Eindexamen Nederlands vmbo-gl/tl 2023, tijdvak 1: vragen en antwoorden

Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Tekst 1 Ook de snapchatgeneratie vindt technologie vaak, Tekst 2 In 2025 proefdiervrij? Nee, die termijn zal Nederland, Tekst 3 Schoon en veilig drinkwater is onbetaalbaar, Tekst 4 De strijd van de bieb om de puber die niet lezen wil, Schrijfopdracht.

Kort antwoord

Het centraal examen Nederlands vmbo-gl/tl 2023, tijdvak 1 telt 36 vragen. De meeste vragen gaan over leesvaardigheid (16), tekstverbanden en signaalwoorden (7) en tekstsoorten en tekstdoelen (6). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.

Onderwerpen in dit examen

Onderwerp per vraag in het centraal examen Nederlands vmbo-gl/tl 2023, tijdvak 1. Elke vraag is eenmalig door een AI-model bij een onderwerp ingedeeld; per vraag kan dat afwijken.
OnderwerpVragenAantal
Leesvaardigheid2, 4-7, 13-15, 23-25, 27-29, 33-3416
Tekstverbanden en signaalwoorden1, 8, 10, 12, 20, 26, 317
Tekstsoorten en tekstdoelen11, 18-19, 21, 30, 356
Samenvatten3, 16, 323
Argumentatie9, 172
Stijlfouten221
Schrijfvaardigheid361

Vergeleken met andere jaren

De verdeling over de onderwerpen ligt dicht bij het gemiddelde van de andere 17 examens Nederlands vmbo-gl/tl sinds 2018. Geen enkel onderwerp wijkt meer dan zes procentpunten af.

Opgaven en correctievoorschrift

De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.

Oefenen als leerling

Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen Nederlands vmbo-gl/tl 2023, tijdvak 1 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.

Nakijken als docent

  1. Start gratis vanaf deze pagina

    Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen Nederlands vmbo-gl/tl 2023, tijdvak 1 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.

  2. Laat de klas het examen maken

    Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.

  3. Geef de resultaten vrij

    Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.

ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.

Vragen en antwoorden

Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen Nederlands vmbo-gl/tl 2023, tijdvak 1. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.

Tekst 1 Ook de snapchatgeneratie vindt technologie vaak

Ook de snapchatgeneratie vindt technologie vaak ingewikkeld

(1) Ze groeiden op met smartphones, opdracht in als pdf. Upload als maar ook jongeren begrijpen bijlage. Maak een mapje. Niemand technologie eigenlijk niet altijd. Hoe die het ze geleerd heeft, omdat school je ze bij? gedacht werd dat ze het wel weten.”

5 (2) Deze generatie snapt technologie 30 (5) Het verschil tussen wat leerlingen wel, wordt vaak gedacht. Jongeren digitaal kunnen, is groot. Dit blijkt uit zijn verslaafd aan TikTok, verslingerd een leerlingenmonitor in opdracht aan WhatsApp, verknocht aan van Kennisnet, die deze maandag Snapchat

  • hún hoef je technologie verschijnt. Voor dit onderzoek, uit-

10 niet meer uit te leggen. 35 gevoerd door de Universiteit Twente, (3) Maar dat is een misvatting. “Als maakten 746 leerlingen tussen 10 en de knoppencombinaties anders zijn, 13 jaar een digitale toets, waarbij ze of de plaatjes, dan weten sommigen bijvoorbeeld een sterk wachtwoord niet meer hoe een programma moesten bedenken en informatie op

15 werkt”, zegt onder meer Wouter de 40 internet moesten opzoeken. Vwo’ers Jong, docent Engels op het Stedelijk blijken over meer digitale vaardig- Gymnasium in Leiden. “Geef heden te beschikken dan vmbo’ers, jongeren Signal in plaats van maar er zijn ook hoog presterende WhatsApp en een deel zal het niet vmbo’ers en laag presterende

20 snappen.” 45 vwo’ers. (4) Ook Jelte Wouters, docent bij (6) Dat maakt de situatie voor leraren Terra, een groene vmbo- en praktijk- ‘uiterst complex’, is de conclusie. school in Winsum, zegt dat Temeer omdat de verschillen tussen schijnbaar simpele opdrachten niet leraren óók groot zijn, zo blijkt uit een

25 altijd worden begrepen. “Lever de 50 monitor in opdracht van de

PO-Raad1), die ook deze maandag Leerlingen moeten bijvoorbeeld een verschijnt. Leraren zetten ICT op griezelverhaal schrijven en de heel verschillende manieren in, zo 100 griezelige woorden in het tekst- blijkt. verwerkingsprogramma vet of

55 (7) Dat digitale vaardigheden onderstreept maken. “Zo slaan we (‘geletterdheid’) belangrijk zijn, twee vliegen in één klap”, zegt daarover zijn de meesten het wel projectleider Lisette Neijzen. Ook eens. Het onderwerp kreeg aandacht 105 Wouter de Jong, docent Engels, nadat de KNAW2) in 2013 rapporteer- schenkt op die manier aandacht aan

