Eindexamen economie havo 2019, tijdvak 2: vragen en antwoorden
Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Opgave 1 Vlees belast, Opgave 2 Ruimte op de arbeidsmarkt?, Opgave 3 Gas vloeit rijkelijk, Opgave 4 Huis en hypotheek, Opgave 5 Wie zorgt er voor de zorgkosten?.
Het centraal examen economie havo 2019, tijdvak 2 loopt tot vraag 28. Van 27 vragen staat het onderwerp in de vragenbank. De meeste vragen gaan over geld en inflatie (5), overheid en belastingen (3) en productie en kosten (3). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.
Onderwerpen in dit examen
| Onderwerp | Vragen | Aantal |
|---|---|---|
| Geld en inflatie | 17-18, 20-22 | 5 |
| Overheid en belastingen | 1, 6, 13 | 3 |
| Productie en kosten | 3-5 | 3 |
| Arbeidsmarkt | 10-12 | 3 |
| Internationale handel | 14-16 | 3 |
| Marktvormen | 2, 24 | 2 |
| Vraag en aanbod | 7, 19 | 2 |
| Conjunctuur | 8-9 | 2 |
| Risico en verzekeren | 25, 27 | 2 |
| Inkomen en consumptie | 23 | 1 |
| Speltheorie | 28 | 1 |
Vergeleken met andere jaren
Vergeleken met de andere 17 examens economie havo sinds 2018: dit examen vroeg meer over geld en inflatie (19% van de vragen, gemiddeld 7%). Minder over overheid en belastingen (11% van de vragen, gemiddeld 20%).
Opgaven en correctievoorschrift
De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.
Oefenen als leerling
Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen economie havo 2019, tijdvak 2 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.
Nakijken als docent
Start gratis vanaf deze pagina
Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen economie havo 2019, tijdvak 2 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.
Laat de klas het examen maken
Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.
Geef de resultaten vrij
Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.
ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.
Vragen en antwoorden
Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen economie havo 2019, tijdvak 2. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.
Opgave 1 Vlees belast
uit een krant, 2017: Vleesconsumptie heeft grote gevolgen voor de gezondheid en het milieu. Zo is de productie van vlees wereldwijd verantwoordelijk voor bijna een kwart van de uitstoot van CO2. In Nederland wordt veel vlees gegeten. Daarom pleit het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) voor een belastingheffing op vlees: de vleestaks. Duurder vlees betekent minder consumptie van vlees, is de overtuiging. “In de winkel letten consumenten alleen op de prijs. Bedrijven willen op hun beurt de consument dienen én winst maken, wat dan vaak ten koste gaat van milieubewust produceren”, aldus het RIVM.
Gebruik het krantenbericht.
Vraag 1 2 punten
Leg uit dat de uitstoot van CO2 bij de productie van vlees als negatief extern effect kan worden aangemerkt.
Bekijk het antwoord
- Productie van vlees (veroorzaakt CO 2-uitstoot en dat) is nadelig voor gezondheid en milieu (en dat is negatief) (1)
- De kosten van deze schade zijn niet verrekend in de prijs van vlees (maar komen ten laste van de samenleving en maatschappelijke kosten zijn extern) (1)
Gebruik het krantenbericht.
Vraag 2 1 punt
Zien consumenten vlees als een homogeen goed of als een heterogeen goed volgens de uitspraak van het RIVM? Licht je keuze toe.
Bekijk het antwoord
- homogeen goed Een voorbeeld van een juiste toelichting is: Consumenten letten bij de aanschaf van vlees alleen op de prijs (en dus niet op de heterogene aspecten van vlees). (1)
De directie van vleesproducent Kuus bv heeft een onderzoeksrapport over de vleestaks bestudeerd. Daarin staat dat een vaste heffing op vlees van € 0,50 per kilo kan zorgen voor een flinke reductie van de uitstoot van CO2. De financieel directeur krijgt de opdracht door te rekenen welke invloed de invoering van deze heffing heeft op de winst van Kuus bv. De bedrijfsdoelstelling blijft maximale totale winst. De financieel directeur heeft de huidige financiële gegevens in een overzicht en in een figuur gezet (zie bron 1).
