Eindexamen maatschappijwetenschappen vwo 2026, tijdvak 2: vragen en antwoorden
Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Opgave 1 Stuwdammen in de Mekong, Opgave 2 Appgroepen, Opgave 3 Meer vrouwen in de Nederlandse politiek.
Het centraal examen maatschappijwetenschappen vwo 2026, tijdvak 2 loopt tot vraag 22. Van 20 vragen staat het onderwerp in de vragenbank. De meeste vragen gaan over macht en gezag (8), vorming (5) en verandering (3). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.
Onderwerpen in dit examen
| Onderwerp | Vragen | Aantal |
|---|---|---|
| Macht en gezag | 4-7, 14-17 | 8 |
| Vorming | 2, 11, 20-22 | 5 |
| Verandering | 1, 3, 10 | 3 |
| Binding | 8-9, 12 | 3 |
| Verhouding | 18 | 1 |
Vergeleken met andere jaren
Vergeleken met de andere 16 examens maatschappijwetenschappen vwo sinds 2018: dit examen vroeg meer over vorming (25% van de vragen, gemiddeld 18%). Minder over macht en gezag (40% van de vragen, gemiddeld 51%).
Opgaven en correctievoorschrift
De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.
Oefenen als leerling
Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen maatschappijwetenschappen vwo 2026, tijdvak 2 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.
Nakijken als docent
Start gratis vanaf deze pagina
Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen maatschappijwetenschappen vwo 2026, tijdvak 2 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.
Laat de klas het examen maken
Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.
Geef de resultaten vrij
Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.
ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.
Vragen en antwoorden
Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen maatschappijwetenschappen vwo 2026, tijdvak 2. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.
Opgave 1 Stuwdammen in de Mekong
Bij deze opgave horen de teksten 1 en 2 uit het bronnenboekje.
Inleiding
De Mekong is een rivier in Zuidoost-Azië. De rivier ontspringt in China. Via Myanmar, Laos, Thailand, Cambodja en Vietnam mondt de rivier uit in de Zuid-Chinese Zee. Voor hun inkomsten uit visserij en landbouw zijn ruim veertig miljoen bewoners van het stroomgebied afhankelijk van de Mekong. Sinds de jaren tachtig van de vorige eeuw bouwt China stuwdammen in de rivier. Deze stuwdammen zorgen voor kunstmatige stuwmeren, waarmee energie kan worden opgewekt uit de waterkracht van het rivierwater. De bouw van de stuwdammen heeft gevolgen voor de visserij en de landbouw langs de Mekong. In 2016 heeft China het Lancang Mekong Cooperation Forum (LMC) opgericht om samenwerking te bevorderen tussen de staten in de Mekong-regio. Deze opgave gaat over de machtsverhoudingen in de Mekong-regio.
Gebruik de inleiding van deze opgave.
Vraag 1 2 punten
Leg uit dat de bouw van de stuwdammen in de Mekong-rivier bij rationalisering past. Gebruik in je uitleg de omschrijving van het kernconcept rationalisering en informatie uit de inleiding.
Bekijk het antwoord
Een juist antwoord bevat een uitleg dat de bouw van de stuwdammen in de Mekong-rivier bij rationalisering past, met:
- een toepassing van ‘ordenen/systematiseren’ of ‘voorspelbaar/beheersbaar maken’ uit de omschrijving van het kernconcept rationalisering en daarover informatie uit de inleiding (1)
- een toepassing van ‘doelgericht inzetten van middelen’ of ‘om zo efficiënt/effectief mogelijke resultaten te bereiken’ uit de omschrijving van het kernconcept rationalisering en daarover informatie uit de inleiding (1)
voorbeeld van een juist antwoord:
- In de bouw van de stuwdammen in de Mekong-rivier is een beheersing van de natuur te herkennen. In de inleiding staat namelijk dat met een kunstmatig stuwmeer de watertoevoer van de rivier voorspelbaar en beheersbaar kan worden gemaakt, (1)
- zodat energie opgewekt kan worden uit waterkracht, wat een doelgericht gebruik van het rivierwater is. (1)
Opmerking
Als het antwoord geen uitleg bevat, kan maximaal 1 scorepunt worden toegekend.
tekst 1
Hoe de vissen verdwenen uit de Mekong
Het waterpeil in de Mekong staat op het laagste peil in zestig jaar. De aanleg van grote dammen, vele door China gefinancierd, ontwricht de levens van miljoenen mensen in Zuidoost-Azië. (...)
Normaal gesproken is het waterpeil hoog in september en oktober, aan het einde van het regenseizoen. Vanaf november begint het langzaam te zakken, omdat er geen regen meer valt. Dan planten de boeren hun gewassen op de flanken die droogvallen, vruchtbare grond door het bezinksel dat achterblijft uit het water. Een dam als de Xayaburi gooit het ecosysteem van de Mekong totaal overhoop, vertelt Ormbun Thipsuna. Zij is van het Community Network of Mekong River, een lokale ngo¹⁾ die de belangen van de bewoners langs de rivier in Thailand behartigt. De mensen hier leven met én van de rivier, zegt zij. “Ze kennen al haar gewoonten. Die kennis is nu niets meer waard.” Ormbun Thipsuna heeft het peil hier, zo’n 400 kilometer stroomafwaarts van de Xayaburi, nog nooit zo laag gezien. (...)
Dat [de visstand daalt] merkt visser Somyong Baboon (…) al. Hij zit aan de waterkant en vertelt hoe groot de impact van de Xayaburi-dam voor hem is. Normaal ging hij elke dag uit vissen, maar dat heeft nu geen zin meer. Het levert te weinig op. (...) Hij denkt er serieus over na om iets anders te gaan doen met zijn leven. Alleen wat, dat weet hij nog niet. (…)
De Mekong heeft voor veel van haar oeverbewoners een spirituele waarde. Hier aan de grens met Laos houden de Thai geregeld rituelen waarbij ze de god van de moederrivier om vergiffenis vragen voor hun zonden. Langs de kant staan bakjes wierook en op het water drijven hier en daar gevlochten mandjes met bloemetjes. Maar denk niet, zegt Thipsuna, dat ook maar iemand deze droogte met een slecht humeur van de riviergoden verwart. “Het komt door de dammen.”
bron: nrc.nl, 2019
noot 1 ngo = niet-gouvernementele organisatie, een organisatie die niet onder de overheid valt en zich inzet voor een politiek of maatschappelijk belang
Gebruik tekst 1.
Tekst 1 beschrijft de levenswijze van de bewoners aan de Mekong-rivier. Er kan onderscheid gemaakt worden in manieren van denken en doen in de moderne tijd en in de premoderne tijd.
Vraag 2 2 punten
Leg uit dat in de cultuur van de oeverbewoners aan de Mekong-rivier een premoderne manier van handelen te herkennen is. Gebruik in je uitleg:
- de omschrijving van het kernconcept cultuur en informatie uit tekst 1;
- een premoderne manier van handelen en informatie uit tekst 1.
