Eindexamen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2019, tijdvak 1: vragen en antwoorden
Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Gedeeld geluid, Schakeling doormeten, Speelmomentje, Wiebelstep, Motorkraan, Aanrecht, Bijverwarmen, Water warmer, Code rood in China.
Het centraal examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2019, tijdvak 1 telt 43 vragen. De meeste vragen gaan over krachten en bewegen (12), energie (10) en elektriciteit (9). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.
Onderwerpen in dit examen
| Onderwerp | Vragen | Aantal |
|---|---|---|
| Krachten en bewegen | 12-20, 22-24 | 12 |
| Energie | 25-26, 32, 34-40 | 10 |
| Elektriciteit | 6-9, 28-31, 33 | 9 |
| Licht en geluid | 1-5 | 5 |
| Stoffen en materialen | 10-11, 21, 27, 41 | 5 |
| Verbranden | 42-43 | 2 |
Vergeleken met andere jaren
Vergeleken met de andere 17 examens natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl sinds 2018: dit examen vroeg meer over energie (23% van de vragen, gemiddeld 16%).
Opgaven en correctievoorschrift
- Opgaven
- Uitwerkbijlage
- Correctievoorschrift
- 2e aanvulling correctievoorschrift
- Aanvulling correctievoorschrift
De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.
Oefenen als leerling
Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2019, tijdvak 1 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.
Nakijken als docent
Start gratis vanaf deze pagina
Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2019, tijdvak 1 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.
Laat de klas het examen maken
Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.
Geef de resultaten vrij
Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.
ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.
Vragen en antwoorden
Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2019, tijdvak 1. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.
Gedeeld geluid
Een smartphone kun je gebruiken om muziek af te spelen. Met een versterker en een luidspreker kunnen meerdere mensen naar deze muziek luisteren.
Vraag 1 1 punt
Je ziet afbeeldingen van een signaal voor en na de versterker.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerking Het scorepunt alleen toekennen als beide keuzes juist zijn.
voor de versterker na de versterker
Over het versterkte signaal staan op de uitwerkbijlage twee zinnen. Omcirkel in elke zin de juiste mogelijkheid.
Vraag 2 2 punten
De luidspreker bestaat uit drie onderdelen. De conus is een van deze onderdelen. Noteer de namen van de twee onderdelen die ervoor zorgen dat de conus trilt.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerkingen Als de kandidaat in plaats van ‘spoel’ ‘koperdraad’ noteert, het eerste scorepunt niet toekennen. Als de kandidaat in plaats van ‘spoel’ ‘wikkelingen van koperdraad’ noteert, het eerste scorepunt toekennen.
Vraag 3 4 punten
De hoogste toon die de luidspreker weer kan geven, heeft een trillingstijd van 0,040 ms. Bereken de frequentie en leg uit of deze toon hoorbaar is voor de mens. Noteer het gehoorbereik van de mens bij je uitleg.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
f = 25 kHz / f = 25 000 Hz. Het gehoorbereik van de mens ligt tussen 20 Hz en 20 kHz. Deze toon is dus niet hoorbaar voor een mens.
Opmerkingen Het derde scorepunt alleen toekennen als zowel onder- als bovengrens genoteerd is. Het vierde scorepunt alleen toekennen als een frequentie is berekend.
De smartphone laat muziek horen met een geluidsniveau van maximaal
88 dB. Door het gebruik van de versterker wordt dat verhoogd tot 94 dB. Voor het geluidsniveau geldt:
Bij elke verdubbeling van het geluid neemt het geluidsniveau met 3 dB toe.
Vraag 4 2 punten
Vergelijk het geluid van 94 dB met het geluid van 88 dB. Over deze geluiden staan op de uitwerkbijlage drie zinnen. Noteer in de eerste twee zinnen de juiste waarde en omcirkel in de derde zin de juiste mogelijkheid. Gebruik de tabel ‘Maximale blootstellingsduur’ in BINAS.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerking Het eerste scorepunt alleen toekennen als beide keuzes juist zijn.
Vraag 5 1 punt
In welke zone valt het maximale geluidsniveau van de luidspreker?
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Antwoord: B
Schakeling doormeten
Marlou en Luuk sluiten een weerstand aan op een variabele spanningsbron. Ze willen de spanning over en de stroom door een weerstand meten.
Je ziet een afbeelding van hun opstelling.
Marlou sluit de spanningsmeter aan. Dan stelt zij de spanningbron in op 2,0 V.
