Eindexamen Nederlands vmbo-gl/tl 2025, tijdvak 1: vragen en antwoorden
Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Tekst 1 Ook lichte gehoorschade leidt tot lagere schoolresultaten, Tekst 2 Geen herinnering aan, Tekst 3 NK Tegelwippen, Tekst 4 Een duurzame Green Friday in plaats van koopjesfestijn Black Friday, slaat dat aan?, Schrijfopdracht Zakelijke e-mail.
Het centraal examen Nederlands vmbo-gl/tl 2025, tijdvak 1 telt 31 vragen. De meeste vragen gaan over leesvaardigheid (18), tekstsoorten en tekstdoelen (6) en tekstverbanden en signaalwoorden (3). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.
Onderwerpen in dit examen
| Onderwerp | Vragen | Aantal |
|---|---|---|
| Leesvaardigheid | 1-5, 7-11, 13, 18-19, 21, 23-25, 27 | 18 |
| Tekstsoorten en tekstdoelen | 6, 15-17, 20, 29 | 6 |
| Tekstverbanden en signaalwoorden | 12, 22, 28 | 3 |
| Samenvatten | 14, 30 | 2 |
| Argumentatie | 26 | 1 |
| Schrijfvaardigheid | 31 | 1 |
Vergeleken met andere jaren
Vergeleken met de andere 17 examens Nederlands vmbo-gl/tl sinds 2018: dit examen vroeg meer over leesvaardigheid (58% van de vragen, gemiddeld 46%). Minder over tekstverbanden en signaalwoorden (10% van de vragen, gemiddeld 20%).
Opgaven en correctievoorschrift
De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.
Oefenen als leerling
Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen Nederlands vmbo-gl/tl 2025, tijdvak 1 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.
Nakijken als docent
Start gratis vanaf deze pagina
Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen Nederlands vmbo-gl/tl 2025, tijdvak 1 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.
Laat de klas het examen maken
Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.
Geef de resultaten vrij
Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.
ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.
Vragen en antwoorden
Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen Nederlands vmbo-gl/tl 2025, tijdvak 1. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.
Tekst 1 Ook lichte gehoorschade leidt tot lagere schoolresultaten
(1) Heel licht gehoorverlies heeft al gevolgen voor de schoolprestaties. Dat blijkt uit onderzoek onder bijna 4.500 Rotterdamse kinderen die gevolgd worden voor Generation R¹), het grote onderzoeksproject vanuit het Erasmus Medisch Centrum (MC). Zowel jongens als meisjes die iets minder goed horen (ongeveer 15 tot 20 decibel gehoorverlies, het geluid van een ademhaling), scoren een tot twee punten lager op de Cito-toets. Jongens hebben daarnaast vaker last van concentratieproblemen.
(2) Bij de deelnemers werd twee jaar geleden een gehoortest afgenomen. Zij waren toen tussen de 9 en 11 jaar oud. Uit dit onderzoek bleek dat een op de vijf kinderen licht gehoorverlies heeft. “Dat zijn met name kinderen die op jonge leeftijd regelmatig oorontsteking hebben gehad”, zegt onderzoeker Carlijn le Clercq van het Erasmus MC. Daarnaast namen de onderzoekers de Cito-scores van alle kinderen onder de loep en lieten zij de ouders vragenlijsten invullen over het gedrag van hun kind.
(3) Uit de resultaten bleek dat ook bij heel lichte gehoorschade kinderen iets lager scoren op school. Jongens hadden daarnaast vaker moeite om zich te concentreren en hadden meer problemen in de omgang met andere kinderen. Dat kinderen met matig of slecht gehoor slechter presteren op school en vaker gedragsproblemen hebben, was al bekend. Maar dat zelfs heel lichte gehoorschade kan zorgen voor lagere scores, is door dit onderzoek aan het licht gekomen. “Het verband is klein,” zegt Le Clercq, “maar het is wel duidelijk aanwezig.” Vorige week werd het onderzoek gepubliceerd in het wetenschappelijk tijdschrift JAMA.
(4) Waardoor kinderen lager scoren, is niet onderzocht. “Maar ik kan mij voorstellen dat kinderen die iets minder goed horen, meer energie moeten steken in het verstaan van de leraar,” zegt Le Clercq, “zeker in een rumoerige klas.” Doordat luisteren meer inspanning kost, zullen deze kinderen ook eerder moe zijn, verwacht de onderzoeker. “En daardoor zullen zij sneller hun aandacht verliezen.”
(5) Het gehoorverlies is zo klein dat daar nu vrijwel nooit actie op ondernomen wordt. “Maar uit ons onderzoek blijkt toch dat deze kinderen informatie missen”, zegt Le Clercq. “Een gehoorapparaat is geen oplossing, maar leraren kunnen er wel rekening mee houden”, zegt ze. “Bijvoorbeeld door kinderen voor in de klas te zetten, zodat zij de juf of meester beter kunnen verstaan.”
(6) De komende jaren worden de deelnemers van Generation R opnieuw onderworpen aan een gehoortest. Ze zijn dan tussen de 13 en 16 jaar oud. “We willen onderzoeken hoe het gehoor van de kinderen zich ontwikkelt”, zegt Le Clercq. “Rond die leeftijd luisteren kinderen vaker naar muziek en gaan ze misschien wel voor het eerst uit. Dan willen we onderzoeken wat de gevolgen zijn van blootstelling aan muziek en lawaai.” Ook willen de onderzoekers bijhouden hoe de schoolprestaties van kinderen met gehoorverlies zich ontwikkelen.
(7) “We kijken in het onderzoek vooral naar gehoorverlies in het slakkenhuis. Dit gehoorverlies is in principe permanent,” zegt Le Clercq.
Marjolein Kooyman, NRC Handelsblad, 7 december 2019
noot 1 Generation R: Dit onderzoeksproject onderzoekt de groei, ontwikkeling en gezondheid van duizenden opgroeiende kinderen in Rotterdam.
