Eindexamen filosofie vwo 2026, tijdvak 2: vragen en antwoorden
Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Opgave 1 Digitale gremlins, Opgave 2 Robots en lichamelijkheid in de zorg, Opgave 3 Kan AI kunst maken?.
Het centraal examen filosofie vwo 2026, tijdvak 2 telt 23 vragen. De meeste vragen gaan over mens en techniek (21), ethiek (1) en politieke filosofie (1). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.
Onderwerpen in dit examen
| Onderwerp | Vragen | Aantal |
|---|---|---|
| Mens en techniek | 1-5, 7-11, 13-23 | 21 |
| Ethiek | 6 | 1 |
| Politieke filosofie | 12 | 1 |
Vergeleken met andere jaren
Vergeleken met de andere 17 examens filosofie vwo sinds 2018: dit examen vroeg meer over mens en techniek (91% van de vragen, gemiddeld 37%). Minder over politieke filosofie (4% van de vragen, gemiddeld 24%) en kennisleer (0% van de vragen, gemiddeld 18%).
Opgaven en correctievoorschrift
De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.
Oefenen als leerling
Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen filosofie vwo 2026, tijdvak 2 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.
Nakijken als docent
Start gratis vanaf deze pagina
Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen filosofie vwo 2026, tijdvak 2 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.
Laat de klas het examen maken
Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.
Geef de resultaten vrij
Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.
ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.
Vragen en antwoorden
Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen filosofie vwo 2026, tijdvak 2. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.
Opgave 1 Digitale gremlins
Volgens techniekfilosoof Rens van der Vorst heeft digitale technologie het leven weliswaar gemakkelijker gemaakt, maar dreigen we er ook onze greep op het leven door te verliezen. We moeten volgens hem de controle proberen terug te pakken. Een manier waarop we dat kunnen doen, is door een digitale gremlin te worden.
Gremlins komen als fictieve wezens voor in films en volksverhalen waarin ze vooral veel stukmaken, bij voorkeur machines. Van der Vorst verzon een hedendaagse variant van de gremlin, die digitale systemen saboteert, zoals algoritmes, om de wereld minder afhankelijk te maken van digitale techniek. Door een digitale gremlin te worden kun je meer controle krijgen over wanneer en wat je kijkt op digitale media.
Van der Vorst geeft het voorbeeld van de streamingdienst Netflix. Als je Netflix kijkt, krijg je door een algoritme aanbevelingen voor films of series op basis van je kijkgedrag. Daardoor lijkt het alsof Netflix je goed kent en weet wat je volgende film of serie moet zijn. Als je naar Netflix gaat en weerstand voelt tegen wat het algoritme je voorschotelt, dan komt misschien de digitale gremlin in je op.
Karen Barad maakt onderscheid tussen interactie en intra-actie.
Vraag 1 2 punten
Leg het onderscheid uit tussen de begrippen interactie en intra-actie. Leg vervolgens uit dat Barad het voorbeeld van de aanbevelingen en de digitale gremlin zou beschrijven als intra-actie.
Bekijk het antwoord
Een goed antwoord bevat de volgende elementen:
- een uitleg van het onderscheid tussen de begrippen interactie, waarbij de elementen al onafhankelijk van elkaar bestaan, en intra-actie, waarbij de elementen ontstaan in de intra-actie (1)
- een uitleg dat Barad het voorbeeld van de aanbevelingen en de digitale gremlin zou beschrijven als intra-actie (1)
voorbeeld van een goed antwoord:
- Barad onderscheidt interactie van intra-actie. Bij interactie gaan elementen die van tevoren al onafhankelijk van elkaar bestaan, met elkaar een interactie aan. Bij intra-actie ontstaan die elementen tijdens de intra-actie, doordat ze elkaars grenzen uitvoeren. (1)
- Er is sprake van intra-actie tussen aanbevelingen van Netflix en een digitale gremlin, omdat de aanbevelingen die Netflix doet, ontstaan door het kijkgedrag van de digitale gremlin, én het kijkgedrag van de digitale gremlin wordt door de aanbevelingen van Netflix beïnvloed. Die gremlin komt in je op als reactie op de aanbevelingen en de gremlin en de aanbevelingen voeren elkaars grenzen uit, omdat ze beide ontstaan in intra-actie. (1)
Om aanbevelingen te kunnen doen, maakt Netflix een match tussen films in het aanbod en eerder kijkgedrag. Van der Vorst is kritisch over deze aanbevelingen, omdat er een verschil kan zijn tussen wat Netflix aanbeveelt op basis van kijkgedrag (bijvoorbeeld komedies en romantische films) en wat je eigenlijk zou willen kijken of sterker nog: wie je eigenlijk zou willen zijn (bijvoorbeeld een intelligente documentairekijker).
Een digitale gremlin lost dit op door een Netflixprofiel met een grote groep mensen te delen die verschillend kijkgedrag hebben. Als je dan aanbevelingen krijgt, zijn dat geen herhalingen van je eigen kijkgedrag. In plaats van dat je je laat leiden door een algoritme, kun je gemakkelijker bewust kiezen waar je naar kijkt.
Volgens Helmuth Plessner zijn mensen excentrisch gepositioneerd.
Vraag 2 2 punten
Leg dit uit.
Geef vervolgens een argument dat het voor Plessners excentrische positionaliteit niet nodig is om een digitale gremlin te zijn.
Bekijk het antwoord
Een goed antwoord bevat de volgende elementen:
- een uitleg dat mensen volgens Plessner excentrisch gepositioneerd zijn: mensen zijn onbepaalde wezens die richting kunnen geven aan hun bestaan omdat ze erop kunnen reflecteren (1)
- een argument dat het voor Plessners excentrische positionaliteit niet nodig is om een digitale gremlin te zijn (1)
voorbeeld van een goed antwoord:
- Mensen zijn volgens Plessner door hun excentrische positionaliteit onbepaalde wezens. Zij vallen niet samen met wie ze zijn, zoals dieren, die centrisch zijn, maar kunnen op zichzelf reflecteren. Daarmee ervaren mensen zichzelf als een ‘ik’ dat tegelijk de eigen binnenwereld en de relatie met de buitenwereld kan beschouwen. Het wezen van de mens ligt dus door die excentrische positionaliteit niet vast en is onbepaald, wat betekent dat mensen vrij zijn om hun bestaan zelf richting te geven. (1)
- Vanuit dit idee is het niet nodig om een digitale gremlin te zijn. Als mensen, zoals Plessner zegt, vrij zijn om hun bestaan zelf richting te geven omdat ze kunnen reflecteren op zichzelf, betekent dat dat ik me in alle vrijheid kan laten leiden door een algoritme. Door mijn excentrische positionaliteit kan ik reflecteren op wie ik ben en wie ik wil zijn. Daarbij kan horen dat ik ervoor kies dat een algoritme mij films en series aanbeveelt. Op grond van die aanbevelingen kan ik weer een keuze maken. Mijn keuzevrijheid blijft bestaan, ook als ik me niet als digitale gremlin gedraag. (1)
Hoewel allerlei apps, zoals mindfulness-apps, vertaal-apps, weer-apps en sociale-media-apps het leven gemakkelijker en aangenamer lijken te maken, zijn er volgens Van der Vorst vooral nadelen. Zo kun je een avontuurlijke wandeling missen door een buienalarm, kun je gestrest raken door de timer van een mindfulness-app, en kun je door een vertaalapp moeilijke woorden minder goed onthouden.
Andy Clark maakt met betrekking tot ons gebruik van techniek een onderscheid tussen interface en cyborg.
Vraag 3 2 punten
Beargumenteer dat digitale gremlins zich willen verhouden tot apps als interface. Geef in je argumentatie een uitleg van:
- het begrip interface, en
- het begrip cyborg.
Bekijk het antwoord
Een goed antwoord bevat een argument dat digitale gremlins zich willen verhouden tot apps als interface, met een uitleg van:
- het begrip interface als datgene waarmee we met techniek communiceren (1)
- het begrip cyborg, waarbij de techniek is ingelijfd / de interface transparant is geworden (1)
voorbeeld van een goed antwoord:
Een digitale gremlin zal zich het liefst tot een app verhouden zoals je je verhoudt tot een interface. Bij een interface moet je je bewust richten op de app om de informatie die je wilt hebben eruit te halen. Zo kunnen zij niet samenvallen met de app en gedachteloos doen wat de app hun voorschrijft.