Bekijk het antwoord
Een juist antwoord bevat:
- het noemen van een premoderne manier van handelen, bijvoorbeeld: ‘ingesleten gewoontes’ of ‘praktische handelingswijsheden’ of ‘(godsdienstige) tradities’ of ‘aandacht voor het bovennatuurlijke’ en informatie uit tekst 1 waaruit de gekozen premoderne manier van handelen blijkt (1)
- een uitleg dat de gekozen premoderne manier van handelen onderdeel is van de cultuur van de bewoners aan de Mekong-rivier, met een toepassing van de omschrijving van het kernconcept cultuur en daarover informatie uit tekst 1 (1)
voorbeeld van een juist antwoord:
- Premoderne manieren van handelen worden meer dan moderne manieren geleid door ingesleten gewoonte/praktische handelingswijsheid. Een voorbeeld hiervan is dat de boeren vanaf november hun gewassen op de drooggevallen vruchtbare riviergrond planten (r. 10-16). (1)
- Het toepassen van hun praktijkkennis over het leven met en van de rivier (r. 23-25) maakt deel uit van de uitdrukkingsvormen/normen die de oeverbewoners als groep verworven hebben. (1)
of
- Premoderne manieren van handelen worden meer dan moderne manieren geleid door godsdienstige traditie. Een voorbeeld hiervan is dat de Thai geregeld rituelen houden waarbij zij de god van de moederrivier om vergiffenis voor hun zonden vragen (r. 43-46). (1)
- De rituelen laten de spirituele waarde van de Mekong voor de oeverbewoners zien (r. 40-42), oftewel een waarde die oeverbewoners als groep verworven hebben. (1)
Gebruik tekst 1.
De bouw van de stuwdammen in de Mekong-rivier heeft gevolgen voor de oeverbewoners die stroomafwaarts leven.
Er zijn vier sociaalwetenschappelijke paradigma’s. Twee daarvan zijn het conflict-paradigma en het rationele actor-paradigma.
Vraag 3 4 punten
Beschrijf vanuit deze twee paradigma’s dat China’s bouw van stuwdammen het leven van de oeverbewoners in Thailand heeft veranderd. Gebruik per beschrijving de naam en een aanname van het gegeven paradigma en informatie uit tekst 1.
Bekijk het antwoord
Een juist antwoord bevat:
- een beschrijving vanuit het conflict-paradigma dat China’s bouw van stuwdammen het leven van de oeverbewoners in Thailand heeft veranderd, met een aanname van het conflict-paradigma (1)
- informatie uit tekst 1 waaruit de gekozen aanname van het conflict-paradigma blijkt (1)
- een beschrijving vanuit het rationele actor-paradigma dat China’s bouw van stuwdammen het leven van de oeverbewoners in Thailand heeft veranderd, met een aanname van het rationele actor-paradigma (1)
- informatie uit tekst 1 waaruit de gekozen aanname van het rationele actor-paradigma blijkt (1)
voorbeeld van een juist antwoord:
- Een aanname van het conflict-paradigma is dat ongelijkheden het gevolg zijn van machtsverschillen. In de bouw van stuwdammen komen machtsverschillen tussen de oeverbewoners in Thailand en de Chinese overheid tot uitdrukking. China kan met de dammen het waterpeil van de rivier aanpassen en de oeverbewoners in Thailand kunnen dat niet. Dat machtsverschil leidt tot nieuwe ongelijkheid. (1)
- In tekst 1 staat namelijk dat China de hulpbronnen heeft om de stuwdammen aan te leggen, terwijl het lage waterpeil van de rivier door de aanleg van grote dammen de levens van miljoenen oeverbewoners ontwricht (r. 1-6). (1)
- Een aanname van het rationele actor-paradigma is dat mensen de kosten en de baten die aan alternatieven verbonden zijn tegen elkaar afwegen. In Thailand levert vissen de vissers veel minder baten op dan voor de bouw van de stuwdammen door China, waardoor de vissers in Thailand naar andere mogelijkheden moeten zoeken om in hun bestaan te voorzien. (1)
- In tekst 1 staat namelijk dat door de bouw van de stuwdammen de visstand daalt, waardoor vissen zo weinig oplevert dat de visser uit tekst 1 er serieus over nadenkt om iets anders te gaan doen (r. 30-39). (1)
tekst 2
Hoe de Chinese regionaal-economische diplomatie te duiden
In het kader van het LMC heeft China toegezegd dat het zal voorzien in de verstrekking van voordelige leningen tot aan 1,6 miljard Amerikaanse dollar en kredietleningen ter hoogte van nog eens 1,6 miljard dollar om meer industriële samenwerking en de aanleg van infrastructuur in de regio te bevorderen. In aanvulling daarop heeft China (…) een speciaal LMCfonds opgezet om binnen vijf jaar 300 miljoen Amerikaanse dollar te vergaren om kleine en middelgrote samenwerkingsprojecten in de regio te ondersteunen. (…) Het LMC richt zich op verbondenheid, productiecapaciteit, economie en handel, financiën, waterhuishouding, landbouw, armoedebestrijding, bosbouw, milieubescherming, en douane en kwaliteitscontrole. Het samenwerkingsmodel is door de overheid geleid, projectgericht en gericht op participatie en partnerschap met meerdere belanghebbenden. (…)
De redenen die China heeft om het LMC en de BRI¹⁾ te promoten zijn de volgende: Ten eerste stimuleren deze initiatieven Chinese bedrijven en stellen hen in staat om te groeien doordat ze betere toegang tot de markt krijgen en hun zakelijke netwerken daardoor uitbreiden. Ten tweede helpen de initiatieven de overproductie van grote industriële sectoren in China weg te werken. Ten derde laten de initiatieven internationale invloed en autoriteit gelden en versterken zij de status en leidende rol van China. (…) China streeft naar meer invloed en zeggenschap in de besluitvorming op multilaterale platforms. (…)
De BRI en het LMC zijn niet slechts pressiemiddelen van China, maar zijn ook aantrekkelijk voor Zuidoost-Azië. Binnenlandse politiek is van grote invloed op de realisering van de initiatieven. De heersende elites van Zuidoost-Azië bemerken dat het voortbestaan van hun regime gelegitimeerd wordt door uitvoering van beleid of prestaties (vooral met het toenemende autoritarisme in veel landen in Zuidoost-Azië). Complexe politiek zakelijke banden tussen Chinese ondernemers en lokale politici verklaren deels de manier waarop de heersende elites op de BRI en het LMC reageren. Er zijn echter wel een aantal interne factoren die de realisatie van China’s regionale projecten kunnen tegenwerken, zoals de oppositie die zich verzet tegen de gevestigde orde. Deze beweging ziet China als een gevaar voor nationale economische zelfstandigheid, democratie en mensenrechten, en goed bestuur. Dit, gecombineerd met het gebrek aan transparantie, heeft brede volksbewegingen en lokale verliezers ertoe aangezet om zich politiek te verbinden om samen de aanwezigheid van China aan te vechten.
De BRI en het LMC (…) dienen als middelen of zelfs aanjagers om de economische voetafdruk van China in Zuidoost-Azië te vergroten en geleidelijk op de lange termijn een sinocentrische²⁾ regionale orde te realiseren. (…)
bron: LSE Southeast Asia Blog, 2018
noot 1 BRI = de Nieuwe Zijderoute, een ontwikkelingsstrategie van de Chinese overheid, gericht op verbinding en samenwerking noot 2 sinocentrisme = de ideologie dat China het culturele, politieke of economische centrum van de wereld is
Gebruik tekst 2.
Er kunnen vier typen machtsbronnen worden onderscheiden.
Vraag 4 2 punten
Leg met een type machtsbron uit dat China met het samenwerkingsverband LMC macht kan uitoefenen over andere staten in de Mekong-regio. Gebruik in je uitleg:
- de omschrijving van het kernconcept macht en informatie uit tekst 2;
- een type machtsbron en informatie uit tekst 2.
