Eindexamen economie vmbo-gl/tl 2022, tijdvak 1: vragen en antwoorden

Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Een zonnige investering, Produceren zonder afval, Gelijk loon, Loonstrook, Vof Storm, Indiase boer, Koopkrachtstijging voor iedereen?, Wim is werkloos.

Kort antwoord

Het centraal examen economie vmbo-gl/tl 2022, tijdvak 1 loopt tot vraag 45. Van 42 vragen staat het onderwerp in de vragenbank. De meeste vragen gaan over inkomen en consumptie (12), overheid en belastingen (9) en productie en kosten (6). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.

Onderwerpen in dit examen

Onderwerp per vraag in het centraal examen economie vmbo-gl/tl 2022, tijdvak 1, voor de vragen waarvan het onderwerp bekend is. Elke vraag is eenmalig door een AI-model bij een onderwerp ingedeeld; per vraag kan dat afwijken.
OnderwerpVragenAantal
Inkomen en consumptie1-6, 23, 31, 36-38, 4412
Overheid en belastingen7, 19-22, 24, 39, 43, 459
Productie en kosten8, 10-12, 30, 336
Internationale handel13-14, 16-18, 346
Arbeidsmarkt9, 15, 41-424
Marktvormen26-272
Vraag en aanbod321
Risico en verzekeren351
Conjunctuur401

Vergeleken met andere jaren

Vergeleken met de andere 17 examens economie vmbo-gl/tl sinds 2018: dit examen vroeg meer over inkomen en consumptie (29% van de vragen, gemiddeld 19%). Minder over geld en inflatie (0% van de vragen, gemiddeld 8%).

Opgaven en correctievoorschrift

De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.

Oefenen als leerling

Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen economie vmbo-gl/tl 2022, tijdvak 1 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.

Nakijken als docent

  1. Start gratis vanaf deze pagina

    Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen economie vmbo-gl/tl 2022, tijdvak 1 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.

  2. Laat de klas het examen maken

    Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.

  3. Geef de resultaten vrij

    Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.

ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.

Vragen en antwoorden

Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen economie vmbo-gl/tl 2022, tijdvak 1. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.

Een zonnige investering

Bij de beantwoording van de vragen in deze opgave moet je soms gebruikmaken van informatiebron 1 en 2 in de bijlage.

Munir en Nellie hebben in de loop van de jaren een mooi bedrag gespaard. De rente bij de spaarbank is de laatste jaren erg laag. “Het spaargeld levert te weinig op”, zegt Munir. “Wij willen met dit geld een hogere opbrengst bereiken.”

Vraag 1 2 punten

Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen. Doe het zo: Noteer de nummers (1), (2) en (3) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan. Als Munir en Nellie gaan sparen verplaatsen ze …(1)… (huidige / toekomstige) consumptie naar …(2)… (de toekomst / het heden). Als de inflatie hoger is dan de ontvangen rente zal de …(3)… (koopkracht / nominale waarde / rente) van hun spaargeld dalen.

Bekijk het antwoord
  • (1) huidige (2) de toekomst (3) koopkracht indien (1) en (2) juist (1) indien (3) juist (1) (2)

“Kunnen we ons spaargeld niet beter beleggen in aandelen?”, vraagt Nellie. “Ik ken een bedrijf dat zonnepanelen produceert, SolProducts nv. De winst bij verkoop van dit aandeel (de koerswinst) had ons meer opgeleverd dan de 0,1% rente bij de spaarbank.”

Gebruik informatiebron 1.

Vraag 2 2 punten

Op 1 januari 2014 stond er € 5.000 op de spaarrekening van Munir en Nellie. Bereken de koerswinst in euro’s op 1 januari 2017 als zij op

1 januari 2014 van hun gehele spaargeld deze aandelen SolProducts hadden gekocht. Schrijf je berekening op.

Bekijk het antwoord
  • aantal aandelen: = 500 (1)
  • koerswinst: (€ 12 − € 10) × 500 = € 1.000 (1)

Vraag 3 1 punt

De aandeelhouders ontvangen een deel van de winst van SolProducts. Hoe wordt de winstuitkering genoemd die bestemd is voor de aandeelhouders?

Bekijk het antwoord
  • dividend (1)

Munir twijfelt, want beleggen in aandelen is altijd risicovol. “We kunnen die zonnepanelen van SolProducts natuurlijk ook zelf kopen, een soort ‘investering’ in ons eigen huis”, zegt Nellie.

Gebruik informatiebron 2.