60 de dat het onderwijs jongeren niet digitale vaardigheden. Hij vroeg genoeg gereedmaakt om zich te bijvoorbeeld eens een boekverslag redden in de gedigitaliseerde samen- als blog te schrijven, waarvoor leving. Jongeren zijn weliswaar 110 leerlingen een WordPress-account vaardig met hun smartphone, aldus moesten maken. Dat lukte bij

65 dat rapport, maar ze hebben weinig sommigen niet. inzicht in de risico’s van digitale (11) Hij zegt: “Veel ICT-gebruiks- communicatie. De Tweede Kamer gaf aanwijzingen zijn ‘kleine weet- in 2017 de opdracht digitale 115 dingetjes’. En de ethische kant, ook geletterdheid in het curriculum3) op te mediawijsheid genoemd, kun je als

70 nemen. Een plan hiervoor ligt nu bij docent behandelen als je de kans de politiek, als onderdeel van de ziet, al is het maar een paar minuten brede vernieuwing curriculum.nu. aan het begin van de les. Vorige (8) Veel scholen besteden er wel op 120 week nog liet een leerling een een bepaalde manier aandacht aan. afbeelding zien op haar telefoon

75 Hoe ze dat doen, verschilt. Digitale waaruit zou blijken dat de komst van geletterdheid is een breed onder- het coronavirus al lang is voorspeld. werp: het gaat van weten hoe Word Ik zei: Wat is de bron? En heb je het werkt tot hoe je je privacy kunt 125 al doorgestuurd naar je vriendinnen? beschermen, van informatie Zo wordt nepnieuws nou verspreid.”

80 opzoeken tot programmeren. (12) “Het helpt natuurlijk ook een (9) Volgens Anko van Hoepen, vice- hoop als leerlingen ergens het nut voorzitter van de PO-Raad, is er een van inzien”, zegt De Jong. “Excel beweging gaande waarbij school- 130 vinden ze magisch. Ik heb met een besturen kijken hoe ze het vakgebied leerling een afspraak gemaakt om te

85 in bestaande lessen kunnen kijken hoe hij zijn kosten en integreren. “Scholen zien dit niet inkomsten kan verwerken

  • dat wil hij meer als iets wat erbij komt. Het is graag, hij gaat op kamers.” niet meer zoals vroeger: breng een 135 (13) “Op het Terra in Winsum krijgen computer de school in en klaar zijn eersteklassers sinds vijf jaar een

90 we.” training in de voor- en nadelen van (10) Schoolbestuur Jong Leren sociale media”, vertelt directeur Jelte bijvoorbeeld, waar 26 basisscholen Wolters. “Er komen leerlingen binnen rondom Heemstede onder vallen, 140 van 110 verschillende basisscholen, zette met acht andere besturen het we zagen dat er een groot verschil in

95 project ‘App Noot Muis’ op. Daarbij normen en waarden was. Over of je wordt digitale geletterdheid wel of niet direct moet reageren in geïntegreerd in de taallessen. een groepsapp bijvoorbeeld en of je

145 zomaar iemand kunt taggen.” stuk digitaal vaardiger zijn dan tien (14) “Het valt elke keer weer op jaar geleden. “Laatst was er in een hoeveel jongeren tussen de 12 en 14 klas een mooie discussie. Leerlingen jaar al meegemaakt hebben op kwamen tot de conclusie dat de internet”, zegt Wolters. “Bijna de helft 160 komst van digitale middelen ook

150 is weleens benaderd in de privéchat beperkt: als je je telefoon niet goed van een game, door een onbekende, instelt, weten vrienden waar je zit. die vragen stelt als: Hoe zie je eruit?” Als je niet binnen een minuut (15) Arjan Stoffels, directeur van reageert, worden ze boos, ook al ben vakcollege ISW Irenestraat in 165 je aan het eten. Je bent minder vrij.”

155 Poeldijk, ziet dat leerlingen al een

naar een artikel van Mirjam Remie, NRC, 16 maart 2020

noot 1 PO-Raad: vereniging voor het basisonderwijs noot 2 KNAW: De Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen is een organisatie van topwetenschappers, die de regering adviseert. noot 3 curriculum: het leerplan van een school of opleiding

Vraag 1 1 punt

Hoe wordt de tekst ingeleid in alinea 1? De tekst wordt ingeleid door een vraag te stellen die belangrijk is voor de tekst en door

  1. A de aanleiding voor het schrijven van de tekst te geven.
  2. B een anekdote bij de tekst te vertellen.
  3. C een voorbeeld bij het onderwerp van de tekst te geven.
  4. D het centrale probleem van de tekst te benoemen.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Antwoord: D

Vraag 2 1 punt

In alinea 1 staat dat jongeren technologie niet altijd begrijpen. Citeer de zin uit alinea 2, alinea 3 of alinea 4 die de oorzaak hiervan noemt.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Als de kandidaat meer of minder citeert, geen scorepunt toekennen.

Vraag 3 1 punt

Als je een samenvatting gaat maken van de hele tekst, welke zin uit alinea 5 moet dan zeker worden opgenomen in de samenvatting?

