Eindexamen economie vmbo-gl/tl 2021, tijdvak 3: vragen en antwoorden
Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Aart Beij, Handelsland.nl, Thijs gaat voor het goede doel, Pindapasta als hulp, slechts € 0,30 om één zakje pindapasta te produceren., Koopkracht?, Zeg het met bloemen!, Dalende melkprijzen, Wat te doen (met veel geld)?.
Het centraal examen economie vmbo-gl/tl 2021, tijdvak 3 loopt tot vraag 42. Van 37 vragen staat het onderwerp in de vragenbank. De meeste vragen gaan over productie en kosten (10), inkomen en consumptie (6) en geld en inflatie (6). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.
Onderwerpen in dit examen
| Onderwerp | Vragen | Aantal |
|---|---|---|
| Productie en kosten | 1-3, 17-19, 28-30, 36 | 10 |
| Inkomen en consumptie | 11-12, 14, 21, 37, 41 | 6 |
| Geld en inflatie | 22-25, 39-40 | 6 |
| Internationale handel | 6-10 | 5 |
| Vraag en aanbod | 31, 33-35 | 4 |
| Overheid en belastingen | 5, 32, 38 | 3 |
| Arbeidsmarkt | 13 | 1 |
| Marktvormen | 27 | 1 |
| Risico en verzekeren | 42 | 1 |
Vergeleken met andere jaren
Vergeleken met de andere 17 examens economie vmbo-gl/tl sinds 2018: dit examen vroeg meer over productie en kosten (27% van de vragen, gemiddeld 11%) en geld en inflatie (16% van de vragen, gemiddeld 7%). Minder over arbeidsmarkt (3% van de vragen, gemiddeld 15%) en overheid en belastingen (8% van de vragen, gemiddeld 18%).
Opgaven en correctievoorschrift
De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.
Oefenen als leerling
Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen economie vmbo-gl/tl 2021, tijdvak 3 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.
Nakijken als docent
Start gratis vanaf deze pagina
Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen economie vmbo-gl/tl 2021, tijdvak 3 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.
Laat de klas het examen maken
Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.
Geef de resultaten vrij
Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.
ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.
Vragen en antwoorden
Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen economie vmbo-gl/tl 2021, tijdvak 3. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.
Aart Beij
Bij de beantwoording van de vragen in deze opgave moet je soms gebruikmaken van informatiebron 1 en 2 in de bijlage.
De vraag naar gezonde en diervriendelijke producten groeit al jaren. Steeds meer consumenten kiezen daarom voor biologisch. Aart Beij is al drie jaar eigenaar van een biologische supermarkt. Aart zegt: “In 2015 is, vergeleken met 2014, het aandeel van AGF in de totale omzet gestegen met maar liefst 4%.”
Gebruik informatiebron 1.
Vraag 1 2 punten
Toon met een berekening aan, dat de uitspraak van Aart juist is. Schrijf je berekening op. Tip: Bereken eerst de aandelen AGF en vervolgens de procentuele toename.
Bekijk het antwoord
- voorbeeld van een juiste berekening: € €€ € 1 51 65 3 55 0 7 , 5 0m m m m n n l ll • 2014: × 100% = 25% 6 0% n l n 2015: × 100% = 26% (1) 2 6 % 2 − 2 5 % • × 100% = 4% (1) (2)
Aart specialiseert zich in biologische streekproducten en doet zelf de inkoop bij de boeren. De concurrentie tussen de biologische winkels is sterk toegenomen. Aart ziet de toekomst van zijn bedrijf echter met vertrouwen tegemoet.
Gebruik informatiebron 2.
Vraag 2 1 punt
Geef een verklaring voor de optimistische kijk van Aart voor zijn bedrijf.
Bekijk het antwoord
- voorbeelden van een juiste verklaring: − De omzet van biologische producten is (flink) toegenomen. − De omzet van biologische supermarkten is meer toegenomen dan bij andere supermarkten. (1)
Aart heeft nu gemiddeld per maand 3.950 klanten en volgens onderzoek zijn deze klanten bereid om meer te betalen voor biologische producten.
Vraag 3 2 punten
Aart is tevreden over zijn bedrijf. In 2015 bedroeg zijn brutowinst € 150.000. De inkoopwaarde was € 96.000 en de totale bedrijfskosten waren € 59.500. Bereken in één decimaal voor Aarts bedrijf het nettowinstpercentage van de omzet in 2015. Schrijf je berekening op.