Ze zullen dus kritisch zijn op alle apps die we zonder nadenken gebruiken of die we zelfs ingelijfd hebben in ons denken zoals we doen als we een cyborg zijn geworden. Dat zou het geval kunnen zijn met het genoemde voorbeeld van iemand die minder goed woordjes kan onthouden door een vertaalapp. Die persoon denkt als het ware met die vertaalapp en kan zelf, zonder de app, de woordjes minder goed onthouden. (2)
Petran Kockelkoren laat met het voorbeeld van treinziekte zien dat technologie onze waarneming verandert. Hij spreekt daarbij van decentreren en recentreren.
Vraag 4 3 punten
Leg met een ander voorbeeld dan treinziekte de betekenis uit van:
- decentreren, en
- recentreren.
Geef vervolgens een argument dat digitale gremlins kritisch staan tegenover recentreren.
Bekijk het antwoord
Een goed antwoord bevat de volgende elementen:
- een uitleg met een ander voorbeeld dan treinziekte van decentreren als zintuiglijke desoriëntatie/vervreemding van je plek in de wereld en je oriëntatie daarop (1)
- een uitleg met een ander voorbeeld dan treinziekte van recentreren als terugkeer naar je oorspronkelijke plek in de wereld met een nieuw perspectief en inlijving van de techniek (1)
- een argument dat digitale gremlins kritisch staan tegenover recentreren (1)
voorbeeld van een goed antwoord:
- Bij een nieuwe techniek is er sprake van decentreren als je gedesoriënteerd raakt en je je niet meer kunt oriënteren op de wereld om je heen. Dat kan het geval geweest zijn bij de eerste kennismaking met een gps-navigatiesysteem. Je ziet het autootje op het scherm bewegen, maar ervaart niet dezelfde beweging en omgeving vanaf de stoel in de auto. Je raakt daardoor vervreemd van je plek in de wereld en je oriëntatie daarop. (1)
- Door te decentreren kun je van een afstand reflecteren op de manier waarop je lichaam en de gps-navigatie je ervaring bemiddelen. Daarna is er sprake van recentreren als je jezelf weer als rijdend in de auto én rijdend op scherm ervaart; je zintuiglijke ervaring is door de inlijving van de gps-navigatie veranderd en je ervaart jezelf weer als middelpunt van de situatie. Je hebt je dus een nieuw perspectief eigengemaakt. (1)
- Een digitale gremlin zal kritisch staan tegenover recentreren, omdat het moeilijk is om afstand te bewaren tot ingelijfde nieuwe techniek en het dus ingewikkeld is om daar kritisch over te zijn. (1)
Digitale gremlins zullen volgens Van der Vorst liever geen boodschappen bestellen bij een flitsbezorgdienst. In een app voor flitsbezorging zet je met een paar swipes een systeem van bezorging in werking. Bruno Latour spreekt van actor-netwerktheorie (ANT). Het systeem van de flitsbezorgdienst – de bestellers, de app, de bezorgers – kan beschouwd worden als een actor-netwerk.
Vraag 5 3 punten
Leg uit dat de flitsbezorgdienst volgens Latour een actor-netwerk zou zijn. Beargumenteer vervolgens met het voorbeeld van de flitsbezorgdienst of je het eens bent met de ANT van Latour. Ga daarbij in op de begrippen vrijheid en determinisme.2efase
Bekijk het antwoord
Een goed antwoord bevat de volgende elementen:
- een uitleg dat de flitsbezorgdienst volgens Latour een actor-netwerk zou zijn: de bestellers, de app en de bezorgers zijn actoren die in een netwerk verbonden zijn en handelingsvermogen hebben, omdat de handeling over het netwerk is verdeeld (1)
- een argumentatie over Latours ANT, met het voorbeeld van de flitsbezorgdienst (1)
- een toepassing van de begrippen vrijheid en determinisme in de argumentatie over Latours ANT (1)
voorbeeld van een goed antwoord:
- De besteller, de app en de flitsbezorgers vormen volgens Latour met elkaar een actor-netwerk. Zij zijn allemaal actoren, omdat de handeling verdeeld is over hen, zij daardoor handelingsvermogen hebben en samen een netwerk vormen. De besteller zet als actor de flitsbezorgers in beweging en doet dat met de app. Daarmee heeft de app ook handelingsvermogen, want die bepaalt mede wat de besteller doet én zet de bezorgers in beweging die door de app worden opgeroepen. De bezorgers op hun beurt leveren door de besteller en de app de boodschappen af bij de besteller. Flitsbezorging is dus een voorbeeld van een actor-netwerk. (1)
- De actor-netwerktheorie van Latour vind ik een overtuigende manier om aan te geven dat er allerlei levende en niet-levende wezens en dingen zijn waarover de handeling verdeeld is. De besteller, de app en de flitsbezorgers zetten op hun eigen manier dingen in gang, wat bij elkaar genomen de handeling flitsbezorging tot stand brengt. Een volledig vrije actor (vaak gezien als de mens) die alles in beweging zet, is een illusie, want alles is met elkaar verbonden. Wat de flitsbezorger doet is afhankelijk van en wordt in gang gezet door de app en de besteller, ze worden zo door elkaar bepaald of gedetermineerd. (2)
of
- Ik vind de actor-netwerktheorie van Latour onzinnig. Een app heeft geen handelingsvermogen, want het is een ding zonder eigen wil, zonder bewustzijn, zonder vermogen om beslissingen te nemen, dat kapot kan gaan en verwijderd kan worden. Dat een app ‘iets in gang zet’ is ook een verkeerde voorstelling van zaken; de app ‘zet alleen maar iets in gang’ als de gebruiker dat doet, anders niet. Het is niet voor niets dat mensen verantwoordelijk blijven voor de dingen. Hiermee stemt Latour overigens in, want mensen zijn vrij en vrijheid is volgens mij de voorwaarde voor verantwoordelijkheid. Ze kunnen wel vastgelegd of gedetermineerd worden door bepaalde factoren, maar beslissen toch uiteindelijk zelf. Alleen wezens met vrijheid hebben handelingsvermogen, zoals de besteller, die bewust kan kiezen en echt iets in gang kan zetten. (2)
Van de Vorst vergelijkt bestellen bij een flitsbezorgdienst met cockroach mind control: je verdooft een kakkerlak, prikt een elektrode op de kakkerlak en verbindt deze elektrode met je telefoon waarop je een speciale cockroachmindcontrol-app hebt geïnstalleerd. Vanaf dat moment kun je de kakkerlak besturen en volgen met deze app.
Mensen die bij een flitsbezorgdienst bestellen, spelen volgens Van der Vorst cockroach mind control met de bezorgers. De bestellers hebben een gevoel van macht en de flitsbezorgers zijn niet meer dan een verlengstuk van de app. Je kunt cockroach mind control vanuit verschillende ethische theorieën evalueren, bijvoorbeeld vanuit de plichtethiek, die gericht is op plichten of principes.
Vraag 6 1 punt
Geef een argument dat je geen cockroach mind control met flitsbezorgers mag spelen waarbij je uitgaat van de plichtethiek.
Bekijk het antwoord
Een goed antwoord bevat een argument vanuit de plichtethiek dat je geen cockroach mind control met flitsbezorgers mag spelen, omdat je moet handelen vanuit een universele regel / omdat je moet handelen volgens een maxime waarvan je zou willen dat die een algemene wet wordt / omdat je een mens niet alleen als een middel voor een bepaald doel mag gebruiken.
voorbeeld van een goed antwoord:
Volgens de plichtethiek mag je geen cockroach mind control met flitsbezorgers spelen, omdat je mensen altijd als doel op zich moet beschouwen en niet alleen als een middel voor een bepaald doel. De cockroach mind control beschrijft hoe flitsbezorgers slechts een verlengstuk worden van een app, die de bestellers besturen, waardoor hun wensen in vervulling gaan en zij een gevoel van macht krijgen. Door de vergelijking met een kakkerlak lijken de bezorgers hier slechts een middel te zijn om boodschappen te krijgen en worden ze niet als een waarde in zichzelf beschouwd.
Bij sommige websites moet je bewijzen dat je een mens bent en geen robot. Van der Vorst vindt dit vernederend. Hij stelt voor om via humor te bewijzen dat je een mens bent. Volgens Van de Vorst is humor een typisch menselijke eigenschap.
Plessner onderzoekt ook typisch menselijke eigenschappen, zoals het lachen.
Vraag 7 1 punt
Leg uit dat lachen volgens Plessner een typisch menselijke eigenschap is.