Vraag 1 1 punt
Welk kopje vat de inhoud van de alinea’s 2 en 3 het best samen?
Bekijk het antwoord
Antwoord: C
C
Vraag 2 1 punt
Welk tot nu onbekend gegeven is vooral uit het onderzoek naar voren gekomen?
Bekijk het antwoord
Antwoord: D
D
Vraag 3 1 punt
Is aangetoond waardoor kinderen met gehoorschade slechter presteren? Antwoord met ‘Ja’ of ‘Nee’ en geef een argument uit de tekst voor je antwoord. Gebruik maximaal 20 woorden voor je antwoord.
Bekijk het antwoord
De kern van een goed antwoord is:
- Nee, want het is niet onderzocht (waardoor kinderen lager scoren).
- Nee, want de onderzoeker/Le Clercq geeft alleen aan dat ze zich een reden kan voorstellen.
- Nee, want de onderzoeker/Le Clercq geeft (alleen) een verwachting over de oorzaak.
Opmerkingen: Het antwoord ‘Nee’ en het argument moeten beide genoemd worden voor toekenning van het scorepunt. Als de kandidaat meer dan 20 woorden gebruikt, geen scorepunt toekennen.
Vraag 4 2 punten
“De komende jaren worden de deelnemers van Generation R opnieuw onderworpen aan een gehoortest.” (regels 70-73)
Met deze tweede gehoortest worden twee aspecten van gehoorschade onderzocht die in het eerdere onderzoek nog niet zijn meegenomen. Welke twee aspecten zijn dat?
Bekijk het antwoord
De kern van een goed antwoord is:
- de rol/gevolgen van blootstelling aan muziek en lawaai (1 scorepunt)
- de ontwikkeling van de schoolprestaties van kinderen met gehoorschade (1 scorepunt)
Opmerking: Muziek en lawaai moeten beide genoemd zijn voor toekenning van het scorepunt.
Vraag 5 2 punten
Uit het onderzoek onder bijna 4.500 Rotterdamse kinderen tussen 9 en 11 jaar oud kwamen verschillende uitkomsten.
Kruis in de tabel in de uitwerkbijlage aan of een uitspraak wel of niet overeenkomt met de uitkomsten van dit onderzoek.
| uitspraken | komt wel overeen | komt niet overeen |
|---|---|---|
| Als je een keer een oorontsteking hebt gehad, is de kans groot dat je lichte gehoorschade hebt. | ||
| Een jongen met gehoorschade presteert waarschijnlijk slechter op school dan een meisje met gehoorschade. | ||
| Kinderen met gehoorschade krijgen minder mee van de les dan andere kinderen. | ||
| Meisjes met gehoorschade hebben minder vaak moeite om zich te concentreren dan jongens met gehoorschade. |
Bekijk het antwoord
| uitspraken | komt wel overeen | komt niet overeen |
|---|---|---|
| Als je een keer een oorontsteking hebt gehad, is de kans groot dat je lichte gehoorschade hebt. | X | |
| Een jongen met gehoorschade presteert waarschijnlijk slechter op school dan een meisje met gehoorschade. | X | |
| Kinderen met gehoorschade krijgen minder mee van de les dan andere kinderen. | X | |
| Meisjes met gehoorschade hebben minder vaak moeite om zich te concentreren dan jongens met gehoorschade. | X |
indien vier goed: 2 scorepunten; indien drie goed: 1 scorepunt; indien minder dan drie goed: 0 scorepunten.
Tekst 2 Geen herinnering aan
(1) Mensen herinneren zich vaak maar weinig van gesprekken. Uit recent wetenschappelijk onderzoek blijkt dat het menselijk geheugen grillig werkt bij het registreren van gesprekken. Op verschillende plaatsen in de wereld storten onderzoekers zich op dit onderwerp, en om goede redenen. Dit soort onderzoek is relevant. Het doet ertoe te weten wat een getuige in de rechtbank waard is, of een patiënt zich het slechtnieuwsgesprek met een arts goed herinnert en of landen het eens zijn over een diplomatieke bespreking. Geeft de herinnering aan een gesprek echt weer wat er is gezegd? En hoe stellig zijn we over wat er in werkelijkheid helemaal níét werd gezegd?
(2) Hoe grillig en onbetrouwbaar het geheugen voor gesprekken is, blijkt onder meer uit het werk van Sarah Brown-Schmidt, cognitief psycholoog aan de Vanderbilt-universiteit in Nashville. Ze is een deskundige op het gebied van taal in gesprekken en ontwikkelde en publiceerde een aantal veelgebruikte methoden om te meten wat mensen zich herinneren van gesprekken. Een daarvan is proefpersonen na een gesprek achter een computer zetten en hen laten opschrijven wat ze zich herinneren. De onderzoekers testen dit met verschillende tussenpozen. Wat en hoeveel weten de proefpersonen kort na het gesprek nog en hoeveel nog na een aantal dagen?
(3) De resultaten van Brown-Schmidt en haar collega’s zijn volgens de onderzoeker ontluisterend. “Na een korte pauze herinneren proefpersonen zich minder dan 20 procent van de oorspronkelijke informatie uit het gesprek. Na een paar dagen is dat percentage zelfs teruggelopen tot zo’n 6 procent. Op dat moment herinneren ze zich alleen nog de kern van het gesprek.”
(4) Proefpersonen herinneren zich concrete dingen uit een gesprek beter dan abstracte begrippen. De beste weergave van het gesprek ontstaat wanneer ze het gesprek vrijuit mogen navertellen, dus zonder dat er vragen aan hen worden gesteld. Details die dan worden verteld, blijken vaak te kloppen. Onverwachte en opvallende feiten uit een gesprek worden beter onthouden dan alledaagse. Brown-Schmidt: “We denken goed te weten wat er is gezegd, maar in feite onthouden we alleen de kern.”
