Eindexamen economie havo 2019, tijdvak 1: vragen en antwoorden
Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Opgave 1 Papier hier!, Opgave 2 Een crisis maakt verschil, Opgave 3 De verzekeraar rijdt met u mee!, Opgave 4 De zon schijnt niet altijd op Aruba, Opgave 5 Dat kost energie, Opgave 6 80 jaar bbp, 80 jaar discussie.
Het centraal examen economie havo 2019, tijdvak 1 telt 28 vragen. De meeste vragen gaan over inkomen en consumptie (6), vraag en aanbod (4) en conjunctuur (4). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.
Onderwerpen in dit examen
| Onderwerp | Vragen | Aantal |
|---|---|---|
| Inkomen en consumptie | 8-10, 20-21, 28 | 6 |
| Vraag en aanbod | 1, 4-5, 22 | 4 |
| Conjunctuur | 7, 25-27 | 4 |
| Risico en verzekeren | 11-14 | 4 |
| Internationale handel | 15-18 | 4 |
| Marktvormen | 2-3, 23 | 3 |
| Arbeidsmarkt | 6 | 1 |
| Overheid en belastingen | 19 | 1 |
| Speltheorie | 24 | 1 |
Vergeleken met andere jaren
Vergeleken met de andere 17 examens economie havo sinds 2018: dit examen vroeg meer over inkomen en consumptie (21% van de vragen, gemiddeld 7%) en conjunctuur (14% van de vragen, gemiddeld 6%). Minder over overheid en belastingen (4% van de vragen, gemiddeld 20%) en geld en inflatie (0% van de vragen, gemiddeld 8%).
Opgaven en correctievoorschrift
De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.
Oefenen als leerling
Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen economie havo 2019, tijdvak 1 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.
Nakijken als docent
Start gratis vanaf deze pagina
Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen economie havo 2019, tijdvak 1 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.
Laat de klas het examen maken
Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.
Geef de resultaten vrij
Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.
ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.
Vragen en antwoorden
Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen economie havo 2019, tijdvak 1. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.
Opgave 1 Papier hier!
uit Nieuwsvoornop.nl, december 2014: Het aantal papieren krantenabonnementen is in de periode 2005-2012 enorm gedaald. Dat is onder andere het gevolg van een toenemend aantal alternatieve nieuwsbronnen zoals televisie, internet en gratis papieren kranten. De compensatie voor deze daling wordt door de dagbladaanbieders voornamelijk gezocht in het aanbieden van digitale kranten. Hierdoor kan de lezer sinds 2012 bij veel dagbladaanbieders kiezen tussen twee typen abonnementen:
- een papierplus-abonnement (papieren + digitale krant)
- een digitaal abonnement (alleen digitale krant).
Gebruik bovenstaand krantenbericht.
Vraag 1 2 punten
Zijn de genoemde “alternatieve nieuwsbronnen zoals televisie, internet en gratis papieren kranten” substitutiegoederen of complementaire goederen van het papieren krantenabonnement? Maak een keuze en licht deze toe.
Bekijk het antwoord
- substitutiegoederen Een voorbeeld van een juiste toelichting is: De genoemde alternatieve nieuwsbronnen kunnen de papieren- krantenabonnementen vervangen. (2)
In de periode 2005-2012 zagen de drie grootste dagbladaanbieders, het Hollands Dagblad, de 7Provinciën en de Krant van Vandaag, hun gezamenlijk marktaandeel veranderen.
Gebruik bron 1.
Vraag 2 2 punten
Bereken de procentuele verandering van het gezamenlijk marktaandeel van deze drie dagbladaanbieders in de periode 2005-2012 en geef aan of deze verandering een daling of een stijging betreft.
Bron 1
procentuele groei nominaal bbp ten opzichte van het voorgaande jaar
3,5 % bbp (nominaal) 3,0 3,0 2,8 2,7 2,5
2,0 1,9
1,5
1,0
0,5
0
2012 2013 2014 2015
ontwikkeling consumentenprijsindex (2011 is basisjaar)
116
114
112 110,9 110 107,6 108
106 104,9 104 102,3 102 100 100
0
2011 2012 2013 2014 2015 2016 jaren
bron 2 verdeling van het bbp (2014) over de Amerikaanse bevolking, weergegeven in Lorenzcurven
grafiek 1 grafiek 2 primair 100 secundair 100 inkomen in % inkomen in % (cumulatief) (cumulatief)
75 75
50 50
(99,25) (99,25)
25 25
0 0
0 25 50 75 100 0 25 50 75 100 bevolking in % (cumulatief) bevolking in % (cumulatief)
grafiek 3 grafiek 4 primair 100 secundair 100 inkomen in % inkomen in % (cumulatief) (cumulatief)
75 75 (99,75) (99,75)
50 50
25 25
0 0
0 25 50 75 100 0 25 50 75 100 bevolking in % (cumulatief) bevolking in % (cumulatief)
►►► ν
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
Opmerking Voor een andere juiste manier van afronden ook scorepunten toekennen.
Vanaf 2012 verkoopt de Krant van Vandaag zowel een papierplus- abonnement als een digitaal abonnement. Door stijgende papierprijzen en toenemende distributiekosten is het papierplus-abonnement in de periode 2012-2014 duurder geworden (zie bron 2), terwijl de prijs van een digitaal abonnement gelijk is gebleven (zie bron 3). Een marketingmedewerker van de Krant van Vandaag doet de volgende uitspraken:
1 “De vraaglijn van een digitaal abonnement is in de periode 2012-2014 verschoven, omdat de prijs van een papierplus-abonnement is gestegen.”
