Eindexamen wiskunde C vwo 2018, tijdvak 1: vragen en antwoorden
Alle vragen met het antwoord uit het correctievoorschrift. Opgaven: Windenergie, Francis Bacon, Vermenigvuldigen op de handen, Grauwe ganzen, Het Cyrillische alfabet, Toren van achtvlakken.
Het centraal examen wiskunde C vwo 2018, tijdvak 1 loopt tot vraag 21. Van 20 vragen staat het onderwerp in de vragenbank. De meeste vragen gaan over formules en grafieken (10), logisch redeneren (4) en ruimtemeetkunde (3). De opgaven en het correctievoorschrift staan op examenblad.nl. Met ToetsChecker maakt een klas het examen op papier en doet het AI-model per vraag een nakijkvoorstel met feedback, dat de docent controleert en vrijgeeft.
Onderwerpen in dit examen
| Onderwerp | Vragen | Aantal |
|---|---|---|
| Formules en grafieken | 1-5, 11-15 | 10 |
| Logisch redeneren | 9-10, 17-18 | 4 |
| Ruimtemeetkunde | 6-8 | 3 |
| Rijen | 19-21 | 3 |
Vergeleken met andere jaren
Vergeleken met de andere 17 examens wiskunde C vwo sinds 2018: dit examen vroeg meer over formules en grafieken (50% van de vragen, gemiddeld 40%). Minder over statistiek (0% van de vragen, gemiddeld 12%).
Opgaven en correctievoorschrift
De documenten staan op examenblad.nl, de officiële site van het College voor Toetsen en Examens. ToetsChecker haalt ze daar op als je het examen in de vragenbank kiest.
Oefenen als leerling
Een oud examen maken is de beste voorbereiding, maar zonder nakijken weet je niet waar je punten verliest. Met ToetsChecker maak je het examen wiskunde C vwo 2018, tijdvak 1 op papier, net als het echte examen, of online als je docent het digitaal klaarzet. Het AI-model kijkt het na volgens het officiële correctievoorschrift. Zodra je docent het resultaat vrijgeeft, zie je per vraag wat goed was en wat er ontbrak.
Nakijken als docent
Start gratis vanaf deze pagina
Maak een gratis account vanaf deze pagina, dan staat het examen wiskunde C vwo 2018, tijdvak 1 meteen voor je klaar als correctiemodel, met alle vragen en het correctievoorschrift. Dat kost geen credits.
Laat de klas het examen maken
Op papier, zoals het echte examen: je scant de stapel in één keer of mailt de scan naar je scanadres. Of online, als digitale toetsafname met toezicht; de opgavetekst staat dan als bron bij elke vraag. Afbeeldingen uit het examen gaan niet mee, die staan in de PDF van de opgaven.
Geef de resultaten vrij
Het AI-model kijkt elk examen na volgens het correctievoorschrift en schrijft feedback per vraag. Bij een oefenexamen geef je alles in één keer vrij; bij een toets die meetelt loop je het voorstel eerst na. De leerling ziet het resultaat pas na jouw vrijgave.
ToetsChecker is geen examensite: je kijkt er ook je eigen SO's, proefwerken, praktische opdrachten en verslagen mee na, handgeschreven of digitaal, met jouw correctiemodel en feedback per vraag. Een gratis account heeft alle functies en 200 credits per maand, genoeg om ongeveer 100 toetsen te laten nakijken. Maak een gratis account of lees eerst hoe het nakijken werkt.
Vragen en antwoorden
Hieronder staan de opgaven en vragen van het examen wiskunde C vwo 2018, tijdvak 1. Onder elke vraag klap je het antwoord uit het correctievoorschrift open. Probeer de vraag eerst zelf.
