Eindexamen Nederlands vmbo-gl/tl 2024, tijdvak 1: vragen en antwoorden
Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Tekst 1 Klimaatverandering: het Britse dorp dat wordt opgeslokt door de zee, Tekst 2 Maal meer, Tekst 3 Muziek als erfenis, Tekst 4 Uit gewoonte naar Instagram, Schrijfopdracht.
Het centraal examen Nederlands vmbo-gl/tl 2024, tijdvak 1 telt 31 vragen. De meeste vragen gaan over leesvaardigheid (18), tekstsoorten en tekstdoelen (7) en tekstverbanden en signaalwoorden (4). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.
Onderwerpen in dit examen
| Onderwerp | Vragen | Aantal |
|---|---|---|
| Leesvaardigheid | 2, 4-14, 17, 19, 26-27, 29-30 | 18 |
| Tekstsoorten en tekstdoelen | 1, 20-24, 31 | 7 |
| Tekstverbanden en signaalwoorden | 3, 15, 18, 28 | 4 |
| Argumentatie | 16 | 1 |
| Stijlfouten | 25 | 1 |
Vergeleken met andere jaren
Vergeleken met de andere 17 examens Nederlands vmbo-gl/tl sinds 2018: dit examen vroeg meer over leesvaardigheid (58% van de vragen, gemiddeld 46%). Minder over tekstverbanden en signaalwoorden (13% van de vragen, gemiddeld 20%).
Opgaven en correctievoorschrift
De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.
Oefenen als leerling
Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen Nederlands vmbo-gl/tl 2024, tijdvak 1 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.
Nakijken als docent
Start gratis vanaf deze pagina
Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen Nederlands vmbo-gl/tl 2024, tijdvak 1 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.
Laat de klas het examen maken
Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.
Geef de resultaten vrij
Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.
ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.
Vragen en antwoorden
Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen Nederlands vmbo-gl/tl 2024, tijdvak 1. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.
Tekst 1 Klimaatverandering: het Britse dorp dat wordt opgeslokt door de zee
(1) Het Engelse kustplaatsje Happisburgh heeft een 14e-eeuwse kerk, een beroemde rood-wit gestreepte vuurtoren en zo'n zeshonderd woningen. Maar dat aantal huizen wordt elk jaar minder. Steeds vaker neemt de zee een hap uit het klif waarop het dorp is gebouwd, waardoor de huizen en wegen over de rand in het water vallen.
(2) “We hebben al 35 huizen verloren”, zegt Malcolm Kerby, lid van de Coastal Concern Action Group. “Weg...” Hij kijkt vanaf het klif naar beneden. “Wordt dit nummertje 36?”, zegt hij wijzend naar een huis dat zo'n zes meter van de afgrond staat.
(3) De woning is leeg, zoals de meeste huizen op Beach Road. De helft van de straat is al weggeslagen door de zee, waardoor de weg nu midden in de lucht plotseling ophoudt. Wandelaars worden gewaarschuwd met een bord waarop ‘road closed’ staat, zodat ze niet per ongeluk in de afgrond lopen.
(4) “Daar was eerst een weiland met paarden”, zegt Kerby wijzend naar de zee. “Tussen de golven zie je soms nog de houten palen van het hek uitsteken.” Verderop langs de kust van Norfolk ligt het dorp Hemsby. Ook daar verkruimelt het klif, waardoor vakantiebungalows en woningen regelmatig de zee in kieperen.
(5) Dit stuk van de Britse oostkust brokkelt gemiddeld 1,7 meter per jaar af. Het is daarmee de snelst eroderende kust van Europa. Erosie is hier geen nieuw fenomeen: de kust bestaat uit zachte materialen, zoals zand, kalk en klei, en trekt zich al sinds de middeleeuwen terug. Maar door klimaatverandering, met de stijgende zeespiegel en zware stormen in een hogere frequentie als gevolg, is dit proces sterk aan het versnellen.
(6) Hoewel sommige plekken aan de Engelse oostkust tegen de oprukkende zee worden beschermd, heeft de Britse regering nu besloten niet meer te investeren in de zeewering voor de kust van Happisburgh. Het dorp is dunbevolkt, het boerenland en de woningen zijn niet waardevol genoeg om te beschermen.
(7) Wat je wel of niet kunt beschermen tegen de zee, is een vraag die over de hele wereld steeds urgenter wordt: van laaggelegen gebieden in Vietnam en Bangladesh tot aan de kwetsbare kust van de Amerikaanse staat Louisiana. Terwijl Nederland kosten noch moeite spaart om met dijken en zeeweringen het land te beschermen, geldt die vanzelfsprekendheid in andere landen niet.
(8) “In Nederland zou je dit probleem ook hebben, maar in plaats daarvan pompen jullie gigantische hoeveelheden zand op en bouwen jullie dammen en muren waarmee je de zee op afstand houdt”, zegt hoogleraar Robert Nicholls, een van de meest vooraanstaande experts op het gebied van kusterosie en klimaatverandering. “Dat kan bij een relatief korte kuststrook zoals in Nederland, maar zulke technieken zijn simpelweg niet overal ter wereld toepasbaar. Hier in Groot-Brittannië is de kustlijn veel te lang.”