Bekijk het antwoord
Een juist antwoord bevat:
- het noemen van een economische of politieke machtsbron en informatie uit tekst 2 waaruit het gekozen type machtsbron blijkt (1)
- een uitleg met het gekozen type machtsbron dat China met het samenwerkingsverband LMC macht kan uitoefenen over andere staten in de Mekong-regio, met een toepassing van de omschrijving van het kernconcept macht en informatie uit tekst 2 (1)
voorbeeld van een juist antwoord:
- In tekst 2 staat dat China toegezegd heeft om in het samenwerkingsverband LMC voordelige leningen te verstrekken (r. 1-3), wat een economische machtsbron is. (1)
- China heeft het vermogen om deze economische machtsbron in te zetten om de doelstellingen van het samenwerkingsverband LMC, zoals armoedebestrijding (r. 15-21), te bereiken in de Mekong-regio / om de aanleg van infrastructuur te bevorderen in de regio (r. 6-9), oftewel de handelingsmogelijkheden van andere landen in de Mekongregio te vergroten. (1)
of
- In tekst 2 staat dat China met de initiatieven van het samenwerkingsverband LMC haar leidende rol versterkt (r. 38-41), wat een politieke machtsbron is. (1)
- Volgens de oppositiebeweging heeft China het vermogen om deze politieke machtsbron in te zetten om de nationale economische zelfstandigheid, oftewel de handelingsmogelijkheden van andere staten in de Mekong-regio te beperken (r. 67-69). (1)
Gebruik tekst 2.
Een actor kan zijn gezag ontlenen aan verschillende bronnen, zoals de kwaliteiten die aan de actor worden toegeschreven.
Vraag 5 2 punten
Leg met een andere bron van gezag uit dat de staten in de Mekong-regio hun gezag over hun bevolking kunnen vergroten met het samenwerkingsverband LMC. Gebruik in je uitleg:
- de omschrijving van het kernconcept gezag en informatie uit tekst 2;
- een bron van gezag en informatie uit tekst 2 waaruit de gekozen bron van gezag blijkt.
Bekijk het antwoord
Een juist antwoord bevat:
- het noemen van ‘prestaties’/’resultaten’ of ‘positie’ of een parafrasering daarvan als bron van gezag en daarover informatie uit tekst 2 (1)
- een uitleg dat de staten in de Mekong-regio hun gezag kunnen vergroten met het samenwerkingsverband LMC, met een toepassing van de omschrijving van het kernconcept gezag en informatie uit tekst 2 (1)
voorbeeld van een juist antwoord:
- In tekst 2 staat dat de binnenlandse politiek van de andere staten in de Mekong-regio (dan China) van grote invloed is op de realisering van de initiatieven (r. 48-50). Resultaten door de realisering van initiatieven kunnen een bron van gezag vormen. (1)
- Volgens tekst 2 zien de heersende elites in Zuidoost-Azië dan ook dat het voortbestaan van het regime, oftewel hun macht, gelegitimeerd wordt door resultaten/prestaties (r. 50-54). (1)
Gebruik tekst 2.
Er zijn verschillende groepen theorieën die het gedrag van staten verklaren. Een daarvan is de groep marxistische theorieën.
Vraag 6 2 punten
Leg uit welke andere groep theorieën de deelname van de staten in de Mekong-regio aan het samenwerkingsverband LMC kan verklaren. Gebruik in je uitleg de naam en een kenmerk van de gekozen groep theorieën en informatie uit tekst 2 waaruit het gekozen kenmerk blijkt.
Bekijk het antwoord
Een juist antwoord bevat:
- het noemen van de groep realistische theorieën of de groep liberale theorieën en informatie uit tekst 2 over een kenmerk van de gekozen groep theorieën (1)
- een uitleg dat de groep realistische/liberale theorieën de deelname van de staten in de Mekong-regio aan het samenwerkingsverband LMC kan verklaren, met een toepassing van het gekozen kenmerk (1)
voorbeeld van een juist antwoord:
- De groep realistische theorieën kan de deelname van de staten in de Mekong-regio aan het samenwerkingsverband LMC verklaren. In tekst 2 staat namelijk dat China met het samenwerkingsverband LMC bijdraagt aan de eigen economische expansie in de Mekong-regio (r. 30-34) / dat complexe politiek zakelijke relaties tussen Chinese ondernemers en lokale politici de reacties van de andere staten in de Mekong-regio op het samenwerkingsverband LMC kunnen verklaren (r. 56-61). (1)
- Dat wil zeggen dat staten in de Mekong-regio deelnemen aan het samenwerkingsverband LMC uit economisch eigenbelang. Volgens de groep realistische theorieën zal een staat alleen uit eigen belang samenwerken, zoals in het samenwerkingsverband LMC. (1)
of
- De groep liberale theorieën kan de deelname van de staten in de Mekong-regio aan het samenwerkingsverband LMC verklaren. In tekst 2 staat namelijk dat het samenwerkingsmodel voor partnerschap met meerdere belanghebbenden bij het samenwerkingsverband LMC zich richt op onder meer economie en handel (r. 15-26). (1)
- Dat wil zeggen dat de staten in de Mekong-regio deelnemen aan het samenwerkingsverband LMC om bij te dragen aan welvaart in de regio. Volgens de groep liberale theorieën is internationale samenwerking, zoals in het samenwerkingsverband LMC, namelijk wenselijk als het bijdraagt aan gemeenschappelijke belangen zoals welvaart. (1)
Gebruik tekst 2.
Volgens tekst 2 bevordert het samenwerkingsverband LMC de hegemonie van China in de Mekong-regio.
Vraag 7 3 punten
Leg uit dat China’s streven naar hegemonie in de Mekong-regio tot conflict kan leiden binnen de andere staten in de Mekong-regio. Gebruik in je uitleg:
- een omschrijving van het begrip hegemonie en informatie uit tekst 2;
- de omschrijving van het kernconcept conflict en informatie uit tekst 2.
Bekijk het antwoord
Een juist antwoord bevat:
- een toepassing van het begrip hegemonie en informatie over China’s streven naar hegemonie uit tekst 2 (1)
- informatie uit tekst 2 om conflict te illustreren (1)
- een uitleg dat China’s streven naar hegemonie in de Mekong-regio tot conflict kan leiden binnen de andere staten in de Mekong-regio, met een toepassing van de omschrijving van het kernconcept conflict (1)
voorbeeld van een juist antwoord:
- Volgens tekst 2 streeft China naar hegemonie in de Mekong-regio. China wil namelijk met het samenwerkingsverband LMC de eigen economische aanwezigheid in de regio vergroten en op de lange termijn de orde in de regio bepalen (r. 78-84), oftewel machtsoverwicht hebben in deze regio. (1)
- Om de aanwezigheid van China aan te vechten, bundelen de brede volksbewegingen en de lokale verliezers in de andere staten in de Mekong-regio hun krachten (r. 72-77). Volgens de oppositiebeweging is China namelijk een gevaar voor de economische zelfstandigheid van de eigen staat (r. 67-70), terwijl de heersende elites juist profijt hebben van economische relaties met China (r. 56-61). (1)
- Wat wil zeggen dat binnen de andere staten in de Mekong-regio de heersende elites en de oppositiebeweging elkaar tegenwerken om eigen economische doelen te bereiken. (1)
Opgave 2 Appgroepen
Bij deze opgave horen de teksten 3 en 4 uit het bronnenboekje.
Inleiding
Afgelopen twee decennia is het gebruik van sociale media applicaties, zoals WhatsApp, Telegram of Signal, onderdeel geworden van de alledaagse communicatie in groepen, bijvoorbeeld voor de leden uit een zangkoor. Cultuurfilosoof Van den Akker heeft onderzoek gedaan naar de appgroep van een groep vriendinnen in hun late tienerjaren. Deze opgave gaat over appgroepen.
tekst 3
De wurggreep van de WhatsAppgroep
Leona (36, niet haar echte naam), is sinds een paar jaar lid van een zangkoor. Daar hoort een appgroep bij waarin te lezen valt welke liedjes ze moeten oefenen, welke bladmuziek ze moeten meenemen en hoe laat de repetities beginnen. Leona zit in de altengroep, met 24 leden.