Vraag 6 2 punten
Luuk meet de spanning zo nauwkeurig mogelijk. Je ziet op de uitwerkbijlage een afbeelding met de aansluitingen voor het meetbereik en de schaalverdeling van de spanningsmeter. Kruis het juiste meetbereik aan en teken de wijzer op de schaalverdeling vanuit P in de juiste stand.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
indien de kandidaat de aansluiting bij 3 V aankruist én de wijzer vanuit P naar het cijfer 2 op de buitenste schaal tekent (2)
indien de kandidaat de aansluiting bij 15 V aankruist én de wijzer vanuit P naar het cijfer 2 op de binnenste schaal tekent (1)
indien de kandidaat de aansluiting bij 30 V aankruist én de wijzer vanuit P naar het cijfer 2 op de middelste schaal tekent (1)
Opmerking Voor elke andere combinatie geen scorepunt toekennen.
Vraag 7 2 punten
Luuk meet met een stroommeter een stroomsterkte van 25 mA. Bereken de grootte van de weerstand die is aangesloten.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- gebruik van de formule R = U / I (1)
- rest van de berekening juist (1)
Marlou neemt twee andere weerstanden en sluit die aan.
Je ziet een afbeelding van deze situatie met de grootte van elke weerstand.
Vraag 8 2 punten
Bereken de vervangingsweerstand van de weerstanden R1 en R2.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- gebruik van de formule 1/Rv = 1/R1 + 1/R2 (1)
- rest van de berekening juist (1)
Vraag 9 1 punt
Vergelijk de spanning over en de stroomsterkte door R2 met de spanning over en de stroomsterkte door R1. Omcirkel in elke zin op de uitwerkbijlage de juiste mogelijkheid.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerking Het scorepunt alleen toekennen als beide keuzes juist zijn.
Speelmomentje
In een speeltuin staat een bijzondere wip. Op deze wip kan een kind in zijn eentje wipwappen. De wip bestaat uit een balk met links van het draaipunt D een bak met stenen en rechts een rek waar een kind aan kan hangen.
Je ziet een afbeelding met Leon die de wip in evenwicht heeft gebracht.
D
1,60 m 1,82 m
Vraag 10 1 punt
Het materiaal van de balk is homogeen. Wat betekent homogeen?
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- voorbeelden van een juist antwoord: − De dichtheid is overal gelijk. − De massa is gelijkmatig verdeeld. − De wip is overal van hetzelfde materiaal gemaakt / gelijkmatig van samenstelling. (1)
De bak is gevuld met stenen. De totale massa van de stenen is 32 kg.
Vraag 11 4 punten
Het volume van de stenen in de bak is 1,2 · 104 cm3. Bereken de dichtheid van deze stenen en noteer uit welke stof deze steensoort bestaat. Gebruik de tabel ‘Gegevens van enkele vaste stoffen’ in BINAS.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerkingen Het vierde scorepunt alleen toekennen als een dichtheid is berekend. Als de kandidaat als stof ‘aluminium’ noteert, dit fout rekenen.
Vraag 12 3 punten
Bereken het gewicht van Leon. Gebruik de momentenwet. Verwaarloos hierbij de massa van de bak waarin de stenen zitten en van het rek waaraan Leon hangt.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerking Voor het toekennen van het tweede scorepunt hoeft het woord of symbool voor de grootheid gewicht niet genoteerd te zijn.
Vraag 13 2 punten
Leon verplaatst zich in de richting van D. Over het gevolg van deze verplaatsing staan op de uitwerkbijlage drie zinnen. Omcirkel in elke zin de juiste mogelijkheid.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- kleiner, gelijk blijven, omhoog bewegen indien de kandidaat achtereenvolgens als keuzes omcirkelt: kleiner, gelijk blijven, omhoog bewegen (2) kleiner, gelijk blijven, omlaag bewegen (1) groter, gelijk blijven, omlaag bewegen (1) alle andere combinaties (0) (2)
Wiebelstep
Tijsje heeft een speciale step. Deze step wordt aangedreven door de voetenplank op en neer te bewegen.
Vraag 14 1 punt
Je ziet drie afbeeldingen van Tijsje op haar step. In welke afbeelding is het massamiddelpunt M van Tijsje juist geplaatst?
