Eindexamen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2025, tijdvak 1: vragen en antwoorden
Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Biogas, Suppen op een supboard, Generator op benzine, Anita treedt op, Tekstkar, Katapult, Elektrische puntenslijper, Oortjes.
Het centraal examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2025, tijdvak 1 telt 37 vragen. De meeste vragen gaan over krachten en bewegen (10), elektriciteit (9) en licht en geluid (7). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.
Onderwerpen in dit examen
| Onderwerp | Vragen | Aantal |
|---|---|---|
| Krachten en bewegen | 7-8, 15-18, 23-24, 26-27 | 10 |
| Elektriciteit | 10, 13-14, 19-22, 29-30 | 9 |
| Licht en geluid | 31-37 | 7 |
| Energie | 9, 11-12, 25, 28 | 5 |
| Verbranden | 1, 3-4 | 3 |
| Stoffen en materialen | 2, 5-6 | 3 |
Vergeleken met andere jaren
De verdeling over de onderwerpen ligt dicht bij het gemiddelde van de andere 17 examens natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl sinds 2018. Geen enkel onderwerp wijkt meer dan zes procentpunten af.
Opgaven en correctievoorschrift
De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.
Oefenen als leerling
Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2025, tijdvak 1 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.
Nakijken als docent
Start gratis vanaf deze pagina
Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2025, tijdvak 1 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.
Laat de klas het examen maken
Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.
Geef de resultaten vrij
Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.
ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.
Vragen en antwoorden
Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2025, tijdvak 1. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.
Biogas
Een biogas-centrale maakt het brandbare gas methaan uit gft-afval. Dit gas wordt biogas genoemd. Het biogas stijgt op en wordt opgevangen in de zak aan de bovenkant. Dit gas is te gebruiken als brandstof in een fornuis.
Je ziet een schematische afbeelding van de opstelling.
Vraag 1 1 punt
Noteer een milieuvoordeel van het produceren en gebruiken van biogas.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- voorbeelden van een juist antwoord: − minder gebruik van fossiele brandstoffen − minder afval − gft-afval wordt nuttig gebruikt − minder uitstoot van CO2 − minder uitstoot van methaangas (1)
Vraag 2 1 punt
Het biogas ontstaat in deze biogas-centrale bij een temperatuur van 302 K. Noteer deze temperatuur in °C.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- (T =) 29 (°C) (1)
Vraag 3 1 punt
Op de uitwerkbijlage staat een zin over de productie van biogas. Omcirkel in deze zin de juiste mogelijkheden.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerking Het scorepunt alleen toekennen als beide keuzes juist zijn.
Vraag 4 4 punten
Uit een massa van 1 kg gft-afval ontstaat een volume van 140 L van het biogas methaan. Voor het koken, bakken en braden is dagelijks 18 MJ energie nodig. De verbranding van het biogas methaan zorgt voor deze energie. Bereken de massa van het gft-afval dat hiervoor nodig is. Gebruik de tabel ‘Verbrandingswarmte van enkele stoffen’ in BINAS.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- noteren van de waarde van de verbrandingswarmte van methaan (35,8 (J/cm3)) (1)
- juist omrekenen van het volume of de verbrandingswarmte (1)
- berekenen van de energie die bij de verbranding van 140 L methaangas vrijkomt (5 012 000 (J) / 5,012 (MJ)) / berekenen van het volume methaan dat nodig is voor 18 MJ energie (503 (L)) (1)
- rest van de berekening juist (1)
Suppen op een supboard
Lynn gaat suppen. In haar rugzak zit een kunststof supboard dat nog opgepompt moet worden. Om vooruit te komen met het supboard heeft ze een peddel meegenomen.
Vraag 5 3 punten
De massa van de kunststof van het supboard is 11,2 kg. Het volume van de kunststof is 8,5 dm3. Je ziet een tabel met de dichtheid van verschillende kunststoffen.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
ρ = 1,3 kg/dm3 , (het board is gemaakt van) PVC / polyvinylchloride
Opmerkingen
- Het derde scorepunt alleen toekennen als er een dichtheid is berekend.
- Als de kandidaat een dichtheid berekent die niet overeenkomt met een van de waarden uit de tabel en daaruit de conclusie trekt dat de kunststof onbekend is, voor deze vraag maximaal 2 scorepunten toekennen.
