Eindexamen aardrijkskunde havo 2019, tijdvak 1: vragen en antwoorden

Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Opgave 1 − Globalisering van Inditex, Opgave 2 − Groot-Brittannië stopt ontwikkelingshulp aan India, Opgave 3 − Hawaii en de Azoren, Opgave 4 − Fossielen zoeken bij de Jurassic Coast, Opgave 5 − Klimaten en landschappen in Brazilië, Opgave 6 − Demografie en welvaart in Brazilië, Opgave 7 − De Neder-Rijn bij Arnhem, Opgave 8 − Aandachtswijken in Utrecht.

Kort antwoord

Het centraal examen aardrijkskunde havo 2019, tijdvak 1 telt 32 vragen. De meeste vragen gaan over endogene en exogene processen (7), globalisering (5) en ontwikkelingsvraagstukken (4). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.

Onderwerpen in dit examen

Onderwerp per vraag in het centraal examen aardrijkskunde havo 2019, tijdvak 1. Elke vraag is eenmalig door een AI-model bij een onderwerp ingedeeld; per vraag kan dat afwijken.
OnderwerpVragenAantal
Endogene en exogene processen10-167
Globalisering1-4, 85
Ontwikkelingsvraagstukken5, 7, 9, 244
Bevolking en migratie6, 21-234
Nederland: wonen en water25-284
Verstedelijking29-324
Weer en klimaat18-203
Kaartvaardigheden171

Vergeleken met andere jaren

Vergeleken met de andere 17 examens aardrijkskunde havo sinds 2018: dit examen vroeg meer over endogene en exogene processen (22% van de vragen, gemiddeld 14%) en ontwikkelingsvraagstukken (13% van de vragen, gemiddeld 6%). Minder over water en rivieren (0% van de vragen, gemiddeld 7%) en landbouw en voedsel (0% van de vragen, gemiddeld 6%).

Opgaven en correctievoorschrift

De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.

Oefenen als leerling

Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen aardrijkskunde havo 2019, tijdvak 1 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.

Nakijken als docent

  1. Start gratis vanaf deze pagina

    Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen aardrijkskunde havo 2019, tijdvak 1 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.

  2. Laat de klas het examen maken

    Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.

  3. Geef de resultaten vrij

    Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.

ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.

Vragen en antwoorden

Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen aardrijkskunde havo 2019, tijdvak 1. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.

Opgave 1 − Globalisering van Inditex

Bestudeer de bronnen 1 en 2 uit het bronnenboekje die bij deze opgave horen.

Gebruik de bronnen 1 en 2. Het Spaanse modebedrijf Inditex is een mondiaal georiënteerd bedrijf. Toch heeft het bedrijf niet in alle landen ter wereld winkels gevestigd.

Vraag 1 2 punten

Geef hiervoor een reden

  • vanuit de politieke dimensie;
  • vanuit de sociaal-culturele dimensie.
Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

  • Een juiste reden vanuit de politieke dimensie is: (1) In een aantal landen heerst politieke onrust / is de markt onvoldoende opengesteld voor westerse multinationals.
  • Een juiste reden vanuit de sociaal-culturele dimensie is: (1) Een aantal landen heeft een sterke eigen kledingtraditie (waar de kleding van Inditex niet op aansluit).

Inditex richt zich voor de verkoop van hun kleding steeds meer op gebieden buiten Europa.

Vraag 2 2 punten

Geef

  • een demografische ontwikkeling binnen Europa waarom Inditex dat doet;
  • een economische ontwikkeling buiten Europa waarom Inditex dat doet.
Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

  • Een juiste demografische ontwikkeling binnen Europa is: (1) De geringe bevolkingsgroei / de vergrijzing (in landen) van Europa.
  • Een juiste economische ontwikkeling buiten Europa is: (1) De opkomst van gebieden / landen met een sterke economische groei / toenemende welvaart.

Gebruik bron 1. In 2015 kocht Inditex voor 300 miljoen dollar een gebouw in het centrum van New York om er een Zarawinkel te openen. Ondanks de koopkrachtige bevolking en het grote aantal toeristen in New York, is deze winkel nauwelijks winstgevend.

Vraag 3 2 punten

Beredeneer met bron 1 waarom Inditex toch besloot juist in het centrum van New York deze winkel te openen.

