Eindexamen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2026, tijdvak 2: vragen en antwoorden

Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Paardenkachel, Heliumgas, Geluidspracticum, Solar vijverfontein, Kroon op het werk, Elektrische tandenborstel, Het betere hijswerk.

Kort antwoord

Het centraal examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2026, tijdvak 2 telt 38 vragen. De meeste vragen gaan over krachten en bewegen (12), elektriciteit (8) en licht en geluid (7). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.

Onderwerpen in dit examen

Onderwerp per vraag in het centraal examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2026, tijdvak 2. Elke vraag is eenmalig door een AI-model bij een onderwerp ingedeeld; per vraag kan dat afwijken.
OnderwerpVragenAantal
Krachten en bewegen11-12, 23-28, 35-3812
Elektriciteit4-6, 30-348
Licht en geluid13-197
Stoffen en materialen7-10, 20, 296
Energie1-3, 21-225

Vergeleken met andere jaren

De verdeling over de onderwerpen ligt dicht bij het gemiddelde van de andere 17 examens natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl sinds 2018. Geen enkel onderwerp wijkt meer dan zes procentpunten af.

Opgaven en correctievoorschrift

De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.

Oefenen als leerling

Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2026, tijdvak 2 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.

Nakijken als docent

  1. Start gratis vanaf deze pagina

    Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2026, tijdvak 2 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.

  2. Laat de klas het examen maken

    Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.

  3. Geef de resultaten vrij

    Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.

ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.

Vragen en antwoorden

Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2026, tijdvak 2. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.

Paardenkachel

Paarden worden gewassen met water. Op een manege kun je je paard na het wassen opwarmen en drogen onder een paardenkachel met 14 parallel geschakelde warmtelampen.

Afbeelding bij Paardenkachel (opgaven-p2-1.webp).
Afbeelding bij Paardenkachel (opgaven-p2-2.webp).

paard onder de paardenkachel een warmtelamp

Vraag 1 1 punt

Bij een warmtelamp is sprake van warmtetransport van de lamp naar het paard.

Wat is hierbij de belangrijkste vorm van het warmtetransport?

  1. A geleiding
  2. B straling
  3. C stroming
Bekijk het antwoord

Antwoord: B

B

Vraag 2 2 punten

Op de uitwerkbijlage staan twee zinnen over het drogen van het paard na het wassen.

→ Omcirkel in de eerste zin de juiste mogelijkheden en maak de tweede zin compleet.

uitwerkbijlage
uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
  • vloeibare, gasvormige (1)
  • consequent met de twee gekozen fasen in de eerste zin (1)

Opmerking

Als de kandidaat in de eerste zin twee gelijke fasen heeft omcirkeld, voor deze opgave 0 punten toekennen.

Vraag 3 3 punten

De paardenkachel staat een tijd van 10 minuten aan.

→ Bereken de energie die door één warmtelamp in deze tijd is omgezet.

Bekijk het antwoord

E = 1,1 ∙ 10⁵ J / E = 0,029 kWh

  • juist omrekenen van de tijd (1)
  • gebruik van de formule E = P ∙ t (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Alleen de paardenkachel is aangesloten op een groep van de huisinstallatie. De groep is beveiligd met een schakelaar en een groepszekering.

Vraag 4 1 punt

Wanneer schakelt de groepszekering de stroom uit?

Bekijk het antwoord

Het antwoord moet het inzicht bevatten dat een groepszekering ervoor zorgt dat de stroom uitschakelt bij overbelasting en/of bij kortsluiting.

Vraag 5 3 punten

Alle 14 parallel geschakelde lampen branden.

→ Bereken de stroomsterkte die door de groepszekering loopt.

Bekijk het antwoord

I = 10,7 A

  • gebruik van de formule P = U ∙ I (1)
  • juist toepassen van de factor 14 bij bepaling P_totaal of I_totaal (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Vraag 6 1 punt

Eén van de lampen gaat kapot, er blijven nog 13 lampen branden. Dit heeft een aantal gevolgen voor de werking van de paardenkachel. Op de uitwerkbijlage staat een zin met grootheden die veranderen als het aantal brandende lampen kleiner wordt.