De uitwisseling van praktische informatie raakt er geregeld ondergesneeuwd in berichtenreeksen over het feit dat ‘Marianne’ zich niet zo lekker voelt en toch niet komt (tien keer ‘Beterschap Marianne’); het nieuwe implantaat van ‘Heleen’ (vijftien keer: ‘Och, wat naar voor je’ et cetera) of de vakantiefoto’s van ‘Margreet’ (veertien keer: ‘Mooi hoor, geniet nog maar even lekker’ enzovoorts). Leona hield er het gevoel aan over dat ze voortdurend ‘een theekransje in werd gesleurd’ waar ze ‘niet op zat te wachten’. (…) Leona is inmiddels uit de appgroep van haar koor gestapt. Het resultaat is dat ze al eens een vervroegde repetitie en een aantal gezamenlijke uitjes is misgelopen. Die informatie wordt alleen in de appgroep gedeeld.
Anderen kwetsen
Het valt op bij het schrijven van dit stuk: haast iedereen heeft wel een voorbeeld van een frustrerende of ongemakkelijke situatie in een
WhatsAppgroep, maar bijna niemand wil daarover met naam en toenaam vertellen in de krant, uit angst anderen te kwetsen.
Zo ook ‘Jurre’ (28, niet zijn echte naam). Hij zit in een WhatsAppgroep met het oud-bestuur van zijn studievereniging. Een leuke groep mensen die nog geregeld afspreekt. Alleen met één studiegenootje kan niemand het goed vinden. ‘Het is pijnlijk’, zegt Jurre, ‘maar we willen gewoon zonder haar afspreken.’ Dus heeft de groep studievrienden een aparte appgroep opgericht, waarin het hele oud-bestuur zit, behalve die ene studiegenoot. (…)
Het zijn ongemakkelijke situaties als deze die duidelijk maken dat we nog zoeken naar goede omgangsvormen in de WhatsAppgroep, zegt Imar de Vries, universitair docent aan de Universiteit Utrecht. De onderzoeker omschrijft zichzelf als ‘mediaarcheoloog’; hij houdt zich bezig met de gevolgen van veranderende communicatietechnologie door de tijd heen.
Etiquette
Bij elke nieuwe communicatietechniek, van telegram tot mobiele telefoon, hoort een fase waarin gebruikers zoeken naar een nieuwe etiquette die past bij die vorm van communiceren. (…)
bron: Volkskrant, 2018
Gebruik regel 1 tot en met 30 van tekst 3.
Het eerste deel van tekst 3 beschrijft de appgroep van een zangkoor. Groepsvorming verloopt in een aantal fases.
Groepen zijn te typeren als primaire of secundaire groepen.
Vraag 8 3 punten
Beredeneer met beide type groepen dat de appgroep van het zangkoor zich in de conflictfase van groepsvorming bevindt. Gebruik in je redenering:
- per type groep een omschrijving en informatie uit tekst 3;
- een omschrijving van de conflictfase van groepsvorming en informatie uit tekst 3.
Bekijk het antwoord
Een juist antwoord bevat:
- een toepassing van het begrip primaire groep en van het begrip secundaire groep en per groep informatie uit tekst 3 over de appgroep van het zangkoor (per type groep met informatie 1 scorepunt) (2)
- een redenering dat de appgroep van het zangkoor zich in de conflictfase van groepsvorming bevindt, met een toepassing van de conflictfase en informatie uit tekst 3 (1)
voorbeeld van een juist antwoord:
- De appgroep van het zangkoor is functioneel, wat een secundaire groep kenmerkt. In tekst 3 staat namelijk dat de appgroep van het zangkoor wordt gebruikt voor het delen van praktische informatie over bijvoorbeeld bladmuziek en repetitietijden (r. 3-7). (1)
- Tegelijkertijd worden in de appgroep door sommige leden berichten uitgewisseld die een persoonlijke band tonen, zoals “beterschap” en “geniet ervan” (r. 13-21). Dus is de appgroep van het zangkoor ook persoonlijk, wat een primaire groep kenmerkt. (1)
- Volgens tekst 3 zit een lid van de appgroep niet op persoonlijke berichten in de appgroep van het zangkoor te wachten (r. 24). Uit de negatieve gevoelens van dit lid blijkt dat er in de appgroep van het zangkoor verschillen in opvattingen zijn over hoe taakgericht of sociaal-emotioneel gericht de leden in de appgroep van het zangkoor met elkaar omgaan. Deze verschillen in opvattingen leiden tot conflict over normen tussen beide typen groepen. (1)
Gebruik regel 40 tot en met 52 van tekst 3.
Het tweede deel van tekst 3 beschrijft de oude en nieuwe appgroep van het oud-bestuur van een studievereniging.
Er worden drie situaties onderscheiden waardoor mensen niet langer tot een groep behoren.
Vraag 9 2 punten
− Geef aan door welke situatie één lid van het oud-bestuur van de studievereniging niet bij de nieuwe appgroep hoort. Gebruik in je antwoord informatie uit tekst 3 waaruit de gekozen situatie blijkt.
- Verklaar de gekozen situatie met een type binding. Gebruik in je verklaring de naam en een omschrijving van een type binding en informatie uit tekst 3.
Bekijk het antwoord
Een juist antwoord bevat:
- het noemen van ‘het er niet meer bij mogen horen’/’uitsluiting’ of een parafrasering daarvan en informatie uit tekst 3 waaruit deze situatie blijkt (1)
- een verklaring voor de gekozen situatie, met een toepassing van affectieve binding en informatie uit tekst 3 (1)
voorbeeld van een juist antwoord:
- Door uitsluiting hoort één lid van het oud-bestuur van de studievereniging niet bij de nieuwe appgroep. In tekst 3 staat namelijk dat het oud-bestuur een aparte appgroep heeft opgericht om af te spreken zonder dit lid (r. 47-52). (1)
- Dit lid wordt uitgesloten omdat niemand van het oud-bestuur het goed met deze studiegenoot kan vinden (r. 45-46). Daaruit blijken negatieve gevoelens van de andere leden voor dit ene lid, wat affectieve bindingen zijn. (1)
Gebruik tekst 3.
Er zijn drie paradoxen van modernisering. Een daarvan is de paradox verzelfstandiging versus verafhankelijking.
Vraag 10 2 punten
Beredeneer welke andere paradox van modernisering te herkennen is in appgroepen. Gebruik in je redenering de naam en een omschrijving van een paradox van modernisering en informatie uit tekst 3.