Bron 1

Ligging van de wijken Kanaleneiland-Noord, Ondiep en Overvecht-Zuid in de stad Utrecht

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • Inditex is een bedrijf dat snel inspeelt op nieuwe trends / dat trendsettend wil zijn (1)
  • en het centrum van (de wereldstad) New York is bij uitstek de plek waar de nieuwste trends worden neergezet / gepresenteerd (1)

Gebruik bron 1 en de atlas. Je kunt stellen dat de kledingproductie van Inditex plaatsvindt in een perifeer gebied, maar je kunt ook stellen dat dit in een centrumgebied gebeurt.

Vraag 4 2 punten

Beredeneer dat dit afhankelijk is van het schaalniveau waarop je kijkt.

Bron 1

Ligging van de wijken Kanaleneiland-Noord, Ondiep en Overvecht-Zuid in de stad Utrecht

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • de kledingproductie op het schaalniveau van Spanje / Europa gebeurt in een (semi)perifeer gebied (1)
  • maar dat de kledingproductie op mondiaal schaalniveau in een centrumland gebeurt (1)

Opgave 2 − Groot-Brittannië stopt ontwikkelingshulp aan India

Bestudeer de bronnen 1 en 2 uit het bronnenboekje die bij deze opgave horen.

Gebruik bron 1 en atlaskaart 266D. Landen die van Groot-Brittannië ontwikkelingshulp ontvangen, zijn vaak voormalige koloniën van Groot-Brittannië.

Vraag 5 1 punt

Welk land, dat meer dan 250 miljoen pond heeft ontvangen in 2013, is geen kolonie van Groot-Brittannië geweest?

Bron 1

Ligging van de wijken Kanaleneiland-Noord, Ondiep en Overvecht-Zuid in de stad Utrecht

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • Ethiopië (1)

Voor Indiërs is Groot-Brittannië al decennialang een belangrijke migratiebestemming.

Vraag 6 2 punten

Geef

  • een positief gevolg van deze migratie voor de economische ontwikkeling van India;
  • een negatief gevolg van deze migratie voor de economische ontwikkeling van India.
Bron 1

Ligging van de wijken Kanaleneiland-Noord, Ondiep en Overvecht-Zuid in de stad Utrecht

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

  • Juiste positieve gevolgen zijn: (1p)
    • De Indiase migranten sturen geld terug naar India.
    • Remigranten nemen kennis uit Groot-Brittannië mee terug naar India.
  • Juiste negatieve gevolgen zijn: (1p)
    • Relatief veel hoogopgeleide Indiërs verlaten India (braindrain).
    • De relatief rijke Indiërs verlaten India.

Gebruik bron 2.

Vraag 7 1 punt

Geef aan dat de huidige handelsrelatie tussen Groot-Brittannië en India niet meer past in de traditionele centrum-periferieverhoudingen.

Bron 1

Ligging van de wijken Kanaleneiland-Noord, Ondiep en Overvecht-Zuid in de stad Utrecht

Bron 2

Karakteristieke woningbouw in de drie aandachtswijken a Kanaleneiland-Noord

b Ondiep

c Overvecht-Zuid

►►► ν

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • Uit het antwoord moet blijken dat bedrijven uit een perifeer / voormalig koloniaal land, eigenaar zijn geworden van bedrijven uit een centrumland (terwijl dat in de traditionele centrum-periferieverhoudingen juist andersom was). (1)

In het verleden hebben veel Britse bedrijven hun callcenters en helpdesks verplaatst naar India. De laatste jaren halen zij deze werkzaamheden vaak weer terug naar Groot-Brittannië.

Vraag 8 2 punten

Geef twee redenen waarom Britse bedrijven dit doen.

Bron 2

Karakteristieke woningbouw in de drie aandachtswijken a Kanaleneiland-Noord

b Ondiep

c Overvecht-Zuid

►►► ν

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • Juiste redenen zijn: − Het verschil tussen de lonen in Groot-Brittannië en India is minder groot geworden. − De afhandeling van vragen / administratie / serviceverlening is efficiënter / beter wanneer dit in het eigen land gebeurt. − In Groot-Brittannië zijn regio’s met een relatief hoge werkloosheid. per juiste reden (1) (2)

Niet iedereen in Groot-Brittannië was het eens met de beslissing om de ontwikkelingshulp aan India stop te zetten (zie bron 2).