- Als de kandidaat een dichtheid van 0,76 kg/dm3 berekent en daaruit de conclusie trekt dat de kunststof PP / polypropeen is, voor deze vraag maximaal 1 scorepunt toekennen.
kunststof ρ (kg/dm3)
PE (polyetheen) 0,94
PP (polypropeen) 0,90
PS (polystyreen) 1,0
PVC (polyvinylchloride) 1,3
Bereken de dichtheid van het materiaal van het supboard en noteer van welke kunststof het is gemaakt.
Lynn pompt het supboard op. Het volume van het supboard neemt daardoor toe. Het opgepompte board drijft op het water.
Vraag 6 2 punten
Op de uitwerkbijlage staan drie zinnen over het supboard na het oppompen. Omcirkel in elke zin de juiste mogelijkheid.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerking Het tweede scorepunt alleen toekennen als beide keuzes juist zijn.
Het supboard ligt stil op het water. Lynn stapt op het supboard.
supboard zonder Lynn supboard met Lynn
Het supboard met Lynn ligt stil op het water.
Vraag 7 1 punt
Op de uitwerkbijlage staan twee zinnen over krachten die werken op het supboard. Vergelijk de krachten die werken op het supboard met Lynn, met de krachten die werken op het supboard zonder Lynn. Omcirkel in elke zin de juiste mogelijkheid.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerking Het scorepunt alleen toekennen als beide keuzes juist zijn.
Vraag 8 3 punten
De totale massa van Lynn met peddel en supboard is 76,5 kg. Het contactoppervlak van het supboard met het water is 1,25 m2. Bereken de druk van het supboard op het water.
Bekijk het antwoord
Opmerking Als de kandidaat in de formule p = F / A op de plaats van de zwaartekracht de waarde van de massa invult, voor deze vraag maximaal 2 scorepunten toekennen.
Generator op benzine
Stefan heeft een generator om zijn ijscotruck van elektriciteit te voorzien. De generator heeft een benzinemotor die een dynamo aandrijft.
ijscotruck generator
Vraag 9 2 punten
Op de uitwerkbijlage staat een schema over de energieomzettingen bij de generator. Maak het schema compleet met de juiste nuttige energiesoorten op de juiste plaats.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerking Als de kandidaat in plaats van ‘elektrische (energie)’ ‘elektriciteit’ noteert, dit niet aanrekenen.
Vraag 10 2 punten
Noteer de twee onderdelen in een dynamo die nodig zijn om elektrische energie op te wekken.
Bekijk het antwoord
Opmerkingen
- Als de kandidaat in plaats van ‘spoel’ ‘koperdraad’ noteert, het eerste scorepunt niet toekennen.
- Als de kandidaat in plaats van ‘spoel’ ‘wikkelingen van koperdraad’ noteert, het eerste scorepunt toekennen.
Stefan vult de generator met benzine, start de generator en sluit deze ijsmachine aan op het stopcontact van de generator.
De generator levert 33,0 kWh aan elektrische energie.
Vraag 11 2 punten
Benzine kost € 1,95 per liter. De generator heeft 20 L benzine verbruikt. Bereken de brandstofkosten van 1 kWh opgewekte elektrische energie in euro’s.
Bekijk het antwoord
- berekenen van de kosten van 20 L benzine / berekenen van het aantal kWh per liter benzine (1)
- rest van de berekening juist (1)
Vraag 12 3 punten
Bereken de opgenomen energie van de generator. Gebruik de tabel ‘Rendementen bij energieomzettingen’ in BINAS.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerkingen
- Voor het toekennen van het tweede scorepunt hoeft het woord of symbool voor rendement niet genoteerd te zijn.
- Als de kandidaat de waardes van Eaf en Eop omdraait, voor deze vraag maximaal 2 scorepunten toekennen.
- Als de kandidaat de opgenomen energie van de generator heeft berekend met behulp van de in Binas vermelde verbrandingswarmte van benzine, kunnen de drie scorepunten worden toegekend voor het opzoeken van de verbrandingswarmte, voor het omrekenen van de verbrandingswarmte of het volume, en voor de rest van de berekening.