(9) Daarom wordt er een kostenbatenanalyse gemaakt: is het gebied de moeite waard om te beschermen of moeten we de leefgebieden aanpassen? “Grote steden, zoals Londen of Rotterdam, zullen we in de toekomst blijven beschermen. Maar de bescherming van dunbevolkte kusten, zoals bijvoorbeeld Happisburgh, kost meer dan het land eigenlijk waard is. Bovendien: erosie op de ene plek kan verplaatsing van zand door de zee naar een andere plek betekenen, zodat daar de kust juist weer wordt beschermd. Daarom moet je voortdurend de afweging maken wat het waard is.”
(10) Nicholls is hoogleraar Climate Adaptation1) aan de University of East Anglia. Hij probeert zeestromingen, eigenschappen van de kust en erosiesnelheid op verschillende plekken in kaart te brengen, zodat overheden wereldwijd ingrijpende beslissingen kunnen nemen. Steeds vaker zullen we in de komende jaren antwoord moeten geven op de centrale vraag: gaan we het land beschermen of laten we de erosie op zijn beloop?
(11) “Dat levert lastige vragen op”, aldus Nicholls. “We moeten accepteren dat we het niet gaan winnen van de natuur. En de gevolgen van klimaatverandering moeten we gaan plannen.” Hij denkt dat we op sommige plekken geld moeten uitgeven om het land tegen de zee te beschermen, maar er op andere plaatsen mee moeten leren leven dat we ons moeten terugtrekken, terwijl de zee het land opslokt.
(12) Terug in Happisburgh wijst Kerby op de 14e-eeuwse kerk en de begraafplaats eromheen. “Er zijn op dit moment geen plannen om ook maar iets hiervan te redden”, vertelt hij. “Mensen en huizen kun je verplaatsen, maar de geschiedenis niet.”
naar een artikel van Fleur Launspach, NOS.nl, 28 februari 2022
noot 1 Climate Adaptation: Klimaataanpassing
Vraag 1 1 punt
Deze tekst wordt onder andere ingeleid door het introduceren van een (ervarings)deskundige. Op welke twee andere manieren wordt deze tekst ingeleid in de alinea's 1 tot en met 4? Kruis de juiste antwoorden aan in de tabel in de uitwerkbijlage.
| Kruis de twee juiste manieren aan. | |
|---|---|
| de aanleiding voor het schrijven van de tekst noemen | |
| een samenvatting van de tekst geven | |
| een voorbeeld bij het onderwerp van de tekst noemen | |
| een waarschuwing bij het onderwerp geven | |
| het centrale probleem van de tekst benoemen |
Bekijk het antwoord
Antwoord: C en D
Kruis de twee juiste manieren aan: een voorbeeld bij het onderwerp van de tekst noemen en een waarschuwing bij het onderwerp geven.
Opmerking Als de kandidaat meer of minder manieren aankruist, geen scorepunt toekennen.
Vraag 2 2 punten
Volgens alinea 5 is de Britse oostkust de snelst eroderende kust van Europa. Wat zijn de twee hoofdoorzaken hiervan? Noteer deze twee in de uitwerkbijlage. Gebruik maximaal tien woorden per hoofdoorzaak.
Bekijk het antwoord
hoofdoorzaak 1: (De kust bestaat uit) zachte materialen / zand, kalk en klei
hoofdoorzaak 2: (De kust erodeert door) klimaatverandering
Opmerkingen: Als de kandidaat meer dan tien woorden per hoofdoorzaak gebruikt, geen scorepunt toekennen voor de betreffende hoofdoorzaak. Uitzondering: als de kandidaat citeert “de kust bestaat uit zachte materialen, zoals zand, kalk en klei” (11 woorden) het scorepunt wel toekennen. Als de kandidaat uitsluitend stijgende zeespiegel en/of zwaardere stormen antwoordt dit niet goed rekenen, want dit zijn geen hoofdoorzaken.
Vraag 3 1 punt
Alinea 6 (regels 50-58) bestaat uit twee zinnen. Wat is het verband tussen deze zinnen?
Bekijk het antwoord
Antwoord: A
A
Vraag 4 1 punt
Welk deelonderwerp hebben de alinea's 1 tot en met 5?
Bekijk het antwoord
Antwoord: C
C
Vraag 5 1 punt
Welk deelonderwerp hebben de alinea's 6 tot en met 9?
Bekijk het antwoord
Antwoord: A
A
Vraag 6 1 punt
Nicholls vergelijkt Nederland in de alinea's 8 en 9 met Engeland. Welk verschil ziet hij? Noteer dit verschil in de uitwerkbijlage.
Bekijk het antwoord
Een van de volgende:
- De Engelse kustlijn is veel langer (dan die van Nederland). / De Nederlandse kustlijn is korter (dan die van Engeland).
- Nederland past andere technieken (dan Engeland) toe om de zee op afstand te houden.
Opmerking Als de kandidaat voorbeelden van technieken uit de tekst noemt, het scorepunt toekennen.
Vraag 7 2 punten
Nicholls noemt in alinea 9 twee zaken die een rol spelen bij de kosten-batenanalyse. Welke twee zijn dat? Schrijf deze zaken op in de uitwerkbijlage.