  1. A Het verschil tussen wat leerlingen digitaal kunnen, is groot.
  2. B Dit blijkt uit een leerlingenmonitor in opdracht van Kennisnet, die deze maandag verschijnt.
  3. C Voor dit onderzoek, uitgevoerd door de Universiteit Twente, maakten 746 leerlingen tussen 10 en 13 jaar een digitale toets, waarbij ze

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Antwoord: A

Vraag 4 1 punt

“Dat digitale vaardigheden (‘geletterdheid’) belangrijk zijn, daarover zijn de meesten het wel eens.” (regels 55-58) Citeer de zin uit alinea 7 waaruit het duidelijkst blijkt dat de politiek digitale vaardigheden belangrijk vindt.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Als de kandidaat meer of minder citeert, geen scorepunt toekennen.

Vraag 5 1 punt

“Hoe ze dat doen, verschilt. (regel 75) Digitale geletterdheid is een breed onderwerp: het gaat van weten hoe Word werkt tot hoe je je privacy kunt beschermen, van informatie opzoeken tot programmeren.” (regels 75-80)

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • Antwoord: D (1)

Vraag 6 1 punt

“(…) is er een beweging gaande waarbij schoolbesturen kijken hoe ze het vakgebied in bestaande lessen kunnen integreren.” (regels 82-86) Kruis in de tabel in de uitwerkbijlage aan welke activiteiten voorbeelden zijn van geïntegreerde digitale geletterdheid.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Scorepunt alleen toekennen wanneer alleen de twee juiste antwoorden zijn aangekruist.

Vraag 7 1 punt

In alinea 10 wordt het ‘App Noot Muis’-project genoemd. Citeer de zin uit alinea 10 die samenvat wat dit project inhoudt.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Als de kandidaat meer of minder citeert, geen scorepunt toekennen.

Vraag 8 1 punt

Wat is het verband tussen de alinea’s 11, 12 en 13?

  1. A Alinea’s 12 en 13 geven een gevolg bij alinea 11.
  2. B Alinea’s 12 en 13 geven voorbeelden bij alinea 11.
  3. C Alinea’s 12 en 13 vormen een opsomming samen met alinea 11.
  4. D Alinea’s 12 en 13 vormen een tegenstelling bij alinea 11.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Antwoord: C

Vraag 9 1 punt

Alinea 14 bestaat uit twee uitspraken van Jelte Wolters: zin 1: “Het valt elke keer weer op hoeveel jongeren tussen de 12 en 14 jaar al meegemaakt hebben op internet.” zin 2: “Bijna de helft is weleens benaderd in de privéchat van een game, door een onbekende, die vragen stelt als: Hoe zie je eruit?”

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • Antwoord: A (1)

Vraag 10 1 punt

Wat is de functie van alinea 15? Alinea 15 geeft

  1. A een conclusie.
  2. B een nuancering.
  3. C een samenvatting.
  4. D een toekomstverwachting.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Antwoord: B

Vraag 11 1 punt

Wat is het belangrijkste doel van deze tekst? De tekst wil lezers

  1. A ervan overtuigen dat jongeren digitale vaardigheden nodig hebben in de maatschappij.
  2. B ervan overtuigen dat scholen digitale geletterdheid moeten aanbieden.
  3. C informeren over het feit dat ook jongeren digitale vaardigheden moeten leren.
  4. D informeren over wat digitale geletterdheid onder jongeren precies inhoudt.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Antwoord: C

Tekst 2 In 2025 proefdiervrij? Nee, die termijn zal Nederland

In 2025 proefdiervrij? Nee, die termijn zal Nederland niet halen (1) In Nederland worden jaarlijks van de test. Het vaccin tegen tetanus meer dan 400.000 dieren gebruikt bijvoorbeeld testten we vroeger door voor onderzoek. Het zijn vooral een dier ermee in te enten en het muizen en ratten die worden ingezet 45 een paar weken later een hoge dosis

5 voor wetenschappelijk onderzoek of van de tetanusbacterie te geven. om de risico’s van giftige stoffen te Overleefde het dier de test, dan was bepalen. Donderdag wijdt het College het vaccin werkzaam. Nu nemen we ter Beoordeling van Geneesmiddelen bij ingeënte muizen bloed af en (CBG) een studiedag aan het terug- 50 kijken we hoeveel antistoffen erin

10 dringen van het proefdiergebruik voor zitten. Dat scheelt het dier veel leed medicijnen. Dat betreft een op de en bezorgt ons veel meer informatie. drie proefdieren. “We gaan gestaag En bij vaccins tegen difterie testen de goede kant op”, zegt Coenraad we de veiligheid op celkweken. Dan Hendriksen, een van de sprekers en 55 hebben we helemaal geen proef-

15 emeritus hoogleraar 1) Alternatieven dieren meer nodig.” voor Dierproeven. Maar uitbannen is (4) Waarom doen we dat dan niet lastig. “We leven in een hypocriete vaker? maatschappij. We willen geen “Het klinkt gemakkelijker dan het is, dierproeven, maar wel veilige en 60 want bij andere vaccins begrijpen we

20 werkzame geneesmiddelen.” het mechanisme niet goed genoeg. (2) Waarom zijn al die proefdieren We zitten ook met de regelgeving. Is nodig? zo’n proefdierloze test bijvoorbeeld “We hebben in Europa in regelgeving wel goed genoeg? Uitgebreide vastgelegd aan welke eisen de testen 65 studies zijn nodig om dat te bewijzen.

