Eindexamen tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving havo 2026, tijdvak 1: vragen en antwoorden
Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Leven in een klooster, Levenskrachtige beelden, Eigenwijze schilders.
Het centraal examen tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving havo 2026, tijdvak 1 telt 29 vragen. De meeste vragen gaan over beschouwen (9), beeldaspecten (9) en kunstgeschiedenis (7). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.
Onderwerpen in dit examen
| Onderwerp | Vragen | Aantal |
|---|---|---|
| Beschouwen | 6, 8-9, 14, 18-19, 26-27, 29 | 9 |
| Beeldaspecten | 7, 11-12, 16, 20-22, 24-25 | 9 |
| Kunstgeschiedenis | 1-5, 15, 28 | 7 |
| Technieken | 10, 13, 17, 23 | 4 |
Vergeleken met andere jaren
De verdeling over de onderwerpen ligt dicht bij het gemiddelde van de andere 17 examens tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving havo sinds 2018. Geen enkel onderwerp wijkt meer dan zes procentpunten af.
Opgaven en correctievoorschrift
- Opgaven
- Bijlage
- Correctievoorschrift
- Aanvulling correctievoorschrift
- Tweede aanvulling correctievoorschrift
De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.
Oefenen als leerling
Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving havo 2026, tijdvak 1 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.
Nakijken als docent
Start gratis vanaf deze pagina
Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving havo 2026, tijdvak 1 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.
Laat de klas het examen maken
Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.
Geef de resultaten vrij
Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.
ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.
Vragen en antwoorden
Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving havo 2026, tijdvak 1. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.
Leven in een klooster
Vragen bij afbeelding 1 tot en met 11
Op afbeelding 1 en 2 zie je het kloostercomplex van Fontenay in Frankrijk. Het klooster werd in 1119 gesticht door de Orde van Cisterciënzers. De monniken van deze orde leefden sober en meestal op een afgelegen plek. Op afbeelding 3 en 4 zie je achtereenvolgens de westgevel en het schip van de kerk. Afbeelding 5 toont een voormalige werkplaats.





Bekijk afbeelding 2 tot en met 5.
Het kloostercomplex is een voorbeeld van de romaanse bouwstijl. Zo is de kerk sober gebouwd: in de vorm van een Latijns kruis en zonder klokkentoren.
Vraag 1 3 punten
Noem nog drie kenmerken van de romaanse bouwstijl die je ziet op afbeelding 2, 3, 4 en/of 5.
Bekijk het antwoord
drie van de volgende:
- rondbogen
- dikke muren
- grote / gesloten muurvlakken (zoals de gevel van de kerk)
- kleine ramen
- tongewelven
- kruis(rib)gewelven
- (korte) massieve zuilen / pilaren
- relatief lage / horizontale bouw (niet verticaal, zoals in de gotiek)
- De architectuur is samengesteld uit eenvoudige / geometrische volumes.
per juist antwoord 1
De sobere manier van leven in het middeleeuwse klooster heeft een religieuze reden.
Vraag 2 1 punt
Geef deze reden.
Bekijk het antwoord
Het antwoord moet de volgende strekking hebben:
De monniken (van de Cisterciënzer Orde) moesten hun leven volledig aan God wijden, door zich aan strenge leefregels te houden / door te leven zoals Christus.

- 1 poort
- 2 kapel (voor reizigers)
- 3 gastenverblijf 'hotellerie'
- 4 bakkerij
- 5 duiventil
- 6 kerk
- 7 slaapzaal
- 8 kloostertuin
- 9 kloostergangen
- 10 werkplaats monniken
- 11 smederij
- 12 moestuin, kruidentuin
Op figuur 1 zie je de plattegrond van het kloostercomplex.
Het afgelegen klooster moest zo veel mogelijk zelfvoorzienend zijn. Zo bakten monniken zelf brood in de bakkerij (4) en maakten ze in de werkplaats (10) bijvoorbeeld kleding en gebruiksvoorwerpen.
Vraag 3 3 punten
Noem nog drie andere ruimtes uit figuur 1 die gebruikt werden om zelfvoorzienend te leven. Licht bij elke ruimte het gebruik toe.
Bekijk het antwoord
drie van de volgende:
- de smederij voor het maken en repareren van gebruiksvoorwerpen en gereedschappen (onderhoud)
- de tuinen, voor groente en kruiden (voedsel, medicijnen)
- het gastenverblijf, inkomsten uit het verblijf van reizigers / pelgrims (verblijf, studie)
- de duiventil, voor vlees, eieren en/of post (voedsel, communicatie)
per juist antwoord 1
Het klooster ontving bezoekers zoals handelaren, pelgrims en hulpbehoevenden. Zij konden zo nodig overnachten in het gastenverblijf, ook wel 'hotellerie' genoemd. Deze contacten waren van grote betekenis voor het klooster.
Vraag 4 2 punten
Geef hiervoor twee redenen.
Bekijk het antwoord
twee van de volgende:
- (handel) Zo konden monniken zorgen voor extra voedsel en/of andere goederen van buiten.
- (contact) Zo bleven monniken in contact met de buitenwereld (nieuws, kennis uitwisselen).
- (naastenliefde) Zo konden monniken zorg en onderdak bieden aan mensen in nood (zieken of andere hulpbehoevenden, zoals vluchtelingen).
- (geloof) Zo konden monniken hun geloof / religie beoefenen met andere gelovigen / pelgrims.
- (inkomsten) Zo konden monniken inkomsten verwerven voor het klooster.
per juist antwoord 1
Op figuur 2 zie je het kloostercomplex van de Kruisheren in het centrum van Maastricht. Het klooster werd gebouwd tussen 1440 en 1520.