Bekijk het antwoord
De kern van een goed antwoord is:
- bevolkingsdichtheid / dicht- of dunbevolkt (zijn van gebied)
- verplaatsing van zand (door de zee)
Opmerking Als de kandidaat de waarde van het gebied of aanpassing van leefgebied noemt geen scorepunt toekennen, omdat dit verwijst naar de uitkomst van de kosten-batenanalyse.
Vraag 8 1 punt
Er zijn verschillende manieren van omgaan met de gevolgen van klimaatverandering voor de kustlijn. Welke manier is volgens Nicholls het best?
Bekijk het antwoord
Antwoord: B
B
Vraag 9 1 punt
Wat is de hoofdgedachte van deze tekst?
Bekijk het antwoord
Antwoord: D
D
Lees nu het tekstfragment en beantwoord daarna vraag 10 en 11.
Tekstfragment
Klimaatverandering bedreigt zandstranden als een sluipmoordenaar
(1) Lange strandwandelingen bij zonsondergang of afkoelen tijdens een hittegolf: jaarlijks trekken miljoenen mensen naar het strand. Maar wereldwijd kan de helft van de zandstranden binnen een eeuw verdwijnen.
(2) Dit blijkt uit een onderzoek van het Joint Research Centre (JRC) van de Europese Commissie dat gisteren is gepubliceerd. “Wij zijn geschrokken van de impact op kusten wereldwijd”, zegt Arjen Luijendijk, een van de onderzoekers en werkzaam bij kennisinstituut Deltares.
(3) Zandstranden zullen namelijk tientallen tot honderden meters landinwaarts trekken of zelfs compleet verdwijnen als gevolg van de stijgende zeespiegel. Ruim 130.000 kilometer aan zandstrand dreigt te verdwijnen. Als er niet ingegrepen wordt, verdwijnen zandstranden in het oosten van Noord-Amerika, het Amazonegebied, Zuid- en West-Azië, en het zuidwesten van Europa. In de Verenigde Staten is zelfs al een complete kustplaats opgeslokt door de zee.
(4) In totaal bestaat een derde van alle kustlijnen ter wereld uit zandstranden. Deze stranden zijn belangrijk als een natuurlijke buffer voor stormen en hoog water. Daarnaast zijn ze belangrijk voor de economie, de recreatie en het toerisme.
(5) Hoeveel stranden daadwerkelijk zullen verdwijnen, hangt volgens het onderzoek grotendeels af van twee dingen. Allereerst van de inzet van landen om kusterosie tegen te gaan, door bijvoorbeeld zand op te spuiten zoals we in Nederland doen. En het hangt af van de toekomstige uitstoot van broeikasgassen.
(6) “Kusterosie is een sluipmoordenaar”, legt Luijendijk uit. “Het is een langzame trend waarbij op lange termijn pas grote gevolgen zichtbaar zijn.”
naar een deel van een online artikel van RTL Nieuws, 3 maart 2020
Vraag 10 1 punt
Welke deelonderwerpen in de tabel in de uitwerkbijlage komen zowel in tekst 1 als in het tekstfragment aan de orde? Zet een kruisje op de juiste plaatsen in de tabel in de uitwerkbijlage.
| deelonderwerp | zowel in tekst 1 als tekstfragment |
|---|---|
| erosie van Engelse kliffen | |
| gevolgen zeespiegelstijging | |
| kustbescherming wereldwijd | |
| toekomst van strandtoerisme |
Bekijk het antwoord
Antwoord: B en C
| deelonderwerp | zowel in tekst 1 als tekstfragment |
|---|---|
| erosie van Engelse kliffen | |
| gevolgen zeespiegelstijging | X |
| kustbescherming wereldwijd | X |
| toekomst van strandtoerisme |
Opmerking Als de kandidaat meer of minder deelonderwerpen aankruist, geen scorepunt toekennen.
Vraag 11 1 punt
Hoe is het tekstfragment het best te typeren ten opzichte van tekst 1?
Bekijk het antwoord
Antwoord: A
A
Tekst 2 Maal meer
(1) Het fijnkauwen van je maaltijd is de eerste stap in het verteringsproces. Maar hoe grondig moet dat? Krijg je meer vitamines binnen als je een hap helemaal tot moes maalt? Of heeft goed kauwen andere voordelen?
(2) Wil je het echt goed doen, dan zou je iedere hap meer dan honderd keer moeten kauwen. Net zo lang tot het voedsel is veranderd in een vloeibaar papje en het bijna vanzelf door je keel glijdt. Zo luidde het advies van Horace Fletcher, een Amerikaanse gezondheidsgoeroe uit begin twintigste eeuw. Zijn theorie? Door voedsel zo grondig fijn te malen, zou je tot wel twee keer meer voedingsstoffen binnenkrijgen. Mensen hadden dan maar half zoveel voedsel nodig en volgens zijn berekeningen zou dat de Verenigde Staten een half miljoen dollar per dag besparen. Fletcher verzamelde flink wat aanhangers (ofwel ‘Fletcherizers’), onder wie generaals, politici en beroemdheden als de schrijver Franz Kafka. Nu heeft zijn voedingstheorie nooit een bewezen effect gehad op voedseltekorten of de Amerikaanse economie, maar het doet je toch afvragen: is het echt gezonder om zo goed te kauwen?