25 voor die medicijnen en vaccins En soms keurt Europa de test goed, moeten voldoen, voordat ze worden maar eist Japan toch de oude toegelaten. Dat betekent dat je het al dierproef.” gauw over honderd dieren per test (5) Hoe zit het met alternatieven, hebt. Je moet toetsen op veiligheid 70 zoals organen op een chip?

30 en op werkzaamheid. Soms moet je “Dat is een veelbelovende een nieuw middel vergelijken met ontwikkeling. Tien jaar terug konden bestaande middelen. Bij medicijnen we middelen hooguit op celkweken ben je dan klaar, die worden testen. Met zo’n orgaan op een chip industrieel gemaakt. Maar een vaccin 75 kun je bijvoorbeeld een minilevertje

35 is een biologisch product, dat bevat nabootsen en heb je verschillende soms de gedode ziektekiem. Daarom celtypen bijeen. Dat biedt mogelijk- moet je elke partij opnieuw testen.” heden, maar heeft tijd nodig. De (3) Moeten het er zo veel zijn? voormalige staatssecretaris Martijn “Het gebruik is al flink verminderd. 80 van Dam heeft eens gezegd dat

40 Bijvoorbeeld door andere procedures Nederland in 2025 proefdiervrij zou te gebruiken of een slimmere opzet moeten zijn. We gaan de goede kant

op, maar die termijn zullen we niet zoektocht en dus zelfs lastig te halen.” 95 standaardiseren. Maar de vraag is

85 (6) Waarom niet? ook: wat willen we als maatschappij? “Op andere terreinen is het gelukt. In We willen naar de tropen kunnen de cosmetica bijvoorbeeld. reizen en kunnen beschikken over Cosmetische producten die op dieren geteste vaccins die beschermen zijn getest, mogen in Europa niet 100 tegen de infecties die we daar

90 meer worden verkocht. Je hebt ook kunnen oplopen. En we willen niet nog het wetenschappelijk onderzoek, zelf proefkonijn zijn. Dat is dubbel, naar hartziekten of de ziekte van daar moeten we het als maatschappij Alzheimer. Dat is veelal een over hebben.”

naar een artikel van Joep Engels, Trouw, 13 februari 2020

noot 1 emeritus hoogleraar: gepensioneerde professor

Vraag 12 1 punt

In alinea 1 wordt de tekst ingeleid door de aanleiding voor het schrijven van de tekst te geven. Op welke twee andere manieren wordt de tekst ingeleid in alinea 1? Kruis in de tabel in de uitwerkbijlage de juiste antwoorden aan.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Scorepunt alleen toekennen wanneer alleen de twee juiste antwoorden zijn aangekruist.

Vraag 13 1 punt

“Dat betreft een op de drie proefdieren.” (regels 11-12) Waar verwijst ‘Dat’ naar? Citeer het zinsgedeelte waar ‘Dat’ naar verwijst.

Bekijk het antwoord

Opmerking Als de kandidaat meer of minder citeert, geen scorepunt toekennen.

Vraag 14 1 punt

In alinea 1 zegt Hendriksen: “We gaan gestaag de goede kant op.” (regels 12-13) Wat bedoelt hij met deze uitspraak?

  1. A Alternatieven voor dierproeven worden langzaam uitgebannen.
  2. B Binnenkort is er een studiedag over proefdiergebruik voor medicijnen.
  3. C De geneesmiddelen worden steeds veiliger en werkzamer.
  4. D Er worden steeds minder proefdieren gebruikt voor medicijnen.
Bekijk het antwoord

Antwoord: D

Vraag 15 2 punten

In alinea 2 legt Hendriksen het verschil uit tussen proefdiertesten voor medicijnen en proefdiertesten voor vaccins. Wat is het verschil tussen deze testen? Vul de zin in de uitwerkbijlage aan. Gebruik hiervoor de informatie uit alinea 2. Gebruik in totaal maximaal 30 woorden.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Voorbeeld uit het correctievoorschrift:

De kern van een goed antwoord is: Zowel bij medicijnen als bij vaccins worden de veiligheid en de werkzaamheid van het middel met proefdieren getest, maar

Opmerkingen

  • In het antwoord van de kandidaat moet duidelijk de tegenstelling worden gegeven: óf klaar zijn als je het middel hebt vergeleken / één keer testen versus elke keer opnieuw testen óf industrieel product versus biologisch product.
  • Als de kandidaat in het antwoord in totaal meer dan 30 woorden gebruikt, 1 scorepunt in mindering brengen op de behaalde score.

Vraag 16 1 punt

Welke zin uit alinea 3 bevat informatie die zeker in een samenvatting van deze tekst opgenomen moet worden?