(5) Brown-Schmidt constateert nog meer opmerkelijks: “Mensen hebben zelfs ‘valse’ herinneringen aan gesprekken. Ze noemen de antwoorden die ze vooraf van hun gesprekspartner hadden verwácht, ook als diegene die uiteindelijk nooit heeft gegeven.”
(6) Brown-Schmidt en haar collega’s onderzochten ook of gesprekspartners achteraf nog weten wie wat heeft gezegd. Wij blijken ons beter te herinneren wat we tijdens een gesprek zelf hebben gezegd dan wat onze gesprekspartner vertelde. Maar stellen wij de ander expliciet een vraag, dan herinneren we ons dát antwoord weer beter dan het antwoord op een vraag die een ander aan ons heeft gesteld. Voeren we een gesprek met meerdere mensen, dan blijken we ons een opmerkelijk detail wel te herinneren, maar achteraf vaak niet meer te weten wie dat precies zei. Dat is ideaal voor wie nepnieuws wil verspreiden. We weten niet waar we het vandaan hebben, maar wel dat het opmerkelijk was. Als de feiten daarna nog getoetst worden, is het allang te laat.
(7) Mensen, is de conclusie, zijn ronduit slecht in het woordelijk onthouden van gesprekken. Maar is dat een gegeven of zijn er misschien toch dingen die we kunnen doen om gesprekken preciezer te onthouden? Afgezien dan natuurlijk van een opname maken of een notulist aanwijzen.
(8) Elk gesprek bestaat uit woorden. Dus is een logische vraag hoe goed mensen woorden onthouden en welke factoren daarbij een rol spelen. Aan het Max Planck Instituut in Nijmegen onderzocht psycholinguïst¹) Eirini Zormpa hoe mensen onder verschillende omstandigheden op woorden komen, en in hoeverre ze die vervolgens ook onthouden.
(9) Dat leidt tot fascinerende experimenten. Zormpa begint met proefpersonen op een beeldscherm een reeks plaatjes te laten zien. Deels zijn die plaatjes voorzien van een geschreven woord, deels niet; bij de ‘woordloze’ moeten proefpersonen dat zelf bedenken: ‘sinaasappel’; ‘nietmachine’. De zelfbedachte woorden blijken ze zich achteraf beter te herinneren dan de gegeven woorden. Dit heet onder spreektaalonderzoekers het ‘generation effect’, afgeleid van het zelf ‘genereren’, oftewel ‘voortbrengen’.
(10) In een ander experiment met zulke plaatjes moeten proefpersonen een deel van de afbeeldingen zwijgend bekijken, bij de overige moeten ze hardop melden wat ze zien. Twintig minuten na beëindiging van deze ronde laat de onderzoeker haar proefpersonen opnieuw afbeeldingen zien: zowel nieuwe als plaatjes uit de eerste ronde. Ze moeten eruit pikken welke ze al eerder hebben gezien. Zormpa constateert dat mensen plaatjes die ze hardop hebben benoemd zich achteraf beter herinneren dan die ze hebben gezien zonder iets te zeggen. Dit wordt het ‘production effect’ genoemd, afgeleid van ‘produceren’.
(11) In een derde experiment laat Zormpa twee mensen een gesprek voeren, dat wordt gefilmd. Die opname wordt bekeken door een derde persoon, een toeschouwer, die vervolgens wordt getest op wat hij zich er daarna nog van kan herinneren. Die toeschouwer blijkt antwoorden die zijn langsgekomen in het bekeken gesprek veelal beter te hebben onthouden dan de willekeurige vragen. Dit heet het ‘focus effect’: we onthouden antwoorden beter dan vragen.
(12) Dat sluit allemaal naadloos aan bij wat Sarah Brown-Schmidt in haar onderzoeken vindt: we weten het beste wat we in gesprekken zélf bedenken en zeggen. Verder horen we in andermans gesprekken antwoorden beter dan vragen. De rest van een gesprek of discussie vergeten we verrassend snel weer.
(13) De vraag is wel of je dit soort laboratoriumonderzoek naar de praktijk kunt vertalen, stelt Katinka Dijkstra, hoogleraar brein en cognitie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, die zelf niet bij deze onderzoeken betrokken is. “Maar je zult inderdaad in het lab moeten beginnen om aan degelijke basiskennis te komen.”
(14) De conclusies van de onderzoeken vindt Dijkstra maatschappelijk hoe dan ook relevant. “Dat we letterlijke bewoordingen niet onthouden, is meestal niet eens zo heel erg. Belangrijk is dat duidelijk wordt dat mensen zich van nature de kern van wat is gezegd wél herinneren. En het is goed je te realiseren dat ze bronnen slecht onthouden.”
Mieke Zijlmans, de Volkskrant, 6 mei 2023
noot 1 psycholinguïst: wetenschapper die zich bezighoudt met de manier waarop taal in het geheugen is opgeslagen en georganiseerd
Vraag 6 1 punt
Een schrijver kan het onderwerp van een tekst op verschillende manieren inleiden.
bijvoorbeeld door
- 1 een anekdote bij het onderwerp van de tekst te vertellen
- 2 een conclusie uit verschillende onderzoeken te geven
- 3 een definitie van een belangrijk begrip te geven
- 4 een deskundig persoon het onderwerp te laten introduceren
- 5 een waarschuwing bij het onderwerp te geven
- 6 het belang van het onderwerp te vermelden
In alinea 1 leidt de schrijver de tekst in door vragen over het onderwerp te stellen. Op welke twee andere manieren leidt de schrijver de tekst in alinea 1 in? Noteer de juiste twee nummers in de uitwerkbijlage.
