ook wel een prestatiemaatschappij.
Vraag 7 3 punten
Geef de paradox van de verwerkelijking van de vrijheid via de vrije markt in de prestatiemaatschappij weer. Beargumenteer vervolgens:
- of je het met Sandel eens bent dat de waarde van werk niet via de vrije markt bepaald moet worden, en
- of Sandels pleidooi in tekst 3 volgens jou een oplossing biedt voor de paradox van de verwerkelijking van de vrijheid via de vrije markt in de prestatiemaatschappij.
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
- Ik denk dat de vrije markt de beste manier is om de waarde van werk te bepalen. Elke andere manier, van centrale planeconomie tot theocratische dictatuur, heeft grandioos gefaald, omdat dit altijd uitmondt in geweld en onderdrukking. De vrije markt is de enige democratische, geweldloze manier om vast te stellen wat mensen van waarde vinden en welk werk dus ook als waardevoller wordt gezien. Dat praktische arbeid door de vrije markt lager gewaardeerd wordt dan universitair geschoold werk, komt doordat we in een hooggekwalificeerde kenniseconomie leven (1p)
- Ik zie dan ook niet hoe Sandel in tekst 3 een oplossing biedt voor de paradox van de prestatiemaatschappij. De vrije markt is namelijk de manier waarop de gemeenschap met zichzelf communiceert over welke doelen zij heeft en wat van waarde is. En als Sandel een andere vorm voor ogen heeft
- en hoe dan precies?
- zal de uitkomst waarschijnlijk niet veel anders zijn dan die nu al is. Dus ofwel Sandel lost de paradox niet op: ook na zo’n gemeenschappelijk gesprek over wat van waarde is, is het nog steeds jouw individuele vrijheid en onvrijheid om daaraan mee te doen. Ofwel Sandel lost de paradox op door de vrijheid weg te nemen om zelf verantwoordelijk te zijn voor de waarde van wat je doet. Als de samenleving van bovenaf gaat bepalen wat waardevol is, blijft er geen vrijheid meer over voor het individu, dan is er alleen nog maar onvrijheid. Dat is natuurlijk wel een manier om de paradox op te lossen, maar zo’n communitaristische heilstaat lijkt me vanuit het oogpunt van individuele vrijheid niet bepaald aantrekkelijk (1)
Opgave 2 Voedsel, landbouw en de vrije markt
Voedsel en landbouw staan hoog op de politieke agenda. De problemen van grootschalige intensieve landbouw stapelen zich op: stankoverlast, vervuiling door pesticiden, extreem waterverbruik en stikstofuitstoot. Volgens filosoof Michiel Korthals is intensieve landbouw niet alleen een aanslag op de natuur, maar ook op onze kwaliteit van leven. En dat komt volgens hem doordat voedsel en de vrije markt niet samengaan. Korthals vindt dat het Europese landbouwbeleid jarenlang te veel gericht is geweest op de economische belangen van de intensieve landbouw en te weinig op zorg voor onze gezondheid, het milieu en dieren. Volgens Joan Tronto is met de scheiding tussen de private en de publieke sfeer de politiek beperkt tot een economisch discours. Bovendien moet zorg volgens haar een publieke taak zijn.
Vraag 8 2 punten
Leg deze twee opvattingen van Tronto uit met Korthals’ kritiek op het Europese landbouwbeleid.
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg met Korthals’ opvatting over het Europese landbouwbeleid dat volgens Tronto met de scheiding tussen de private en de publieke sfeer de politiek beperkt wordt tot een economisch discours: zorg is naar de privésfeer verdrongen en de publieke sfeer is verzakelijkt, zoals het landbouwbeleid, dat alleen is gericht op economische belangen van efficiëntie en vooruitgang (1) • een uitleg met Korthals’ opvatting over het Europese landbouwbeleid dat zorg volgens Tronto een publieke taak moet zijn: in de publieke sfeer zijn ook domeinen waar zorg geboden is, zoals het Europese landbouwbeleid (1) voorbeeld van een goed antwoord: • Volgens Tronto is met de scheiding van de private en de publieke sfeer alles dat met zorg te maken heeft, teruggedrongen naar de privésfeer, zoals aandacht, kwetsbaarheid en vertrouwen. Zo is het publieke domein volgens Tronto verzakelijkt en gaat het in ‘de politiek’ alleen nog over efficiëntie, resultaat en vooruitgang. Dit economisch discours beperkt het publieke domein, zoals in Korthals’ opmerking dat het in het Europese landbouwbeleid alleen nog maar over economische belangen gaat (1) • Met die scheiding lijkt volgens Tronto dus alle zorg verdwenen uit de publieke sfeer, terwijl er ook in de publieke sfeer juist domeinen zijn waarin sprake is van zorg. Bijvoorbeeld de ‘zorg om de gezondheid van mens, milieu en dier’ in het landbouwbeleid, waar Korthals op wijst (1) (2)
bron: Groene Amsterdammer, Klem in een onhoudbaar systeem, 2019
Uit tekst 4 spreekt kritiek op instituties. Ook vanuit het structuralisme is kritiek op instituties mogelijk.
