Eindexamen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2023, tijdvak 1: vragen en antwoorden

Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Heup-airbag, Vat veilig verplaatsen, Formula Rossa, Altijd licht, Kalimba, Practicum elektromagneet, Knoopcel-batterijen, Geurverspreider, Meteoroïde.

Kort antwoord

Het centraal examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2023, tijdvak 1 telt 45 vragen. De meeste vragen gaan over krachten en bewegen (12), elektriciteit (11) en stoffen en materialen (9). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.

Onderwerpen in dit examen

Onderwerp per vraag in het centraal examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2023, tijdvak 1. Elke vraag is eenmalig door een AI-model bij een onderwerp ingedeeld; per vraag kan dat afwijken.
OnderwerpVragenAantal
Krachten en bewegen1, 4, 6-11, 14-15, 27, 4412
Elektriciteit19-22, 29-33, 41-4211
Stoffen en materialen2, 5, 28, 34-399
Licht en geluid16-17, 23-26, 407
Energie12-13, 18, 43, 455
Verbranden31

Vergeleken met andere jaren

Vergeleken met de andere 17 examens natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl sinds 2018: dit examen vroeg meer over stoffen en materialen (20% van de vragen, gemiddeld 12%).

Opgaven en correctievoorschrift

De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.

Oefenen als leerling

Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2023, tijdvak 1 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.

Nakijken als docent

  1. Start gratis vanaf deze pagina

    Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2023, tijdvak 1 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.

  2. Laat de klas het examen maken

    Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.

  3. Geef de resultaten vrij

    Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.

ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.

Vragen en antwoorden

Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2023, tijdvak 1. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.

Heup-airbag

Speciaal voor ouderen is er een heup-airbag ontwikkeld. Deze airbag beschermt bij een val.

de airbag in normale toestand de airbag in opgeblazen toestand

De heup-airbag is een gordel die je om je middel draagt. Tijdens het vallen blaast de airbag zich automatisch op. Bij de landing val je op de opgeblazen airbag.

Vraag 1 1 punt

Wat is juist bij een val? De airbag

  1. A vergroot de remkracht.
  2. B verkort de botstijd.
  3. C verlengt de remweg.
Bekijk het antwoord

Antwoord: C

Voor het opblazen van de airbag wordt koolstofdioxide (CO2) gebruikt. Dit gas zit onder hoge druk in een gasflesje.

Het gasflesje gaat open bij een val. Het gas zet uit en blaast de airbag op.

Vraag 2 1 punt

Op de uitwerkbijlage staat een zin over het uitzetten van het gas. Omcirkel in de zin de juiste mogelijkheden.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Het scorepunt alleen toekennen als beide keuzes juist zijn.

Vraag 3 1 punt

Bij het leeg laten lopen van de airbag komt het CO2 gas in het milieu. Noteer een nadelig milieu-effect van CO2.

Bekijk het antwoord

Opmerking Als de kandidaat als antwoord noteert: ‘zure regen’ of ‘verzuring van de zeeën’, dit fout rekenen.

Vat veilig verplaatsen

Een vat met vloeistof staat op de grond. De zwaartekracht op het vat met inhoud is

525 N.

Vraag 4 2 punten

Boven en onder heeft het vat een smalle rand. Het contactoppervlak van de smalle rand met de ondergrond is 30,0 cm2. Bereken de druk van het vat op de ondergrond.

Bekijk het antwoord
  • gebruik van de formule p = F / A (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Het vat is gevuld met een volume van 60 dm3 vloeistof. De massa van deze vloeistof is 48 kg.

Vraag 5 3 punten

Bereken de dichtheid van de vloeistof en noteer welke vloeistof er in dit vat zit. Gebruik BINAS.

Bekijk het antwoord

Opmerking Het derde scorepunt alleen toekennen als een dichtheid is berekend.

Je kunt een gevuld vat veilig verplaatsen met vatenklemmen.

Het vat hangt met twee kabels met vatenklemmen aan een haak.

