Eindexamen Nederlands vmbo-gl/tl 2026, tijdvak 2: vragen en antwoorden
Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Tekst 1 Nieuw gedrag aanleren? Maak er een spelletje van, Tekst 2 Oplossingen wegwerpmaatschappij voor ‘t oprapen, maar overheid laat ze liggen, Tekst 3 Burgernet - Samen voor een veilige buurt, Tekst 4 Nóg een klantenkaart, Schrijfopdracht.
Het centraal examen Nederlands vmbo-gl/tl 2026, tijdvak 2 telt 33 vragen. De meeste vragen gaan over leesvaardigheid (21), tekstsoorten en tekstdoelen (5) en tekstverbanden en signaalwoorden (3). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.
Onderwerpen in dit examen
| Onderwerp | Vragen | Aantal |
|---|---|---|
| Leesvaardigheid | 1-8, 10-11, 13, 15, 18-19, 22, 24-27, 29-30 | 21 |
| Tekstsoorten en tekstdoelen | 16, 20-21, 23, 32 | 5 |
| Tekstverbanden en signaalwoorden | 14, 28, 31 | 3 |
| Argumentatie | 12, 17 | 2 |
| Samenvatten | 9 | 1 |
| Schrijfvaardigheid | 33 | 1 |
Vergeleken met andere jaren
Vergeleken met de andere 17 examens Nederlands vmbo-gl/tl sinds 2018: dit examen vroeg meer over leesvaardigheid (64% van de vragen, gemiddeld 46%). Minder over tekstverbanden en signaalwoorden (9% van de vragen, gemiddeld 20%).
Opgaven en correctievoorschrift
De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.
Oefenen als leerling
Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen Nederlands vmbo-gl/tl 2026, tijdvak 2 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.
Nakijken als docent
Start gratis vanaf deze pagina
Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen Nederlands vmbo-gl/tl 2026, tijdvak 2 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.
Laat de klas het examen maken
Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.
Geef de resultaten vrij
Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.
ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.
Vragen en antwoorden
Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen Nederlands vmbo-gl/tl 2026, tijdvak 2. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.
Tekst 1 Nieuw gedrag aanleren? Maak er een spelletje van
(1) Bijna negentig jaar geleden verscheen Homo ludens (Latijn voor spelende mens), een boek waarin Nederlands historicus Johan Huizinga betoogt dat de mens ten diepste een spelend wezen is. We houden van spelletjes spelen: louter om het spel zelf en het plezier ervan. Nu blijkt uit wetenschappelijk onderzoek dat spelen niet alleen leuk is, maar ook nog eens erg leerzaam.
(2) Neem bijvoorbeeld iets wat lastig en vaak niet leuk is: het aanleren van nieuwe gewoontes. We kunnen spelelementen toepassen om onze intrinsieke¹⁾ motivatie in dit proces te vergroten; iets wat ook wel gamification wordt genoemd. Gedragsveranderings- en gamificationexpert Anouk Visser legt uit hoe dit werkt. “Ieder mens is uniek, maar over het algemeen zijn er vier belangrijke intrinsieke drijfveren voor ons gedrag: competentie, autonomie, verbondenheid en zingeving”, zegt Visser.
(3) Wanneer je een spel speelt, heb je het gevoel dat je in een veilige omgeving zit waarin het oké is om fouten te maken. Dit biedt de ruimte om jezelf te verbeteren (competentie). Je moet zelf bedenken wat je gaat doen en omgaan met onverwachte situaties (autonomie), waardoor je sneller leert. Vaak speel je samen met anderen (verbondenheid) en werk je toe naar een doel, zoals het winnen van het spel of simpelweg plezier hebben (zingeving). Visser: “Zo zie je dat spelen veel mooie eigenschappen bevat die raken aan die vier soorten intrinsieke motivatie.”
(4) Het is aardig frustrerend wanneer het weer niet lukt om nee te zeggen tegen dat biertje of wanneer je aan het einde van het jaar ontdekt dat je weer geen enkel boek hebt uitgelezen. Door je eigen spelomgeving te creëren, aan de hand van gamification, kun je jezelf sneller nieuwe gewoontes aanleren.
(5) Een belangrijke valkuil bij het aanleren van nieuw gedrag is volgens Visser dat ons brein nog altijd is ingesteld op energiebesparing en het garanderen van onze veiligheid. Een typisch voorbeeld hiervan is het fenomeen ‘cognitieve dissonantie’: dit is wanneer we ontevredenheid voelen omdat onze doelen niet in lijn liggen met ons gedrag. In zo’n situatie kiest ons brein onbewust voor de optie die het minste energie kost: ons doel aanpassen. Hierdoor kunnen we, als we even niet opletten, snel terugvallen in oude patronen.
(6) Om deze valkuil te omzeilen en ons gedrag succesvol te kunnen veranderen, benadrukt Visser dat het nuttig is om onze omgeving op de hoogte te stellen van onze doelen. Zo functioneert de verantwoording naar de buitenwereld als een herinnering om niet onbewust van doel te veranderen.
(7) Daarnaast adviseert ze om zelf creatief te kijken welke spelelementen je kunt toepassen om zo je intrinsieke drijfveren aan te wakkeren. Een spelelement is bijvoorbeeld het ontvangen van feedback, wat inspeelt op onze intrinsieke drijfveer van competentie: we willen graag verbeteren en horen dat we iets goed doen. Een stapje boven op het simpelweg op de hoogte stellen van je omgeving zou bijvoorbeeld kunnen zijn om een wekelijks voortgangsgesprek met iemand in te plannen.