Bekijk het antwoord
2, 6
Vraag 7 2 punten
Sarah Brown-Schmidt heeft onderzocht wat mensen zich herinneren van gesprekken. Citeer de twee zinnen uit de alinea’s 2 tot en met 6 waarin staat wat ze precies heeft onderzocht.
Bekijk het antwoord
- “Wat en hoeveel weten de proefpersonen kort na het gesprek nog en hoeveel nog na een aantal dagen?” (regels 36-39) (1 scorepunt)
- “Brown-Schmidt en haar collega’s onderzochten ook of gesprekspartners achteraf nog weten wie wat heeft gezegd.” (regels 74-77) (1 scorepunt)
Opmerking: Als de kandidaat meer of minder citeert (per citaat), het scorepunt niet toekennen.
Vraag 8 2 punten
Uit de onderzoeken van Brown-Schmidt blijkt dat je niet alles van een gesprek even goed onthoudt. In de tabel in de uitwerkbijlage staan zeven verschillende gespreksonderdelen genoemd.
Welke gespreksonderdelen herinner je je minder goed en welke redelijk goed? Zet in de tabel in de uitwerkbijlage achter elk gespreksonderdeel een kruisje in de juiste kolom. Gebruik voor je antwoord de alinea’s 4 tot en met 6.
| gespreksonderdelen | herinner je je minder goed | herinner je je redelijk goed |
|---|---|---|
| abstracte begrippen | ||
| alledaagse feiten | ||
| antwoord op vragen van jezelf | ||
| antwoord op vragen van je gesprekspartner | ||
| eigen uitspraken | ||
| opvallende feiten | ||
| uitspraken van je gesprekspartner |
Bekijk het antwoord
| gespreksonderdelen | herinner je je minder goed | herinner je je redelijk goed |
|---|---|---|
| abstracte begrippen | X | |
| alledaagse feiten | X | |
| antwoord op vragen van jezelf | X | |
| antwoord op vragen van je gesprekspartner | X | |
| eigen uitspraken | X | |
| opvallende feiten | X | |
| uitspraken van je gesprekspartner | X |
indien zeven goed: 2 scorepunten; indien zes of vijf goed: 1 scorepunt; indien minder dan vijf goed: 0 scorepunten.
Vraag 9 1 punt
Wat maakt het mogelijk dat nepnieuws kan ontstaan, volgens alinea 6? Gebruik voor je antwoord maximaal 15 woorden.
Bekijk het antwoord
Bij vraag 9 moet altijd 1 scorepunt worden toegekend, ongeacht of er wel of geen antwoord gegeven is, en ongeacht het gegeven antwoord.
Toelichting: Bij nadere beschouwing is er mogelijk verwarring over de woorden ‘ontstaan’ (in de vraag) en ‘verspreiden’ (in de tekst) waardoor het formuleren van een correct antwoord lastig is.
Vraag 10 2 punten
In de tekst worden drie effecten uit het onderzoek van Zormpa beschreven. In de tabel in de uitwerkbijlage staan vier situaties beschreven en worden de drie effecten genoemd. Kruis in de tabel in de uitwerkbijlage aan welk effect bij welke situatie hoort. Let op! Er blijft een situatie over waarbij je geen kruisje kunt zetten. Als je meer of minder dan drie situaties aankruist, krijg je geen scorepunt.
| situatie | generation effect | production effect | focus effect |
|---|---|---|---|
| Davy luistert naar een gesprek tussen zijn vrienden Sophia en Neeven. Hij heeft later vooral de antwoorden van zijn vrienden onthouden. | |||
| Meike leert voor een proefwerk biologie. Ze schrijft uit haar hoofd de namen van de planten die ze moet kennen onder de plaatjes van die planten. | |||
| Oliver praat met Amy. Hij herinnert zich later andere antwoorden dan ze gegeven heeft. | |||
| Quinty wil een naam onthouden en herhaalt deze daarom drie keer hardop. |
Bekijk het antwoord
| situatie | generation effect | production effect | focus effect |
|---|---|---|---|
| Davy luistert naar een gesprek tussen zijn vrienden Sophia en Neeven. Hij heeft later vooral de antwoorden van zijn vrienden onthouden. | X | ||
| Meike leert voor een proefwerk biologie. Ze schrijft uit haar hoofd de namen van de planten die ze moet kennen onder de plaatjes van die planten. | X | ||
| Oliver praat met Amy. Hij herinnert zich later andere antwoorden dan ze gegeven heeft. | |||
| Quinty wil een naam onthouden en herhaalt deze daarom drie keer hardop. | X |
indien vier rijen goed: 2 scorepunten; indien drie rijen goed: 1 scorepunt; indien minder dan drie rijen goed: 0 scorepunten.
Tekstfragment 1
GEHEUGENSTEUNTJES
Om afbeeldingen, woorden en gesprekken beter te onthouden, bestaan er een paar trucs:
- 1 Zeg hardop wat je wilt of moet onthouden.
- 2 Schrijf na een gesprek op waar dat over ging.
- 3 Doe dat niet te lang na afloop: anders ben je het leeuwendeel alweer vergeten.
- 4 Lukt uitschrijven niet direct: beperk je tot de kern van het gesprek, dat is doorgaans afdoende.
Vraag 11 1 punt
In tekstfragment 1 staan vier geheugensteuntjes die horen bij de tekst ‘Geen herinnering aan’. Welk geheugensteuntje voor het onthouden van gesprekken past het best bij alinea 10? Noteer het nummer van je antwoord in de uitwerkbijlage.
Bekijk het antwoord
1
Vraag 12 1 punt
Wat is het verband tussen alinea 13 en de alinea’s 2 tot en met 12? Alinea 13 geeft
Bekijk het antwoord
Antwoord: C
C
Vraag 13 1 punt
Wat is het belangrijkste resultaat van de onderzoeken in de tekst ‘Geen herinnering aan’?