Op de uitwerkbijlage staat een schematische afbeelding van deze situatie. De vector van de kracht op de haak is gegeven. De krachtenschaal is 1 cm ≙ 150 N.

Vraag 6 1 punt

Toon deze krachtenschaal met een berekening aan.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • De berekening bestaat uit: het noteren van de lengte van de vector en vermenigvuldigen met 150 N. (3,5 (cm) x 150 (N/cm) (= 525 N)) of het delen van de kracht door de lengte van de vector. (525 (N) : 3,5 (cm) (= 150 N per cm)) (1)

Vraag 7 3 punten

Construeer op de uitwerkbijlage de kracht in kabel A en noteer de grootte van deze kracht naast de afbeelding.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

(FA) = 270 N (240 N ≤ (FA) ≤ 300 N goed rekenen)

voorbeeld van een juiste constructie:

Opmerkingen

  • Als de kandidaat de kracht langs kabel A niet (juist) heeft ontbonden, voor deze vraag geen scorepunten toekennen.
  • Als de kandidaat de vector langs kabel A niet (juist) heeft getekend, voor deze vraag maximaal 2 scorepunten toekennen.
  • Als de kandidaat de kracht langs de andere kabel heeft ontbonden, dit niet aanrekenen.

Vraag 8 2 punten

Het vat kan rechtop of gekanteld aan de vatenklemmen hangen.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • even groot als, groter dan, even groot als indien drie zinnen juist (2) indien twee zinnen juist (1) indien één of geen zin juist (0) (2)

Formula Rossa

‘Formula Rossa’ is de naam van een achtbaan op een pretpark. De treintjes krijgen eerst een versnelling en daarna begint het traject met hoogteverschillen en loopings.

Op een horizontale baan krijgt een treintje in een tijd van 4,8 s vanuit stilstand een snelheid van 240 km/h. Het treintje beweegt eenparig versneld. De versnelling is 14 m/s2.

Vraag 9 3 punten

Toon deze versnelling met een berekening aan.

Bekijk het antwoord
  • juist omrekenen van de snelheid (1)
  • gebruik van de formule a = (ve – vb) / t (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Vraag 10 2 punten

De massa van het treintje met inzittenden is 9800 kg. Bereken de nettokracht op het treintje tijdens het versnellen.

Bekijk het antwoord
  • gebruik van de formule F = m ∙ a (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Vraag 11 1 punt

Op de uitwerkbijlage staan twee zinnen over het versnellen. Omcirkel in elke zin de juiste mogelijkheid.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Het scorepunt alleen toekennen als beide keuzes juist zijn.

Vraag 12 2 punten

Tijdens het versnellen leveren de motoren een gemiddeld vermogen van

25 MW. Bereken de energie die tijdens het versnellen is omgezet.

Bekijk het antwoord
  • gebruik van de formule E = P ∙ t (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Na het versnellen bereikt het treintje punt S. Vanaf S rijdt het treintje zonder aandrijfkracht naar de top T.

Vraag 13 2 punten

Als het treintje van S naar T rijdt, is er een energie-omzetting. Noteer in het schema op de uitwerkbijlage de juiste energiesoort voor en na de omzetting. Verwaarloos hierbij alle wrijvingskrachten.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • voor de pijl: bewegingsenergie (1)
  • na de pijl: zwaarte-energie (1)

Je ziet twee situaties van het treintje tijdens een rit met de bewegingsenergie op dat moment.

situatie 1: Ebew = 200 kJ situatie 2: Ebew = 800 kJ

Vraag 14 1 punt

Wat is juist over de snelheid in situatie 2?

  1. A Die is twee keer zo groot als in situatie 1.
  2. B Die is twee keer zo klein als in situatie 1.
  3. C Die is vier keer zo groot als in situatie 1.
  4. D Die is vier keer zo klein als in situatie 1.
Bekijk het antwoord

Antwoord: A

Vraag 15 1 punt

Aan het eind van de rit remt het treintje af. Hierdoor worden de inzittenden tegen de veiligheidsbeugels geduwd. Noteer de naam van het natuurkundig verschijnsel dat dit veroorzaakt.