2 “Hierdoor is het consumentensurplus op de markt van digitale abonnementen toegenomen.”
Gebruik bron 2.
Vraag 3 3 punten
Bereken het aantal papierplus-abonnementen van de Krant van Vandaag in 2014.
Bron 2
Green Energy wel inhuren niet inhuren wel inhuren (−2 ; −2) (+ 2 ; −4) EnerGas niet inhuren (−4 ; +2) (0 ; 0)
Toelichting: De getallen in de matrix betreffen de toe- of afname van de winst in miljoenen euro’s.
Opgave 6 80 jaar bbp, 80 jaar discussie
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
Opmerking Voor een andere juiste manier van afronden ook scorepunten toekennen.
Gebruik uitspraak 1 en bron 3.
Vraag 4 1 punt
Geef een andere oorzaak dan genoemd in uitspraak 1 waarom de vraaglijn van het digitale abonnement verschoven kan zijn.
Bron 2
Green Energy wel inhuren niet inhuren wel inhuren (−2 ; −2) (+ 2 ; −4) EnerGas niet inhuren (−4 ; +2) (0 ; 0)
Toelichting: De getallen in de matrix betreffen de toe- of afname van de winst in miljoenen euro’s.
Opgave 6 80 jaar bbp, 80 jaar discussie
Bron 3
Krant van Vandaag (periode 2012-2014)
300 prijs digitaal I jaarabonnement (€) 250 J
200
K L M prijs (digitaal) 150
N 100
50 v2012 v2014
O P 0
0 1.000 2.000 3.000 4.000 5.000 6.000 7.000 8.000 9.000 10.000 aantal digitale jaarabonnementen (x100)
Opgave 2 Een crisis maakt verschil
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- Voorbeelden van een juist antwoord zijn: Er zullen nieuwe abonnees op de digitale variant bij zijn gekomen, die eerder geen abonnement op een dagblad hadden / die een papierplus- abonnement hadden op een ander dagblad / door de opkomst van diverse datadragers als mobiel en tablet. (1)
Gebruik uitspraak 2 en bron 3.
Vraag 5 2 punten
Geef met letters de toename aan van het consumentensurplus van het digitale abonnement, zoals bedoeld in uitspraak 2.
Bron 2
Green Energy wel inhuren niet inhuren wel inhuren (−2 ; −2) (+ 2 ; −4) EnerGas niet inhuren (−4 ; +2) (0 ; 0)
Toelichting: De getallen in de matrix betreffen de toe- of afname van de winst in miljoenen euro’s.
Opgave 6 80 jaar bbp, 80 jaar discussie
Bron 3
Krant van Vandaag (periode 2012-2014)
300 prijs digitaal I jaarabonnement (€) 250 J
200
K L M prijs (digitaal) 150
N 100
50 v2012 v2014
O P 0
0 1.000 2.000 3.000 4.000 5.000 6.000 7.000 8.000 9.000 10.000 aantal digitale jaarabonnementen (x100)
Opgave 2 Een crisis maakt verschil
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
Opmerking Uitsluitend 2 of 0 scorepunten toekennen.
Opgave 2 Een crisis maakt verschil
fragment uit een CBS-persbericht, 2015: Als gevolg van de kredietcrisis die eind 2008 begon, zijn in 2012 de inkomensverschillen tussen Nederlandse huishoudens veranderd. In 2012 was het totale inkomen van huishoudens 0,7 procent lager dan in 2008, maar deze inkomensdaling was niet gelijk verdeeld over de huishoudens. Bij werknemers is de inkomensdaling beperkt gebleven dankzij ingebouwde stabilisatoren zoals werkloosheidsuitkeringen en het progressieve belastingstelsel. Daarnaast is het inkomen van werknemers als gevolg van collectieve arbeidsovereenkomsten (cao’s) meestal erg vast. Gemiddeld gingen zij er door de kredietcrisis nauwelijks op achteruit, tenzij ze bijvoorbeeld hun baan kwijtraakten.
Vraag 6 1 punt
Citeer uit het bovenstaande persbericht de zin waaruit blijkt dat er sprake is van loonstarheid op de Nederlandse arbeidsmarkt.
Bekijk het antwoord
- ‘Daarnaast is het inkomen van werknemers als gevolg van collectieve arbeidsovereenkomsten (cao’s) meestal erg vast.’ (1)
Vraag 7 2 punten
Leg uit dat werkloosheidsuitkeringen een dempende invloed kunnen hebben op een neergaande conjunctuur.
Bekijk het antwoord
- In een neergaande conjunctuur nemen bestedingen / inkomens af (als gevolg van toenemende werkloosheid) (1)
- Door werkloosheidsuitkeringen wordt dit effect beperkt (1)
Gebruik bron 1.
Vraag 8 2 punten
Zijn de inkomens van Nederlandse huishoudens na de kredietcrisis genivelleerd of gedenivelleerd? Maak een keuze en licht deze toe met behulp van getallen uit bron 1.