Windenergie
In een krant stond eind 2013 bij een artikel over de toekomst van windenergie de onderstaande figuur. In de figuur wordt de kostprijs voor het produceren van windenergie vergeleken met de kosten voor het produceren van energie in een traditionele kolencentrale (de marktprijs).
figuur
20 Legenda: kostprijs windenergie en marktprijs wind op zee
18 wind op land in cent per kWh marktprijs 16 kz 14
12
10 kl 8
6 km 4
2 0 9
1
3
5
7
9
1 ’1 ’0
’1
’1
’1
’1
’2 1- 1-
1-
1-
1-
1-
1- 1- 1-
1-
1-
1-
1-
1-
De grafieken zijn gebaseerd op een model van de werkelijkheid. Met behulp van dit model is het mogelijk om op ieder willekeurig tijdstip de kostprijs van energie uit te rekenen.
De formule voor de marktprijs km luidt: km = 0, 28 · t + 4,3 De formule voor de kostprijs van windenergie kl van windmolens op land luidt: kl = −0,31 · t + 10,0 Voor beide formules geldt: k is de prijs in cent per kWh (kilowattuur) en t is de tijd in jaren met t = 0 op 1 januari 2009.
We nemen in deze opgave aan dat de prijzen zich ook na 2020 volgens deze lineaire verbanden blijven ontwikkelen.
Door de duurdere windmolens op zee is de kostprijs van windenergie van die windmolens op dit moment nog steeds hoger dan die van windmolens op land. Maar door de voortdurende innovaties gaat dat veranderen.
Vraag 1 5 punten
Stel met behulp van de figuur een formule op voor de kostprijs k z van windenergie van windmolens op zee en bereken daarmee in welk jaar de windenergie van land en die van zee evenveel kosten.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerkingen
- Als in de formule van kz als richtingscoëfficiënt –0,83 gebruikt wordt, hiervoor geen scorepunten in mindering brengen.
- Als op basis van andere gekozen punten een andere richtingscoëfficiënt berekend wordt met een waarde in het interval [–0,86; –0,8] hiervoor geen scorepunten in mindering brengen.
Rond 2011 was de kostprijs van windenergie van windmolens op land nog tweemaal zo hoog als de marktprijs.
Vraag 2 4 punten
Bereken in welk jaar de marktprijs tweemaal zo hoog zal zijn als de kostprijs van windenergie van windmolens op land.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
- Het maken van een tabel met daarin minstens twee waarden van km horend bij jaren na 2021 (1p)
- Het aan die tabel toevoegen van een kolom met minstens twee waarden van 2 ⋅ kl (1p)
- Constateren dat op 1 januari 2026 de waarde van km minder dan tweemaal zo groot was als de waarde van kl en dat op 1 januari 2027 de waarde van km meer dan tweemaal zo groot was als de waarde van kl (1p)
In de provincie Flevoland staan veel windmolens en er zijn daar veel huishoudens die voorzien worden van windenergie van windmolens op land. Er wordt in deze provincie daarom vaak gebruikgemaakt van de gemiddelde prijs van windenergie en 'traditionele' energie, dus het gemiddelde van kl en km . Voor deze gemiddelde prijs k g kan een formule worden opgesteld van de vorm k g = at + b .
Vraag 3 3 punten
Bereken de waarden van a en b in twee decimalen nauwkeurig.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- kg = 1 (k + k ) (1)
- kg = 1 ( − 0,31 ⋅ t + 10, 0 + 0, 28 ⋅ t + 4,3) (1)
- k g =−0, 02 ⋅ t + 7,15 (dus a = –0,02 en b = 7,15) (1)
In 2013 werd door alle windmolens op zee in totaal gemiddeld
228 000 kWh per uur opgewekt. De windmolens zijn per dag maar gemiddeld 5 uur in bedrijf.
Neem aan dat een huishouden in Nederland jaarlijks ongeveer 3500 kWh verbruikt.