Bekijk het antwoord
  • traagheid (1)

Vraag 16 1 punt

Het afremmechanisme veroorzaakt kortstondig een geluid met een geluidssterkte van 116 dB. In welke zone valt dit geluid?

  1. A zeer hinderlijk
  2. B zeer luid
  3. C extreem luid
  4. D pijngrens
Bekijk het antwoord

Antwoord: C

Vraag 17 1 punt

De werknemers die de passagiers helpen met uitstappen moeten uitzicht hebben op de remmende treintjes, maar mogen geen gehoorbeschadiging oplopen. Noteer een veiligheidsmaatregel waarmee deze werknemers de kans op gehoorschade kunnen verminderen.

Bekijk het antwoord
  • voorbeelden van een juist antwoord: gehoorbeschermers (dragen) / (verblijven in een ruimte met) dubbele beglazing (1)

Altijd licht

De Solar Sensor Light is een lamp met 10 identieke leds. In de lamp zit een lichtsensor die uit een LDR bestaat. Als het licht is, zijn de leds uitgeschakeld. Als het donker wordt, worden de leds automatisch ingeschakeld. De benodigde stroom komt van een oplaadbare accu. Overdag laadt de zonnecel de accu op.

Per dm2 is het gemiddeld vermogen van zonlicht 10 W. De zonnecel heeft een oppervlak van 0,64 dm2. Het gemiddeld afgegeven vermogen van de zonnecel is 1,6 W.

Vraag 18 3 punten

Bereken het rendement van deze zonnecel. Reken eerst de waarde van het opgenomen vermogen van de zonnecel uit.

Bekijk het antwoord

Opmerkingen

  • Voor het toekennen van het tweede scorepunt hoeft het woord of symbool voor rendement niet genoteerd te zijn.
  • Als de kandidaat de waardes van Paf en Pop omdraait, voor deze vraag maximaal 2 scorepunten toekennen.

Je ziet een vereenvoudigd schakelschema van de lamp.

Vraag 19 2 punten

Over het automatisch inschakelen van de lamp staan op de uitwerkbijlage vier zinnen. Omcirkel in elke zin de juiste mogelijkheid.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerkingen

  • Een scorepunt alleen toekennen als beide keuzes juist zijn.
  • Als de kandidaat achtereenvolgens als antwoorden omcirkelt: ‘af, toe en af, af’, voor deze vraag 1 scorepunt toekennen.

De lamp is ingeschakeld.

Vraag 20 2 punten

De spanning over elke led is 1,8 V. De stroomsterkte door elke led is 0,020 A. Bereken het opgenomen vermogen van één led.

Bekijk het antwoord
  • gebruik van de formule P = U ∙ I (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Vraag 21 2 punten

De capaciteit van de volledig opgeladen accu is 720 mAh. Als alle leds branden is de geleverde stroomsterkte 100 mA. Bereken de tijd die de lamp met een volledig opgeladen accu kan blijven branden.

Bekijk het antwoord
  • gebruik van de formule C = I ∙ t (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Vraag 22 1 punt

Een van de tien leds gaat kapot. Hoeveel leds geven dan licht als het donker wordt?

  1. A 0
  2. B 5
  3. C 8
  4. D 9
Bekijk het antwoord

Antwoord: C

Kalimba

Irma bespeelt een kalimba. Dit is een duimpiano die geluid maakt als de metalen strips worden aangeslagen.

Vraag 23 1 punt

De kalimba heeft een klankkast die het geluid versterkt. Op de uitwerkbijlage staat een zin over de klankkast. Omcirkel in deze zin de juiste mogelijkheden.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Het scorepunt alleen toekennen als beide keuzes juist zijn.