Bron 1
procentuele groei nominaal bbp ten opzichte van het voorgaande jaar
3,5 % bbp (nominaal) 3,0 3,0 2,8 2,7 2,5
2,0 1,9
1,5
1,0
0,5
0
2012 2013 2014 2015
ontwikkeling consumentenprijsindex (2011 is basisjaar)
116
114
112 110,9 110 107,6 108
106 104,9 104 102,3 102 100 100
0
2011 2012 2013 2014 2015 2016 jaren
bron 2 verdeling van het bbp (2014) over de Amerikaanse bevolking, weergegeven in Lorenzcurven
grafiek 1 grafiek 2 primair 100 secundair 100 inkomen in % inkomen in % (cumulatief) (cumulatief)
75 75
50 50
(99,25) (99,25)
25 25
0 0
0 25 50 75 100 0 25 50 75 100 bevolking in % (cumulatief) bevolking in % (cumulatief)
grafiek 3 grafiek 4 primair 100 secundair 100 inkomen in % inkomen in % (cumulatief) (cumulatief)
75 75 (99,75) (99,75)
50 50
25 25
0 0
0 25 50 75 100 0 25 50 75 100 bevolking in % (cumulatief) bevolking in % (cumulatief)
►►► ν
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- genivelleerd Een voorbeeld van een juiste toelichting is: Na de kredietcrisis verdienden de 20% huishoudens met het hoogste inkomen ongeveer 2,5 keer meer dan de 20% huishoudens met het laagste inkomen. In 2008 waren de inkomens van de meest verdiende huishoudens 2,8 keer zo groot. (2)
Gebruik het fragment uit het CBS-persbericht en bron 1 en 2.
Vraag 9 2 punten
Zijn de verhoudingsgetallen in bron 1 gebaseerd op het primaire huishoudinkomen of op het secundaire huishoudinkomen? Licht het antwoord toe. Ga als volgt te werk:
- Leg uit welke staven in bron 2 het primaire huishoudinkomen en welke staven het secundaire huishoudinkomen weergeven.
- Beredeneer vervolgens op welke huishoudinkomen de verhoudingsgetallen in bron 1 zijn gebaseerd.
Bron 1
procentuele groei nominaal bbp ten opzichte van het voorgaande jaar
3,5 % bbp (nominaal) 3,0 3,0 2,8 2,7 2,5
2,0 1,9
1,5
1,0
0,5
0
2012 2013 2014 2015
ontwikkeling consumentenprijsindex (2011 is basisjaar)
116
114
112 110,9 110 107,6 108
106 104,9 104 102,3 102 100 100
0
2011 2012 2013 2014 2015 2016 jaren
bron 2 verdeling van het bbp (2014) over de Amerikaanse bevolking, weergegeven in Lorenzcurven
grafiek 1 grafiek 2 primair 100 secundair 100 inkomen in % inkomen in % (cumulatief) (cumulatief)
75 75
50 50
(99,25) (99,25)
25 25
0 0
0 25 50 75 100 0 25 50 75 100 bevolking in % (cumulatief) bevolking in % (cumulatief)
grafiek 3 grafiek 4 primair 100 secundair 100 inkomen in % inkomen in % (cumulatief) (cumulatief)
75 75 (99,75) (99,75)
50 50
25 25
0 0
0 25 50 75 100 0 25 50 75 100 bevolking in % (cumulatief) bevolking in % (cumulatief)
►►► ν
Bron 2
Green Energy wel inhuren niet inhuren wel inhuren (−2 ; −2) (+ 2 ; −4) EnerGas niet inhuren (−4 ; +2) (0 ; 0)
Toelichting: De getallen in de matrix betreffen de toe- of afname van de winst in miljoenen euro’s.
Opgave 6 80 jaar bbp, 80 jaar discussie
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- De donkere staven in bron 2 zijn het secundaire inkomen omdat het primaire inkomen bij de 20% huishoudens met het laagste inkomen lager is dan het secundaire inkomen als gevolg van het progressieve belastingstelsel en de werkloosheidsuitkeringen (1)
- Uit bron 1 blijkt dat in 2012 de 20% huishoudens met de hoogste inkomens 2,5 keer meer verdienden dan de 20% huishoudens met het laagste inkomen en uit bron 2 blijkt dat de donkere staven ook 2,5 keer van elkaar verschillen (1)
“Uit het CBS-persbericht blijkt ook dat als de periode vóór de kredietcrisis (2005 - “Het inkomen uit 2008) vergeleken wordt met de periode ná arbeid is gedaald de kredietcrisis (2009 - 2012) het inkomen omdat werknemers uit arbeid is gedaald en het inkomen uit hun baan vermogen is gestegen. Heeft u daar een kwijtraakten.” verklaring voor?”
“De ontwikkeling van het consumenten- vertrouwen heeft eraan bijgedragen dat het inkomen uit vermogen is gestegen, omdat…”
Gebruik bovenstaand gesprek.
Vraag 10 2 punten
Geef een mogelijke verklaring voor de stijging van het inkomen uit vermogen als gevolg van de ontwikkeling van het consumentenvertrouwen.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage
Bekijk het antwoord
- Vanwege een dalend consumentenvertrouwen zijn huishoudens minder gaan besteden en meer gaan sparen (1)
- waardoor er meer opgebouwd vermogen is en het inkomen uit dit vermogen hoger is (1)
Opgave 3 De verzekeraar rijdt met u mee!
uit een krant, 2018: De ‘Pay How You Drive’-autoverzekering (PHYD) is in opkomst: wie rustig remt en niet te hard optrekt, betaalt minder premie. Steeds meer verzekeraars lanceren deze autoverzekering. Het principe is simpel. Een app op de mobiele telefoon registreert het rijgedrag van de automobilist. Als de telefoon vastzit in een standaard zijn de meetgegevens betrouwbaar en kunnen ze worden uitgelezen door de verzekeraar. De automobilist die zeer netjes rijdt, krijgt het predicaat ‘groen’ en dat betekent een korting van 35% op de basispremie. De categorie-indeling wordt elke maand opnieuw vastgesteld. Op dit moment rijdt 10% van de PHYD-verzekerden in de categorie ‘rood’. Deze categorie ‘coureurs’ betaalt de volledige basispremie.