Vraag 4 2 punten

Eerst berekenen ze hoeveel panelen ze nodig hebben. In een consumentengids staat een artikel over zonnepanelen. Hun huishouden verbruikt gemiddeld 2.673 kWh per jaar. Ze kiezen zonnepanelen met een vermogen van 270 Wp per stuk. Bereken hoeveel zonnepanelen Nellie en Munir dan minimaal zullen aanschaffen, zodat ze kunnen voorzien in hun gemiddelde stroomverbruik. Schrijf je berekening op.

Bekijk het antwoord
  • opbrengst per zonnepaneel: 0,9 × 270 = 243 kWh (1)
  • aantal panelen: = 11 panelen (1)

Vraag 5 1 punt

De zonnepanelen leveren de 2.673 kWh voor hun huishouden. De prijs voor een kWh is € 0,19. Bereken in twee decimalen de verwachte jaarlijkse besparing op de elektriciteitsrekening van hun huishouden. Schrijf je berekening op.

Bekijk het antwoord
  • voorbeeld van een juiste berekening: € 0,19 × 2.673 kWh = € 507,87 (1)

Vraag 6 1 punt

Zij zijn tevreden over de verwachte opbrengst van de panelen. “Deze investering is naar verwachting zelfs in ruim 10 jaar terugverdiend. Misschien kan dat nog wel korter worden.” In welk geval kan de terugverdientijd van een zonnepaneel korter worden?

  1. A als de levensduur van een zonnepaneel toeneemt
  2. B als de prijs van een kWh stijgt
  3. C als de reparatiekosten van een paneel stijgen
Bekijk het antwoord

Antwoord: B

Vraag 7 1 punt

Munir ziet nog wel een mogelijk toekomstig probleem. De energieleverancier is nu wettelijk verplicht om de stroom die je teruglevert op jaarbasis te verrekenen met de stroom die je afneemt. Dit heet salderen. “In de zomer zullen we meer stroom opwekken dan we verbruiken. In de winter verbruiken we meer stroom dan we opwekken.” Leg uit dat er voor Munir en Nellie een nadeel ontstaat als het salderen wordt afgeschaft.

Bekijk het antwoord
  • voorbeeld van een juiste uitleg: Als het salderen stopt, krijgen Munir en Nellie in de zomer de teruggeleverde extra stroom niet meer betaald. (1)

Produceren zonder afval

Bij de beantwoording van de vragen in deze opgave moet je soms gebruikmaken van informatiebron 3 in de bijlage.

De aandeelhouders van HAL nv zijn bij elkaar gekomen om het jaarverslag van 2017 te bespreken. HAL nv produceert met een beperkt aantal werknemers en veel techniek één type machine die computerchips produceert.

Vraag 8 2 punten

Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen. Doe het zo: Noteer de nummers (1), (2), (3) en (4) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan. Bij HAL is sprake van …(1)… (arbeidsintensieve / kapitaalintensieve) productie. HAL is het enige bedrijf ter wereld dat dit type machine produceert. Deze marktvorm noemen we …(2)… (een monopolie / monopolistische concurrentie / een oligopolie). HAL produceert …(3)… (heterogene / homogene) goederen. Vanwege de jarenlange noodzakelijke miljardeninvesteringen in het bedrijf is toetreding tot deze markt door andere aanbieders …(4)... (gemakkelijk / moeilijk).

Bekijk het antwoord
  • (1) kapitaalintensieve (2) een monopolie (3) homogene (4) moeilijk indien vier juist (2) indien drie of twee juist (1) indien een of geen juist (0) (2)

Ondanks de behaalde winst in 2016 maken de aandeelhouders zich zorgen over de toekomst. Bij HAL werken vooral hoogopgeleide werknemers. Er is sprake van krapte op de arbeidsmarkt van deze hoogopgeleiden. Dat kan gevolgen hebben voor de loonkosten.

Vraag 9 2 punten

Leg in twee stappen uit dat de krapte op deze arbeidsmarkt gevolgen kan hebben voor de hoogte van de loonkosten van HAL. Gebruik de begrippen ‘vraag naar arbeid’ en ‘aanbod van arbeid’ in je antwoord.

Bekijk het antwoord

Opmerking Het tweede scorepunt uitsluitend toekennen als de tweede stap een logisch gevolg is van de eerste stap.

Aandeelhouder Julia vraagt zich af bij welke productieomvang de loonkosten per product kunnen dalen.

