Eindexamen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2024, tijdvak 1: vragen en antwoorden

Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Latte macchiato, Led practicum, geluidssterkte (dB) 75,0 71,5 69,0 65,5 63,0 70,0* 60,0, Op vakantie, Practicum telefoon, Citroenaccu, Drone, Petroleum.

Kort antwoord

Het centraal examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2024, tijdvak 1 telt 40 vragen. De meeste vragen gaan over krachten en bewegen (11), elektriciteit (10) en energie (6). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.

Onderwerpen in dit examen

Onderwerp per vraag in het centraal examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2024, tijdvak 1. Elke vraag is eenmalig door een AI-model bij een onderwerp ingedeeld; per vraag kan dat afwijken.
OnderwerpVragenAantal
Krachten en bewegen18-20, 22-24, 30-32, 34-3511
Elektriciteit5-6, 8-12, 26-2810
Energie2-4, 7, 25, 336
Licht en geluid13-175
Stoffen en materialen1, 21, 29, 404
Verbranden36-394

Vergeleken met andere jaren

Vergeleken met de andere 17 examens natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl sinds 2018: dit examen vroeg meer over verbranden (10% van de vragen, gemiddeld 3%).

Opgaven en correctievoorschrift

De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.

Oefenen als leerling

Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2024, tijdvak 1 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.

Nakijken als docent

  1. Start gratis vanaf deze pagina

    Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2024, tijdvak 1 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.

  2. Laat de klas het examen maken

    Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.

  3. Geef de resultaten vrij

    Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.

ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.

Vragen en antwoorden

Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2024, tijdvak 1. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.

Latte macchiato

Karin maakt latte macchiato. Dit kopje koffie bestaat uit drie lagen: warme melk, warme koffie en melkschuim (melk met luchtbelletjes). Karin maakt de warme melk en het melkschuim met een melkopschuimer.

latte macchiato de melkopschuimer

Vraag 1 1 punt

Als de melk met melkschuim in een glas wordt gegoten en daarna de koffie, ontstaan de drie lagen. Op de uitwerkbijlage staan twee zinnen over de lagen van de latte macchiato. Omcirkel in elke zin de juiste mogelijkheid.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Het scorepunt alleen toekennen als beide keuzes juist zijn.

In de melkopschuimer zitten een verwarmingselement en een elektromotor. Het verwarmingselement warmt de melk op. De elektromotor laat de melk draaien om de melk op te schuimen. Als de melk voldoende is opgewarmd schakelt de melkopschuimer automatisch uit.

Vraag 2 2 punten

Je ziet op de uitwerkbijlage het energiestroomdiagram van de melkopschuimer bij het inschakelen. Noteer de juiste energiesoorten bij 1 en bij 2.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Het scorepunt alleen toekennen als de juiste energiesoorten op de juiste plaats genoteerd zijn.

Het opgenomen vermogen van de melkopschuimer is 450 W.

Vraag 3 3 punten

De melkopschuimer is 2,5 minuut ingeschakeld. Bereken de opgenomen energie.

Bekijk het antwoord
  • omrekenen van de tijd (1)
  • gebruik van de formule E = P · t (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Vraag 4 3 punten

Bereken het nuttig vermogen van de melkopschuimer. Gebruik de gegevens in het energiestroomdiagram op de uitwerkbijlage bij opgave 2.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Voor het toekennen van het tweede scorepunt hoeft het woord of symbool voor de grootheid vermogen niet genoteerd te worden.

Je ziet een deel van het vereenvoudigde schakelschema van de melkopschuimer. Het linker gedeelte van de schakeling regelt het uitschakelen van de motor en van het verwarmingselement als de melk warm genoeg is.