Bekijk het antwoord
- voorbeeld van een juiste berekening: • omzet: € 150.000 + € 96.000 = € 246.000 (1) • nettowinst: € 150.000 − € 59.500 = € 90.500 € € 9 2 0 . 5 . 0 0 0 0 4 6 0 nettowinstpercentage: × 100% = 36,8% (1) (2)
Vraag 4 1 punt
Aarts bedrijf is gestart als een eenmanszaak. Aart vraagt Kyona om in te stappen als partner van Aart in een besloten vennootschap (bv). Ze bespreken de voors en tegens van deze rechtsvorm. Noem een argument, anders dan een belastingvoordeel, om te kiezen voor de rechtsvorm bv, in plaats van een eenmanszaak.
Bekijk het antwoord
- voorbeeld van een juist argument: Het privévermogen wordt in een bv bij faillissement niet aangesproken. (Dat is bij een eenmanszaak wel het geval.) (1)
Vraag 5 1 punt
De vennootschapsbelasting bedraagt 20% bij een jaarlijkse winst tot € 200.000. De bv moet tevens omzetbelasting afdragen. Welke belasting wordt over welke winst geheven?
Bekijk het antwoord
Antwoord: D
Handelsland.nl
Bij de beantwoording van de vragen in deze opgave hoef je geen gebruik te maken van een informatiebron in de bijlage.
Nederland is een handelsland. De import en export vormen een zeer groot deel van ons nationale inkomen.
Vraag 6 1 punt
Hoe noemen we de economie van een land dat relatief veel importeert en exporteert?
Bekijk het antwoord
Antwoord: D
Vraag 7 2 punten
Export is belangrijk voor Nederlandse bedrijven. Ook bedrijven die niet exporteren, kunnen voordelen hebben van export door andere bedrijven. Leg in twee stappen uit dat een niet-exporterend bedrijf voordelen kan hebben van export door andere bedrijven.
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
- Als de exporterende bedrijven veel afzetten, levert dat meer werkgelegenheid op (1p)
- Mensen zullen het extra inkomen besteden bij andere bedrijven (die niet exporteren) (1p)
Hoe hoger de waarde van de export, des te meer Nederland verdient aan de handel met andere landen.
nationaal inkomen, exportwaarde en exportquote Nederland in 2014
nationaal inkomen in exportwaarde in exportquote miljarden euro’s miljarden euro’s
660 … 70%
Vraag 8 1 punt
Bereken de waarde van de export van Nederland in 2014. Schrijf je berekening op.
Bekijk het antwoord
- voorbeeld van een juiste berekening: 0,7 × € 660 miljard = € 462 miljard (1)
Vraag 9 1 punt
Exporterende bedrijven beweren het volgende: “Een groot deel van wat we samen in Nederland verdienen, verdienen we door de export. Door de lonen te verlagen gaat Nederland meer verdienen aan de export.” Hieronder staat een aantal verschijnselen:
1 Lonen worden verlaagd.
2 Bedrijfskosten dalen.
3 Export neemt toe.
4 Nederlandse concurrentiepositie verbetert.
5 Nederland verdient meer aan de export. In welke regel staan deze verschijnselen zo, dat ze de gedachtegang van deze exporteurs juist weergeven?
Bekijk het antwoord
Antwoord: B
Vraag 10 2 punten
Daarentegen vinden bedrijven die voor de binnenlandse markt werken, dat verlaging van de lonen schadelijk kan zijn voor de werkgelegenheid in Nederland. Verklaar in twee stappen dat verlaging van de lonen schadelijk kan zijn voor de werkgelegenheid in Nederland.
Bekijk het antwoord
- Door loonsverlaging hebben consumenten minder te besteden (1)
- Door de dalende bestedingen daalt de productie (dit heeft negatieve gevolgen voor de ontwikkeling van de werkgelegenheid) (1)
Thijs gaat voor het goede doel
Bij de beantwoording van de vragen in deze opgave hoef je geen gebruik te maken van een informatiebron in de bijlage.
Thijs is 17 jaar en zit in 4 vmbo. Als bijbaantje maakt hij een website voor Harold. Daarmee verdient Thijs € 8 netto per uur. De kinderbijslag wordt door zijn ouders elke maand op zijn bankrekening overgemaakt.
Vraag 11 1 punt
Welk soort inkomen is de kinderbijslag?