Bekijk het antwoord
Antwoord: C
C
Vraag 14 1 punt
Je moet een samenvatting maken van tekst 2. Welke twee van de onderstaande zinnen bevatten informatie die zeker in de samenvatting moet worden opgenomen? Noteer de twee cijfers van je antwoord in de uitwerkbijlage.
- 1 Hoe grillig en onbetrouwbaar het geheugen voor gesprekken is, blijkt onder meer uit het werk van Sarah Brown-Schmidt, cognitief psycholoog aan de Vanderbilt-universiteit in Nashville.
- 2 De beste weergave van het gesprek ontstaat wanneer ze het gesprek vrijuit mogen navertellen, dus zonder dat er vragen aan hen worden gesteld.
- 3 Dat is ideaal voor wie nepnieuws wil verspreiden.
- 4 De zelfbedachte woorden blijken ze zich achteraf beter te herinneren dan de gegeven woorden.
- 5 “Maar je zult inderdaad in het lab moeten beginnen om aan degelijke basiskennis te komen.”
- 6 Belangrijk is dat duidelijk wordt dat mensen zich van nature de kern van wat is gezegd wél herinneren.
Bekijk het antwoord
1, 6
Vraag 15 1 punt
Wat is het belangrijkste doel van de tekst ‘Geen herinnering aan’?
Bekijk het antwoord
Antwoord: D
D
Tekst 3 NK Tegelwippen
NK 2024
TEGELWIPPEN
AMSTERWAARD WIPT MEE
Van 21 maart t/m 31 oktober 2024 spelen we het NK Tegelwippen! Gemeenten in Nederland strijden om de Gouden Tegel en Gouden Schep. Iedereen kan meedoen door tegels in z’n voor-, achter- of geveltuin te vervangen door groen. Zorg ervoor dat jij en je buren klaarstaan, want er is werk aan de winkel!
HOE HET WERKT
Het NK Tegelwippen is dé wedstrijd waarin heel Nederland tegels verruilt voor planten. De gemeente die de meeste tegels wipt wint! Maar ook jij maakt kans op mooie prijzen. Meld je gewipte tegels aan via nk-tegelwippen.nl. Op de website vind je ook meer informatie over prijzen en meer!
@NKTEGELWIPPEN @NKTEGELWIPPEN @TEGELWIPPEN
Vraag 16 1 punt
Een functie van een illustratie is het trekken van de aandacht van lezers. Welke andere functie hebben de illustraties in deze tekst?
De illustraties
Flyer van het NK Tegelwippen met een tegel, een schep, een bloem, een vlinder en gras. Bekijk in Bijlage, pagina 7
Bekijk het antwoord
Antwoord: B
B
Vraag 17 1 punt
Wat is het belangrijkste doel van deze tekst?
Bekijk het antwoord
Antwoord: C
C
Vraag 18 1 punt
Volgens de tekst is deelname aan het NK Tegelwippen niet zo moeilijk. Citeer de zin waaruit dit blijkt.
Bekijk het antwoord
“Iedereen kan meedoen door tegels in z’n voor-, achter- of geveltuin te vervangen door groen.”
Opmerking: Als de kandidaat meer of minder citeert, geen scorepunt toekennen.
Vraag 19 1 punt
Het NK Tegelwippen is een wedstrijd voor gemeenten in Nederland. Burgers worden echter ook in de verleiding gebracht om mee te doen. Waarmee probeert men burgers te verleiden om mee te doen?
Bekijk het antwoord
De kern van een goed antwoord is: (kans maken op / met mooie) prijzen
Tekst 4 Een duurzame Green Friday in plaats van koopjesfestijn Black Friday, slaat dat aan?
(1) Green Friday, Bring Back Friday of For Future Friday. Bij winkelketens als Dille & Kamille, Ikea en Bever is vrijdag 25 november allesbehalve een koopjesfestijn. In plaats van bakken vol afgeprijsde spullen treffen klanten in november dichte deuren aan, een inruilpunt voor oude meubels of een gratis schoenreparatie.
(2) Die initiatieven willen een tegengeluid zijn voor Black Friday, het winkelfestijn rond Thanksgiving in de Verenigde Staten dat een jaar of zeven geleden is overgewaaid naar Nederland. Hoewel Amerikaanse taferelen – waarbij hordes consumenten vechten om de laatste goedkope spelcomputers – hier nog grotendeels achterwege blijven, brengt de kortingsparade elk jaar vele extra winkelaars op de been. Alleen al in de fysieke winkels werd vorig jaar een pinomzet behaald van 529 miljoen euro, 20 procent meer dan op een reguliere vrijdag. Genoeg reden voor ondernemers om ook dit jaar weer volop met kortingen te strooien. Met de hoge inflatie en de teruglopende koopkracht kunnen zij de extra inkomsten goed gebruiken. Toch is Black Friday velen een doorn in het oog. Terwijl duizenden kilometers verderop wereldleiders zich met wisselend succes buigen over het oplossen van het klimaatprobleem, is het aanmoedigen van nog meer spullen kopen immers allesbehalve logisch.
(3) “Dat is precies waarom we Green Friday vier jaar geleden hebben bedacht”, vertelt Hans Geels, directeur van winkelketen Dille & Kamille. Samen met de stichting Trees for All besloot het bedrijf bomen te planten om de koopgekte op Black Friday te compenseren. Andere bedrijven konden zich daarbij aansluiten. Dat klinkt sympathiek, maar als bedrijven desondanks doorgaan met de verkoop van goederen voor dumpprijzen, hoe geloofwaardig zijn die groene intenties dan?