Vraag 5 2 punten

In het rechter gedeelte zijn een elektromotor en een verwarmingselement aangesloten op netspanning. De spanning over de elektromotor is 230 V. De spanning over het verwarmingselement is ook 230 V. Maak op de uitwerkbijlage het rechter gedeelte van het schakelschema compleet met een elektromotor.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerkingen

  • Als de kandidaat een of meer extra componenten plaatst of verbindingen maakt waardoor er geen of een niet-werkend circuit ontstaat, hiervoor 1 scorepunt in mindering brengen.
  • Als de kandidaat geen gesloten stroomkring tekent, hiervoor het tweede scorepunt niet toekennen.

Vraag 6 2 punten

Als de melk warm genoeg is, schakelt de melkopschuimer automatisch uit. Op de uitwerkbijlage staan drie zinnen over het automatisch uitschakelen van de melkopschuimer. Omcirkel in elke zin de juiste mogelijkheid.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerkingen

  • Het tweede scorepunt alleen toekennen als beide keuzes juist zijn.
  • Als een kandidaat antwoordt: ‘toeneemt, toeneemt, wel’, voor deze vraag 1 scorepunt toekennen.

Vraag 7 1 punt

Het glas met de warme latte macchiato is enkelwandig. De buitenkant van het glas wordt daardoor ook warm. Wat is de belangrijkste vorm van warmtetransport van de binnenkant naar de buitenkant van het glas?

  1. A geleiding
  2. B straling
  3. C stroming
Bekijk het antwoord

Antwoord: A

Led practicum

Tijdens de natuurkundeles maakt Ayoup een schakeling met leds. Je ziet een afbeelding van zijn opstelling en het schakelschema.

De spanning over elke led is 2,7 V. De spanning over de weerstand is 1,8 V.

Vraag 8 1 punt

Wat is de spanning van één batterij?

  1. A 0,6 V
  2. B 0,9 V
  3. C 1,5 V
  4. D 1,8 V
  5. E 2,4 V
  6. F 2,7 V

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Antwoord: C

Vraag 9 1 punt

Ayoup wil de stroomsterkte door en de spanning over de weerstand meten. Welk schakelschema is juist voor deze meting?

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • Antwoord: A (1)

A B

C D

De stroomsterkte door de weerstand is 50 mA.

Vraag 10 3 punten

De spanning over de weerstand is 1,8 V. Bereken de grootte van deze weerstand.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • juist omrekenen van de stroomsterkte (1)
  • gebruik van de formule R = U / I (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Vraag 11 2 punten

De leds kunnen een tijd van 48 uur branden op deze batterijen. Bereken de totale capaciteit die daarvoor nodig is. Ga ervan uit dat hierbij geen energieverlies optreedt.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Als de kandidaat in de berekening de capaciteit deelt door 3 (C = 800 mAh / 0,80 Ah (per batterij)), dit niet aanrekenen.

Vraag 12 1 punt

Ayoup vervangt de weerstand door een weerstand met een grotere waarde. Wat is dan juist over de spanning over de leds?

  1. A die blijft gelijk
  2. B die neemt af
  3. C die neemt toe

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Antwoord: B

geluidssterkte (dB) 75,0 71,5 69,0 65,5 63,0 70,0* 60,0

* Bij de meting op 100 m afstand kwam er net een groep motoren langs waardoor de gemeten geluidssterkte veel hoger was dan verwacht.

Er is een verband tussen de afstand en de geluidssterkte.

Vraag 13 1 punt

Welk verband tussen de afstand en de geluidssterkte past het best bij de meetresultaten? Bij verdubbeling van de afstand neemt de geluidssterkte

  1. A met 3 dB af.
  2. B met 3 dB toe.
  3. C met 4,5 dB af.
  4. D met 4,5 dB toe.
  5. E met 6 dB af.
  6. F met 6 dB toe.
Bekijk het antwoord

Antwoord: E

Vraag 14 4 punten

Zet in het diagram op de uitwerkbijlage alle meetpunten uit en teken de grafiek die bij dit verband hoort.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerkingen

  • Als minder dan 2/3 van de verticale as is gebruikt, het eerste scorepunt niet toekennen.
  • Als de kandidaat een lijn tekent in het gebied tussen 0-20 m, dit niet beoordelen.
  • Als de kandidaat het meetpunt (100,70) niet uitzet, dit niet aanrekenen.
  • Als de kandidaat één meetpunt niet juist uitzet, dit niet aanrekenen.

