Eindexamen geschiedenis havo 2021, tijdvak 3: vragen en antwoorden

Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Door de tijd heen, Vroegmoderne tijd, Moderne tijd.

Kort antwoord

Het centraal examen geschiedenis havo 2021, tijdvak 3 loopt tot vraag 26. Van 14 vragen staat het onderwerp in de vragenbank. De meeste vragen gaan over tijd van burgers en stoommachines (4), tijd van wereldoorlogen (3) en historische vaardigheden (2). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.

Onderwerpen in dit examen

Onderwerp per vraag in het centraal examen geschiedenis havo 2021, tijdvak 3, voor de vragen waarvan het onderwerp bekend is. Elke vraag is eenmalig door een AI-model bij een onderwerp ingedeeld; per vraag kan dat afwijken.
OnderwerpVragenAantal
Tijd van burgers en stoommachines7, 9-10, 124
Tijd van wereldoorlogen16-17, 213
Historische vaardigheden1, 182
Tijd van ontdekkers en hervormers2-32
Koude Oorlog19, 262
Tijd van regenten en vorsten41

Vergeleken met andere jaren

Vergeleken met de andere 17 examens geschiedenis havo sinds 2018: dit examen vroeg meer over tijd van burgers en stoommachines (29% van de vragen, gemiddeld 18%) en tijd van wereldoorlogen (21% van de vragen, gemiddeld 15%). Minder over tijd van televisie en computer (0% van de vragen, gemiddeld 12%) en tijd van pruiken en revoluties (0% van de vragen, gemiddeld 6%).

Opgaven en correctievoorschrift

De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.

Oefenen als leerling

Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen geschiedenis havo 2021, tijdvak 3 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.

Nakijken als docent

  1. Start gratis vanaf deze pagina

    Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen geschiedenis havo 2021, tijdvak 3 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.

  2. Laat de klas het examen maken

    Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.

  3. Geef de resultaten vrij

    Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.

ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.

Vragen en antwoorden

Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen geschiedenis havo 2021, tijdvak 3. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.

Door de tijd heen

De volgende gebeurtenissen uit de geschiedenis waarin torens een rol hebben gespeeld, staan in willekeurige volgorde:

1 De aanslag op de torens van het World Trade Centre in New York verhevigde in Nederland de discussies over de multiculturele samenleving.

2 De bouw van de Eiffeltoren was onderdeel van de wereldtentoonstelling in Parijs, die als belangrijk doel had uitvindingen van het industriële tijdperk te laten zien.

3 De Toren van de Vrijheid in Parijs werd door een menigte afgebroken, omdat het bouwwerk onderdeel was van de gevangenis de Bastille, die als een symbool van het ancien régime werd beschouwd.

4 Portugese ontdekkingsreizigers, zoals Vasco da Gama, startten hun tochten bij de Toren van Belém.

5 Tijdens de Bezetting moest de naam van pretpark Julianatoren vlak bij Apeldoorn veranderd worden in Julia Toren, omdat verwijzingen naar levende leden van het koningshuis verboden waren.

6 Tijdens de bloeitijd van de Republiek gaven de Amsterdamse regenten voorrang aan een nieuw stadhuis, waardoor de geplande bouw van de toren van de Nieuwe Kerk niet doorging.

Vraag 1 2 punten

Zet deze zes gebeurtenissen in de juiste chronologische volgorde, van vroeger naar later. Noteer alleen de nummers.

Bekijk het antwoord

Opmerking Als door het weglaten van één foutief geplaatst nummer een verder complete en foutloze reeks ontstaat, wordt 1 scorepunt toegekend.

Vroegmoderne tijd

Gebruik bron 1. Een bewering: De las Casas wil met de beschreven gebeurtenis bereiken dat door het aannemen van wetten het gedrag van de Spanjaarden tegenover de inwoners van Amerika verandert.

Vraag 2 4 punten

Toon dit aan door uit te leggen dat de beschreven gebeurtenis duidelijk maakt:

  • dat wetten aangenomen moeten worden om de inheemse bevolking van Amerika te beschermen en
  • dat door de aanname van zulke wetten de bekering van de inheemse bevolking van Amerika wordt bevorderd.
Bron 1

In 1552 publiceert de Spaanse priester Bartolomé de las Casas een boek over de verovering van Amerika door de Spanjaarden. Hierin schrijft hij over Hatuey, een stamhoofd uit Cuba:

Dit stamhoofd kende de Spanjaarden en hun werkwijze maar al te goed. Hij vluchtte weg zodra ze op het eiland Cuba aankwamen en verzette zich alleen gewapenderhand als hij ze tegenkwam. Uiteindelijk werd hij gevangengenomen. Hoewel zijn enige misdaad was dat hij had geprobeerd te ontsnappen uit de klauwen van deze wrede en gewelddadige mannen omdat hij wel begreep dat ze erop uit waren hem te doden en dat, als hij zich niet verdedigde, ze hem en zijn volk de dood in zouden jagen. Toch spraken de Spanjaarden het vonnis uit dat hij levend verbrand moest worden. Toen hij was vastgebonden op de brandstapel kwam er een franciscaner monnik, een heilige man, die hem