Vraag 9 3 punten

Geef

  • een argument vóór het stopzetten van ontwikkelingshulp aan India;
  • twee argumenten tegen het stopzetten van ontwikkelingshulp aan India.
Bron 2

Karakteristieke woningbouw in de drie aandachtswijken a Kanaleneiland-Noord

b Ondiep

c Overvecht-Zuid

►►► ν

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

  • Juiste argumenten vóór het stopzetten van ontwikkelingshulp zijn: (1p)
    • Door handel / investeringen / uitwisselen van kennis zal meer geld naar India stromen dan door ontwikkelingshulp.
    • India is inmiddels in staat om zelf tot ontwikkeling te komen.
    • Groot-Brittannië kan door te besparen op ontwikkelingshulp in eigen land achtergebleven regio’s (financieel) ondersteunen.
  • Juiste argumenten tegen het stopzetten van ontwikkelingshulp zijn: (2p)
    • De allerarmsten in India profiteren niet van de economische ontwikkeling (en zijn voor bijvoorbeeld onderwijs / gezondheidszorg afhankelijk van ontwikkelingshulp).
    • De economische verschillen tussen Groot-Brittannië en India zijn nog steeds groot.
    • Het grote welvaartsverschil tussen Groot-Brittannië en India is mede een gevolg van de politiek-historische relaties tussen deze twee landen en Groot-Brittannië heeft een verantwoordelijkheid om een voormalige kolonie te helpen.

Opmerking Aan elk juist tegenargument 1 scorepunt toekennen.

Opgave 3 − Hawaii en de Azoren

Bestudeer bron 1 uit het bronnenboekje die bij deze opgave hoort.

Gebruik de atlas. Het eiland Hawaii maakt deel uit van een keten van eilanden midden in de Grote Oceaan. Deze keten van eilanden wordt de Hawaiirug genoemd.

Vraag 10 2 punten

Beschrijf het ontstaan van deze keten van eilanden.

Bron 1

Ligging van de wijken Kanaleneiland-Noord, Ondiep en Overvecht-Zuid in de stad Utrecht

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • onder Hawaii een hotspot / mantelpluim ligt (1)
  • waar de (Pacifische) plaat (al vele miljoenen jaren) overheen beweegt (waardoor een keten van vulkanische eilanden ontstaat) (1)

Gebruik bron 1. Uit de vulkaanvorm van Mauna Kea kun je eigenschappen van het magma afleiden en de naam van het gesteente waaruit Mauna Kea bestaat.

Vraag 11 3 punten

Geef

  • de vulkaanvorm van Mauna Kea;
  • een eigenschap van het magma;
  • de naam van het gesteente waaruit Mauna Kea vooral bestaat.
Bron 1

Ligging van de wijken Kanaleneiland-Noord, Ondiep en Overvecht-Zuid in de stad Utrecht

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • een schildvulkaan (1)
  • Het magma is vloeibaar / heeft een lage viscositeit (1)
  • basalt (1)

Gebruik de atlas. De Azoren zijn een groep vulkanische eilanden midden in de Atlantische Oceaan. Deze eilandengroep maakt deel uit van een langgerekte rug op de oceaanbodem, waar vulkanisme plaatsvindt.

Vraag 12 2 punten

Beschrijf het ontstaan van het vulkanisme op deze langgerekte rug.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord
  • bij de (Midden-Atlantische) rug platen divergeren / uit elkaar bewegen (1)
  • en magma omhoog komt (wat leidt tot vulkanisme) (1)

Gebruik de atlas. Hawaii, dat in de Grote Oceaan ligt, heeft vaker te maken met tsunami's dan de Azoren die in de Atlantische Oceaan liggen.

Vraag 13 2 punten

Leg uit dat Hawaii vaker te maken heeft met tsunami's dan de Azoren. Je uitleg moet een oorzaak-gevolgrelatie bevatten.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Een juiste uitleg die de Atlantische Oceaan als uitgangspunt neemt, dient goed gerekend te worden.

