Eindexamen aardrijkskunde havo 2024, tijdvak 2: vragen en antwoorden
Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Opgave 1 – Arbeidsmigratie in India en Nepal, Opgave 2 – Investeringen in het Keniaanse spoor, Opgave 3 – Vikingen op IJsland, Opgave 4 − Klimaten op de Kreeftskeerkring, Opgave 5 – De ‘boog van ontbossing’ in Brazilië, Opgave 6 − Paraisópolis, een favela in São Paulo, Opgave 7 – De energietransitie in Den Haag, Opgave 8 − Water in Nederland, vroeger en nu.
Het centraal examen aardrijkskunde havo 2024, tijdvak 2 telt 32 vragen. De meeste vragen gaan over bevolking en migratie (5), verstedelijking (5) en landbouw en voedsel (4). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.
Onderwerpen in dit examen
| Onderwerp | Vragen | Aantal |
|---|---|---|
| Bevolking en migratie | 1-5 | 5 |
| Verstedelijking | 21-24, 27 | 5 |
| Landbouw en voedsel | 10, 18-20 | 4 |
| Weer en klimaat | 14-17 | 4 |
| Nederland: wonen en water | 29-32 | 4 |
| Endogene en exogene processen | 11-13 | 3 |
| Energie en grondstoffen | 25-26, 28 | 3 |
| Ontwikkelingsvraagstukken | 6-7 | 2 |
| Globalisering | 8-9 | 2 |
Vergeleken met andere jaren
Vergeleken met de andere 17 examens aardrijkskunde havo sinds 2018: dit examen vroeg meer over bevolking en migratie (16% van de vragen, gemiddeld 8%) en landbouw en voedsel (13% van de vragen, gemiddeld 5%). Minder over globalisering (6% van de vragen, gemiddeld 16%) en water en rivieren (0% van de vragen, gemiddeld 7%).
Opgaven en correctievoorschrift
De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.
Oefenen als leerling
Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen aardrijkskunde havo 2024, tijdvak 2 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.
Nakijken als docent
Start gratis vanaf deze pagina
Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen aardrijkskunde havo 2024, tijdvak 2 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.
Laat de klas het examen maken
Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.
Geef de resultaten vrij
Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.
ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.
Vragen en antwoorden
Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen aardrijkskunde havo 2024, tijdvak 2. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.
Opgave 1 – Arbeidsmigratie in India en Nepal
Bij deze opgave horen de bronnen 1 en 2.
Gebruik bron 1. In India en Nepal heeft de binnenlandse arbeidsmigratie effect op de bevolkingsspreiding in beide landen.
Vraag 1 1 punt
Geef aan welk effect de binnenlandse arbeidsmigratie heeft op de bevolkingsspreiding in India en Nepal.
Bron 1
Arbeidsmigratie in India en Nepal India en Nepal kennen veel binnenlandse arbeidsmigratie. De meeste arbeidsmigranten komen van het platteland, waar de werkgelegenheid in de landbouw in de afgelopen 20 jaar sterk gedaald is. Een deel van de arbeidsmigranten vertrekt naar het buitenland. Een baan in het buitenland betaalt in het algemeen beter dan een baan in eigen land. Arbeidsmigranten sturen geld naar hun familie. Veel families in plattelandsdorpen zijn daardoor sterk afhankelijk geworden van arbeidsmigratie.
India Nepal
aantal inwoners (2020) 1.380.004.385 29.136.808 aantal internationale arbeidsmigranten (2020) 17.869.492 2.599.701 in 2000: 59,7% in 2000: 75,3% % werkenden in de landbouw in 2019: 42,6% in 2019: 64,4% ontvangen internationale geldzendingen (in miljoenen dollars, 2020) 83.149 8.108 aandeel internationale geldzendingen in het bnp (schatting 2020) 2,9% 22,6%
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- Uit het antwoord moet blijken dat de bevolking in India en Nepal zich steeds meer concentreert in steden / arbeidsmigranten van het platteland naar de stad trekken. (1)
Gebruik bron 1 en het kaartenkatern. Het aandeel internationale geldzendingen in het bnp van Nepal is groter dan dat van India.
Vraag 2 2 punten
Geef hiervan twee oorzaken.
Bron 1
Arbeidsmigratie in India en Nepal India en Nepal kennen veel binnenlandse arbeidsmigratie. De meeste arbeidsmigranten komen van het platteland, waar de werkgelegenheid in de landbouw in de afgelopen 20 jaar sterk gedaald is. Een deel van de arbeidsmigranten vertrekt naar het buitenland. Een baan in het buitenland betaalt in het algemeen beter dan een baan in eigen land. Arbeidsmigranten sturen geld naar hun familie. Veel families in plattelandsdorpen zijn daardoor sterk afhankelijk geworden van arbeidsmigratie.