Bekijk het antwoord
Antwoord: C
Vraag 12 2 punten
Thijs werkt twintig uur per maand voor Harold. De kinderbijslag bedraagt € 273 per kwartaal. Die gebruikt hij om kleding te kopen. Verder krijgt hij € 15 zakgeld per week. Bereken de gemiddelde maandelijkse inkomsten van Thijs. Schrijf je berekening op.
Bekijk het antwoord
- voorbeeld van een juiste berekening: • 20 × € 8 = € 160 € 2 3 7 3 = € 91 5 1 2 2 € 15 × = € 65 (1) • € 160 + € 91 + € 65 = € 316 (1) (2)
Thijs wil in de drie vakantiemaanden voor Harold gaan werken. Als een jongere te veel verdient, stopt de kinderbijslag. Het maximumbedrag dat mag worden bijverdiend is € 1.266 netto per kwartaal. Thijs is benieuwd hoeveel uren hij dan maximaal per maand kan werken en toch zijn volledige kinderbijslag kan behouden.
Vraag 13 2 punten
Bereken in twee decimalen hoeveel uren Thijs maximaal gemiddeld per maand voor Harold mag werken in deze drie vakantiemaanden en toch zijn volledige kinderbijslag kan behouden. Schrijf je berekening op.
Bekijk het antwoord
- = € 422 (1)
- = 52,75 uren per maand (1)
Vraag 14 1 punt
Thijs vindt dat hij voldoende geld heeft om af en toe een bedrag over te maken naar een goed doel, zoals Serious Request. Verder wil hij graag met zijn vrienden uitgaan, computerspelletjes spelen, sporten en gitaar spelen, maar daar komt hij vaak niet aan toe. Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen. Doe het zo: Noteer de nummers (1) en (2) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan. Thijs heeft een tekort aan …(1)… (geld / tijd). Hij zal voortdurend keuzes moeten maken over wat hij wil gaan doen. Dat noem je in de economie …(2)… (koopkracht / prioriteiten stellen).
Bekijk het antwoord
- (1) tijd (2) prioriteiten stellen indien twee juist (1) indien één of geen juist (0) (1)
Pindapasta als hulp
Bij de beantwoording van de vragen in deze opgave hoef je geen gebruik te maken van een informatiebron in de bijlage.
Het kan de redding zijn voor ondervoede kinderen: Plumpy’Nut, een pasta van pinda’s, verrijkt met vitaminen en mineralen.
UNICEF, de kinderhulporganisatie van de Verenigde Naties (VN) verspreidt Plumpy’Nut wereldwijd onder ondervoede kinderen. Ondervoeding bij de bevolking is een kenmerk van ontwikkelingslanden.
Vraag 15 1 punt
Noem nog twee kenmerken van ontwikkelingslanden.
Bekijk het antwoord
Opmerking Beide kenmerken moeten juist zijn voor 1 scorepunt.
Vraag 16 1 punt
Plumpy’Nut wordt gebruikt sinds 1998. Daarvoor verspreidden hulporganisaties melkpoeder dat in het ontwikkelingsland in water opgelost moest worden. Noem een nadeel van het gebruik van melkpoeder in ontwikkelingslanden.
Bekijk het antwoord
- voorbeeld van een juist nadeel: Melkpoeder moet opgelost worden in schoon water. Schoon drinkwater is meestal niet aanwezig, waardoor ziekten kunnen ontstaan. (1)
slechts € 0,30 om één zakje pindapasta te produceren.
Gebruik de informatie hierboven.
Vraag 17 2 punten
Bereken de gemiddelde productiekosten om alle ernstig ondervoede kinderen in de wereld voldoende aan te sterken met Plumpy’Nut. Schrijf je berekening op.
Bekijk het antwoord
Opmerking Een andere manier van afronden of een berekening met 364 dagen ook goed rekenen.
De grootste Plumpy’Nut-fabriek staat momenteel in Frankrijk. UNICEF is van plan meerdere fabrieken op te zetten in ontwikkelingslanden met een grote vraag naar de pindapasta, zoals in het Afrikaanse land Malawi. Dit heeft meerdere voordelen, zowel voor UNICEF als ook voor Malawi.
Vraag 18 1 punt
Noem een voordeel voor UNICEF van productie van de pindapasta in Malawi.