Bekijk het antwoord
Een juist antwoord bevat:
- het noemen van rationeel versus emotioneel als paradox van modernisering (1)
- een redenering dat in appgroepen de paradox rationeel versus emotioneel te herkennen is, met een toepassing van deze paradox van modernisering en informatie uit tekst 3 (1)
voorbeeld van een juist antwoord:
- In appgroepen is de paradox rationeel versus emotioneel te herkennen. (1)
- Uit tekst 3 blijkt een schijnbare tegenstelling tussen enerzijds het doelrationeel handelen, namelijk in het efficiënte gebruik van de nieuwe communicatietechniek voor bijvoorbeeld het delen van informatie in appgroepen (r. 29-30 en r. 66), en anderzijds het uitdragen van het eigen gevoelsleven in die appgroepen, zoals de persoonlijke berichten van de appgroep van het zangkoor (r. 10-21). (1)
tekst 4
Appgroep ‘beste vriendinnetjes’
(…) De meiden spraken overduidelijk over een gevoel van, laten we het ‘groepsverbondenheid’ noemen, als dat wat zij het meest waarderen aan het gebruik van WhatsApp. “Het voelt erg fijn om met de groep te chatten”, zei een van de andere meiden. “Je weet dan dat er altijd iemand is die gaat antwoorden. Als ik bijvoorbeeld naar F. [een individuele gebruiker] app en F. reageert niet, dan gaat verder niemand reageren. Maar in de appgroep is er altijd wel iemand die reageert, iemand die gaat zeggen: ‘Hé, hoe gaat het?’ Dat voelt gewoon fijn.”
Dit gevoel van ‘groepsverbondenheid’ is een extremere uiting van een tendens, die al eerder waargenomen werd bij het gebruik van mobieltjes (d.w.z. bij traditionele sms- en spraakberichten), die wijst op het versterken van reeds bestaande sociale verbanden binnen kleine groepen van gelijken, zoals familie en vooral vrienden, ten koste van het aangaan van nieuwe sociale verbanden met vreemden. (…) Bij ‘de meiden’ is een voorkeur voor hun eigen hechte groep ten koste van vreemden erg duidelijk aanwezig. Bovendien behouden ‘de meiden’ hun groepsgevoel ook wanneer zij zich niet in dezelfde sociale situatie bevinden. (…) ‘De meiden’ zijn altijd aanwezig, erbij. Zoals de citaten hierboven al aangeven stelt het gebruik van WhatsApp hen in staat om deze specifieke sociale situatie zo ver te verruimen dat de ervaren intimiteit doorsijpelt naar elke andere situatie van hun dagelijkse bestaan. (…)
De vriendinnen worden constant herinnerd aan ‘de meiden’ door de zogenoemde notificaties (die bliepjes of dat gezoem) die aangeven dat ze een bericht hebben ontvangen, wat hen meestal zal verleiden tot het openen van de appgroep ‘beste vriendinnetjes’ – sowieso de allerbelangrijkste appgroep van alle andere appgroepen – om de berichten te lezen. Dus de appgroep is in dit geval verworden tot een symbool dat hen verenigt als groep en een constante herinnering aan de groep als groep. (…) Het laat elke individuele gebruiker weten dat zij in een situatie verkeren waarin zij hetzelfde kunnen roepen, dezelfde woorden kunnen gebruiken, hetzelfde kunnen reageren op gezamenlijke interesses, en dit leidt vervolgens tot een bepaalde vorm van harmonie, een samensmelting tot eensgezindheid – ‘een gevoel van verbondenheid’, zoals een van de meiden het verwoordde.
bron: R. van den Akker, 2018
Gebruik tekst 4.
Tekst 4 gaat over een onderzoek naar de appgroep van een groep vriendinnen.
De moderne samenleving heeft verschillende sociaal-culturele kenmerken. Deze kenmerken van de moderne samenleving zijn niet in elk gedrag te herkennen.
Vraag 11 2 punten
Geef voor twee sociaal-culturele kenmerken aan dat het gedrag van de vriendinnen door het gebruik van de appgroep verschilt van het te verwachten gedrag op grond van de sociaal-culturele kenmerken van de moderne samenleving. Gebruik in je antwoord per gekozen kenmerk informatie uit tekst 4.
Bekijk het antwoord
Een juist antwoord bevat ‘veelvuldige/veelsoortige/minder hechte bindingen’ en ‘scheiding tussen private sfeer en publieke sfeer’ als sociaal-culturele kenmerken van de moderne samenleving die van het gedrag van de vriendinnen door het gebruik van de appgroep verschillen en daarover informatie uit tekst 4 (per kenmerk en informatie 1 scorepunt).
voorbeeld van een juist antwoord:
- Volgens Van den Akker laat het gebruik van de appgroep duidelijk een voorkeur voor hun eigen hechte groep van beste vriendinnen zien ten koste van vreemden (r. 29-32), wat wil zeggen dat de bindingen in deze groep van gelijken hecht zijn. Dit gedrag van de vriendinnen door het gebruik van de appgroep verschilt van bindingen die minder hecht zijn, als sociaal-cultureel kenmerk van de moderne samenleving. (1)
- Volgens Van den Akker stelt de appgroep de vriendinnen in staat om in elke situatie van hun alledaagse leven hun vertrouwelijke contact voort te zetten (r. 38-43), waardoor private sfeer en publieke sfeer voor hen niet gescheiden zijn. Dit gedrag van de vriendinnen door het gebruik van de appgroep verschilt van de scheiding tussen private sfeer en publieke sfeer, als sociaal-cultureel kenmerk van de moderne samenleving. (1)
Gebruik tekst 4.
In een samenleving kunnen verschillende niveaus worden onderscheiden. Twee daarvan zijn het microniveau en het macroniveau.
Vraag 12 2 punten
Leg uit dat appgroepen, zoals de appgroep van de vriendinnen, sociale cohesie tegelijkertijd kunnen verzwakken op het ene niveau en kunnen versterken op het andere niveau. Gebruik in je uitleg:
- de omschrijving van het kernconcept sociale cohesie;
- per niveau informatie uit tekst 4 waaruit zwakke of sterke sociale cohesie blijkt.
Bekijk het antwoord
Een juist antwoord bevat:
- een uitleg dat appgroepen sociale cohesie op macroniveau kunnen verzwakken, met een toepassing van de omschrijving van het kernconcept sociale cohesie tussen groepen en daarover informatie uit tekst 4 (1)
- een uitleg dat appgroepen sociale cohesie op microniveau kunnen versterken, met een toepassing van de omschrijving van het kernconcept sociale cohesie binnen groepen en daarover informatie uit tekst 4 (1)
voorbeeld van een juist antwoord:
- Volgens Van den Akker heeft voor de vriendinnen het onderhouden van contact met elkaar via de appgroep de voorkeur boven het aangaan van nieuwe sociale contacten met vreemden (r. 29-32), waarmee de appgroep het aantal bindingen in een ruimer sociaal kader verhindert, namelijk tussen groepen in de samenleving. Dus kunnen appgroepen, zoals de appgroep van de vriendinnen, sociale cohesie op macroniveau verzwakken. (1)
- Volgens Van den Akker worden de individuele vriendinnen constant herinnerd aan hun groep door het voortdurend binnenkomen en checken van berichten in de appgroep (r. 44-54), waarmee de appgroep bijdraagt aan het gevoel een groep te zijn. Dus kunnen appgroepen, zoals de appgroep van de vriendinnen, sociale cohesie op microniveau versterken. (1)
Gebruik tekst 4.
Vanuit de sociaalwetenschappelijke paradigma’s kan op verschillende manieren onderzoek worden gedaan. Er zijn verschillende onderzoeksmethodes. Een daarvan is observeren.
Vraag 13 3 punten
Leg uit welke andere onderzoeksmethode Van den Akker gebruikt zal hebben om vanuit het sociaalconstructivisme-paradigma onderzoek te doen naar de appgroep van de vriendinnen. Gebruik in je uitleg:
- een aanname van het sociaalconstructivisme-paradigma en informatie uit tekst 4;
- de naam en een kenmerk van de onderzoeksmethode en informatie uit tekst 4.
Bekijk het antwoord
Een juist antwoord bevat.