(8) Een ander voorbeeld van gamification toepassen om jezelf te motiveren, is ergens een challenge van maken of meedoen aan een grotere beweging. “Zo werkt het meedoen aan een challenge als ‘Dry January’ of ‘Stoptober’ bijvoorbeeld zo goed, omdat hier de intrinsieke drijfveren competentie en verbondenheid sterk in terugkomen: je laat zien dat je iets kan, ontwikkelt jezelf en doet het samen met anderen.”
(9) Spelen, ons onbewuste brein beter begrijpen en gamification kunnen ons dus goed op weg helpen met het aanleren van nieuwe gewoontes. Gamification heeft echter niet altijd een even positieve connotatie²⁾. Zo worden sommige spelelementen door bedrijven ingezet om in te spelen op onze verslavingsgevoeligheid. Neem bijvoorbeeld gokken: hier wordt misbruik gemaakt van onze gevoeligheid voor onverwachte beloningen.
(10) Hoewel sommige spelelementen, zoals beloningen, vooral kortstondige motivatie bieden, kunnen ze volgens Visser allemaal positief worden ingezet voor gedragsverandering. Het is aan ons om onze homo ludens te omarmen en zo een leerzame spelomgeving voor onszelf te creëren.
Julia Enderink, Psychologie Magazine, 18 maart 2025
noot 1 intrinsiek: iets wat vanuit de persoon zelf komt
noot 2 connotatie: gevoelswaarde van een woord
Vraag 1 1 punt
In welke zin van alinea 1 staat de aanleiding voor het schrijven van de tekst genoemd?
Bekijk het antwoord
Antwoord: C
C
Volgens alinea 3 kun je jezelf verbeteren door ergens een spel van te maken.
Vraag 2 1 punt
Leg uit hoe dit komt.
Gebruik voor je antwoord niet meer dan 20 woorden.
Bekijk het antwoord
De kern van een goed antwoord is:
Doordat je in een veilige omgeving bent, durf je fouten te maken.
Maximumlengte van het antwoord: 20 woorden
Kevin gaat vaak hardlopen. Hij deelt zijn loopafstanden met zijn vrienden op de hardloopapp Runkeeper zodat ze kunnen zien welke vooruitgang hij maakt.
Vraag 3 1 punt
Welke intrinsieke drijfveren horen hier het meest bij?
Bekijk het antwoord
Antwoord: B
B
In alinea 5 gaat het over ‘cognitieve dissonantie’.
Vraag 4 1 punt
Omcirkel in de zin in de uitwerkbijlage de juiste woorden zodat je een goede beschrijving krijgt van wat hier met cognitieve dissonantie bedoeld wordt.
Als we ontevreden zijn omdat ons gedrag niet leidt tot ons doel, passen we dat doel / gedrag aan, omdat dat de minste energie kost / ook al kost dat meer energie.
Bekijk het antwoord
De kern van een goed antwoord is:
doel - omdat dat de minste energie kost
Opmerkingen
- Het scorepunt alleen toekennen als alle juiste woorden zijn aangeduid.
- Als een kandidaat de foute woorden doorstreept, zodat de goede woorden overblijven, dan dient het scorepunt ook toegekend te worden.
Vraag 5 2 punten
Welke TWEE adviezen geeft Anouk Visser om ervoor te zorgen dat je niet terugvalt in oude patronen? Baseer je antwoord op de alinea’s 5 tot en met 7.
Gebruik per advies niet meer dan 15 woorden.
Bekijk het antwoord
De kern van een goed antwoord is:
- Stel je omgeving op de hoogte van je doelen. / je omgeving op de hoogte stellen van je doelen (1 scorepunt)
- Kijk zelf creatief welke spelelementen je kunt toepassen. / zelf creatief kijken welke spelelementen je kunt toepassen (1 scorepunt)
Opmerking: de adviezen mogen in een andere volgorde staan. Maximumlengte per advies: 15 woorden.
Vraag 6 1 punt
Welk mogelijk probleem van gamification wordt genoemd in de tekst?
Gamification kan
Bekijk het antwoord
Antwoord: A
A
Vraag 7 1 punt
Welke uitspraak komt NIET overeen met de inhoud van de tekst?
In deze tekst
Bekijk het antwoord
Antwoord: B
B
In de laatste zin van de tekst staat: “Het is aan ons om onze homo ludens te omarmen en zo een leerzame spelomgeving voor onszelf te creëren.”
Vraag 8 1 punt
Wat wordt hiermee bedoeld?
We moeten
Bekijk het antwoord
Antwoord: B
B
Je moet een samenvatting maken van de tekst.
Vraag 9 1 punt
Welke DRIE van de onderstaande zinnen uit de tekst bevatten informatie die zeker in die samenvatting opgenomen moet worden? Noteer de nummers van deze DRIE zinnen.
- 1 Nu blijkt uit wetenschappelijk onderzoek dat spelen niet alleen leuk is, maar ook nog eens erg leerzaam.
- 2 “Ieder mens is uniek, maar over het algemeen zijn er vier belangrijke intrinsieke drijfveren voor ons gedrag: competentie, autonomie, verbondenheid en zingeving”, zegt Visser.