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- Antwoord: C (1)
M M
M
A B C
Vraag 15 2 punten
Van een rit op de step is een s,t-diagram gemaakt. Dit staat op de uitwerkbijlage. In het diagram zijn vier delen van de grafiek met een letter aangegeven. Bij ieder deel van de grafiek hoort een soort beweging. Op de uitwerkbijlage staat een tabel met vier letters en mogelijke bewegingen. Zet achter elke letter één kruisje bij de juiste beweging.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- constante versnelde vertraagde rust snelheid beweging beweging P X Q X R X S X indien vier rijen juist (2) indien drie rijen juist (1) indien twee of minder rijen juist (0) (2)
Tijsje test de handrem van haar step. Zij stept op volle snelheid en remt dan voluit. Van deze test is een v,t-diagram gemaakt.
6 v (m/s) 5
4
3
2
1
0
0 0,5 1,0 1,5 2,0 2,5 3,0 3,5 t (s)
Vraag 16 1 punt
Noteer de beginsnelheid van Tijsje in km/h.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- (v =) 18 (km/h) (1)
Vraag 17 4 punten
Bereken de afstand die Tijsje aflegt tijdens het remmen vanaf t = 0,8 s. Gebruik het diagram.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- bepalen van de remtijd (1)
- bepalen van v gem (1)
- gebruik van de formule s = v gem · t (1)
- rest van de berekening juist (1)
De vertraging tijdens het remmen is 2,1 m/s2.
Vraag 18 2 punten
Toon deze vertraging met een berekening aan. Gebruik het diagram.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- gebruik van de formule a = (v e - v b) / t (1)
- rest van de berekening juist (1)
Vraag 19 2 punten
De massa van Tijsje en de step samen is 45 kg. Bereken de nettokracht tijdens het remmen.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- gebruik van de formule F = m · a (1)
- rest van de berekening juist (1)
Vraag 20 1 punt
De rem op het achterwiel wordt warm bij het remmen. Welke kracht zorgt voor het warm worden?
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Antwoord: D
Motorkraan
Een motor is in en uit een vrachtwagen te takelen met een motorkraan.
Vraag 21 1 punt
De constructie van de kraan is gemaakt van staal. Het staal is geverfd om roesten te voorkomen. Noteer nog een manier om staal tegen roesten te beschermen.
Bekijk het antwoord
Opmerking Als de kandidaat als antwoord geeft ‘van RVS maken’, dit fout rekenen.
Vraag 22 2 punten
Je ziet een afbeelding van het bovenste deel van de kraan. In de afbeelding zijn drie onderdelen genummerd: de balk (1), de cilinder (2) en de ketting (3).
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- duw- en plaats duwkracht trekkracht trekkracht balk (1) X cilinder (2) X ketting (3) X indien drie rijen juist (2) indien twee rijen juist (1) indien een of geen rij juist (0) (2)
Geef in de tabel op de uitwerkbijlage voor elke plaats met een kruisje aan of er sprake is van een duwkracht, een trekkracht of duw- en trekkracht.
Op de uitwerkbijlage staat een afbeelding van de kraan met aan het uiteinde een motor. De kracht van de motor op het punt P is 9000 N.
Vraag 23 1 punt
De gebruikte krachtenschaal is 1,0 cm ≙ 1500 N. Toon dit met een berekening aan.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- De berekening bestaat uit: het noteren van de lengte van de vector en vermenigvuldigen met 1500 (N) of het delen van de kracht door de lengte van de vector. (1)
Vraag 24 3 punten
Bepaal met een constructie de kracht in ketting K vanuit P. Noteer de grootte van de kracht naast de afbeelding.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerkingen Als de kandidaat de zwaartekracht vanuit P niet (juist) heeft ontbonden, voor deze vraag geen scorepunten toekennen. Als de kandidaat de vector van de kracht niet (juist) tekent, voor deze vraag maximaal 2 scorepunten toekennen.
Vraag 25 2 punten
De motor wordt 30 cm opgetakeld. Bereken de benodigde arbeid.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- gebruik van de formule W = F · s (1)
- rest van de berekening juist (1)
Aanrecht
Jorike en Flip kopen een nieuwe keuken. In een showroom bekijken ze verschillende aanrechtbladen.
Vraag 26 2 punten
Flip staat bij een eikenhouten aanrechtblad met een metalen spoelbak. Hij legt zijn linkerhand op het aanrechtblad en zijn rechterhand op de spoelbak. Noteer welk materiaal kouder aanvoelt en geef daarvan de reden.
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
voorbeeld van een juist antwoord: De spoelbak voelt kouder aan. Een metaal is een betere (warmte)geleider dan hout.
Opmerking Als de kandidaat als antwoord geeft ‘eikenhout, want het is een (warmte)isolator’, hiervoor maximaal 1 scorepunt toekennen.