Gebruik informatiebron 3.

Vraag 10 1 punt

Wat zou het indexcijfer van de productieomvang in 2018 moeten zijn, zodat de loonkosten per product dalen in vergelijking met 2015?

  1. A 105
  2. B hoger dan 105
  3. C lager dan 105
Bekijk het antwoord

Antwoord: B

Vraag 11 1 punt

Aandeelhouder Karim komt met een ander voorstel: “HAL moet anders gaan produceren door afvalstoffen te hergebruiken als grondstof. Daardoor kan onze winst stijgen.” Leg uit dat door hergebruik van afvalstoffen de winst kan stijgen.

Bekijk het antwoord
  • voorbeeld van een juiste uitleg: Hergebruik kan leiden tot een lagere kostprijs (en meer winst) per product. (1)

Vraag 12 1 punt

Karim overtuigt de andere aandeelhouders van zijn voorstel met het argument dat ook de negatieve externe effecten van de productie kunnen dalen. Geef een voorbeeld van een negatief extern effect van de productie van chipmachines door HAL.

Bekijk het antwoord
  • voorbeelden van een juist voorbeeld: − milieuvervuiling − geluidsoverlast door het transport − uitputting van schaarse grondstoffen (1)

Gelijk loon

Bij de beantwoording van de vragen in deze opgave moet je soms gebruikmaken van informatiebron 4 in de bijlage.

Nederlandse transportbedrijven en Oost-Europese uitzendbureaus profiteerden van de lage lonen in Oost-Europese landen. Zo werden Poolse vrachtwagenchauffeurs die werken voor een Nederlands bedrijf, maar in dienst zijn van een Pools uitzendbureau, veel lager betaald dan Nederlandse vrachtwagenchauffeurs.

De landen van de Europese Unie (EU) hebben in 2017 een overeenkomst gesloten om deze ongelijke loonbetaling te stoppen. Er is afgesproken dat alle EU-werknemers het cao-loon van het EU-land waarin ze werken, gaan verdienen.

Vraag 13 1 punt

Inwoners van een EU-land mogen werken en wonen in een ander EU-land vanwege:

  1. A vrij verkeer van goederen en diensten.
  2. B vrij verkeer van kapitaal.
  3. C vrij verkeer van personen.
  4. D vrij verkeer van werkgelegenheid.
Bekijk het antwoord

Antwoord: C

Vraag 14 1 punt

De overeenkomst heeft voordelen voor Poolse werknemers die via een Pools uitzendbureau in Nederland werken. Maar ook Nederlandse werknemers hebben hiervan een voordeel. Noem een voordeel van de overeenkomst voor Nederlandse werknemers.

Bekijk het antwoord
  • voorbeeld van een juist voordeel: De arbeidsmarktpositie van de Nederlandse werknemer verbetert. (De Poolse werknemer ontvangt dan hetzelfde loon.) (1)

In Nederland zijn 13.350 Poolse werknemers aan het werk via Poolse uitzendbureaus.

Gebruik informatiebron 4.

Vraag 15 1 punt

Bereken hoeveel buitenlandse werknemers in Nederland werkzaam zijn via een uitzendbureau uit een ander EU-land. Schrijf je berekening op.

Bekijk het antwoord
  • voorbeeld van een juiste berekening: 13.350 × 100 = 89.000 werknemers 15 (1)

Vraag 16 1 punt

Polen is wel lid van de EU, maar geen lid van de Economische en Monetaire Unie (EMU). Noem een kenmerkend verschil tussen de EMU-landen en Polen.

Bekijk het antwoord
  • voorbeelden van een juist verschil: − In de EMU-landen is de euro het wettige betaalmiddel, in Polen niet. − In de EMU-landen is er één gezamenlijke centrale bank (de ECB, die het monetaire beleid bepaalt). Polen heeft een eigen centrale bank. (1)

Nederlandse bedrijven die gebruikmaken van een Pools uitzendbureau betalen daarvoor aan het Poolse uitzendbureau.

Vraag 17 1 punt

Is er voor Nederland bij de betaling door de Nederlandse bedrijven aan het Poolse uitzendbureau sprake van export of import? Kies ook de juiste toelichting.