- 3 Je moet zelf bedenken wat je gaat doen en omgaan met onverwachte situaties (autonomie), waardoor je sneller leert.
- 4 Het is aardig frustrerend wanneer het weer niet lukt om nee te zeggen tegen dat biertje of wanneer je aan het einde van het jaar ontdekt dat je weer geen enkel boek hebt uitgelezen.
- 5 Zo functioneert de verantwoording naar de buitenwereld als een herinnering om niet onbewust van doel te veranderen.
- 6 Spelen, ons onbewuste brein beter begrijpen en gamification kunnen ons dus goed op weg helpen met het aanleren van nieuwe gewoontes.
Bekijk het antwoord
1, 2, 6
Opmerkingen
- Het scorepunt alleen toekennen als de drie juiste antwoorden zijn gegeven.
- Het scorepunt niet toekennen als meer dan drie antwoorden zijn gegeven.
Tekst 2 Oplossingen wegwerpmaatschappij voor ‘t oprapen, maar overheid laat ze liggen
(1) Je kapotte laptop komt terug op de markt als bureaulamp of van je versleten spijkerbroek wordt een nieuwe tas gemaakt. In een volledig circulaire economie bestaat geen afval meer, omdat alles wat we weggooien weer in een nieuwe vorm verschijnt. Er komt nog wel een kleine hoeveelheid nieuw materiaal binnen, maar de rest wordt zo lang en goed mogelijk hergebruikt, met zo min mogelijk milieuschade.
(2) Die situatie is op dit moment als een duurzaam Utopia¹⁾. Dat concludeert het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) in de tweejaarlijkse Integrale Circulaire Economie Rapportage. Daarin rapporteren wetenschappers uit meerdere hoeken hoe het ervoor staat met het (her)gebruik van grondstoffen. Deze natuurlijke hulpbronnen, zoals mineralen, metalen, olie en hout, zijn belangrijk in onze economie. Ze worden verwerkt in onze elektronica, maar ook in defensiemateriaal, windmolens en zonnepanelen.
(3) In theorie is op het gebied van circulariteit veel mogelijk in Nederland: hier is kennis over en ervaring met recycling, design en verdienmodellen. Toch blijven die kansen onbenut, stelt het PBL. “Niemand lijkt de urgentie te voelen”, zegt directeur Marko Hekkert. Dat is volgens hem onterecht, want grondstoffen zoals mineralen en metalen worden alleen maar belangrijker én schaarser. Bovendien heeft Nederland er zelf al relatief weinig van. “We houden op dit moment een systeem in stand waarin we essentiële materialen verspillen door die rechtstreeks de oven in te laten gaan”, zegt de PBL-directeur. “Daarmee nemen we onze toekomst voor lief.”
(4) De overheid heeft zichzelf als doel gesteld om in 2030 voor de helft minder grondstoffen te gebruiken dan in 2016 en in 2050 helemaal geen afval meer te produceren. Maar dat doel raakt steeds verder uit zicht. Sterker nog, ons verbruik van grondstoffen groeit alleen maar. Nederlanders kopen meer spullen en bedrijven spelen daarop in. We grijpen massaal naar fast fashion en fast furniture (goedkope spullen met een korte levensduur) bij gebrek aan betaalbare duurzame alternatieven.
(5) Het Nationaal Programma Circulaire Economie (NPCE) van de overheid levert weinig concrete resultaten op, terwijl het volgens het PBL tussen de 4 en 7 megaton CO₂ per jaar kan besparen. Dit kan bijvoorbeeld door een verplicht aandeel herbruikbare artikelen in winkels of door circulaire inkoop van materiaal voor wegenbouw.
(6) Maar dat gebeurt niet, waardoor de overgang naar een circulaire economie traag verloopt. Nu en in de toekomst vinden grote maatschappelijke veranderingen plaats die veel materiaal nodig hebben, zoals grootschalige woningbouw. Daar liggen kansen voor een meer circulaire aanpak, ziet het PBL. Dit kan bijvoorbeeld door extra verdiepingen te bouwen op bestaande panden in plaats van nieuwe woningen te bouwen.
(7) Ook zou de overheid start-ups en bedrijven die circulaire producten maken een exploitatiesubsidie²⁾ kunnen geven. Die bedrijven komen nu moeizaam van de grond door weinig vraag en concurrentie van nieuwe, goedkope producten. Plasticrecyclers verkeren in zulk zwaar weer, dat ze bij bosjes omvallen.
(8) In Nederland en de rest van de Europese Unie zijn relatief weinig grondstoffen beschikbaar, dus leunen we op onder andere China, bijvoorbeeld voor fossiel plastic. “Meer overheidsbeleid kan ervoor zorgen dat er minder grondstoffen worden geïmporteerd en meer hergebruikt”, zegt het PBL. Daardoor wordt Nederland ook minder afhankelijk van andere landen. Gezien de instabiele situatie in de wereld, lijkt dat voordelig.
Emma van Bergeijk, NU.nl, 20 februari 2025
noot 1 Utopia: denkbeeldig land waar alles volmaakt is
noot 2 exploitatiesubsidie: extra overheidsgeld voor het in stand houden van een bedrijf op basis van voorwaarden
Vraag 10 1 punt
Met welk begrip wordt het onderwerp van de tekst geïntroduceerd in alinea 1?
Bekijk het antwoord
(volledig) circulaire economie
Alinea 2 begint met de zin “Die situatie is op dit moment als een duurzaam Utopia.”