Bekijk het antwoord
Een goed antwoord bevat een uitleg dat lachen volgens Plessner een typisch menselijke eigenschap is, omdat alleen mensen een dubbelzinnige verhouding tot hun lichaam hebben.
voorbeeld van een goed antwoord:
Lachen is volgens Plessner een bewijs dat je een mens bent. Alleen mensen kunnen volgens hem lachen, want lachen laat de bijzondere verhouding zien die mensen tot hun lichaam hebben: enerzijds is lachen een lichamelijke uitbarsting die je niet kunt beheersen, anderzijds is lachen ook betekenisvol en overstijgt het het puur lichamelijke.
Opgave 2 Robots en lichamelijkheid in de zorg
In de ouderenzorg wordt steeds vaker gebruikgemaakt van technologie, zoals een sociale zorgrobot die simpele gesprekken voert en zorgtaken doet. Onderzoeker Bart van der Sloot stelt hierover ethische vragen:
tekst 1
Wat als opa seks wil met zijn zorgrobot? Of oma vier keer per dag wil douchen, of weigert te eten omdat ze dood wil? Wat doet zo’n robot dan? Laat die dat allemaal toe? Of wordt er een signaal gegeven aan een zorgverlener? En wie bepaalt dat? Oma? De familie?
bron: vn.nl, Menselijke robots zullen ingezet worden in liefdesrelaties en ouderenzorg, 2024
Donna Haraway gaat in haar filosofische benadering van de vraag naar de mens in op de onbepaaldheid van de mens.
Vraag 8 2 punten
Leg uit dat de onbepaaldheid van de mens volgens Haraway een ethische dimensie heeft.
Beargumenteer vervolgens met deze opvatting van Haraway wie volgens jou moet bepalen of de robot een signaal aan een zorgverlener moet geven: opa/oma of de familie uit tekst 1.
Bekijk het antwoord
Een goed antwoord bevat de volgende elementen:
- een uitleg dat de onbepaaldheid van de mens volgens Haraway een ethische dimensie heeft: we moeten bij het troebele/de radicale openheid blijven door te blijven zoeken naar hoe we onszelf vormgeven / hoe we verantwoording afleggen over ons handelen (1)
- een argument of in tekst 1 opa/oma dan wel de familie moet bepalen of de robot een signaal aan een zorgverlener moet geven, waarbij wordt ingegaan op de ethische dimensie van bestaanservaringen in Haraways opvatting (1)
voorbeeld van een goed antwoord:
- Haraway pleit ervoor dat mensen bij het troebele blijven. Het wezen van de mens is onbepaald en daar moeten we dichtbij blijven. We moeten blijven zoeken naar wat en wie we zijn als mens en hoe we onszelf vormgeven en verantwoording afleggen over ons handelen. Daarbij kunnen we nooit definitieve, duidelijke antwoorden geven, want dan blijven we niet bij die troebelheid of onbepaaldheid. Onze onbepaaldheid geeft ons dus de opdracht om te blijven zoeken naar antwoorden op ethische vragen over onszelf en ons handelen. (1)
- Ik denk dat de oma moet bepalen wat de robot doet met oma’s gedrag. Het is haar verantwoordelijkheid om te blijven onderzoeken hoe ze haar bestaan wil vormgeven en daar verantwoording over af wil leggen, ook als dat ‘dood willen’ inhoudt. Als zij dat niet zelf zou doen, dan zou ze de onbepaaldheid, het troebele, van haar mens-zijn verloochenen. (1)
of
- Ik denk dat de familie moet bepalen wat de robot doet met bijvoorbeeld opa’s verlangen naar seks met de robot. Ik kan me voorstellen dat het vermogen van de opa om bij het troebele, of het onbepaalde, van zijn bestaan te blijven en vandaaruit te blijven zoeken naar zijn eigen antwoorden op wat het bestaan van hem vraagt en hoe hij dat wil vormgeven, niet meer helemaal werkt zoals bij gezonde mensen. Hij is in ieder geval niet meer volledig zelf in staat tot het nemen van verantwoordelijkheid over zijn leven, want hij heeft zorg van een robot en zorgverlener nodig. Omdat hij dit zelf niet meer goed kan, kan de familie denk ik het beste inschatten en bepalen of de zorgverlener op de hoogte moet zijn van opa’s seksuele verlangen of dat dit niet van belang is. (1)
Van der Sloot is bang dat zorgrobots de familieleden van een oudere zullen vervangen. Het leven wordt dan minder zinvol, omdat er volgens hem minder frictie is:
tekst 2
Die frictie, dat is ook het leven. Dat het niet altijd lekker gaat. Persoonlijk contact is soms lastig, je hebt iets gezegd en dat valt niet goed bij die ander. Het is intuïtief heel makkelijk om daarvan weg te blijven, maar de menselijke ontwikkeling schuilt ook in juist die hobbels nemen. Als alle frictie verdwijnt, worden we wel heel eendimensionaal.
bron: vn.nl, Menselijke robots zullen ingezet worden in liefdesrelaties en ouderenzorg, 2024
Volgens Plessner wordt de bestaanservaring van mensen onder andere bepaald door de medewereld. In hoeverre een zorgrobot – een computer geprogrammeerd voor gesprekken – deze medewereld kan helpen vormen, hangt af van je opvatting over het denkvermogen van robots en mensen.
Vraag 9 3 punten
Beargumenteer of jij denkt dat deze zorgrobots de rol van een mens als gesprekspartner kunnen overnemen. Ga daarbij in op:
- de functionalistische opvatting over symboolmanipulatie,
- Plessners begrip medewereld, en
- tekst 2.
Bekijk het antwoord
Een goed antwoord bevat een argumentatie of zorgrobots de rol van een mens als gesprekspartner kunnen vervangen, waarbij wordt ingegaan op de volgende elementen:
- de functionalistische opvatting over symboolmanipulatie: de geest bewerkt representatie van zintuiglijke informatie (input) en zet bepaald gedrag (output) in gang (1)
- Plessners begrip medewereld: onze verhouding tot medemensen door middel van expressie (1)
- tekst 2 (1)
voorbeeld van een goed antwoord:
- Ik denk niet dat zorgrobots de rol van mensen als gesprekspartners kunnen overnemen. Het functionalistische idee dat processen in onze hersenen kunnen worden beschreven in functies, vind ik erg beperkt. Ik denk niet dat onze geest rechtlijnig een zintuiglijke gewaarwording omzet in een mentale representatie, die vervolgens bewerkt wordt en dan aanzet tot bepaald gedrag. In de functionalistische opvatting is weinig ruimte voor hoe we onszelf en de wereld ervaren en hoe we onze ervaringen willen uitdrukken en delen met anderen. Ik vraag me dan ook af of die zorgrobots wel een echte medewereld kunnen vormen voor een oudere, zoals familieleden of andere mensen dat kunnen. De zorgrobots zijn geprogrammeerd en reageren niet vanuit gedeelde waarden of ervaringen; ze werken wél op basis van symboolmanipulatie en wij mensen niet. Een oudere kan zich wel tot die zorgrobot verhouden, maar dat is vergelijkbaar met je verhouden tot een frisdrankautomaat volgens mij, zonder enige vorm van expressie en uitwisseling van expressie. Als dat al een medewereld is, dan is het een tamelijk betekenisloze medewereld. Ik ben het dan ook eens met Van der Sloot in tekst 2. Wat er ontbreekt is precies de frictie dat je dingen tegen elkaar kunt zeggen die niet goed vallen. Een zorgrobot kan misschien best voor afleiding en vermaak zorgen met z’n simpele input-outputfunctie, maar zinvol en betekenisvol contact waarin je als mens hobbels neemt en je ontwikkelt in het contact met een ander – omdat je misschien gekwetst wordt en er toch samen uitkomt – dat gaat je nooit lukken met zo’n robot. (3)
of
- Ik denk dat zorgrobots prima de rol van mensen als gesprekspartners kunnen overnemen. Ik ben het eens met het functionalisme dat processen in de hersenen kunnen worden beschreven als een functie. We hebben zintuiglijke gewaarwordingen, die worden omgezet in symbolen, en onze geest manipuleert die symbolen, wat vervolgens bepaald gedrag in gang zet. Voorbeelden van hersenimplantaten bij mensen met bijvoorbeeld parkinson die vervolgens een betere fysieke controle over hun lichaam krijgen, lijken mij hier duidelijk op te wijzen. In die zin functioneert de menselijke geest zoals een computer en kunnen computers dus (bepaalde) rollen van mensen overnemen. Dat lijkt mij ook gelden voor het voeren van een gesprek, dat in feite echt niets anders is dan input (een zin van gesprekspartner A) manipuleren tot output (een zin van gesprekspartner B). Ik denk dat de zorgrobots ook de medewereld kunnen vormen die Plessner bedoelt. De kern van Plessners medewereld is dat het om medemensen gaat tot wie we onszelf verhouden door middel van expressie. We willen onze ervaringen met anderen delen en daarom hebben we allerlei manieren ontwikkeld om ons uit te drukken. Als de robot functioneert als een menselijke gesprekspartner, en opa of oma zichzelf ervaart in zijn of haar verhouding tot de robot en met die robot gesprekjes voert en dus ervaringen uitwisselt, dan kan die robot dus de medewereld vormen zoals Plessner bedoelt. Volgens mij kan opa of oma in principe ook frictie ervaren met een zorgrobot. Ook de zorgrobot kan gedrag vertonen dat niet goed valt bij opa of oma. Ik ben het dus niet eens met tekst 2. Ik denk dat ook de relatie met een zorgrobot ouderen het gevoel kan geven dat hun leven de moeite waard is en dat de menselijke ontwikkeling daar helemaal niet eendimensionaal van wordt. (3)
Volgens Hubert Dreyfus heeft het lichaam drie functies die een computer niet kan nabootsen. Hij zou het waarschijnlijk eens zijn met de opvatting dat het leven van een oudere zinvoller is als die oudere met een familielid praat in plaats van met een zorgrobot die voor gesprekken is geprogrammeerd (zwakke AI).