Vraag 27 1 punt
Jorike vraagt de verkoper met welk schoonmaakmiddel ze de metalen spoelbak moet schoonmaken. Volgens de verkoper mag het middel niet corrosief zijn. Welk van de volgende pictogrammen geeft aan dat een stof corrosief is?
Bekijk het antwoord
- Antwoord: D (1)
A B C D E
Vraag 28 2 punten
In de showroom staat ook een volledig metalen aanrechtblad. Jorike zegt dat elektrische apparaten op het aanrecht staan. Ze vindt daarom een metalen aanrecht minder veilig dan een aanrecht met een blad van graniet of eikenhout. Leg uit of je het met Jorike eens bent.
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
voorbeelden van juiste antwoorden:
- Metaal geleidt stroom. Wanneer een elektrisch apparaat kapot is kan er spanning op het aanrechtblad komen te staan. Dus eens met Jorike.
- Elektrische apparaten moeten geaard (of dubbel geïsoleerd) zijn waardoor er geen (of minder) gevaar is. Dus oneens met Jorike.
Bijverwarmen
Een koude schuur kun je verwarmen met een petroleumkachel. De brandstof steek je aan met een elektrische gloeidraad.
de batterijen
petroleumkachel gloeidraad
Vraag 29 3 punten
De gloeidraad is via een drukschakelaar aangesloten op twee batterijen. De spanning over en de stroomsterkte door de gloeidraad worden gemeten. Je ziet op de uitwerkbijlage een deel van het schakelschema. Maak het schakelschema compleet met de twee batterijen, een drukschakelaar, spanningsmeter en stroommeter.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerking Als de kandidaat een of meer extra componenten plaatst en/of verbindingen maakt, hiervoor 1 scorepunt aftrekken.
Als de gloeidraad is ingeschakeld, loopt er een stroomsterkte van 4,8 A.
Vraag 30 2 punten
De batterijen leveren samen een spanning van 3,0 V. Bereken het geleverde vermogen.
Bekijk het antwoord
- gebruik van de formule P = U ∙ I (1)
- rest van de berekening juist (1)
Vraag 31 3 punten
Het aansteken van de petroleum duurt 15 s. De totale capaciteit van de batterijen is 2,4 Ah. Noteer het aantal keer dat de kachel aangestoken kan worden. Bereken eerst de tijd dat de batterijen een stroomsterkte van 4,8 A kunnen leveren.
Bekijk het antwoord
Opmerking Het derde scorepunt toekennen in overeenstemming met de berekende tijd.
Water warmer
Doede en Emiel onderzoeken tijdens de natuurkundeles het verband tussen energie en temperatuur. Zij gebruiken bij de meting een energiemeter en een thermometer. In een dubbelwandig theeglas zetten zij de thermometer en een dompelaar als verwarmingselement.
de opstelling voor de proef
Doede schenkt 250 mL water in een dubbelwandig theeglas.
Vraag 32 1 punt
Je ziet op de uitwerkbijlage twee zinnen over deze hoeveelheid water. Noteer in elke zin het ontbrekende getal.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerking Het scorepunt alleen toekennen als beide getallen juist zijn.
Vraag 33 1 punt
Emiel hangt de dompelaar in het water van het theeglas. Aan het snoer van de dompelaar zit een stekker met randaarde. Wanneer schakelt de aardlekschakelaar de spanning over de dompelaar uit?
Bekijk het antwoord
Antwoord: B
Emiel sluit de dompelaar via een energiemeter aan op netspanning (230 V).
Vraag 34 1 punt
In de dompelaar zit een gloeispiraal. Via een laag samengeperst poeder geeft die zijn warmte af aan het metaal van de dompelaar. Door welke vorm van warmtetransport wordt het metaal van de dompelaar warm?
Bekijk het antwoord
Antwoord: A
Emiel start de tijd en leest elke minuut op de energiemeter het energiegebruik af. Doede meet met een thermometer de temperatuur van het water. Je ziet een tabel met hun meetresultaten.
E (kWh) 0,000 0,005 0,010 0,015 0,020 0,025 0,030
T (oC) 16 29 44 60 72 85 100
Vraag 35 3 punten
Zet in het diagram op de uitwerkbijlage alle meetpunten uit en teken de grafiek.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerkingen Als minder dan 2/3 van de verticale as is gebruikt, het eerste scorepunt niet toekennen. Als de kandidaat meer dan een meetpunt onjuist plaatst, het tweede scorepunt niet toekennen. Als de kandidaat de lijn door de oorsprong laat lopen, het derde scorepunt niet toekennen.