Opgave 4 − Fossielen zoeken bij de Jurassic Coast

Bestudeer de bronnen 1 tot en met 3 uit het bronnenboekje die bij deze opgave horen.

Gebruik de bronnen 1 tot en met 3. Ongeveer 60 miljoen jaar geleden lag de Jurassic Coast bij een convergente plaatgrens.

Vraag 14 1 punt

Welke aanwijzing geeft een van de bronnen hiervoor?

Bekijk het antwoord
  • Uit het antwoord moet blijken dat (in bron 3 te zien is dat) de gesteentelagen zijn geplooid / scheef staan. (1)

Gebruik de bronnen 1 tot en met 3. Langs de Jurassic Coast worden veel fossielen gevonden. Dit heeft te maken met de gesteenten die hier aan het aardoppervlak liggen.

Vraag 15 2 punten

Geef

  • de naam van de hoofdgroep waartoe de gesteenten behoren die langs de Jurassic Coast aan het aardoppervlak liggen;
  • de oorzaak waardoor in de twee andere hoofdgroepen van gesteenten geen fossielen gevonden worden.
Bekijk het antwoord
  • sedimentgesteenten (1)
  • Uit het antwoord moet blijken dat de gesteenten uit de twee andere hoofdgroepen (stollingsgesteenten en metamorfe gesteenten) ontstaan bij hoge druk / temperatuur (en daarin blijven de resten van planten en/of dieren niet bewaard) (1)

Gebruik de bronnen 2 en 3. Bij Lulworth Cove en Stair Hole worden op het kiezelstrand veel fossielen gevonden.

Vraag 16 2 punten

Beschrijf het exogene proces dat ervoor zorgt dat de fossielen op het strand terechtkomen.

Bekijk het antwoord
  • De zee erodeert de voet van de klif / Verwering tast het gesteente op de klif aan (1)
  • waarbij de klif afbrokkelt en de fossielen uit het gesteente tevoorschijn komen (en tussen de kiezels op het strand terechtkomen) (1)

Gebruik de kaartbladen 70 en 76. In Frankrijk bestaat een kust die erg lijkt op de Jurassic Coast. Ook daar worden dicht bij elkaar fossielen uit het hele Mesozoïcum gevonden.

Vraag 17 1 punt

Welke kust is dat? Kies uit:

  • de noordkust van Bretagne
  • de zuidkust van Bretagne
  • de noordkust van Normandië
  • de westkust van Normandië

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord
  • de noordkust van Normandië (1)

Opgave 5 − Klimaten en landschappen in Brazilië

Bestudeer bron 1 uit het bronnenboekje die bij deze opgave hoort.

Gebruik bron 1 en de atlas. De klimaatgrafieken a tot en met d in bron 1 horen bij de steden Brasília, Manaus, Porto Alegre en São Paulo.

Vraag 18 2 punten

Noteer de letters van de vier klimaatgrafieken op je antwoordblad. Schrijf achter elke letter de naam van de juiste stad.

Bron 1

Ligging van de wijken Kanaleneiland-Noord, Ondiep en Overvecht-Zuid in de stad Utrecht

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • a Brasília b Manaus c Porto Alegre d São Paulo indien vier antwoorden juist (2) indien drie of twee antwoorden juist (1) indien minder dan twee antwoorden juist (0) (2)

Gebruik de atlas. Hieronder staan kenmerken van drie landschappen in Brazilië: caatinga, cerrado en selva. a Dit landschap bestaat uit een steppeachtige vegetatie. b Dit landschap bestaat uit tropisch regenwoud. c Door de halfjaarlijkse verschuiving van de ITCZ zijn de verschillen in neerslag tussen de seizoenen groot. d Er is een droge periode van ongeveer negen maanden. e Grote delen van dit gebied staan door het geringe reliëf regelmatig onder water. f Voor de aanleg van onder andere sojaplantages wordt de savanneachtige vegetatie gekapt.

Vraag 19 3 punten

Noteer de namen van deze drie landschappen op je antwoordblad. Schrijf achter elk landschap de letters van de twee bijbehorende kenmerken.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord
  • caatinga: a, d cerrado: c, f selva: b, e indien zes antwoorden juist (3) indien vijf of vier antwoorden juist (2) indien drie antwoorden juist (1) indien minder dan drie antwoorden juist (0) (3)

In Brazilië worden biobrandstoffen geproduceerd. Het gebruik van biobrandstoffen heeft voordelen en nadelen voor mens en natuur.