India Nepal
aantal inwoners (2020) 1.380.004.385 29.136.808 aantal internationale arbeidsmigranten (2020) 17.869.492 2.599.701 in 2000: 59,7% in 2000: 75,3% % werkenden in de landbouw in 2019: 42,6% in 2019: 64,4% ontvangen internationale geldzendingen (in miljoenen dollars, 2020) 83.149 8.108 aandeel internationale geldzendingen in het bnp (schatting 2020) 2,9% 22,6%
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- Juiste oorzaken zijn: − Het (totale) bnp van Nepal is vele malen kleiner dan dat van India (waardoor eenzelfde bedrag aan internationale geldzendingen in Nepal een groter deel van het bnp bepaalt). − Uit Nepal trekken in verhouding (tot de totale bevolking) veel meer internationale arbeidsmigranten naar het buitenland dan vanuit India. per juiste oorzaak (1) (2)
Veel vertrekgebieden in India en Nepal bevinden zich in het demografisch transitiemodel in de transitiefase tussen hoge geboorte- en sterftecijfers en lage geboorte- en sterftecijfers.
Vraag 3 2 punten
Beredeneer waarom deze demografische situatie bijdraagt aan een toename van de arbeidsmigratie.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Bijlage
Bekijk het antwoord
- Veel vertrekgebieden hebben een sterke bevolkingsgroei / veel jongeren, (1)
- zodat een overschot aan arbeidskrachten ontstaat / de werkloosheid toeneemt. (1)
Gebruik bron 2. Zuid-Zuidmigratie ontstaat door economische groei in zowel de vestigingsgebieden als in de vertrekgebieden.
Vraag 4 2 punten
Geef aan waarom economische groei
- in vestigingsgebieden leidt tot een toename van de Zuid-Zuidmigratie;
- in vertrekgebieden leidt tot een toename van de Zuid-Zuidmigratie.
Bron 2
Zuid-Zuidmigratie De laatste jaren nemen investeringen en handel tussen perifere en semiperifere landen toe. Hierdoor stijgt ook de migratie tussen deze landen. Deze migratie wordt Zuid-Zuidmigratie genoemd. Deze migratiestromen ontstaan door economische groei in zowel de vestigingsgebieden als in de vertrekgebieden. Vanuit India en Nepal vertrekken arbeidsmigranten vooral vanuit plattelandsgebieden naar de Arabische Golfstaten. In dorpen in deze plattelandsgebieden ontstaan lokale economieën die gericht zijn op deze migratie. Ondernemers beginnen er printbedrijfjes, reisbureautjes en bedrijfjes die zich bezighouden met geldoverschrijvingen.
Arbeidsmigranten in de Verenigde Arabische Emiraten wachten op de bus om naar hun werk te gaan
Opgave 2
- Investeringen in het Keniaanse spoor
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- Uit het antwoord moet blijken dat economische groei in semi-perifere landen / de Arabische Golfstaten leidt tot een groeiende vraag naar arbeidskrachten (uit perifere landen / uit landen als India en Nepal). (1)
- Een juist antwoord is: door economische groei in vertrekgebieden krijgen meer mensen de financiële mogelijkheid om te migreren. (1)
Gebruik bron 2. Tijdens de coronapandemie in 2020 en 2021 kwamen veel lokale economieën in India in economische problemen.
Vraag 5 2 punten
Beredeneer waarom tijdens de coronapandemie juist die lokale economieën in economische problemen kwamen.
Bron 2
Zuid-Zuidmigratie De laatste jaren nemen investeringen en handel tussen perifere en semiperifere landen toe. Hierdoor stijgt ook de migratie tussen deze landen. Deze migratie wordt Zuid-Zuidmigratie genoemd. Deze migratiestromen ontstaan door economische groei in zowel de vestigingsgebieden als in de vertrekgebieden. Vanuit India en Nepal vertrekken arbeidsmigranten vooral vanuit plattelandsgebieden naar de Arabische Golfstaten. In dorpen in deze plattelandsgebieden ontstaan lokale economieën die gericht zijn op deze migratie. Ondernemers beginnen er printbedrijfjes, reisbureautjes en bedrijfjes die zich bezighouden met geldoverschrijvingen.
Arbeidsmigranten in de Verenigde Arabische Emiraten wachten op de bus om naar hun werk te gaan
Opgave 2
- Investeringen in het Keniaanse spoor
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- veel arbeidsmigranten tijdens de coronapandemie hun baan kwijtraakten / niet in staat waren te werken / noodgedwongen moesten terugkeren (naar India en Nepal), (1)
- zodat deze regio’s (waarin veel gezinnen afhankelijk zijn van geldzendingen) geen inkomsten uit geldzendingen meer ontvingen. (1)
Opgave 2 – Investeringen in het Keniaanse spoor
Bij deze opgave horen de bronnen 3 en 4.
Gebruik de bronnen 3 en 4. De door de Britten aangelegde infrastructuur in Kenia heeft een kenmerkend koloniaal patroon. De laatste jaren investeert China in de infrastructuur van Kenia.
Vraag 6 1 punt
Geef aan wat voor type kolonie Kenia was.