  1. A Dit is export, want er gaat geld vanuit Polen naar Nederland.
  2. B Dit is export, want er gaat geld vanuit Nederland naar Polen.
  3. C Dit is import, want er gaat geld vanuit Polen naar Nederland.
  4. D Dit is import, want er gaat geld vanuit Nederland naar Polen.
Bekijk het antwoord

Antwoord: D

Vraag 18 1 punt

De lonen van werknemers in de industrie die werken via een Europees uitzendbureau, kunnen stijgen door de overeenkomst. Hogere lonen hebben gevolgen voor de kostprijs van industriële producten uit Nederland. Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen. Doe het zo: Noteer de nummers (1) en (2) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan. Als gevolg van de gestegen kostprijs …(1)… (verbetert / verslechtert) de concurrentiepositie van Nederlandse industriële bedrijven ten opzichte van industriële bedrijven buiten de EU. Hierdoor kan voor Nederland de ...(2)… (exporthoeveelheid / importhoeveelheid) van industriële goederen dalen.

Bekijk het antwoord
  • (1) verslechtert (2) exporthoeveelheid indien twee juist (1) indien een of geen juist (0) (1)

Loonstrook

Bij de beantwoording van de vragen in deze opgave moet je soms gebruikmaken van informatiebron 5 in de bijlage.

Tijdens Prinsjesdag wordt er veel gesproken over de financiële gevolgen van de regeringsplannen voor verschillende bevolkingsgroepen. Ook bij Robin thuis vragen ze zich af wat er gaat veranderen.

Vraag 19 1 punt

De plannen die op Prinsjesdag gepubliceerd worden door de regering worden doorgerekend op financiële en economische gevolgen. Welke instantie berekent de economische gevolgen van de regeringsplannen?

  1. A Centraal Bureau voor de Statistiek
  2. B Centraal Plan Bureau
  3. C Sociaal Economische Raad
  4. D Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen
Bekijk het antwoord

Antwoord: B

Op het loon van Robins vader, de heer Tichelaar, wordt loonheffing ingehouden. De loonheffing bestaat uit loonbelasting en premies volksverzekeringen.

Vraag 20 1 punt

Welke wet behoort tot de volksverzekeringen?

  1. A Algemene Bijstandswet
  2. B Algemene Ouderdomswet
  3. C Werkloosheidswet
  4. D Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen
Bekijk het antwoord

Antwoord: B

Gebruik informatiebron 5.

Vraag 21 1 punt

Op de loonstrook staan een (1) en een (2). Vul de loonstrook aan door de juiste woorden te kiezen. Doe het zo: Noteer de nummers (1) en (2) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan in de loonstrook.

Bekijk het antwoord
  • (1) bruto- (2) netto- indien twee juist (1) indien een of geen juist (0) (1)

Gebruik informatiebron 5.

Vraag 22 1 punt

Bereken in een decimaal hoeveel procent van het loon wordt afgedragen aan de Belastingdienst. Schrijf je berekening op.

Bekijk het antwoord
  • voorbeeld van een juiste berekening: € 1.650 × 100% = 36,7% € 4.500 (1)

Uit een krant:

  • Komend jaar zullen meer mensen een baan hebben door economische groei.
  • Tweeverdieners met elk een bruto-inkomen tussen de € 50.000 en € 75.000 gaan er 0,6% op vooruit.

Vraag 23 1 punt

Robin: “Dus als de werkgelegenheid stijgt, dan stijgt ook het besteedbaar inkomen.” Hieronder staan vijf economische verschijnselen:

1 De werkgelegenheid stijgt.

2 De loonheffing kan worden verlaagd.

3 De uitgaven aan sociale zekerheid dalen.

4 De werkloosheid daalt.

5 Het besteedbaar inkomen stijgt. In welke regel staan deze verschijnselen zo, dat een logische gedachtegang ontstaat?

  1. A 1→2→3→4→5
  2. B 1→2→4→3→5
  3. C 1→3→2→4→5
  4. D 1→3→4→2→5
  5. E 1→4→2→3→5
  6. F 1→4→3→2→5
Bekijk het antwoord

Antwoord: F

Vraag 24 1 punt

Robin: “Pa, als ik naar je salarisstrook kijk, dan wordt er elke maand een groot bedrag ingehouden voor je pensioenvoorziening. Dat kun je toch ook zelf sparen.” Noem een reden waarom de overheid alle werknemers verplicht deel te nemen aan collectieve pensioenvoorzieningen.