  • in de beperkte tijd die de beulen hem gunden
  • vertelde over God en over ons christelijke geloof. Dit alles was nieuw voor Hatuey. De monnik vertelde dat, als hij dit allemaal zou gaan geloven, hij naar de hemel zou gaan. Als hij dit niet zou geloven, dan zou hij naar de hel gaan, waar eeuwigdurende pijn en kwelling waren. Hatuey dacht kort na en vroeg de monnik toen of christenen ook naar de hemel gingen. De monnik bevestigde dat dit voor de goede christenen zo was. Hatuey zei toen, zonder er verder over na te denken, dat hij liever naar de hel ging, om er zeker van te zijn dat hij zulke wrede mensen nooit meer zou tegenkomen.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • Uit de beschreven gebeurtenis blijkt dat inwoners van Cuba de werkwijze van de Spanjaarden vrezen / wegvluchten bij de komst van de Spanjaarden / zich uit angst voor de Spanjaarden tegen hen verzetten / streng gestraft worden hoewel zij onschuldig zijn, waardoor duidelijk wordt dat de Spanjaarden zich zo wreed tegen de inwoners van Cuba gedragen dat wetten nodig zijn om de inwoners van Cuba te beschermen (2)
  • De beschreven gebeurtenis maakt duidelijk dat zulke wetten de bekering van de inheemse bevolking bevorderen, omdat uit de bron blijkt dat Hatuey het christelijk geloof afwijst door het wrede gedrag van de Spanjaarden en wel open zou staan voor bekering als dit gedrag (door aanname van wetten) zou zijn verboden (2)

Het stadsbestuur van Woerden (nu in de provincie Utrecht) besloot in 1590:

1 om de vestingwerken van de stad te versterken en

2 om twee Romeinse molenstenen in het stadhuis tentoon te stellen die tijdens de werkzaamheden gevonden werden.

Vraag 3 2 punten

Verklaar elk besluit met een ander kenmerkend aspect van de zestiende eeuw.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Alleen als in een antwoord een juist kenmerkend aspect wordt genoemd met een passende verklaring, wordt 1 scorepunt toegekend.

Gebruik bron 2. Van Diemerbroeck beweert dat zijn onderzoek naar de pest beter is dan dat van zijn voorgangers.

Vraag 4 3 punten

Verklaar zijn mening door:

  • aan te geven welke oorzaak Van Diemerbroeck geeft voor het ontbreken van onderzoek naar de pest en
  • met een verwijzing naar de bron aan te geven dat Van Diemerbroeck aansluit bij een werkwijze die past bij de zeventiende eeuw.
Bron 2

IJsbrand van Diemerbroeck is arts in Nijmegen tijdens de pestepidemie van 1635 tot 1637. Hij publiceert een boek over de pest, waarin hij schrijft:

[Ik doe dit] eens te meer, omdat tal van vooraanstaande medici, afgeschrikt door de vrees voor een dodelijke besmetting, hebben afgezien van een diepergaand onderzoek naar de vele zaken waarmee men bij de pest van alle dingen het meest rekening moet houden. Vandaar dat ze het verhaal van de pest niet precies genoeg hebben uiteengezet. Ze hebben allerlei nuttige waarnemingen overgeleverd, maar daar intussen andere aan toegevoegd die niet van hen zelf waren. (…) [De lezer zal ook merken dat ik] wat dit betreft de meeste dingen heel anders ga uitleggen dan vele anderen voorheen gedaan hebben en dat ik die dingen deels via glasheldere redeneringen ga demonstreren, maar deels ook ga bevestigen via ervaringen, deels van mijzelf, deels van andere zeer geleerde mannen, zowel uit heden als verleden.

Moderne tijd

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

  • Van Diemerbroeck schrijft dat (een van de volgende): (1p)
    • hij glasheldere redeneringen doet,
    • hij dingen bevestigt met ervaringen van hemzelf en van anderen,

Drie gegevens over de geschiedenis van de kostbare kleurstof karmijnrood:

1 Spaanse veroveraars leerden van de Azteken in Amerika dat karmijnrood van luizen werd gemaakt en brachten in 1523 de kleurstof mee naar Spanje.

2 Rembrandt van Rijn gebruikte in 1665 voor zijn schilderij Het Joodse bruidje karmijnrood voor een deel van de jurk van de bruid.

3 Vanaf 1830 werden sommige boeren in Nederlands-Indië door de Nederlanders gedwongen om de luizen te kweken waar de kleurstof karmijnrood van gemaakt werd.