Vraag 9 2 punten
Leg uit van welke opvatting van instituties het structuralisme uitgaat. Geef vervolgens met tekst 4 een kritiekpunt op instituties vanuit het structuralisme.
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg van de opvatting over instituties vanuit het structuralisme: de mens wordt bepaald door een dominant systeem van instituties (1) • een kritiekpunt vanuit het structuralisme op instituties met tekst 4: boeren worden gedwongen volgens het dominante systeem van marktwetten te werken (1) voorbeeld van een goed antwoord: • Instituties zijn gedeelde handelingspatronen, zoals scholen en bedrijven. Daarbinnen hebben mensen mogelijkheden. Het structuralisme houdt in dat de mens bepaald wordt binnen een dominant systeem. Vanuit deze opvatting zijn instituties het dominante systeem dat de mens bepaalt (1) • In tekst 4 zitten boeren klem in een machtig systeem van instituties (zoals mammoetbedrijven en de overheid) waar de marktwetten regeren. In dat dominante institutionele systeem wordt de individuele boer met persoonlijke wensen, zoals kleinschalig landbouwen, vermorzeld. Instituties bepalen dus niet alleen, ze sluiten ook uit. Ze vormen een systeem waarbinnen wordt bepaald wat en wie ‘erbij’ horen en wat en wie niet (1) (2)
bron: De Correspondent, Er is een omwenteling nodig in de landbouw, 2018
Martha Nussbaum pleit voor de capabilities approach als het gaat om het goede leven.
Vraag 10 1 punt
Leg uit dat tekst 5 kan aansluiten bij Nussbaums capabilities approach.
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat een uitleg dat tekst 5 kan aansluiten bij Nussbaums capabilities approach omdat die gaat over mogelijkheden die de mens zou moeten kunnen ontwikkelen om tot een goed leven te komen. voorbeeld van een goed antwoord: Nussbaums capabilities approach houdt in dat een samenleving goed is georganiseerd als deze garandeert dat mensen een aantal mogelijkheden kunnen ontwikkelen die gegeven zijn met mens-zijn. Korthals’ criteria in tekst 5 om landbouw onder andere duurzaam en diervriendelijk te maken, sluiten bijvoorbeeld aan bij de mogelijkheid om zorg te dragen voor een leven in relatie met dieren en de natuurlijke omgeving. (1)
Een van de problemen van agro-ecologische landbouw is dat de oogst afhankelijk is van schommelingen in het ecosysteem, waardoor de opbrengst nog altijd lager is dan die van intensieve landbouw. Louise Fresco, bestuursvoorzitter van Wageningen University & Research, is om deze reden geen voorstander van agro-ecologische landbouw. Die zal volgens haar nooit genoeg opbrengen om de toekomstige tien miljard monden van de wereldbevolking te voeden. Ze wijst erop dat juist door intensieve landbouw ondervoeding wereldwijd is afgenomen van zestig naar elf procent, omdat basisvoedsel
- zoals fabrieksbrood
- goedkoop wordt geproduceerd. Fresco pleit voor een ecologische transitie waarbij intensieve landbouw met technologie nóg intensiever wordt. Genetische modificatie en het door drones en datasystemen optimaliseren van omstandigheden waarin gewassen kunnen groeien, zullen zowel de huidige vervuiling als de ecologische uitputting in de toekomst verminderen. Volgens Fresco kun je met technologische middelen ook bereiken dat consumenten niet vervreemd raken van voedsel dat mechanisch is geproduceerd. Via internet kan je als consument bij een industriële boer ‘jouw’ koe Sjoukje1 volgen en alleen haar melk bestellen. Korthals is een expliciete tegenstander van Fresco’s opvattingen. Hij wijst erop dat agro-ecologische landbouw nu al vervuiling en uitputting van de grond voorkomt en mogelijke vervreemding van voedsel tegengaat. Want de consument kan op het land zelf zien hoe de tomatenplanten groeien, welke insecten kwalijke ziektekiemen verjagen en hij kan zelf de tomaten oogsten. De manier waarop je kijkt naar een ecologische transitie zoals Fresco voorstelt, is afhankelijk van je opvatting over het goede leven.
Vraag 11 2 punten
Beargumenteer of jij het eens bent met Fresco’s opvatting over ecologische transitie met:
- een definitie van het goede leven met betrekking tot voedsel, met de dimensie lichaam, en
- een afweging tussen Fresco’s oplossing voor ‘vervreemding van voedsel’ en die van Korthals.