Mevrouw Bakker heeft op 1 januari 2018 een PHYD-autoverzekering afgesloten. Ze is toen ingedeeld in de categorie rood en betaalde de volledige basispremie. Op basis van haar rijgedrag in januari is ze per
1 februari door de verzekeraar ingedeeld in de categorie oranje (zie bron 1). Begin maart ontvangt ze een bericht van de verzekeraar over haar rijgedrag in februari (zie bron 2).
Gebruik bron 1 en 2.
Vraag 11 2 punten
Bereken de basispremie van mevrouw Bakker op 1 januari 2018.
Bron 1
procentuele groei nominaal bbp ten opzichte van het voorgaande jaar
3,5 % bbp (nominaal) 3,0 3,0 2,8 2,7 2,5
2,0 1,9
1,5
1,0
0,5
0
2012 2013 2014 2015
ontwikkeling consumentenprijsindex (2011 is basisjaar)
116
114
112 110,9 110 107,6 108
106 104,9 104 102,3 102 100 100
0
2011 2012 2013 2014 2015 2016 jaren
bron 2 verdeling van het bbp (2014) over de Amerikaanse bevolking, weergegeven in Lorenzcurven
grafiek 1 grafiek 2 primair 100 secundair 100 inkomen in % inkomen in % (cumulatief) (cumulatief)
75 75
50 50
(99,25) (99,25)
25 25
0 0
0 25 50 75 100 0 25 50 75 100 bevolking in % (cumulatief) bevolking in % (cumulatief)
grafiek 3 grafiek 4 primair 100 secundair 100 inkomen in % inkomen in % (cumulatief) (cumulatief)
75 75 (99,75) (99,75)
50 50
25 25
0 0
0 25 50 75 100 0 25 50 75 100 bevolking in % (cumulatief) bevolking in % (cumulatief)
►►► ν
Bron 2
Green Energy wel inhuren niet inhuren wel inhuren (−2 ; −2) (+ 2 ; −4) EnerGas niet inhuren (−4 ; +2) (0 ; 0)
Toelichting: De getallen in de matrix betreffen de toe- of afname van de winst in miljoenen euro’s.
Opgave 6 80 jaar bbp, 80 jaar discussie
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- Een voorbeeld van juiste berekening is: 30,66 = (0,35 − 0,10) × basispremie basispremie = € 122,64 (2)
Een verzekeraar die de PHYD-autoverzekering aanbiedt doet de volgende uitspraak: “We baseren de indeling in een categorie vooral op het gedrag van de bestuurder zoals remmen, optrekken en snelheidsovertredingen. Dankzij de app kunnen we het gedrag van de bestuurder volgen en wordt …(1)… sterk verminderd. Hierdoor wordt het voor ons mogelijk …(2)… toe te passen, zodat de bestuurder een financiële prikkel krijgt het rijgedrag in positieve zin aan te passen.”
Vraag 12 2 punten
Maak de uitspraak economisch correct. Kies uit: bij (1) asymmetrische informatie / risico-avers gedrag bij (2) premiedifferentiatie / zelfbinding
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage
Bekijk het antwoord
- bij (1) asymmetrische informatie (1) bij (2) premiedifferentiatie (1) (2)
Een verzekeringseconoom reageert op de opkomst van de PHYD- autoverzekering en doet de volgende twee uitspraken:
1 “De PHYD-autoverzekering is voor verzekeraars een maatregel om averechtse selectie tegen te gaan.”
2 “Het mooie van de PHYD-autoverzekering is dat behalve de verzekerden en de verzekeraars de gehele maatschappij kan profiteren, doordat de maatschappelijke kosten van het autorijden afnemen.”
Vraag 13 2 punten
Leg uitspraak 1 uit.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage
Bekijk het antwoord
- De verzekering geeft kortingen op de verzekeringspremies bij goed gedrag / past premiedifferentiatie toe tussen ‘lage / goede en hoge / slechte risico’s’ (1)
- waardoor de verzekering ‘lage / goede risico’s’ aantrekt / ‘lage / goede risico’s’ bereid zijn te blijven (en dus averechtse selectie wordt tegengegaan) (1)
Gebruik uitspraak 2.
Vraag 14 2 punten
Leg met behulp van het begrip negatieve externe effecten uit dat de maatschappelijke kosten van het autorijden door de PHYD- autoverzekering kunnen afnemen.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage
Bekijk het antwoord
- de PHYD-autoverzekering stimuleert voorzichtiger/schoner/veiliger rijgedrag (1)
- dat kan leiden tot afname van negatieve externe effecten zoals milieuvervuiling (CO 2 uitstoot) / tijdverlies (files) / ziekteverzuim (ongelukken) en daarmee tot afname van de maatschappelijke kosten (1)
Opgave 4 De zon schijnt niet altijd op Aruba
Het Caribische eiland Aruba heeft een economie die erg afhankelijk is van haar belangrijkste handelspartner, de Verenigde Staten van Amerika (VS). Er worden veel goederen uit de VS geïmporteerd en het eiland wordt door veel Amerikaanse toeristen bezocht. Ook voor directe investeringen in hotels is Aruba sterk op de VS aangewezen.