Bekijk het antwoord
  • voorbeelden van een juiste reden: − De overheid vindt dat veel werknemers niet de zelfdiscipline hebben om te sparen voor hun latere pensioen. − De overheid vindt dat veel werknemers te weinig inzicht hebben in de complexe financiering van hun latere pensioen. − De overheid wil niet dat werknemers te weinig sparen (en daardoor op latere leeftijd in de financiële problemen komen). (1)

Vof Storm

Bij de beantwoording van de vragen in deze opgave moet je soms gebruikmaken van informatiebron 6 in de bijlage.

Youri Storm is eigenaar van een bedrijf dat intelligente, computergestuurde grasmaaiers (CG’s) produceert. Zijn zus Marisa wordt binnenkort mede-eigenaar. De eenmanszaak zou dan een vennootschap onder firma worden, de vof Storm.

Vraag 25 1 punt

Noem een voordeel van een vof ten opzichte van een eenmanszaak.

Bekijk het antwoord
  • voorbeelden van een juist voordeel: − Bij een vof is het eenvoudiger om onderling kennis te delen. − Bij een vof is het gemakkelijker om verantwoordelijkheden te delen. − Bij een vof kun je met meerdere mensen de schuldenlast bij faillissement delen. (1)

Het bedrijf is intussen uitgegroeid tot een van de grootste bedrijven in Nederland. Het marktaandeel, op basis van de omzet, bedraagt 64%. Een marktaandeel is ook te berekenen met gegevens van de afzet.

Gebruik informatiebron 6.

Vraag 26 2 punten

Toon met een berekening aan dat het marktaandeel van vof Storm op basis van de afzet 75% bedraagt. Schrijf je berekening op.

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

voorbeeld van een juiste berekening: € 3.120.000

Het marktaandeel kan ook berekend worden door naar de omzetgegevens te kijken. Het marktaandeel van vof Storm berekend op basis van de omzet (64%) is lager dan het marktaandeel op basis van de afzet (75%).

Gebruik informatiebron 6.

Vraag 27 1 punt

Geef een verklaring voor het verschil tussen het marktaandeel op basis van de omzet en het marktaandeel op basis van de afzet.

Bekijk het antwoord
  • voorbeeld van een juiste verklaring: De gemiddelde prijs bij vof Storm is lager dan de gemiddelde prijs bij de andere marktpartijen. (Daardoor is de afzet relatief hoger maar de omzet relatief lager). (1)

Vraag 28 2 punten

Marisa stelt aan Youri voor om als ondernemingsvorm te kiezen voor de besloten vennootschap (bv), met beiden als enige aandeelhouders. Volgens Marisa is de wettelijke aansprakelijkheid bij een bv voor hen anders geregeld dan bij een nv. Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen. Doe het zo: Noteer de nummers (1), (2) en (3) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan. Een bv betaalt ...(1)... (inkomstenbelasting / vennootschapsbelasting) over de ...(2)... (brutowinst / nettowinst / omzet). Bij een bv zijn Marisa en Youri ...(3)... (niet / wel) privé aansprakelijk voor de schulden van het bedrijf.

Bekijk het antwoord
  • (1) vennootschapsbelasting (2) nettowinst (3) niet indien drie juist (2) indien twee juist (1) indien een of geen juist (0) (2)

Vraag 29 1 punt

Youri en Marisa besluiten om een bv op te richten met meer aandeelhouders: “Als bv gaan we dan 1.000 aandelen à € 150 uitgeven.” Tante Anna wil haar neef en nicht helpen en koopt 280 aandelen van de nieuwe bv tegen de uitgifteprijs. Het in het eerste jaar verwachte uit te keren dividend, bestemd voor de aandeelhouders, bedraagt in totaal € 65.000. Bereken hoeveel dividend naar verwachting in het eerste jaar aan tante Anna wordt uitgekeerd door Storm bv. Schrijf je berekening op.

Bekijk het antwoord
  • voorbeeld van een juiste berekening: € 65.000 × 280 = € 18.200 1.000 (1)

Vraag 30 2 punten

Youri: “Als ons bedrijf kapitaalkrachtiger is, kunnen we ook grotere CG’s gaan produceren en verhuren. Voor grotere boerenbedrijven in de omgeving kan dat een aantrekkelijk alternatief zijn: huren in plaats van te moeten kopen. Behalve voordelen voor ons zijn er ook nadelen aan verbonden.” Noem voor Storm bv een financieel nadeel om de CG’s te verhuren. Geef een verklaring voor je antwoord.

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

  • De inkomsten zijn minder zeker (1p)
  • omdat huur tijdelijk kan zijn (1p)

Indiase boer

Bij de beantwoording van de vragen in deze opgave moet je soms gebruikmaken van informatiebron 7 in de bijlage.