Vraag 5 3 punten

Geef voor elk van de drie gegevens een ander kenmerkend aspect dat hierbij past.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord
  • Gegeven 1 past bij 'het begin van de Europese overzeese expansie' (1)
  • Gegeven 2 past bij 'de bloei in economisch en cultureel opzicht van de Nederlandse Republiek' of bij 'wereldwijde handelscontacten, handelskapitalisme en het begin van een wereldeconomie' (1)
  • Gegeven 3 past bij 'uitbouw van de Europese overheersing' en 'de moderne vorm van imperialisme die verband hield met industrialisatie' (1)

Een anekdote: Nadat Pruisen een aantal malen getroffen was door mislukte graanoogsten, vaardigde koning Frederik de Grote op 24 maart 1756 het zogenaamde Kartoffelbefehl (aardappelbevel) uit, omdat hij ervan overtuigd was dat met het verbouwen van aardappels hongersnood kon worden voorkomen. Magistraten en beambten moesten zijn onderdanen kennis laten maken met het nut van de aardappelplant en ervoor zorgen dat deze plant op iedere beschikbare plek werd verbouwd. Bewering: Het Kartoffelbefehl past bij het Verlichte beleid van Frederik de Grote.

Vraag 6 2 punten

Leg de bewering uit.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord
  • Kern van een juist antwoord is: Het Kartoffelbefehl is Verlicht te noemen omdat Frederik de Grote het bevel gaf dat zijn onderdanen kennis moesten maken met het nut van de aardappelplant, wat aansluit bij het Verlichtingsideaal dat de staat dienend moet zijn aan het volk / kennis belangrijk is / nieuwe kennis toegepast moest worden in de economie. (2)

Moderne tijd

Gebruik bron 3. De Britse textielproducenten winnen de concurrentiestrijd met Indiase producenten, hoewel het Indiase textiel van hogere kwaliteit is. De bron biedt een verklaring voor deze ontwikkeling.

Vraag 7 3 punten

Toon dit aan door:

  • uit te leggen welke verklaring de bron geeft voor de export van Brits textiel naar het buitenland en
  • zonder bron een verklaring te geven voor het feit dat de Indiase textielproducenten door hun manier van produceren de concurrentiestrijd met de Britse textielproducenten verliezen.
Bron 3

In 1789 sturen 103 textielfabrikanten uit de omgeving van Glasgow een verzoekschrift aan de Britse minister van Financiën, waarin zij onder andere het volgende schrijven:

Dat de rekestranten1) die zich tot u wenden al vroeg zijn begonnen Britse mousseline2) te fabriceren en in de voorbije jaren grote vooruitgang hebben geboekt bij het ontwikkelen en verbeteren van deze waardevolle bedrijfstak (…). Dat de machinekracht die in deze bedrijven wordt ingezet en de nieuwe fabrieksgebouwen die de rekestranten door toegenomen werkzaamheden hebben kunnen inrichten, leidt tot een overvloed aan artikelen die niet door binnenlandse consumptie kunnen worden gebruikt en daarom wordt een toename van de verkoop in het buitenland een onvermijdelijke noodzaak om de machines in bedrijf te houden.

noot 1 personen die een verzoekschrift (rekest) indienen noot 2 soort textiel

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven

Bekijk het antwoord

Opmerking Alleen als bij de eerste deelvraag een passende verwijzing naar de bron wordt gevolgd door een juiste verklaring, worden 2 scorepunten toegekend.

In 1790 werd in het Amerikaanse Congres (parlement) gediscussieerd over de slavernij. Twee standpunten in het debat:

1 De slavernij is in strijd met de opvatting dat een mens geen bezit mag zijn van een ander mens.

2 Het congres kan de slavernij in een staat niet verbieden. Twee beweringen:

  • Standpunt 1 is gebaseerd op een ideaal van de Verlichting.
  • Standpunt 2 past bij het feit dat de Verenigde Staten een federale staatsvorm hebben.

Vraag 8 2 punten

Ondersteun beide beweringen met een argument.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord
  • Standpunt 1 is gebaseerd op een ideaal van de Verlichting, omdat Verlichtingsdenkers geloofden in de natuurlijke rechten van mensen / dat alle mensen gelijk / vrij / rationele wezens zijn (en daarom geen bezit van een ander mens mogen zijn) (1)
  • Standpunt 2 past bij het feit dat de Verenigde Staten een federale staatsvorm hebben, omdat in een federale staat de centrale regering niet de volledige macht heeft over de staten (en er dus per staat verschillend beslist kan worden over slavernij) (1)

Gebruik opnieuw de standpunten uit vraag 8.