Vraag 20 3 punten

Neem onderstaande tabel over op je antwoordblad. Vul de tabel verder in.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord
  • voordeel van het gebruik nadeel van het gebruik van van biobrandstoffen biobrandstoffen Juiste nadelen zijn: − Inheemse bevolkingsgroepen raken (door het kappen van tropisch regenwoud) hun Het produceren van leefgebied kwijt. mens biobrandstoffen levert − Voedselprijzen gaan omhoog. Brazilië inkomsten op. − Landbouwgrond wordt gebruikt voor de productie van biobrandstoffen in plaats van voor voedselgewassen. Juiste nadelen zijn: Een juist voordeel is: − Voor het aanplanten van Bij het verbranden van bijvoorbeeld oliepalm- of biobrandstoffen komt (per sojaplantages wordt tropisch natuur saldo) minder CO2 vrij (dan regenwoud gekapt. bij het verbranden van − Plantages hebben een fossiele brandstoffen). geringe biodiversiteit / soortenrijkdom. per juist voordeel van het gebruik van biobrandstoffen voor de natuur (1) per juist nadeel van het gebruik van biobrandstoffen voor de mens (1) per juist nadeel van het gebruik van biobrandstoffen voor de natuur (1) (3)

Opgave 6 − Demografie en welvaart in Brazilië

Bestudeer de bronnen 1 en 2 uit het bronnenboekje die bij deze opgave horen.

Hieronder staan drie stellingen over de bronnen 1 en 2. Stelling a: de groene druk in Brazilië is tussen 2000 en 2015 afgenomen. Stelling b: de natuurlijke bevolkingsgroei in Brazilië is de laatste twintig jaar afgenomen. Stelling c: in de bevolkingsdiagrammen van Brazilië is het proces van mestizering te herkennen.

Vraag 21 2 punten

Noteer de letters a, b en c op je antwoordblad. Schrijf achter elke letter of de stelling juist of onjuist is.

Bekijk het antwoord
  • stelling a: juist stelling b: juist stelling c: onjuist indien drie antwoorden juist (2) indien twee antwoorden juist (1) indien minder dan twee antwoorden juist (0) (2)

Gebruik bron 1. Sinds het einde van de twintigste eeuw draagt het sociaal-economisch beleid van Brazilië bij aan economische groei. Gezinsplanning is een onderdeel van dit beleid.

Vraag 22 2 punten

Beredeneer dat gezinsplanning in Brazilië heeft bijgedragen aan economische groei.

Bron 1

Ligging van de wijken Kanaleneiland-Noord, Ondiep en Overvecht-Zuid in de stad Utrecht

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • door gezinsplanning het geboortecijfer is gedaald / het aantal kinderen per vrouw in Brazilië is gedaald / de gezinnen kleiner zijn geworden (1)
  • zodat de kosten die gepaard gaan met groene druk relatief laag zijn / een gunstige bevolkingsopbouw is ontstaan om tot economische ontwikkeling te komen (1)

Gebruik kaartblad 229. De deelstaat Bahia heeft een vertrekoverschot. De sterk verstedelijkte deelstaat Rio de Janeiro heeft een vestigingsoverschot. Toch is de bevolkingsgroei in Bahia groter dan in de deelstaat Rio de Janeiro.

Vraag 23 2 punten

Beredeneer waarom de bevolkingsgroei in de deelstaat Bahia groter is dan in de sterk verstedelijkte deelstaat Rio de Janeiro.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord
  • In de deelstaat Bahia (in tegenstelling tot de sterk verstedelijkte deelstaat Rio de Janeiro) woont een groter deel van de bevolking op het platteland (1)
  • en het geboortecijfer op het platteland hoger is / de natuurlijke bevolkingsgroei op het platteland groter is dan in stedelijke gebieden (1)

Gebruik de kaartbladen 228 tot en met 231. In Brazilië bestaat zowel op nationaal schaalniveau als op het schaalniveau van de stad een verband tussen etniciteit en welvaart.