→ Omcirkel in de zin de juiste mogelijkheden.

uitwerkbijlage
uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord

toenemen, afnemen

Heliumgas

Voor een feest vult Petra ballonnen met helium.

Dit gas haalt ze uit een tank. In de tank zit onder hoge druk samengeperst heliumgas.

Afbeelding bij Heliumgas (opgaven-p4-1.webp).

Vraag 7 1 punt

Het samengeperste heliumgas in de tank heeft een massa van 0,070 kg en is geurloos en kleurloos.

→ Zet in de tabel op de uitwerkbijlage achter elke beschrijving een kruisje in de juiste kolom.

beschrijvingwel een stofeigenschapgeen stofeigenschap
geurloos
kleurloos
massa
Bekijk het antwoord
beschrijvingwel een stofeigenschapgeen stofeigenschap
geurloosx
kleurloosx
massax

Opmerking

Het scorepunt alleen toekennen als alle rijen juist zijn.

Vraag 8 1 punt

Welk veiligheidspictogram geeft ‘gassen onder druk’ weer?

Veiligheidspictogram A uit de opgave.
Pictogram A
Veiligheidspictogram B uit de opgave.
Pictogram B
Veiligheidspictogram C uit de opgave.
Pictogram C
Veiligheidspictogram D uit de opgave.
Pictogram D
Veiligheidspictogram E uit de opgave.
Pictogram E
  1. A Pictogram A
  2. B Pictogram B
  3. C Pictogram C
  4. D Pictogram D
  5. E Pictogram E
Bekijk het antwoord

Antwoord: D

D

Petra vult de ballonnen met heliumgas. Als ze de kraan opendraait en het heliumgas uit de tank de ballon instroomt, neemt het volume van het heliumgas toe.

Vraag 9 2 punten

Leg uit of het toenemen van het volume van het heliumgas een chemische reactie of een natuurkundig proces is.

Bekijk het antwoord

Voorbeeld van een juist antwoord:

Omdat er geen nieuwe stoffen ontstaan / het proces omkeerbaar is, is het toenemen van het volume van helium een natuurkundig proces.

  • inzicht dat er geen nieuwe stoffen ontstaan / het proces omkeerbaar is (1)
  • consequente conclusie (1)

Vraag 10 3 punten

Uit de tank stroomt een massa van 0,070 kg heliumgas.

→ Bereken het volume van het uitgestroomde heliumgas. Gebruik de tabel ‘Gegevens van enkele gassen en dampen’ in BINAS.

Bekijk het antwoord

V = 0,39 m³ / V = 393 dm³ / V = 393 L

  • noteren van de waarde van de dichtheid van helium (0,178 (kg/m³)) (1)
  • gebruik van de formule ρ = m / V (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Een met heliumgas gevulde ballon hangt aan een touwtje stil in de lucht. Petra laat het touwtje los.

Direct na het loslaten beweegt de ballon recht omhoog.

Vraag 11 3 punten

De massa van een met heliumgas gevulde ballon is 4,4 g. De resulterende kracht op de ballon is op het moment van loslaten 0,058 N.

→ Bereken de versnelling bij het loslaten.

Bekijk het antwoord

a = 13 m/s²

  • omrekenen van de massa (1)
  • gebruik van de formule F = m ∙ a (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Vraag 12 2 punten

De ballon beweegt na enige tijd met constante snelheid recht omhoog. Op de uitwerkbijlage zie je een afbeelding van deze situatie waarbij de wrijvingskracht F_w en de zwaartekracht F_z die op de ballon werken zijn weergegeven.

Er ontbreekt nog een kracht waaruit blijkt dat de ballon met constante snelheid recht omhoog beweegt.