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
- Ik ben het ook eens met haar opvatting over ecologische transitie. Ecologische uitputting zal inderdaad via verdere technologische ontwikkelingen voorkomen kunnen worden, dat is een kwestie van tijd. Ik denk dus niet dat agro-ecologische landbouw de oplossing is omdat de opbrengst altijd lager zal zijn dan via technologie mogelijk is. Hierdoor zal nooit iedereen te eten krijgen en kunnen sommige mensen gewoon niet eten wat nodig is om hun lichaam in leven te houden. En een ‘band met je voedsel door zelf je tomaten te oogsten’, dat is echt iets voor mensen die zelf nog nooit honger hebben gehad en als er één rot plekje in die zelf geoogste tomaat zit, snel naar de supermarkt rennen om een gemanipuleerde tomaat te kopen. Dat heet opportunisme en heeft volgens mij niks met ‘een goed leven’ voor iedereen ter wereld te maken (1p)
Volgens Korthals maakt betrokkenheid bij het produceren van voedsel consumenten rijker als mens. Hij vindt dat het erom gaat dat de mens zichzelf verbindt met de bodem, de planten en de dieren. Vanuit deze opvatting van Korthals is de volgende stelling mogelijk: je bezighouden met hoe voedsel wordt geproduceerd is essentieel voor de vraag naar zin en betekenis. Bruno Latour keert zich in zijn benadering van de natuur tegen het subject-objectschema, dat volgens hem een theoretische constructie is die weinig te maken heeft met de praktijk.
Vraag 12 2 punten
Leg uit dat Latours benadering van de natuur een antwoord geeft op de vraag naar zin. Beargumenteer vervolgens met de hierboven genoemde stelling of jij het eens bent met dit antwoord van Latour op de vraag naar zin.
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg dat Latours benadering van de natuur een antwoord geeft op de vraag naar zin: zin en betekenis ontstaan in dynamische netwerken / verbondenheid tussen mens en natuur (1) • een argumentatie met de stelling dat ‘je bezighouden met hoe voedsel wordt geproduceerd essentieel is voor de vraag naar zin en betekenis’ over Latours antwoord op de vraag naar zin (1) voorbeeld van een goed antwoord: • In Latours benadering van de natuur zijn mens en natuur opgenomen in een groter geheel van steeds veranderende verbanden, netwerken. Betekenis, ook die van de natuur, is altijd verbonden met de praktijk en met omstandigheden waarin mensen en dingen bestaan. Met deze benadering wordt de vraag naar zin niet beantwoord in resultaten, opbrengsten of nut, maar in termen van een met elkaar verbonden geheel van steeds wisselende betekenissen (1) • Ik ben het hiermee eens. Als we bijvoorbeeld voedsel alleen gebruiken om voedingsstoffen in onze mond te stoppen, dan verliezen we een aspect van ‘zin’. De betrokkenheid bij de manier waarop voedsel wordt geproduceerd en besef van de verschillende netwerken waarin we als mens verbonden zijn met de natuur, geeft volgens mij een ervaring van geborgenheid in de natuur die ons voedt. Tegelijkertijd stelt dit ons voor de uitdaging om de natuur en onszelf niet uit te putten, maar gezamenlijk in balans te blijven (1) of • Ik ben het hier niet mee eens. De vraag naar zin gaat voor mij over innerlijke, spirituele groei. Ik denk dat je daarin helemaal niet zo bewust bezig hoeft te zijn met jezelf verbinden met de aarde zoals Korthals zegt, om op die manier tot een besef van betekenis en verbondenheid met het geheel van de kosmos te komen. Ik denk dat bijvoorbeeld een tijd lang niet eten – vasten – pas echt tot een dieper, innerlijk en ook religieus besef van zin en betekenis zal leiden. Juist door ons van het aardse los te maken, kunnen we tot geestelijke, filosofische inzichten komen (1) (2)
Fresco denkt dat verdere mechanisering van intensieve landbouw meer natuur zal opleveren. Er zal minder landbouwgrond nodig zijn. Het overschot aan landbouwgrond zal volgens Fresco omgezet kunnen worden in natuur die mens en dier op een duurzame manier ten goede zullen komen. Door technologische innovatie zal er bovendien minder arbeid van boeren nodig zijn om evenveel voedsel te produceren. Daar staat tegenover dat de huidige mechanisering van landbouw leidt tot voedselverspilling. Ongeveer dertig procent van het voedsel dat wereldwijd wordt geproduceerd, wordt weggegooid. Karl Marx is er net als Fresco van overtuigd dat mechanisering tot minder arbeid zal leiden. Hij beschrijft het ideaal van animal laborans. Hannah Arendt heeft kritiek op dit ideaal van Marx.
Vraag 13 2 punten
Leg met deze kritiek van Arendt op Marx’ ideaal van animal laborans uit in welk opzicht Fresco en Arendt het niet met elkaar eens zouden zijn. Leg vervolgens uit in welk opzicht Fresco en Arendt het wel met elkaar eens zouden zijn over de natuur.