Bekijk figuur 2.
De kerk is in de loop van de tijd verbouwd, maar je ziet nog kenmerken van de oorspronkelijke gotische bouwstijl.
Vraag 5 2 punten
Noem twee kenmerken van de gotische bouwstijl die je ziet op figuur 2.
Bekijk het antwoord
twee van de volgende:
- sterke verticale richting
- hoog dak / steil dak van de kerk
- grote / hoge vensters
- spitsbogen
- steunberen
- traceerwerk (in de ramen)
per juist antwoord 1
De laatste jaren zijn door de terugloop van gelovigen steeds meer kerken en kloostercomplexen leeg komen te staan. De kerkelijke gemeentes of parochies verkopen soms hun kerken. Nieuwe eigenaren geven er een andere functie aan: ze bouwen er bijvoorbeeld appartementen in, maken er een bibliotheek van of, zoals in Maastricht, een hotel.
Het verbouwen van een oude kerk tot een gebouw met een andere functie gaat vaak met tegenwerking gepaard. Soms zijn er bezwaren vanuit de maatschappij of zijn er technische beperkingen.
Vraag 6 2 punten
Geef
- één voorbeeld van een bezwaar vanuit de maatschappij.
- één voorbeeld van een technische beperking.
Bekijk het antwoord
• voorbeelden van een bezwaar vanuit de maatschappij: 1
- (religieus) Er kan protest zijn vanuit religieuze gemeenschappen die de nieuwe functie niet passend vinden (de kerk is immers een huis van God).
- (religieus) Er kan protest zijn vanuit gemeenschappen die negatieve ervaringen hebben met de kerk en/of men wil de identiteit van een (religieuze) gemeenschap bewaren.
- (cultuurhistorisch) Men wil de (oorspronkelijke) architectonische en/of religieuze elementen niet aantasten.
• voorbeelden van een technische beperking: 1
- (monumentenstatus) Bij het verbouwen van monumenten moeten eigenaren zich houden aan (strenge) eisen, bijvoorbeeld aan het gebruik van bepaalde materialen.
- (type gebouwen) Vaak gaat het om hoge en/of kwetsbare ruimtes, die lastig zijn te verbouwen / verduurzamen en/of om ruimtes waarin nog veel voorzieningen (zoals toiletten) moeten worden aangebracht.
Van 2003 tot 2005 werd het Kruisherenklooster gerenoveerd door SATIJNplus architecten. Het werd ingericht tot een luxe hotel. Henk Vos kreeg de opdracht om een ontwerp te maken voor het interieur. Hij werkte samen met de Duitse lichtkunstenaar Ingo Maurer (1932-2019). Op afbeelding 6 tot en met 11 zie je achtereenvolgens de nieuwe entree, een plattegrond en de centrale hal van het Kruisherenhotel.
Op afbeelding 6 en 7 zie je de entree die Maurer ontwierp. De entree werd aangebracht in de zijmuur van de kerk en bestaat uit een koperen tunnel met verlichting op de vloer. De entree leidt de gasten direct naar het schip van de voormalige kerk: de centrale hal van het hotel. Je ziet op afbeelding 8 de tunnel uitkomen in die hal.



Bekijk afbeelding 6 en 7.
De entree is zo ontworpen dat die uitnodigt om naar binnen te gaan.
Vraag 7 3 punten
Beschrijf drie aspecten van de vormgeving die daaraan bijdragen.
Bekijk het antwoord
drie van de volgende:
- (vorm) De tunnel is aan de straatzijde wijd / groot (en verloopt dan naar smal, loopt taps toe) / heeft de vorm van een trechter.
- (vorm) De tunnel steekt uit / komt naar voren toe.
- (kleur) De (koperen) tunnel heeft een aantrekkelijke warme kleur / is oranjerood.
- (licht) De verlichting / reflectie van licht nodigt uit om dichter bij te komen.
- (lijn / ordening) De lichtlijnen / strepen van licht op de grond herhalen zich en nodigen uit die te volgen.
- (materiaal) Het glanzende oppervlak van het (gepolijste) koper nodigt uit om aan te raken / dichterbij te komen.
per juist antwoord 1
Bekijk afbeelding 6 tot en met 8.
Ingo Maurer ontwierp oorspronkelijk moderne lampen en eenvoudige verlichtingssystemen voor interieurs. De opdracht voor het ontwerpen van een entree zoals bij het Kruisherenhotel was veel uitdagender.
Vraag 8 2 punten
Geef twee redenen waarom deze opdracht zo uitdagend moet zijn geweest voor Maurer.
Bekijk het antwoord
twee van de volgende:
- (architectonische schaal) Het project / de installatie is veel grootschaliger / complexer dan de lampen en kleinere lichtinstallaties die Maurer eerder ontwierp.
- (functies) Maurer moet bij dit project / deze installatie rekening houden met andere functies van het ontwerp (naast verlichten, zoals veiligheid, afsluitbaarheid, stevigheid, weersbestendigheid).
- (regelgeving) Het project / de installatie is bedoeld voor een bestaande kerk / monument en daarvoor gelden vaak allerlei regels, waar je als ontwerper rekening mee moet houden (anders dan een lamp voor een particulier interieur).
- (stijl en/of materiaal) Het hotel bevindt zich in een historisch kloostercomplex. Maurer moet bij het ontwerp een evenwicht zien te vinden tussen een moderne stijl en/of moderne materialen en gotische architectuur / een historische stijl en/of oude materialen.
per juist antwoord 1
Bekijk afbeelding 6 tot en met 8.
In de kerkarchitectuur heeft licht vaak een religieuze, symbolische betekenis. De entree van Maurer lijkt te verwijzen naar deze symboliek.
Vraag 9 2 punten
Geef aan
- wat de religieuze symboliek is van licht in de kerk,
- en beschrijf op welke manier Maurer daarnaar lijkt te verwijzen in de entree.
Bekijk het antwoord
Het antwoord moet de volgende strekking hebben:
- De symboliek van het goddelijke licht / God is licht / licht als verwijzing naar het hemelse paradijs en/of de kerk als afspiegeling van de hemel. 1
- De warme gloed van de koperen tunnel die tot in de kerk valt en/of de streep licht (lichtlijn) die verwerkt is in de vloer van de tunnel lijkt naar deze goddelijke aanwezigheid / het hemels paradijs te verwijzen. 1