Vraag 11 1 punt
Wat wordt hiermee bedoeld?
Bekijk het antwoord
Antwoord: A
A
In alinea 3 zegt Marko Hekkert: “Niemand lijkt de urgentie te voelen”.
Vraag 12 2 punten
Noem DRIE redenen waarom dit volgens hem onterecht is.
Gebruik per reden niet meer dan 10 woorden.
Bekijk het antwoord
De kern van een goed antwoord is:
drie van onderstaande:
- Grondstoffen worden belangrijker.
- Grondstoffen worden schaarser.
- Nederland heeft zelf relatief weinig grondstoffen.
- We verspillen essentiële materialen.
indien drie redenen juist: 2 scorepunten
indien twee redenen juist: 1 scorepunt
indien minder dan twee redenen juist: 0 scorepunten
Opmerking: de redenen mogen in een andere volgorde staan. Maximumlengte per reden: 10 woorden.
Vraag 13 1 punt
Hoe komt het dat het verbruik van grondstoffen in Nederland nog steeds groeit, volgens de tekst?
Bekijk het antwoord
Antwoord: B
B
Tekstfragment 1
Circulaire economie heeft impuls nodig, helpt het om de btw¹⁾ te schrappen?
Verlaag de btw op reparaties en schrap die helemaal op tweedehandsspullen. Dat staat in een oproep van Bol.com, Zeeman en acht andere bedrijven in een brief aan het kabinet.
De maatregelen moeten helpen om de samenleving circulair te maken. Circulair is een economie zonder afval, waarin alle grondstoffen uit herbruikbare spullen en materialen komen, zegt het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu.
Kan het schrappen of verlagen van de btw helpen om de circulaire economie een impuls te geven?
In veel landen heeft dat wel gewerkt. Dat zegt Devrim Yazan, onderzoeker duurzame toeleveringsketens en circulaire economie aan de Universiteit Twente. Hij verwijst onder meer naar onderzoek naar btw-verlagingen op gerecyclede materialen in China, Canada en de VS.
NOS Nieuws, 1 april 2025
noot 1 Btw is de afkorting van belasting toegevoegde waarde. Dit is een belasting die wordt toegevoegd aan de prijs van dingen die je koopt. Het wordt gebruikt door de overheid om openbare voorzieningen te betalen, zoals scholen en wegen.
Vraag 14 1 punt
Bij welke alinea uit de tekst sluit tekstfragment 1 het best aan?
Bekijk het antwoord
Antwoord: D
D
Er zijn verschillende manieren om als bedrijf of als particulier bij te dragen aan een circulaire economie.
Vraag 15 1 punt
Kruis in de tabel in de uitwerkbijlage bij iedere situatie aan of die WEL of NIET bijdraagt aan een circulaire economie.
| situatie | draagt WEL bij aan circulaire economie | draagt NIET bij aan circulaire economie |
|---|---|---|
| Bij lunchroom Theetijd! krijg je korting op je thee als je een beker van thuis meebrengt. | ||
| Cas koopt dagelijks een flesje water bij de lunch in plaats van een flesje cola. | ||
| De Inpakwinkel verkoopt verpakkingsmateriaal gemaakt van onverkochte kranten. | ||
| Nora koopt op Marktplaats een vintage spijkerbroek van de vorige gebruiker. | ||
| Omar brengt zijn kapotte laptop naar een repaircafé om hem daar te laten maken. | ||
| Website Fesjunforjoe verkoopt nieuwe kleding die een modeseizoen meegaat. |
Bekijk het antwoord
| situatie | draagt WEL bij aan circulaire economie | draagt NIET bij aan circulaire economie |
|---|---|---|
| Bij lunchroom Theetijd! krijg je korting op je thee als je een beker van thuis meebrengt. | X | |
| Cas koopt dagelijks een flesje water bij de lunch in plaats van een flesje cola. | X | |
| De Inpakwinkel verkoopt verpakkingsmateriaal gemaakt van onverkochte kranten. | X | |
| Nora koopt op Marktplaats een vintage spijkerbroek van de vorige gebruiker. | X | |
| Omar brengt zijn kapotte laptop naar een repaircafé om hem daar te laten maken. | X | |
| Website Fesjunforjoe verkoopt nieuwe kleding die een modeseizoen meegaat. | X |
Opmerking: het scorepunt alleen toekennen als alle rijen juist zijn.
Vraag 16 1 punt
Wat is het belangrijkste doel van de tekst ‘Oplossingen wegwerpmaatschappij voor ’t oprapen, maar overheid laat ze liggen’?
Bekijk het antwoord
Antwoord: D
D
In de uitwerkbijlage staan drie zinnen uit het begin van de tekst.