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg dat Arendt en Fresco het niet met elkaar eens zouden zijn, met Arendts kritiek dat Marx’ ideaal van animal laborans leidt tot een economie van verspilling: minder arbeidsintensieve voedselproductie door mechanisering (Fresco) zal er volgens Arendt niet toe leiden dat mensen zich in hun vrije tijd met (hogere) activiteiten gaan bezighouden, maar houdt de cirkel van produceren en consumeren in stand en leidt tot een economie van verspilling (1) • een uitleg dat Arendt en Fresco het wel met elkaar eens zouden zijn over de natuur: de natuur moet niet louter worden gebruikt voor consumptie (1) voorbeeld van een goed antwoord: • Marx’ ideaal van de animal laborans houdt in dat arbeid zo kan worden teruggedrongen dat er tijd overblijft om aan ‘hogere activiteiten’ te besteden. Maar volgens Arendt zal die extra tijd worden gebruikt om meer te produceren en te consumeren. Het opschroeven van voedselproductie door mechanisering zoals Fresco wil, zal volgens Arendt dus niet uit de cirkel van produceren en consumeren komen en blijven leiden tot een economie van verspilling. Daarin wordt er meer voedsel geproduceerd voor mensen die dat uiteindelijk toch niet allemaal opeten, zoals er ook nu voedselverspilling bestaat naast problemen van ondervoeding (1) • Aan de andere kant levert de mechanisering volgens Fresco juist meer natuur op die mens en dier duurzaam ten goede zal komen. Natuur die dus niet gebruikt zal worden voor voedselconsumptie en nog meer voedselconsumptie. Arendt en Fresco zouden het op dit punt met elkaar eens kunnen zijn, omdat de natuur volgens Arendt voorwaarde is voor leven en het ‘materiaal’ dat voor mensen hun duurzame ‘tehuis’ vormt (1) (2)
hier, 2020
Korthals ziet lokaal je eigen voedsel verbouwen als een plicht. Volgens Locke hebben mensen van nature bepaalde rechten en plichten die met elkaar verbonden zijn.
Vraag 14 2 punten
Leg uit op basis waarvan natuurlijke rechten en plichten volgens Locke met elkaar verbonden zijn. Leg vervolgens met tekst 6 een voorbeeld van zo’n natuurlijk verbonden recht en plicht van Locke uit.
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg dat volgens Locke natuurlijke rechten zijn verbonden met plichten op basis van gelijkheid: omdat iedereen gelijk is, is het recht van de een de plicht van de ander (1) • een uitleg met tekst 6 van een voorbeeld van zo’n verbonden recht en plicht van Locke: recht op bezit geldt ook voor lokale Afrikaanse boeren en is dus verbonden met de plicht genoeg land voor iedereen over te laten / recht op leven van Afrikaanse boeren is alleen mogelijk als westerse boeren hen niet schaden (1) voorbeeld van een goed antwoord: • Rechten en plichten zijn volgens Locke met elkaar verbonden omdat ze zijn gebaseerd op gelijkheid als grondbeginsel. Iedereen is gelijk en heeft op basis daarvan dezelfde rechten, waardoor iedereen automatisch bijbehorende plichten heeft en vice versa (1) • Dit zie je terug in tekst 6. Intensieve landbouw in Afrika waarvan de opbrengst voor westerse landen is – ten koste van de lokale voedselproductie in Afrika – laat zien dat het recht op bezit niet ten koste zou moeten gaan van de plicht om te zorgen dat een ander ook via zijn arbeid eigen voedselbezit kan verwerven (1) of • De plicht om elkaar in het algemeen niet te schaden zou een situatie als die in Afrika in tekst 6 onmogelijk maken. Want het verdringen van lokale Afrikaanse boeren die de bevolking voeden, ontneemt deze mensen het recht op leven en gezondheid (1) (2)
Fresco (vergaande mechanisering van intensieve landbouw om alle toekomstige monden te voeden) en Korthals (lokale agro-ecologische landbouw die meebeweegt met natuurlijke schommelingen) nemen verschillende posities in als je het produceren van voedsel bekijkt vanuit de vijf argumenten in het milieudebat. Martha Nussbaum onderscheidt twee strategieën voor omgaan met kwetsbaarheid en afhankelijkheid in het menselijk leven. Beide strategieën kun je toepassen op de kwestie van voedselproductie.
Vraag 15 5 punten
Leg voor Korthals uit:
- bij welk argument uit het milieudebat hij aansluit, en
- welke strategie van Nussbaum hij gebruikt. Leg vervolgens voor Fresco uit:
- bij welk argument uit het milieudebat zij aansluit, en
- welke strategie van Nussbaum zij gebruikt. Beargumenteer tot slot met een afweging van beide argumenten en beide strategieën met wie jij het meer eens bent, met Korthals of met Fresco.