→ Teken op de uitwerkbijlage de ontbrekende kracht vanuit punt P.

uitwerkbijlage
uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord

3,7 cm ≤ lengte vector ≤ 4,1 cm

Antwoordfiguur bij vraag 12 (cv-p8-2-12.webp).
  • juiste aangrijpingspunt en juiste richting van de vector (1)
  • juiste lengte van de vector (1)

Vraag 13 1 punt

Tijdens het feest inhaleert Petra een keer heliumgas. Haar stem heeft daardoor tijdelijk een hogere toon. Op de uitwerkbijlage staat een zin over een hogere toon. → Omcirkel in de zin de juiste mogelijkheden.

uitwerkbijlage
uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord

groter, kleiner

Geluidspracticum

Tuana en Okan voeren een practicum geluid uit met twee apps op hun smartphones. Met de toongenerator-app stelt Tuana een toon met een bepaalde frequentie in.

Afbeelding bij Geluidspracticum (opgaven-p6-1.webp).

Vraag 14 1 punt

Het geluid van de toongenerator wordt opgevangen door de smartphone van Okan.

→ Noteer de naam van de elektronica-component die het geluid opvangt.

Bekijk het antwoord

geluidssensor / microfoon

Opmerking

Als de kandidaat als antwoord ‘sensor’ noteert, dit fout rekenen.

De oscilloscoop-app van Okan laat dit beeld zien.

Afbeelding bij vraag 15 (opgaven-p6-2.webp).

Vraag 15 4 punten

Bereken de frequentie van de ingestelde toon. Gebruik de afbeelding.

Bekijk het antwoord

f = 667 Hz / f = 6,7 · 10² Hz

  • bepalen van de waarde van de trillingstijd (1)
  • juist omrekenen van de trillingstijd (1)
  • gebruik van de formule f = 1/T (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Vraag 16 1 punt

Tuana heeft in de app iets veranderd bij de instellingen van de toon. Okan heeft niets gewijzigd in de oscilloscoop-app.

De oscilloscoop-app van Okan laat nu dit beeld zien.

Afbeelding bij vraag 16 (opgaven-p6-3.webp).
uitwerkbijlage
uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord

niet veranderd, vergroot

Op de uitwerkbijlage staat een zin over deze verandering. → Omcirkel in de zin de juiste mogelijkheden.

Tuana stelt de frequentie van de toongenerator-app in op 12 000 Hz.

Afbeelding bij vraag 17 (opgaven-p7-1.webp).

De geluidssterkte van deze toon vlakbij de luidspreker is 75 dB.

Vraag 17 1 punt

In welke zone van gehoorgevoeligheid valt het geluid van 75 dB? Gebruik BINAS.

  1. A indringend
  2. B storend bij telefoneren
  3. C hinderlijk
  4. D zeer hinderlijk
Bekijk het antwoord

Antwoord: B

B

Vraag 18 1 punt

De docent van Tuana en Okan heeft een leeftijd van 40 jaar en heeft een gemiddelde afname van het gehoorvermogen.

Hij zet de luidspreker vlakbij zijn oor.

→ Noteer met welke geluidssterkte de docent deze toon van 75 dB daadwerkelijk waarneemt. Gebruik de tabel ‘Veroudering gehoorgevoeligheid’ in BINAS.

Bekijk het antwoord

(geluidssterkte =) 55 dB

Vraag 19 2 punten

Tuana vraagt aan nog drie andere klasgenoten met de toongenerator-app een geluid te maken met dezelfde frequentie.

De geluidssterkte die elke toon op elke smartphone maakt is 75 dB. Voor de geluidssterkte geldt:

Bekijk het antwoord

(geluidssterkte =) 81 dB

  • inzicht dat het geluidsvermogen 2x is verdubbeld (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Solar vijverfontein

Bij elke verdubbeling van het geluidsvermogen neemt de geluidssterkte met 3 dB toe.

→ Bereken de geluidssterkte die de vier smartphones samen maken.

Er is een vijverfontein die zelf de elektriciteit opwekt uit zonne-energie. Dit apparaat met zonnepaneel en pomp drijft op het water. In het zonlicht komt de waterstraal hoger dan in de schaduw.

Afbeelding bij Solar vijverfontein (opgaven-p8-1.webp).

Vraag 20 1 punt

De dichtheid van water in de vijver is gelijk aan 1,0 kg/dm³. Wat is juist?