Gebruik bovenstaande tekst en bron 1 bij vraag 3 tot en met 6.
Vraag 3 2 punten
Leg uit dat door invoering van de heffing op vlees (de vleestaks) de gemiddelde variabele kosten stijgen.
Bron 1
Beterzorg handhaven eigen verlagen eigen risico risico handhaven eigen 0,6 ; 1,0 0,2 ; 1,1 risico Anderzorg verlagen eigen 1,0 ; 0,2 0,5 ; 0,8 risico
Toelichting: De getallen in de matrix betreffen de verandering van de winst in miljoenen euro’s.
►►► ν
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- Een voorbeeld van een juiste uitleg is: Door de invoering van de vleestaks komt er een heffing van € 0,50 op elke kilo vlees. Elke kilo wordt 50 cent duurder om aan te bieden. (2)
Vraag 4 3 punten
Bereken hoeveel procent van de heffing (de vleestaks) ná invoering van de heffing wordt doorberekend in de verkoopprijs.
Bron 1
Beterzorg handhaven eigen verlagen eigen risico risico handhaven eigen 0,6 ; 1,0 0,2 ; 1,1 risico Anderzorg verlagen eigen 1,0 ; 0,2 0,5 ; 0,8 risico
Toelichting: De getallen in de matrix betreffen de verandering van de winst in miljoenen euro’s.
►►► ν
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
Opmerking Zonder toepassing van MO = MK geen volledig aantal scorepunten toekennen.
Vraag 5 2 punten
Bereken het bedrag van de verandering van de winst als gevolg van de heffing.
Bron 1
Beterzorg handhaven eigen verlagen eigen risico risico handhaven eigen 0,6 ; 1,0 0,2 ; 1,1 risico Anderzorg verlagen eigen 1,0 ; 0,2 0,5 ; 0,8 risico
Toelichting: De getallen in de matrix betreffen de verandering van de winst in miljoenen euro’s.
►►► ν
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
Opmerking Als bij de uitwerking sprake is van doorwerkfouten uit vraag 3 of vraag 4 (Q en GVK) geen scorepunt in mindering brengen.
Vraag 6 1 punt
Bereken het bedrag aan heffing dat Kuus bv moet afdragen aan de overheid.
Bron 1
Beterzorg handhaven eigen verlagen eigen risico risico handhaven eigen 0,6 ; 1,0 0,2 ; 1,1 risico Anderzorg verlagen eigen 1,0 ; 0,2 0,5 ; 0,8 risico
Toelichting: De getallen in de matrix betreffen de verandering van de winst in miljoenen euro’s.
►►► ν
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
Opmerking Als bij de uitwerking sprake is van doorwerkfouten uit vraag 4 (Q) geen scorepunt in mindering brengen.
De financieel directeur schrijft in het advies aan zijn algemeen directeur: “Als de voorgestelde vleestaks wordt ingevoerd, heeft dat behoorlijke gevolgen voor onze winst. Mijn advies is een reclamecampagne te starten met de boodschap dat vlees boordevol goede bouwstoffen zit.….”
Vraag 7 3 punten
Maak het vervolg van het advies economisch correct. “Consumenten zullen dan minder snel overstappen op …(1)… goederen van vlees. Dat betekent dat de vraag naar ons product …(2)… wordt. Het gevolg is dat onze prijs-afzetlijn …(3)… zal verlopen waardoor we een hoger percentage van de vleestaks kunnen doorberekenen aan de consument. De keerzijde is wel dat de reclamecampagne zal leiden tot hogere …(4)… kosten.” Kies uit: bij (1) complementaire / inferieure / substitutie bij (2) prijselastischer / prijsinelastischer bij (3) minder steil / steiler bij (4) constante / variabele
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage
Bekijk het antwoord
- bij (1) substitutie bij (2) prijsinelastischer bij (3) steiler bij (4) constante indien (1) juist (1) indien (2) en (3) juist (1) indien (4) juist (1) (3)
Opgave 2 Ruimte op de arbeidsmarkt?
Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) verzamelt en onderzoekt gegevens over vele maatschappelijke aspecten en over conjuncturele en structurele ontwikkelingen in de economie. Het betreft bijvoorbeeld macro- economische indicatoren zoals de economische groei en de consumentenprijzen, maar ook de inkomenssituatie van personen en huishoudens. Het CBS verwerkt de gegevens tot statistieken en publiceert erover. Begin 2017 staat een aantal afbeeldingen op de site van het CBS over de Nederlandse economie (zie bron 1).
Gebruik bron 1.
Vraag 8 2 punten
Geef voor elke afbeelding aan of deze wel of geen effect op de structuurkant van de Nederlandse economie laat zien. Neem hiertoe de tabel over en vul deze in.
Bron 1
Beterzorg handhaven eigen verlagen eigen risico risico handhaven eigen 0,6 ; 1,0 0,2 ; 1,1 risico Anderzorg verlagen eigen 1,0 ; 0,2 0,5 ; 0,8 risico
Toelichting: De getallen in de matrix betreffen de verandering van de winst in miljoenen euro’s.
►►► ν
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
Opmerking Voor elke fout één scorepunt in mindering brengen.
afbeelding wel / geen structuurkant 1 2 3 4
Het CBS publiceert ook over de Nederlandse arbeidsmarkt, waar veranderingen in vraag en aanbod mede afhankelijk zijn van conjuncturele en structurele ontwikkelingen in de economie. Begin 2009, direct na de kredietcrisis, loopt de werkloosheid op. Begin
2017 neemt de krapte op de arbeidsmarkt echter weer toe, mede als gevolg van een aanhoudende economische groei. Deze conjunctuuromslag maakt het CBS zichtbaar door middel van de conjunctuurklok (zie bron 2).
Gebruik bron 2.
Vraag 9 1 punt
Geef voor begin 2017 aan of de letter A of B uit de conjunctuurklok hierbij hoort.
Bron 2
4,15 koers euro 4,11 4,12 in riyal 4,10 4,07 4,06 4,05 4,02 4,00 3,98 3,98 3,95 3,96 3,95 3,91 3,90 3,89 3,86 3,85
3,80
3,75
3,70
27 3 10 17 24 1 8 15 22 29 5 12 mrt apr apr apr apr mei mei mei mei mei jun jun
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- begin 2017: B (1)
Vraag 10 3 punten
Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst. Toenemende krapte op de arbeidsmarkt ontstaat als de …(1)… meer stijgt dan de …(2)…. Hierdoor kunnen de gemiddelde lonen …(3)…. Dat kan een positieve invloed op de …(4)… kant van de economie hebben, maar kan tevens leiden tot een gewijzigde verhouding tussen arbeid en kapitaal aan de …(5)… kant van de economie. Kies uit: bij (1) beroepsbevolking / werkgelegenheid bij (2) beroepsbevolking / werkgelegenheid bij (3) dalen / stijgen bij (4) conjunctuur / structuur bij (5) conjunctuur / structuur
Bron 2
4,15 koers euro 4,11 4,12 in riyal 4,10 4,07 4,06 4,05 4,02 4,00 3,98 3,98 3,95 3,96 3,95 3,91 3,90 3,89 3,86 3,85
3,80
3,75
3,70
27 3 10 17 24 1 8 15 22 29 5 12 mrt apr apr apr apr mei mei mei mei mei jun jun
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- bij (1) werkgelegenheid bij (2) beroepsbevolking bij (3) stijgen bij (4) conjunctuur bij (5) structuur indien (1) en (2) juist (1) indien (3) juist (1) indien (4) en (5) juist (1) (3)
Met het oog op de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt wil de overheid dat burgers goed zijn opgeleid en hun kennis en vaardigheden blijven ontwikkelen. Met als thema ‘Leven lang leren’ richt het overheidsbeleid zich op continue scholing van de beroepsbevolking.