Vraag 4 3 punten
Bereken hoeveel huishoudens in Nederland er geheel 2013 van energie konden worden voorzien met energie van windmolens op zee. Rond je antwoord af op honderdtallen.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- In 2013 wordt 228 000 ⋅ 365 ⋅ 5 (kWh) opgewekt (1)
- Het aantal huishoudens: (1)
- Het antwoord: 118 900 (huishoudens) (1)
In 2013 was de totale productie van energie door alle windmolens (op land en op zee) in Nederland gelijk aan 5,95 miljard kWh. Hiermee kon in 5% van de landelijke energiebehoefte worden voorzien. Er werd toen voorspeld dat tien jaar later windmolens, met een totale energieproductie van 23 miljard kWh, in 15% van de landelijke energiebehoefte zouden voorzien.
Vraag 5 4 punten
Bereken met hoeveel procent de totale landelijke energiebehoefte volgens deze voorspelling tussen 2013 en 2023 zou toenemen. Rond je antwoord af op gehele procenten.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- In 2013 was de totale energiebehoefte = 119 (miljard kWh) (1)
- In 2023 is de totale energiebehoefte = 153,3... (miljard kWh) (1)
- De procentuele toename bedraagt ⋅100% (1)
- Het antwoord: (met) 29(%) (1)
Francis Bacon
Op de foto zie je een schilderij van Francis foto Bacon. Deze foto staat ook vergroot op de uitwerkbijlage. Een man bevindt zich voor een ruimte met donkere wanden. Het plafond en de vloer zijn in iets lichtere kleuren afgebeeld. Als je aanneemt dat deze ruimte balkvormig is, kun je zien dat de kunstenaar deze ruimte niet precies volgens de regels van het perspectief heeft getekend.
Vraag 6 3 punten
Leg met behulp van de foto op de uitwerkbijlage uit hoe je dit kunt zien.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerking Voor het tweede antwoordelement uitsluitend 0 of 2 scorepunten toekennen.
Op de uitwerkbijlage zie je het begin van een juiste perspectieftekening van een model van de balkvormige ruimte op het schilderij. Alleen de achterwand en de vloer zijn aangegeven.
Vraag 7 3 punten
Maak deze perspectieftekening correct af.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- Het verlengen van de linker- en rechterkant van de vloer en het tekenen van het verdwijnpunt (1)
- Met behulp van dit verdwijnpunt de linker- en rechterkant van het plafond tekenen (1)
- De tekening afmaken (1)
De man op het schilderij staat voor de balkvormige figuur ruimte. Stel dat het Bacons bedoeling was om de man midden voor de balkvormige ruimte te plaatsen op een bovenaanzicht afstand die de helft is van de diepte van de ruimte. In A B de figuur zie je een bovenaanzicht van de balkvormige ruimte waarin een punt P is getekend. De afstand van P tot de voorkant van de ruimte is de helft van de diepte van deze ruimte, dus MP = 0,5 · AC .
Vraag 8 4 punten
Teken dit punt P in de perspectieftekening op de
C M D uitwerkbijlage.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
Voorbeeld van een juiste tekening
Vermenigvuldigen op de handen
In Rusland en Polen gebruikten boeren vroeger soms hun handen om twee getallen tussen 5 en 10 met elkaar te vermenigvuldigen. De methode werkt als volgt: figuur Je wilt bijvoorbeeld 8 maal 9 uitrekenen.
- Steek aan beide handen vijf vingers op;
- 8
- 5 = 3 , buig aan de ene hand drie vingers om: zie de figuur;
- 9
- 5 = 4 , buig aan de andere hand vier vingers om;
- tel de omgebogen vingers op en vermenigvuldig het antwoord met 10, dus (3 + 4) ·10 = 70 ;
- vermenigvuldig de opgestoken vingers, 2 op de ene hand en 1 op de andere hand, met elkaar: 2 ·1 = 2 ;
- tel nu de antwoorden van de vorige twee stappen bij elkaar op:
70 + 2 = 72 . Bij deze methode hoef je alleen maar de tafels van vermenigvuldiging van de getallen van 1 tot en met 5 en van 10 uit het hoofd te kennen.