Vraag 15 3 punten
Maak de onderstaande zinnen economisch correct.
- Bezoek van Amerikaanse toeristen wordt als …(1)… geregistreerd op de …(2)… van de Arubaanse betalingsbalans.
- Import van goederen wordt als …(3)… geregistreerd op de …(4)… van de Arubaanse betalingsbalans.
- Directe investeringen van buitenlandse hotelketens op Aruba worden als …(5)… geregistreerd op de …(6)… van de betalingsbalans van Aruba. Kies uit: bij (1) export / import bij (2) kapitaalrekening / lopende rekening bij (3) ontvangsten / uitgaven bij (4) kapitaalrekening / lopende rekening bij (5) ontvangsten / uitgaven bij (6) kapitaalrekening / lopende rekening
Bekijk het antwoord
- bij (1) export bij (2) lopende rekening bij (3) uitgaven bij (4) lopende rekening bij (5) ontvangsten bij (6) kapitaalrekening indien zowel (1) als (2) juist (1) indien zowel (3) als (4) juist (1) indien zowel (5) als (6) juist (1) (3)
De officiële munt op Aruba is de florin (AWG). Maar vrijwel iedere Arubaanse consument of ondernemer accepteert ook Amerikaanse dollars (US$). Om die reden hanteert de Centrale Bank van Aruba (CBA) een vaste wisselkoers tussen de florin en de dollar. De CBA wil vraag en aanbod van de florin bijsturen totdat de vaste koers van 1 $ = 1,79 AWG is bereikt. Voor de aan- en verkooptransacties wordt de goud- en deviezenvoorraad (officiële reserves) van de CBA gebruikt.
De kredietcrisis van 2008 beïnvloedde het Amerikaans toerisme en de Amerikaanse investeringen op Aruba. Daardoor kampte Aruba in 2012 met een tekort op de betalingsbalans. De CBA gebruikte de goud- en deviezenvoorraad om dit tekort aan te zuiveren.
Gebruik bovenstaande tekst en bron 1.
Vraag 16 2 punten
Neem de letters uit het schema van bron 1 over en vermeld bij elke letter het juiste schuin gedrukte begrip zodat er een economisch juiste redenering ontstaat.
Bron 1
procentuele groei nominaal bbp ten opzichte van het voorgaande jaar
3,5 % bbp (nominaal) 3,0 3,0 2,8 2,7 2,5
2,0 1,9
1,5
1,0
0,5
0
2012 2013 2014 2015
ontwikkeling consumentenprijsindex (2011 is basisjaar)
116
114
112 110,9 110 107,6 108
106 104,9 104 102,3 102 100 100
0
2011 2012 2013 2014 2015 2016 jaren
bron 2 verdeling van het bbp (2014) over de Amerikaanse bevolking, weergegeven in Lorenzcurven
grafiek 1 grafiek 2 primair 100 secundair 100 inkomen in % inkomen in % (cumulatief) (cumulatief)
75 75
50 50
(99,25) (99,25)
25 25
0 0
0 25 50 75 100 0 25 50 75 100 bevolking in % (cumulatief) bevolking in % (cumulatief)
grafiek 3 grafiek 4 primair 100 secundair 100 inkomen in % inkomen in % (cumulatief) (cumulatief)
75 75 (99,75) (99,75)
50 50
25 25
0 0
0 25 50 75 100 0 25 50 75 100 bevolking in % (cumulatief) bevolking in % (cumulatief)
►►► ν
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
Opmerking Voor elke fout een scorepunt in mindering brengen.
Een econome reageert op de ontwikkelingen: “Een vaste wisselkoers kan bij een tekort op de betalingsbalans zowel gunstig als ongunstig zijn. Het is gunstig omdat de inflatie op ons eiland laag blijft en het is ongunstig omdat Amerikaanse toeristen niet kunnen profiteren van een koersvoordeel.”
Vraag 17 2 punten
Leg uit dat bij een tekort op de betalingsbalans door de vaste wisselkoers inflatie wordt tegengegaan.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage
Bekijk het antwoord
- Door het tekort op de betalingsbalans is het aanbod van AWG’s groter dan de vraag. Bij een flexibele wisselkoers zou de waarde van de AWG dalen (ten opzichte van de US$) zodat importen duurder worden voor Aruba (1)
- Door de vaste wisselkoers ten opzichte van de US$ is van een dergelijke geïmporteerde inflatie geen sprake (1)
Vraag 18 2 punten
Leg uit dat bij een tekort op de betalingsbalans door de vaste wisselkoers Amerikaanse toeristen niet kunnen profiteren van een koersvoordeel.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage
Bekijk het antwoord
- Door het tekort op de betalingsbalans is het aanbod van AWG’s groter dan de vraag. Bij een flexibele wisselkoers zou de waarde van de AWG dalen (ten opzichte van de US$) waardoor Aruba goedkoper wordt voor Amerikaanse toeristen (1)
- Door de vaste wisselkoers ten opzichte van de US$ zijn de Amerikaanse toeristen niet goedkoper uit (1)
Omdat de Arubaanse overheid in 2012 de economische terugval met investeringen heeft geprobeerd te compenseren, is de overheidsschuld in
2013 sterk opgelopen.
Gebruik bron 2.
Vraag 19 3 punten
Bereken de Arubaanse overheidsschuld in florin in 2013.