Twee economen reageren op het overheidsbeleid en doen de volgende uitspraken:
- uitspraak 1: “Bij scholing is er sprake van intertemporele ruil. Er wordt geïnvesteerd in menselijk kapitaal. De werkgever en de werknemer hebben beiden profijt van scholing, daarom moeten ze de scholing samen regelen.”
- uitspraak 2: “Uit onderzoek blijkt dat werkgevers steeds minder investeren in menselijk kapitaal. Dat komt doordat werknemers tegenwoordig sneller en vaker van werkgever wisselen.”
Gebruik uitspraak 1.
Vraag 11 2 punten
Leg uit dat er bij investeren in menselijk kapitaal sprake is van intertemporele ruil bij de werknemer.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage
Bekijk het antwoord
- De investering nu van tijd en geld in scholing (door de werknemer) (1)
- kan later leiden tot extra opbrengsten door een hogere verdiencapaciteit. (1)
Gebruik uitspraak 2.
Vraag 12 2 punten
Leg uit dat werkgevers steeds minder investeren in menselijk kapitaal als werknemers steeds vaker van werkgever wisselen.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage
Bekijk het antwoord
- Een voorbeeld van een juiste uitleg is: Werkgevers profiteren onvoldoende van hun investering in scholing van hun werknemers, omdat werknemers weggaan voordat de werkgever zijn investering (via een hogere productie van de werknemer) heeft terugverdiend. (2)
Een voorbeeld van een maatregel die de overheid heeft genomen om het levenslange leren te bevorderen, is het fiscaal aftrekbaar maken van de scholingsuitgaven voor de werknemer. Het Centraal Planbureau (CPB) heeft in opdracht van de overheid onderzoek gedaan naar de effecten van deze overheidsmaatregel voor verschillende inkomensgroepen. Geconcludeerd wordt dat met name de volwassenen uit de lagere- inkomensgroepen weinig gebruik maken van de fiscale aftrekbaarheid voor scholingsuitgaven. Een alternatieve manier om scholing van deze volwassenen te stimuleren is een vouchersysteem: een vast scholingsbedrag voor werknemers.
Vraag 13 2 punten
Beargumenteer waarom een vouchersysteem een betere manier is dan het fiscaal aftrekbaar maken van scholingsuitgaven om scholing van volwassenen uit de lagere-inkomensgroepen te stimuleren.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage
Bekijk het antwoord
- Lagere inkomens hebben een laag marginaal tarief, waardoor een relatief klein deel van de scholingskosten wordt vergoed (1)
- terwijl bij een vouchersysteem er sprake is van een vast bedrag waardoor het volledige maximale scholingsbedrag wordt vergoed. (1)
Opgave 3 Gas vloeit rijkelijk
uit een krant, 2017: Irak
Qatar bezit een enorme voorraad Pe rz isc Iran
aardgas. Normaal wordt aardgas via Qatar he go lf pijpleidingen getransporteerd, maar het
Go Qatar fv
l an kan ook vloeibaar worden gemaakt V.A.E. Oma n
(liquefied natural gas ofwel lng) en met Oman speciale schepen worden Saudi-Arabië getransporteerd. Qatar is de grootste Sudan Rode exporteur van lng ter wereld. De zee
afnemers van lng bevinden zich vooral Eritrea Jemen
in Japan, India, Zuid-Korea en het Arabische zee Verenigd Koninkrijk, waarheen vanuit Golf van Aden Qatar geen pijpleidingen lopen. De Ethiopië
opbrengsten uit de verkoop van lng stort Qatar in het Qatarese Staatsinvesteringsfonds.
Vraag 14 2 punten
Leg uit waarom het vloeibaar maken van aardgas belangrijk is voor de exportpositie van Qatar.