(3) “Ik ben een voorstander van goed kauwen”, zegt Guido Camps, voedingswetenschapper aan de Wageningen Universiteit, “maar ik begrijp ook dat we wel meer te doen hebben.” Niemand heeft tijd om meer dan honderd keer op iedere hap te kauwen. En minstens 36 keer kauwen, zoals het advies nog vaak luidt, is ook niet per se nodig, denkt hij. Maar de voedingsstoffen in bepaalde voedingsmiddelen worden wel beter opgenomen als je de hap eerst goed fijnmaalt. “Vooral bij plantaardig voedsel”, zegt Camps. De voedingsstoffen in groenten en zaden zitten vaak verpakt in een vliesje. Denk aan een maïskorrel of een sesamzaadje. Die vliezen maken het moeilijk voor je maag en je darmen om het voedsel te verteren. “Het is je misschien wel eens gebeurd dat je bij een wc-bezoek achteromkijkt en nog een maïskorrel ziet liggen”, zegt Camps. “Pure verspilling, want dat betekent dat je lichaam de kans niet kreeg om de vitamines en de voedingsstoffen die erin zitten, op te nemen.”
(4) Het zijn niet alleen de vliezen om de korrels en de zaadjes die maken dat een plant moeilijk te verteren is. “Eigenlijk is elke cel van de plant omgeven door een stug vlies: de celwand die over het celmembraan ligt. Door groente goed te kauwen, zorg je ervoor dat die celwand wordt verpulverd. Dat maakt dat de voedingsstoffen uit de cel beter beschikbaar komen”, zegt Camps. Koken is overigens ook een manier om de plantaardige cellen kapot te maken, maar daarbij gaan voedingsstoffen als vitamine B, vitamine C en foliumzuur weer sneller verloren.
(5) Cellen van dieren hebben alleen een celmembraan en geen stugge celwand. Daarom is het kauwen bij dierlijk voedsel, zoals vlees, kaas en eieren, minder cruciaal. Dat wordt makkelijker verteerd door de sappen in je maag of de bacteriën in je darmen.
(6) Dat kauwen vooral belangrijk is voor planteneters, is te zien aan de verschillende gebitten in het dierenrijk. Vergelijk de tanden en kiezen van een tijger maar eens met die van een koe. Het gebit van een tijger bestaat vooral uit scherpe, puntige tanden. Die komen goed van pas bij het losscheuren van lappen vlees. Maar de koe heeft slechts een paar tanden en veel meer platte, grote kiezen. Alleen met zo'n gebit is het mogelijk om dat stugge gras helemaal kapot te kauwen.
(7) Of kauwen nog meer voordelen kent? “Zeker”, zegt Camps. “Als je goed kauwt, eet je niet snel en daardoor vaak ook minder. Je hersenen gaan denken: hè, je bent al een tijdje aan het kauwen. Dan zul je vast en zeker al veel hebben gegeten. Je hersenen krijgen de tijd om te registreren dat je voedsel binnenkrijgt. Als gevolg daarvan wordt het hongerige gevoel geremd.” Volgens Camps heb je ook minder goed door hoeveel calorieën je naar binnen werkt als voedsel zo zacht is dat je amper hoeft te kauwen. “Bij stevig voedsel, waar je iets meer moeite voor moet doen, blijkt dat je beter kunt inschatten hoeveel je hebt gehad. Plus: door goed te kauwen, ervaar je ook meer smaak. Dat is niet alleen veel lekkerder, maar geeft ook meer voldoening. Als je per calorie wordt blootgesteld aan meer smaak, zorgt dat voor een groter gevoel van verzadiging.”
(8) “Ook voor kleine kinderen is kauwen belangrijk”, zegt Camps. Volgens hem is het goed als je hen laat wennen aan stevig voedsel en ze niet alleen geprakte papjes voorschotelt. “Vanaf het moment dat ze hun eerste tand krijgen, kun je kinderen al vast voedsel geven.” In stevig voedsel zitten vaak gezonde voedingsstoffen (denk maar aan groenten), terwijl de meeste ongezonde dingen juist makkelijk te eten zijn (een hap chocoladetaart heb je zo tot moes gekauwd). En als jonge kinderen niet wennen aan voedsel dat je goed moet kauwen, is de kans waarschijnlijk kleiner dat ze later netjes hun gezonde, stugge groenten opeten.
(9) Zo obsessief als de Fletcherizers hoef je er niet mee bezig te zijn. Maar het grondig fijnmalen van je maaltijd kan best wat opleveren.
naar een artikel van Ellemiek de Wit, Quest, februari 2019
Vraag 12 1 punt
In alinea 1 staat “Of heeft goed kauwen andere voordelen?” (regels 6-7).
In welke alinea wordt het duidelijkste antwoord gegeven op deze vraag? Noteer je antwoord in de uitwerkbijlage.
Bekijk het antwoord
alinea 7
Vraag 13 1 punt
In de alinea's 2 en 3 worden drie verschillende antwoorden gegeven op de vraag hoe grondig je je voedsel moet kauwen. Noteer in de uitwerkbijlage welke drie antwoorden dat zijn. Gebruik maximaal 15 woorden per antwoord.
Bekijk het antwoord
De kern van een goed antwoord is: drie van de volgende:
- (Iedere hap) meer dan honderd keer kauwen.
- (Iedere hap) kauwen tot het voedsel is veranderd in een vloeibaar papje.