Vraag 13 3 punten
Alleen de ijsmachine is aangesloten op de generator. Het opgenomen vermogen van de ijsmachine is 4400 W. Bereken de tijd die de ijsmachine ingeschakeld was.
Bekijk het antwoord
- juist omrekenen van de energie of het vermogen (1)
- gebruik van de formule E = P · t (1)
- rest van de berekening juist (1)
Vraag 14 1 punt
In de generator zit een elektrische beveiliging. Deze beveiliging schakelt de stroomtoevoer uit als de geleverde stroomsterkte te hoog is. Welk onderdeel schakelt de stroomtoevoer bij een te grote stroomsterkte uit?
Bekijk het antwoord
Antwoord: C
Anita treedt op
Anita treedt op als acrobaat. Ze hangt aan een metalen buis. De buis is met twee kettingen verbonden aan een kabel die aan het plafond is bevestigd.
Vraag 15 1 punt
Op de uitwerkbijlage staan twee zinnen over krachten in deze situatie. Omcirkel in elke zin de juiste mogelijkheid.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerking Het scorepunt alleen toekennen als beide keuzes juist zijn.
Je ziet een schematische afbeelding van de kettingen. De zwaartekracht van Anita in punt P is 625 N. De krachtenschaal is 1 cm ≙ 125 N.
Vraag 16 1 punt
Toon deze krachtenschaal aan met een berekening.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerking Als de kandidaat geen eenheden noteert, dit niet aanrekenen.
Vraag 17 3 punten
Op de uitwerkbijlage staat een schematische afbeelding van de kettingen. Construeer op de uitwerkbijlage de kracht vanuit punt P in ketting A en noteer de grootte van deze kracht onder de afbeelding.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerkingen
- Als de kandidaat de zwaartekracht vanuit P niet (juist) heeft ontbonden, voor deze vraag geen scorepunten toekennen.
- Als de kandidaat de vector van de kracht niet (juist) tekent, voor deze vraag maximaal 2 scorepunten toekennen.
- Als de kandidaat de kracht in de andere ketting ontbindt, dit niet aanrekenen.
Vraag 18 1 punt
Anita heeft de kettingen richting het midden van de buis verplaatst (situatie 2). Vergelijk de kracht in ketting A in deze twee situaties.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- Antwoord: A (1)
Tekstkar
Een tekstkar met led-paneel geeft informatie. De ledlampen in het led-paneel zijn parallel geschakeld zodat elke ledlamp onafhankelijk aangezet of uitgezet kan worden. Zo kunnen alle letters uitgebeeld worden.
In de tekstkar zit een accupakket van vier aan elkaar geschakelde accu’s.
De spanning over het led-paneel is 24 V. De spanning van één accu is 6 V.
Vraag 19 1 punt
Je ziet vier schakelschema’s met elk vier 6 V accu’s. De accu’s zijn zo geschakeld dat ze de juiste spanning voor het led-paneel leveren. Welk schakelschema is van de accu’s in de tekstkar?
Bekijk het antwoord
- Antwoord: B (1)
A B
C D
De stroomsterkte door het led-paneel is 3,6 A.
Vraag 20 2 punten
Bereken de weerstand van het led-paneel bij deze stroomsterkte.
Bekijk het antwoord
- gebruik van de formule R = U / I (1)
- rest van de berekening juist (1)
Vraag 21 2 punten
De capaciteit van het accupakket in de tekstkar is 216 Ah. Bereken de tijd die de tekstkar bij deze stroomsterkte kan werken op dit accupakket.
Bekijk het antwoord
- gebruik van de formule C = I · t (1)
- rest van de berekening juist (1)
Er staat een nieuwe tekst op het led-paneel. Er branden nu minder leds op het led-paneel.
oude tekst nieuwe tekst
Vraag 22 3 punten
De vermindering van het aantal brandende leds heeft invloed op een aantal grootheden. Op de uitwerkbijlage staat een tabel met vier zinnen over die invloed op deze grootheden. Zet achter elke zin één kruisje in de juiste kolom.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- even Als er minder leds branden, is groter kleiner groot de spanning van het accupakket x het geleverde vermogen door het accupakket x de geleverde stroomsterkte door het x accupakket de tijd die het led-paneel kan werken op een x opgeladen accupakket indien vier rijen juist (3) indien drie rijen juist (2) indien twee rijen juist (1) indien één of geen rij juist (0) (3)
Katapult
In België is het schieten met een katapult een populaire sport.
de katapult het kogeltje de schietschijf
Om het kogeltje weg te kunnen schieten, trekt Mathis de houder met het kogeltje naar achter. Het elastiek rekt daardoor uit.