Vraag 24 1 punt

De kalimba heeft strips met verschillende lengtes. Dit is te vergelijken met de verschillende lengtes van de snaren van bepaalde snaarinstrumenten.

Bekijk het antwoord

Opmerking Het scorepunt alleen toekennen als beide keuzes juist zijn.

Irma slaat een lange en een korte strip aan. Op de uitwerkbijlage staan twee zinnen over de lange en de korte strip. Omcirkel in elke zin de juiste mogelijkheid.

Op een oscilloscoop maakt Irma één toon van de kalimba zichtbaar. Je ziet een afbeelding van het scherm van de oscilloscoop vlak na het aanslaan van een strip.

Vraag 25 4 punten

Bereken met het beeld op het oscilloscoopscherm de frequentie van het geluid. Noteer eerst de trillingstijd.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • berekenen en/of noteren van de waarde van de trillingstijd (2,2 (ms) T 2,3 (ms)) (1)
  • juist omrekenen van de tijd (1)
  • gebruik van de formule f = 1 / T (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Vraag 26 1 punt

Na enkele seconden is de geluidssterkte van de toon kleiner. De instellingen van de oscilloscoop blijven gelijk. Welk oscilloscoopbeeld is juist in deze situatie?

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • Antwoord: B (1)

Practicum elektromagneet

Merte voert een practicum ‘elektromagneet’ uit. Je ziet een afbeelding met de apparatuur die ze voor dit practicum gebruikt.

Er hangt een metalen blokje aan een krachtmeter.

Vraag 27 1 punt

De massa van het blokje is 74 g. Op de uitwerkbijlage staat een afbeelding van een deel van de krachtmeter. Zet een streepje bij de juiste aanwijzing op de krachtmeter.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • streep bij 0,74 (N) (1)

Onder het hangende blokje zet Merte een spoel met een kern. De spoel is aangesloten op een variabele gelijkspanningsbron. Ze kan deze spanningsbron instellen op verschillende spanningen.

Merte zet de spanningsbron aan. De spoel wordt magnetisch, waardoor het blokje verder naar de spoel toe beweegt.

Vraag 28 1 punt

Van welk materiaal kan het blokje gemaakt zijn?

  1. A van aluminium en van koper
  2. B van aluminium en van nikkel
  3. C van aluminium en van ijzer
  4. D van koper en van nikkel
  5. E van koper en van ijzer
  6. F van nikkel en van ijzer

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Antwoord: F

Vraag 29 1 punt

Je ziet drie afbeeldingen van de elektromagneet met twee veldlijnen. In welke afbeelding zijn de richtingen van de veldlijnen juist getekend?

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • Antwoord: B (1)

A B C

Vraag 30 3 punten

Merte meet de spanning over en de stroomsterkte door de spoel. Op de uitwerkbijlage staat een afbeelding met een deel van het schakelschema. Maak het schakelschema compleet met stroommeter, spanningsmeter en de spoel met kern.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerkingen

  • Als de kandidaat één of meer extra componenten en/of verbindingen plaatst, hiervoor 1 scorepunt in mindering brengen.
  • Als de kandidaat een spoel zonder kern plaatst, hiervoor 1 scorepunt in mindering brengen.

Merte bepaalt de magnetische kracht op het blokje bij verschillende afgegeven vermogens van de spanningsbron.

Je ziet een tabel van het (berekende) afgegeven vermogen van de spanningsbron en de magnetische kracht op het blokje.

afgegeven vermogen (W) 2,0 3,6 5,8 6,6 8,0 magnetische kracht (N) 0,01 0,02 0,04 0,05 0,07

Vraag 31 3 punten

Zet in het diagram op de uitwerkbijlage alle gegevens uit en teken de grafiek.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerkingen

  • Het eerste scorepunt alleen toekennen als minstens 2/3 van elke as is gebruikt.
  • Als de kandidaat één meetpunt niet juist heeft uitgezet, dit niet aanrekenen.
  • Als de kandidaat de grafiek door de oorsprong heeft getekend, dit niet aanrekenen.