Vraag 9 2 punten

Geef aan met een argument of standpunt 2 vooral gedeeld werd door vertegenwoordigers van de noordelijke of van de zuidelijke staten.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord
  • Kern van een juist antwoord is: Het standpunt werd vooral gedeeld door vertegenwoordigers van de zuidelijke staten, omdat in deze staten tot slaaf gemaakten werkten / de economie afhankelijk was van de slavernij (en vertegenwoordigers van die staten daarom vooral voorstanders waren van de slavernij). (2)

Een anekdote: In 1831 stelden artsen in de Britse havenstad Sunderland de eerste gevallen van cholera vast. Om verdere verspreiding te voorkomen bepaalde een gezondheidsraad die door de overheid was ingesteld (waar vooral artsen in zaten) dat alle schepen vijftien dagen in afzondering moesten worden gehouden. Twee weken later draaide de gezondheidsraad onder druk van ondernemers de maatregel terug, waarna de ziekte zich razendsnel verspreidde. Een bewering: Deze anekdote is illustratief voor de politiek-economische verhoudingen in Groot-Brittannië van dat moment.

Vraag 10 3 punten

Ondersteun de bewering door:

  • een reden te geven voor de houding van de ondernemers en
  • uit te leggen dat de reactie van de gezondheidsraad paste bij het ontstaan van een liberale markteconomie in die periode.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord
  • De ondernemers zetten de artsen onder druk, omdat het in afzondering houden van schepen ten koste ging van hun economische belangen (1)
  • Door het ontstaan van een liberale markteconomie kregen ondernemers steeds meer politieke invloed, wat blijkt uit de reactie van de gezondheidsraad, die de maatregel onder druk terugdraaide (2)

Gebruik bron 4. Bewering: Macaulay vreest voor chaos door:

  • de voortschrijdende democratisering en
  • de invloed van de opkomende emancipatiebeweging van de arbeiders.

Vraag 11 4 punten

Geef voor beide onderdelen van de bewering een argument, telkens met een verwijzing naar de bron.

Bron 4

In 1842 wordt in Groot-Brittannië in het parlement een volkspetitie ingediend om het kiesrecht uit te breiden. De Britse politicus Thomas Babington Macaulay houdt in het parlement een betoog tegen de petitie. Enkele gedeelten uit zijn betoog:

Stel je een goedbedoelende, hardwerkende monteur voor, liefdevol gehecht aan zijn vrouw en kinderen. Slechte tijden komen. Hij ziet de vrouw van wie hij houdt elke dag dunner en bleker worden. Zijn kleintjes roepen om brood en hij heeft niemand om hun dat te geven. Dan komen de ophitsers en verleiders die hem vertellen dat er meer dan genoeg is voor iedereen; en dat hij te weinig heeft, omdat de rijke heren, bankiers, fabrikanten en winkeliers te veel hebben. Is het dan vreemd dat de arme man misleid wordt en een dergelijke petitie gretig ondertekent? (…) Onze eerlijke werkende man heeft geen opleiding ontvangen. Hij kan niet begrijpen dat de problemen die hij nu heeft, vele malen erger zullen worden als er ook maar een maand van plunderingen en chaos zou zijn. Maar u zegt, het is niet de schuld van de arbeider dat hij niet goed is opgeleid. Zeer waar. Het is niet zijn fout. Maar hoewel hij geen aandeel heeft in de fout, zal hij, als je dwaas genoeg bent om hem de hoogste macht in de staat te geven, er zelf het meest onder lijden.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven

Bekijk het antwoord

Opmerking Alleen als een juiste ondersteuning wordt gegeven, wordt 1 scorepunt toegekend aan een passende verwijzing naar de bron.

In 1857 stichtten de Britten in India universiteiten in Madras, Calcutta en Bombay. Op deze universiteiten kregen Indiërs les in het Britse rechtssysteem.

Vraag 12 2 punten

Leg uit dat de oprichting van deze universiteiten past bij de opzet van het Britse bestuur in India.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord
  • Kern van een juist antwoord is: Door het volgen van deze opleiding aan een van deze universiteiten waren Indiërs in staat om te werken in een bestuurlijke functie, wat past bij de opzet van de Britten om de inheemse bevolking zoveel mogelijk bij het bestuur van de kolonie te betrekken. (2)

In 1875 kocht de Britse regering een groot deel van de aandelen van het Suezkanaal, waarmee het kanaal onder Britse controle kwam. De regering probeerde het parlement achter de aankoop van de aandelen te krijgen, met de argumenten dat controle over het Suezkanaal:

1 een economisch voordeel opleverde en

2 een versterking van het gezag over het Britse Rijk tot gevolg had.