- (Iedere hap) (minstens) 36 keer kauwen.
- (Iedere hap) kauwen tot de hap is fijngemalen.
Opmerking Als de kandidaat meer dan 15 woorden voor een antwoord gebruikt, geen scorepunt toekennen.
Vraag 14 2 punten
Hoe makkelijk voedingsstoffen opgenomen worden, blijkt onder meer af te hangen van het soort voedingsmiddel. Noteer in de uitwerkbijlage achter ieder soort voedingsmiddel hoe goed je het moet kauwen om de voedingsstoffen goed op te kunnen nemen. Geef ook aan waarom je dat moet doen. Kies uit de antwoorden in de uitwerkbijlage en vul alleen de nummers in. Let op! Er blijven twee antwoorden over.
- 1 hoef je minder goed te kauwen
- 2 hoef je niet te kauwen
- 3 moet je goed kauwen
- 4 de cellen sappen en bacteriën bevatten
- 5 de cellen alleen een celmembraan hebben
- 6 de cellen een stugge celwand hebben die verpulverd moet worden
Bekijk het antwoord
Plantaardig voedsel 3 (moet je goed kauwen), omdat 6 (de cellen een stugge celwand hebben die verpulverd moet worden)
Dierlijk voedsel 1 (hoef je minder goed te kauwen), omdat 5 (de cellen alleen een celmembraan hebben)
Opmerking Een ingevulde antwoordregel moet helemaal correct zijn voor toekenning van het scorepunt van dat antwoord.
Vraag 15 1 punt
Wat is de functie van alinea 5?
Bekijk het antwoord
Antwoord: C
C
Vraag 16 2 punten
Goed kauwen zorgt er volgens Guido Camps voor dat je minder snel en daardoor minder gaat eten. (alinea 7) Geef in de uitwerkbijlage de drie verschillende redenen die hij hiervoor geeft.
Bekijk het antwoord
De kern van goed antwoord is: drie van de volgende:
- Je hersenen denken dat je al veel hebt gegeten.
- Je hersenen krijgen de tijd om te registreren dat je voedsel binnenkrijgt (waardoor het hongerige gevoel geremd wordt).
- Je kunt beter inschatten hoeveel je hebt gehad (wanneer je meer moeite voor kauwen moet doen).
- Je ervaart meer smaak (waardoor je eerder verzadigd bent / meer voldoening hebt).
Indien drie goed: 2 scorepunten. Indien twee goed: 1 scorepunt. Indien een of nul goed: 0 scorepunten.
Vraag 17 1 punt
Camps vindt het belangrijk dat kinderen al op jonge leeftijd goed leren kauwen. (alinea 8) Citeer de zin waarin wordt uitgelegd waarom dit zo belangrijk is op de lange termijn.
Bekijk het antwoord
“En als jonge kinderen niet wennen aan voedsel dat je goed moet kauwen, is de kans waarschijnlijk kleiner dat ze later netjes hun gezonde, stugge groenten opeten.” (regels 139-144)
Opmerking Als de kandidaat meer of minder citeert, geen scorepunt toekennen.
Vraag 18 1 punt
Wat is de belangrijkste functie van alinea 9?
Bekijk het antwoord
Antwoord: B
B
Vraag 19 1 punt
Welke zin geeft het best de hoofdgedachte van deze tekst weer?
Bekijk het antwoord
Antwoord: B
B
Tekst 3 Muziek als erfenis
Muziek als erfenis
Wat gaat u straks steunen?
‘Ik kreeg mijn eerste trompet van mijn opa, speelde de hele dag en legde hem pas weg als ik naar bed moest. Het heeft mij zoveel gegeven door de jaren heen, zoveel gebracht. Daarom voelt het logisch dat ik iets teruggeef en straks muziek ga steunen door na te laten aan het Cultuurfonds.’
Wordt uw erfenis het begin van iets moois? Het Prins Bernhard Cultuurfonds begeleidt en adviseert bij het organiseren van cultuur als erfenis. Ga naar www.cultuurfonds.nl/nalaten voor meer informatie of om de brochure Cultuur als erfenis aan te vragen.
PRINS BERNHARD CULTUURFONDS
Het begin van iets moois
naar een advertentie van het Prins Bernhard Cultuurfonds, de Volkskrant, 4 februari 2022
Vraag 20 1 punt
De afbeelding in deze advertentie trekt de aandacht. Welke andere functie heeft de afbeelding in deze advertentie vooral?
Zwart-witfoto van een lachende man met bril die trompet speelt, boven de advertentietekst. Bekijk in Bijlage, pagina 6
Bekijk het antwoord
Antwoord: C
C
Vraag 21 1 punt
In de tekst staat: “Het heeft mij zoveel gegeven door de jaren heen, zoveel gebracht. Daarom voelt het logisch dat ik iets teruggeef en straks muziek ga steunen door na te laten aan het Cultuurfonds.” Wat is het verband tussen deze twee zinnen?
Bekijk het antwoord
Antwoord: B
B
Vraag 22 1 punt
Wat is het belangrijkste doel van deze advertentie?