De gemiddelde dichtheid van de vijverfontein

  1. A is kleiner dan 1,0 kg/dm³.
  2. B is gelijk aan 1,0 kg/dm³.
  3. C is groter dan 1,0 kg/dm³.
Bekijk het antwoord

Antwoord: A

A

Vraag 21 3 punten

Op een bepaald moment heeft het zonlicht per m² een vermogen van 1000 W. Het zonnepaneel van de vijverfontein heeft een oppervlakte van 80 cm².

Het afgegeven vermogen van het zonnepaneel is dan 1,3 W. → Bereken het rendement van dit zonnepaneel op dit moment.

Bekijk het antwoord

(ɳ =) 16 % / (ɳ =) 0,16

  • berekenen van het totaal opgenomen vermogen (1)
  • toepassen van ɳ = P_af/P_op (· 100%) (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Opmerkingen: − Voor het toekennen van het tweede scorepunt hoeft het woord of symbool van rendement niet genoteerd te zijn.

− Als de kandidaat voor P_op 1000 W invult, voor deze vraag maximaal 2 scorepunten toekennen.

In een minuut wordt een massa van 2,5 kg water een afstand van 40 cm omhoog gepompt.

Vraag 22 3 punten

Bereken de benodigde arbeid om deze hoeveelheid water naar deze hoogte te verplaatsen.

Bekijk het antwoord

W = 10 J

  • juist omrekenen van de afstand (1)
  • gebruik van de formule W = F ∙ s (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Opmerkingen: − Als de kandidaat in plaats van de zwaartekracht de waarde van de massa gebruikt in de formule W = F ∙ s, voor deze opgave maximaal 2 scorepunten toekennen.

− Als de kandidaat de formule van de zwaarte-energie gebruikt, dit niet aanrekenen.

Vraag 23 2 punten

Later, in de felle zon, bereiken waterdruppels met een massa van 0,04 g een hoogte van 1,25 m.

→ Bereken met welke snelheid deze waterdruppels de pomp verlaten om deze hoogte te bereiken. Neem aan dat alle bewegingsenergie omgezet wordt in zwaarte-energie.

Bekijk het antwoord

v = 5,0 m/s

  • gebruik van de formule (E_z =) E_bew = ½ ∙ m ∙ v² (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Vraag 24 1 punt

De druppel beweegt vanaf het hoogste punt in een vrije val naar beneden, totdat deze het wateroppervlak weer raakt.

Welk v,t diagram geeft deze beweging het best weer?

Afbeelding bij vraag 24 (opgaven-p9-1.webp).
Afbeelding bij vraag 24 (opgaven-p9-2.webp).
A B
A B
Afbeelding bij vraag 24 (opgaven-p9-4.webp).
Bekijk het antwoord

B

Kroon op het werk

C D

Ries maakt vruchtensappen die hij bewaart in flessen. Met een apparaat sluit Ries de flessen met een kroonkurk af. Hij legt een kroonkurk op de fles, duwt het handvat van het apparaat naar beneden waardoor de kroonkurk op de fles gedrukt wordt. Het apparaat werkt als een hefboom.

Afbeelding bij Kroon op het werk (opgaven-p10-1.webp).

D is het draaipunt van de hefboom.

Ries zet een fles en een nieuwe kroonkurk onder het apparaat en duwt het handvat naar beneden.

De benodigde kracht van het apparaat op de kroonkurk is 198 N. Het moment van deze kracht is dan 5,9 Nm.

Vraag 25 2 punten

Toon dit moment met een berekening aan.

Bekijk het antwoord

M = 5,9 (Nm)

  • gebruik van de formule M = F ∙ l (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Vraag 26 2 punten

Bereken de benodigde spierkracht.

Bekijk het antwoord

(F_spier =) 36 N

  • toepassen van de momentenwet (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Opmerking

Voor het toekennen van het eerste scorepunt hoeft het woord of symbool van de grootheid moment niet genoteerd te zijn.

Vraag 27 2 punten

Het contactoppervlak van het apparaat op de kroonkurk is 0,45 cm². → Bereken de druk van het apparaat op de kroonkurk.