- een toepassing van een aanname van het sociaalconstructivisme-paradigma (1)
- informatie uit tekst 4 over het onderzoek naar de appgroep van vriendinnen waaruit de gekozen aanname van het sociaalconstructivisme-paradigma blijkt (1)
- een uitleg dat Van den Akker de onderzoeksmethode interviewen gebruikt zal hebben om vanuit het sociaalconstructivisme-paradigma onderzoek te doen naar de appgroep van de vriendinnen, met een toepassing van de onderzoeksmethode interviewen en informatie uit tekst 4 waaruit interviewen blijkt (1)
voorbeeld van een juist antwoord:
- Een aanname van het sociaalconstructivisme-paradigma is dat actoren samen betekenis geven aan de sociale werkelijkheid. De appgroep geeft als symbool voor de groep betekenis aan de groep en dus aan de sociale werkelijkheid van de hechte groep vriendinnen. (1)
- In tekst 4 beschrijft Van den Akker de appgroep van de vriendinnen namelijk als een symbool waarmee de vriendinnen constant herinnerd worden aan de groep als groep (r. 54-58). (1)
- Om deze betekenis van de appgroep voor de vriendinnen te achterhalen zal Van den Akker de onderzoekmethode interviewen gebruikt hebben. Met deze onderzoekmethode kan de onderzoeker vragen naar wat de vriendinnen het meest waarderen aan het gebruik van WhatsApp (r. 1-5). In tekst 4 citeert Van den Akker een van de vriendinnen, waarin zij uitlegt dat het een fijn gevoel geeft dat er in de appgroep altijd iemand reageert (r. 5-16). (1)
Opgave 3 Meer vrouwen in de Nederlandse politiek
Bij deze opgave horen de figuren 1 en 2 en de teksten 5 en 6 uit het bronnenboekje.
Inleiding
Het kabinet Rutte-III streefde naar meer vrouwen in de politiek voor een betere balans tussen mannen en vrouwen in het openbaar bestuur, bijvoorbeeld in de Tweede Kamer en in gemeenteraden. In opdracht van het kabinet hebben politicologen Mügge, Runderkamp en Kranendonk kwantitatief en kwalitatief onderzoek gedaan naar de ondervertegenwoordiging van vrouwen in de politiek. Deze opgave gaat over hun onderzoek.
Gebruik figuur 1.
Figuur 1 laat een verandering zien van het percentage vrouwen in de politiek op gemeentelijk, provinciaal en nationaal niveau, vanaf 1918.
Vraag 14 3 punten
Leg uit dat in de verandering van het percentage vrouwen in de politiek gedurende de afgelopen eeuw democratisering te herkennen is, volgens figuur 1. Gebruik in je uitleg:
- de omschrijving van het hoofdconcept verandering en gegevens uit figuur 1;
- de omschrijving van het kernconcept democratisering.
Bekijk het antwoord
Een juist antwoord bevat:
- gegevens uit figuur 1 waaruit verandering blijkt (1)
- een toepassing van ‘richting/tempo van ontwikkelingen in de samenleving’ uit de omschrijving van het hoofdconcept verandering (1)
- een uitleg dat in de verandering van het percentage vrouwen in de politiek in de afgelopen eeuw democratisering te herkennen is, met een toepassing van de omschrijving van het kernconcept democratisering (1)
voorbeeld van een juist antwoord:
- Figuur 1 laat een toename van het percentage vrouwen in de politiek zien van rond de 5% halverwege de vorige eeuw naar rond de 25% aan het begin van deze eeuw. (1)
- De stijgende lijn in de figuur geeft de richting van deze ontwikkeling aan, waaruit verandering blijkt. (1)
- Met de toename van het percentage vrouwen in de politiek krijgen degenen met minder macht, namelijk vrouwen, een grotere inspraak en medezeggenschap in de politiek, waarmee de machtsverhoudingen tussen mannen en vrouwen in de politiek minder scheef worden. (1)
tekst 5
Ondervertegenwoordiging van vrouwen
Gelijke vertegenwoordiging van mannen en vrouwen is meer dan een kwestie van sociale rechtvaardigheid. Politieke gelijkheid is een belangrijke voorwaarde in elke democratie. (…) Bovendien gaat van een evenwichtig samengesteld parlement het signaal uit dat politiek een gedeelde verantwoordelijkheid is en levert het de samenleving nieuwe rolmodellen. (...) Meerdere studies tonen aan dat politici met verschillende achtergronden (anders dan de huidige norm) standpunten inbrengen die anders over het hoofd worden gezien. (…) Er zijn specifieke behoeften en zorgen die voortkomen uit het vrouw-zijn, die onvoldoende zullen worden vertegenwoordigd in een politiek gedomineerd door mannen. (…) Wat dit betreft zijn er al belangrijke stappen gezet: in algemene zin staan onderwerpen zoals deze, die eerder werden gezien als behorend tot de privésfeer, nu wel degelijk op de politieke agenda, denk aan bijvoorbeeld seksualiteit of gezinsplanning. (…)
Wat weerhoudt vrouwen ervan om de politieke arena te betreden? Het International Institute for Democracy and Electoral Assistance onderscheidt (…) ten minste drie barrières:
1. politieke barrières: dat wil zeggen, het idee dat de politiek geen plek is voor vrouwen en het ontbreken van de benodigde middelen; 2. sociaaleconomische barrières: bijvoorbeeld het werk dat vrouwen, zeker in Nederland, binnenshuis uitvoeren naast hun (deeltijd)baan, zoals zorg voor de kinderen en het huishouden; 3. ideologische en psychologische barrières: bijvoorbeeld cultuurpatronen en tradities, en de manier waarop vrouwen in de media geportretteerd worden en het effect daarvan op de ambitie van vrouwen. (…)
[Iemand] moet zich toegerust voelen om zich aan te melden bij een politieke partij, waarbij onder andere tijd, geld en motivatie een belangrijke rol spelen. (…)
bron: L. Mügge en Z. Runderkamp, 2019
Percentage vrouwelijke raadsleden naar grootte gemeenteraad, in alle
gemeenteraden in Nederland, 2018

bron: Stichting Cito, op basis van M. Kranendonk, 2019
Toelichting
In figuur 2 worden alle gemeenteraden in Nederland weergegeven als punten in het diagram. Een punt kan de situatie in meerdere gemeenteraden samenvatten. De correlatie is 0.24.
Gebruik tekst 5.
Er zijn verschillende visies op representatie. Een daarvan wordt verwoord in het partijenmodel.
Vraag 15 2 punten
− Leg uit welk ander model te herkennen is in de visie van Mügge en Runderkamp op de representatie van vrouwen in de politiek. Gebruik in je uitleg een kenmerk van het gekozen model en informatie uit tekst 5.
- Bekritiseer vanuit het partijenmodel de visie van Mügge en Runderkamp op de representatie van vrouwen in de politiek. Gebruik in je kritiek een kenmerk van het partijenmodel.