Bekijk de plattegrond op afbeelding 9.
Op de plattegrond op afbeelding 9 zie je rechts het oude klooster (rood gemarkeerd). Hier bevinden zich de hotelkamers. In de voormalige kerk (links op de plattegrond, geel gemarkeerd) zijn de gemeenschappelijke ruimtes, met op de begane grond de receptie, de lobby en een wijnbar. Het restaurant (afbeeldingen 10 en 11) ligt op de tussenverdieping en is te bereiken via een trap of een glazen lift.
Het hele, vernieuwde interieur van de voormalige kerk bestaat uit zelfdragende, losstaande constructies, zoals de receptie, de lift en de verdieping met het restaurant.
Vraag 10 1 punt
Geef een belangrijk voordeel op de lange termijn van deze zelfdragende constructies.
Bekijk het antwoord
Het antwoord moet de volgende strekking hebben:
Mocht in de toekomst de functie van het gebouw veranderen, dan kunnen deze constructies / elementen weer worden verwijderd zonder (grote) schade aan te richten aan het gebouw.
Levenskrachtige beelden
Vragen bij afbeelding 12 tot en met 19
Op afbeelding 12, 13 en 14 zie je het beeld dat de Franse beeldhouwer Auguste Rodin (1840-1917) maakte van de Franse schrijver Honoré de Balzac (1799-1850). Op afbeelding 12 zie je het oorspronkelijke ontwerp dat Rodin maakte in gips. Op afbeelding 13 en 14 zie je een latere versie van het beeld in brons.



Bekijk afbeelding 12, 13 en 14.
In 1890 kreeg Rodin van een belangrijk literair genootschap de opdracht om een monument te maken ter ere van de schrijver Balzac. Rodin verbeeldde de schrijver als een indrukwekkende, trotse persoonlijkheid.
Vraag 11 3 punten
Noem drie aspecten van de voorstelling die daaraan bijdragen.
Bekijk het antwoord
drie van de volgende:
- (houding) de iets achterover hangende houding
- (lichaam) de brede en/of vooruitstekende buik / borst
- (lichaam) de rechte rug
- (hoofd) het opgeheven hoofd / de kin naar voren
- (blik) de ernstige / strenge / uitdagende (arrogante) blik
- (haren) de wilde / woeste haren
per juist antwoord 1
Het beeld was bedoeld als monument ter ere van Balzac. Toen Rodin het gipsen beeld in 1898 op de Salon van de Académie in Parijs presenteerde, waren de opdrachtgevers niet tevreden. Ze noemden het beeld "niet meer dan een schets" en eisten dat Rodin het ontwerp zou aanpassen. Rodin weigerde dat. Om die reden ging de opdracht naar een andere beeldhouwer. Hij maakte het beeld dat je ziet op figuur 3.

Het literair genootschap was wel tevreden met het beeld dat je ziet op figuur 3. Het werk voldeed dan ook aan de regels van de Académie.
Vraag 12 3 punten
Beschrijf drie aspecten van het beeld op figuur 3 die voldeden aan de regels van de Académie.
Bekijk het antwoord
drie van de volgende:
- (belangrijke man, denker) De schrijver wordt voorgesteld als een wijze / geleerde (oude) man, rustig zittend / nadenkend met de handen gevouwen om zijn knieën.
- (klassieke houding) De schrijver zit in een klassieke / evenwichtige houding (met de handen gevouwen om zijn knieën) die past bij zijn waardigheid en/of passend is voor een monument.
- (harmonieus / in verhouding) De verschillende onderdelen van het lichaam zijn (zichtbaar) goed in verhouding / anatomisch juist.
- (gezichtsuitdrukking) De schrijver heeft een neutrale / rustige gezichtsuitdrukking (in plaats van een onrustige / wilde blik).
- (afwerking) Het oppervlak is glad afgewerkt / bestaat uit zachte overgangen (in plaats van dat het oppervlak ruw / expressief is).
- (uitwerking van de vorm) De figuur is wat vorm betreft vrij precies / gedetailleerd uitgewerkt.
- (harmonie) De opbouw van het beeld (van breed naar smal, driehoekscompositie) is harmonieus / in evenwicht.
- (sokkel) Het beeld staat op een hoge sokkel en dat past bij een beeld van een belangrijke man (ter vergelijking, het beeld van Rodin heeft nauwelijks een sokkel / staat op hetzelfde niveau als de beschouwer).
per juist antwoord 1
Rodin had zijn oorspronkelijke gipsen ontwerp later willen uitvoeren in zwart marmer, maar dat is nooit gebeurd. Pas na de dood van Rodin werd het beeld in brons gegoten.
In de negentiende eeuw werden op de salon vaker gipsen beelden tentoongesteld. Kunstenaars hadden een voorkeur voor gipsen beelden voor dergelijke presentaties, in plaats van beelden van marmer of brons. Gips was bijvoorbeeld makkelijker verkrijgbaar dan marmer of brons.
Vraag 13 3 punten
Geef nog drie voordelen van het werken met gips (in plaats van met marmer of brons).
Bekijk het antwoord
drie van de volgende:
- (kosten) Gips was goedkoper dan materialen zoals marmer en brons.
- (bewerkelijkheid) Gips is makkelijker te bewerken / modelleren / aan te passen (in tegenstelling tot het ingewikkelde gietproces van brons en het beeldhouwen in steen).
- (snelheid) Gips droogt snel / geeft snel resultaat, waardoor het geschikt is voor het maken van eerste ontwerpen / prototypes.
- (details) Gips leent zich goed voor het demonstreren van details / fijn werk en zo kan technische vaardigheid getoond worden.
- (transport) Gipsen beelden zijn lichter van gewicht / kunnen makkelijker verspreid en/of verplaatst worden (in tegenstelling tot zware bronzen of stenen beelden).
per juist antwoord 1
Balzac observeerde het sociale leven op straat. Hij verwerkte zijn indrukken in tientallen verhalen en romans. Daarin gaf hij vaak commentaar op de hogere klasse. Hij schreef vooral in de nacht, gehuld in een ruimvallende kamerjas, een soort monnikspij.