Vraag 24 2 punten

Noteer deze twee schaalniveaus op je antwoordblad. Schrijf achter elk schaalniveau twee atlaskaarten waarmee je dit verband tussen etniciteit en welvaart kunt aantonen.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Alleen als bij een schaalniveau beide atlaskaarten juist zijn, 1 scorepunt toekennen.

Opgave 7 − De Neder-Rijn bij Arnhem

Bestudeer bron 1 uit het bronnenboekje die bij deze opgave hoort.

Gebruik de kaartbladen 36 en 37. In de twintigste eeuw is het overstromingsrisico langs de Neder-Rijn toegenomen. Het veranderde bodemgebruik in het stroomgebied van de Neder-Rijn en een verandering van het klimaat zijn hiervan belangrijke oorzaken.

Vraag 25 2 punten

Geef

  • een verandering van het bodemgebruik in het stroomgebied van de Neder-Rijn waardoor het overstromingsrisico is toegenomen;
  • een verandering van het klimaat waardoor het overstromingsrisico is toegenomen.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord
  • Uit het antwoord moet blijken dat in het stroomgebied van de Neder-Rijn verharding / verstening van het landschap heeft plaatsgevonden (1)
  • De laatste decennia valt er (vaker) meer neerslag in korte tijd / is het neerslagregiem veranderd / is de neerslagintensiteit toegenomen (1)

Gebruik bron 1. In het gebied Meinerswijk zijn maatregelen genomen om bij hoogwater de waterstand in de Neder-Rijn te verlagen.

Vraag 26 2 punten

Noteer twee van deze maatregelen uit bron 1 op je antwoordblad. Geef voor elke maatregel aan waardoor de waterstand in de Neder-Rijn lager wordt.

Bron 1

Ligging van de wijken Kanaleneiland-Noord, Ondiep en Overvecht-Zuid in de stad Utrecht

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • gegraven nevengeul: er is hierdoor meer ruimte voor de rivier / een betere afvoer van het water (waardoor de waterstand verlaagd wordt) (1)
  • verlaging van de zomerkade: bij hoogwater zal het water makkelijker de uiterwaard instromen / wordt het water over een groter gebied verdeeld (waardoor de waterstand verlaagd wordt) (1)

Gebruik de overzichtskaart van Midden-Nederland. De maatregelen die zijn genomen in het gebied Meinerswijk zorgen niet alleen bij Arnhem voor een lager overstromingsrisico. Door deze maatregelen is het overstromingsrisico langs de hele Neder-Rijn lager geworden.

Vraag 27 2 punten

Leg uit dat door de maatregelen in het gebied Meinerswijk het overstromingsrisico langs de hele Neder-Rijn lager is geworden. Je uitleg moet een oorzaak-gevolgrelatie bevatten.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord
  • door de maatregelen in het gebied Meinerswijk / stroomopwaarts in het stroomgebied meer water wordt vastgehouden / meer ruimte voor de rivier is gecreëerd / het waterbergend vermogen is vergroot (oorzaak) (1)
  • waardoor verder stroomafwaarts (langs de Neder-Rijn) het regiem gelijkmatiger / de waterstand lager / het debiet lager zal zijn (en het overstromingsrisico dus ook daar lager is (gevolg) (1)

Gebruik bron 1. De ontwikkeling van het gebied Meinerswijk draagt niet alleen bij aan een lager overstromingsrisico, maar kan ook de aantrekkelijkheid van Arnhem vergroten.

Vraag 28 2 punten

Beredeneer dat de ontwikkeling van het gebied Meinerswijk de aantrekkelijkheid van Arnhem kan vergroten.

Bron 1

Ligging van de wijken Kanaleneiland-Noord, Ondiep en Overvecht-Zuid in de stad Utrecht

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven

Bekijk het antwoord
  • Het gebied Meinerswijk ligt vlak bij de binnenstad van / centraal in Arnhem (1)
  • zodat voor bewoners / bezoekers van Arnhem de functies natuur en recreatie op relatief korte afstand worden gecombineerd met de functies die de binnenstad / het centrum te bieden heeft (1)

Opgave 8 − Aandachtswijken in Utrecht

Bestudeer de bronnen 1 en 2 uit het bronnenboekje die bij deze opgave horen.