(4) Daarom besloot Trees for All dit jaar de eisen voor deelname aan Green Friday aan te scherpen: deelnemers mogen op 25 november helemaal geen korting meer geven. Met als gevolg dat er tot nu toe ruim honderd aanmeldingen minder zijn. Joly Bogers van Trees for All wijt het aan de barre economische omstandigheden waarin veel bedrijven nu zitten. “In tijden van inflatie en een energiecrisis is het voor hen moeilijker om Black Friday te negeren.”
(5) Toch zijn er ook bedrijven die nog wel een duurzame draai aan Black Friday proberen te geven. Zo kunnen consumenten vanaf Black Friday bij sportwinkel Decathlon hun oude producten inruilen, gaan kinderwinkels in Zuid-Holland speelgoed inzamelen voor gezinnen die het minder breed hebben en sluit Dille & Kamille 25 november alle filialen. “We willen klanten aan het denken zetten, ook als het onszelf financieel pijn doet”, zegt Geels.
(6) Mooie initiatieven, vindt Pablo Druijts. Als oprichter van de website Black Friday Nederland verdient hij dan misschien zijn boterham met de kortingsacties rond Black Friday, “maar ik ben geen voorstander van het kopen van dingen die je eigenlijk niet nodig hebt.” Hij hoopt dat consumenten de kortingsperiode vooral gebruiken voor essentiële aankopen, zoals een nieuw telefoonabonnement. Dat bedrijven zich steeds vaker afkeren van Black Friday, merkt Druijts sinds vorig jaar aan het aanbod op zijn website. “Al zijn het vooral bedrijven die al bezig waren met een duurzaam imago die nu afhaken.”
(7) Mede daardoor zet Druijts zijn vraagtekens bij de ‘groene’ acties. “Is het echt te doen om duurzaamheid of is het greenwashing¹)?” Dat wantrouwen leeft ook bij milieuactiegroepen. “Bedrijven komen nu met dit initiatief, omdat mensen duurzaamheid steeds belangrijker vinden. Maar bedrijven als Decathlon verkopen ook nog tassen van 5 euro”, zegt Robin Bruisje, lid van een milieuactiegroep. Toch ziet Bruisje de actie wel als een stap in de goede richting. “Zo’n bedrijf kan zich immers niet in één dag opheffen.”
(8) Hoewel er inderdaad genoeg bedrijven zijn die hun groene imago proberen op te poetsen met marketingacties, geeft hoogleraar financieel management Gerard Mertens het Green Friday-initiatief het voordeel van de twijfel. “Als bedrijven geld in duurzaamheid investeren dat ze anders hadden gebruikt om nog meer omzet te draaien, dan moeten we dat toejuichen.”
(9) Maar welke kleur bedrijven de vrijdag in november ook geven, de koopgekte rond de feestdagen lijkt er vooralsnog niet erg onder te lijden. Uit onderzoek van Motivaction onder ruim duizend consumenten blijkt ruim een kwart op 25 november op koopjesjacht te gaan, iets meer dan vorig jaar. Bovenaan het wensenlijstje staan de producten van Bol.com, Amazon en de Mediamarkt, drie bedrijven die het begrip ‘Friday’ flink oprekken met hun wekenlange kortingsacties.
(10) Ook Pablo Druijts ziet de afgelopen weken tot zijn eigen verbazing het aantal bezoekers op zijn website alweer oplopen. “Toen ik de site in 2015 begon, was er al kritiek op Black Friday. Het gat tussen hetgeen consumenten zeggen en wat ze doen, bestaat nog altijd.” “Zolang wij blijven kopen, blijven bedrijven prullen produceren en korting geven”, zegt Mertens. Daar is Bruisje het mee eens. “Je kunt er ook voor kiezen om tijdens de feestdagen iets weg te geven wat je al in huis hebt. Want zeg nou zelf: we hebben toch allemaal spullen zat.”
Iva Venneman en Anna de Haas, de Volkskrant, 18 november 2022
noot 1 greenwashing: het zich groener of maatschappelijk verantwoordelijker voordoen dan een bedrijf of organisatie daadwerkelijk is
Vraag 20 1 punt
Op welke manier wordt de tekst ingeleid in alinea 1? De tekst wordt ingeleid door
Bekijk het antwoord
Antwoord: D
D
Aanvulling: Op pagina 10, bij vraag 20 moet, naast voor antwoord D, ook voor antwoord A een scorepunt toegekend worden.
Vraag 21 1 punt
In de regels 10-11 staat: “Die initiatieven willen een tegengeluid zijn voor Black Friday”. Wat zijn de namen van die initiatieven?
Bekijk het antwoord
Green Friday, Bring Back Friday, For Future Friday
Opmerkingen: Alle drie de initiatieven moeten genoemd zijn voor toekenning van het scorepunt. Als de kandidaat de voorbeelden bij de initiatieven noemt (dichte deuren, inruilpunt voor oude meubels, gratis schoenreparatie), geen scorepunt toekennen.
Vraag 22 1 punt
Wat is het verband tussen alinea 2 en alinea 3?
Bekijk het antwoord
Antwoord: D
D
Vraag 23 1 punt
In de regels 53-55 staat: ‘Daarom besloot Trees for All dit jaar de eisen voor deelname aan Green Friday aan te scherpen’. Waarom besloot Trees for All dit jaar die eisen aan te scherpen?
Bekijk het antwoord
Antwoord: A
A
Vraag 24 1 punt
In de regels 66-75 staat: ‘Toch zijn er ook bedrijven die nog wel een duurzame draai aan Black Friday proberen te geven. Zo kunnen consumenten vanaf Black Friday bij sportwinkel Decathlon hun oude producten inruilen, gaan kinderwinkels in Zuid-Holland speelgoed inzamelen voor gezinnen die het minder breed hebben en sluit Dille & Kamille 25 november alle filialen.’ Welk verband is er tussen deze twee zinnen?