India is een van de best presterende economieën van Azië, met een groei van het nationaal inkomen van 7,5% in 2017. Toch zijn er grote problemen, bijvoorbeeld in de landbouw.

Gebruik informatiebron 7.

Vraag 31 3 punten

Het inkomen per hoofd van de bevolking in 2017 in India bedraagt $ 1.710. Veel boeren hebben echter een veel lager inkomen. Bereken het inkomen per hoofd van de bevolking werkzaam in de Indiase landbouw. Schrijf je berekening op.

Bekijk het antwoord
  • aandeel landbouw: 0,15 × $ 2.264,04 miljard = $ 339,606 miljard (1)
  • aantal mensen in de landbouw: 0,50 × 1.324 miljoen = 662 miljoen (1)
  • inkomen per hoofd bevolking in landbouw: = $ 513 (1)

Vraag 32 1 punt

Het goede weer leverde dit jaar een recordoogst aan landbouwproducten op voor India. Welk gevolg heeft de recordoogst voor de verkoopprijzen van deze landbouwproducten?

  1. A Door het grotere aanbod dalen de verkoopprijzen.
  2. B Door het grotere aanbod stijgen de verkoopprijzen.
  3. C Door het lagere aanbod dalen de verkoopprijzen.
  4. D Door het lagere aanbod stijgen de verkoopprijzen.
Bekijk het antwoord

Antwoord: A

Een groeiend probleem in de Indiase landbouw is het tekort aan water. In de deelstaat Haryana wordt om die reden gewerkt aan een project om rijst, het belangrijkste exportproduct, te vervangen door andere producten zoals appels. Ook boer Arjun denkt erover appels te gaan telen in plaats van rijst te verbouwen.

tabel

gegevens van boer Arjun voor 1 kilogram rijst en 1 kilogram appels rijst appels benodigde hoeveelheid water 34 liter 10 liter verkoopprijs $ 0,35 $ 0,50

Boer Arjun in Haryana verbouwt nu uitsluitend rijst en gebruikt 13,6 miljoen liter water. Zijn omzet bedraagt $ 140.000.

Gebruik de tabel.

Vraag 33 2 punten

Bereken in een decimaal hoeveel miljoen liter water boer Arjun per jaar kan besparen als hij appels gaat telen in plaats van rijst te verbouwen en dezelfde omzet wil behouden. Schrijf je berekening op.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord
  • productie appels: = 280.000 kg (1)
  • water voor appels: 280.000 kg × 10 liter = 2,8 miljoen liter besparing: 13,6 miljoen − 2,8 miljoen = 10,8 miljoen liter (1)

Onderzoekers van de Wageningen University (WUR) willen de boeren in India ondersteunen. De onderzoekers zijn betrokken bij 40 projecten ter verbetering van de landbouw in India.

Vraag 34 1 punt

De aandacht van de onderzoekers uit Wageningen gaat vooral uit naar betere irrigatiesystemen om de waterhuishouding te verbeteren. ”Uiteindelijk kan ook de Indiase betalingsbalans hierdoor verbeteren”, aldus onderzoeker Sievez van de WUR. Hieronder staan drie economische verschijnselen.

1 De import van landbouwproducten daalt.

2 De kwaliteit van de landbouwgrond stijgt.

3 De productie van landbouwproducten stijgt. In welke regel staan deze verschijnselen zo, dat een logische gedachtegang ontstaat?

  1. A betere irrigatiesystemen → 1 → 2 → 3 → betalingsbalans verbetert
  2. B betere irrigatiesystemen → 1 → 3 → 2 → betalingsbalans verbetert
  3. C betere irrigatiesystemen → 2 → 1 → 3 → betalingsbalans verbetert
  4. D betere irrigatiesystemen → 2 → 3 → 1 → betalingsbalans verbetert
  5. E betere irrigatiesystemen → 3 → 1 → 2 → betalingsbalans verbetert
  6. F betere irrigatiesystemen → 3 → 2 → 1 → betalingsbalans verbetert

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord

Antwoord: D

Vraag 35 1 punt

De onderzoekers van de WUR vinden dat meer diversiteit kan leiden tot een verbetering van de Indiase landbouw. Door meer soorten landbouwproducten te produceren, wordt de Indiase landbouw minder kwetsbaar. Geef een reden waarom meer diversiteit de landbouw in India minder kwetsbaar maakt.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord
  • voorbeeld van een juiste reden: Als de productie van het ene landbouwproduct daalt, kan dat gecompenseerd worden door een hogere productie en opbrengst van een ander landbouwproduct. (1)

Koopkrachtstijging voor iedereen?