Rodin liet die kamerjas namaken door de kleermaker van Balzac. De jas werd verstevigd met gips en diende als voorstudie (zie figuur 4).
Bekijk afbeelding 13 en 14.
Het beeld dat Rodin uiteindelijk creëerde van Balzac is dat van een bezeten, geëngageerd schrijver. De kamerjas versterkt dit beeld.
Vraag 14 1 punt
Leg uit waardoor de jas het imago van Balzac als een bezeten, geëngageerd schrijver versterkt.
Bekijk het antwoord
Kern van een juist antwoord is dat de omvang en/of de vorm van de (kamer)jas het imago van Balzac (bezetenheid, engagement) versterkt.
Voorbeeld van een juist antwoord is:
Het beeld bestaat voor het grootste deel uit de (kamer)jas die kenmerkend is voor Balzac / die een eenvoudige vorm heeft (met de armen / mouwen onzichtbaar) alsof de (kamer)jas het hoofd van Balzac draagt (zoals een sokkel). Daardoor ligt het accent op het (expressieve) hoofd dat bezetenheid / engagement uitstraalt.
of
Het beeld bestaat voor het grootste deel uit de (kamer)jas die kenmerkend is voor Balzac, omdat de jas staat voor zijn bezeten schrijverschap: het dag en nacht doorwerken (in die jas).
Het werk van Rodin werd een inspiratiebron voor beeldhouwers uit het begin van de twintigste eeuw. Zij zagen het werk van Rodin als vernieuwend voor de beeldhouwkunst.
Vraag 15 3 punten
Geef drie redenen waarom het werk van Rodin begin twintigste eeuw als vernieuwend werd gezien voor de beeldhouwkunst. Neem het beeld van Balzac als uitgangspunt.
Bekijk het antwoord
Vernieuwend is (drie van de volgende):
- dat de 'sokkel' onderdeel is van het werk. (Het beeld staat op hetzelfde niveau als de beschouwer).
- het uitdrukken van het karakter / de persoonlijkheid / dat het innerlijk centraal staat (anders dan het onpersoonlijke / universele / klassieke beeld).
- de vrije materiaalhantering / grove textuur / expressieve vorm (anders dan een verfijnde afwerking).
- dat het persoonlijke handschrift van de kunstenaar zichtbaar is (Je ziet als het ware de vingerafdrukken van de maker, anders dan dat het oppervlak glad afgewerkt is).
- de abstrahering van de vorm / vereenvoudiging van de vorm (anders dan de naturalistische vorm / naar de werkelijkheid gevormd).
per juist antwoord 1
Berlinde De Bruyckere is een hedendaagse kunstenaar. In haar werk onderzoekt ze vaak de kwetsbaarheid van het menselijk lichaam en verschillende menselijke emoties. Ze combineert in haar werk materialen zoals was, hout, textiel en dierenhuiden.
Op afbeelding 15 en 16 zie je beelden uit de serie Arcangelo (Aartsengel). Afbeelding 17 en 18 tonen details. Aartsengelen zijn boodschappers tussen hemel en aarde. In Arcangelo heeft de kunstenaar die indruk van overgang (transformatie) willen verbeelden, zoals het neerdalen uit de hemel op aarde of juist het opstijgen naar de hemel.




Bekijk afbeelding 15 tot en met 18.
Vraag 16 2 punten
Beschrijf twee aspecten van de voorstelling die bijdragen aan die indruk van overgang, van opstijgen naar de hemel of neerdalen op aarde.
Bekijk het antwoord
twee van de volgende:
- De figuren staan op de punten van hun tenen, alsof ze net neerkomen of opstijgen.
- De raakvlakken van de tenen / voeten met de sokkels zijn zo klein dat de figuren gewichtsloos lijken / lijken op te stijgen.
- De hoofden / figuren hangen licht voorover, een stand tussen zakken / vallen en oprichten in.
- De licht gebogen / wat slappe benen dragen bij aan de indruk van gewichtsloosheid / zweven, terwijl de drapering juist zwaar lijkt / lijkt te drukken (te zakken).
- De dekens / vleugels die over de mensfiguren hangen (waardoor die maar half zichtbaar zijn), wekken de indruk dat de mensfiguur overgaat in een / transformeert tot engel.
per juist antwoord 1
De Bruyckere werkt vaak met was, materiaal dat vergelijkbaar is met kaarsvet. De benen zijn opgebouwd uit dunne laagjes was van verschillende kleuren. De gedrapeerde 'mantels' zijn afgietsels van dierenhuid in was, waarin haartjes zijn aangebracht (zie het detail op afbeelding 18).
Bekijk afbeelding 15 tot en met 18.
Vraag 17 2 punten
Beschrijf twee manieren waarop De Bruyckere de kwetsbaarheid en/of vergankelijkheid van het menselijk lichaam heeft uitgedrukt met was.
Bekijk het antwoord
twee van de volgende:
- (laagjes) De was wordt in laagjes aangebracht, waardoor een doorschijnende opperlaag / huid ontstaat (waarin aders of andere verkleuringen van de huid zichtbaar zijn) en dit maakt de uitstraling kwetsbaar / draagt bij aan het idee van een doorleefde huid.
- (kleuren) Was kun je in verschillende kleuren mengen: door blauwe en rode was te gebruiken, lijken er (pigment)vlekken op de benen te zitten, waardoor de indruk van veroudering / beschadiging ontstaat.
- (huidskleur) Was heeft in de basis een lichte / witte kleur die lijkt op (kwetsbare) naakte huid.
- (zacht) Was is zacht materiaal / heeft een glad oppervlak, dat gevoelig is voor krassen / beschadigingen en dat wekt de indruk van een kwetsbare huid.
- (haar, huid) De was met haartjes erin versterkt de indruk van een (dieren)huid, een overblijfsel van een (dood) dier.
per juist antwoord 1
De serie beelden is ontstaan tijdens de coronapandemie van 2020. Aan De Bruyckere werd gevraagd of kunst troost kon bieden. Zij dacht bij deze vraag aan het schilderij op figuur 5: de dode Christus wordt ondersteund door een engel.