  1. A Het gebruik is al flink verminderd.
  2. B Overleefde het dier de test, dan was het vaccin werkzaam.
  3. C En bij vaccins tegen difterie testen we de veiligheid op celkweken.
  4. D Dan hebben we helemaal geen proefdieren meer nodig.
Bekijk het antwoord

Antwoord: A

Vraag 17 1 punt

Hendriksen vindt de maatschappij hypocriet als het gaat om dierproeven. Maak duidelijk wat volgens hem tegenstrijdig is. Noteer het antwoord in de uitwerkbijlage. Baseer je antwoord op de informatie uit alinea 6. Gebruik maximaal 25 woorden.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerkingen

  • Het antwoord moet beide elementen bevatten voor toekenning van het scorepunt.
  • Uit het antwoord moet duidelijk blijken dat er sprake is van een tegenstelling of tegenstrijdigheid.
  • Als de kandidaat meer dan 25 woorden gebruikt, geen scorepunt toekennen.

Vraag 18 1 punt

Met welk doel lijkt deze tekst te zijn geschreven? De tekst wil de lezer vooral

  1. A informeren over de verschillende ontwikkelingen in het proefdiergebruik voor geneesmiddelen.
  2. B informeren over het feit dat mensen hypocriet zijn als het gaat om hun houding tegenover proefdiergebruik.
  3. C overtuigen van de noodzaak om proefdieren voor geneesmiddelenonderzoek te gebruiken.
  4. D overtuigen van het feit dat proefdiergebruik voor medicijnen teruggedrongen moet worden.
Bekijk het antwoord

Antwoord: A

Tekst 3 Schoon en veilig drinkwater is onbetaalbaar

Schoon en veilig drinkwater is onbetaalbaar In 2021 betaal je € 0,70 voor 1.000 liter (1 m3) perfect drinkwater en € 45,78 per jaar voor vastrecht. Beide bedragen zijn inclusief 9% btw. Schoon en veilig drinkwater is goedkoop, maar tegelijk onbetaalbaar, omdat het van groot belang is voor onze gezondheid en ons welzijn. Maar ons drinkwater staat door allerlei factoren steeds meer onder druk. Om het voor de toekomst veilig te stellen, gaan we in die toekomst investeren. Onze ambitie daarbij is helder: in 2030 willen we dat elke druppel duurzaam is. Lees meer over onze ambitie en de nieuwe tarieven op Vitens.nl.

water voor nu en later Vitens noot 1 vastrecht: onveranderlijk bedrag dat je betaalt voor het gebruik van water

naar een advertentie van Vitens in de Volkskrant, 30 november 2020

Vraag 19 1 punt

De foto in deze advertentie trekt de aandacht van de lezer. Welke andere functie heeft de foto in deze advertentie?

  1. A De foto is nodig om de tekst te kunnen begrijpen.
  2. B De foto ondersteunt de inhoud van de tekst.
  3. C De foto toont de inhoud van de bijbehorende tekst.
  4. D De foto voegt nieuwe inhoudselementen aan de tekst toe.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Antwoord: B

Vraag 20 1 punt

In de tekst staat: “Om het voor de toekomst veilig te stellen, gaan we in die toekomst investeren.” Van welk tekstverband is sprake in deze zin?

  1. A doel - middel
  2. B oorzaak - gevolg
  3. C probleem - oplossing
  4. D uitspraak - voorwaarde
Bekijk het antwoord

Antwoord: A

Vraag 21 1 punt

Behalve het doel om lezers aan te sporen de website te bezoeken, heeft Vitens nog een doel met deze advertentie. Welk doel is dat?

  1. A lezers informeren over de toekomstplannen en de prijzen van drinkwater
  2. B lezers overhalen om geld te investeren in nieuwe waterzuiveringsinstallaties
  3. C lezers overtuigen van de noodzaak om duurzaam water te produceren
  4. D lezers waarschuwen voor risico’s van niet-duurzaam geproduceerd drinkwater
Bekijk het antwoord

Antwoord: A

Vraag 22 1 punt

In de advertentie wordt beweerd dat schoon en veilig drinkwater onbetaalbaar is. Wat bedoelt Vitens met ‘onbetaalbaar’?

  1. A Vitens denkt dat schoon en veilig drinkwater in de toekomst een schaarste wordt.
  2. B Vitens vindt dat schoon en veilig drinkwater van een onschatbare waarde is.
  3. C Vitens vreest dat schoon en veilig drinkwater voor sommige mensen erg duur is.
  4. D Vitens waarschuwt dat schoon en veilig drinkwater in de toekomst duurder wordt.
Bekijk het antwoord

Antwoord: B

Tekst 4 De strijd van de bieb om de puber die niet lezen wil

De strijd van de bieb om de puber die niet lezen wil (1) Hiphop en de bibliotheek: niet (5) Lezen én nog eens lezen is de meteen een combinatie die je oplossing. Maar bijna de helft van verwacht. Toch klinken in de onze 15-jarigen vindt lezen tijd- openbare bibliotheek in Veenendaal 45 verspilling. Als Marleen Davelaar,

5 op een van de verdiepingen zware docent Nederlands in Veenendaal, beats. Wie de klanken volgt en een aan leerlingen uit klas 4 vmbo vraagt hoofd om de deur steekt, wordt wie er thuis weleens voor de lol een verrast door een lichte zweetgeur. boek pakt, steekt niemand zijn hand Een groep 16-jarigen staat in een 50 op. En de (school)bieb bezoeken ze