Vraag 13 2 punten

Geef voor beide argumenten aan welke redenering de regering hierbij volgde.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

Voorbeeld van een juist antwoord is: Door controle over het Suezkanaal werd de reisafstand naar India aanzienlijk verkort, waardoor

Gebruik bron 5. Stel, je doet onderzoek naar de woonomstandigheden van Amerikaanse arbeiders in de negentiende eeuw en je hebt twee onderzoeksvragen:

1 Wat waren de woonomstandigheden van de gemiddelde Amerikaanse arbeider in de negentiende eeuw?

2 Welke bijdrage leverde Riis aan de verbetering van de omstandigheden waarin Amerikaanse arbeiders leefden? Je vindt het boek van Riis en je komt tot de conclusie dat het boek voor onderzoeksvraag 1 minder bruikbare informatie en voor onderzoeksvraag

2 meer bruikbare informatie bevat.

Vraag 14 2 punten

Ondersteun beide delen van je conclusie.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord
  • De bron bevat minder bruikbare informatie voor onderzoeksvraag 1, want Riis wil vooral de armoede benadrukken / wil mensen ervan overtuigen dat de woonomstandigheden verbeterd moeten worden (waardoor de foto een vertekend beeld geeft) (1)
  • De bron bevat meer bruikbare informatie voor onderzoeksvraag 2, want door de duidelijk zichtbare armoede op de foto's / de verspreiding van het boek worden meer mensen bewust gemaakt van de slechte omstandigheden waarin veel Amerikaanse arbeiders leven (1)

Gebruik bron 6. Jordaan geeft in de prent kritiek weer op de gevolgen van de Arbeidswet uit 1911.

Vraag 15 2 punten

Leg uit welke kritiek Jordaan weergeeft.

Bron 6

In 1912 verschijnt in het Maandblad voor Vrouwenkiesrecht deze prent van tekenaar Jordaan met als titel Het arbeidsverbod voor de vrouw. De prent was een reactie op de nieuwe Arbeidswet, die in 1911 van kracht was geworden (de Arbeidswet beperkte onder andere de werktijd voor vrouwen in fabrieken en werkplaatsen tot tien uur per dag):

Onder de bron staat: Minister Talma: Nu, vrouwtje, is het niet prettig dat de wet u in bescherming neemt en uw arbeidstijd verkort? Arbeidster: Excellentie, als wij, arbeidsters, zelf mede hadden geholpen om die wet te maken, zouden wij geen bescherming hebben in het leven geroepen, die ons ons brood ontneemt.

Toelichting: Op tafel ligt een brood met de tekst 'brood'. De man is minister Talma. Op de handboeien die de vrouw draagt, staat: arbeidswet. Naast de tafel ligt een kind.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • Voorbeeld van een juist antwoord is: De tekenaar geeft de kritiek weer dat door de Arbeidswet arbeidsters weliswaar beschermd worden, maar ook minder inkomsten krijgen, omdat zij minder lang kunnen werken (en daardoor minder salaris krijgen). (2)

Gebruik bron 7. Bewering: Dit pamflet gaat over Duitsland in 1918 en is een voorbeeld van Britse propaganda.

Vraag 16 3 punten

Licht dit toe door:

  • aan te geven met een verwijzing naar de onderste helft van de bron, welke boodschap over de toestand van het Duitse leger de Britten willen overbrengen en
  • aan te geven wat de Britten met het pamflet willen bereiken.
Bron 6

In 1912 verschijnt in het Maandblad voor Vrouwenkiesrecht deze prent van tekenaar Jordaan met als titel Het arbeidsverbod voor de vrouw. De prent was een reactie op de nieuwe Arbeidswet, die in 1911 van kracht was geworden (de Arbeidswet beperkte onder andere de werktijd voor vrouwen in fabrieken en werkplaatsen tot tien uur per dag):

Onder de bron staat: Minister Talma: Nu, vrouwtje, is het niet prettig dat de wet u in bescherming neemt en uw arbeidstijd verkort? Arbeidster: Excellentie, als wij, arbeidsters, zelf mede hadden geholpen om die wet te maken, zouden wij geen bescherming hebben in het leven geroepen, die ons ons brood ontneemt.

Toelichting: Op tafel ligt een brood met de tekst 'brood'. De man is minister Talma. Op de handboeien die de vrouw draagt, staat: arbeidswet. Naast de tafel ligt een kind.

Bron 7

Brits pamflet uit juli 1918 waarvan 50.000 exemplaren boven de Duitse linies zijn afgeworpen met behulp van een luchtballon:

Vertaling van de bijschriften: Op de ezels staat: het Duitse volk Bij de vrouwen op de wagens staat: Germania (Duitsland) Op de wortel bij 1914 staat: overwinning Op de wortel bij 1918 staat: schijnoverwinning

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

Uit het antwoord moet blijken dat:

  • met het afbeelden van (een van de volgende): (1p)
    • de uitgemergelde ezel
    • de magere Germania in gescheurde kleren
    • de kapotte kar
    • de afgekloven wortel met de tekst 'schijnoverwinning'
    • de ezel die moeizaam vooruitkomt

Opmerking Alleen als bij de eerste deelvraag een juiste boodschap wordt genoemd, wordt 1 scorepunt toegekend aan een passende verwijzing naar de bron.