De Bruyckere vertelde in een interview:
"De engel op het schilderij heeft brede, donkere vleugels. Warme vleugels die het lichaam kunnen bedekken en wegdragen naar een zachtere plek. Overal om me heen zie ik de warmte van brede vleugels. In de inspanningen van de gezondheidswerkers."
Bekijk afbeelding 15 tot en met 18.
Het schilderij op figuur 5 was een inspiratiebron voor de Arcangelo-serie van De Bruyckere.
Vraag 18 2 punten
Geef aan de hand van figuur 5 een inhoudelijke interpretatie van de Arcangelo-serie van De Bruyckere. Betrek het citaat van De Bruyckere in je antwoord.
Bekijk het antwoord
Een juist antwoord bevat
- • een inhoudelijke interpretatie van de Arcangelo-serie aan de hand van figuur 5 (1)
- • en aan de hand van het citaat van De Bruyckere. (1)
Voorbeeld van een juist antwoord is:
- • De huiden / 'dekens' over de figuren in de serie Arcangelo doen denken aan de beschermende vleugels van de engel uit het schilderij (op figuur 5). (1)
- • De Bruyckere verwijst met de huiden / dekens naar de (engelachtige) zorgverleners tijdens de coronapandemie: "Overal om me heen zie ik de warmte van brede vleugels. In de inspanningen van de gezondheidswerkers." (1)
De Bruyckere maakte Arcangelo in was. Voor Rodin waren gipsen of wassen beelden meestal modellen, die bedoeld waren om later uit te voeren in marmer of brons. Ook De Bruyckere heeft enkele beelden laten uitvoeren in brons, gecombineerd met lood, zoals het werk op afbeelding 19.

Bekijk afbeelding 19.
Stelling: de bronzen versie van Arcangelo heeft meer zeggingskracht dan de versies in was.
Vraag 19 1 punt
Geef een argument ter ondersteuning van deze stelling óf geef een tegenargument.
Bekijk het antwoord
• Het bronzen beeld heeft meer zeggingskracht dan de beelden in was, want (voorbeelden van goede argumenten ter ondersteuning zijn): 1
- juist de uitvoering van Arcangelo in brons geeft een spanning tussen het idee van opstijgen van de figuur en het zware materiaal waarin het wordt uitgevoerd. Zo lijkt de mantel zwaarder en massiever en de figuur op de grond te houden. Dat maakt het beeld essentiëler en daarmee tijdlozer, wat bijdraagt aan de zeggingskracht.
- in brons lijkt het werk klassieker / is het voor de eeuwigheid (is het minder vergankelijk dan in was).
of
• Het bronzen beeld heeft minder zeggingskracht dan de beelden in was, want (voorbeelden van goede tegenargumenten zijn): 1
- in het eeuwige / harde materiaal brons gaat de betekenis verloren: de toepassing van (het relatief zachte materiaal) was is juist belangrijk om de kwetsbaarheid / vergankelijkheid / tijdelijkheid van de mens uit te drukken.
- juist het contrast tussen de verschillende materialen (wassen benen, huid voor de vleugels) maakt het werk complexer / letterlijk en figuurlijk meer gelaagd. Dat effect gaat verloren in brons, omdat de huid / het oppervlak egaal / hard is.
Aanvulling: Op pagina 12, bij vraag 19 moet het eerste voorbeeld van een goed argument vervangen worden door: juist de uitvoering van Arcangelo in brons geeft een spanning tussen het idee van opstijgen van de figuur en het zware materiaal waarin het wordt uitgevoerd. Zo lijkt de mantel zwaarder en massiever en de figuur op de grond te houden. Dat maakt het beeld essentiëler en daarmee tijdlozer, wat bijdraagt aan de zeggingskracht. Toelichting: In het correctievoorschrift werd verwezen naar "een zwevende houding van de figuur". Afbeelding 19 toont echter een figuur die op platte voeten staat en niet op de tenen, zoals in de andere versies van Arcangelo.
Eigenwijze schilders
Vragen bij afbeelding 20 tot en met 24
De Franse kunstenaar Henri Matisse (1869-1954) zocht in zijn werk naar schoonheid en de vrijheid van het schilderen. Op afbeelding 20 zie je het schilderij Weelde, kalmte en wellust uit 1904. Het werk is gebaseerd op een gedicht van Baudelaire waarin een man zijn geliefde vraagt om met hem mee te reizen naar het paradijs.