Zoals bij iedere Prinsjesdag doen kranten verslag van de plannen van de regering voor het komende jaar. Het onderwerp waarover op Prinsjesdag het meest wordt geschreven is de koopkracht van de burger.

Vraag 36 1 punt

Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen. Doe het zo: Noteer de nummers (1) en (2) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan. De stijging van de kosten van levensonderhoud in Nederland, wordt …(1)... (deflatie / indexatie / inflatie) genoemd. Als het inkomen in procenten …(2)… (meer / minder) stijgt dan de algemene prijsstijging van goederen en diensten neemt de koopkracht van het inkomen af.

Bekijk het antwoord
  • (1) inflatie (2) minder indien twee juist (1) indien een of geen juist (0) (1)

In het Financieele Dagblad (FD) staat een overzicht van de veranderingen in koopkracht voor verschillende bevolkingsgroepen. Daarbij wordt het begrip modaal inkomen gebruikt.

Vraag 37 1 punt

Wat wordt bedoeld met het modaal inkomen in Nederland?

  1. A het gemiddelde inkomen in Nederland
  2. B het hoogste inkomen dat in Nederland wordt verdiend
  3. C het inkomen dat het meest voorkomt in Nederland
  4. D het laagste inkomen dat in Nederland wordt verdiend
Bekijk het antwoord

Antwoord: C

Jorgio de Witt is een alleenstaande ouder met drie kinderen. Zijn minimumloon stijgt in 2018 van € 1.625 naar € 1.670 bruto per maand. De inflatie in 2018 bedraagt 1,8%. Volgens het FD stijgt zijn koopkracht vergeleken met andere inkomensgroepen het meest.

Vraag 38 2 punten

Bereken de procentuele koopkrachtverandering van het maandinkomen van Jorgio de Witt in 2018. Schrijf je berekening op.

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

voorbeeld van een juiste berekening: € 1.670

  • € 1.625
  • × 100% = 2,77% (1) € 1.625
  • 2,77
    • 1,8 = 0,97 stijging van de koopkracht: 0,97% (1) of € 1.670
    • € 1.625

Opmerking Afrondingsverschillen niet fout rekenen.

Vraag 39 1 punt

Bij de berekening van de koopkracht gaat de regering ervan uit dat de koopkrachtstijging voor iedereen in een bepaalde inkomensgroep hetzelfde is. Volgens het FD kan door de inkomstenbelasting het koopkrachtplaatje toch verschillen. Leg uit dat de inkomstenbelasting ervoor kan zorgen dat de koopkrachtstijging niet voor iedereen in een bepaalde inkomensgroep hetzelfde is.

Bekijk het antwoord
  • voorbeeld van een juiste uitleg: De persoonlijke situatie van iedereen in een bepaalde inkomensgroep is anders, waardoor de heffingskorting(en) ook anders kan (kunnen) zijn. (1)

Vraag 40 1 punt

Ondanks de koopkrachtstijging besluit Jorgio de Witt toch zuinig aan te doen. Het is weleens vaker gebeurd dat een voorspelde koopkrachtstijging later leidde tot een koopkrachtdaling. Hieronder staan drie economische verschijnselen:

1 De vraag naar goederen en diensten overstijgt het aanbod.

2 Er komt meer vraag naar goederen en diensten.

3 Er ontstaat inflatie. In welke regel staan deze verschijnselen zo dat een logische gedachtegang ontstaat?

  1. A koopkracht stijgt → 1 → 2 → 3 → koopkracht daalt
  2. B koopkracht stijgt → 1 → 3 → 2 → koopkracht daalt
  3. C koopkracht stijgt → 2 → 1 → 3 → koopkracht daalt
  4. D koopkracht stijgt → 2 → 3 → 1 → koopkracht daalt
  5. E koopkracht stijgt → 3 → 1 → 2 → koopkracht daalt
  6. F koopkracht stijgt → 3 → 2 → 1 → koopkracht daalt
Bekijk het antwoord

Antwoord: C

Wim is werkloos

Wim, 61 jaar, had een tijdelijk contract als leraar op een middelbare school. Wims contract werd niet verlengd door zijn werkgever en hij heeft zich aangemeld bij het UWV.