Vraag 15 2 punten

Je ziet een afbeelding van de decibelmeter van Sophie tijdens een meting. De decibelmeter is met de keuzeschakelaar ingesteld op medium (‘Med’).

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

De geluidssterkte is De zone van gehoorgevoeligheid is

71 dB. storend bij telefoneren.

Opmerking Als de kandidaat ‘veilig geluid’ als antwoord in de tweede kolom noteert, dit niet goed rekenen.

Op de uitwerkbijlage staat een tabel over deze geluidssterkte. Noteer in beide kolommen het juiste antwoord.

Vraag 16 2 punten

Bij de meting op een afstand van 120 m is het geluid een tijd van 0,353 s onderweg. Bereken de geluidssnelheid.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • gebruik van de formule v (geluid) = s / t (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Vraag 17 1 punt

Een maatregel om de geluidsoverlast voor de bewoners langs de snelweg te verminderen, is het verlagen van de maximumsnelheid van de voertuigen op de snelweg. Op welke plaats wordt de geluidssterkte door deze maatregel verlaagd?

  1. A bij de bron
  2. B bij de tussenstof
  3. C bij de ontvanger

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Antwoord: A

Op vakantie

Marja gaat op vakantie. Zij heeft op haar auto een dakkoffer geplaatst om extra bagage mee te kunnen nemen. De dakkoffer is vastgemaakt aan de dakdragers van de auto.

De zwaartekracht op de dakdragers en de dakkoffer met inhoud is 750 N.

Vraag 18 2 punten

Het totale contactoppervlak van de dakdragers met de auto is 84 cm2. Bereken de druk op het contactoppervlak.

Bekijk het antwoord
  • gebruik van de formule p = F / A (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Je ziet een schematische afbeelding van de auto zonder dakkoffer. Punt Z is het zwaartepunt.

Vraag 19 1 punt

Het plaatsen van de dakkoffer met bagage heeft invloed op de ligging van het zwaartepunt. In welke afbeelding is het zwaartepunt van de auto met gevulde dakkoffer het best weergegeven?

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • Antwoord: B (1)

A B C

Vraag 20 1 punt

Vergelijk het rijden met en zonder dakkoffer bij dezelfde snelheid. Door het rijden met dakkoffer

  1. A neemt alleen de luchtweerstand toe.
  2. B neemt alleen de rolweerstand toe.
  3. C nemen de luchtweerstand en de rolweerstand toe.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Antwoord: C

Practicum telefoon

Milan bepaalt tijdens een practicum de massa van zijn telefoon. Hij doet dit met massablokjes van 50,0 gram en een hefboom.

Vraag 21 3 punten

Het volume van een massablokje is 5,9 cm3. Bereken de dichtheid en noteer van welk materiaal het massablokje gemaakt kan zijn.

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

ρ = 8,5 g/cm3 ; het massablokje kan gemaakt zijn van messing.

Opmerking Het derde scorepunt alleen toekennen als een dichtheid is berekend.

Milan hangt de hefboom in een statief. Je ziet een afbeelding van de hefboom met rechts de telefoon en links de massablokjes. Punt D is het draaipunt. De hefboom is in evenwicht.

Het moment van de massablokjes is 0,40 Nm.

Vraag 22 3 punten

Toon dit moment met een berekening aan.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Als een kandidaat in de formule M = F ∙ ℓ in plaats van de kracht de massa invult, voor deze vraag maximaal 1 scorepunt toekennen.