Bekijk het antwoord
Antwoord: D
D
Vraag 25 2 punten
In de tabel in de uitwerkbijlage worden allerlei voorbeelden genoemd die of bij Black Friday of bij Green Friday passen. Kruis in de tabel in de uitwerkbijlage aan welk voorbeeld bij welke Friday hoort.
| voorbeelden | Black Friday | Green Friday |
|---|---|---|
| Een schoenenwinkel die bij aankoop van een paar sneakers een tweede paar sneakers gratis aanbiedt. | ||
| Een webwinkel die geen verzendkosten rekent bij besteding van minimaal € 25,-. | ||
| Een webwinkel die de verzendkosten laat compenseren door voor iedere bestelling een boom te planten. | ||
| Een kledingwinkel die het mogelijk maakt oud textiel in te leveren om het te recyclen. | ||
| Een elektronicazaak die kapotte wasmachines gratis repareert voor hun klanten. | ||
| Een telecombedrijf dat bij de nieuwste telefoon ook dubbele data, een extra tv-pakket en korting aanbiedt. | ||
| Een fastfoodketen die bij bestelling van een pizza, de tweede pizza voor maar € 1,- verkoopt. |
Bekijk het antwoord
| voorbeelden | Black Friday | Green Friday |
|---|---|---|
| Een schoenenwinkel die bij aankoop van een paar sneakers een tweede paar sneakers gratis aanbiedt. | X | |
| Een webwinkel die geen verzendkosten rekent bij besteding van minimaal € 25,-. | X | |
| Een webwinkel die de verzendkosten laat compenseren door voor iedere bestelling een boom te planten. | X | |
| Een kledingwinkel die het mogelijk maakt oud textiel in te leveren om het te recyclen. | X | |
| Een elektronicazaak die kapotte wasmachines gratis repareert voor hun klanten. | X | |
| Een telecombedrijf dat bij de nieuwste telefoon ook dubbele data, een extra tv-pakket en korting aanbiedt. | X | |
| Een fastfoodketen die bij bestelling van een pizza, de tweede pizza voor maar € 1,- verkoopt. | X |
indien zeven goed: 2 scorepunten; indien zes goed: 1 scorepunt; indien minder dan zes goed: 0 scorepunten.
Vraag 26 1 punt
De alinea’s 6 en 7 gaan onder meer over de ideeën van Pablo Druijts, oprichter van de website Black Friday Nederland. In alinea 7 zet Druijts zijn vraagtekens bij ‘groene’ acties. Wat maakt dat hij zijn vraagtekens zet bij die ‘groene’ acties?
Bekijk het antwoord
Antwoord: A
A
Vraag 27 1 punt
Is er bij Bol.com, Amazon en de Mediamarkt sprake van een echte ‘Black Friday’, volgens alinea 9? Antwoord met ‘Ja’ of ‘Nee’ en licht je antwoord toe.
Bekijk het antwoord
De kern van een goed antwoord is:
Nee, want Bol.com, Amazon en Mediamarkt / deze bedrijven hebben wekenlange kortingsacties / rekken het begrip ‘Friday’ (flink) op.
of
Ja, want Bol.com, Amazon en Mediamarkt / deze bedrijven hebben wekenlange kortingsacties / rekken het begrip ‘Friday’ (flink) op.
Opmerking: ‘Black Friday’ staat inmiddels bekend als een lange actieperiode in plaats van een specifieke Friday, zoals in de tekst genoemd wordt. Bij deze vraag wordt daarom alleen de toelichting beoordeeld.
Vraag 28 1 punt
In alinea 10 is sprake van een tegenstelling. Citeer de zin waarin deze tegenstelling staat.
Bekijk het antwoord
“Het gat tussen hetgeen consumenten zeggen en wat ze doen, bestaat nog altijd.” (regels 143-145)
Opmerking: Als de kandidaat meer of minder citeert, geen scorepunt toekennen.
Vraag 29 1 punt
Op welke vraag probeert de tekst antwoord te geven?
Bekijk het antwoord
Antwoord: D
D
Vraag 30 1 punt
Je moet een samenvatting maken van tekst 4. Welke drie van de onderstaande zinnen moeten zeker worden opgenomen in de samenvatting? Noteer de drie cijfers van je antwoord in de uitwerkbijlage.
- 1 Green Friday is een duurzaam alternatief voor koopjesfestijn Black Friday.
- 2 Voor velen is Black Friday een voortdurende ergernis, omdat het kopen van extra spullen niet helpt bij het oplossen van het klimaatprobleem.
- 3 Andere bedrijven konden zich aansluiten bij Trees for All.
- 4 Met als gevolg dat er tot nu toe ruim honderd aanmeldingen minder zijn.
- 5 Maar is het bedrijven die meedoen aan Green Friday echt te doen om duurzaamheid of is het greenwashing?
- 6 Uit onderzoek van Motivaction onder ruim duizend consumenten blijkt ruim een kwart op 25 november op koopjesjacht te gaan, iets meer dan vorig jaar.
- 7 Ook Pablo Druijts ziet de afgelopen weken tot zijn eigen verbazing het aantal bezoekers op zijn website alweer oplopen.
Bekijk het antwoord
1, 2, 5
Schrijfopdracht Zakelijke e-mail
Situatiebeschrijving
De laatste jaren hoor je van veel vrienden dat ze iets heel goedkoop hebben gekocht op Black Friday. Dit jaar wil jij hier ook je voordeel mee doen. Je hebt een week voor Black Friday een geweldig paar schoenen op de webshop van ‘JeDroom’ gezien. De prijs is echter 276 euro en dat kun je niet betalen. De webshop adverteert voor Black Friday en geeft alleen deze dag 75% korting. De schoenen kosten dan 69 euro en dit bedrag kun je wel betalen.
Je bestelt de schoenen op Black Friday. Pas na vijf weken worden ze eindelijk thuisbezorgd. In deze tijd ontdek je dat de schoenen inmiddels nog verder zijn afgeprijsd naar 55 euro.