Bekijk afbeelding 20.
Matisse creëerde een paradijselijke sfeer in dit schilderij.
Vraag 20 2 punten
Noem twee aspecten van de voorstelling die verwijzen naar een paradijselijke sfeer.
Bekijk het antwoord
twee van de volgende:
- De mensen zijn (half)naakt en buiten en/of zijn een met de natuur.
- Het landschap is zonovergoten en/of romantisch (met ondergaande zon).
- De mensen zijn aan het ontspannen / picknicken en/of baden.
per juist antwoord 1
Het schilderij was voor het publiek voor het eerst te zien in 1905 op de Salon des Indépendants (De salon van de onafhankelijken) in Parijs. Op deze tentoonstelling werden werken van kunstenaars gepresenteerd die niet voldeden aan de regels van de traditionele Académie.
Een criticus uit de kring van de Académie bezocht deze tentoonstelling. Hij noemde de schilderijen van Matisse en zijn collega-kunstenaars het werk van "wilde beesten". Die kritiek was onder meer gericht op de vormgeving van het werk van Matisse.
Vraag 21 2 punten
Leg met twee aspecten van de vormgeving uit wat de aanleiding moest zijn geweest voor de kritiek.
Bekijk het antwoord
twee van de volgende:
- (techniek, hanteringswijze) de picturale schilderstijl / een schilderij opgebouwd uit (naast elkaar geplaatste) korte streepjes (stippen) en/of vlekken (ten opzichte van de verfijnde schildertechniek met zachte contouren van de academische traditie)
- (kleur) veel contrasten in het kleurgebruik, zoals koud-warm en/of complementaire kleuren en/of hard, onnatuurlijk kleurgebruik (ten opzichte van een meer gedekt / onverzadigd kleurenpalet met natuurlijke kleuren / objectkleuren van de academische traditie)
- (licht) geen naturalistisch gebruik van licht en/of schaduw (ten opzichte van een naturalistische weergave door middel van licht- en schaduwwerking)
- (vorm) gestileerde / vereenvoudigde weergave van de figuren (ten opzichte van de naturalistische en geïdealiseerde figuren van de academische traditie)
per juist antwoord 1

Op afbeelding 21 zie je een later schilderij van Matisse: Het Rode Atelier uit 1911. Zijn schildertechniek en stijl zijn in de loop van de tijd veranderd. Het Rode Atelier wekt enerzijds een illusie van ruimte. Anderzijds benadrukt het schilderij dat het op de eerste plaats gewoon een plat vlak met verf is.
Vraag 22 4 punten
Beschrijf
- twee verschillende aspecten van het schilderij waardoor een illusie van ruimte ontstaat.
- twee verschillende aspecten van het schilderij waardoor het als plat vlak (met verf) benadrukt wordt.
Bekijk het antwoord
• illusie van ruimte (twee van de volgende): 2
- (perspectief) De kamer is en/of sommige objecten (tafel, stoelen, het glas, schilderijen) zijn (min of meer) in perspectief / verkort weergegeven.
- (overlapping) Sommige vormen overlappen elkaar, zoals de vaas voor het schilderij links en/of de twee stoelen rechts.
- (plasticiteit) Er is een suggestie van plasticiteit, bijvoorbeeld door het plaatsen van glimlichten op het glas.
- (schaal) Er is een verschil in schaal: de voorwerpen op de voorgrond, zoals het glas en de vaas, zijn groter dan die op de achtergrond.
- (plans) Er is een driedeling in plans te herkennen: voorgrond, middenplan en achtergrond.
• Het platte vlak wordt benadrukt door (twee van de volgende): 2
- het effen rode kleurvlak dat / de (uniforme) rode basiskleur die / de rode achtergrond die het hele schilderij omvat.
- het weergeven van de objecten in de ruimte met slechts enkele lijnen en/of door hun contourlijn, zoals de stoelen, ladekasten en/of het glas.
- het gebruik van (kleine) egale kleurvlakken, zoals het bord, de karaf en/of de bloembladeren.
- het ontbreken van slagschaduwen en/of eigenschaduwen.

In 1941 onderging Matisse een operatie waaraan hij blijvend letsel overhield. Hij werkte daarna voornamelijk vanuit zijn rolstoel. Dit dwong hem tot een andere manier van werken. Matisse liet assistenten vellen wit papier in kleuren beschilderen. Daarna knipte hij er zelf vrije vormen uit. "Knippen in kleur zoals de beeldhouwer in steen hakt", zo omschreef Matisse zijn werkwijze, die ook wel 'découpage' wordt genoemd. Op aanwijzingen van Matisse brachten zijn assistenten de knipsels aan op een groot wit papier, zoals te zien is op figuur 6 en op afbeelding 22 (De parkiet en de zeemeermin uit 1953).