Bekijk het antwoord
- exploitatiekolonie (1)
Vraag 7 2 punten
Beredeneer waarom de door de Chinezen aangelegde infrastructuur ook een koloniaal patroon heeft.
Bekijk het antwoord
- de (door de Chinezen aangelegde) infrastructuur (net als in de koloniale periode) gericht is op de kust / havens, (1)
- zodat grondstoffen / landbouwproducten / mijnbouwproducten makkelijk naar het buitenland vervoerd kunnen worden. (1)
Gebruik de bronnen 3 en 4. China is tegenwoordig niet alleen in Kenia, maar ook in veel andere landen in het oosten van Afrika de grootste investeerder.
Vraag 8 3 punten
Geef
- twee redenen vanuit de economische dimensie waarom China veel geld investeert in landen in het oosten van Afrika;
- vanuit een andere dimensie een reden waarom China veel geld investeert in landen in het oosten van Afrika.
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
- Juiste redenen vanuit de economische dimensie zijn: (2p)
- De landen in het oosten van Afrika zijn een groeiende afzetmarkt voor Chinese producten.
- De loonkosten in landen in het oosten van Afrika zijn lager dan in China.
- China heeft de grondstoffen / mijnbouwproducten nodig (om de eigen industrie draaiende te houden).
- Juiste redenen vanuit een andere dimensie zijn: (1p)
- China wil zich hiermee profileren als wereldmacht / hegemoniale staat.
- China wil wereldwijd zijn invloedsfeer uitbreiden.
Opmerking Per juiste reden 1 scorepunt toekennen.
Gebruik de bronnen 3 en 4. Stelling: door de aanleg van de spoorlijnen zal Kenia in het centrum- periferiemodel binnen Afrika een centrumpositie kunnen gaan innemen.
Vraag 9 2 punten
Geef
- een argument voor de stelling;
- een argument tegen de stelling.
Bekijk het antwoord
- Uit het argument voor de stelling moet blijken dat goede infrastructuur in Kenia (zoals spoorlijnen) kan leiden tot meer handel / meer economische activiteit / hogere welvaart (en Kenia binnen Afrika dus een centrumpositie kan gaan innemen). (1)
- Uit het argument tegen de stelling moet blijken dat het uiteindelijk vooral China zal zijn dat zal profiteren van de (door China zelf aangelegde) spoorlijnen in Kenia. (1)
Opgave 3 – Vikingen op IJsland
Bij deze opgave horen de bronnen 5 tot en met 7.
Gebruik bron 5 en het kaartenkatern. De Vikingen trokken vanuit Noorwegen naar IJsland, omdat het in Noorwegen lastig werd om nog geschikte landbouwgrond te maken.
Vraag 10 2 punten
Geef twee fysisch geografische oorzaken waardoor het in Noorwegen lastig is om geschikte landbouwgrond te maken.
Bron 5
De eerste bewoners van IJsland De eerste bewoners van IJsland waren Vikingen uit Noorwegen die op zoek waren naar nieuwe landbouwgrond. Rond het jaar 870 voeren de eerste Vikingen naar IJsland, dat toen nog onbewoond was. In de kustvlakten en bergdalen troffen zij berken en wilgenbossen aan. De bossen werden gekapt en omgezet in weidegrond voor schapen en runderen. Soms lieten de Vikingboeren het vee ook grazen in de hoogvlakten, waar alleen gras groeide. In het zuidwesten van het eiland werd op kleine schaal de graansoort gerst verbouwd.
Bodemgebruik in het middeleeuwse IJsland
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- Juiste oorzaken zijn: − Noorwegen is een land met veel bergen / reliëf. − In een groot deel van Noorwegen is het te koud voor akkerbouw (door een continentaal klimaat / sneeuw- en hooggebergteklimaat). − In Noorwegen heeft weinig bodemvorming plaatsgevonden (door geringe chemische verwering / de vorming van ijskappen). per juiste oorzaak (1) (2)
Gebruik het kaartenkatern. Nergens op de Midden-Atlantische rug produceren vulkanen zoveel dunne en vloeibare lava als op IJsland.
Vraag 11 3 punten
Geef
- het begrip waarmee de plaatbeweging in IJsland wordt aangeduid;
- de naam van het gesteente waaruit IJsland vooral bestaat;
- met een aanwijzing uit het kaartenkatern de oorzaak waardoor op IJsland zo veel dunne en vloeibare lava wordt geproduceerd.
Bron 5
De eerste bewoners van IJsland De eerste bewoners van IJsland waren Vikingen uit Noorwegen die op zoek waren naar nieuwe landbouwgrond. Rond het jaar 870 voeren de eerste Vikingen naar IJsland, dat toen nog onbewoond was. In de kustvlakten en bergdalen troffen zij berken en wilgenbossen aan. De bossen werden gekapt en omgezet in weidegrond voor schapen en runderen. Soms lieten de Vikingboeren het vee ook grazen in de hoogvlakten, waar alleen gras groeide. In het zuidwesten van het eiland werd op kleine schaal de graansoort gerst verbouwd.