Vraag 23 1 punt
Noteer de naam van de kracht die ontstaat door het uitrekken van het elastiek.
Bekijk het antwoord
Opmerking Als de kandidaat ‘elastische kracht’ noteert, dit niet aanrekenen.
Mathis laat de houder met het kogeltje los. De massa van het kogeltje is 0,0050 kg. In de houder is de versnelling van het kogeltje constant 1,8 · 103 m/s2. Het kogeltje verlaat de houder met een snelheid van 36,0 m/s.
Vraag 24 2 punten
Bereken de tijd die het kogeltje versnelt.
Bekijk het antwoord
- gebruik van de formule a = Δv / Δt (1)
- rest van de berekening juist (1)
Vraag 25 2 punten
Bereken de bewegingsenergie van het kogeltje op het moment dat het de houder verlaat.
Bekijk het antwoord
- gebruik van de formule Ebew = ½ · m · v2 (1)
- rest van de berekening juist (1)
Vraag 26 2 punten
Het kogeltje legt na het verlaten van de houder tot het raken van de schietschijf een afstand van 16 m af, met een gemiddelde snelheid van 34,0 m/s. Bereken de tijd tussen het verlaten van de houder en het raken van de schietschijf.
Bekijk het antwoord
- gebruik van de formule s = v · t (1)
- rest van de berekening juist (1)
Vraag 27 1 punt
In de tijd tussen het verlaten van de houder en het raken van de schietschijf neemt de snelheid van het kogeltje af. Welke tegenwerkende kracht zorgt voor deze snelheidsafname?
Bekijk het antwoord
- (lucht)wrijving(skracht) (1)
Vraag 28 3 punten
Het kogeltje gaat met een gemiddelde kracht van 640 N de schietschijf in. Na een afstand van 4,0 mm komt het kogeltje in de schietschijf tot stilstand. Bereken de arbeid in Joule die deze kracht van het kogeltje op de schietschijf heeft verricht.
Bekijk het antwoord
- juist omrekenen van de afstand (1)
- gebruik van de formule W = F · s (1)
- rest van de berekening juist (1)
Elektrische puntenslijper
Igor heeft een elektrische puntenslijper. De puntenslijper heeft een mesje dat wordt aangedreven met een elektromotor.
voor gebruik tijdens gebruik
Bij het plaatsen van een kapje voor het mesje sluit drukschakelaar S1. Als een potlood in de puntenslijper wordt geduwd, sluit drukschakelaar S2 . De elektromotor werkt alleen als beide schakelaars gesloten zijn.
De puntenslijper werkt op een spanning van 6,0 V.
Vraag 29 2 punten
Op de uitwerkbijlage staat een deel van het schakelschema van de puntenslijper. Maak het schakelschema compleet met de twee drukschakelaars en de elektromotor.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerkingen
- Als de kandidaat een of meer extra componenten plaatst en/of verbindingen maakt, hiervoor 1 scorepunt in mindering brengen.
- Als de kandidaat (bij gesloten schakelaars) een open stroomkring heeft getekend, hiervoor 1 scorepunt in mindering brengen.
Vraag 30 3 punten
De stroomsterkte door de elektromotor is 54 mA. Bereken het vermogen van de elektromotor.
Bekijk het antwoord
- juist omrekenen van de stroomsterkte (1)
- gebruik van de formule P = U · I (1)
- rest van de berekening juist (1)
Oortjes
Armand zet de muziek op zijn telefoon aan. Het geluid is via zijn oortjes te horen.
de oortjes van Armand
Vraag 31 2 punten
Op de uitwerkbijlage staan drie zinnen over geluid. Omcirkel in elke zin de juiste mogelijkheid.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerking Het tweede scorepunt alleen toekennen als beide keuzes juist zijn.