Vraag 23 2 punten

Bereken de massa van de telefoon van Milan.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerkingen

  • Voor het toekennen van het eerste scorepunt hoeft het woord of symbool voor de grootheden moment en kracht niet genoteerd te worden.
  • Als een kandidaat de massa berekent met verhoudingsgetallen (m = 20/18 · 0,20 kg) dit beoordelen als toepassen van de momentenwet.

Vraag 24 2 punten

Milan verplaatst de massablokjes in de richting van draaipunt D. Het verplaatsen van de massablokjes kan invloed hebben op het evenwicht. Op de uitwerkbijlage staan drie zinnen over het gevolg van de verplaatsing. Omcirkel in elke zin de juiste mogelijkheid.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerkingen

  • Het eerste scorepunt alleen toekennen als beide keuzes juist zijn.
  • Als de kandidaat als antwoord ‘neemt toe, blijft gelijk, gaat omhoog’ noteert, hiervoor 1 scorepunt toekennen.

Citroenaccu

Een monteur probeert met 1000 halve citroenen de motor van een auto te starten. Door citroenen met metalen plaatjes en draden te verbinden ontstaat er een citroenaccu als spanningsbron.

Vraag 25 1 punt

De citroenaccu is te vergelijken met een accu van een auto. Noteer de energiesoort die is opgeslagen in een accu.

Bekijk het antwoord
  • chemische (energie) (1)

Je ziet een schematische afbeelding van de schakeling met citroenen. Er zijn in totaal 50 rijen met 20 halve citroenen.

Vraag 26 1 punt

Wat is juist over de citroenen in de schakeling?

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • Antwoord: B (1)

De citroenen in één rij zijn De rijen met citroenen zijn

A in serie geschakeld. in serie geschakeld.

B in serie geschakeld. parallel geschakeld.

C parallel geschakeld. in serie geschakeld.

D parallel geschakeld. parallel geschakeld.

De stroomsterkte die de citroenaccu met 50 rijen halve citroenen levert is 1,50 A.

Vraag 27 2 punten

De monteur meet de spanning over de citroenaccu. Je ziet een afbeelding van de spanningsmeter met de gemeten spanning.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • gebruik van de formule P = U ∙ I (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Bereken het vermogen dat de citroenaccu levert.

Vraag 28 1 punt

Om de motor op te kunnen starten is een stroomsterkte van 90 A nodig. Noteer het aantal rijen met halve citroenen dat daarvoor nodig is. Het aantal halve citroenen in elke rij blijft gelijk.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • (aantal rijen =) 3000 (1)

Vraag 29 1 punt

De monteur ruimt na afloop de citroenen op. Noteer bij welk soort afval de citroenen horen. Gebruik de tabel ‘Klein chemisch afval, groente-, fruit- en tuinafval en recycling’ in BINAS.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • groente-, fruit- en tuinafval / gft (1)

Drone

Een drone is een onbemand luchtvaartuig dat op afstand bestuurbaar is.

Er staat een drone stil op de grond. De motoren worden gestart en de drone stijgt op. De drone versnelt eenparig met 8,0 m/s2.

Vraag 30 2 punten

De snelheid van de drone neemt toe van 0 m/s naar 6,0 m/s. Bereken de tijd die de drone versnelt.

Bekijk het antwoord
  • gebruik van de formule a = Δv/Δt (1)
  • rest van de berekening juist (1)

De massa van de drone is 1,6 kg.

Vraag 31 2 punten

Bereken de nettokracht die voor deze versnelling nodig is.

Bekijk het antwoord
  • gebruik van de formule F = m ∙ a (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Vraag 32 1 punt

Na het versnellen stijgt de drone verder met een constante snelheid van 6,0 m/s. Je ziet drie afbeeldingen met de krachten op de drone. Welke afbeelding hoort bij het stijgen met een constante snelheid?

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • Antwoord: B (1)

A B C

Vraag 33 3 punten

Op een bepaalde hoogte heeft de drone een zwaarte-energie van 1,40 kJ. Bereken deze hoogte.