Bekijk het antwoord

p = 4,4 · 10² N/cm² / p = 440 N/cm² / p = 4,4 · 10⁶ Pa

  • gebruik van de formule p = F/A (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Ries heeft ook grotere flessen waarop eenzelfde kroonkurk past.

Afbeelding bij vraag 28 (opgaven-p11-1.webp).

situatie I situatie II

Vraag 28 1 punt

Vergelijk situatie II met situatie I.

Wat is juist over de benodigde spierkracht bij situatie II?

  1. A Die is kleiner dan in situatie I.
  2. B Die is even groot als in situatie I.
  3. C Die is groter dan in situatie I.
Bekijk het antwoord

Antwoord: B

B

Vraag 29 1 punt

Ries haalt de aluminium kroonkurk van de fles en drinkt zijn sapje. Hij levert een tas vol met gebruikte kroonkurken in bij het verzamelpunt van de gemeente.

→Wat gebeurt er daarna met de gebruikte kroonkurken? Gebruik de tabel ‘Klein chemisch afval, groente-, fruit- en tuinafval en recycling’ in BINAS.

Bekijk het antwoord

(gaan naar de) metaalsmelterij / (worden) hergebruikt / recycling

Elektrische tandenborstel

Een elektrische tandenborstel bestaat uit een oplader (1), een aandrijfdeel met accu en motor (2) en een opzetborstel (3). Met behulp van een transformator wordt er een elektrische stroom en spanning opgewekt in het aandrijfdeel. De transformator zit gedeeltelijk in de oplader en gedeeltelijk in het aandrijfdeel.

Afbeelding bij Elektrische tandenborstel (opgaven-p12-1.webp).
Afbeelding bij Elektrische tandenborstel (opgaven-p12-2.webp).

De oplader wordt aangesloten op netspanning van 230 V. Om de accu op te laden wordt het aandrijfdeel op de oplader gezet.

Je ziet een schakelschema van de transformator.

Afbeelding bij Elektrische tandenborstel (opgaven-p12-3.webp).

Vraag 30 2 punten

Bereken het aantal windingen van de secundaire spoel. Ga ervan uit dat de transformator ideaal is.

Bekijk het antwoord

(n_s =) 13 (windingen)

  • toepassen van n_p/ n_s = U_p/ U_s (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Opmerking

Voor het toekennen van het eerste scorepunt hoeft het woord of symbool van aantal windingen niet genoteerd te zijn.

Vraag 31 1 punt

De stroomsterkte I_p in de primaire spoel is 8,3 mA. Wat is juist over stroomsterkte I_s in de secundaire spoel?

  1. A I_s is groter dan I_p .
  2. B I_s is gelijk aan I_p .
  3. C I_s is kleiner dan I_p .
Bekijk het antwoord

Antwoord: A

A

Vraag 32 1 punt

Om de accu op te laden moet de 1,2 V wisselspanning in het aandrijfdeel worden omgezet naar gelijkspanning.

Welk onderdeel is zeker nodig om wisselspanning om te zetten naar gelijkspanning?

Afbeelding bij vraag 32 (opgaven-p13-1.webp).
Afbeelding bij vraag 32 (opgaven-p13-2.webp).
Afbeelding bij vraag 32 (opgaven-p13-3.webp).
Bekijk het antwoord

A

diode NTC weerstand

A B C

Vraag 33 2 punten

Met een schakelaar wordt de tandenborstel aangezet en uitgezet. Met een wisselschakelaar kan de tandenborstel ingesteld worden op hoog vermogen of op laag vermogen.

Op de uitwerkbijlage zie je een deel van het schakelschema. → Maak het schakelschema compleet met weerstand, motor en schakelaar op de juiste plaats.

uitwerkbijlage
uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Antwoordfiguur bij vraag 33 (cv-p12-1-33.webp).
  • alle symbolen juist (1)
  • symbolen op de juiste plaats (1)

Opmerkingen: − Als de kandidaat geen gesloten schakelschema tekent, hiervoor 1 scorepunt in mindering brengen.

− Als de kandidaat een of meer extra componenten toevoegt of verbindingen maakt, hiervoor 1 scorepunt in mindering brengen.