Vraag 41 1 punt

Welke taak verricht het UWV voor mensen als Wim? Het UWV verzorgt de uitvoering van:

  1. A collectieve voorzieningen.
  2. B de pensioenen.
  3. C de volksverzekeringen.
  4. D de werknemersverzekeringen.
Bekijk het antwoord

Antwoord: D

Vraag 42 1 punt

Soraya is een collega van Wim, ook haar contract wordt niet verlengd. Wim heeft maximaal 24 maanden recht op een WW-uitkering. Soraya heeft maximaal 10 maanden recht op een WW-uitkering. Noem een reden waarom Wim langer recht heeft op een WW-uitkering dan Soraya.

Bekijk het antwoord
  • voorbeelden van een juiste reden: − Wim heeft een langer arbeidsverleden (en daardoor ook langer recht op een WW-uitkering). − Wim heeft langer premie betaald voor deze werknemersverzekering (en hij heeft dan ook langer recht op een WW-uitkering). (1)

Vraag 43 2 punten

De regering heeft de duur van de WW-uitkering verkort van maximaal

38 maanden naar maximaal 24 maanden. Als reden worden de stijgende uitgaven aan WW-uitkeringen genoemd, vanwege de vergrijzing op de arbeidsmarkt. Noem twee oorzaken waardoor de uitgaven aan WW-uitkeringen kunnen stijgen door de vergrijzing op de arbeidsmarkt.

Bekijk het antwoord
  • voorbeelden van juiste oorzaken: − Oudere werknemers zijn vaker gedurende een langere periode werkloos. − Oudere werknemers hebben vaak een hogere WW-uitkering, omdat die gekoppeld is aan het laatst ontvangen (hogere) loon. per juiste oorzaak (1) (2)

Wim verdiende als leraar een maandinkomen van € 1.982. De WW-uitkering bedraagt 70% van het laatstverdiende loon. Als de alleenstaande Wim na 24 maanden WW-uitkering nog geen werk heeft gevonden, stopt de WW-uitkering. Hij kan daarna een bijstandsuitkering van € 933,65 per maand ontvangen.

Vraag 44 1 punt

Stel dat Wim een volledige bijstandsuitkering ontvangt. Bereken in twee decimalen in euro’s de inkomensachteruitgang voor Wim vergeleken met de WW-uitkering. Schrijf je berekening op.

Bekijk het antwoord
  • voorbeeld van een juiste berekening: (0,70 × € 1.982) − € 933,65 = € 453,75 (1)

Vraag 45 1 punt

Voor de overheid ontstaan er nog meer uitgaven die verband houden met de toenemende vergrijzing in Nederland. De overheid wil bezuinigen op deze uitgaven. Maak van de onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen. Doe het zo: Noteer de nummers (1) en (2) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan. Een manier waarop de overheid kan bezuinigen op de sociale zekerheid is de leeftijd waarop men aanspraak kan maken op een AOW-uitkering te …(1)... (verhogen / verlagen). De AOW-uitkering wordt deels betaald uit …(2)… (sociale premies / zorgpremies) van de werkenden en in toenemende mate door belastinginkomsten.

Bekijk het antwoord
  • (1) verhogen (2) sociale premies indien twee juist (1) indien een of geen juist (0) (1)

Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen vmbo-gl/tl Economie 2022, tijdvak 1. Afbeeldingen en de exacte opmaak staan in het originele examen: https://www.examenblad.nl/2022/vmbo-gl/documenten/cse-1/gt-0233-a-22-1-o

Andere examens economie vmbo-gl/tl

Hoe ToetsChecker economie per vraagtype nakijkt, lees je op economie toetsen nakijken met AI.

Veelgestelde vragen

Hoeveel vragen heeft het eindexamen economie vmbo-gl/tl 2022, tijdvak 1?

Het centraal examen economie vmbo-gl/tl 2022, tijdvak 1 loopt tot vraag 45. Van 42 vragen staat het onderwerp in de vragenbank. De meeste vragen gaan over inkomen en consumptie (12), overheid en belastingen (9) en productie en kosten (6).

Wat zijn de antwoorden van het examen economie vmbo-gl/tl 2022, tijdvak 1?

Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.

Waar vind ik het correctievoorschrift van economie vmbo-gl/tl 2022, tijdvak 1?

Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2022/vmbo-gl/documenten/cse-1/gt-0233-a-22-1-c).

Hoe oefen ik met het examen economie vmbo-gl/tl 2022, tijdvak 1 en krijg ik feedback?

Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.