Vraag 32 1 punt

Wat is juist over het afgegeven vermogen van de spanningsbron als de magnetische kracht op het blokje twee keer zo groot wordt? Het afgegeven vermogen

  1. A is minder dan twee keer zo groot.
  2. B is twee keer zo groot.
  3. C is meer dan twee keer zo groot.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Antwoord: A

Vraag 33 1 punt

Merte zet de spanningsbron uit. Het blokje gaat daardoor wat hoger hangen. Daarna verwisselt ze de aansluitingen op de + en de

  • van de spanningsbron. Wat gebeurt er nu met het blokje als Merte de spanningsbron aanzet?
  1. A Het blokje blijft stil hangen.
  2. B Het blokje wordt aangetrokken.
  3. C Het blokje wordt afgestoten.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Antwoord: B

Knoopcel-batterijen

Piet plaatst een nieuwe knoopcel in zijn horloge. Een knoopcel is een batterij in de vorm van een knoop.

In de knoopcel zit kwik verwerkt.

Vraag 34 1 punt

De oude knoopcel is leeg. Bij welk soort afval hoort deze knoopcel? Gebruik BINAS.

  1. A bij het gft
  2. B bij het kca
  3. C bij het restafval
Bekijk het antwoord

Antwoord: B

De lege knoopcellen worden in een fabriek verwerkt. De knoopcellen worden eerst vermalen. Daarna worden de vermalen knoopcellen verhit tot boven het kookpunt van kwik. Het vloeibare kwik gaat daarbij over in de gasvorm.

Vraag 35 2 punten

Noteer op de uitwerkbijlage het kookpunt van kwik in K en °C.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Als de kandidaat een onjuiste waarde voor de temperatuur in K noteert en deze juist omrekent naar °C, voor deze vraag 1 scorepunt toekennen.

Vraag 36 1 punt

Het gasvormige kwik wordt opgevangen en koelt af naar kamertemperatuur. Van welke faseovergang is er sprake bij het afkoelen?

  1. A van condenseren
  2. B van rijpen
  3. C van smelten
  4. D van stollen
  5. E van sublimeren
  6. F van verdampen
Bekijk het antwoord

Antwoord: A

Vraag 37 1 punt

Werknemers in de fabriek gieten het opgevangen kwik in vaten. De werknemers nemen voorzorgsmaatregelen. Je ziet een afbeelding van een werknemer met speciale kleding, handschoenen en een gelaatsscherm.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerkingen

  • Als de kandidaat als antwoord noteert: ‘giftig voor inwendig gebruik’, dit goed rekenen.
  • Als de kandidaat als antwoord noteert: ‘explosie(gevaar)’, dit goed rekenen.

Tegen welk gevaar bij het overgieten van kwik zijn de werknemers met deze voorzorgsmaatregelen niet beschermd? Gebruik de tabel ‘Gevaarlijke chemicaliën’ in BINAS.

Vraag 38 1 punt

Het opgevangen kwik wordt hergebruikt bij de productie van spaarlampen. Noteer de naam van deze vorm van afvalverwerking.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Als de kandidaat als antwoord noteert: ‘opnieuw gebruiken’ of ‘terugwinnen’, dit fout rekenen.

Geurverspreider

Anja gebruikt een elektrische geurverspreider om haar kamer lekker te laten ruiken.

Anja vult de geurverspreider met een paar druppels geurstof uit een flesje en verdunt dit met water. Onverdunde geurstof kan gevaarlijk zijn. Je ziet een deel van de veiligheidskaart van de onverdunde geurstof in het flesje.

Gevaarlijk voor in het water levende organismen.

Irriterend voor de huid en ogen.

Vraag 39 2 punten

Op de veiligheidskaart van de geurstof staan de twee bijbehorende veiligheidspictogrammen. Zet in de tabel op de uitwerkbijlage een kruisje onder de twee juiste veiligheidspictogrammen.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

per juist kruisje (1)

Opmerking Voor elk extra kruisje 1 scorepunt in mindering brengen tot een maximum van 2 scorepunten.