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
- Ik ben het eens met Fresco. Ik denk dat deep ecology mooier klinkt dan het is. Filosofisch je houding als mens tot de wereld veranderen is vooral op papier prachtig, maar in de praktijk levert agro-ecologische landbouw nog niet dezelfde hoeveelheid voedsel op als intensieve landbouw. Aangezien er nog altijd mensen sterven van de honger, lijkt het me niet bepaald praktisch om met ‘bijna’-oplossingen te gaan werken zoals meebewegen met veranderingen. De strategie van erkennen verdoezelt volgens mij de urgentie. Dus kies de strategie van het immuniseren en controleer wat er te controleren valt via mechanisering en verdere technologische vooruitgang van voedselproductie. En stel in ieder geval veilig dat toekomstige generaties het wereldwijd beter hebben dan nu het geval is (1) of
- Ik ben het eens met Korthals. Ik vind controle en efficiëntie door vergaande mechanisering zoals Fresco voorstelt eigenlijk best griezelig en ik vraag me af of de wereld daarmee wel menselijk kan blijven. Ik denk dat er juist geen ruimte zal komen voor een beter milieu en een duurzamere manier van leven als alles gemechaniseerd wordt. Ik denk eerder dat als de hele wereld gevoed wordt door mechanisch geproduceerd eten, de mens volledig vervreemdt van een van zijn basale menselijke behoeftes en verbindingen. Bovendien vind ik het veiligstellen van voldoende voedselproductie voor volgende generaties echt een veel te magere ambitie. Ik denk dat Korthals met zijn idee over het werkelijk omvormen van de verhouding die wij door techniek en overconsumptie hebben tot de wereld inderdaad een bepaalde vorm van vervreemding tegengaat die wij van onszelf hebben. Daarbij vind ik de strategie van erkennen ook veel meer recht doen aan wat wij mensen in de kern zijn: afhankelijke wezens in een onstuimige en veranderlijke wereld die moeten eten om te overleven (1p)
Opgave 3 Steward-ownership
Volgens sommigen is het de oorzaak van veel leed in onze samenleving: winstmaximalisatie. Bedrijven die alleen winst voor de aandeelhouder najagen, zouden daarmee de samenleving en de planeet ontwrichten. Een kledingfabrikant die bijvoorbeeld sterk gericht is op het maken van winst, neemt volgens deze visie het creëren van afval of slechte arbeidsomstandigheden voor lief. Zo is het verbouwen van katoen met behulp van pesticiden nu eenmaal goedkoper dan de milieuvriendelijke alternatieven. Volgens Georg Hegel hoeven winst en belangen van het individu dankzij corporaties niet op gespannen voet te staan met de belangen van de samenleving.
Vraag 16 2 punten
Leg dit uit met het voorbeeld van een kledingfabrikant. Beargumenteer vervolgens met het begrip ‘vrijheid’ of jij het eens bent met Hegels opvatting dat corporaties het streven naar winstmaximalisatie tegengaan.
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
- Het idee van een corporatie als een ‘tweede familie’ roept bij mij associaties op met de maffia, waarin de vrijheid van het individu juist volledig ondergeschikt is aan een dwingend groepsverband. Daar zie je bovendien dat samenwerkingsverbanden zeker geen meerwaarde voor de samenleving hoeven te zijn. Ik ben het dan ook niet eens met deze opvatting van Hegel over de bijdrage van corporaties aan de belangen van de samenleving. Volgens mij heeft Hegel een veel te idealistisch idee van corporaties als hij gelooft dat deze draaien om kwaliteit en vakmanschap. Corporaties kunnen net zo goed draaien om erkenning voor het meest genadeloze winstbejag, en kunnen dus zelfs leiden tot maffiapraktijken en onvrijheid (1p)
Om de nadelige effecten van winstmaximalisatie tegen te gaan is het bedrijfsmodel ‘steward-ownership’ ontwikkeld. Hierbij verandert de eigenaar van een bedrijf in een steward. Die doet afstand van de winst en van het bedrijf zelf en bewaakt alleen nog de maatschappelijke missie ervan, bijvoorbeeld duurzaam kleding produceren of lekker en gezond brood bakken. Investeerders in het bedrijf, bijvoorbeeld aandeelhouders, ontvangen een winstuitkering, maar hebben geen zeggenschap over de koers. De steward ontvangt een gewoon salaris zonder winstuitkering, maar bepaalt wel de koers van het bedrijf. Steward-owned bedrijven zijn niet gericht op snelle winst, wat ze volgens voorstanders op de lange termijn financieel gezonder en stabieler maakt. Daarom zou het voor aandeelhouders interessant blijven om te investeren, ook al hebben ze geen zeggenschap meer over de koers van het bedrijf. Volgens Alasdair MacIntyre moeten praktijken worden beschermd tegen corrumperende effecten van buitenaf. Steward-ownership is een manier om de praktijk van een bedrijf te beschermen tegen de corrumperende effecten van de vrije markt.
Vraag 17 2 punten
Leg dit uit met het onderscheid tussen interne en externe goederen. Leg vervolgens met dit onderscheid uit dat het volgens MacIntyre van belang blijft dat stewards deugden ontwikkelen.