Vraag 10 3 punten
Geef een argumentatie voor deze opvatting. Ga daarbij in op:
- een van de drie functies van het lichaam die een computer volgens Dreyfus niet heeft,
- een weerlegging van Dreyfus’ opvatting over deze functie, en
- Dreyfus’ opvatting over de mogelijkheid om ervaringskennis te verwerken.
Bekijk het antwoord
Een goed antwoord bevat een argumentatie voor de opvatting dat het leven van een oudere zinvoller is als die oudere met een familielid praat in plaats van met een zorgrobot die voor gesprekken is geprogrammeerd, waarbij wordt ingegaan op:
- een van de drie functies van het lichaam die een computer volgens Dreyfus niet heeft: verwachtingen gebaseerd op eerdere ervaringen / verwachtingen richten onze aandacht / verwachtingen brengen we over op andere zintuigen (1)
- een weerlegging van Dreyfus’ opvatting over deze functie (1)
- Dreyfus’ opvatting over de mogelijkheid om ervaringskennis te verwerken: het is onmogelijk om alledaagse kennis te vertalen naar algemene, logische regels (1)
voorbeeld van een goed antwoord:
Een zorgrobot zou volgens Dreyfus geen verwachtingen hebben die zijn gebaseerd op eerdere ervaringen. Die robot zou dus in gesprek met een oudere niet goed vanuit eerdere lichamelijke ervaringen zoals pijn of fysieke reacties op bepaalde onderwerpen een gesprek kunnen voeren. Inmiddels zijn er misschien best zorgrobots denkbaar die wel degelijk verwachtingen meenemen die gebaseerd zijn op eerdere ervaringen. Dreyfus’ verwachtingen over AI zijn inmiddels best achterhaald. Het lijkt mij niet ondenkbaar dat een zorgrobot kan opslaan dat een oudere altijd vrolijk reageert bij bepaalde onderwerpen en juist wegkijkt en niet reageert bij andere onderwerpen, en dat die robot leert dat die verwachting bepaalt welk onderwerp hij vandaag aansnijdt.
Maar een zorgrobot zal volgens Dreyfus dus altijd zijn gebaseerd op de aanname dat gedrag vertaald kan worden naar logische regels, terwijl alledaagse ervaringskennis volgens hem juist niet te vertalen is naar logische regels. Mensen kunnen per situatie inschatten welke informatie en waarneming ze op welke manier mee kunnen wegen en een robot kan dat juist niet. Zo’n robot zal dus nooit echt putten uit doorleefde, alledaagse kennis en kunnen inschatten welke informatie in een gesprek met een oudere relevant is om ook echt een gesprek te voeren dat voor de oudere het leven zinvoller maakt. Dat kan alleen een familielid die doorleefdere verwachtingen heeft en deze ook doorleefder verwerkt, waardoor het gesprek met de oudere zinvoller zal worden. (3)
Van der Sloot is bang dat AI ons vermogen zal aantasten om te onderscheiden wat realiteit is en wat niet. Hij geeft als voorbeeld videobeldiensten waarbij AI de huid van een beller in beeld automatisch egaler maakt, zonder dat de bellers dit weten. Dat kan onhandig zijn als je videobelt met een arts over je huidproblemen.
Volgens Yuval Noah Harari is de grens tussen fysiek en niet-fysiek vervaagd. Hij spreekt van dataïsme. Van der Sloots opvatting dat AI ons vermogen zal aantasten om te onderscheiden wat realiteit is en wat niet, is een voorbeeld van een kanttekening vanuit kentheoretisch perspectief bij Harari’s dataïsme.
Vraag 11 2 punten
Geef weer wat Harari bedoelt met dataïsme.
Leg vervolgens uit dat Van der Sloots opvatting een voorbeeld is van een kanttekening vanuit kentheoretisch perspectief bij Harari’s dataïsme.
Bekijk het antwoord
Een goed antwoord bevat de volgende elementen:
- een weergave van wat Harari bedoelt met dataïsme: de overtuiging dat alles, inclusief de mens, is uit te drukken in data (1)
- een uitleg dat Van der Sloots opvatting dat AI ons vermogen zal aantasten om te onderscheiden wat realiteit is en wat niet_,een voorbeeld is van een kanttekening vanuit kentheoretisch perspectief bij Harari’s dataïsme, omdat het gaat om de vraag of we de wereld / onszelf kunnen kennen als data (1)
voorbeeld van een goed antwoord:
- Dataïsme is het geloof dat het universum bestaat uit informatie en dat alles, inclusief de mens, is uit te drukken in data en is te begrijpen als een algoritme. (1)
- Van der Sloot denkt dat we door AI niet meer goed kunnen beoordelen wat realiteit is en wat niet, zoals in een videobel-afspraak met een arts over je huid. In zo’n gesprek wil je dat de fysieke conditie van je huid de realiteit vormt en niet het door AI automatisch gefilterde beeld van je huid. Maar als niet bekend is dat er een filter wordt gebruikt, dan kan de arts het door AI gevormde beeld van je huid voor de realiteit aanzien. Als we er, zoals in Harari’s dataïsme, van uitgaan dat alles gereduceerd kan worden tot data, dan is de grens tussen fysiek en niet-fysiek vervaagd en vormen data misschien wel onze realiteit. Wat we opvatten als realiteit en hoe we onszelf en de wereld kennen - als data of op een andere manier - is een kentheoretische kwestie. Dat we ons afvragen of we nog wel kunnen onderscheiden wat we realiteit noemen door de vervagende grens tussen bijvoorbeeld je fysieke huid en niet-fysieke data van je huid via een automatisch filter, kan je opvatten als een kanttekening vanuit kentheoretisch perspectief bij Harari's dataïsme. (1)
Filosoof Jenny Slatman vindt dat het huidige zorgsysteem is gebaseerd op het idee dat ziekte een probleem is van een individueel lichaam dat niet in de wereld past van gemiddelde, normale standaardindividuen. Zij vindt dat deze benadering niet voldoende recht doet aan wie de mens is. Ze pleit voor een benadering waarbij een mens wordt opgevat als een wezen in relatie tot zijn omgeving:
tekst 3
Te dik, te klein, […] te weinig mobiel – op allerlei manieren kan het voelen alsof je lichaam tekortschiet. [Dat zijn] geen problemen van het individuele lichaam alleen. Ze komen tot stand wanneer je lichaam of de wijze waarop je je lichaam gewend bent te gebruiken niet goed in de wereld past. […] Onze reactie is dan vaak om het lichaam aan te passen, bijvoorbeeld door een medische ingreep. We stimuleren zwaarlijvige mensen om af te vallen of we sturen chronisch vermoeide mensen naar een psycholoog. [Maar we kunnen ook] verschillende maten stoelen of andere werktijden aanbieden.
bron: Femke van Hout, Jenny Slatman: ‘De wereld sluit veel lichamen buiten’, Filosofie Magazine 2024
Slatmans analyse van het huidige zorgsysteem waarin lichamen worden genezen of aangepast naar de standaard die de wereld stelt aan een normaal, gemiddeld lichaam, kan begrepen worden als een vorm van structuralisme.