Bodemgebruik in het middeleeuwse IJsland
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- divergente plaatbeweging / divergentie (1)
- basalt (1)
- Uit het antwoord moet blijken dat onder IJsland een hotspot / mantelpluim ligt. (1)
Gebruik de bronnen 5 en 6. In het jaar 1104 maakten de Vikingboeren een grote uitbarsting van de vulkaan Hekla mee.
Vraag 12 2 punten
Geef de oorzaak waardoor de Vikingboeren in het noorden van IJsland van deze vulkaanuitbarsting
- op korte termijn hinder ondervonden;
- op lange termijn profiteerden.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Bijlage
Bekijk het antwoord
- Een juiste oorzaak van hinder is: Vikingboeren kregen te maken met vulkanische as dat land en nederzettingen bedekte. (1)
- Een juiste oorzaak van profijt is: vulkanische assen zijn in het algemeen vruchtbaar. (1)
Gebruik de bronnen 5 en 7. Aan het einde van de middeleeuwen namen de opbrengsten uit de landbouw door overbeweiding en overbegrazing af. Deze overbeweiding en overbegrazing waren een gevolg van een combinatie van een natuurlijke en een menselijke oorzaak.
Vraag 13 2 punten
Welke twee oorzaken zijn dit?
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Bijlage
Bekijk het antwoord
- Het klimaat in IJsland werd aan het einde van de middeleeuwen kouder (waardoor de opbrengsten uit de landbouw minder werden). (natuurlijke oorzaak) (1)
- Door een groeiende bevolking nam de vraag naar voedsel toe. (menselijke oorzaak) (1)
Opgave 4 − Klimaten op de Kreeftskeerkring
Bij deze opgave horen de bronnen 8 en 9.
Gebruik bron 8 en het kaartenkatern. Rond de Kreeftskeerkring valt in de periode december
- februari in het algemeen weinig neerslag.
Vraag 14 2 punten
Leg met de overheersende luchtdrukverdeling uit dat rond de Kreeftskeerkring in de periode december
- februari in het algemeen weinig neerslag valt. Je uitleg moet een oorzaak-gevolgrelatie bevatten.
Bron 8
Klimaten op de Kreeftskeerkring De Kreeftskeerkring is een denkbeeldige cirkel op 23½° noorderbreedte. De zon schijnt op 21 juni loodrecht op de Kreeftskeerkring. De Kreeftskeerkring is vernoemd naar het sterrenbeeld Kreeft. Toen de loodrechte zonnestand werd ontdekt, stond de zon namelijk in dit sterrenbeeld. Op de kaart hieronder staan vier plaatsen rond de Kreeftskeerkring.
Het Arabisch Schiereiland en Zuid-Azië
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
Uit de uitleg moet blijken dat in de periode december
- februari
Gebruik de bronnen 8 en 9 en het kaartenkatern. Hieronder staan drie gegevens over het klimaat van de in bron 8 en 9 genoemde plaatsen. Gegeven 1: in Al Hamra is het verschil tussen de gemiddelde temperatuur in de winter en de zomer kleiner dan in Yabrin. Gegeven 2: in Bhopal neemt de gemiddelde maandtemperatuur in de periode mei
- augustus af. Gegeven 3: in Bhopal en Dhaka valt in de periode juli
- september een grote hoeveelheid neerslag.
Vraag 15 3 punten
Geef voor elk gegeven aan waardoor dit wordt veroorzaakt.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Bijlage
Bekijk het antwoord
- Gegeven 1: De nabijheid van de zee zorgt bij Al Hamra voor een matigende invloed op het klimaat. (1)
- Gegeven 2: de grote hoeveelheid neerslag heeft een verkoelend effect (1)
- Gegeven 3: Bhopal en Dhaka staan onder invloed van de vochtige Zuidwest-Moesson / een aanlandige wind. (1)
Gebruik de bronnen 8 en 9 en het kaartenkatern. In India en Bangladesh duurt het regenseizoen van juni tot en met september. In Bhopal (India) valt in het regenseizoen minder neerslag dan in Dhaka (Bangladesh).
Vraag 16 2 punten
Leg uit dat in Bhopal in het regenseizoen minder neerslag valt dan in Dhaka. Je uitleg moet een oorzaak-gevolg relatie bevatten.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Bijlage
Bekijk het antwoord
- Bhopal ligt verder landinwaarts dan Dhaka / aan de lijzijde van verschillende gebergteketens, (oorzaak) (1)
- waardoor de lucht die wordt aangevoerd in Bhopal al veel minder vocht bevat / bij Bhopal daalt. (gevolg) (1)
Gebruik de bronnen 8 en 9 en het kaartenkatern. Drie van de vier genoemde plaatsen in de bronnen 8 en 9 hebben voor een groot deel van het jaar een tekort aan zoet water. Eén plaats heeft in de droge tijd wel voldoende zoet water beschikbaar.