10 zaaltje fanatiek te dansen. ook niet voor hun plezier. (2) Hiphopdanser Melano Bruinhart (6) Dat geldt ook voor de 16-jarige (22) doet de jongeren voor hoe ze de Romy. Terwijl ze in de mediatheek juiste bounce in hun lijf kunnen haar vingers langs wat kaften laat brengen. Zij doen hem vol overgave 55 gaan, keurt ze de boeken vooral op

15 na. De bibliotheek hoopt met de les dikte. Hoe dunner, hoe beter. Kleine eenzelfde soort enthousiasme los te letters? Een echte afknapper. “Ik kijk maken voor boeken en lezen. liever filmpjes of ga met mijn Vanzelf gaat dat namelijk niet. “Je vriendinnen de stad in. Dan ben ik moet ze echt verleiden om hier te 60 nog een beetje sociaal bezig.”

20 komen”, zegt medewerker Cornelie (7) Davelaar, die zelf ook havo- en de Kuijper. vwo-klassen lesgeeft, maakt zich (3) Bibliotheken in Nederland hebben grote zorgen. “Bij 5 vwo denk je dat het moeilijk: het afgelopen het anders is. Dat ze toch wel zullen decennium verdwenen er bijna 140. 65 lezen. Nou, echt niet. Dat blijft bij een

25 De Raad van Cultuur, die vandaag enkeling.” De ontlezing is volgens met een advies over bibliotheken haar te merken in de les. “Ze kunnen komt voor het ministerie van OCW1), niet goed lange teksten lezen en vindt die ontwikkeling zorgelijk. Want hoofdzaken van bijzaken scheiden.” de bieb is een belangrijke troef in de 70 (8) Hun vwo-diploma zullen de

30 strijd om jongeren weer aan het leerlingen wel halen, denkt ze, maar lezen te krijgen. hoe moet het straks verder op het (4) Het leesniveau onder 15-jarigen hbo of de universiteit als ze echte holt hard achteruit. Internationaal bronnen moeten bestuderen? In haar gezien scoort Nederland op het 75 lessen moeten de leerlingen daarom

35 gebied van leesvaardigheid nu onder verplicht tien minuten lezen. Ook zijn het gemiddelde. Drie jaar geleden op haar initiatief de scholieren stonden we op de twaalfde plek, nu pasgeleden allemaal lid geworden op plaats 23. Bijna een kwart van de van de bieb. jongeren loopt het risico de school- 80 (9) “De mediatheek op school

40 banken als laaggeletterde te dreigde namelijk te worden verlaten. wegbezuinigd”, vertelt ze. De schoolbieb kon uiteindelijk toch

openblijven, maar de Veenendaalse (12) De bibliotheek in Veenendaal

85 openbare bibliotheek kreeg er door probeert via de hiphoples die deze actie wel in één klap duizend aansluiting wel te vinden. Volgens nieuwe leden bij. Jongeren die De Kuijper is de link tussen beats, eerder, van huis uit, geen eigen 115 boeken en bibliotheken helemaal niet bibliotheekpas hadden. “Ja, dat zegt zo gek. “Als je hiphopteksten leest,

90 eigenlijk ook wel wat”, merkt dat is zo’n creatieve manier van Davelaar op. omgaan met taal. Hiphop is eigenlijk (10) De Onderwijsraad benadrukt dat gewoon poëzie op muziek.” het lezen op allerlei vlakken onder 120 (13) De dansles valt bij de jongeren druk staat. Thuis lezen ouders steeds in de smaak. “We zijn lekker in

95 minder vaak. Jongeren missen zo beweging en leren nieuwe dingen”, een goed voorbeeld, leren niet dat zegt een jongen. Na afloop van de lezen ook leuk en ontspannend kan les wil De Kuijper van de jongeren zijn. Wie opgroeit bij niet-lezende 125 graag horen wat de bibliotheek kan ouders komt ook thuis geen doen om hen voor zich te winnen.

100 rondslingerende boeken tegen die de “Zo’n hiphoples helpt wel”, zegt een interesse kunnen wekken. van hen. (11) Ondertussen is het op scholen (14) Een paar jongens lopen mee met de schoolbieb vaak droevig 130 naar het speciaal overgebrachte gesteld, stelt de Onderwijsraad boekenrek met boeken over hiphop

105 samen met de Raad voor Cultuur en straatcultuur. Want, zo heeft vast. Het is een mediatheek met te danser Melano Bruinhart ze op het vaak een nadruk op computers. Ook hart gedrukt: “Hiphop bestaat uit sluiten de onderwerpen van de 135 ongeschreven regels. Maar het is boeken te weinig aan op de soms toch belangrijk die vast te

110 leefwereld van de jongeren. leggen. En dat gebeurt in boeken.”

naar een artikel van Nieuwsuur op NOS.nl, 12 november 2020

noot 1 ministerie van OCW: ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

De teksten die voor dit examen gebruikt zijn, zijn bewerkt om ze geschikt te maken voor het examen. Dit is gebeurd met respect voor de opvattingen van de auteur(s). Wie kennis wil nemen van de oorspronkelijke tekst(en), raadplege de vermelde bronnen. Het College voor Toetsen en Examens is verantwoordelijk voor vorm en inhoud van dit examen.