In de geurverspreider zit een trillende plaat. Door het trillen van de plaat ontstaat er een mist met geurstof in de trillende lucht.

De plaat in de geurverspreider trilt met een frequentie van 2400 kHz.

Vraag 40 1 punt

Op de uitwerkbijlage staan twee zinnen over de frequentie van de trillende plaat. Noteer in de eerste zin de juiste waarde en omcirkel in de tweede zin de juiste mogelijkheid.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Het scorepunt alleen toekennen als zowel de waarde als de keuze juist is.

Vraag 41 2 punten

De geurverspreider is via een adapter aangesloten op de netspanning van

230 V. De secundaire spoel van de transformator levert een spanning van

12 V. De primaire spoel heeft 1150 windingen. Bereken het aantal windingen van de secundaire spoel. Ga ervan uit dat de transformator ideaal is.

Bekijk het antwoord

Opmerking Voor het toekennen van het eerste scorepunt hoeft het woord of symbool voor aantal windingen niet genoteerd te zijn.

Vraag 42 1 punt

In de adapter zit een elektronica-onderdeel dat stroom maar in één richting doorlaat. Wat is de naam van dat onderdeel?

  1. A condensator
  2. B diode
  3. C reedcontact
  4. D relais
Bekijk het antwoord

Antwoord: B

Meteoroïde

Meteoroïden zijn voorwerpen die met grote snelheid door de ruimte bewegen.

Vraag 43 3 punten

Een bepaalde meteoroïde beweegt door de ruimte met een snelheid van 1,0 ∙ 104 m/s. De bewegingsenergie van deze meteoroïde is 1000 MJ. Bereken de massa van deze meteoroïde.

Bekijk het antwoord
  • juist omrekenen van de energie (1)
  • gebruik van de formule Ebew = 0,5 ∙m ∙v 2 (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Vraag 44 1 punt

Als een meteoroïde dichter bij de aarde komt, wordt de bewegingsrichting van die meteoroïde beïnvloed door een kracht. De meteoroïde beweegt door deze kracht richting de aarde. Noteer de naam van deze kracht.

Bekijk het antwoord

Opmerking Als de kandidaat als antwoord noteert: ‘aantrekkingskracht van de aarde’, dit goed rekenen.

De meteoroïde beweegt door de dampkring en komt steeds dichter bij de aarde.

Door luchtwrijving stijgt de temperatuur, waardoor delen van de meteoroïde verbranden of verdampen. De massa van de meteoroïde neemt hierdoor af.

Vraag 45 2 punten

De verandering van de hoogte en de massa hebben invloed op de zwaarte-energie van de meteoroïde. Op de uitwerkbijlage staan twee zinnen over deze veranderingen. Omcirkel in elke zin de juiste mogelijkheid. Verwaarloos hierbij de verandering van de valversnelling.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • af (1)
  • af (1)

Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen vmbo-gl/tl Natuur- en scheikunde I 2023, tijdvak 1. Afbeeldingen en de exacte opmaak staan in het originele examen: https://www.examenblad.nl/2023/vmbo-gl/documenten/cse-1/gt-0173-a-23-1-o

Andere examens natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl

Veelgestelde vragen

Hoeveel vragen heeft het eindexamen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2023, tijdvak 1?

Het centraal examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2023, tijdvak 1 telt 45 vragen. De meeste vragen gaan over krachten en bewegen (12), elektriciteit (11) en stoffen en materialen (9).

Wat zijn de antwoorden van het examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2023, tijdvak 1?

Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.

Waar vind ik het correctievoorschrift van natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2023, tijdvak 1?

Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2023/vmbo-gl/documenten/cse-1/gt-0173-a-23-1-c). Bij dit examen hoort ook een aanvulling op het correctievoorschrift.

Hoe oefen ik met het examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2023, tijdvak 1 en krijg ik feedback?

Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.