Vraag 36 1 punt
Wat is de naam van het wiskundige verband tussen temperatuur en energie?
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Antwoord: B
Vraag 37 1 punt
De begintemperatuur van het water is 16 oC. Wat is deze temperatuur in K?
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Antwoord: D
Vraag 38 1 punt
Noteer de reden waarom het water tijdens de proef niet warmer wordt dan
100 oC.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- Het antwoord moet het inzicht bevatten dat bij 100 oC het water kookt. (Alle energie wordt dan gebruikt om het water te verdampen.) (1)
Vraag 39 1 punt
De dompelaar zet 0,030 kWh (108 kJ) aan elektrische energie om bij het verwarmen tot 100 oC. Het water heeft dan 88 kJ energie opgenomen. Hoeveel procent van de energie gaat verloren?
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Antwoord: B
Vraag 40 1 punt
Doede en Emiel herhalen de proef nog twee keer. Bij de tweede proef gebruiken ze een dompelaar met een groter vermogen. Bij de derde proef vullen ze het theeglas met meer water. Op de uitwerkbijlage staat het diagram met de grafieken die ze tekenen van de temperatuur tegen de tijd. Over deze grafieken staan twee zinnen. Omcirkel in elke zin de juiste mogelijkheid. Grafiek 1 hoort bij de eerste proef.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerking Het scorepunt alleen toekennen als beide keuzes juist zijn.
Code rood in China
Lees het krantenartikel.
Steenkoolverbranding in China heeft geleid tot een code rood voor luchtvervuiling. De waarschuwing geldt voor drie dagen in de hoofdstad Beijing. De luchtvervuiling wordt mede veroorzaakt door grote hoeveelheden fijnstof.
Bron: KNMI
Vraag 41 1 punt
Fijnstof bestaat uit schadelijke stofdeeltjes met een afmeting die kleiner zijn dan 2,5 micrometer. Welke lengte komt overeen met 2,5 micrometer? 9
Bekijk het antwoord
Antwoord: E
Vraag 42 2 punten
Naast de uitstoot van fijnstof ontstaan er bij steenkoolverbranding gassen die nadelige effecten op het milieu hebben. Op de uitwerkbijlage staan twee zinnen over deze milieueffecten. Maak elke zin compleet.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
voorbeelden van juiste antwoorden:
- koolstofdioxide (CO2); (versterkt) broeikaseffect
- zwaveloxiden (SO x); zure regen / smog
- stikstofoxiden (NO x); zure regen / smog
Opmerking Als de kandidaat koolstofdioxide noteert met als milieueffect zure regen, dit goed rekenen.
Vraag 43 1 punt
In China wordt steenkool verbrand als energiebron voor stadsverwarming. Over steenkoolverbranding staan op de uitwerkbijlage twee zinnen. Omcirkel in de eerste zin de juiste mogelijkheid en maak de tweede zin compleet.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerking Het scorepunt alleen toekennen als beide keuzes juist zijn.
Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen vmbo-gl/tl Natuur- en scheikunde I 2019, tijdvak 1. Afbeeldingen en de exacte opmaak staan in het originele examen: https://www.examenblad.nl/2019/vmbo-gl/documenten/cse-1/gt-0173-a-19-1-o
Andere examens natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl
- 2026, tijdvak 1
- 2026, tijdvak 2
- 2025, tijdvak 1
- 2025, tijdvak 2
- 2024, tijdvak 1
- 2024, tijdvak 2
- 2023, tijdvak 1
- 2023, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 1
- 2022, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 3
- 2021, tijdvak 1
- 2021, tijdvak 2
- 2021, tijdvak 3
- 2019, tijdvak 2
- 2018, tijdvak 1
- 2018, tijdvak 2
Veelgestelde vragen
Hoeveel vragen heeft het eindexamen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2019, tijdvak 1?
Het centraal examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2019, tijdvak 1 telt 43 vragen. De meeste vragen gaan over krachten en bewegen (12), energie (10) en elektriciteit (9).
Wat zijn de antwoorden van het examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2019, tijdvak 1?
Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.
Waar vind ik het correctievoorschrift van natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2019, tijdvak 1?
Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2019/vmbo-gl/documenten/cse-1/gt-0173-a-19-1-c). Bij dit examen hoort ook een aanvulling op het correctievoorschrift.
Hoe oefen ik met het examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2019, tijdvak 1 en krijg ik feedback?
Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.