Bekijk het antwoord
  • juist omrekenen van de zwaarte-energie (1)
  • gebruik van de formule Ez = m ∙ g ∙ h (1)
  • rest van de berekening juist (1)

De bestuurder verandert de vliegrichting van de drone. Op de uitwerkbijlage zie je een afbeelding van de krachten op de drone in punt Z tijdens een bepaald moment van de vlucht. De zwaartekracht op de drone is 16 N. De krachtenschaal is 1 cm ≙ 4,0 N.

Vraag 34 1 punt

Toon deze krachtenschaal met een berekening aan.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • De berekening bestaat uit: het noteren van de lengte van de vector en vermenigvuldigen met 4,0 (N) / het delen van de kracht door de lengte van de vector. (1)

Vraag 35 3 punten

Construeer op de uitwerkbijlage de resulterende kracht van Fz en Fdrone. Noteer de grootte van deze kracht naast de afbeelding.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Als de kandidaat de resulterende kracht vanuit Z niet (juist) heeft getekend, voor deze vraag maximaal 2 scorepunten toekennen.

Petroleum

Daan vult een petroleumlamp met petroleum.

petroleumlamp petroleum

Vraag 36 1 punt

Voordat Daan de lamp met petroleum vult, leest hij de veiligheidskaart. Op de veiligheidskaart staat dat petroleum irritatie veroorzaakt. Welk veiligheidspictogram hoort bij deze beschrijving?

Bekijk het antwoord
  • Antwoord: B (1)

A B C D E

Daan schenkt een volume van 350 cm3 petroleum in de petroleumlamp.

Vraag 37 2 punten

Bereken de energie die vrijkomt bij verbranding van deze hoeveelheid petroleum. Gebruik de tabel ‘Verbrandingswarmte van enkele stoffen’ in BINAS.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • noteren van de waarde van de verbrandingswarmte van petroleum (32 000 (J/cm3)) (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Daan steekt de lont van de lamp aan. De petroleum verdampt voordat het verbrandt.

Vraag 38 1 punt

Wat is juist over verdampen en verbranden?

Bekijk het antwoord
  • Antwoord: D (1)

verdampen is een verbranden is een

A chemische reactie natuurkundig proces

B chemische reactie chemische reactie

C natuurkundig proces natuurkundig proces

D natuurkundig proces chemische reactie

Vraag 39 2 punten

Op de uitwerkbijlage staat een zin over het verdampen van petroleum. Maak deze zin compleet.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • vloeibare (1)
  • gas / gasvormige (1)

Vraag 40 2 punten

Op de uitwerkbijlage staat een zin over petroleum. Noteer in deze zin het kookpunt van petroleum in K en in °C.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Als de kandidaat een onjuiste waarde voor de temperatuur in K noteert maar juist omrekent naar °C, voor deze vraag 1 scorepunt toekennen.

Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen vmbo-gl/tl Natuur- en scheikunde I 2024, tijdvak 1. Afbeeldingen en de exacte opmaak staan in het originele examen: https://www.examenblad.nl/2024/vmbo-gl/documenten/cse-1/gt-0173-a-24-1-o

Andere examens natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl

Veelgestelde vragen

Hoeveel vragen heeft het eindexamen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2024, tijdvak 1?

Het centraal examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2024, tijdvak 1 telt 40 vragen. De meeste vragen gaan over krachten en bewegen (11), elektriciteit (10) en energie (6).

Wat zijn de antwoorden van het examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2024, tijdvak 1?

Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.

Waar vind ik het correctievoorschrift van natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2024, tijdvak 1?

Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2024/vmbo-gl/documenten/cse-1/gt-0173-a-24-1-c). Bij dit examen hoort ook een aanvulling op het correctievoorschrift.

Hoe oefen ik met het examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2024, tijdvak 1 en krijg ik feedback?

Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.