Bekijk het antwoord
- Een voorbeeld van een juiste uitleg is: Door het vloeibaar maken kan aardgas ook per schip worden getransporteerd waardoor Qatar meer afzetmogelijkheden heeft. De exportpositie van Qatar wordt derhalve sterker. (2)
In april 2017 bezit het Qatarese Staatsinvesteringsfonds 17% van de aandelen van een grote Duitse autofabrikant. Deze autofabrikant maakte in het vierde kwartaal van 2016 een winst van 625 miljoen euro.
Vraag 15 2 punten
Wordt de winstuitkering van de Duitse autofabrikant aan het Qatarese Staatsinvesteringsfonds geboekt op de lopende rekening of op de kapitaalrekening van de Qatarese betalingsbalans? Licht je keuze toe.
Bekijk het antwoord
- lopende rekening Een voorbeeld van een juist antwoord is: De winstuitkering is de beloning voor het beschikbaar stellen van kapitaal (en is dus inkomen voor de kapitaalverstrekker). (2)
uit een krant, mei 2017: Op 1 mei heeft het Qatarese Staatsinvesteringsfonds een deel van de aandelen van het Russische oliebedrijf Rosneft gekocht voor een bedrag van omgerekend 10,5 miljard euro. De aandelen zijn in US dollar betaald.
Gebruik het bovenstaande krantenbericht en bron 1 en 2.
Vraag 16 2 punten
Bereken de aankoopwaarde in US dollar van de aandelen Rosneft die het Qatarese Staatsinvesteringsfonds heeft gekocht.
Bron 1
Beterzorg handhaven eigen verlagen eigen risico risico handhaven eigen 0,6 ; 1,0 0,2 ; 1,1 risico Anderzorg verlagen eigen 1,0 ; 0,2 0,5 ; 0,8 risico
Toelichting: De getallen in de matrix betreffen de verandering van de winst in miljoenen euro’s.
►►► ν
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
Opmerkingen
- Voor een andere juiste manier van afronden ook scorepunten toekennen.
- Als een afwijkend antwoord is verkregen op basis van juiste berekeningen met meer dan twee decimalen, dienen scorepunten te worden toegekend.
In juni 2017 maakt de koers van de riyal een daling door ten opzichte van de US dollar.
twee fragmenten uit een krant, juni 2017:
- fragment 1 De centrale bank van Qatar greep in op de valutamarkt om de koersdaling van de riyal ten opzichte van de US dollar tegen te gaan.
- fragment 2 Qatar wordt sinds mei 2017 geconfronteerd met een oplopende inflatie.
Gebruik fragment 1 en bron 3.
Vraag 17 2 punten
Welke grafiek uit bron 3 geeft de ingreep van de centrale bank van Qatar juist weer?
Bron 3
van Qatar
1 2 koers riyal koers riyal
A A in $ in $
V2 V1
V1 V2
Q Q aantal riyal aantal riyal
3 4 koers riyal A1 koers riyal A2 in $ in $ A2 A1
V V
Q Q aantal riyal aantal riyal
Opgave 4 Huis en hypotheek
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
Opmerking Uitsluitend 2 of 0 scorepunten toekennen.
Gebruik fragment 2.
Vraag 18 2 punten
Leg uit op welke twee manieren de koersdaling van de riyal ten opzichte van de US dollar heeft kunnen bijdragen aan de toenemende inflatie.
Bron 3
van Qatar
1 2 koers riyal koers riyal
A A in $ in $
V2 V1
V1 V2
Q Q aantal riyal aantal riyal
3 4 koers riyal A1 koers riyal A2 in $ in $ A2 A1
V V
Q Q aantal riyal aantal riyal
Opgave 4 Huis en hypotheek
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- Een koersdaling van de Qatarese riyal maakt importeren voor Qatar duurder. Als de verhoging van de importprijzen doorberekend wordt in het algemeen prijspeil, heeft dat inflatie tot gevolg (1)
- Een koersdaling van de Qatarese riyal maakt exporteren vanuit Qatar goedkoper. Als door toenemende export de capaciteitsgrenzen worden bereikt, kan dat (bestedings)inflatie tot gevolg hebben (1)
Opgave 4 Huis en hypotheek
uit een krant, 2017: Door de krapte op de Nederlandse huizenmarkt worden woningen niet alleen sneller verkocht, maar zijn ze ook veel duurder. Woningmarkt-econoom Pieter Hut: “Er moeten per jaar ongeveer 75.000 huizen worden gebouwd om de toename van het aantal huishoudens bij te houden, maar daadwerkelijk worden er jaarlijks maar 45.000 huizen gebouwd.” De voorzitter van de Nederlandse Makelaarsvereniging (NMV) vult aan: “De krapte wordt nog erger, omdat het rentepercentage momenteel historisch laag is.”