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg met het onderscheid tussen interne en externe goederen dat steward-ownership een manier is om de praktijk van een bedrijf te beschermen tegen de corrumperende effecten van de vrije markt: door winst en zeggenschap te scheiden wordt bij steward-ownership de focus van bedrijven verlegd van het externe goed ‘geld’ naar de interne goederen van een praktijk (1) • een uitleg met het onderscheid tussen interne en externe goederen dat het volgens MacIntyre van belang blijft dat stewards deugden ontwikkelen, omdat bepaalde externe goederen ook binnen steward- owned bedrijven kunnen leiden tot het verwaarlozen van de interne goederen (1) voorbeeld van een goed antwoord: • Door steward-ownership haal je de financiële prikkels weg bij degenen die over de koers van het bedrijf beslissen. De aandeelhouders krijgen een percentage winst op hun investering, maar hebben geen zeggenschap over de koers van het bedrijf. Door winst en zeggenschap te scheiden wordt bij steward-ownership de focus van bedrijven verlegd van het externe goed ‘geld’ naar de interne goederen van een praktijk, zoals duurzaamheid of de kwaliteit van het brood (1) • Volgens MacIntyre zijn de deugden moed, eerlijkheid en rechtvaardigheid nodig om een praktijk te beschermen tegen de externe goederen. Zonder die deugden kunnen mensen binnen een praktijk zwichten voor de verleidingen van bijvoorbeeld geld of status. Door steward-ownership wordt de praktijk enigszins afgeschermd tegen hebzucht, want er is voor stewards geen financiële prikkel om de interne goederen te verkwanselen, maar de verleiding van andere externe goederen bestaat nog steeds (1) (2)
Bord&Stift is een Nederlands bedrijf dat whiteboard-animaties maakt, waarmee ze ingewikkelde kwesties met tekeningen uitleggen. Als steward-owned bedrijf hebben zij hun missie vastgelegd: met hun werkwijze en filmpjes bijdragen aan positieve verandering in de wereld. Hoe dit vorm krijgt, is steeds onderwerp van discussie binnen Bord&Stift. Charlotte van Leeuwen, oprichtster en steward, vertelt dat dit bijvoorbeeld gebeurt door het maken van gratis filmpjes voor organisaties die zij willen steunen. Daarnaast is Van Leeuwen bezig met initiatieven van werknemers om gezonde banen te creëren, waarin mensen autonomie én vertrouwen krijgen, maar ook genoeg tijd en energie overhouden om bijvoorbeeld een goede vader of moeder te zijn. De werkwijze van Bord&Stift sluit beter aan bij het Rijnlandse model dan bij het Angelsaksische model, omdat Bord&Stift door de structuur van steward-ownership niet primair is gericht op winstmaximalisatie voor de aandeelhouders, maar op de belangen van de stakeholders.
Vraag 18 1 punt
Geef nog een andere reden waarom de werkwijze van Bord&Stift beter aansluit bij het Rijnlandse model dan bij het Angelsaksische model.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat een weergave van de (andere) reden waarom de werkwijze van Bord&Stift beter aansluit bij het Rijnlandse model dan bij het Angelsaksische model: het belang van moraal in plaats van recht. voorbeeld van een goed antwoord: Een kenmerk van het Rijnlandse model is een gemeenschappelijke cultuur, waaruit een gedeelde moraal voortvloeit. Bij Bord&Stift wordt voortdurend gediscussieerd over de missie en de manier waarop deze missie wordt vormgegeven. Zo steunt Bord&Stift bepaalde organisaties met gratis filmpjes, omdat deze organisaties volgens Bord&Stift bijdragen aan positieve verandering in de wereld. In het Angelsaksische model ligt het grootste accent daarentegen op recht. (1)
Vraag 19 1 punt
Beargumenteer met de neoklassieke (economische) opvatting over hebzucht en egoïsme wat volgens jou een beter bedrijfsmodel is, steward- ownership of het Angelsaksische model.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat een argumentatie met de neoklassieke (economische) opvatting dat hebzucht en egoïsme economische ontwikkeling aanjagen welk bedrijfsmodel beter is: steward-ownership of het Angelsaksische model. voorbeeld van een goed antwoord: − Ik denk dat steward-ownership een beter bedrijfsmodel is. Volgens de neoklassieke (economische) opvatting leiden hebzucht en egoïsme tot welvaart, omdat mensen harder gaan werken om hun verlangens te vervullen. Bovendien kunnen andere mensen geld verdienen door de behoeftes van deze mensen te vervullen, zo is de gedachte. Deze visie is ook terug te zien in het Angelsaksische model. Ik denk echter dat handelingen uit egoïsme en hebzucht veel kapot maken in een samenleving: kortetermijndenken, waardevernietiging door overnames, geen inspraak van belanghebbenden of zelfs van het eigen personeel. Een prima idee dus om geld minder leidend te laten zijn, zoals bij steward-ownership. of − Steward-ownership klinkt in eerste instantie prachtig, maar ik denk dat dit in de praktijk niet gaat werken. De neoklassieke (economische) opvatting over hebzucht en egoïsme geeft naar mijn idee een veel realistischer beeld van de motivatie van mensen; uiteindelijk leeft en werkt iedereen voor zijn eigen belangen. In het Angelsaksische model staat het streven naar winst centraal, voor het bedrijf als geheel, maar ook voor de individuele werknemers. Vaak wordt daar gewerkt met targets en bonussen, die mensen aanzetten tot harder werken. Bij steward-ownership zouden mensen gedreven moeten worden door de missie van het bedrijf. Misschien werkt dat voor een enkele idealist, maar de gemiddelde mens is toch meer geïnteresseerd in zijn eigen bankrekening, een mooi huis en een leuke auto. (1)
Van Leeuwen probeert bij Bord&Stift gezonde banen te realiseren. Marx bekritiseerde het kapitalistisme.