Gebruik de bronnen 1 en 2. De wijken Kanaleneiland-Noord, Ondiep en Overvecht-Zuid zijn gebouwd in verschillende periodes.

Vraag 29 1 punt

Noteer de namen van deze drie wijken in de volgorde waarin ze gebouwd zijn, van vroeger naar later.

Bekijk het antwoord
  • Ondiep - Kanaleneiland-Noord - Overvecht-Zuid (1)

Gebruik bron 2. De eerste bewoners van de wijk Kanaleneiland-Noord waren vooral jonge gezinnen. Vanaf de jaren zeventig van de vorige eeuw vertrokken veel van deze eerste bewoners uit de wijk, waardoor de bewonerssamenstelling veranderde.

Vraag 30 2 punten

Geef

  • twee woningkenmerken die bijdroegen aan het vertrek van de eerste bewoners uit Kanaleneiland-Noord;
  • een sociaal-economisch kenmerk van de bewoners die vanaf de jaren zeventig in Kanaleneiland-Noord kwamen wonen.
Bron 2

Karakteristieke woningbouw in de drie aandachtswijken a Kanaleneiland-Noord

b Ondiep

c Overvecht-Zuid

►►► ν

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

  • Juiste woningkenmerken zijn: (1p)
    • kleine woningen
    • gehorig / slecht geïsoleerd
    • geen tuin / weinig groen
    • stapelbouw / hoogbouw
    • overwegend huurwoningen

Opmerking Alleen wanneer twee juiste woningkenmerken zijn genoemd, 1 scorepunt toekennen.

Gebruik de bronnen 1 en 2. Een van de drie aandachtswijken heeft kenmerken waardoor het proces van gentrification op gang zou kunnen komen.

Vraag 31 3 punten

Welke wijk is dit? Geef twee kenmerken van deze wijk waardoor het proces van gentrification daar op gang zou kunnen komen.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

  • Juiste kenmerken zijn: (2p)
    • Ondiep ligt het dichtst bij de binnenstad van Utrecht.
    • In Ondiep staan karakteristieke (rijtjes)huizen die interessant kunnen zijn voor nieuwe hoogopgeleide / welvarende bewoners.

per juist kenmerk (1)

Om de leefbaarheid in aandachtswijken te verbeteren kunnen gemeentes aanpassingen doen in de woningvoorraad en in de openbare ruimte.

Vraag 32 2 punten

Geef voor elk van deze twee punten een aanpassing die gemeentes kunnen doen om de leefbaarheid in aandachtswijken te verbeteren.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

  • Juiste aanpassingen in de woningvoorraad zijn: (1p)
    • meer divers maken van de woningvoorraad
    • aanpassen van de bestaande woningen aan de huidige wooneisen
    • slopen van een deel van de oude woningen en deze vervangen door nieuwbouw- / koopwoningen
  • Juiste aanpassingen in de openbare ruimte zijn: (1p)
    • overzichtelijker maken van de openbare ruimte
    • toegankelijker maken van de openbare ruimte
    • veiliger maken van de openbare ruimte

Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen havo Aardrijkskunde 2019, tijdvak 1. Afbeeldingen en de exacte opmaak staan in het originele examen: https://www.examenblad.nl/2019/havo/documenten/cse-1/ha-0131-a-19-1-o

Andere examens aardrijkskunde havo

Hoe ToetsChecker aardrijkskunde per vraagtype nakijkt, lees je op aardrijkskunde toetsen nakijken met AI.

Veelgestelde vragen

Hoeveel vragen heeft het eindexamen aardrijkskunde havo 2019, tijdvak 1?

Het centraal examen aardrijkskunde havo 2019, tijdvak 1 telt 32 vragen. De meeste vragen gaan over endogene en exogene processen (7), globalisering (5) en ontwikkelingsvraagstukken (4).

Wat zijn de antwoorden van het examen aardrijkskunde havo 2019, tijdvak 1?

Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.

Waar vind ik het correctievoorschrift van aardrijkskunde havo 2019, tijdvak 1?

Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2019/havo/documenten/cse-1/ha-0131-a-19-1-c).

Hoe oefen ik met het examen aardrijkskunde havo 2019, tijdvak 1 en krijg ik feedback?

Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.