Je baalt hiervan en wilt daarom een klacht indienen. Je hebt daarnaast twee andere klachten over je bestelling. Ook heb je ideeën over wat de webshop moet doen om je klachten af te handelen. Je ziet op de website dat je bij klachten een e-mail naar de klantenservice moet sturen. In de e-mail moet je je bestelnummer noemen en je klachten duidelijk en onderbouwd opschrijven.
Je schrijft een beleefde e-mail waarin je de drie klachten aan de orde laat komen en waarin je een voorstel doet voor een oplossing van je klachten. Ook geef je aan dat je binnen twee weken een antwoord wilt ontvangen.
Vraag 31 13 punten
Opdracht
Schrijf de e-mail aan de webshop ‘JeDroom’. Een aantal gegevens is al voorgedrukt in de uitwerkbijlage. Vermeld het onderwerp van je e-mail in de onderwerpregel. Gebruik voor je e-mail de gegevens op de vorige bladzijde en eventueel de tekst ‘Een duurzame Green Friday in plaats van koopjesfestijn Black Friday, slaat dat aan?’. Gegevens die niet in de opdracht staan, moet je zelf bedenken.
Besteed in jouw e-mail aandacht aan de volgende punten:
- de aanleiding om de e-mail te schrijven: klachten over bestelling;
- bestelnummer (zelf bedenken);
- klacht over de prijs;
- onderbouwing van die klacht met feitelijke informatie;
- twee andere klachten over je bestelling;
- per andere klacht een toelichting;
- voorstel voor een oplossing van je klachten;
- hoop op een goede afhandeling;
- een vriendelijk verzoek om een reactie binnen twee weken.
Sluit je e-mail af met ‘Met vriendelijke groet,’ of ‘Hoogachtend,’ en je eigen voor- en achternaam. Let erop dat je in je e-mail beleefd bent.
Let op: Zorg ervoor dat je tekst minimaal uit 100 woorden bestaat. Bij minder dan 100 woorden krijg je geen punten voor taalgebruik.
In de uitwerkbijlage staan voorgedrukt: het e-mailadres klantenservice@jedroom.nl en de aanhef ‘Geachte medewerker van de klantenservice,’.
Bekijk het antwoord
Als de kandidaat de opdracht helemaal niet heeft uitgewerkt, geen scorepunten toekennen.
31.1 Aftrek inhoud (maximaal 6 scorepunten): de aanleiding om de e-mail te schrijven: klachten/onvrede over bestelling; bestelnummer (zelf bedacht); klacht over de prijs; onderbouwing van deze klacht met feitelijke informatie; een eerste helder omschreven andere klacht; een tweede helder omschreven andere klacht; voorstel voor een oplossing bij minstens een van de genoemde klachten; hoop op een goede afhandeling; een vriendelijk verzoek om een reactie binnen twee weken. Elk ontbrekend of onjuist element kost 1 scorepunt. De kandidaat hoeft de term ‘verzoek’ niet per se te noemen; andere formuleringen waarmee om een reactie wordt verzocht zijn ook goed.
31.2 Aftrek taalgebruik (maximaal 5 scorepunten): één of twee formuleringsfouten: 1 punt aftrek; drie of vier formuleringsfouten: 2 punten aftrek; vijf of meer formuleringsfouten: 3 punten aftrek. Één of twee spelfouten: 1 punt aftrek; drie of vier spelfouten: 2 punten aftrek; vijf of meer spelfouten: 3 punten aftrek. Twee of meer interpunctiefouten: 1 punt aftrek. Bij minder dan 100 woorden geen scorepunten voor taalgebruik; de voorgedrukte gegevens tellen niet mee.
31.3 Aftrek presentatie/conventies (maximaal 2 scorepunten): passend onderwerp in onderwerpregel; vermelding slotformule en voor- en achternaam onder e-mail; alinea-indeling; samenhang; logische volgorde; passend taalgebruik (beleefd). Elk onderdeel 1 punt aftrek. Gebruikt de kandidaat conventies die niet bij de tekstsoort passen, dan 1 punt aftrek.
Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen vmbo-gt Nederlands 2025, tijdvak 1. Figuren en de exacte opmaak staan in het originele examen.
Andere examens Nederlands vmbo-gl/tl
- 2026, tijdvak 1
- 2026, tijdvak 2
- 2025, tijdvak 2
- 2024, tijdvak 1
- 2024, tijdvak 2
- 2023, tijdvak 1
- 2023, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 1
- 2022, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 3
- 2021, tijdvak 1
- 2021, tijdvak 2
- 2021, tijdvak 3
- 2019, tijdvak 1
- 2019, tijdvak 2
- 2018, tijdvak 1
- 2018, tijdvak 2
Hoe ToetsChecker Nederlands per vraagtype nakijkt, lees je op Nederlands toetsen nakijken met AI.
Veelgestelde vragen
Hoeveel vragen heeft het eindexamen Nederlands vmbo-gl/tl 2025, tijdvak 1?
Het centraal examen Nederlands vmbo-gl/tl 2025, tijdvak 1 telt 31 vragen. De meeste vragen gaan over leesvaardigheid (18), tekstsoorten en tekstdoelen (6) en tekstverbanden en signaalwoorden (3).
Wat zijn de antwoorden van het examen Nederlands vmbo-gl/tl 2025, tijdvak 1?
Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.
Waar vind ik het correctievoorschrift van Nederlands vmbo-gl/tl 2025, tijdvak 1?
Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2025/vmbo-gl/documenten/cse-1/gt-0011-a-25-1-c). Bij dit examen hoort ook een aanvulling op het correctievoorschrift.
Hoe oefen ik met het examen Nederlands vmbo-gl/tl 2025, tijdvak 1 en krijg ik feedback?
Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.