Vraag 12 2 punten
Leg uit dat je het huidige zorgsysteem vanuit Slatmans analyse als een vorm van structuralisme kunt begrijpen.
Beargumenteer vervolgens met tekst 3 of jij het eens bent met Slatmans relationele opvatting over zorg als alternatief voor het huidige zorgsysteem.
Bekijk het antwoord
Een goed antwoord bevat de volgende elementen:
- een uitleg dat je het huidige zorgsysteem vanuit Slatmans analyse als een vorm van structuralisme kunt begrijpen: de zieke mens wordt bepaald door een dominant systeem dat ervan uitgaat dat een ziek lichaam niet past in de wereld en moet worden aangepast/genezen (1)
- een argumentatie met tekst 3 over Slatmans relationele opvatting over zorg als alternatief voor het huidige zorgsysteem (1)
voorbeeld van een goed antwoord:
- In het structuralisme wordt de mens beschouwd als een functioneel onderdeel van een dominant systeem. Deze opvatting is terug te zien in Slatmans analyse van het systeem van de huidige zorg. Het dominante systeem ziet ziekte als een probleem van het individuele lichaam dat niet in de wereld past, en dat lichaam moet vervolgens worden aangepast of genezen. De zieke mens wordt dus bepaald door een dominant systeem waarin een ziek lichaam niet past in de wereld en moet worden aangepast. (1)
- Ik ben het eens met Slatmans relationele opvatting over de zorg als alternatief voor het huidige systeem. Als je een zieke persoon niet beschouwt als alleen maar een medische afwijking – zoals te dik of te zwaar of te dit of te dat – die kan worden aangepast of genezen, maar kijkt naar hoe deze persoon in relatie staat tot diens omgeving, dan verdwijnt met name de dominantie van een (toevallig) heersend systeem dat bepaalt wat een gemiddeld, normaal lichaam is. Door de wereld aan te passen, zoals in tekst 3 wordt gesuggereerd, ontstaat er een veel flexibeler omgeving en zullen er meer uiteenlopende soorten mensen en lichamen in de wereld ‘passen’. De wereld wordt daardoor inclusiever. Meer mensen zullen daardoor het gevoel hebben dat ze zelf kunnen bepalen wie ze zijn en niet meer worden bepaald door een dominant systeem. (1)
of
- Ik ben het niet eens met Slatmans relationele opvatting over de zorg als alternatief voor het huidige zorgsysteem. Het is me te omslachtig (hoe krijg je ’de wereld’ goed aangepast en op welke termijn?) en volgens mij ontstaat er een grotere kans op het missen van medische diagnoses. Als je een dik iemand gewoon een andere stoel geeft zoals in tekst 3 wordt gesuggereerd, dan hoef je misschien geen diagnose te stellen van bijvoorbeeld een stofwisselingsziekte, waar iets aan te doen is en waardoor die grotere stoel helemaal niet nodig is. Het is dan echter maar de vraag of je met zo’n aanpassing van de wereld meer recht doet aan wie de mens is. Het klinkt eerder alsof je juist de mens – en bijvoorbeeld zijn mogelijkheden om medische kennis te verbeteren of om af te vallen – tekortdoet. (1)
Slatman stelt de mens voor als een ‘ik kan’: wie je bent, wordt bepaald door wat je lichamelijk kunt doen en in hoeverre je daarin belemmerd wordt. Ze geeft het voorbeeld van een groot lichaam dat niet in een stoel past. Als je je tussen de armleuningen moet wurmen, dan denk je meer over je lichaam na dan wanneer de stoel goed aansluit bij je lichaam. Maxine Sheets-Johnstone gebruikt het begrip lichaamsschema.
Vraag 13 1 punt
Leg met Slatmans voorbeeld van de stoel Sheets-Johnstones begrip lichaamsschema uit.
Bekijk het antwoord
Een goed antwoord bevat een uitleg van Sheets-Johnstones begrip lichaamsschema als het synthetiseren van alle ruimtelijke presenties van het lichaam, met Slatmans voorbeeld van de stoel.
voorbeeld van een goed antwoord:
Het lichaamsschema van Sheets-Johnstone stelt ons in staat om ons lichaam en onze bewegingen in de omgeving te ervaren als een voortdurend en samenhangend ‘hier-zijn’ zonder dat hier per se reflectie voor nodig is. Als je gaat zitten in een stoel waar je gewoon in past, dan denk je niet over je lichaam na, zoals Slatman zegt, je gaat er gewoon in zitten. Sheets-Johnstone zou zeggen dat je je pre-reflectief bewust bent van je ruimtelijke aanwezigheid in relatie tot de stoel, je hoeft er niet bewust over na te denken.
Slatmans opvatting van de mens als ‘ik kan’ is kritiek op de opvatting van de mens van René Descartes.
Vraag 14 1 punt
Leg dit uit.
Bekijk het antwoord
Een goed antwoord bevat een uitleg dat Slatmans opvatting van de mens als ‘ik kan’ kritiek is op de opvatting van de mens van Descartes: wie je bent wordt volgens Slatmans ‘ik kan’ bepaald door wat je lichamelijk kunt doen, wat ingaat tegen Descartes’ opvatting dat je je denkende bewustzijn bent.
voorbeeld van een goed antwoord:
Volgens Descartes is de mens een denkend bewustzijn met een mechanisch lichaam. Zeggen dat de mens een ‘ik kan’ is, waarbij wie je bent wordt bepaald door wat je lichamelijk kan doen, is kritiek op Descartes, omdat volgens hem de mens juist vooral een ‘ik denk’ is. Door de mens als ‘ik kan’ te beschrijven, zeg je dus eigenlijk dat Descartes te veel nadruk op het denkende bewustzijn van de mens legt.
Slatman vindt dat het ‘ik kan’ in de zorg regelmatig wordt belemmerd door de omgeving. Ze geeft als voorbeeld dat hartproblemen bij vrouwen minder snel worden herkend, omdat bijna al het hartonderzoek bij mannen wordt gedaan. Vrouwen krijgen hierdoor vaker geen goede diagnose. Ze horen vaker dan mannen dat 'het tussen hun oren zit'. Door dit soort uitspraken denken vrouwen sneller dat ze zich aanstellen.
Simone de Beauvoir stelt dat bestaanservaringen van vrouwen worden bepaald door culturele opvattingen over hoe een vrouw zou moeten zijn.
Vraag 15 2 punten
Leg uit dat deze stelling van De Beauvoir gebaseerd is op haar idee over verschillen in het opvoeden van meisjes en jongens.
Geef vervolgens een argument dat het voorbeeld van vrouwen die denken dat ze zich aanstellen door verkeerde diagnoses aansluit bij De Beauvoirs stelling dat de bestaanservaringen van vrouwen worden bepaald door culturele opvattingen.
Bekijk het antwoord
Een goed antwoord bevat de volgende elementen:
- een uitleg dat De Beauvoirs opvatting dat de bestaanservaringen van vrouwen worden bepaald door culturele opvattingen over hoe een vrouw zou moeten zijn, is gebaseerd op haar opvatting dat in de opvoeding van meisjes ‘in de smaak vallen bij anderen’ wordt gestimuleerd, terwijl dat bij jongens ‘onafhankelijk gedrag’ is (1)
- een argument dat het voorbeeld van vrouwen die denken dat ze zich aanstellen door verkeerde diagnoses aansluit bij De Beauvoirs stelling dat de bestaanservaringen van vrouwen worden bepaald door culturele opvattingen (1)
voorbeeld van een goed antwoord
- Volgens De Beauvoir ervaren zowel jongens als meisjes angst als ze doorkrijgen dat ze afgescheiden zijn van andere mensen. Van meisjes wordt veel langer dan van jongens getolereerd dat ze om die angst te bestrijden gedrag vertonen om in de smaak te vallen bij anderen. Zo worden jongens gedwongen zich onafhankelijk en vrij te gedragen en worden meisjes gestimuleerd om hun autonomie op te geven door te behagen en mooi te zijn. De bestaanservaringen van vrouwen worden dus bepaald door een verschil in de culturele opvattingen over hoe een meisje zich moet gedragen en hoe een jongen zich moet gedragen. (1)
- Het voorbeeld van vrouwen die denken dat ze zich aanstellen omdat ze een verkeerde diagnose krijgen, namelijk dat het tussen de oren zou zitten, kan aansluiten bij De Beauvoirs opvatting dat culturele opvattingen de bestaanservaringen van vrouwen bepalen. Onderzoek op mannenlichamen leidt ertoe dat er bij vrouwen verkeerde diagnoses gesteld worden en klachten worden toegeschreven aan hun psychische gesteldheid. Hierdoor is er een onterecht verschil in benadering van mannen en vrouwen ontstaan. Dat verschil in benadering heeft ertoe geleid dat vrouwen sneller zijn gaan denken dat ze zich aanstellen. (1)
Opgave 3 Kan AI kunst maken?