Bekijk het antwoord
Een juist antwoord bevat:
- een uitleg dat het afspiegelingsmodel ter herkennen is in de visie van Mügge en Runderkamp op de representatie van vrouwen in de politiek, met een toepassing van een kenmerk van het afspiegelingsmodel en informatie uit tekst 5 over afspiegeling van de kiesgerechtigde bevolking op basis van sekse (1)
- een kritiek vanuit het partijenmodel op de visie van Mügge en Runderkamp op de representatie van vrouwen in de politiek, met een toepassing van een kenmerk van het partijenmodel (1)
voorbeeld van een juist antwoord:
- Volgens Mügge en Runderkamp gaat van een evenwichtig samengesteld parlement het signaal uit dat politiek een gedeelde verantwoordelijkheid is (r. 6-9). / Volgens Mügge en Runderkamp zal een politiek die door mannen gedomineerd wordt, niet voldoende tegemoet komen aan zorgen en behoeften die voortkomen uit het vrouw-zijn (r. 16-21). Dat wil zeggen dat volgens Mügge en Runderkamp in de volksvertegenwoordiging een zo goed mogelijke afspiegeling van de kiesgerechtigde bevolking op basis van sekse nodig is. Dus is in de visie van Mügge en Runderkamp op de representatie van vrouwen in de politiek het afspiegelingsmodel te herkennen. (1)
- Vanuit het partijenmodel kan de visie van Mügge en Runderkamp op de representatie van vrouwen in de politiek bekritiseerd worden. Volgens dit model zitten volksvertegenwoordigers namelijk voor een partij met een partijprogramma in de politiek. De zorgen en behoeften van vrouwen in de samenleving kunnen via partijen ook worden gerepresenteerd door mannen in de politiek. (1)
Gebruik tekst 5.
Politiek heeft drie aspecten. Twee daarvan zijn polity en politics.
Vraag 16 2 punten
Leg uit dat volgens Mügge en Runderkamp de mate van vertegenwoordiging van vrouwen in de politiek te herkennen is in deze twee aspecten. Gebruik in je uitleg:
- een omschrijving van het begrip polity en informatie uit tekst 5;
- een omschrijving van het begrip politics en informatie uit tekst 5.
Bekijk het antwoord
Een juist antwoord bevat:
- een uitleg dat de mate van vertegenwoordiging van vrouwen in de politiek te herkennen is in het aspect polity, met een toepassing van ‘structuren/organisaties’ of ‘gespecialiseerde/gezaghebbende (overheids)instellingen’ en informatie uit tekst 5 (1)
- een uitleg dat de mate van vertegenwoordiging van vrouwen in de politiek te herkennen is in het aspect politics, met een toepassing van ‘machtsstrijd’ of ‘waardevolle zaken toedelen’ of ‘beslissingen nemen’ en informatie uit tekst 5 (1)
voorbeeld van een juist antwoord:
- De mate van vertegenwoordiging van vrouwen in de politiek is volgens Mügge en Runderkamp te herkennen in het aspect polity, namelijk in het aandeel vrouwen in politieke organisaties, zoals een politieke partij (r. 53). (1)
- De mate van vertegenwoordiging van vrouwen in de politiek is volgens Mügge en Runderkamp te herkennen in het aspect politics, namelijk in het aandeel politieke beslissingen over waardevolle zaken voor vrouwen, zoals onderwerpen die eerder werden gezien als behorend tot de privésfeer, bijvoorbeeld seksualiteit en gezinsplanning (r. 23-28). (1)
Gebruik tekst 5.
Het barrièremodel voor politieke besluitvorming onderscheidt vier barrières. Het barrièremodel maakt onderscheid tussen hindermacht en realisatiemacht.
Vraag 17 2 punten
Leg met de eerste barrière uit welke type macht vrouwen hebben als zij aan de politiek deelnemen, volgens tekst 5. Gebruik in je uitleg:
- een type macht uit het barrièremodel en informatie uit tekst 5;
- een toepassing van de eerste barrière uit het barrièremodel en informatie uit tekst 5.
Bekijk het antwoord
Een juist antwoord bevat een uitleg dat vrouwen realisatiemacht hebben als zij deelnemen aan de politiek, met:
- het noemen van realisatiemacht en informatie uit tekst 5 om realisatiemacht te illustreren (1)
- een toepassing van ‘het (h)erkennen/(h)erkend krijgen van problemen/wensen/behoeften als politieke problemen’ en informatie uit tekst 5 (1)
voorbeeld van een juist antwoord:
- Vrouwen hebben realisatiemacht als zij aan de politiek deelnemen, omdat zij dan problemen en behoeften kunnen adresseren die door mannen onvoldoende worden vertegenwoordigd (r.16-21). (1)
- Vrouwen kunnen deze problemen en behoeften op de politieke agenda krijgen (r. 21-26), dat wil zeggen, erkend krijgen als politiek probleem, wat de eerste barrière van barrièremodel is. (1)
Opmerking
Als het antwoord geen uitleg bevat, kan maximaal 1 scorepunt worden toegekend.
Gebruik regel 35 tot en met 50 van tekst 5.
Mügge en Runderkamp beschrijven barrières voor vrouwen om deel te nemen aan de politiek. In deze barrières zijn verschillende soorten sociale ongelijkheid te herkennen.
In de sociale wetenschappen worden drie soorten sociale ongelijkheid onderscheiden. Een daarvan is ongelijke verdeling van politieke macht.
Vraag 18 1 punt
Leg uit welk ander soort sociale ongelijkheid te herkennen is in de barrières voor vrouwen om deel te nemen aan de politiek. Gebruik in je uitleg een omschrijving van de gekozen soort sociale ongelijkheid en informatie uit tekst 5.
Bekijk het antwoord
Een juist antwoord bevat een uitleg dat ‘ongelijke verdeling van status/symbolische hulpbronnen’ of ‘ongelijke verdeling van bezit/economische hulpbronnen’ te herkennen is in een barrière voor vrouwen om deel te nemen aan de politiek, met de gekozen soort sociale ongelijkheid en informatie uit tekst 5.
voorbeeld van een juist antwoord:
In de barrières voor vrouwen om deel te nemen aan de politiek is een ongelijke verdeling van status te herkennen. Volgens tekst 5 vormt de portrettering van vrouwen in de media en het effect daarvan op de ambitie van vrouwen (r. 48-50) een barrière voor vrouwen om deel te nemen aan de politiek, waaruit een ongelijke verdeling van waardering/behandeling van vrouwen en mannen blijkt, namelijk in mate van geschiktheid voor deelname aan politiek.
Gebruik figuur 2.
In sociaalwetenschappelijk onderzoek worden twee soorten verbanden onderzocht. Deze verbanden zijn correlatie en causaliteit.
Vraag 19 3 punten
− Leg uit dat het verband in figuur 2 wel een correlatie, maar geen causaliteit beschrijft. Gebruik in je uitleg een verschil tussen correlatie en causaliteit en informatie uit figuur 2.
- Leg uit dat representativiteit te herkennen is in het verband in figuur 2. Gebruik in je uitleg een toepassing van de omschrijving van het kernconcept representativiteit en informatie uit figuur 2.
- Formuleer een hypothese over de representativiteit van de gemeenteraad op basis van het verband in figuur 2.