Bron 2
Green Energy wel inhuren niet inhuren wel inhuren (−2 ; −2) (+ 2 ; −4) EnerGas niet inhuren (−4 ; +2) (0 ; 0)
Toelichting: De getallen in de matrix betreffen de toe- of afname van de winst in miljoenen euro’s.
Opgave 6 80 jaar bbp, 80 jaar discussie
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
Opmerking Voor een andere juiste manier van afronden ook scorepunten toekennen.
Opgave 5 Dat kost energie
In 2004 is de energiemarkt geprivatiseerd. Energie + Gratis Cadeau Sindsdien hebben consumenten de vrije keuze bij welke energieleverancier ze gas en elektriciteit Tablet afnemen. In de slag om de klant bieden sommige Laptop energieleveranciers bij een energiecontract met Kadobon een vaste looptijd van drie jaar een ‘gratis ... cadeau’ aan, zoals een tablet, smartphone of laptop. Directeur Wolfert van de Vastelastenbond: “Veel consumenten denken dan dat ze een goede deal sluiten, maar in feite zitten ze vast aan een duur energiecontract waarmee ze het ‘cadeau’ zelf betalen. Sterker nog, er moet meer betaald worden dan de gemiddelde winkelprijs van het cadeau, omdat er sprake is van rente. Dat komt neer op ruilen over de tijd zonder dat de consument zich daarvan bewust is en dat is verboden.”
Vraag 20 2 punten
Leg uit dat er bij het aangaan van een energiecontract met een ‘gratis cadeau’ sprake is van ruilen over de tijd.
Bekijk het antwoord
- Een voorbeeld van een juiste uitleg is: Het ‘cadeau’ wordt via het contract in 3 jaar betaald, waardoor er sprake is van een lening (koop op afbetaling) / waardoor de consument de consumptie van de toekomst naar voren schuift en dat is ruilen over de tijd. (De rente die betaald moet worden kan worden gezien als de prijs van ruilen over de tijd.) (2)
Alex Veenstra wil een energiecontract voor zowel stroom als gas afsluiten bij energieleverancier EnerGas (zie bron 1). Zijn geschatte jaarlijkse energieverbruik van de twee producten bedraagt:
- stroom 4.400 kWh
- gas 2.350 mᵌ Alex wil een contract met vaste tarieven voor de komende drie jaar. Als ‘cadeau’ kiest hij de iSmart6s. Alex was sowieso van plan deze smartphone aan te schaffen voor € 550 en dat is nu niet meer nodig.
Gebruik bron 1 bij vraag 21 en 22.
Vraag 21 3 punten
Bereken het rentebedrag voor de iSmart6s dat Alex over de contractperiode van 3 jaar moet betalen.
Bron 1
procentuele groei nominaal bbp ten opzichte van het voorgaande jaar
3,5 % bbp (nominaal) 3,0 3,0 2,8 2,7 2,5
2,0 1,9
1,5
1,0
0,5
0
2012 2013 2014 2015
ontwikkeling consumentenprijsindex (2011 is basisjaar)
116
114
112 110,9 110 107,6 108
106 104,9 104 102,3 102 100 100
0
2011 2012 2013 2014 2015 2016 jaren
bron 2 verdeling van het bbp (2014) over de Amerikaanse bevolking, weergegeven in Lorenzcurven
grafiek 1 grafiek 2 primair 100 secundair 100 inkomen in % inkomen in % (cumulatief) (cumulatief)
75 75
50 50
(99,25) (99,25)
25 25
0 0
0 25 50 75 100 0 25 50 75 100 bevolking in % (cumulatief) bevolking in % (cumulatief)
grafiek 3 grafiek 4 primair 100 secundair 100 inkomen in % inkomen in % (cumulatief) (cumulatief)
75 75 (99,75) (99,75)
50 50
25 25
0 0
0 25 50 75 100 0 25 50 75 100 bevolking in % (cumulatief) bevolking in % (cumulatief)
►►► ν
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- Extra vaste lasten bij Zekur-contract (3 jaar) met iSmart 6s: € 15,50 − € 7,00 = € 8,50 per product (1)
- Bij afname van gas én stroom zijn de extra vaste lasten 2 × € 8,50 × 36 maanden = € 612 (1)
- De gemiddelde winkelprijs van de iSmart 6s is € 550. Het rentebedrag dat Alex moet betalen is dus € 612 − € 550 = € 62 (1)
Vraag 22 2 punten
Stijgt de komende jaren de prijs van stroom of die van gas volgens de verwachting van leverancier EnerGas? Maak een keuze en licht deze toe.
Bron 1
procentuele groei nominaal bbp ten opzichte van het voorgaande jaar
3,5 % bbp (nominaal) 3,0 3,0 2,8 2,7 2,5
2,0 1,9
1,5
1,0
0,5
0
2012 2013 2014 2015
ontwikkeling consumentenprijsindex (2011 is basisjaar)
116
114
112 110,9 110 107,6 108
106 104,9 104 102,3 102 100 100
0
2011 2012 2013 2014 2015 2016 jaren
bron 2 verdeling van het bbp (2014) over de Amerikaanse bevolking, weergegeven in Lorenzcurven
grafiek 1 grafiek 2 primair 100 secundair 100 inkomen in % inkomen in % (cumulatief) (cumulatief)
75 75
50 50
(99,25) (99,25)
25 25
0 0
0 25 50 75 100 0 25 50 75 100 bevolking in % (cumulatief) bevolking in % (cumulatief)
grafiek 3 grafiek 4 primair 100 secundair 100 inkomen in % inkomen in % (cumulatief) (cumulatief)
75 75 (99,75) (99,75)
50 50
25 25
0 0
0 25 50 75 100 0 25 50 75 100 bevolking in % (cumulatief) bevolking in % (cumulatief)
►►► ν
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- gas Een voorbeeld van een juiste toelichting is: Het gastarief bij het 3 jaar-vast-contract (Zekur) is hoger dan bij het variabel contract (Free) zodat de energieleverancier blijkbaar anticipeert op een tariefsverhoging. (2)
We gaan ervan uit dat Energas en Green Energy de enige aanbieders zijn op de energiemarkt. Ze opereren dus op een oligopolistische markt.