Toen in 2023 het liedje Heart on My Sleeve van de artiesten Drake en The Weeknd uitkwam, reageerden veel fans en journalisten enthousiast. Niet veel later bleek dat het nummer was gemaakt met kunstmatige intelligentie. Een anonieme persoon had een AI-muziekgenerator gebruikt om een lied te maken, door de AI opdracht te geven Drakes stem en muziekstijl te gebruiken. Het verschil met de muziek van de menselijke Drake bleek moeilijk te horen. Velen waren onder de indruk van de kwaliteit van de muziek die de AI had gegenereerd.
Er bestaat discussie over de vraag of AI-muziekgeneratoren beter kunnen worden vergeleken met muzikanten of met een muziekinstrument zoals een akoestische gitaar.
Katherine Hayles verdiept zich in niet-menselijke cognitie. Volgens haar heeft iets cognitie als het in staat is om via informatieverwerking tot een uitkomst te komen. Daarom heeft een orkaan volgens haar geen cognitie en drones wel. Menselijke en technische cognities zijn verschillend, maar ook niet-menselijke cognitie kan autonoom zijn.
Vraag 16 3 punten
Leg uit dat een AI-muziekgenerator zowel verschilt van een akoestische gitaar als van een menselijke muzikant. Ga hierbij in op Hayles’ opvattingen over:
- cognitieve assemblages,
- de verschillende cognitieve capaciteiten van menselijke en technische cognities, en
- de voorwaarde voor het kunnen nemen van verantwoordelijkheid voor het handelen.)
Bekijk het antwoord
Een goed antwoord bevat een uitleg dat een AI-muziekgenerator zowel verschilt van een akoestische gitaar als van een menselijke muzikant, waarbij wordt ingegaan op Hayles opvattingen over:
- cognitieve assemblages: denkprocessen worden gedistribueerd tussen muzikanten en AI-muziekgeneratoren, maar niet tussen muzikant en akoestische gitaar, omdat de gitaar geen cognitie heeft (1)
- de verschillende cognitieve capaciteiten van menselijke en technische cognities: menselijke cognitie kenmerkt zich door emotie / een omvattende wereldhorizon / empathische vermogens, terwijl technische cognitie zoals de AI-muziekgenerator grote berekeningscapaciteit / snelle dataverwerking heeft (1)
- de voorwaarde voor het kunnen nemen van verantwoordelijkheid voor het handelen: mensen kunnen, in tegenstelling tot AImuziekgeneratoren, verantwoordelijkheid nemen voor hun handelen omdat ze kwetsbaarheid hebben (1)
voorbeeld van een goed antwoord
Een AI-muziekgenerator verschilt van een akoestische gitaar. Aangezien een gitaar geen informatie verwerkt om tot een uitkomst te komen, heeft de gitaar geen cognitie en vormen muzikant en een gitaar volgens Hayles geen cognitieve assemblage. Een AI-muziekgenerator heeft daarentegen wel een vorm van technische cognitie en kan met een menselijke muzikant een cognitieve assemblage vormen.
Menselijke en technische cognitie zijn volgens Hayles wel verschillend, omdat menselijke cognitie wordt gekenmerkt door emoties en empathische vermogens, terwijl de technische cognitie van AI wordt gekenmerkt door een grotere snelheid en rekenkracht om tot uitkomsten te komen. Een AImuziekgenerator verschilt in dit opzicht dus ook van de menselijke muzikant.
Hayles stelt dat mensen, in tegenstelling tot entiteiten met technische cognitie, kwetsbaar zijn en daardoor verantwoordelijkheid kunnen nemen voor hun handelen. Een AI-muziekgenerator is niet kwetsbaar, omdat die door geen enkele maatregel wordt ‘geraakt’. Hij kan daarom geen verantwoordelijkheid nemen voor de handelingen die hij uitvoert, zoals het produceren van foute liedteksten of het plagiëren van andermans muziek. De AI-muziekgenerator verschilt dus enerzijds van een menselijke muzikant, omdat de generator een ander soort cognitie heeft en geen verantwoordelijkheid voor het handelen kan nemen. Hij verschilt anderzijds van de gitaar, omdat hij met een mens een cognitieve assemblage kan vormen. (3)
Streamingdiensten voor muziek maken steeds meer gebruik van AI, onder andere om profielen van luisteraars te maken. Door bij te houden naar welke muziek iemand luistert, leert AI welke afspeellijsten bij die persoon passen en kan AI zo’n afspeellijst genereren. De luisteraar kan zo via de streamingsdienst nieuwe muziek ontdekken die goed aansluit bij diens smaak.
Miriam Rasch gebruikt in haar filosofie het begrip else.
Vraag 17 1 punt
Beargumenteer met het begrip else of een luisteraar van een muziekstreamingdienst volgens jou in een profiel te vatten is.
Bekijk het antwoord
Een goed antwoord bevat een argument met het begrip else als onherleidbare openheid/het andere/vreemde/spontane, of een luisteraar van een muziekstreamingsdienst in een profiel te vatten is.
voorbeeld van een goed antwoord:
− Ik denk dat een luisteraar inderdaad te vatten is in een luisteraarsprofiel. Waarschijnlijk kan AI door het analyseren van luistergedrag zelfs beter vatten waar mensen van houden dan mensen zelf. AI is namelijk beter in het analyseren van grotere hoeveelheden data en het herkennen van patronen dan mensen en kan bijvoorbeeld ontdekken dat iemand houdt van bepaalde zangstemmen of van het geluid van een contrabas. Rasch stelt dat mensen gekenmerkt worden door het else omdat het andere, spontane in ons niet in data te vangen is. Rasch denkt misschien dat ik kan kiezen voor muziek die totaal anders is dan mijn profiel. Maar ik denk dat dit een te romantisch beeld is van de mens en dat we in werkelijkheid ontzettend voorspelbaar zijn. Die ene gekke andere muziekkeuze sluit beter aan bij ons profiel dan Rasch denkt.
of
− Ik denk niet dat een luisteraar te vatten is in een profiel. Volgens Rasch worden mensen gekenmerkt door het else en ik denk dat ze daar gelijk in heeft. Mensen hebben een onherleidbare openheid, waardoor ze zich verhouden tot hun eigen bestaan en de vrijheid en de opdracht hebben om hun bestaan vorm te geven. De muzieksmaak van mensen is bijna nooit eenduidig, want iemand houdt misschien van jazz, maar wil soms juist meezingers, terwijl het profiel niet weet wat voor luisteraar je op dit moment bent. Mensen zijn veranderlijk en kunnen zelfs verrast worden door zichzelf. Een profiel loopt altijd achter de feiten aan, omdat het weliswaar weet wat ik heb geluisterd, maar mijn nieuwste muzikale ontdekking nooit in het profiel is opgenomen.
Een nieuwe generatie neurale netwerken is de GAN (Generative Adversarial Networks). GAN-systemen bevatten zowel een generator als een discriminator. De generator maakt bijvoorbeeld muziek, afbeeldingen of video’s. De discriminator is geprogrammeerd om onderscheid te maken tussen menselijke producten en producten die door AI gegenereerd zijn.
Tussen de generator en de discriminator vindt een competitief samenspel plaats, totdat de generator beelden produceert die de discriminator kunnen misleiden. Zo kunnen GAN-systemen nieuwe kunstwerken maken die vrijwel niet te onderscheiden zijn van kunstwerken die door mensen zijn gemaakt. Een aantal van deze kunstwerken is inmiddels bij gerenommeerde veilinghuizen geveild.
Er kan een onderscheid worden gemaakt tussen AI als productsimulatie en AI als processimulatie.
Vanuit het connectionisme zou een GAN-systeem kunnen worden gezien als een simulatie van menselijke cognitie.