In het Verdrag van Versailles stond in artikel 231 dat Duitsland schuldig was aan het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog. Een redenering: Artikel 231 was bedoeld om uit te leggen waarom andere bepalingen voor Duitsland in het Verdrag van Versailles opgenomen werden.

Vraag 17 2 punten

Licht deze redenering toe aan de hand van een andere bepaling voor Duitsland in het Verdrag van Versailles.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

  • met bijvoorbeeld de bepaling dat Duitsland: (1p)
    • hoge herstelbetalingen moest doen.
    • (grondstofrijke) gebieden moest afstaan.
    • zijn leger moest ontbinden.

De volgende gebeurtenissen hebben te maken met veranderingen van de Duitse munteenheid en staan in willekeurige volgorde:

1 Als voorbereiding op de Duitse hereniging werd de Ostmark vervangen door de West-Duitse D-Mark. Ondanks het feit dat de Ostmark veel minder waard was, werd een wisselkoers vastgesteld van 1 : 1.

2 Met de ondertekening van het Verdrag van Maastricht werd mede vastgelegd dat in Duitsland een nieuwe, Europese munt ingevoerd zou worden.

3 Na de aanname van het Dawesplan werd een nieuwe munt uitgegeven: de rijksmark.

4 Na de machtsovername door de nazi's werden munten uitgegeven waarop een adelaar stond die een hakenkruis droeg.

5 Na het uitroepen van de Duitse Republiek werden marken uitgegeven zonder keizerlijke kroon boven de adelaar.

6 Toen een nieuwe munt werd ingevoerd in de westelijke bezettingszones was dat de aanleiding voor de Blokkade van Berlijn.

Vraag 18 2 punten

Zet deze zes gebeurtenissen in de juiste chronologische volgorde, van vroeger naar later. Noteer alleen de nummers.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Als door het weglaten van één foutief geplaatst nummer een verder complete en foutloze reeks ontstaat, wordt 1 scorepunt toegekend.

Gebruik gebeurtenis 1 uit vraag 18.

Vraag 19 2 punten

Leg uit welk politiek doel met deze wisselkoers van de Ostmark en de D-Mark werd nagestreefd.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord
  • Kern van een juist antwoord is: Met de invoering van een wisselkoers die voordelig was voor de Oost-Duitsers (omdat de Ostmark evenveel waard werd als de veel duurdere D-Mark), wilde de Duitse regering ervoor zorgen dat de Oost-Duitsers positief tegenover de hereniging met West-Duitsland stonden / dat de Oost-Duitse bevolking economisch ondersteund werd / dat de hereniging van Duitsland soepel zou gaan. (2)

Gebruik bron 8. Bewering: De boodschap die de Reichskolonialbund met deze poster wil overbrengen, wijkt af van de kern van het buitenlandse beleid van de nazi's, maar kan gebruikt worden om aanhangers te werven onder conservatieve Duitsers.

Vraag 20 4 punten

Leg beide onderdelen van de bewering uit, steeds met een aparte verwijzing naar de bron.

Bron 8

In 1933 publiceert de Duitse Reichskolonialbund deze poster:

Vertaling: Ook hier ligt onze leefruimte!

Toelichting: De achterste vlag is de vlag van het Duitse keizerrijk, de voorste vlag is de nazivlag. Duitsland en de gebieden die voor 1919 Duitse koloniën in Afrika waren, zijn op de kaart op de poster ingetekend.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • De boodschap wijkt af van het buitenlands beleid van de nazi's, omdat in de poster Lebensraum / leefruimte in verband gebracht wordt met (de voormalige koloniën in) Afrika, terwijl de nazi's de nadruk leggen op het verenigen van Duitstalige gebieden / op het verkrijgen van Lebensraum in het oosten van Europa (2)
  • De boodschap kan gebruikt worden om aanhangers te werven onder conservatieve Duitsers, omdat op de poster voormalige koloniën in Afrika worden getoond / omdat de vlag van het keizerrijk wordt getoond, waarmee de Reichskolonialbund verwijst naar de situatie vóór de Eerste Wereldoorlog / naar het keizerrijk (2)

In 1942 werden in Washington D.C foto's gemaakt van een ontmoeting tussen Ljoedmila Pavlitsjenko, een beroemde sluipschutter in het Sovjetleger, en Eleanor Roosevelt, de vrouw van de Amerikaanse president. Bewering: Deze foto's konden tijdens de Tweede Wereldoorlog in Russische kranten gepubliceerd worden, maar vijf jaar later was dat niet meer toegestaan.