Bekijk het antwoord
Antwoord: B
B
Vraag 23 1 punt
In de advertentie staat de tekst “Wat gaat u straks steunen?” Tot wie richt de advertentie zich hier vooral? Vooral tot lezers die:
Bekijk het antwoord
Antwoord: D
D
Tekst 4 Uit gewoonte naar Instagram
(1) De storing bij Facebook1) weerhield mensen er maandagavond niet van om tegen beter weten in toch steeds Instagram, WhatsApp en Facebook2) te openen. Duimen van gebruikers leken er als vanzelf naartoe te gaan, zelfs toen de apps niet werkten. “Maar een paar uur per dag zonder sociale media zou eigenlijk normaal moeten zijn”, zegt gedragspsycholoog Bjarne Timonen.
(2) De psycholoog vergelijkt het met een bak snoepjes die voor je neus op tafel staat. “Bijna automatisch grijp je steeds naar die bak om een nieuw snoepje te pakken, zonder daar heel erg over na te denken.”
(3) Maar in tegenstelling tot een snoepkom raken sociale media nooit leeg. Bij elke verversing is er iets nieuws te zien. Als vrienden niets hebben geplaatst, dan zorgen algoritmes van de apps er wel voor dat gebruikers iets krijgen voorgeschoteld wat aansluit bij hun persoonlijke interesses.
(4) “Dat werkt belonend”, zegt Timonen. “Instagram is een soort gokapparaat, zoals een fruitmachine. Je weet niet wat er komt. Iets leuks, iets grappigs of iets schokkends. Daardoor blijft je brein geprikkeld en blijf je scrollen.”
(5) In Nederland maken volgens het Nationale Social Media Onderzoek 2021 van Newcom zo'n 13,7 miljoen mensen gebruik van sociale media. WhatsApp is het populairst: 9,8 miljoen mensen loggen daar dagelijks in (tegenover 9,3 miljoen aan het begin van 2020). Op Facebook komen elke dag 7,3 miljoen Nederlanders en op Instagram zo'n 3,7 miljoen.
(6) Nederlanders spenderen gemiddeld 97 minuten per dag aan sociale media. Vooral jongeren in de leeftijd van vijftien tot negentien jaar zijn meer sociale media gaan gebruiken. In 2021 lieten ze weten 160 minuten per dag op de apps te zitten, tegenover 143 minuten een jaar eerder. In hogere leeftijdscategorieën is het aantal minuten dat op sociale media wordt doorgebracht stabieler.
(7) “Bij een massale storing zoals die van deze week bij Facebook moeten we gedwongen afkicken”, zegt de gedragspsycholoog. “Het grootste deel van de communicatie verloopt via sociale media, dus dit voelde weer een beetje zoals de lockdown3). Ineens waren we aangewezen op het sturen van sms'jes, wat vergeleken met appen voelt alsof je rooksignalen stuurt.”
(8) Uiteindelijk duurde de storing zo'n zes uur. “Dat viel wel mee”, zegt Timonen. “Eigenlijk zou het normaal moeten zijn, een paar uur zonder sociale media.” De psycholoog zegt dat we massaal gedragsverslaafd zijn aan sociale media. En hoe meer een verslaving door de maatschappij wordt omarmd, des te lastiger het is om er een einde aan te maken. “Mensen vinden het bijna gek als je in de trein níet op je telefoon kijkt.”
(9) De problemen zijn bekend, maar toch blijkt het lastig om het gedrag te doorbreken. Om minder afhankelijk te zijn van een telefoon, moeten mensen zelf beginnen met een ‘socialemediadetox’4). “Spreek bijvoorbeeld met jezelf af om na het avondeten niet meer op je telefoon te kijken”, zegt de psycholoog. “Ga een stukje wandelen, lezen of voer eens een gesprek met je partner op de bank in plaats van met het hele gezin naar de telefoon te staren.”
(10) Volgens Timonen kunnen sociale relaties echt lijden onder de smartphone. “Gesprekken worden oppervlakkiger en minder plezierig als de mobiel tussen mensen in ligt. Leg hem dan ook niet op tafel, maar stop hem in je tas; houd ‘m uit het zicht.” En er zijn ook trucs om bepaalde apps minder te gebruiken. “Je kunt op je telefoon tijdslimieten instellen. Dat helpt ook al.”
naar een tekst van Rutger Otto, NU.nl, 6 oktober 2021
noot 1 Door een storing op 4 oktober 2021 konden de apps van Facebook zes uur lang niet gebruikt worden.
noot 2 Instagram, WhatsApp en Facebook horen bij hetzelfde bedrijf (na 28 oktober 2021 ‘Meta’) en hadden allemaal last van de storing.
noot 3 de lockdown: Om de overdracht van het besmettelijke coronavirus tegen te gaan werden maatregelen verplicht zoals sluiting van scholen en horeca, het verbod om meer dan twee bezoekers te ontvangen en een verplichte afstand van anderhalve meter tussen mensen die niet tot één huishouden behoren.
noot 4 socialemediadetox: een pauze nemen van sociale media / offline gaan
Vraag 24 1 punt
Een tekst kan op verschillende manieren ingeleid worden, bijvoorbeeld door:
- 1 de aanleiding voor het schrijven van de tekst te melden
- 2 een anekdote te vertellen
- 3 een conclusie te trekken
- 4 een deskundige te introduceren
Op welke twee manieren wordt deze tekst ingeleid in alinea 1?