Bekijk het antwoord
- voorbeelden van een juist voordeel: − In ontwikkelingslanden zijn de (loon)kosten lager. De productie is daardoor voor UNICEF nog goedkoper. − Door de nabijheid van het ondervoedingsprobleem kan de fabriek beter / sneller inspelen op de vraag naar pindapasta. (1)
Vraag 19 1 punt
Noem een economisch voordeel voor Malawi van productie van de pindapasta in Malawi zelf.
Bekijk het antwoord
- voorbeelden van een juist voordeel: − De productie in Malawi levert werkgelegenheid op voor Malawi. − De productie in Malawi levert inkomsten op voor Malawi. (1)
Vraag 20 1 punt
UNICEF is een zogenaamde NGO, een non-gouvernementele organisatie. Het is vaak beter om ontwikkelingshulp te verstrekken via een NGO dan hulp te geven via de regering van Malawi. Noem een argument waarom het vaak beter is om hulp te verlenen via een NGO in plaats van hulpverlening via de regering van Malawi.
Bekijk het antwoord
- voorbeelden van een juist argument: − Noodhulp gaat meestal sneller door de gespecialiseerde NGO’s. − NGO’s kunnen sneller activiteiten opzetten dan een regering. − NGO’s kunnen corruptie in een land omzeilen. − NGO’s hebben minder last van bureaucratie in een land. (1)
Koopkracht?
Bij de beantwoording van de vragen in deze opgave moet je soms gebruikmaken van informatiebron 3 in de bijlage.
De ouders van Tim en Tom hebben in 2009 een woning gekocht met een hypothecaire geldlening. Ze wonen er met veel plezier en willen er minstens 15 jaar blijven wonen. Moeder is docent in het mbo en vader zorgt voor het huishouden. Door de economische crisis vanaf 2008 zijn de huizenprijzen gedaald. Echter sinds 2013 zijn de huizenprijzen weer aan het stijgen.
Vraag 21 1 punt
In 2014 is de waarde van hun woning gestegen met 2,3%. De waarde van de woning werd op 31 december 2014 geschat op € 325.000. Bereken in twee decimalen de geschatte waarde van hun woning op
1 januari 2014. Schrijf je berekening op.
Bekijk het antwoord
- voorbeeld van een juiste berekening: € 3 1 2 0 5 . 0 , 0 3 0 2 × 100 = € 317.693,06 (1)
Vraag 22 1 punt
Tim en Tom horen hun ouders praten over de waardestijging van de woning. Zij denken dat hun ouders daar blij mee zijn, maar vader merkt op: “Aan die gestegen waarde hebben we nu niets.” Leg de opmerking van vader uit.
Bekijk het antwoord
- voorbeeld van een juiste uitleg: De waardestijging is alleen van belang op het moment dat de woning wordt verkocht (en zij zijn van plan nog minimaal 15 jaar daar te blijven wonen). (1)
Gebruik informatiebron 3.
Vraag 23 1 punt
Tegelijkertijd maakt vader zich zorgen over de koopkracht van hun gezinsinkomen. In 2014 steeg het gezinsinkomen met 1,3%. In de krant staat een grafiek over de ontwikkeling van de inflatie. Vader doet drie uitspraken over deze grafiek. Welke uitspraak is juist?
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage
Bekijk het antwoord
Antwoord: A
Vraag 24 2 punten
Tim en Tom zijn benieuwd hoe inflatie kan ontstaan. Zij vragen het aan hun vader. Hij legt uit dat inflatie verschillende oorzaken kan hebben. Noem twee oorzaken van het ontstaan van inflatie.
Bekijk het antwoord
- voorbeelden van juiste oorzaken: − De vraag naar goederen en diensten overtreft het aanbod. − Als de kosten stijgen, kunnen deze in de verkoopprijs worden doorberekend. − Als kostprijsverhogende belastingen stijgen, kunnen deze in de verkoopprijs worden doorberekend. − De verkoper kan de winstmarges verhogen. − De gestegen prijzen van geïmporteerde goederen kunnen worden doorberekend in de consumentenprijzen. per juiste oorzaak (1) (2)
Gebruik informatiebron 3.
Vraag 25 2 punten
Aan het eind van het gesprek beweert moeder dat zij zich geen zorgen maakt. Haar reële inkomen is in de periode 2012 tot en met 2014 gestegen, omdat haar salaris sinds 1 januari 2012 is gestegen met 5,3%. Heeft moeder gelijk als zij beweert dat haar reële inkomen in de periode 2012 tot en met 2014 is gestegen? Licht je antwoord toe met een berekening.