►►► ν

Vraag 23 1 punt

Wat is het hoofdonderwerp van deze tekst?

  1. A activiteiten om de leesmotivatie van jongeren in kaart te brengen
  2. B activiteiten om jongeren aan het lezen te krijgen
  3. C inspanningen van bibliotheken om meer leden te werven
  4. D inspanningen van scholen om jongeren meer te laten lezen
Bekijk het antwoord

Antwoord: B

Vraag 24 1 punt

Waarom worden in de bibliotheek van Veenendaal hiphoplessen gegeven? Vul de zin in de uitwerkbijlage aan.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord
  • De kern van een goed antwoord is: In de bibliotheek van Veenendaal worden hiphoplessen gegeven, omdat de bibliotheek jongeren/pubers naar de bibliotheek wil krijgen / de bibliotheek jongeren/pubers wil overhalen om naar de bibliotheek te komen / de bibliotheek jongeren enthousiast wil maken voor boeken en lezen / de bibliotheek (zo) de aansluiting met jongeren wil vinden. (1)

Vraag 25 1 punt

Citeer de zin uit alinea 4 waarin duidelijk wordt waarom de daling van het leesniveau van jongeren een probleem is.

Bekijk het antwoord

Opmerking Als de kandidaat meer of minder citeert, geen scorepunt toekennen.

Vraag 26 1 punt

Wat is het verband tussen alinea 5 en alinea 6? Alinea 6 geeft een

  1. A aanleiding voor de constatering van Marleen Davelaar.
  2. B bewering over de afnemende leesmotivatie.
  3. C uitleg bij de constatering van Marleen Davelaar.
  4. D voorbeeld van de afnemende leesmotivatie.
Bekijk het antwoord

Antwoord: D

Vraag 27 1 punt

Docent Marleen Davelaar signaleert bij haar leerlingen een probleem als gevolg van de ontlezing. Citeer de zin uit alinea 7 of alinea 8 waarin dit probleem wordt vermeld.

Bekijk het antwoord

Opmerking Als de kandidaat meer of minder citeert, geen scorepunt toekennen.

Vraag 28 1 punt

In alinea 10 staan de volgende twee zinnen: “Thuis lezen ouders steeds minder vaak. Jongeren missen zo een goed voorbeeld, leren niet dat lezen ook leuk en ontspannend kan zijn.” (regels 94-98)

Bekijk het antwoord
  • Antwoord: B (1)

Vraag 29 1 punt

In de tekst wordt beweerd dat er een verband is tussen hiphop en lezen. Citeer de zin uit alinea 2, alinea 12 of alinea 14 die dit verband het best duidelijk maakt.

Bekijk het antwoord

Opmerking Als de kandidaat meer of minder citeert (per juiste zin), geen scorepunt toekennen.

Vraag 30 1 punt

Wat is het doel van deze tekst?

  1. A lezers informeren over activiteiten van bibliotheken om ontlezing te bestrijden
  2. B lezers informeren over het verband tussen hiphop en boeken
  3. C lezers overtuigen van het belang van hiphoplessen in de bibliotheek
  4. D lezers overtuigen van het nut van de bibliotheek om ontlezing tegen te gaan
Bekijk het antwoord

Antwoord: A

Vraag 31 1 punt

Waarmee wordt de tekst in de alinea’s 12 tot en met 14 afgesloten?

  1. A met een conclusie over hiphoplessen in de bibliotheek
  2. B met nieuwe informatie over manieren om ontlezing tegen te gaan
  3. C met een samenvatting van de activiteiten in de bibliotheek
  4. D met een verwijzing naar het voorbeeld uit de alinea’s 1 en 2
Bekijk het antwoord

Antwoord: D

Vraag 32 2 punten

Je moet een samenvatting van tekst 4 maken, met het onderwerp ‘ontlezing’. Welke vijf zinnen uit de tekst bevatten informatie die zeker in de samenvatting opgenomen moet worden? Kruis de juiste antwoorden aan in de tabel in de uitwerkbijlage.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking Als de kandidaat meer dan vijf zinnen heeft aangekruist, geen scorepunt toekennen.

Vraag 33 1 punt

Het tekstfragment begint met de zin: “Boekenwinkels zien de laatste tijd iets opmerkelijks: een boek verkoopt ineens zo goed dat het bijna meteen is uitverkocht.” Waarom is dit opmerkelijk, gezien wat er in tekst 4 wordt geconstateerd over de leesmotivatie van jongeren? Noteer je antwoord in eigen woorden in de uitwerkbijlage en gebruik hiervoor maximaal 15 woorden.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Opmerking

  • Als de kandidaat meer dan 15 woorden gebruikt, geen scorepunt toekennen.

Vraag 34 1 punt

In het tekstfragment staat waarom TikTok-gebruikers leestips uitwisselen. Noteer twee redenen die hiervoor in het tekstfragment worden genoemd.