Vraag 17 2 punten
Geef aan
- welke plaats dit is;
- waardoor in deze plaats in de droge tijd wel voldoende zoet water beschikbaar is.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Bijlage
Bekijk het antwoord
- Dhaka (1)
- Een juist argument is: Dhaka ligt (in tegenstelling tot de andere drie plaatsen) aan een (grote) rivier (die ook in de droge tijd zoet water afvoert). (1)
Opgave 5 – De ‘boog van ontbossing’ in Brazilië
Bij deze opgave hoort bron 10.
Gebruik bron 10. De meeste ontbossing vindt plaats aan de randen van het Amazonegebied. Ook dieper in het tropisch regenwoud wordt het Amazonegebied toegankelijker gemaakt.
Vraag 18 2 punten
Beredeneer dat het toegankelijk maken van het Amazonegebied bijdraagt aan ontbossing.
Bron 10
De ‘boog van ontbossing’ in Brazilië In het Amazonegebied vindt de meeste ontbossing aan de rand plaats. Wetenschappers noemen dit gebied ook wel de ‘boog van ontbossing’. De boog ligt nu in de deelstaten Rondônia, Mato Grosso, Pará, Tocantins en Maranhão, maar schuift steeds verder op het Amazonegebied in.
Opgave 6
- Paraisópolis, een favela in São Paulo
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- in het Amazonegebied nieuwe wegen worden aangelegd, (1)
- zodat boeren en/of houtkappers makkelijker nieuw te ontginnen plekken kunnen bereiken / hun producten beter kunnen transporteren. (1)
Gebruik bron 10. De boog van ontbossing schuift steeds verder het Amazonegebied in. In dit gebied vindt landroof (landgrabbing) door grootschalige commerciële landbouwbedrijven ten koste van kleine boeren plaats.
Vraag 19 2 punten
Beredeneer waarom deze vorm van landroof bijdraagt aan het opschuiven van de boog van ontbossing.
Bron 10
De ‘boog van ontbossing’ in Brazilië In het Amazonegebied vindt de meeste ontbossing aan de rand plaats. Wetenschappers noemen dit gebied ook wel de ‘boog van ontbossing’. De boog ligt nu in de deelstaten Rondônia, Mato Grosso, Pará, Tocantins en Maranhão, maar schuift steeds verder op het Amazonegebied in.
Opgave 6
- Paraisópolis, een favela in São Paulo
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- Door de uitbreiding van de grootschalige landbouwbedrijven in de boog van ontbossing verliezen kleine boeren / veehouders hun land, (1)
- zodat deze kleine boeren genoodzaakt zijn nieuwe stukken selva / tropisch regenwoud te ontginnen. (1)
Gebruik bron 10 en de kaartbladen Brazilië en Amazonië Ontbossing in het kaartenkatern. Hieronder staan twee toekomstscenario’s voor de deelstaat Pará in het noorden van Brazilië. Toekomstscenario a: in dit gebied zal het bos met rust worden gelaten. Toekomstscenario b: dit gebied zal worden ontbost.
Vraag 20 4 punten
Noteer ‘toekomstscenario a’ en ‘toekomstscenario b’ onder elkaar op je antwoordblad. Geef voor elk toekomstscenario twee aanwijzingen uit de kaarten waaruit blijkt dat dit toekomstscenario mogelijk is.
Bron 10
De ‘boog van ontbossing’ in Brazilië In het Amazonegebied vindt de meeste ontbossing aan de rand plaats. Wetenschappers noemen dit gebied ook wel de ‘boog van ontbossing’. De boog ligt nu in de deelstaten Rondônia, Mato Grosso, Pará, Tocantins en Maranhão, maar schuift steeds verder op het Amazonegebied in.
Opgave 6
- Paraisópolis, een favela in São Paulo
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
- Juiste aanwijzingen voor scenario a zijn: (2p)
- Een groot deel van dit gebied bestaat uit beschermd bos.
- Dit gebied ligt in de bergen.
- In dit gebied liggen weinig (hoofd)wegen.
- Juiste aanwijzingen voor scenario b zijn: (2p)
- In dit gebied is bauxiet / zijn delfstoffen aangetroffen.
- In het zuidelijke deel van dit gebied is sinds 1980 al veel bos gekapt.
Opmerking Per juiste aanwijzing 1 scorepunt toekennen.
Opgave 6 − Paraisópolis, een favela in São Paulo
Bij deze opgave horen de bronnen 11 tot en met 13.
Gebruik bron 11. De foto in bron 11 bevestigt het beeld dat veel Europeanen hebben van Brazilië als land met een grote sociaaleconomische en ruimtelijke ongelijkheid.
Vraag 21 3 punten
Geef
- het begrip waarmee zo'n dergelijk beeld wordt aangeduid;
- het schaalniveau waarop bron 11 ruimtelijke ongelijkheid laat zien;
- een voorbeeld in Brazilië van sociaaleconomische en ruimtelijke ongelijkheid op een hoger schaalniveau.