Vraag 32 1 punt
Armand zet het geluidsvolume op de hoogste stand. Dicht bij een van de oortjes meet hij de geluidssterkte met een dB-meter. Op de uitwerkbijlage zie je de dB-meter met het meetresultaat. Noteer de gemeten geluidssterkte onder de afbeelding.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- (gemeten geluidssterkte =) 92 (dB) (1) (1)
Bij een gehoortest wordt bij verschillende toonhoogtes de geluidssterkte bepaald die nog net hoorbaar is voor een persoon. Deze waarden worden vergeleken met die van een persoon zonder gehoorbeschadiging.
Je ziet het diagram van de geluidssterkte waarbij de toon nog net hoorbaar is voor een persoon zonder gehoorbeschadiging.
Vraag 33 1 punt
Een persoon zonder gehoorbeschadiging hoort een geluid met een frequentie van 2000 Hz. Wat is volgens het diagram de minimale geluidssterkte om dit geluid waar te nemen?
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Antwoord: B
Armand doet een gehoortest. Bij verschillende frequenties wordt de geluidssterkte bepaald die nog net hoorbaar is voor Armand.
Je ziet een tabel met de meetgegevens van de gehoortest van Armand.
frequentie (Hz) 125 250 500 1000 2000 4000 8000
geluidssterkte (dB) 25 15 11 9 8 10 16
Vraag 34 2 punten
Zet in het diagram op de uitwerkbijlage alle meetgegevens van de gehoortest van Armand uit en teken de grafiek.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerkingen
- Als de kandidaat één meetgegeven niet juist uitzet, dit niet aanrekenen.
- Als de kandidaat een lijn tekent in het gebied tussen oorsprong en
125 Hz, dit niet beoordelen.
Armand gaat naar een rockconcert. Op een afstand van 2 m van de geluidsbron is de geluidssterkte 121 dB.
Vraag 35 1 punt
In welke zone van gehoorgevoeligheid ligt deze geluidssterkte?
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerking Als de kandidaat ‘toenemende kans op gehoorbeschadiging’ noteert, dit fout rekenen.
Om verdere gehoorbeschadiging te beperken, staat Armand bij het rockconcert op ruime afstand van de geluidsbron. Voor de geluidssterkte geldt:
Bij elke verdubbeling van de afstand tot de geluidsbron neemt de geluidssterkte met 6 dB af.
Op de plek waar Armand staat, is de geluidssterkte 85 dB.
Vraag 36 2 punten
Bereken op welke afstand Armand van de geluidsbron staat.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- inzicht dat er sprake is van 6 keer een verdubbeling van de afstand (1)
- rest van de berekening juist (1)
Vraag 37 1 punt
Noteer de maximale blootstellingsduur aan de geluidssterkte van 85 dB.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- (t =) 8 h (1)
Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen vmbo-gl/tl Natuur- en scheikunde I 2025, tijdvak 1. Afbeeldingen en de exacte opmaak staan in het originele examen: https://www.examenblad.nl/2025/vmbo-gl/documenten/cse-1/gt-0173-a-25-1-o
Andere examens natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl
- 2026, tijdvak 1
- 2026, tijdvak 2
- 2025, tijdvak 2
- 2024, tijdvak 1
- 2024, tijdvak 2
- 2023, tijdvak 1
- 2023, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 1
- 2022, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 3
- 2021, tijdvak 1
- 2021, tijdvak 2
- 2021, tijdvak 3
- 2019, tijdvak 1
- 2019, tijdvak 2
- 2018, tijdvak 1
- 2018, tijdvak 2
Veelgestelde vragen
Hoeveel vragen heeft het eindexamen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2025, tijdvak 1?
Het centraal examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2025, tijdvak 1 telt 37 vragen. De meeste vragen gaan over krachten en bewegen (10), elektriciteit (9) en licht en geluid (7).
Wat zijn de antwoorden van het examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2025, tijdvak 1?
Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.
Waar vind ik het correctievoorschrift van natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2025, tijdvak 1?
Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2025/vmbo-gl/documenten/cse-1/gt-0173-a-25-1-c).
Hoe oefen ik met het examen natuur- en scheikunde I vmbo-gl/tl 2025, tijdvak 1 en krijg ik feedback?
Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.