Bekijk afbeelding 21 en 22 en figuur 6.
Matisse was fysiek beperkt. Zijn nieuwe werkwijze bood hem een aantal voordelen ten opzichte van het werken met olieverf op doek, zoals bij het schilderij op afbeelding 21.
Vraag 23 2 punten
Beschrijf twee praktische voordelen van deze nieuwe werkwijze voor Matisse ten opzichte van het schilderen op doek.
Bekijk het antwoord
Met deze techniek kan Matisse (twee van de volgende):
- zijn ideeën toch uitvoeren met behulp van eenvoudig gereedschap / een schaar (wat met schilderen minder makkelijk kan).
- de compositie sneller / makkelijker veranderen (door vormen los te halen en te verplaatsen).
- assistenten eventuele werkzaamheden / veranderingen laten uitvoeren.
- blijven zitten tijdens zijn werkzaamheden.
per juist antwoord 1
Uit het werk op afbeelding 22 blijkt dat Matisse wat betreft de aspecten vorm en/of kleur zichzelf regels oplegde.
Vraag 24 3 punten
Beschrijf drie van die regels die je kunt afleiden uit afbeelding 22.
Bekijk het antwoord
Voorbeelden van juiste antwoorden zijn:
- (vorm) Matisse maakt een compositie met een beperkt aantal vormen (twee soorten bladeren, een vrucht, een vogel en een meermin).
- (vorm) Matisse plaatst alle vormen vrijstaand (zonder overlappingen).
- (vorm) Matisse laat de witruimte om de vormen heen overal ongeveer gelijk zijn (behalve de witruimte om de parkiet en de meermin).
- (kleur) Matisse beperkt zijn kleurgebruik tot rood-oranje, geel-roze en blauwgroen.
- (kleur) Matisse beperkt zich tot egaal gekleurde vlakken.
per juist antwoord 1
Aanvulling: Op pagina 15, bij vraag 24 moet "drie van de volgende:" vervangen worden door "Voorbeelden van juiste antwoorden zijn:". Toelichting: Deze aanpassing van het correctievoorschrift maakt het mogelijk om ook andere inhoudelijk juiste antwoorden goed te rekenen, mits die voldoen aan regel 3.3. Een voorbeeld dat in het correctievoorschrift ontbreekt is: Matisse maakt uitsluitend gebruik van organische vormen. De antwoorden moeten wel voldoen aan de instructie in de vraag, namelijk dat er een beschrijving van een regel moet worden gegeven die je kunt afleiden uit afbeelding 12. Er kan niet worden volstaan met het noemen van een begrip zoals 'herhaling' of 'witte achtergrond'.
De Amerikaanse schilder Philip Guston (1913-1980) werd geboren in Canada als zoon van Russisch-Joodse ouders, die de vervolgingen in Rusland ontvlucht waren. In 1919 verhuisde het gezin naar Los Angeles. Hier werd Guston geconfronteerd met het vele geweld dat gebruikt werd tegen Joden en de zwarte bevolking.

Op afbeelding 23 zie je Martial Memory (Martiaal Geheugen) uit 1941. Het schilderij lijkt gebaseerd op jeugdherinneringen van Guston. De strijd die hier gevoerd wordt heeft enerzijds iets dreigends. Anderzijds lijkt de voorstelling te gaan om iets onschuldigs, zoals 'soldaatje spelen' op straat.
Vraag 25 4 punten
Beschrijf
- twee aspecten van de voorstelling die bijdragen aan een dreigende sfeer.
- twee aspecten van de voorstelling die bijdragen aan een onschuldige sfeer van 'soldaatje spelen'.
Bekijk het antwoord
• dreiging (twee van de volgende): 2
- De twee jongens links worden door de drie jongens rechts staande gehouden / bedreigd.
- Er worden wapens (van afval) gebruikt / naar voren gestoken en /of ter verdediging opgeheven.
- De afgebeelde (bewegings)ruimte is beperkt: de figuur vooraan blokkeert het zicht / de figuren staan dicht op elkaar / er is slechts een krappe ruimte ten opzichte van muren, waardoor het gevoel ontstaat van opgesloten zijn / 'rug tegen de muur' / niet kunnen vluchten.
- De lichaamsuitdrukkingen roepen strijd op: stevige spreidstand en naar voren hellend bovenlichaam zijn stoer en krachtig (voorste groep) en deels ook verlegen / ingehouden bij de achterste jongen.
- De omgeving met donkere wolken, fabrieken en een steeg draagt bij aan de indruk van een dreigende sfeer.
• onschuldig (twee van de volgende): 2
- Twee jongens dragen helmen van papier (broodzak en gevouwen hoedje).
- Het schild is een metalen deksel / een deksel van een afvalbak.
- Een (fluit)ketel met een touw om het hoofd dient als helm / periscoop / waterspuwer (waterkanon).
- De armen van de achterste figuur zijn bedekt met (houten) planken / borden, alsof hij vleugels (van een vliegtuig) heeft.
- De jongen links houdt een klein wit vlaggetje / toortsje in zijn rechterhand (te klein om overtuigend te zijn).
- De jongens zijn allemaal dun / zomers gekleed en/of op blote voeten (wat ze kwetsbaar maakt).
Opmerking
Per juist antwoord 1 scorepunt toekennen.
Het schilderij op afbeelding 23 kwam tot stand tijdens de Tweede Wereldoorlog, toen de Verenigde Staten bij de oorlog betrokken werden. Een kunsthistoricus uit die tijd zag in dit werk van Guston vooral een pleidooi voor vredesonderhandelingen (en daarmee tegen de oorlog).
Vraag 26 1 punt
Geef aan de hand van de voorstelling een argument dat deze interpretatie ondersteunt.
Bekijk het antwoord
Kern van een juist antwoord is dat de voorstelling wordt geïnterpreteerd als een rustmoment in het gevecht en/of als een moment van overleg waarin de jongens bedenken hoe verder te gaan met hun (rollen)spel. (Het is eerder een wapenstilstand dan een verheerlijking van strijd.)
Voorbeeld van een juist antwoord is:
De jongens staan hier niet met gebalde vuisten te vechten. Integendeel, hun armen hangen bijna slap, ze wachten, kijken en luisteren naar elkaar, alsof ze met elkaar in gesprek zijn over hoe verder te gaan (wapenstilstand).

Op afbeelding 24 zie je The Studio uit 1969. Het stelt de schilder zelf voor met een puntmuts over zijn hoofd. De puntmuts verwijst naar de 'hoods' van de Ku Klux Klan (KKK): een beweging van witte mannen en vrouwen die bekendstaat om het geweld tegen mensen van kleur, immigranten en specifieke religieuze richtingen (zie figuur 7). Zo zijn ze als KKK-lid altijd herkenbaar, maar als persoon niet. Guston was zelf geen aanhanger van de KKK.