Vraag 23 2 punten
Leg uit waarom EnerGas en Green Energy zich vooral met hun product en niet met hun prijs zullen proberen te onderscheiden.
Bron 1
procentuele groei nominaal bbp ten opzichte van het voorgaande jaar
3,5 % bbp (nominaal) 3,0 3,0 2,8 2,7 2,5
2,0 1,9
1,5
1,0
0,5
0
2012 2013 2014 2015
ontwikkeling consumentenprijsindex (2011 is basisjaar)
116
114
112 110,9 110 107,6 108
106 104,9 104 102,3 102 100 100
0
2011 2012 2013 2014 2015 2016 jaren
bron 2 verdeling van het bbp (2014) over de Amerikaanse bevolking, weergegeven in Lorenzcurven
grafiek 1 grafiek 2 primair 100 secundair 100 inkomen in % inkomen in % (cumulatief) (cumulatief)
75 75
50 50
(99,25) (99,25)
25 25
0 0
0 25 50 75 100 0 25 50 75 100 bevolking in % (cumulatief) bevolking in % (cumulatief)
grafiek 3 grafiek 4 primair 100 secundair 100 inkomen in % inkomen in % (cumulatief) (cumulatief)
75 75 (99,75) (99,75)
50 50
25 25
0 0
0 25 50 75 100 0 25 50 75 100 bevolking in % (cumulatief) bevolking in % (cumulatief)
►►► ν
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- Een voorbeeld van een juiste uitleg is: Als er op een markt enkele aanbieders van een homogeen product zijn, is het risico groot dat er een prijzenoorlog wordt ontketend wanneer de bedrijven elkaar op prijs gaan beconcurreren. Hierdoor verliezen alle bedrijven omzet en daarmee winst en zullen zij er dus eerder voor kiezen zich met hun product te onderscheiden. (2)
Beide bedrijven willen klanten van elkaar wegkapen en overwegen om een callcenter in te huren. Medewerkers van zo’n callcenter bellen klanten van de concurrent en proberen deze over te halen over te stappen. De resultaten van het al dan niet inhuren van een callcenter zijn zichtbaar gemaakt in een pay-offmatrix (zie bron 2).
Gebruik bron 2.
Vraag 24 3 punten
Komen beide energieleveranciers door deze ontwikkeling in een gevangenendilemma terecht? Ga als volgt te werk:
- Leg uit hoe de dominante strategie van elk van de bedrijven tot stand komt.
- Beredeneer vervolgens of er sprake is van een gevangenendilemma.
Bron 2
Green Energy wel inhuren niet inhuren wel inhuren (−2 ; −2) (+ 2 ; −4) EnerGas niet inhuren (−4 ; +2) (0 ; 0)
Toelichting: De getallen in de matrix betreffen de toe- of afname van de winst in miljoenen euro’s.
Opgave 6 80 jaar bbp, 80 jaar discussie
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
Opmerking Voor het volledig toekennen van de eerste twee scorepunten moet een bewijs worden gegeven van beide dominante strategieën.
Opgave 6 80 jaar bbp, 80 jaar discussie
uit een krant, januari 2014: Tachtig jaar geleden werd het bruto nationaal product (bnp) voor het eerst gepresenteerd. De econoom Kuznets bedacht in 1934 een systeem om aan de hand van macro-economische grootheden zoals consumptie, besparingen en investeringen de omvang van de economie te meten. Hiermee kon ook het verloop van de economie worden gevolgd, dat wil zeggen de groei of de krimp. Enkele jaren na invoering van het bnp verloor de maatstaf als gevolg van globalisering een groot deel van zijn bruikbaarheid. Niet de nationaliteit, maar de locatie van de productie werd het uitgangspunt: het bruto binnenlands product (bbp).
Dow Chemical, een Amerikaans bedrijf, heeft een vestiging in de Rotterdamse haven.
Vraag 25 1 punt
Wordt de productiewaarde van deze vestiging meegenomen in de berekening van het Nederlandse bbp of het Amerikaanse bbp? Maak een keuze.
Bekijk het antwoord
- Nederlandse bbp (1)
Het bbp meet economische groei, maar wordt ook gebruikt als welvaartsmaatstaf. Daar is veel discussie over. In 2014 steeg het bbp van de Verenigde Staten van Amerika (VS) met 2,8%, maar het is de vraag of de inwoners van de VS in dat jaar ook 2,8% welvarender zijn geworden. Argumenten waarom het nominale bbp een beperkte welvaartsmaatstaf is, zijn:
- Een stijging van het nominale bbp kan ook veroorzaakt zijn door prijsstijgingen.
- Het bbp meet geen welzijn, zoals gezondheid en geluk.
- Het bbp geeft geen informatie over de verdeling van de welvaart.