Vraag 34 3 punten

De accu heeft een capaciteit van 2,1 Ah. De volledig opgeladen accu is na 50 minuten gebruik helemaal leeg.

→ Bereken de stroomsterkte die de accu levert voordat hij leeg is.

Bekijk het antwoord

I = 2,5 A

  • juist omrekenen van de tijd / capaciteit (1)
  • gebruik van de formule C = I ∙ t (1)
  • rest van de berekening juist (1)

Het betere hijswerk

Met een hijskraan plaatst Bart een nieuwe dakkapel op het dak.

Afbeelding bij Het betere hijswerk (opgaven-p14-1.webp).

De dakkapel hangt met twee kabels aan een haak. De spankracht in elke kabel is 5250 N.

Je ziet een schematische afbeelding van de krachten in de kabels tijdens het hijsen. De gebruikte krachtenschaal is 1 cm ≙ 1500 N.

Afbeelding bij Het betere hijswerk (opgaven-p14-2.webp).

Vraag 35 1 punt

Toon deze krachtenschaal met een berekening aan.

Bekijk het antwoord

De berekening bestaat uit:

het noteren van de lengte van de vector en vermenigvuldigen met de krachtenschaal / het delen van de waarde van de kracht door de lengte van de vector / het delen van de waarde van de kracht door de schaalverhouding en meten dat de uitkomst gelijk is aan de lengte van de vector.

Opmerking

Als de kandidaat geen eenheden noteert, dit niet aanrekenen.

Vraag 36 3 punten

Construeer op de uitwerkbijlage de samengestelde kracht van F_A en F_B van de dakkapel vanuit punt P. Noteer de grootte van de samengestelde kracht onder de afbeelding.

uitwerkbijlage
uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord

9300 (N) ≤ (F_samengestelde kracht ) ≤ 9900 (N)

Voorbeeld van een juiste constructie:

Antwoordfiguur bij vraag 36 (cv-p14-3-36.webp).
  • juist samenstellen van F_A en F_B (1)
  • consequent tekenen van de vector vanuit punt P / juist tekenen van de vector vanuit punt P (1)
  • noteren van de consequente grootte van de kracht (1)

Vraag 37 1 punt

De hijskraan heeft vaste katrollen en losse katrollen om het gewicht te tillen.

Op de uitwerkbijlage staan twee zinnen over de katrollen. →Omcirkel in elke zin de juiste mogelijkheid.

uitwerkbijlage
uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord

alleen de richting, alleen de grootte

De hijskraan heeft uitschuifbare kraanarmen met stempels. De hijskraan staat op stempels. De stempel staat op een grondplaat.

Afbeelding bij vraag 38 (opgaven-p15-1.webp).

Vraag 38 1 punt

Wat is de functie van de grondplaat?

  1. A De grondplaat vergroot de kracht op de ondergrond.
  2. B De grondplaat verkleint de kracht op de ondergrond.
  3. C De grondplaat vergroot de druk op de ondergrond.
  4. D De grondplaat verkleint de druk op de ondergrond.
Bekijk het antwoord

Antwoord: D

D

Let op: de laatste vraag van dit examen staat op de volgende pagina.

Vraag 39 1 punt

Je ziet een afbeelding van een gekantelde hijskraan.

Afbeelding bij vraag 39 (opgaven-p16-1.webp).
Bekijk het antwoord

A

Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen vmbo-gt Natuur- en scheikunde I 2026, tijdvak 2. Figuren en de exacte opmaak staan in het originele examen.

Andere examens natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl

Veelgestelde vragen

Hoeveel vragen heeft het eindexamen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2026, tijdvak 2?

Het centraal examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2026, tijdvak 2 telt 38 vragen. De meeste vragen gaan over krachten en bewegen (12), elektriciteit (8) en licht en geluid (7).

Wat zijn de antwoorden van het examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2026, tijdvak 2?

Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.

Waar vind ik het correctievoorschrift van natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2026, tijdvak 2?

Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2026/vmbo-gl/documenten/cse-2/gt-0173-a-26-2-c).

Hoe oefen ik met het examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2026, tijdvak 2 en krijg ik feedback?

Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.