Bekijk het antwoord
- 2,5% + 2,5% + 1,5% = 6,5% (1)
- 6,5% is meer dan 5,3%; de uitspraak van moeder is onjuist (1)
Zeg het met bloemen!
Bij de beantwoording van de vragen in deze opgave moet je soms gebruikmaken van informatiebron 4 in de bijlage.
De lagere economische groei in Europa leidt tot minder groei van de totale bloemenmarkt. Roos Blom, dochter van rozenkwekers in het Westland, heeft wel vertrouwen in de toekomst van de bloemenwinkels.
Vraag 26 1 punt
Tot welke sector behoren bloemenwinkels?
Bekijk het antwoord
Antwoord: C
Vraag 27 1 punt
Roos is van plan om een eigen bloemenwinkel te beginnen, maar dan wel op een andere manier dan de meeste andere bloemenwinkels. Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen. Doe het zo: Noteer de nummers (1) en (2) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan. Volgens Roos maken bloemenwinkels nu te weinig winst met alleen het inkopen en verkopen van bloemen. Roos wil de …(1)… (inkoopwaarde / toegevoegde waarde) vergroten. Deze waarde is te vergroten door …(2)… (betere dienstverlening / de verkoopprijzen te verlagen).
Bekijk het antwoord
- (1) toegevoegde waarde (2) betere dienstverlening indien twee juist (1) indien één of geen juist (0) (1)
Met moeder Marjolein bespreekt Roos de kansen van een eigen bloemenwinkel. Marjolein: “Je moet de markt goed kennen en weten wat je concurrentie doet. En let op: het marktaandeel snijbloemen van de supermarkten neemt toe.”
Gebruik informatiebron 4.
Vraag 28 1 punt
Bereken voor supermarkten de omzet van snijbloemen in 2016. Schrijf je berekening op.
Bekijk het antwoord
- voorbeeld van een juiste berekening: € 750.000.000 × 0,18 = € 135.000.000 (1)
Vraag 29 1 punt
Marjolein: “Ons rozenkweekbedrijf maakt winst. Dat komt voornamelijk doordat we de productie voor een groot deel verplaatst hebben naar Kenia in Afrika. De kostprijs is daardoor laag.” Noem een reden voor de lage kostprijs van de rozenproductie in Kenia.
Bekijk het antwoord
- voorbeelden van een juiste reden: − Arbeidskrachten zijn goedkoper. − De landbouwgrond is goedkoper. − Het klimaat is geschikter voor de kweek van rozen. − In Kenia zijn minder milieumaatregelen. (1)
De kwekerij van Roos’ ouders heeft een nieuw product ontwikkeld: de regenboogroos. De productiekosten zijn nu nog hoog, maar de rozen verkopen goed. Roos wil deze nieuwe rozen gaan gebruiken in boeketten. Ze vraagt zich af of de winstmarge hoog genoeg is.
Vraag 30 2 punten
De consumentenprijs van een boeket met tien regenboogrozen bedraagt € 36,30. De inkoopprijs per roos is € 1,50 exclusief 21% btw. Bereken de brutowinstmarge in procenten van de verkoopprijs voor het regenboogboeket. Schrijf je berekening op.
Bekijk het antwoord
- voorbeeld van een juiste berekening: € 3 1 6 , 3 1 0 2 • verkoopprijs exclusief btw: × 100 = € 30 winst per boeket: € 30 − € 15 = € 15 (1) € € 1 3 5 0 • brutowinstmarge: × 100% = 50% (1) (2)
Dalende melkprijzen
Bij de beantwoording van de vragen in deze opgave hoef je geen gebruik te maken van een informatiebron in de bijlage.
Het landbouwbeleid is een belangrijk onderdeel van beleid van de Europese Unie (EU). Twee belangrijke doelstellingen van dit landbouwbeleid zijn:
- Boeren moeten een redelijk inkomen kunnen verdienen.
- De EU wil dat er op een verantwoorde manier voedsel geproduceerd wordt, rekening houdend met dierenwelzijn, gezondheid en milieu.