Vraag 26 1 punt
Noem een ander argument dan in deze opgave genoemd waarom de omvang van het bbp een beperkte welvaartsmaatstaf is.
Bekijk het antwoord
- Voorbeelden van een juist argument zijn: − Het (nominale) bbp is niet gecorrigeerd voor bevolkingsgroei / bevolkingsaantallen. − Het (nominale) bbp geeft geen informatie over de welvaartsbijdrage van de informele economie. (1)
Gebruik bron 1.
Vraag 27 2 punten
Bereken de reële groei van het Amerikaanse bbp in 2014 ten opzichte van 2013.
Bron 1
procentuele groei nominaal bbp ten opzichte van het voorgaande jaar
3,5 % bbp (nominaal) 3,0 3,0 2,8 2,7 2,5
2,0 1,9
1,5
1,0
0,5
0
2012 2013 2014 2015
ontwikkeling consumentenprijsindex (2011 is basisjaar)
116
114
112 110,9 110 107,6 108
106 104,9 104 102,3 102 100 100
0
2011 2012 2013 2014 2015 2016 jaren
bron 2 verdeling van het bbp (2014) over de Amerikaanse bevolking, weergegeven in Lorenzcurven
grafiek 1 grafiek 2 primair 100 secundair 100 inkomen in % inkomen in % (cumulatief) (cumulatief)
75 75
50 50
(99,25) (99,25)
25 25
0 0
0 25 50 75 100 0 25 50 75 100 bevolking in % (cumulatief) bevolking in % (cumulatief)
grafiek 3 grafiek 4 primair 100 secundair 100 inkomen in % inkomen in % (cumulatief) (cumulatief)
75 75 (99,75) (99,75)
50 50
25 25
0 0
0 25 50 75 100 0 25 50 75 100 bevolking in % (cumulatief) bevolking in % (cumulatief)
►►► ν
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
Opmerkingen
- Voor 102,8 - 102,6 het tweede scorepunt ook toekennen.
- Voor een andere juiste manier van afronden ook scorepunten toekennen.
In 2014 kwam 25% van het Amerikaanse bbp ten goede aan slechts 1% procent van de bevolking.
Gebruik bovenstaande tekst en bron 2.
Vraag 28 1 punt
In welke grafiek is de Amerikaanse Lorenzcurve van 2014 juist weergegeven?
Bron 1
procentuele groei nominaal bbp ten opzichte van het voorgaande jaar
3,5 % bbp (nominaal) 3,0 3,0 2,8 2,7 2,5
2,0 1,9
1,5
1,0
0,5
0
2012 2013 2014 2015
ontwikkeling consumentenprijsindex (2011 is basisjaar)
116
114
112 110,9 110 107,6 108
106 104,9 104 102,3 102 100 100
0
2011 2012 2013 2014 2015 2016 jaren
bron 2 verdeling van het bbp (2014) over de Amerikaanse bevolking, weergegeven in Lorenzcurven
grafiek 1 grafiek 2 primair 100 secundair 100 inkomen in % inkomen in % (cumulatief) (cumulatief)
75 75
50 50
(99,25) (99,25)
25 25
0 0
0 25 50 75 100 0 25 50 75 100 bevolking in % (cumulatief) bevolking in % (cumulatief)
grafiek 3 grafiek 4 primair 100 secundair 100 inkomen in % inkomen in % (cumulatief) (cumulatief)
75 75 (99,75) (99,75)
50 50
25 25
0 0
0 25 50 75 100 0 25 50 75 100 bevolking in % (cumulatief) bevolking in % (cumulatief)
►►► ν
Bron 2
Green Energy wel inhuren niet inhuren wel inhuren (−2 ; −2) (+ 2 ; −4) EnerGas niet inhuren (−4 ; +2) (0 ; 0)
Toelichting: De getallen in de matrix betreffen de toe- of afname van de winst in miljoenen euro’s.
Opgave 6 80 jaar bbp, 80 jaar discussie
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- grafiek 3 (1)
Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen havo Economie 2019, tijdvak 1. Afbeeldingen en de exacte opmaak staan in het originele examen: https://www.examenblad.nl/2019/havo/documenten/cse-1/ha-1022-a-19-1-o
Andere examens economie havo
- 2026, tijdvak 1
- 2026, tijdvak 2
- 2025, tijdvak 1
- 2025, tijdvak 2
- 2024, tijdvak 1
- 2024, tijdvak 2
- 2023, tijdvak 1
- 2023, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 1
- 2022, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 3
- 2021, tijdvak 1
- 2021, tijdvak 2
- 2021, tijdvak 3
- 2019, tijdvak 2
- 2018, tijdvak 1
- 2018, tijdvak 2
Hoe ToetsChecker economie per vraagtype nakijkt, lees je op economie toetsen nakijken met AI.
Veelgestelde vragen
Hoeveel vragen heeft het eindexamen economie havo 2019, tijdvak 1?
Het centraal examen economie havo 2019, tijdvak 1 telt 28 vragen. De meeste vragen gaan over inkomen en consumptie (6), vraag en aanbod (4) en conjunctuur (4).
Wat zijn de antwoorden van het examen economie havo 2019, tijdvak 1?
Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.
Waar vind ik het correctievoorschrift van economie havo 2019, tijdvak 1?
Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2019/havo/documenten/cse-1/ha-1022-a-19-1-c). Bij dit examen hoort ook een aanvulling op het correctievoorschrift.
Hoe oefen ik met het examen economie havo 2019, tijdvak 1 en krijg ik feedback?
Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.