Vraag 17 1 punt
Kruis in de tabel in de uitwerkbijlage bij iedere zin aan of die wordt gebruikt als een feit of een mening.
| zin uit de tekst | feit | mening |
|---|---|---|
| Deze natuurlijke hulpbronnen, zoals mineralen, metalen, olie en hout, zijn belangrijk in onze economie. (alinea 2) | ||
| Daarmee nemen we onze toekomst voor lief. (alinea 3) | ||
| De overheid heeft zichzelf als doel gesteld om in 2030 voor de helft minder grondstoffen te gebruiken dan in 2016 en in 2050 helemaal geen afval meer te produceren. (alinea 4) |
Bekijk het antwoord
| zin uit de tekst | feit | mening |
|---|---|---|
| Deze natuurlijke hulpbronnen, zoals mineralen, metalen, olie en hout, zijn belangrijk in onze economie. (alinea 2) | X | |
| Daarmee nemen we onze toekomst voor lief. (alinea 3) | X | |
| De overheid heeft zichzelf als doel gesteld om in 2030 voor de helft minder grondstoffen te gebruiken dan in 2016 en in 2050 helemaal geen afval meer te produceren. (alinea 4) | X |
Het scorepunt alleen toekennen als alle rijen juist zijn.
In de Rapportage van het PBL staat de onderstaande afbeelding. Bekijk de afbeelding en beantwoord dan vraag 18 en 19.

In alinea 1 van tekst 2 wordt het voorbeeld genoemd van een kapotte laptop die een bureaulamp wordt. De laptop begint zijn route bij het startpunt ‘Inzameling en sortering’ (zie het omcirkelde tekstvak).
Vraag 18 1 punt
Welke route legt die laptop vervolgens af?
Bekijk het antwoord
Antwoord: D
D
In de afbeelding staan bovenaan vier ‘Bestaande beleidsinstrumenten’ genoemd. Dat zijn manieren die de overheid kan gebruiken om recycling te stimuleren.
Vraag 19 1 punt
Welke situatie past het best bij ‘Circulair inkopen’?
Bekijk het antwoord
Antwoord: A
A
Tekst 3 Burgernet - Samen voor een veilige buurt

Download de app. De app kunt u (gratis) downloaden in de App-store (iOS) en de PlayStore (Android). Deelname is anoniem, uw gegevens of locatie worden niet bijgehouden.
- 1 Download de Burgernetapp op uw smartphone.
- 2 Geef de app toestemming om uw locatie te gebruiken.
- 3 Ontvang Burgernetacties, zonder aanmelden en waar u ook bent.
Werk samen met de politie aan veiligheid in uw omgeving. Elke deelnemer van Burgernet maakt de buurt een stukje veiliger. Want hoe meer mensen meedoen, hoe sneller een persoon of voertuig wordt gevonden.
Hoe werkt Burgernet? Burgernet werkt heel eenvoudig. Als deelnemer ontvangt u via de Burgernetapp een kort bericht met de vraag om uit te kijken naar een persoon of voertuig. Vaak gaat het om een vermissing, diefstal, een overval of een verdachte situatie. Als u iets ziet, kunt u rechtstreeks via de app bellen met de meldkamer van de politie. U krijgt altijd een afloopbericht waarin het resultaat van de actie wordt vermeld, ook als iemand nog niet is gevonden.
naar een folder van Burgernet, juni 2025
Vraag 20 1 punt
Welke zin uit de tekst geeft het doel van de app Burgernet aan?
Bekijk het antwoord
Antwoord: A
A
De foto in deze advertentie trekt de aandacht.
Vraag 21 1 punt
Welke andere functie heeft de foto in deze advertentie vooral?
De foto
Bekijk het antwoord
Antwoord: C
C
De zin ‘Al meer dan 2 miljoen mensen hebben de Burgernetapp’ staat apart in een tekstvak en valt zo extra op.
Vraag 22 1 punt
Wat is het belangrijkste effect hiervan?
De lezer
Bekijk het antwoord
Antwoord: C
C
Vraag 23 1 punt
Wat is het belangrijkste doel van deze advertentie?
de lezer
Bekijk het antwoord
Antwoord: A
A
Tekst 4 Nóg een klantenkaart
(1) Bijna iedere supermarktketen heeft tegenwoordig een variant van de Bonuskaart van Albert Heijn. Ook de kleinere winkels volgen nu. Dus of het nu Zara is, Hunkemöller of de kaaswinkel op de hoek: overal wordt klanten tijdens het afrekenen gevraagd of ze al lid zijn.
(2) Want ja, anders loop je 20 procent korting mis op die Levi’s-spijkerbroek of die gratis doos eieren bij je stuk oude Leidse kaas. Waarom zou je geen ‘member’ worden? Je vult even wat gegevens in en hop: je bent spekkoper¹⁾. Toch?
(3) Onthoud: korting is nooit gratis. Wie weleens lid is geworden van een winkel weet dat je minimaal een e-mailadres moet achterlaten. Albert Heijn gebruikt deze truc al jaren met succes, veel klanten zijn in het bezit van een Bonuskaart in ruil voor hun gegevens.
(4) Steeds meer winkels komen de afgelopen jaren met een klantenkaart op de proppen. Waarom juist nu? “Dat heeft alles met strengere cookie-regels te maken”, zegt Chantal Schinkels, social tech- en e-commerce-expert. “Third party cookies, cookies die op een website geplaatst worden door een externe partij om personen digitaal te kunnen volgen, gaan verdwijnen. Eind 2024 stopt Google Chrome ermee. Omdat het minder makkelijk wordt om klanten te volgen, zijn winkels op zoek gegaan naar een nieuwe manier om klantgegevens te vergaren, via memberships dus.”