Vraag 18 3 punten
Geef met een kenmerk van een neuraal netwerk een argument voor dit standpunt van het connectionisme.
Geef vervolgens met een ander kenmerk van een neuraal netwerk nog een argument voor dit standpunt van het connectionisme.
Geef tot slot met het verschil tussen processimulatie en productsimulatie een argument dat een GAN-systeem niet moet worden gezien als een simulatie van menselijke cognitie.
Bekijk het antwoord
Een goed antwoord bevat de volgende elementen:
- een argument voor het standpunt van het connectionisme dat een GAN-systeem zou kunnen worden gezien als een simulatie van menselijke cognitie, met een van de volgende kenmerken van een neuraal netwerk: vermogen om zelf te leren / vermogen tot patroonherkenning / kan de menselijke ervaring benaderen / kan hersenprocessen nabootsen (1)
- een argument voor het standpunt van het connectionisme dat een GAN-systeem zou kunnen worden gezien als een simulatie van menselijke cognitie, met een van de volgende kenmerken van een neuraal netwerk dat nog niet eerder gebruikt is: vermogen om zelf te leren / vermogen tot patroonherkenning / kan de menselijke ervaring benaderen / kan hersenprocessen nabootsen (1)
- een argument dat een GAN-systeem niet moet worden gezien als simulatie van menselijke cognitie, met het verschil tussen processimulatie als het imiteren van de menselijke denkprocessen en productsimulatie als het nabootsen van het resultaat van menselijke denkprocessen (1)
voorbeeld van een goed antwoord:
- Het menselijke brein is een netwerk van neuronen in interactie. Digitale neurale netwerken zoals een GAN-systeem zijn niet van vlees en bloed, maar hebben een vergelijkbare werking en zijn net als de mens in staat tot patroonherkenning. Mensen kunnen bijvoorbeeld gezichten herkennen op basis van patronen, zonder elk specifiek kenmerk te kunnen aanwijzen. Op vergelijkbare wijze kan een GAN-systeem patronen herkennen in kunst en tot een oordeel komen over welke kunst lijkt op kunst die is gemaakt door een mens. Volgens het connectionisme is hier sprake van simulatie van menselijke cognitie. (1)
- Net als het menselijke brein zijn neurale netwerken zelflerend. Een GAN-systeem ontwikkelt zich op basis van feedback en leert van ervaringen, bijvoorbeeld van nieuwe kunst, waarna de discriminator de generator aanzet tot verdere ontwikkeling van de gegenereerde kunstwerken. Dit maakt een GAN-systeem volgens het connectionisme tot simulatie van menselijke cognitie, want ook mensen leren op zo’n manier van het maken, analyseren en verder ontwikkelen van kunst. (1)
- Een GAN-systeem moet niet worden gezien als simulatie van menselijke cognitie, omdat een GAN-systeem alleen de uitkomst van het menselijke denken probeert na te bootsen (productsimulatie). Het doel is om kunstwerken te genereren die door kunnen gaan voor kunstwerken van menselijke makers. De processen in het brein van de menselijke kunstenaar – zoals het onderzoeken van materiaal of het uiten van gevoelens/gedachten in het kunstwerk – draaien niet om laten zien dat het door een mens is gemaakt, en worden niet door het GAN-systeem gesimuleerd (processimulatie). (1)
GAN-systemen worden gebruikt voor het genereren van afbeeldingen, video’s, animaties en muziek. De meningen verschillen over de vraag of GAN-systemen creatief kunnen zijn in het maken van kunst.
Vraag 19 2 punten
Beargumenteer of een GAN-systeem volgens jou creatief kan zijn. Ga hierbij in op:
- een definitie van het wezen van de mens met betrekking tot creativiteit in kunst, en
- een vooronderstelling bij deze definitie.
Bekijk het antwoord
Een goed antwoord bevat de volgende elementen:
- een argumentatie of een GAN-systeem creatief kan zijn, waarbij wordt ingegaan op een definitie van het wezen van de mens met betrekking tot creativiteit in de kunst (1)
- een argumentatie of een GAN-systeem creatief kan zijn, waarbij wordt ingegaan op een vooronderstelling bij deze definitie (1)
voorbeeld van een goed antwoord:
- Mijn definitie van het wezen van de mens met betrekking tot creativiteit in kunst is: een mens is een reflecterend wezen dat steeds bezig is om het leven te duiden en uitdrukking wil geven aan die duiding, wat leidt tot creatieve, kunstzinnige uitingen. Ik ga hierbij uit van de vooronderstelling dat reflectie een voorwaarde is voor creativiteit. Creativiteit is volgens mij dan ook niet het creëren van ongeziene en onverwachte composities door bijvoorbeeld een nieuwe combinatie van muzieknoten of beelden te maken. Creativiteit is het uiting geven aan mijn ervaringen en mijn duiding van die ervaringen. Deze vorm van creativiteit kan een GAN-systeem pas aan de dag leggen zodra het zou gaan reflecteren op ervaringen. (2)
of
- Ik definieer het wezen van de mens met betrekking tot creativiteit in de kunst als: mensen zijn wezens die voortdurend nieuwe verbanden leggen tussen zaken uit hun gedachten en hun omgeving. Die nieuwe verbanden kunnen ze onder andere uiten in kunstwerken. Ik ga hierbij uit van de vooronderstelling dat alle wezens die nieuwe verbanden kunnen leggen, creatief kunnen zijn. Daarom denk ik dat ook een GAN-systeem creatief kan zijn wanneer het bijvoorbeeld een onverwacht instrument combineert met een bepaalde muziekstijl. Net als mensen put AI daarbij uit het bekende (de database) en maakt daarmee nieuwe combinaties. (2)
Bij het kunstwerk Appropriate Response (‘passend antwoord’) knielt een museumbezoeker neer op een bidstoeltje en krijgt een uitspraak te lezen die gegenereerd is door AI. De AI is ontwikkeld op basis van teksten op internet en toont elke bezoeker een andere uitspraak, bijvoorbeeld:
tekst 4
‘Er zijn mensen die de waarheid op zo’n voetstuk zetten dat ze kunstenaars worden.’
‘Religie bevat, zonder twijfel, het meeste van de wereld in zijn verschillende vormen.’
‘Het beste wat ik kan doen, is elk jaar uit bed komen.’
bron: Mario Klingemann, Appopriate Response, 2020
George Lakoff en Mark Johnson stellen dat lichamelijkheid een rol speelt in de taal.
Vraag 20 1 punt
Leg dit uit met een van de uitspraken uit tekst 4.
Bekijk het antwoord
Een goed antwoord bevat een uitleg met een van de uitspraken uit tekst 4 dat lichamelijkheid volgens Lakoff en Johnson een rol speelt in de taal, omdat taal metaforen bevat die onze lichamelijke oriëntatie op de wereld tonen / die gebaseerd zijn op onze lichamelijke omgang met fysieke objecten.
voorbeeld van een goed antwoord:
Volgens Lakoff en Johnson drukt taal uit hoe we met ons lichaam in de wereld staan. Zo is de uitdrukking ‘iets op een voetstuk zetten’ een voorbeeld van een oriënterende metafoor. Door onze lichamelijke rechtopstaande positie als mens zien wij hoger als beter.
Opmerking
Aan een antwoord waarin het begrip ontologische metafoor correct wordt uitgelegd en toegepast op een uitspraak uit de bron kan ook een scorepunt worden toegekend, mits wordt ingegaan op de rol van lichamelijkheid.
Sommigen stellen dat de AI van Appropriate Response bij het genereren van een uitspraak niet denkt zoals een mens.
Vraag 21 2 punten
Geef vanuit het enactivisme een argument voor deze stelling over de AI van Appropriate Response. Ga hierbij in op een voorbeeld van menselijk denken dat aansluit bij het enactivisme.