Vraag 31 2 punten
Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen. Doe het zo: Noteer de nummers (1), (2) en (3) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan. De EU stimuleert dat er voldoende voedsel wordt geproduceerd in de EU …(1)… (afhankelijk / onafhankelijk) van landen buiten de EU. De EU stimuleert boeren om op een verantwoorde manier voedsel te produceren, daardoor stijgt de …(2)… (kwaliteit / kwantiteit) van de voedselproductie en …(3)… (verbetert / verslechtert) de gezondheid van inwoners van de EU.
Bekijk het antwoord
- (1) onafhankelijk (2) kwaliteit (3) verbetert indien drie juist (2) indien twee juist (1) indien één of geen juist (0) (2)
Vraag 32 1 punt
Jaarlijks wordt er in het Europees Landbouwgarantiefonds € 312,7 miljard begroot. De Nederlandse boeren ontvangen daarvan € 5,4 miljard. Bereken in één decimaal hoeveel procent van het Landbouwgarantiefonds jaarlijks naar de Nederlandse boeren gaat. Schrijf je berekening op.
Bekijk het antwoord
- voorbeeld van een juiste berekening: € 3 5 , 4 2 m 7 l d m € 1 , l d × 100% = 1,7% (1)
Tot 1 april 2015 was er een melkquotum in de EU. Dat wil zeggen dat Europese melkveehouders een maximale hoeveelheid melk mochten produceren. Vanwege de gestegen vraag uit landen als China en Brazilië waren de melkveehouders voorstander van afschaffing van het melkquotum. Het melkquotum werd op 1 april 2015 losgelaten en ook de garantiemelkprijs.
Vraag 33 1 punt
Noem een reden waarom de Europese melkveehouders voorstander waren van de afschaffing van het melkquotum.
Bekijk het antwoord
- voorbeeld van een juiste reden: De boeren verwachtten dat de melkprijs zou stijgen (vanwege de gestegen vraag naar melk). (1)
Vraag 34 1 punt
Sommige boeren vreesden dat de melkprijzen zouden dalen. Hieronder staan vijf economische verschijnselen:
1 Het melkquotum wordt afgeschaft.
2 Melkveehouders investeren in hun bedrijf.
3 Het aanbod van melk is hoger dan de vraag naar melk.
4 De productie van melkveehouders neemt toe.
5 De melkprijs daalt. In welke regel staan deze verschijnselen zo, dat ze de gedachtegang van de melkveehouders juist weergeven?
Bekijk het antwoord
Antwoord: B
Door de dalende melkprijzen kwamen de Europese melkveehouders in financiële problemen.
Vraag 35 2 punten
Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen. Doe het zo: Noteer de nummers (1) en (2) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan. Een oorzaak van de dalende melkprijs voor Nederlandse melkveehouders was dat het aanbod van melk sterk was …(1)… (afgenomen / toegenomen). Na afschaffing van het melkquotum mochten de melkveehouders zoveel melk produceren als zij wilden. De gegarandeerde minimumprijs tot 1 april 2015 was 39,75 cent per liter. Dat was …(2)… (hoger dan / lager dan) de kostprijs om de boeren een redelijk inkomen te verschaffen.
Bekijk het antwoord
- (1) toegenomen (2) hoger dan indien twee juist (2) indien één juist (1) indien geen juist (0) (2)
Vraag 36 1 punt
Noem een reden waarom de Nederlandse melkveehouders de melk na
1 april 2015 toch onder de kostprijs verkopen.
Bekijk het antwoord
- voorbeeld van een juiste reden: − De melkveehouders kunnen dan nog wel een deel van de kosten goedmaken. − De melkveehouders zullen anders nog grotere verliezen lijden. (1)
Wat te doen (met veel geld)?
Bij de beantwoording van de vragen in deze opgave moet je soms gebruikmaken van informatiebron 5 in de bijlage.
Pol Meis heeft met zijn lot € 200.000 gewonnen in de Stratenloterij.
Vraag 37 1 punt
Welke vorm van inkomen noemen we een prijs in deze loterij?
Bekijk het antwoord
Antwoord: A
Vraag 38 1 punt
De Stratenloterij betaalt 29% kansspelbelasting over de uitgekeerde prijzen. Pol ontvangt dan € 200.000 op zijn bankrekening. Bereken in twee decimalen het bedrag dat de Stratenloterij heeft betaald aan kansspelbelasting vanwege de uitgekeerde prijs aan Pol. Schrijf je berekening op.