(5) Daarnaast worden memberships tegenwoordig gebruikt als een vorm van klantenbinding, volgens consumentenpsycholoog Patrick Wessels. “Het is een manier om te kunnen zeggen: ‘Hallo! Ik ben er nog.’ Hierdoor denk je sneller aan deze winkel als je iets nodig hebt. Het gaat het bedrijf overigens niet om dat ene shirt dat je bij ze kocht: een bedrijf is geïnteresseerd in een langdurige relatie, dat levert veel meer op en is veel goedkoper dan het aanboren van een nieuw klantenbestand. Daarom zullen ze er alles aan doen om jou de rest van je leven binnenboord te houden.”
(6) Dit klinkt nog redelijk onschuldig. Maar uiteindelijk vragen winkels om meer dan alleen ons mailadres. Om lid te worden moet je vrijwel altijd persoonlijke gegevens opgeven zoals je geboortedatum, geslacht en woonadres. Wessels: “Hiermee kunnen de winkels een karakterschets van je maken. En hoe preciezer de schets, des te gerichter ze je kunnen benaderen.”
(7) En dat heeft consequenties. “Bedrijven kunnen hierdoor aan dynamic pricing doen. De prijs wordt per individu bepaald, op basis van het profiel dat de winkel van je heeft weten op te bouwen. Dat betekent goedkopere producten voor degenen die altijd op de kleintjes letten – anders kopen ze niet – en duurdere artikelen voor klanten die een duidelijke voorkeur voor luxeproducten hebben of alleen shoppen voor een specifiek product.”
(8) Volgens Schinkels maakt daarnaast het overal achterlaten van je gegevens je kwetsbaarder voor online fraude. “Jouw gegevens kunnen moeiteloos op straat terechtkomen als het bedrijf te maken krijgt met een datalek, waardoor ze in handen van criminelen terecht kunnen komen.”
(9) Dat gevaar wordt alleen maar groter als jouw persoonsgegevens ook nog eens worden doorverkocht, de laatste jaren een belangrijk verdienmodel voor ketens. Zo verwacht Ahold, moederbedrijf van Albert Heijn, in 2025 op deze manier 1 miljard euro om te zetten. De gegevens verkopen ze door aan bedrijven, zodat die hun aanbod beter aan kunnen laten sluiten op het consumentengedrag. Amazon geeft al langer toe dat zij inmiddels meer verdienen met de verkoop van klantendata dan met de verkoop van producten.
(10) “Gelukkig kunnen winkels niet zomaar alles doen met je gegevens die ze via een klantenkaart verkrijgen”, zegt Gerard Spierenburg van de Consumentenbond. “Het moet vooraf duidelijk zijn welke gegevens je deelt, met welk doel dat gebeurt en wat de winkel er vervolgens mee doet. De toestemming voor het delen van de gegevens moet volledig vrijwillig zijn en bovendien moet je die toestemming op ieder moment weer in kunnen trekken.”
(11) “Ook al is het proces transparant, we hebben niet altijd door waar we uiteindelijk ja op zeggen”, zegt Schinkels. “Wij houden van gratis en ons brein houdt van gemak. Daar spelen bedrijven handig op in: even een app downloaden, je geboortedatum invoeren en die gratis verjaardagstompouce is voor jou. Voor een bedrijf als HEMA zijn jouw gegevens wel iets meer waard dan een stuk gebak.”
(12) Het vlees is dus zwak: wie voelt zich nou niet een dief van zijn eigen portemonnee als je al die klantenkaarten links laat liggen en daarmee tientallen euro’s? Zijn er trucs die je kunt inzetten om toch die ledenkorting mee te pakken zonder dat je ‘te’ veel van jezelf blootgeeft? “Je kunt een speciaal e-mailadres aanmaken voor klantenkaarten”, tipt Wessels. “Dan word je minder vaak blootgesteld aan verkooptrucs dan wanneer je je persoonlijke e-mailadres opgeeft.”
(13) Schinkels: “Wil jij per se die Levi’s 501 voor minder geld? Schrijf je in, pak die korting en schrijf je vervolgens weer uit. Dan heb je een nieuwe broek én die korting. Of gebruik gewoon nepgegevens.” Spierenburg: “Kijk in ieder geval goed naar de voorwaarden waaronder jij je gegevens afstaat en weeg af of jij het de kortingen waard vindt.”
Chantal van Wees, AD, 26 mei 2024
noot 1 je bent spekkoper: je doet goede zaken
In alinea 2 staat: “Waarom zou je geen ‘member’ worden? Je vult even wat gegevens in en hop: je bent spekkoper. Toch?”
Vraag 24 1 punt
Wat is hier het effect van ‘Toch?’
Bekijk het antwoord
Antwoord: D
D
Vraag 25 1 punt
Welk probleem voor winkels ontstaat door de strengere cookie-regels?
Bekijk het antwoord
De kern van een goed antwoord is:
Het wordt minder makkelijk om klanten te volgen / om klantgegevens te vergaren.
Vraag 26 2 punten
Het opgeven van persoonlijke gegevens bij een winkel kan gevolgen hebben voor de klant.
Welke TWEE gevolgen voor de klant worden genoemd in de tekst?
Bekijk het antwoord
De kern van een goed antwoord is:
- dynamic pricing / ongelijke prijzen / De prijs wordt per individu bepaald (1 scorepunt)
- kwetsbaar(der) voor online fraude (1 scorepunt)
Opmerking: het scorepunt niet toekennen als de kandidaat antwoordt: ‘kwetsbaar(der)’ in plaats van ‘kwetsbaar(der) voor online fraude’.