Gebruik het krantenbericht.
Vraag 19 2 punten
Leg uit of de voorzitter van de NMV redeneert vanuit de aanbodkant of de vraagkant van de woningmarkt.
Bekijk het antwoord
- De voorzitter brengt naar voren dat het rentepercentage historisch laag is, waardoor lenen goedkoper is (1)
- zodat meer mensen een hypothecaire lening kunnen afsluiten en de vraag naar woningen zal kunnen toenemen (1)
De aankoop van een woning wordt vaak gefinancierd met een hypothecaire lening. Bij een hypothecaire lening is het rentepercentage dat de bank rekent lager dan bij een consumptieve lening. De laatste 30 jaar is het nominale rentepercentage op hypothecaire leningen gedaald. In 2016 bereikte dat rentepercentage zelfs een laagterecord (zie bron 1).
Vraag 20 2 punten
Leg uit waarom banken op hypothecaire leningen een lager rentepercentage rekenen dan op consumptieve leningen.
Bron 1
Beterzorg handhaven eigen verlagen eigen risico risico handhaven eigen 0,6 ; 1,0 0,2 ; 1,1 risico Anderzorg verlagen eigen 1,0 ; 0,2 0,5 ; 0,8 risico
Toelichting: De getallen in de matrix betreffen de verandering van de winst in miljoenen euro’s.
►►► ν
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- Bij een hypothecaire lening is er sprake van een onderpand (en bij een consumptieve lening is dat niet het geval) (1)
- waardoor het risico voor de verstrekker van de lening lager is dan bij een andere vorm van lenen en derhalve een lagere rente in rekening kan worden gebracht (1)
Econoom Pieter Hut stelt:
- stelling 1: “Uit bron 1 blijkt dat de inflatie is afgenomen en dat er zelfs sprake is geweest van deflatie.”
- stelling 2: “Banken kunnen de hypotheekrente laag houden, omdat ze ook op termijn een lage inflatie verwachten.”
- stelling 3: “Bij het aanschaffen van een woning met een hypothecaire financiering van 30 jaar is er sprake van ruilen over tijd.”
Gebruik stelling 1 en bron 1.
Vraag 21 2 punten
In welk jaar of welke jaren is er sprake geweest van deflatie? Licht je antwoord toe.
Bron 1
Beterzorg handhaven eigen verlagen eigen risico risico handhaven eigen 0,6 ; 1,0 0,2 ; 1,1 risico Anderzorg verlagen eigen 1,0 ; 0,2 0,5 ; 0,8 risico
Toelichting: De getallen in de matrix betreffen de verandering van de winst in miljoenen euro’s.
►►► ν
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
Opmerking Voor één juist jaartal met juiste toelichting één scorepunt toekennen.
Vraag 22 2 punten
Geef een verklaring voor stelling 2.
Bron 1
Beterzorg handhaven eigen verlagen eigen risico risico handhaven eigen 0,6 ; 1,0 0,2 ; 1,1 risico Anderzorg verlagen eigen 1,0 ; 0,2 0,5 ; 0,8 risico
Toelichting: De getallen in de matrix betreffen de verandering van de winst in miljoenen euro’s.
►►► ν
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- Bij een lage inflatie is de (reële) waardedaling van het uitgeleende geld beperkt / is er minder risico op waardedaling (1)
- zodat banken een lagere compensatie voor geldontwaarding vragen en derhalve een lagere (nominale) rentevergoeding in rekening kunnen brengen (1)
Gebruik stelling 3.