Bekijk het antwoord
Een juist antwoord bevat:
- een uitleg dat het verband in figuur 2 wel een correlatie, maar geen causaliteit beschrijft, met een verschil tussen correlatie en causaliteit en informatie uit figuur 2 (1)
- een uitleg dat representativiteit te herkennen is in het verband in figuur 2, met een toepassing van de omschrijving van het kernconcept representativiteit en informatie uit figuur 2 (1)
- een hypothese over de representativiteit van de gemeenteraad op basis van het verband in figuur 2 (1)
voorbeeld van een juist antwoord:
- Figuur 2 laat een samenhang (+0.24) zien tussen de variabele het aantal raadsleden in de gemeenteraad en de variabele percentage vrouwelijke raadsleden. Uit deze samenhang tussen de variabelen kun je niet concluderen dat het aantal raadsleden in de gemeenteraad een oorzaak is voor het percentage vrouwelijke raadsleden. (1)
- In figuur 2 is het percentage vrouwelijke raadsleden af te lezen in verhouding tot de omvang van de gemeenteraad. Dat wil zeggen de mate waarin het achtergrondkenmerk ‘sekse’ van gemeenteraadsleden overeenkomt met de groepen die vertegenwoordigd worden, namelijk de mannen en vrouwen in de gemeente. (1)
- Hoe groter het aantal raadsleden in een gemeenteraad, des te hoger de representativiteit van vrouwen in de gemeenteraad. (1)
tekst 6
Gaten in een inclusief lokaal bestuur
(…) Vrouwelijke respondenten gaven (…) aan dat vrouwen soms ook het gevoel hebben dat er geen ruimte is voor hun manier van politiek bedrijven. Dit kan volgens hen ook een reden zijn om niet deel te nemen aan de lokale politiek. (…)
In gemeenten met relatief weinig vrouwelijke raadsleden krijgen vrouwen in het raadswerk vaker te maken met denigrerende opmerkingen, hebben ze soms het gevoel minder serieus genomen te worden en worden ze zelfs soms als minderwaardig gezien. (...) Verder gaven meerdere respondenten aan “haantjesgedrag” te ervaren. Haantjesgedrag werd getypeerd als de onwil om compromissen te sluiten, anderen te overschreeuwen en af te rekenen. (…) Bovendien is er de ervaring dat vrouwen altijd net iets harder moeten werken om serieus genomen te worden, alsof ze altijd al “2-0 achterstaan”. (…) Er zijn eigenschappen die bij mannen als positief worden gewaardeerd, maar bij vrouwen als negatief: “Er zijn grote verschillen tussen hoe mannen en vrouwen zich mogen manifesteren en hoe ze invloed mogen uitoefenen. Als je als vrouw niet voldoet aan rolverhoudingen dan ben je een bitch”. (…)
Hier is een rol weggelegd voor de burgemeester die een juiste manier van debatteren, waarbij het gaat om de inhoud, kan afdwingen. Een respondent benoemde de burgemeester in positieve zin, die het absoluut niet duldt als mensen persoonlijk aangevallen worden en ‘nieuwelingen’ aanmoedigt om te blijven spreken. De burgemeester deed ook een oproep om de nieuwe politici te laten spreken en ze de ruimte te geven en greep in wanneer raadsleden elkaar aanspreken als “meisje” of “vrouwtje”. (…) Beleidssuggestie: Debattrainingen bij aanvang van de raadsperiode zouden meer nadruk kunnen leggen op de diversiteit van debatstijlen. Een goede debatstijl kan ook nuancerend zijn en gericht zijn op compromissen sluiten.
bron: M. Kranendonk, 2019
Gebruik tekst 6.
In tekst 6 beschrijft Kranendonk de cultuur in gemeenteraden met relatief veel mannen.
Hofstede beschrijft dimensies waarop je culturen van elkaar kunt onderscheiden.
Vraag 20 2 punten
Classificeer op de dimensie ‘feminien versus masculien’ de cultuur in gemeenteraden met relatief veel mannen. Gebruik in je antwoord een kenmerk van de gekozen pool en informatie uit tekst 6.
Bekijk het antwoord
Een juist antwoord bevat:
- het noemen van de pool masculien (van de dimensie feminien versus masculien) voor de cultuur in gemeenteraden met relatief veel mannen, met een kenmerk van de pool masculien (1)
- informatie uit tekst 6 waaruit het gekozen kenmerk van de pool masculien blijkt (1)
voorbeeld van een juist antwoord:
- Volgens tekst 6 kenmerkt de cultuur in gemeenteraden met relatief veel mannen zich door grote verschillen tussen het geaccepteerde gedrag van mannen en vrouwen. Dit duidt op een masculiene cultuur. (1)
- Een voorbeeld van die verschillen is dat bepaalde eigenschappen als positief worden gewaardeerd bij mannen, maar negatief bij vrouwen (r. 25-28). (1)
Let op: de laatste vragen van dit examen staan op de volgende pagina.
Gebruik tekst 6.
In het laatste deel van tekst 6 adviseert Kranendonk een rol voor de burgemeester en debattrainingen.
Vraag 21 1 punt
Leg uit dat volgens Kranendonk de burgemeester kan bijdragen aan de politieke socialisatie van de gemeenteraadsleden. Gebruik in je uitleg de omschrijving van het kernconcept politieke socialisatie en informatie uit tekst 6.
Bekijk het antwoord
Een juist antwoord bevat een uitleg dat de burgemeester kan bijdragen aan de politieke socialisatie van de gemeenteraadsleden, met een toepassing van de omschrijving van het kernconcept politieke socialisatie en informatie uit tekst 6.
voorbeeld van een juist antwoord:
Volgens Kranendonk kan de burgemeester afdwingen dat raadsleden debatteren over de inhoud, dat wil zeggen dat de burgemeester een politieke cultuur overdraagt aan de raadsleden, zodat de raadsleden zich een bepaalde manier van debatteren eigen kunnen maken (r. 35-38).
Vraag 22 2 punten
Geef aan welke functie van socialisatie te herkennen is in de beleidssuggestie van Kranendonk voor debattrainingen. Gebruik in je antwoord een functie van socialisatie en informatie uit tekst 6.
Bekijk het antwoord
Een juist antwoord bevat:
- de verandering van de cultuur van groepen of het reguleren van gedrag van mensen (1)
- informatie uit tekst 6 over debattrainingen waaruit de gekozen functie van socialisatie blijkt (1)
voorbeeld van een juist antwoord:
- In de beleidssuggestie van Kranendonk voor debattrainingen is een verandering van de politieke cultuur te herkennen, wat een functie van socialisatie is. (1)
- Waar het debatteren in de raad zich kenmerkt door overschreeuwen en de onwil om compromissen te sluiten (r. 19-20) doet Kranendonk namelijk het voorstel om via de trainingen debatstijlen te veranderen in nuancerend en gericht op het sluiten van compromissen (r. 52-56). (1)
of
- In de beleidssuggestie van Kranendonk voor debattrainingen is het reguleren van gedrag van mensen te herkennen, wat een functie van socialisatie is. (1)
- Kranendonk doet namelijk het voorstel om politici via de trainingen debatstijlen aan te leren die nuancerend zijn en gericht op het sluiten van compromissen (r. 54-56). (1)
Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen vwo Maatschappijwetenschappen 2026, tijdvak 2. Figuren en de exacte opmaak staan in het originele examen.
Andere examens maatschappijwetenschappen vwo
- 2026, tijdvak 1
- 2025, tijdvak 1
- 2025, tijdvak 2
- 2024, tijdvak 1
- 2024, tijdvak 2
- 2023, tijdvak 1
- 2023, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 1
- 2022, tijdvak 2
- 2021, tijdvak 1
- 2021, tijdvak 2
- 2021, tijdvak 3
- 2019, tijdvak 1
- 2019, tijdvak 2
- 2018, tijdvak 1
- 2018, tijdvak 2
Veelgestelde vragen
Hoeveel vragen heeft het eindexamen maatschappijwetenschappen vwo 2026, tijdvak 2?
Het centraal examen maatschappijwetenschappen vwo 2026, tijdvak 2 loopt tot vraag 22. Van 20 vragen staat het onderwerp in de vragenbank. De meeste vragen gaan over macht en gezag (8), vorming (5) en verandering (3).
Wat zijn de antwoorden van het examen maatschappijwetenschappen vwo 2026, tijdvak 2?
Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.
Waar vind ik het correctievoorschrift van maatschappijwetenschappen vwo 2026, tijdvak 2?
Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2026/vwo/documenten/cse-2/vw-1034-a-26-2-c).
Hoe oefen ik met het examen maatschappijwetenschappen vwo 2026, tijdvak 2 en krijg ik feedback?
Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.