Bron 11
Twee wijken in stadsdistrict Vila Andrade in São Paulo In 2004 maakte de Braziliaanse fotograaf Tuca Vieira onderstaande foto van het stadsdistrict Vila Andrade in São Paulo. Op de foto is de favela Paraisópolis te zien, één van de grootste favela's van de stad. De foto kreeg wereldwijde bekendheid. Tuca Vieira zegt over de foto: “De foto laat niet zien hoe de dingen werkelijk zijn. (…) In het gebouw met de zwembaden wonen niet de allerrijksten en zij wonen ook niet naast de allerarmsten”.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
- Juiste antwoorden zijn: (1p)
- verschillen tussen (de rijkere) stad en (het armere) platteland
- verschillen tussen (de rijkere) verstedelijkte districten in het zuidoosten van Brazilië en meer (armere) landelijke districten in het noorden van Brazilië
Gebruik bron 11. De Braziliaanse term favela wordt in het Nederlands vaak vertaald met de term sloppenwijk.
Vraag 22 1 punt
Geef met bron 11 aan dat de Nederlandse vertaling sloppenwijk niet van toepassing is op Paraisópolis.
Bron 11
Twee wijken in stadsdistrict Vila Andrade in São Paulo In 2004 maakte de Braziliaanse fotograaf Tuca Vieira onderstaande foto van het stadsdistrict Vila Andrade in São Paulo. Op de foto is de favela Paraisópolis te zien, één van de grootste favela's van de stad. De foto kreeg wereldwijde bekendheid. Tuca Vieira zegt over de foto: “De foto laat niet zien hoe de dingen werkelijk zijn. (…) In het gebouw met de zwembaden wonen niet de allerrijksten en zij wonen ook niet naast de allerarmsten”.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- Uit het antwoord moet blijken dat uit bron 11 op te maken is dat de wijk Paraisópolis bestaat uit stenen huizen (met meerdere verdiepingen). (1)
Gebruik de bronnen 11 tot en met 13. Hieronder staan drie uitspraken over de bronnen 11 tot en met 13. Uitspraak 1: de foto in bron 11 laat de grootst mogelijke ruimtelijke en sociale verschillen in Brazilië zien. Uitspraak 2: de sociale kwetsbaarheid is in favela’s in São Paulo hoog tot zeer hoog. Uitspraak 3: de grootste favela’s liggen aan de randen van de gemeente.
Vraag 23 2 punten
Geef voor elke uitspraak aan of die juist of onjuist is.
Bron 11
Twee wijken in stadsdistrict Vila Andrade in São Paulo In 2004 maakte de Braziliaanse fotograaf Tuca Vieira onderstaande foto van het stadsdistrict Vila Andrade in São Paulo. Op de foto is de favela Paraisópolis te zien, één van de grootste favela's van de stad. De foto kreeg wereldwijde bekendheid. Tuca Vieira zegt over de foto: “De foto laat niet zien hoe de dingen werkelijk zijn. (…) In het gebouw met de zwembaden wonen niet de allerrijksten en zij wonen ook niet naast de allerarmsten”.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- uitspraak 1: onjuist uitspraak 2: onjuist uitspraak 3: onjuist indien drie juiste antwoorden (2) indien twee juiste antwoorden (1) indien minder dan twee juiste antwoorden (0) (2)
Gebruik de bronnen 12 en 13. Paraisópolis heeft een gunstige ligging om tot economische groei te komen.
Vraag 24 2 punten
Beredeneer waarom juist de ligging van Paraisópolis gunstig is voor economische groei in de wijk.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Bijlage
Bekijk het antwoord
- Paraisópolis ligt in vergelijking met andere favela’s dicht bij het centrum van São Paulo / welvarende wijken, (1)
- zodat de inwoners minder grote afstanden hoeven af te leggen naar werk in het centrum / lokale ondernemers in de favela kunnen profiteren van mogelijkheden van deze centrale ligging. (1)
Opgave 7 – De energietransitie in Den Haag
Bij deze opgave horen de bronnen 14 tot en met 16.
Gebruik de bronnen 14 en 15. Hieronder staan beschrijvingen van drie Haagse wijken: Geuzen- en Statenkwartier, Moerwijk en Ypenburg. Wijk 1: in deze wijk heeft gentrificatie plaatsgevonden. Wijk 2: in deze wijk staan veel portiekflats. Wijk 3: in deze wijk wonen veel jonge gezinnen met werkende ouders.
Vraag 25 2 punten
Noteer de cijfers 1 tot en met 3 onder elkaar op je antwoordblad. Schrijf achter elk cijfer de naam van de wijk waarop deze uitspraak het meest van toepassing is.
Bekijk het antwoord
- 1 - Geuzen- en Statenkwartier 2 - Moerwijk 3 - Ypenburg indien drie juiste antwoorden (2) indien twee juiste antwoorden (1) indien één juist antwoord (1) (2)
Gebruik bron 15. De gemeente Den Haag wil de wijk Moerwijk verduurzamen. Deze wijk is zeer geschikt om aan te sluiten op het warmtenet. Zonnepanelen op de woningen zullen hier niet genoeg opwekken om alle huishoudens van energie te voorzien.