Vraag 23 1 punt
Geef een argument waarom er bij de aanschaf van een eigen woning sprake kan zijn van ruilen over tijd.
Bron 1
Beterzorg handhaven eigen verlagen eigen risico risico handhaven eigen 0,6 ; 1,0 0,2 ; 1,1 risico Anderzorg verlagen eigen 1,0 ; 0,2 0,5 ; 0,8 risico
Toelichting: De getallen in de matrix betreffen de verandering van de winst in miljoenen euro’s.
►►► ν
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
- Voorbeelden van een juist argument zijn: − Bij de aanschaf van een koopwoning met hypothecaire financiering wordt er koopkracht van de toekomst naar voren geschoven (lenen). − Er kan sprake zijn van vermogensopbouw (verschuiven van koopkracht naar de toekomst) door aflossing van een lening / door overwaarde. (1)
Opgave 5 Wie zorgt er voor de zorgkosten?
In een land is iedere inwoner verplicht verzekerd voor de kosten van basiszorg en is er een wettelijk minimum van het eigen risico. Inwoners mogen zelf hun verzekeraar kiezen. Voor de ziektekostenverzekering wordt een contract met een looptijd van een jaar afgesloten, dat ingaat op
1 januari van het nieuwe kalenderjaar. Er zijn twee zorgverzekeraars op deze markt actief: Anderzorg en Beterzorg. Zij worden door de overheid verplicht vóór half november de voorwaarden en premies van de ziektekostenverzekeringen voor het nieuwe jaar bekend te maken. De overheid heeft deze deadline ingesteld om verzekerden de kans te geven de verzekeringen goed te vergelijken, zodat op tijd eventueel overgestapt kan worden naar de andere zorgverzekeraar.
Vraag 24 1 punt
Is er op deze markt van ziektekostenverzekeringen sprake van monopolistische concurrentie of van oligopolie? Licht je keuze toe.
Bekijk het antwoord
- oligopolie Een voorbeeld van een juiste toelichting is: Twee verzekeraars hebben de hele markt in handen. (1)
uit een krant, 14 november 2017: Anderzorg heeft de voorwaarden voor zijn ziektekostenverzekering voor komend jaar bekendgemaakt. De jaarpremie voor 2018 is vastgesteld op € 1.290 en daalt daarmee met 0,5% ten opzichte van 2017. Bovendien verlaagt Anderzorg het eigen risico van € 485 naar € 375. Gezondheidseconoom Harry Klein zegt in een interview met deze krant dat dit hem verbaast. “Gezien de stijgende zorgkosten had ik juist een premieverhoging van 10% en een verhoging van het eigen risico verwacht.” Een woordvoerder van Anderzorg bevestigt de nieuwe voorwaarden en zegt hierover: “Door schaalvoordelen zijn onze gemiddelde kosten gedaald en dat leidt tot een premieverlaging. Het eigen risico hebben wij verlaagd, omdat mensen niet altijd invloed hebben op hun zorgkosten en wij van mening zijn dat je deze ‘slechte’ risico’s niet mag benadelen. Wij pleiten voor het volledig afschaffen van het eigen risico.”
Gebruik het krantenbericht.
Vraag 25 2 punten
Bereken de premiestijging in euro’s die Harry Klein voor 2018 had verwacht.
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
- 1.296,48 × 0,10 = € 129,65 (1) of 1.290
- × 0,10 = € 129,65 (2) 0,995
- De verlaging van het eigen risico zal tot meer en/of hogere schade- uitkeringen aan bestaande klanten leiden / meer ‘slechte’ risico’s (van Beterzorg) aantrekken (1p)
- De premie bij Anderzorg zal op termijn verhoogd moeten worden om deze extra zorgkosten te kunnen dekken (1p)
Opmerking Voor een andere juiste manier van afronden ook scorepunten toekennen.
26 maximumscore 2 Een voorbeeld van een juiste uitleg is:
Gebruik het krantenbericht.