Bekijk het antwoord
Antwoord: B
B
Vraag 25 2 punten
In de alinea's 2 en 3 vergelijkt gedragspsycholoog Bjarne Timonen een bak snoepjes met sociale media. Leg uit welke overeenkomst en welk verschil er volgens hem is tussen een bak snoepjes en sociale media. Noteer je antwoord in de uitwerkbijlage.
Bekijk het antwoord
overeenkomst: Je eet en klikt automatisch/zonder nadenken. / Je doet beide automatisch/zonder nadenken.
verschil: Een bak snoepjes raakt leeg, maar sociale media raken nooit leeg.
Opmerking Bij verschil moeten beide (snoep en sociale media) genoemd zijn voor toekenning van het scorepunt.
Aanvulling: het verschil wordt vervangen door: “verschil Een bak snoepjes raakt leeg (en sociale media raken niet leeg). / Sociale media raken nooit leeg (en een bak snoepjes raakt wel leeg).” Dit levert 1 scorepunt op. De opmerking hierboven vervalt.
Vraag 26 1 punt
“Daardoor blijft je brein geprikkeld en blijf je scrollen.” (regels 32-33)
Wat zorgt er vooral voor dat je brein geprikkeld blijft?
Bekijk het antwoord
Antwoord: C
C
Vraag 27 1 punt
In de alinea's 5 en 6 staan de resultaten van het Nationale Social Media Onderzoek 2021 van Newcom. Wat blijkt uit dit onderzoek? Hieruit blijkt in vergelijking met een jaar eerder dat:
Bekijk het antwoord
Antwoord: C
C
Vraag 28 1 punt
“En hoe meer een verslaving door de maatschappij wordt omarmd, des te lastiger het is om er een einde aan te maken.” (regels 74-77)
Welk verband is er tussen het eerste deel (voor de komma) en het tweede deel (na de komma) van deze zin?
Bekijk het antwoord
Antwoord: B
B
Vraag 29 1 punt
De alinea's 9 en 10 hebben een gezamenlijk deelonderwerp. Welk deelonderwerp is dat?
Bekijk het antwoord
Antwoord: D
D
Vraag 30 1 punt
Wat is het hoofdonderwerp van deze tekst?
Bekijk het antwoord
Antwoord: D
D
Vraag 31 1 punt
Een van de tekstdoelen van deze tekst is de lezer een verklaring geven voor de verslaving aan sociale media. Welk ander tekstdoel heeft deze tekst? De lezer:
Bekijk het antwoord
Antwoord: B
B
Schrijfopdracht
In de les Nederlands is de tekst ‘Uit gewoonte naar Instagram’ behandeld. Je docent vroeg de leerlingen of ze een dag zonder sociale media zouden kunnen of dat ze dit lastig zouden vinden. Er ontstond een levendige discussie. Zo bleek dat er leerlingen waren die niet zonder sociale media kunnen, maar er waren ook leerlingen die hier weinig om geven. Daarnaast werden er nadelen genoemd van het overmatig gebruik van sociale media. Ook werden mogelijke manieren besproken om het gebruik van sociale media te verminderen. Het onderwerp lijkt iedereen bezig te houden.
Jij zit in de leerlingenraad en bespreekt deze discussie. Een medeleerling uit de raad komt met het plan om een challenge te organiseren waarbij leerlingen een week geen sociale media gebruiken. De meningen binnen de leerlingenraad zijn verdeeld. Bovendien kost het organiseren van zo'n challenge veel tijd, dus willen jullie eerst weten of er wel behoefte is aan zo'n week. Jullie plaatsen een artikel in de nieuwsbrief. In het artikel roepen jullie leerlingen op om te laten weten of ze bereid zijn deel te nemen aan de challenge.
Je gaat dit artikel schrijven. Je vertelt hierin wat de aanleiding voor het artikel is, namelijk het idee van de leerlingenraad om een challenge te organiseren waarbij leerlingen een week geen sociale media gebruiken. Je legt uit dat jullie op dit idee zijn gekomen door de verschillende meningen bij de discussie in de les Nederlands. Ook het doel van de challenge vergeet je niet te vermelden. Natuurlijk geef je verder aan tot welke datum de leerlingen de leerlingenraad kunnen e-mailen. Ze kunnen hun mail sturen naar challenge@leerlingenraad.nl om zo te laten weten of ze wel of niet aan de challenge mee zouden willen doen.
Vraag 32 13 punten
Schrijf het artikel voor de nieuwsbrief van school. Gebruik daarvoor de gegevens op de vorige bladzijde en eventueel de tekst ‘Uit gewoonte naar Instagram’. Gegevens die niet in de opdracht staan, moet je zelf bedenken.
Besteed in jouw artikel aandacht aan de volgende punten:
- de aanleiding om het artikel te schrijven;
- hoe het idee is ontstaan voor een challenge waarbij leerlingen een week geen sociale media gebruiken;
- het doel van de challenge;
- twee verschillende nadelen van overmatig gebruik van sociale media;
- twee verschillende manieren om het gebruik van sociale media te verminderen;
- een oproep om bereidheid tot deelname aan de challenge te laten weten;
- de manier om te reageren;
- de uiterste datum om te kunnen reageren;
- een activerende slotzin.
Maak er een samenhangend geheel van en zet er een passende titel boven.