Vraag 26 2 punten
Geef aan waarom
- de wijk Moerwijk zeer geschikt is om aan te sluiten op het warmtenet;
- zonnepanelen op de woningen in de wijk Moerwijk niet genoeg energie zullen opwekken om alle huishoudens van energie te voorzien.
Bron 15
Buurtprofielen van Geuzen- en Statenkwartier, Moerwijk en Ypenburg in 2022
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- Een juist antwoord is: de woningen (in de flats) staan dicht bij elkaar (zodat er weinig warmte- / energieverlies is met een warmtenet). (1)
- Uit het antwoord moet blijken dat het dakoppervlak (van de flats) te klein is om voor alle huishoudens in die flats energie op te wekken. (1)
Gebruik bron 16. DataLab is een website met interactieve data en kaarten over woningtypen en energie. De gemeente Den Haag kan deze website gebruiken om draagvlak bij burgers te creëren bij het nemen van beslissingen over het energiebeleid.
Vraag 27 1 punt
Geef aan waarom de website DataLab zowel aansluit bij het stadsconcept smart city als bij het stadsconcept sustainable city;
Bron 16
DataLab De gemeente Den Haag heeft een website gebouwd met interactieve kaarten en gegevens, die kunnen helpen bij de energietransitie in de stad. Het ‘DataLab’, zoals de website wordt genoemd, is voor iedereen toegankelijk. De onderstaande afbeelding geeft een indruk van de mogelijkheden. Met de kaarten en gegevens kunnen medewerkers van de gemeente, maar ook bewoners en instellingen, betere plannen maken voor een buurt of wijk.
Indruk van het DataLab (voorbeeld Laakkwartier)
Opgave 8
- Water in Nederland, vroeger en nu
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- Uit het antwoord moet blijken dat voor de verduurzaming van Den Haag (interactieve) ICT-toepassingen worden ingezet. (1)
Vraag 28 2 punten
Geef twee manieren waarop de website DataLab kan helpen om draagvlak bij burgers te creëren bij het nemen van beslissingen over het energiebeleid.
Bron 16
DataLab De gemeente Den Haag heeft een website gebouwd met interactieve kaarten en gegevens, die kunnen helpen bij de energietransitie in de stad. Het ‘DataLab’, zoals de website wordt genoemd, is voor iedereen toegankelijk. De onderstaande afbeelding geeft een indruk van de mogelijkheden. Met de kaarten en gegevens kunnen medewerkers van de gemeente, maar ook bewoners en instellingen, betere plannen maken voor een buurt of wijk.
Indruk van het DataLab (voorbeeld Laakkwartier)
Opgave 8
- Water in Nederland, vroeger en nu
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- Juiste manieren zijn: − Burgers worden zich meer bewust van hun eigen energieverbruik / het energieverbruik in hun wijk. − Burgers kunnen op basis van de gegevens in DataLab zelf met voorstellen komen over het energiebeleid. per juiste manier (1) (2)
Opgave 8 − Water in Nederland, vroeger en nu
Bij deze opgave horen de bronnen 17 en 18.
Gebruik bron 17 en het kaartenkatern. Hieronder staan drie uitspraken over bron 17. Uitspraak 1: de Rijn mondde tot de middeleeuwen (1500) noordelijker in de Noordzee uit dan tegenwoordig. Uitspraak 2: het rivierengebied werd voor de Romeinse tijd (100 n. Chr.) ingedijkt. Uitspraak 3: vanaf de Romeinse tijd (100 n. Chr.) was het stroomstelsel van de IJssel verbonden met het stroomstelsel van de Rijn.
Vraag 29 2 punten
Geef voor elke uitspraak aan of die juist of onjuist is.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Bijlage
Bekijk het antwoord
- uitspraak 1: juist uitspraak 2: onjuist uitspraak 3: juist indien drie juiste antwoorden (2) indien twee juiste antwoorden (1) indien minder dan twee juiste antwoorden (0) (2)
Vanaf de middeleeuwen werden delen van Nederland geschikt gemaakt voor de landbouw. Er werden bomen gekapt en sloten gegraven. Hierdoor werd regenwater … 1 … (langzamer / sneller) afgevoerd naar de rivieren. De vertragingstijd nam hierdoor … 2 … (af / toe) en de piekafvoeren werden ... 3 … (hoger / lager). Het regiem van rivieren werd … 4 … (regelmatiger / onregelmatiger).
Vraag 30 2 punten
Neem de cijfers 1 tot en met 4 uit de tekst over op je antwoordblad en zet de juiste keuze erachter.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Bijlage
Bekijk het antwoord
- 1 sneller 2 af 3 hoger 4 onregelmatiger indien vier juiste antwoorden (2) indien drie juiste antwoorden (1) indien minder dan drie juiste antwoorden (0) (2)
Gebruik bron 18. De Sint-Elizabethsvloed werd veroorzaakt door een combinatie van een hevige noordwesterstorm en hoogwater in de rivieren.