Bekijk het antwoord

Opmerkingen

  • Twee van de drie redenen moeten genoemd zijn voor toekenning van het scorepunt.
  • Als de kandidaat antwoordt ‘om jongeren kennis te laten maken met Kluun’, dan is het antwoord onjuist (omdat het een voorbeeld is).

Vraag 35 1 punt

Zowel de hoofdtekst als het tekstfragment gaat over jongeren en lezen. Hoe is het tekstfragment het best te typeren ten opzichte van de hoofdtekst?

  1. A als een aanvulling op manieren om de leesmotivatie van jongeren te verbeteren
  2. B als een conclusie van onderzoek om de leesmotivatie van jongeren te verbeteren
  3. C als een verklaring voor de afnemende leesmotivatie van jongeren
  4. D als een voorbeeld van afnemende leesmotivatie van jongeren
Bekijk het antwoord

Antwoord: A

Schrijfopdracht

In de les Nederlands is besproken dat het lezen van verhalen en gedichten je kan helpen om je beter in anderen in te leven en om meer begrip voor elkaar op te brengen. Tijdens deze les hebben jullie de teksten ‘De strijd van de bieb om de puber die niet lezen wil’ en ‘TikTok krijgt jong en oud weer aan het lezen via de hashtag #booktok’ behandeld.

Er ontstaat een discussie in de klas over de leesmotivatie van jongeren en het bibliotheekbezoek van klasgenoten. Sommige klasgenoten vinden het onzin dat jongeren gemotiveerd moeten worden om de bibliotheek te bezoeken. Andere leerlingen zien er het nut juist wel van in, want zo ga je meer lezen en lezen blijkt goed te zijn voor jongeren.

De docent Nederlands vestigt jullie aandacht op de ideeënwedstrijd die de openbare bibliotheek in jullie woonplaats houdt. De bibliotheek wil namelijk dat jongeren vaker de bibliotheek bezoeken en daardoor meer gaan lezen. Deelnemers aan de wedstrijd moeten twee ideeën insturen om meer jongeren naar de bibliotheek te krijgen. Onder de beste ideeën wordt een iPad verloot met daarop tien e-books naar keuze.

Jij wilt graag een iPad winnen en besluit mee te doen aan deze wedstrijd. Je stuurt een e-mail naar de bibliotheek met jouw ideeën om meer jongeren naar de bibliotheek te krijgen. Je krijgt het e-mailadres van jouw docent.

Vraag 36 13 punten

Opdracht Schrijf de e-mail naar mevrouw Annelies Jansen van de bibliotheek. Een aantal gegevens is al voorgedrukt in de uitwerkbijlage. Vermeld het onderwerp van je e-mail in de onderwerpregel. Gebruik voor deze e-mail de gegevens hierboven en eventueel de tekst ‘De strijd van de bieb om de puber die niet lezen wil’ en het bijbehorende tekstfragment. Gegevens die niet in de opdracht staan, moet je zelf bedenken.

Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Bijlage · Uitwerkbijlage

Bekijk het antwoord

Als de kandidaat de opdracht helemaal niet heeft uitgewerkt, geen scorepunten toekennen.

36.1 maximumscore 6 Aftrek inhoud De score is 6 scorepunten minus aftrek. De score kan niet lager zijn dan 0. Indien de volgende elementen onjuist zijn of ontbreken:

  • verzoek om / hoop op / vraag naar een (spoedige) reactie (1p)

36.2 maximumscore 5 Aftrek taalgebruik De score is 5 scorepunten minus aftrek. De score kan niet lager zijn dan 0.

Let op: Om taalgebruik te kunnen beoordelen, moet de uitwerking van de kandidaat een minimum aantal woorden bevatten. Als de uitwerking van de kandidaat uit minder dan 100 woorden bestaat, géén scorepunten voor taalgebruik toekennen. De voorgedrukte gegevens tellen niet mee voor het bepalen van het aantal woorden.

Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen vmbo-gl/tl Nederlands 2023, tijdvak 1. Afbeeldingen en de exacte opmaak staan in het originele examen: https://www.examenblad.nl/2023/vmbo-gl/documenten/cse-1/gt-0011-a-23-1-o

Andere examens Nederlands vmbo-gl/tl

Hoe ToetsChecker Nederlands per vraagtype nakijkt, lees je op Nederlands toetsen nakijken met AI.

Veelgestelde vragen

Hoeveel vragen heeft het eindexamen Nederlands vmbo-gl/tl 2023, tijdvak 1?

Het centraal examen Nederlands vmbo-gl/tl 2023, tijdvak 1 telt 36 vragen. De meeste vragen gaan over leesvaardigheid (16), tekstverbanden en signaalwoorden (7) en tekstsoorten en tekstdoelen (6).

Wat zijn de antwoorden van het examen Nederlands vmbo-gl/tl 2023, tijdvak 1?

Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.

Waar vind ik het correctievoorschrift van Nederlands vmbo-gl/tl 2023, tijdvak 1?

Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2023/vmbo-gl/documenten/cse-1/gt-0011-a-23-1-c). Bij dit examen hoort ook een aanvulling op het correctievoorschrift.

Hoe oefen ik met het examen Nederlands vmbo-gl/tl 2023, tijdvak 1 en krijg ik feedback?

Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.