Vraag 27 1 punt
Wat is volgens de tekst voor veel winkelketens een belangrijke manier van geld verdienen geworden?
Bekijk het antwoord
De kern van een goed antwoord is:
het (door)verkopen van (klant)gegevens
In de alinea’s 10 en 11 zijn twee deskundigen aan het woord: Spierenburg en Schinkels.
Vraag 28 1 punt
Op welke manier past wat Schinkels zegt bij Spierenburgs woorden?
Schinkels
Bekijk het antwoord
Antwoord: C
C
Tekstfragment 2 is een deel uit een tekst voor winkels over hun voordelen van de klantenkaart.
Lees tekstfragment 2 en maak daarna vraag 29.
Tekstfragment 2
Onmisbare voordelen van de klantenkaart
De voordelen van een klantenkaart zijn talloos. Wij hebben er enkele op een rijtje gezet.
1. Een klantenkaart verhoogt de loyaliteit van klanten en daarmee je omzet. Klanten kunnen sparen voor extra korting op huismerkproducten. Daarmee beloon je dus hun loyaliteit. Als je een klant eenmaal binnen hebt, zal die vervolgaankopen ook eerder bij jou doen.
2. Mensen kopen eerder meer of verhogen de aankoopprijs. Mensen kopen meer als dat ze direct voordeel oplevert. Ze zullen dus ook eerder geneigd zijn om meer te kopen om het bedrag te halen dat (extra) spaarpunten oplevert.
3. Je kunt klanten beter informeren over nieuwe producten. Je kunt klanten op basis van hun aankopen beter informeren over voor hen relevante nieuwe producten, kortingen en aanbiedingen.
4. Je kunt er leuke dingen mee doen en leuke extraatjes uitdelen aan je klanten. Je klanten krijgen op hun verjaardag op vertoon van hun klantenkaart een cadeautje. Ook kun je ze er makkelijker mee uitnodigen voor evenementen die je organiseert. Of je nodigt ze gericht uit een productreview te schrijven op de website in ruil voor extra punten.
Bron: https://www.multicopy.nl/blogs/de-10-onmisbare-voordelen-van-de-klantenkaart
In alinea 11 van de tekst ‘Nóg een klantenkaart’ staat het voorbeeld van de actie met de tompouce.
Vraag 29 1 punt
Bij welk voordeel uit de lijst in tekstfragment 2 past dit voorbeeld? Noteer het nummer van je antwoord.
Bekijk het antwoord
4
Je wilt een dure jas kopen en graag korting krijgen met een klantenkaart, maar je wilt niet dat de winkel te veel persoonsgegevens van je heeft. Je zoekt daarom naar tips voor het gebruik van de klantenkaart.
Vraag 30 2 punten
Kruis in de tabel in de uitwerkbijlage voor iedere tip aan of hij WEL of NIET door Wessels of Schinkels wordt voorgesteld in de tekst.
| tips | WEL voorgesteld door Wessels of Schinkels | NIET voorgesteld door Wessels of Schinkels |
|---|---|---|
| Je gebruikt het e-mailadres van iemand anders. | ||
| Je maakt een nieuw, extra e-mailadres aan dat je alleen voor de aankoop gebruikt. | ||
| Je verzint de gegevens zelf. | ||
| Je vult je eigen gegevens in en schrijft je meteen na de aankoop weer uit. |
Bekijk het antwoord
| tips | WEL voorgesteld door Wessels of Schinkels | NIET voorgesteld door Wessels of Schinkels |
|---|---|---|
| Je gebruikt het e-mailadres van iemand anders. | X | |
| Je maakt een nieuw, extra e-mailadres aan dat je alleen voor de aankoop gebruikt. | X | |
| Je verzint de gegevens zelf. | X | |
| Je vult je eigen gegevens in en schrijft je meteen na de aankoop weer uit. | X |
Indien vier rijen juist: 2 scorepunten. Indien drie rijen juist: 1 scorepunt. Indien twee of minder rijen juist: 0 scorepunten.
De schrijver citeert Spierenburg aan het eind van de tekst.
Vraag 31 1 punt
Hoe sluit dit citaat aan bij de rest van de tekst?
Spierenburg
Bekijk het antwoord
Antwoord: B
B
Vraag 32 1 punt
Wat is het belangrijkste doel van de tekst ‘Nóg een klantenkaart’?
de lezers
Bekijk het antwoord
Antwoord: D
D
Schrijfopdracht
Artikel
Situatiebeschrijving
In het weekend heb je een trui gekocht in een nieuwe kledingwinkel. Tijdens het afrekenen vertelde de kassamedewerker dat je 10% korting krijgt als je een klantenkaart neemt. De korting wilde je wel, dus je hebt wat gegevens ingevuld en de korting gekregen.
Een week later wordt in de les Nederlands de tekst ‘Nóg een klantenkaart’ behandeld. Je vraagt je daarna af wat er eigenlijk met de gegevens gebeurt die jij gedeeld hebt met de kledingwinkel. Je bespreekt het met je klasgenoten en het blijkt dat veel van jullie klantenkaarten hebben zonder precies te weten wat er gebeurt met jullie gegevens.
De docent Nederlands hoort dit en ziet hier een mooie kans voor een gastles. De docent nodigt mevrouw Klein uit. Zij is docent digitaal burgerschap van de mbo-opleiding ICT & digitale veiligheid. Ze zal op 1 juli van 12.00 uur tot 13.00 uur bij jullie op school informatie geven en vragen beantwoorden over digitale veiligheid rondom klantenkaarten voor geïnteresseerde leerlingen uit de examenklassen vmbo.