Vraag 21 3 punten

Ondersteun de bewering door:

  • aan te geven welke propagandaboodschap de Sovjetregering tijdens de Tweede Wereldoorlog met de foto's kon overbrengen en
  • uit te leggen dat de Sovjetregering publicatie vijf jaar later om politieke redenen niet wenselijk vond.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord
  • Met de foto kan de propagandaboodschap worden overgebracht dat het bondgenootschap tussen de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie hecht is (1)
  • Vijf jaar na de Tweede Wereldoorlog staan de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie tijdens de Koude Oorlog vijandig tegenover elkaar / is er geen sprake meer van een bondgenootschap tussen de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie, waardoor de Sovjetregering de boodschap in tegenspraak vindt met de nieuwe situatie (2)

Gebruik bron 9. Deze foto kan gebruikt worden als illustratie van de gevolgen van de manier van oorlogvoering in de eerste helft van de twintigste eeuw.

Vraag 22 2 punten

Leg uit met behulp van een kenmerkend aspect dat de foto illustratief voor die gevolgen is.

Bron 9

Op 6 oktober 1944 wordt een foto gemaakt van schuilende burgers in een oud keldergewelf in Nijmegen:

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • Voorbeeld van een juist antwoord is: De foto van burgers die schuilen voor bombardementen in een oud keldergewelf kan worden gebruikt als illustratie bij 'de verwoesting op niet eerder vertoonde schaal en de betrokkenheid van de burgerbevolking bij de oorlog', wat past bij moderne oorlogvoering. (2)

Gebruik bron 10. De bouw van de Berlijnse Muur wordt door de regering van de DDR uitgelegd als een manier om de burgers van de DDR te beschermen tegen westers imperialisme. Een interpretatie: Met deze bron keert de tekenaar zich tegen deze uitleg.

Vraag 23 3 punten

Ondersteun de interpretatie met twee verwijzingen naar de bron.

Bron 10

In september 1961 maakt Frits Behrendt deze prent:

Het onderschrift luidt: 'Snel Kameraden, nog een muur — het wemelt van volksvijanden en spionnen!'

Toelichting: 'Willy' is Willy Brandt, de burgemeester van West-Berlijn. 'Ulbricht' is Walter Ulbricht, de leider van de DDR. De beer is het symbool van Berlijn. West Sektor is de westelijke bezettingszone in Berlijn.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

Voorbeeld van een juist antwoord is:

  • Met het weergeven van (twee van de volgende): (2p)
    • Willy Brandt met een (onschuldig) beertje / slechts één persoon / het ontbreken van soldaten in West-Berlijn,
    • de agressie / angst aan de oostkant van de Muur (of een voorbeeld daarvan),
    • de overdrijving van de dreiging door Walter Ulbricht door meerdere muren te bouwen,

Opmerking Alleen als het oordeel juist wordt weergegeven, worden scorepunten toegekend aan passende verwijzingen naar de prent.

Let op: de laatste vragen van dit examen staan op de volgende pagina.

In 1963 verscheen in het vrouwenblad Margriet een advertentie voor het 'Tankmodel', een nieuw model stofzuiger van Philips. In een fotostrip werd het verhaal verteld van een vrouw die problemen heeft met haar oude model stofzuiger. Met haar man schaft zij het 'Tankmodel' aan, waarna zij weer probleemloos kan stofzuigen. In de tijd dat de advertentie geplaatst werd, deden zich in Nederland twee veranderingen voor:

1 Nederland werd een consumptiemaatschappij.

2 De emancipatie van de vrouw kwam op gang.

Vraag 24 4 punten

Geef voor beide veranderingen aan of deze met de advertentie ondersteund kunnen worden of niet.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord
  • Verandering 1 kan met de advertentie wel ondersteund worden, omdat in een vrouwenblad voor stofzuigers werd geadverteerd, waaruit blijkt dat in huishoudens (moderne) apparaten hun intrede hadden gedaan / dat het toen interessant was voor bedrijven om te adverteren voor producten (wat past bij een consumptiemaatschappij) (2)
  • Verandering 2 kan met de advertentie niet ondersteund worden, omdat de advertentie ervan uitgaat dat de vrouw stofzuigt (en niet de man) / dat de vrouw samen met haar man een stofzuiger koopt (waaruit niet blijkt dat de vrouw geëmancipeerd is) (2)

Gebruik bron 11. Bewering: Het pamflet uit 1966 past bij de beginnende ontzuiling in Nederland.

Vraag 25 4 punten

Ondersteun de bewering met twee verschillende argumenten, steeds met een aparte verwijzing naar de bron.

Bron 11

In 1966 publiceert het Initiatiefcomité D'66 het pamflet Appèl aan iedere Nederlander die ongerust is over de ernstige devaluatie van onze democratie. Daarin schrijft het comité onder meer:

De ideologieën van de huidige Nederlandse politieke partijen geven geen antwoord meer op de vragen die ons bezighouden. Velen zouden liever hun stem uitbrengen op grond van een visie op heden en toekomst dan op grond van politiek gezien verouderde beginselen.