Vraag 20 1 punt
Leg met Marx’ opvatting van de rol van kapitaal uit dat je de gezonde banen bij Bord&Stift positief zou kunnen beoordelen.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat een uitleg met Marx’ opvatting van de rol van kapitaal als een doel op zich dat je de gezonde banen bij Bord&Stift positief zou kunnen beoordelen omdat die niet leiden tot uitbuiting van de arbeider. voorbeeld van een goed antwoord: In het kapitalisme is volgens Marx geld een eigen macht en een doel op zich geworden. Daarmee is ook arbeid een middel geworden voor de vermeerdering van het kapitaal. De gezonde banen bij Bord&Stift kunnen ontstaan omdat er geen sprake meer is van dwingende kwartaalopbrengsten. En aangezien deze banen ook nog leiden tot goede levensomstandigheden en gepaard gaan met autonomie en vertrouwen, zou je dat positief kunnen beoordelen. (1)
Vanuit Marx’ opvatting zou je elke vorm van loonarbeid, gezond of ongezond, in een kapitalistisch systeem ook kunnen bekritiseren.
Vraag 21 2 punten
Leg dit uit met:
- Marx’ gedachte dat de sociaal-economische positie van mensen bepalend is voor hun bewustzijn, en
- de rol van loonarbeid in de klassenstrijd.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg met Marx’ gedachte dat de sociaal-economische positie van mensen bepalend is voor hun bewustzijn, dat je elke vorm van loonarbeid in een kapitalistisch systeem vanuit de opvatting van Marx zou kunnen bekritiseren: de loonarbeider blijft onbewust van de ongelijkheid in de klassenverhoudingen (1) • een uitleg met de rol van loonarbeid in de klassenstrijd dat je elke vorm van loonarbeid in een kapitalistisch systeem vanuit Marx’ opvatting zou kunnen bekritiseren: zelfs als de loonarbeider tevreden is met de loonarbeid, blijft er ongelijkheid bestaan (1) voorbeeld van een goed antwoord: • Vanuit Marx’ opvatting kun je elke vorm van loonarbeid in een kapitalistisch systeem bekritiseren. De sociaal-economische positie van mensen is volgens Marx namelijk bepalend voor hun denken. Door te leven en werken in een kapitalistisch loonsysteem, raken mensen blind voor de ongelijkheid in de bestaande klassenverhoudingen (1) • Kenmerkend voor de loonarbeid in het kapitalisme is dat dit volgens Marx is teruggebracht tot een zuivere geldrelatie. De kapitalist wil zoveel mogelijk geld verdienen en de arbeider wordt daarom uitgebuit. Terwijl de opeenhoping van kapitaal en de armoede van de arbeider oplopen, breekt op een zeker moment een open revolutie uit, zo stelt Marx. De klassenstrijd die daarbij ontstaat, leidt vervolgens tot een omverwerping van de heersende klasse en uiteindelijk tot een gelijkwaardige, communistische samenleving. Marx zou elke vorm van loonarbeid daarom kunnen zien als een zoethoudertje voor de hedendaagse arbeider, terwijl echte gelijkheid als gevolg van een revolutie uitblijft (1) (2)
Bord&Stift is niet alleen steward-owned, maar ook zelfsturend. Teams van werknemers hebben de bevoegdheid om zelfstandig beslissingen te nemen. Ze worden daarbij geleid door de missie van Bord&Stift en niet door streven naar winstmaximalisatie. Na discussie heeft een beleidsteam bijvoorbeeld besloten dat Bord&Stift afscheid gaat nemen van enkele klanten. Deze klanten zouden geen positief effect hebben op de samenleving. Habermas wijst op het gevaar dat in de vrije markt de leefwereld kan worden gekoloniseerd door het economische systeem. De zelfsturende teams van Bord&Stift kunnen de dominantie van het economische systeem ten opzichte van de leefwereld tegengaan.
Vraag 22 1 punt
Leg dit uit met het onderscheid tussen communicatief en instrumenteel handelen.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat een uitleg met het onderscheid tussen communicatief en instrumenteel handelen dat de zelfsturende teams de dominantie van het economische systeem over de leefwereld kunnen tegengaan: in de zelfsturende teams wordt gedebatteerd over goede doelen die nastrevenswaardig zijn / kan kritiek op de markt worden ontwikkeld, waardoor de leefwereld tegenwicht biedt aan het doel-middel- denken van het economische systeem. voorbeeld van een goed antwoord: In de zelfsturende teams wordt communicatief gehandeld. De leden debatteren over nastrevenswaardige doelen en proberen tot een gedeelde opvatting te komen. Dit vindt plaats in de sfeer die Habermas de leefwereld noemt. Er kan ook instrumenteel worden gehandeld, waarbij middelen voor een doel worden gezocht. Maar de teams kunnen de dominantie van het economische systeem tegengaan door waarden in te brengen die niet gaan om efficiëntie en winst. (1)
De beslissing van de eigenaar van een bedrijf om steward te worden, lijkt haaks te staan op het heersende ideaalbeeld van de ‘vrije ondernemer’. Volgens dat ideaal geeft de ondernemer naar eigen inzicht leiding aan het bedrijf en weet daarmee een enorme winst te boeken. Van Leeuwen heeft ervoor gekozen om steward te worden, omdat ze denkt dat een bedrijf juist door teamwork tot bloei kan komen.