Vraag 31 2 punten
Leg uit dat deze combinatie nog steeds van invloed is op het overstromingsrisico in de Zuidwestelijke delta. Je uitleg moet een oorzaak-gevolgrelatie bevatten.
Bron 18
De Sint-Elizabethsvloed In de nacht van 18 en 19 november 1421 woedde een hevige noordwesterstorm. In combinatie met hoogwater in de rivieren veroorzaakte deze storm een aaneenschakeling van overstromingen en dijkdoorbraken, vanuit Zuid-Holland tot diep in Gelderland. In de eeuwen ervoor waren er al vaker zulke stormen geweest die dijken weg hadden geslagen en polders lieten onderlopen. In 1421 gingen ook grote stukken Hollands en Brabants landbouwgebied ten oosten en zuiden van Dordrecht volledig ten onder, waaronder de polder 'Grote of Zuid-Hollandsche Waard'. Hierdoor werden dertig dorpen door het water onbewoonbaar. Deze Sint-Elizabethsvloed liet de huidige Biesbosch ontstaan.
Kaart (uit 1927) van de situatie voor de Sint-Elizabethsvloed in 1421
►►► ν
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- bij een noordwesterstorm zeewater richting de Nederlandse kust wordt opgestuwd, (oorzaak) (1)
- waardoor ook rivieren moeilijker op zee kunnen afwateren. (gevolg) (1)
Ten zuidoosten van Dordrecht ligt de Biesbosch. Een deel van de Biesbosch werd in de 19e eeuw ingepolderd. In 2015 werd dat deel weer ontpolderd.
Vraag 32 2 punten
Geef twee redenen waarom de ontpoldering van de Biesbosch past binnen het integraal waterbeleid van de Nederlandse overheid.
Bron 18
De Sint-Elizabethsvloed In de nacht van 18 en 19 november 1421 woedde een hevige noordwesterstorm. In combinatie met hoogwater in de rivieren veroorzaakte deze storm een aaneenschakeling van overstromingen en dijkdoorbraken, vanuit Zuid-Holland tot diep in Gelderland. In de eeuwen ervoor waren er al vaker zulke stormen geweest die dijken weg hadden geslagen en polders lieten onderlopen. In 1421 gingen ook grote stukken Hollands en Brabants landbouwgebied ten oosten en zuiden van Dordrecht volledig ten onder, waaronder de polder 'Grote of Zuid-Hollandsche Waard'. Hierdoor werden dertig dorpen door het water onbewoonbaar. Deze Sint-Elizabethsvloed liet de huidige Biesbosch ontstaan.
Kaart (uit 1927) van de situatie voor de Sint-Elizabethsvloed in 1421
►►► ν
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- Juiste redenen zijn: − Er is sprake van een combinatie van waterbeheer met natuurontwikkeling. − Bij het ontpolderen van de Biesbosch werken actoren met verschillende belangen samen (zoals waterschappen, boeren en natuurorganisaties). − Het beheer is gericht op het vasthouden en/of bergen van water (zodat ook in tijden van droogte water beschikbaar is). per juiste reden (1) (2)
Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen havo Aardrijkskunde 2024, tijdvak 2. Afbeeldingen en de exacte opmaak staan in het originele examen: https://www.examenblad.nl/2024/havo/documenten/cse-2/ha-0131-a-24-2-o
Andere examens aardrijkskunde havo
- 2026, tijdvak 1
- 2026, tijdvak 2
- 2025, tijdvak 1
- 2025, tijdvak 2
- 2024, tijdvak 1
- 2023, tijdvak 1
- 2023, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 1
- 2022, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 3
- 2021, tijdvak 1
- 2021, tijdvak 2
- 2021, tijdvak 3
- 2019, tijdvak 1
- 2019, tijdvak 2
- 2018, tijdvak 1
- 2018, tijdvak 2
Hoe ToetsChecker aardrijkskunde per vraagtype nakijkt, lees je op aardrijkskunde toetsen nakijken met AI.
Veelgestelde vragen
Hoeveel vragen heeft het eindexamen aardrijkskunde havo 2024, tijdvak 2?
Het centraal examen aardrijkskunde havo 2024, tijdvak 2 telt 32 vragen. De meeste vragen gaan over bevolking en migratie (5), verstedelijking (5) en landbouw en voedsel (4).
Wat zijn de antwoorden van het examen aardrijkskunde havo 2024, tijdvak 2?
Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.
Waar vind ik het correctievoorschrift van aardrijkskunde havo 2024, tijdvak 2?
Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2024/havo/documenten/cse-2/ha-0131-a-24-2-c).
Hoe oefen ik met het examen aardrijkskunde havo 2024, tijdvak 2 en krijg ik feedback?
Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.