Bekijk het antwoord
- voorbeeld van een juiste berekening: € 2 0 7 0 . 0 0 0 1 × 29 = € 81.690,14 (1)
Pol heeft geen idee wat hij met dat geld moet doen. Gewoon sparen bij een bank levert niet meer dan 0,35% rente per jaar op. Het rentepercentage verschilt echter bij verschillende spaarvormen. Zo is het rentepercentage bij deposito sparen hoger dan bij sparen zonder voorwaarden.
Vraag 39 1 punt
Noem een reden waarom banken een hoger rentepercentage rekenen bij deposito sparen in vergelijking met sparen zonder voorwaarden.
Bekijk het antwoord
- voorbeeld van een juiste reden: De bank heeft langer de beschikking over het spaargeld. (Dat levert de bank meer inkomsten op.) (1)
Gebruik informatiebron 5.
Vraag 40 1 punt
Pol wil het eindbedrag berekenen als hij zijn € 200.000 zou storten op een rekening bij de Arcentumbank. Bereken in twee decimalen het eindbedrag na drie jaren vast op een spaarrekening bij de Arcentumbank. Hij stort in deze jaren geen extra geld op de rekening en neemt er ook niets van af. Schrijf je berekening op.
Bekijk het antwoord
- voorbeelden van een juiste berekening: € 200.000 × 1,00953 = € 205.754,32 of € 200.000 + (3 × 0,0095 × € 200.000) = € 205.700 (1)
Vraag 41 2 punten
Hij kan zijn loterijprijs ook gebruiken om te beleggen in aandelen. Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen. Doe het zo: Noteer de nummers (1), (2) en (3) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan. Winst is een beloning voor de productiefactor ...(1)... (arbeid / kapitaal / natuur / ondernemerschap). Het deel van de winst dat uitgekeerd wordt aan de aandeelhouders heet ...(2)... (dividend / pacht / rente). Een aandeel is een ...(3)... (eigendomsbewijs / lening / schuldbekentenis).
Bekijk het antwoord
- (1) ondernemerschap (2) dividend (3) eigendomsbewijs indien drie juist (2) indien twee juist (1) indien één of geen juist (0) (2)
Vraag 42 1 punt
Het beleggen in aandelen kan meer rendement opleveren, maar er zijn grotere risico’s aan verbonden dan aan sparen. Noem een risico dat verbonden is aan het beleggen in aandelen.
Bekijk het antwoord
- voorbeelden van een juist antwoord: − Aandelen kunnen dalen in waarde, waardoor bij verkoop het rendement negatief kan zijn. − De dividenduitkeringen kunnen in de toekomst wellicht lager worden of geheel stoppen. − Het bedrijf waarvan je aandelen hebt gekocht kan failliet gaan, waardoor de aandelen waardeloos worden. (1)
Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen vmbo-gl/tl Economie 2021, tijdvak 3. Afbeeldingen en de exacte opmaak staan in het originele examen: https://www.examenblad.nl/2021/vmbo-gl/documenten/cse-3/gt-0233-a-21-3-o
Andere examens economie vmbo-gl/tl
- 2026, tijdvak 1
- 2026, tijdvak 2
- 2025, tijdvak 1
- 2025, tijdvak 2
- 2024, tijdvak 1
- 2024, tijdvak 2
- 2023, tijdvak 1
- 2023, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 1
- 2022, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 3
- 2021, tijdvak 1
- 2021, tijdvak 2
- 2019, tijdvak 1
- 2019, tijdvak 2
- 2018, tijdvak 1
- 2018, tijdvak 2
Hoe ToetsChecker economie per vraagtype nakijkt, lees je op economie toetsen nakijken met AI.
Veelgestelde vragen
Hoeveel vragen heeft het eindexamen economie vmbo-gl/tl 2021, tijdvak 3?
Het centraal examen economie vmbo-gl/tl 2021, tijdvak 3 loopt tot vraag 42. Van 37 vragen staat het onderwerp in de vragenbank. De meeste vragen gaan over productie en kosten (10), inkomen en consumptie (6) en geld en inflatie (6).
Wat zijn de antwoorden van het examen economie vmbo-gl/tl 2021, tijdvak 3?
Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.
Waar vind ik het correctievoorschrift van economie vmbo-gl/tl 2021, tijdvak 3?
Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2021/vmbo-gl/documenten/cse-3/gt-0233-a-21-3-c).
Hoe oefen ik met het examen economie vmbo-gl/tl 2021, tijdvak 3 en krijg ik feedback?
Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.