Gebruik de inleidende tekst en het krantenbericht.
Vraag 27 2 punten
Maak van de onderstaande tekst een economisch juiste redenering. De wettelijke verplichting om verzekerd te zijn voor kosten van de basiszorg is een vorm van …(1)…. De lagere gemiddelde kosten van Anderzorg kunnen het gevolg zijn van een stijging van …(2)…. Verzekerden die veel claimen hebben een …(3)… van een verlaging van het eigen risico. Kies uit: bij (1) collectieve dwang / zelfbinding bij (2) het aantal verzekerden / de toegevoegde waarde bij (3) voordeel / nadeel
Bekijk het antwoord
- (1) collectieve dwang (2) het aantal verzekerden (3) voordeel indien drie antwoorden juist (2) indien twee antwoorden juist (1) indien één antwoord juist (0) (2)
vervolg krantenbericht, 14 november 2017: Op de opmerking van Anderzorg om via een verlaging van het eigen risico de solidariteit tussen ‘goede’ en ‘slechte’ risico’s te bevorderen, reageert gezondheidseconoom Harry Klein “Dat is naar mijn mening niet de reden van de verlaging van het eigen risico. De reden is dat Anderzorg en Beterzorg een gevangenendilemma ervaren.”
Harry Klein heeft ter onderbouwing van bovenstaande uitspraak in het krantenbericht een pay-offmatrix gemaakt. Hierin wordt de winstverandering bij de mogelijke keuzes van beide zorgverzekeraars weergegeven (zie bron 1).
Gebruik bron 1.
Vraag 28 3 punten
Beredeneer of beide verzekeraars inderdaad in deze situatie in een gevangenendilemma terecht komen. Ga als volgt te werk:
- Leg uit hoe de dominante strategie van elk van de verzekeraars tot stand komt.
- Beredeneer vervolgens of er sprake is van een gevangenendilemma.
Bron 1
Beterzorg handhaven eigen verlagen eigen risico risico handhaven eigen 0,6 ; 1,0 0,2 ; 1,1 risico Anderzorg verlagen eigen 1,0 ; 0,2 0,5 ; 0,8 risico
Toelichting: De getallen in de matrix betreffen de verandering van de winst in miljoenen euro’s.
►►► ν
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Bijlage · Opgaven
Bekijk het antwoord
Opmerking Voor het volledig toekennen van de eerste twee scorepunten moet een bewijs worden gegeven van beide dominante strategieën.
Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen havo Economie 2019, tijdvak 2. Afbeeldingen en de exacte opmaak staan in het originele examen: https://www.examenblad.nl/2019/havo/documenten/cse-2/ha-1022-a-19-2-o
Andere examens economie havo
- 2026, tijdvak 1
- 2026, tijdvak 2
- 2025, tijdvak 1
- 2025, tijdvak 2
- 2024, tijdvak 1
- 2024, tijdvak 2
- 2023, tijdvak 1
- 2023, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 1
- 2022, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 3
- 2021, tijdvak 1
- 2021, tijdvak 2
- 2021, tijdvak 3
- 2019, tijdvak 1
- 2018, tijdvak 1
- 2018, tijdvak 2
Hoe ToetsChecker economie per vraagtype nakijkt, lees je op economie toetsen nakijken met AI.
Veelgestelde vragen
Hoeveel vragen heeft het eindexamen economie havo 2019, tijdvak 2?
Het centraal examen economie havo 2019, tijdvak 2 loopt tot vraag 28. Van 27 vragen staat het onderwerp in de vragenbank. De meeste vragen gaan over geld en inflatie (5), overheid en belastingen (3) en productie en kosten (3).
Wat zijn de antwoorden van het examen economie havo 2019, tijdvak 2?
Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.
Waar vind ik het correctievoorschrift van economie havo 2019, tijdvak 2?
Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2019/havo/documenten/cse-2/ha-1022-a-19-2-c).
Hoe oefen ik met het examen economie havo 2019, tijdvak 2 en krijg ik feedback?
Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.