Bekijk het antwoord
Een goed antwoord bevat de volgende elementen:
- een argument vanuit het enactivisme, dat denken ziet als dynamische/lichamelijke interactie in en met de omgeving, voor de stelling dat de AI van Appropriate Response bij het genereren van een uitspraak niet denkt zoals een mens (1)
- een argument vanuit het enactivisme voor de stelling dat de AI van Appropriate Response bij het genereren van een uitspraak niet denkt zoals een mens, waarbij wordt ingegaan op een voorbeeld van menselijk denken dat aansluit bij het enactivisme (1)
voorbeeld van een goed antwoord
- Volgens het enactivisme is het denken van de mens de dynamische interactie van een bewegend, voelend lichaam met de omgeving, niet het manipuleren van input door de hersenen. De AI van Appropriate Response is niet belichaamd en heeft geen interactie met de omgeving, maar bewerkt taal van het internet middels een neuraal netwerk. AI denkt volgens het enactivisme dus niet zoals een mens. (1)
- Het enactivisme wijst erop dat mensen in hun denken gebruikmaken van de omgeving en dat ze denken door zich in de fysieke wereld te bewegen, bijvoorbeeld hoe mensen de weg zoeken in de omgeving. Mensen gebruiken hun lichaam om zich te oriënteren: is iets ver lopen, bergop of voorbij een hoog gebouw? De lichamelijke ervaring en fysieke aanknopingspunten worden zo gebruikt om de weg te zoeken. Volgens het enactivisme is dit allemaal onderdeel van het denken. Een AI zonder lichaam kan niets fysieks doen en heeft geen fysieke omgeving. Daarmee is het denken van de AI totaal anders dan dat van een mens, als het al denken genoemd kan worden. (1)
Muziekproducer en zangeres Holly Herndon creëerde een AI-zangeres, genaamd Spawn. Spawn heeft de stem van Herndon, maar met nieuwe technische mogelijkheden, zoals een groter bereik en het vermogen te zingen zonder adem te halen.
Spawn werd getraind door diverse zangers en koren die composities van Herndon inzongen. Na verloop van tijd begon Spawn muziek te genereren die Herndon verrassend en interessant vond. Ze heeft een nieuw album uitgebracht met muziek van haarzelf en Spawn.
Andy Clark en David Chalmers schrijven over de grenzen van menselijke cognitie en gebruiken daarbij het begrip cognitieve extensie.
Vraag 22 1 punt
Beargumenteer met het voorbeeld van Herndon en Spawn en het begrip cognitieve extensie waar volgens jou de menselijke cognitie eindigt en de rest van de wereld begint.
Bekijk het antwoord
Een goed antwoord bevat een argumentatie met het voorbeeld van Herndon en Spawn en het begrip cognitieve extensie – materiële hulpmiddelen worden integraal onderdeel van menselijk denken – over waar de menselijke cognitie eindigt en de rest van de wereld begint.
voorbeeld van een goed antwoord:
− Volgens Clark en Chalmers is de grens tussen menselijke cognitie en de rest van de wereld niet duidelijk te trekken. Mensen gebruiken de wereld om hen heen als onderdeel van hun cognitieve processen. Spawn kan worden gezien als een cognitieve extensie omdat het een actieve rol speelt in Herndons denkprocessen. Ik ben het met Clark en Chalmers eens, omdat er sprake is van tweerichtingsinteractie, zoals in een gekoppeld cognitief systeem. Herndon voert haar composities in Spawns programma in en Spawn genereert muziek die Herndon weer inspireert tot een album, dat ze vervolgens samen met Spawn maakt. Omdat ze zonder Spawn niet tot dezelfde creatie zou kunnen komen, eindigt de cognitie van Herndon niet bij haar eigen lichaam, maar is Spawn onderdeel van haar cognitie.
of
− Clark en Chalmers stellen dat sommige materiële hulpmiddelen onderdeel worden van menselijke denkprocessen, waardoor de grens tussen menselijke cognitie en de rest van de wereld niet scherp te trekken is. Zij zouden Spawn zien als een cognitieve extensie. Spawn vervult immers dezelfde functie als (een deel van) het menselijke cognitieve vermogen van Herndon, namelijk het vermogen om bestaande composities te combineren tot nieuwe muziekstukken. Zelf zou ik niet zeggen dat Spawn onderdeel is van Herndons cognitieve proces. Spawn is in mijn ogen eerder een instrument dat Herndon helpt om buiten haar lichamelijke beperkingen om muziek te creëren, doordat zij Spawn gecreëerd heeft met een groter bereik en het vermogen om te zingen zonder adem te halen. Dat Herndon hierdoor tot nieuwe muziekstukken komt, wil nog niet zeggen dat Spawn die functie van Herndons cognitieve vermogen heeft overgenomen. De menselijke cognitie eindigt in mijn ogen dan ook daar waar andere dingen de rol van instrument krijgen, zonder direct een functie van ons eigenlijke denkproces over te nemen.
Herndon koos bewust voor koorzang als deel van de training van Spawn. Herndon zegt hierover:
tekst 5
‘Het koor verbeeldt bovendien de kracht van samenwerking: het vermogen van mensen om samen iets te creëren dat groter is dan de som der delen.’ Anderzijds ziet ze het koor als symbool voor AI. ‘Want AI is, anders dan mensen soms denken, geen alien die zomaar op onze planeet geland is. ‘Machine learning’ is een vorm van collectieve intelligentie. Iedere data-set is het gevolg van de inspanningen van grote groepen mensen.’
bron: NRC, Deze popmuzikanten zijn wél positief over AI: ‘De toepassingen zullen steeds maffer worden’, 2024
Spawn kan online worden gebruikt om muziek mee te genereren. Jos de Mul beschrijft drie toekomstscenario’s voor de mens, waaronder het zwermgeestscenario (extrahumanisme) en het zombiescenario (posthumanisme).
Vraag 23 2 punten
Leg het verschil uit tussen deze twee toekomstscenario's.
Leg vervolgens met tekst 5 uit welk scenario waarschijnlijker is gezien het feit dat Spawn bestaat. Ga hierbij in op beide scenario’s.
Bekijk het antwoord
Een goed antwoord bevat de volgende elementen:
- een uitleg van het verschil tussen het zwermgeestscenario en het zombiescenario: het zwermgeestscenario gaat over neurotechnologische mensverbetering / het creëren van een gedeeld superbrein, terwijl het zombiescenario gaat over de creatie van een nieuwe kunstmatige levensvorm (1)
- een uitleg met tekst 5 dat het bestaan van Spawn het zwermgeestscenario waarschijnlijker maakt dan het zombiescenario, waarbij wordt ingegaan op beide scenario’s: Spawn is het resultaat van collectieve intelligentie, waardoor de menselijke cognitie op een hoger plan komt / waardoor mensen cognitief met elkaar verbonden worden (zwermgeestscenario), terwijl Spawn geen nieuwe levensvorm is (zombiescenario) (1)
voorbeeld van een goed antwoord:
- Met het zwermgeestscenario speculeert De Mul over een toekomstige verbinding van menselijke geesten in een zwerm, waardoor de individuele prestaties zouden verbeteren. Bij het zombiescenario gaat het niet over de verbetering van de mens, maar over het scheppen van een nieuwe artificiële levensvorm. (1)
- Het bestaan van Spawn maakt het zwermgeestscenario waarschijnlijker dan het zombiescenario, omdat Spawn gebruikmaakt van machine learning, wat volgens Herndon een vorm van collectieve intelligentie is. Het zwermgeestscenario is een vorm van collectieve intelligentie die nog een stap verder ontwikkeld is. Het zombiescenario daarentegen gaat over de creatie van een nieuwe kunstmatige levensvorm. Spawn maakt de mogelijkheid hiervan niet extra aannemelijk, terwijl het de mogelijkheid van een zwermgeest wel dichterbij brengt. (1)
Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen vwo Filosofie 2026, tijdvak 2. Figuren en de exacte opmaak staan in het originele examen.
Andere examens filosofie vwo
- 2026, tijdvak 1
- 2025, tijdvak 1
- 2025, tijdvak 2
- 2024, tijdvak 1
- 2024, tijdvak 2
- 2023, tijdvak 1
- 2023, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 1
- 2022, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 3
- 2021, tijdvak 1
- 2021, tijdvak 2
- 2021, tijdvak 3
- 2019, tijdvak 1
- 2019, tijdvak 2
- 2018, tijdvak 1
- 2018, tijdvak 2
Veelgestelde vragen
Hoeveel vragen heeft het eindexamen filosofie vwo 2026, tijdvak 2?
Het centraal examen filosofie vwo 2026, tijdvak 2 telt 23 vragen. De meeste vragen gaan over mens en techniek (21), ethiek (1) en politieke filosofie (1).
Wat zijn de antwoorden van het examen filosofie vwo 2026, tijdvak 2?
Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.
Waar vind ik het correctievoorschrift van filosofie vwo 2026, tijdvak 2?
Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2026/vwo/documenten/cse-2/vw-0311-a-26-2-c).
Hoe oefen ik met het examen filosofie vwo 2026, tijdvak 2 en krijg ik feedback?
Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.