Vraag 23 2 punten
Leg met de begrippen instrumentele waarde en intrinsieke waarde het verschil in visie uit tussen de ‘vrije ondernemer’ en de ondernemer als steward.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat de volgende elementen: • een uitleg dat de ‘vrije ondernemer’ uitgaat van de instrumentele waarde van het bedrijf omdat dat wordt opgevat als middel om winst mee te boeken (1) • een uitleg dat de ondernemer als steward uitgaat van de intrinsieke waarde – de bloei – van het bedrijf zelf (1) voorbeeld van een goed antwoord • Bij het ideaalbeeld van de vrije ondernemer staat het maken van grote winsten centraal. Het bedrijf is daarvoor instrumenteel, een middel (1) • De ondernemer die ervoor kiest om steward te worden, doet dit niet voor het snelle of grote geld. De steward maakt zichzelf juist ondergeschikt aan de missie van het bedrijf en ziet dus eerder de intrinsieke, eigen waarde van (de missie van) het bedrijf (1) (2)
De ideaalbeelden van de ‘vrije ondernemer’, van de ondernemer als steward, of van nog een ander type ondernemer, veronderstellen elk een bepaalde opvatting van vrijheid. Ga uit van de volgende stelling: de verabsolutering van de abstracte vrijheid van het individu binnen de context van de moderne markt ondermijnt het goede leven.
Vraag 24 1 punt
Beargumenteer met een ideaalbeeld van de ondernemer of je het eens bent met deze stelling.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven
Bekijk het antwoord
- Een goed antwoord bevat een argumentatie met een ideaalbeeld van de ondernemer voor of tegen de stelling dat de verabsolutering van de abstracte vrijheid van het individu binnen de context van de moderne markt het goede leven ondermijnt. voorbeeld van een goed antwoord: − De ‘vrije ondernemer’ zie ik als ideaal. Deze ondernemer vertegenwoordigt voor mij de kern van de vrije markt, waarin de individuele vrijheid kan worden verwerkelijkt. Deze verabsolutering van de abstracte vrijheid is volgens mij het toppunt van vrijheid. Als de ‘vrije ondernemer’ bijvoorbeeld keihard wil werken om later te cashen, is dat een vrije keuze. Voor die persoon kan het lichamelijke of het relationele minder belangrijk zijn. Iedereen kan en mag zijn eigen mening vormen over het goede leven. of − Het ideaalbeeld van de ondernemer als steward spreekt mij het meest aan. De vrije ondernemer zie ik als het schoolvoorbeeld van de doorgeschoten, abstracte vrijheid van het individu. Dat is zeker geen ideaal voor mij, want die individuele vrijheid kan makkelijk ten koste gaan van de omgeving. Vrijheid is volgens mij niet ‘doen wat je wilt’, maar gaat uit van een veel rijker idee van het leven, waarin recht wordt gedaan aan alle bestaanscondities van de mens. Een leven in vrijheid bevat bijvoorbeeld waardevolle relaties met anderen en een gezonde verhouding tot je eigen lichaam. De steward is een goed voorbeeld van dit ideaal: een uitgebalanceerd leven, dat niet alleen maar draait om werk en geld verdienen, maar om harmonie met jezelf en de omgeving. (1)
Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen vwo Filosofie 2022, tijdvak 3. Afbeeldingen en de exacte opmaak staan in het originele examen: https://www.examenblad.nl/2022/vwo/documenten/cse-3/vw-0311-a-22-3-o
Andere examens filosofie vwo
- 2026, tijdvak 1
- 2026, tijdvak 2
- 2025, tijdvak 1
- 2025, tijdvak 2
- 2024, tijdvak 1
- 2024, tijdvak 2
- 2023, tijdvak 1
- 2023, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 1
- 2022, tijdvak 2
- 2021, tijdvak 1
- 2021, tijdvak 2
- 2021, tijdvak 3
- 2019, tijdvak 1
- 2019, tijdvak 2
- 2018, tijdvak 1
- 2018, tijdvak 2
Veelgestelde vragen
Hoeveel vragen heeft het eindexamen filosofie vwo 2022, tijdvak 3?
Het centraal examen filosofie vwo 2022, tijdvak 3 telt 24 vragen. De meeste vragen gaan over politieke filosofie (20), ethiek (3) en mens en techniek (1).
Wat zijn de antwoorden van het examen filosofie vwo 2022, tijdvak 3?
Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.
Waar vind ik het correctievoorschrift van filosofie vwo 2022, tijdvak 3?
Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2022/vwo/documenten/cse-3/vw-0311-a-22-3-c).
Hoe oefen ik met het examen filosofie vwo 2022, tijdvak 3 en krijg ik feedback?
Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.