Je docent Nederlands heeft je gevraagd de gastles van mevrouw Klein te promoten. Jij schrijft een artikel voor de website van je school waarin je een oproep doet aan de leerlingen om naar de gastles te komen en goede vragen te stellen. Je eindigt je artikel met een passende zin om zoveel mogelijk leerlingen enthousiast te maken voor de gastles.
Vraag 33 13 punten
Schrijf een artikel voor de leerlingen uit de examenklassen vmbo waarin je ze oproept om de gastles te komen volgen over digitale veiligheid.
Gebruik voor dit artikel de gegevens uit de situatiebeschrijving en eventueel de tekst ‘Nóg een klantenkaart’. Gegevens die niet in de opdracht staan, moet je zelf bedenken.
Besteed in jouw tekst aandacht aan de volgende punten:
- de aanleiding voor de gastles over digitale veiligheid;
- een voordeel van klantenkaarten;
- een nadeel van klantenkaarten;
- een oproep voor het bijwonen van de gastles over digitale veiligheid met mevrouw Klein;
- een uitleg wie mevrouw Klein is;
- de doelgroep van de gastles;
- een voorbeeld van een vraag die jij gaat stellen bij de vragenronde van de gastles;
- een verzoek aan leerlingen om een vraag te bedenken voor de vragenronde van de gastles;
- een vermelding van de datum, tijd en locatie van de gastles;
- hoe en tot wanneer leerlingen zich kunnen aanmelden voor de gastles;
- een passende slotzin.
Maak er een samenhangend geheel van en zet er een passende titel boven. Zet je voor- en achternaam en je klas eronder.
Let op: Zorg ervoor dat je tekst minimaal uit 100 woorden bestaat. Bij minder dan 100 woorden krijg je geen punten voor taalgebruik.
Bekijk het antwoord
Beoordeling met het correctievoorschrift, in drie onderdelen.
33.1 Inhoud (maximaal 6 punten). De score is 6 scorepunten minus 1 punt per onjuist of ontbrekend element: de aanleiding voor de gastles over digitale veiligheid; een voordeel van klantenkaarten; een nadeel van klantenkaarten; de oproep voor het bijwonen van de gastles met mevrouw Klein; uitleg wie mevrouw Klein is (zij is deskundige op het gebied van dit onderwerp); de doelgroep; een voorbeeldvraag; een verzoek om een vraag te bedenken; de juiste datum, tijd en locatie (1 juli, 12.00 tot 13.00 uur); hoe en tot wanneer je je kunt aanmelden; een passende slotzin. De score kan niet lager zijn dan 0.
33.2 Taalgebruik (maximaal 5 punten). De score is 5 scorepunten minus aftrek: één of twee formuleringsfouten 1 punt, drie of vier 2 punten, vijf of meer 3 punten; één of twee spelfouten 1 punt, drie of vier 2 punten, vijf of meer 3 punten; twee of meer interpunctiefouten 1 punt. De score kan niet lager zijn dan 0. Bij minder dan 100 woorden geen scorepunten voor taalgebruik.
33.3 Presentatie en conventies (maximaal 2 punten). De score is 2 scorepunten minus 1 punt per geheel of gedeeltelijk onjuist of ontbrekend element: passende titel; vermelding van voor- en achternaam en klas onder het artikel; alinea-indeling; samenhang; logische volgorde; passend taalgebruik. Conventies die niet bij de tekstsoort passen: 1 punt aftrek. Een ontbrekende witregel na de titel of voor naam en klas: geen aftrek. De score kan niet lager zijn dan 0.
Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen vmbo-gt Nederlands 2026, tijdvak 2. Figuren en de exacte opmaak staan in het originele examen.
Andere examens Nederlands vmbo-gl/tl
- 2026, tijdvak 1
- 2025, tijdvak 1
- 2025, tijdvak 2
- 2024, tijdvak 1
- 2024, tijdvak 2
- 2023, tijdvak 1
- 2023, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 1
- 2022, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 3
- 2021, tijdvak 1
- 2021, tijdvak 2
- 2021, tijdvak 3
- 2019, tijdvak 1
- 2019, tijdvak 2
- 2018, tijdvak 1
- 2018, tijdvak 2
Hoe ToetsChecker Nederlands per vraagtype nakijkt, lees je op Nederlands toetsen nakijken met AI.
Veelgestelde vragen
Hoeveel vragen heeft het eindexamen Nederlands vmbo-gl/tl 2026, tijdvak 2?
Het centraal examen Nederlands vmbo-gl/tl 2026, tijdvak 2 telt 33 vragen. De meeste vragen gaan over leesvaardigheid (21), tekstsoorten en tekstdoelen (5) en tekstverbanden en signaalwoorden (3).
Wat zijn de antwoorden van het examen Nederlands vmbo-gl/tl 2026, tijdvak 2?
Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.
Waar vind ik het correctievoorschrift van Nederlands vmbo-gl/tl 2026, tijdvak 2?
Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2026/vmbo-gl/documenten/cse-2/gt-0011-a-26-2-c).
Hoe oefen ik met het examen Nederlands vmbo-gl/tl 2026, tijdvak 2 en krijg ik feedback?
Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.