Bekijk afbeelding 24.
Het zelfportret van Guston is dubbelzinnig: enerzijds getuigt het zelfportret van humor, anderzijds lijkt het werk een grimmige boodschap te bevatten.
Vraag 27 2 punten
Geef
- één voorbeeld waaruit blijkt dat het zelfportret getuigt van humor, en
- één voorbeeld dat lijkt te wijzen op een grimmige boodschap.
Bekijk het antwoord
• Het werk getuigt van humor door (een van de volgende): 1
- de schilder die zichzelf al schilderend afbeeldt met een grote puntmuts op (waardoor hij onherkenbaar blijft).
- de cartooneske stijl / spotprentstijl met sterke / eenvoudige vormen en uitvergrotingen, zoals de naar verhouding te grote (rode) hand.
- het gebruik van de kleur roze en rood, een combinatie die eerder geassocieerd wordt met iets onschuldigs dan met het heftige onderwerp van de KKK.
- grapjes in de voorstelling, zoals de rokende sigaret die uit de puntmuts steekt en/of het schilderij in het schilderij (droste-effect).
• Het werk lijkt een grimmige boodschap te bevatten doordat (een van de volgende): 1
- de schilder zichzelf presenteert in zijn studio als lid van de KKK / als een persoon met (politiek) radicale ideeën en/of doordat hij anoniem/onherkenbaar is, lijkt hij te waarschuwen dat we niet weten wie hij is / wat hij denkt / of hij zichzelf wel is.
- de figuur met de puntmuts verwijst naar de KKK-beweging en zelf een volgend (zelf)portret schildert, waardoor hij lijkt te verwijzen naar het steeds groter worden van de beweging in de Verenigde Staten.
- de kunstenaar (die op zijn gemak zit te roken in zijn atelier) de KKK-beweging en/of radicale ideeën tot onderwerp van zijn kunst heeft gemaakt, vragen oproept: ondersteunt hij die ideeën of juist niet?
Guston: "De oorlog, wat er met Amerika gebeurde, de wreedheid van de wereld. Wat voor een man ben ik, die thuis zit, tijdschriften leest, gefrustreerd en woedend over van alles en nog wat, en dan mijn atelier ingaat om een beetje rood aan blauw toe te voegen?"
In dit citaat blikt Guston kritisch terug op de jaren vijftig, toen hij en enkele van zijn Amerikaanse collega-kunstenaars, onder wie Jackson Pollock, vooral grote abstracte werken maakten.
Vraag 28 2 punten
Geef aan
- naar welke stijl in de naoorlogse schilderkunst Guston hier verwijst, en
- wat zijn (zelf)kritiek inhoudt.
Bekijk het antwoord
• Guston verwijst naar de abstract-expressionisten / colorfield painters / action painters. 1
• Guston heeft kritiek op (een van de volgende): 1
- de schilder die alleen met schilderkunst bezig is (en niet met gebeurtenissen in de wereld buiten zijn atelier).
- de schilder die de ellende / frustratie van zich af schildert zonder verder iets te doen.
- de schilder (l'art pour l'art-kunstenaar) die zich in zijn werk uitsluitend richt op de kunst / op zelfexpressie (en die zich niet bezighoudt met maatschappelijke of politieke zaken, die niet activistisch is).
In 2024 was een grote overzichtstentoonstelling met werk van Guston te zien in Tate Modern (Londen). Het museum noemde Guston "een van de boeiendste schilders van de 20e eeuw die reageerde op een wereld in beroering".
Het werk van Guston was lange tijd weinig te zien geweest in Europa.
Vraag 29 1 punt
Geef een reden waarom het museum van moderne kunst juist nu weer aandacht besteedt aan het werk van Guston.
Bekijk het antwoord
een van de volgende:
- Musea willen bij het maken van tentoonstellingen aansluiten bij de actualiteit (politiek engagement) en in 2024 is er weer veel aandacht voor politieke misstanden / oorlogen in de wereld.
- De cartoonachtige stijl van Guston is voor musea interessant om te tonen, want die stijl past bij de hernieuwde belangstelling voor urban art / streetart van een jongere generatie.
- De hernieuwde belangstelling voor figuratie in de schilderkunst (versus de moeilijk veronderstelde moderne abstracte kunst) is de reden dat er weer gezocht wordt naar voorbeelden in de kunstgeschiedenis, zoals het werk van Guston.
Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen havo Tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving 2026, tijdvak 1. Figuren en de exacte opmaak staan in het originele examen.
Andere examens tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving havo
- 2026, tijdvak 2
- 2025, tijdvak 1
- 2025, tijdvak 2
- 2024, tijdvak 1
- 2024, tijdvak 2
- 2023, tijdvak 1
- 2023, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 1
- 2022, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 3
- 2021, tijdvak 1
- 2021, tijdvak 2
- 2021, tijdvak 3
- 2019, tijdvak 1
- 2019, tijdvak 2
- 2018, tijdvak 1
- 2018, tijdvak 2
Veelgestelde vragen
Hoeveel vragen heeft het eindexamen tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving havo 2026, tijdvak 1?
Het centraal examen tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving havo 2026, tijdvak 1 telt 29 vragen. De meeste vragen gaan over beschouwen (9), beeldaspecten (9) en kunstgeschiedenis (7).
Wat zijn de antwoorden van het examen tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving havo 2026, tijdvak 1?
Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.
Waar vind ik het correctievoorschrift van tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving havo 2026, tijdvak 1?
Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2026/havo/documenten/cse-1/ha-5001-a-26-1-c). Bij dit examen hoort ook een aanvulling op het correctievoorschrift.
Hoe oefen ik met het examen tekenen, handvaardigheid, textiele vormgeving havo 2026, tijdvak 1 en krijg ik feedback?
Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.