Zet je voor- en achternaam en je klas eronder.
Let op: Zorg ervoor dat je tekst minimaal uit 100 woorden bestaat. Bij minder dan 100 woorden krijg je geen punten voor taalgebruik.
Bekijk het antwoord
Als de kandidaat de opdracht helemaal niet heeft uitgewerkt, geen scorepunten toekennen.
32.1 Inhoud (maximumscore 6): de score is 6 scorepunten minus aftrek. De score kan niet lager zijn dan 0. Indien de volgende elementen onjuist zijn of ontbreken, telt elk element 1 scorepunt aftrek:
- de aanleiding om het artikel te schrijven: idee voor een challenge waarbij leerlingen een week geen sociale media gebruiken / discussie in de les (Nederlands)
- hoe het idee voor de challenge is ontstaan: discussie in de les (Nederlands) / bespreking (van de discussie) in de leerlingenraad
- het doel van de challenge (een door de leerling bedacht passend doel van de challenge)
- nadeel 1 van overmatig gebruik van sociale media
- nadeel 2 van overmatig gebruik van sociale media
- manier 1 om gebruik van sociale media te verminderen
- manier 2 om gebruik van sociale media te verminderen
- een oproep om bereidheid tot deelname aan de challenge te laten weten
- de manier om te reageren: e-mail sturen naar challenge@leerlingenraad.nl
- de uiterste datum om te kunnen reageren
- een activerende/passende slotzin
Opmerkingen: Discussie in de les (Nederlands) mag bij de aanleiding of bij het ontstaan van het idee van de challenge worden genoemd, maar niet bij beide elementen. Bij het doel van de challenge mag de kandidaat geen omschrijving van de challenge (een week geen sociale media gebruiken) geven.
32.2 Taalgebruik (maximumscore 5): de score is 5 scorepunten minus aftrek. De score kan niet lager zijn dan 0. Aftrek:
- één of twee formuleringsfouten (onvolledige zinnen, onjuiste woordkeuze, onjuiste verwijzingen, onjuiste zinsbouw): 1 scorepunt aftrek
- drie of vier formuleringsfouten: 2 scorepunten aftrek
- vijf of meer formuleringsfouten: 3 scorepunten aftrek
- één of twee spelfouten (fouten in de spelling van werkwoordsvormen, overige spelfouten, inclusief ten onrechte opgenomen of weggelaten hoofdletters): 1 scorepunt aftrek
- drie of vier spelfouten: 2 scorepunten aftrek
- vijf of meer spelfouten: 3 scorepunten aftrek
- twee of meer interpunctiefouten: 1 scorepunt aftrek
Let op: Om taalgebruik te kunnen beoordelen, moet de uitwerking van de kandidaat een minimum aantal woorden bevatten. Als de uitwerking van de kandidaat uit minder dan 100 woorden bestaat, geen scorepunten voor taalgebruik toekennen.
32.3 Presentatie/conventies (maximumscore 2): de score is 2 scorepunten minus aftrek. De score kan niet lager zijn dan 0. Indien de volgende elementen geheel of gedeeltelijk onjuist zijn of ontbreken, telt elk element 1 scorepunt aftrek:
- passende titel
- vermelding voor- en achternaam en klas onder artikel (samen één element)
- alinea-indeling
- samenhang
- logische volgorde
- passend taalgebruik
Opmerkingen: Als de kandidaat gebruikmaakt van conventies die niet passen bij de tekstsoort, 1 scorepunt aftrekken. Als in de uitwerking van de kandidaat de witregel na de titel en/of na de afsluiting van het artikel ontbreekt, geen scorepunten aftrekken.
Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen vmbo-gt Nederlands 2024, tijdvak 1. Figuren en de exacte opmaak staan in het originele examen.
Andere examens Nederlands vmbo-gl/tl
- 2026, tijdvak 1
- 2026, tijdvak 2
- 2025, tijdvak 1
- 2025, tijdvak 2
- 2024, tijdvak 2
- 2023, tijdvak 1
- 2023, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 1
- 2022, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 3
- 2021, tijdvak 1
- 2021, tijdvak 2
- 2021, tijdvak 3
- 2019, tijdvak 1
- 2019, tijdvak 2
- 2018, tijdvak 1
- 2018, tijdvak 2
Hoe ToetsChecker Nederlands per vraagtype nakijkt, lees je op Nederlands toetsen nakijken met AI.
Veelgestelde vragen
Hoeveel vragen heeft het eindexamen Nederlands vmbo-gl/tl 2024, tijdvak 1?
Het centraal examen Nederlands vmbo-gl/tl 2024, tijdvak 1 telt 31 vragen. De meeste vragen gaan over leesvaardigheid (18), tekstsoorten en tekstdoelen (7) en tekstverbanden en signaalwoorden (4).
Wat zijn de antwoorden van het examen Nederlands vmbo-gl/tl 2024, tijdvak 1?
Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.
Waar vind ik het correctievoorschrift van Nederlands vmbo-gl/tl 2024, tijdvak 1?
Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2024/vmbo-gl/documenten/cse-1/gt-0011-a-24-1-c). Bij dit examen hoort ook een aanvulling op het correctievoorschrift.
Hoe oefen ik met het examen Nederlands vmbo-gl/tl 2024, tijdvak 1 en krijg ik feedback?
Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.