De kiezers aanvaarden de bestaande politieke partijen steeds minder als uitdrukking van hun politieke wil. Daar komt bij dat de programma's onderling zo weinig verschillen, dat zij de kiezers geen duidelijke keuzemogelijkheden meer bieden.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • Uit de opvatting dat de ideologieën van de politieke partijen geen antwoord meer geven op de vragen van de kiezers / de beginselen van de partijen verouderd zijn, blijkt dat kiezers zich niet meer laten leiden door de ideologie van de zuil (wat past bij ontzuiling) (2)
  • Uit de opvatting dat de partijprogramma's op elkaar lijken, blijkt dat de grenzen tussen de zuilen beginnen te vervagen (2)

De Duitse historicus Alfred Grosser zei in 1977 over 8 mei 1945, de dag dat Duitsland capituleerde, dat deze dag in de BRD werd gezien als een nationale ramp, als het begin van de Duitse deling. "Maar", zei hij, "als je naar de DDR gaat, dan zie je dat aan hele schoolklassen wordt verteld dat 8 mei 1945 een bevrijdingsdag was."

Vraag 26 2 punten

Verklaar het beschreven verschil in de Duitse visies op 8 mei 1945 vanuit het politieke beleid in beide landen in 1977.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord
  • In de BRD werd de nadruk gelegd op de daaropvolgende deling, wat past bij de wens tot hereniging die toen nog werd nagestreefd door de regering (1)
  • De DDR was een communistische staat / een satellietstaat van de Sovjet-Unie, waardoor het verslaan van de nationaalsocialisten door de communisten werd gepropageerd als een bevrijding (1)

Gebruik bron 12. Bewering: De kraakbeweging in Utrecht vertoont continuïteit met het gedachtegoed van de provo's.

Vraag 27 2 punten

Onderbouw deze bewering met een verwijzing naar de bron.

Bron 12

In 1982 verspreidt de kraakbeweging in Utrecht een poster met daarop de volgende tekst:

Wij blijven wonen! Met ontruiming bedreigd: nieuwegracht 155, kromme nieuwegracht 43 en biltstraat 164. Hand in hand willen overheid, spekulanten, justitie en politie kraakpanden ontruimen. Geld en smerige smoezen winnen het weer van wonen. Dit terwijl kraken de enige manier is om leegstand en woningnood echt effektief aan te pakken. Willen ze oorlog, krijgen ze oorlog.

►►► ν

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

  • wat blijkt uit (een van de volgende): (1p)
    • de oproep tot verzet tegen autoriteiten als justitie en politie / tot oorlog tegen het gezag.
    • het verwijt dat de ontruiming is ingegeven door geld / het werk is van speculanten.
    • het verdedigen van het kraken als legitiem middel van verzet.

Twee gegevens over taalonderwijs aan kinderen van migranten in Nederland:

1 In 1983 werd het door de Wet Onderwijs in Eigen Taal en Cultuur (OETC) mogelijk voor kinderen van migranten om binnen lestijd op school les te krijgen in hun moedertaal.

2 In 2004 beëindigde de overheid de bekostiging van lessen in de moedertaal volledig. Bewering: Elk gegeven is te verklaren vanuit een andere visie op de multiculturele samenleving.

Vraag 28 2 punten

Onderbouw de bewering voor elk gegeven.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Alleen als een passende visie op de multiculturele samenleving wordt ondersteund door een juiste verklaring, wordt telkens 1 scorepunt toegekend.

Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen havo Geschiedenis 2021, tijdvak 3. Afbeeldingen en de exacte opmaak staan in het originele examen: https://www.examenblad.nl/2021/havo/documenten/cse-3/ha-1021-a-21-3-o

Andere examens geschiedenis havo

Hoe ToetsChecker geschiedenis per vraagtype nakijkt, lees je op geschiedenis toetsen nakijken met AI.

Veelgestelde vragen

Hoeveel vragen heeft het eindexamen geschiedenis havo 2021, tijdvak 3?

Het centraal examen geschiedenis havo 2021, tijdvak 3 loopt tot vraag 26. Van 14 vragen staat het onderwerp in de vragenbank. De meeste vragen gaan over tijd van burgers en stoommachines (4), tijd van wereldoorlogen (3) en historische vaardigheden (2).

Wat zijn de antwoorden van het examen geschiedenis havo 2021, tijdvak 3?

Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.

Waar vind ik het correctievoorschrift van geschiedenis havo 2021, tijdvak 3?

Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2021/havo/documenten/cse-3/ha-1021-a-21-3-c).

Hoe oefen ik met het examen geschiedenis havo 2021, tijdvak 3 en krijg ik feedback?

Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.