Vraag 9 3 punten
Ga na of deze methode ook het goede antwoord oplevert bij de vermenigvuldiging 5 maal 5.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- Er moeten aan beide handen 0 vingers omgebogen worden; de som van de omgebogen vingers maal 10 geeft 0 ⋅10 = 0 (1)
- Er zijn 5 opgestoken vingers aan de ene hand en 5 aan de andere, dit geeft 5 ⋅ 5 =25 (1)
- Het antwoord is 0 + 25 = 25 (dus de methode levert het goede antwoord) (1)
De methode is geldig voor alle gehele getallen tussen 5 en 10. Om dit aan te tonen noemen we de getallen die we met elkaar willen vermenigvuldigen x en y. Het aantal omgebogen vingers op de linkerhand is nu x
- 5 . In het voorbeeld van de figuur: 8
- 5 = 3 . Omdat het aantal omgebogen en opgestoken vingers op één hand samen 5 is, is het aantal opgestoken vingers op de linkerhand in het voorbeeld
5
- (8
- 5) = 5
- 3 = 2 .
Vraag 10 3 punten
Leg, zonder getallenvoorbeelden te gebruiken, uit waarom als er x
- 5 vingers aan de linkerhand omgebogen zijn het aantal opgestoken vingers op deze hand gelijk is aan 10
- x .
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- Het aantal opgestoken vingers is '5 – het aantal omgebogen vingers' (1)
- Het aantal omgebogen vingers is x – 5 (dus het aantal opgestoken vingers is 5 – (x – 5)) (1)
- 5 − ( x − 5) =5 − x + 5 =10 − x (1)
Op dezelfde manier is het aantal opgestoken vingers op de rechterhand gelijk aan 10
- y . Uit deze methode van vermenigvuldigen op de handen volgt dat een uitkomst op de volgende manier berekend kan worden: omgebogen vingers × 10 + opgestoken vingers ene hand × opgestoken vingers andere hand Oftewel: ( x
- 5 + y
- 5) ·10 + (10
- x)(10
- y ) .
Vraag 11 4 punten
Werk de haakjes weg en laat door verder herleiden zien dat dit gelijk is aan x · y .
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- ( x − 5 + y − 5) ⋅10 = ( x + y − 10) ⋅10 (1)
- ( x + y − 10) ⋅10= 10 x + 10 y − 100 (1)
- (10 − x)(10 − y )= 100 − 10 x − 10 y + x ⋅ y (1)
- 10 x + 10 y − 100 + 100 − 10 x − 10 y + x ⋅ y = x ⋅ y (1)
Grauwe ganzen
Grauwe ganzen eten gras en kunnen daardoor schade aan weilanden veroorzaken. Om die reden wordt er veel onderzoek gedaan naar de toename van het aantal grauwe ganzen in Nederland en de mogelijkheden om die toename te beperken.
figuur
10 000 aantal broedparen
1000
100
10
1970 1980 1990 2000 jaar
In de figuur, die ook op de uitwerkbijlage staat, is het aantal broedparen van de grauwe gans in Nederland weergegeven voor de jaren 1971 tot en met 1998. Je ziet dat het aantal broedparen snel gegroeid is in deze periode. De verticale as in de figuur heeft een logaritmische schaalverdeling. Het derde punt van de grafiek, horend bij het jaar 1973, ligt tussen 10 en 100.
Vraag 12 3 punten
Bereken met behulp van de figuur het aantal broedparen in 1973.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerking Als bij het aflezen geen gebruik gemaakt wordt van het logaritmische- schaalaspect en dit tot een antwoord als 55 leidt, hiervoor geen scorepunten toekennen.
Voor de periode 1983-1998 kan de grafiek benaderd worden met een rechte lijn. Omdat de verticale as een logaritmische schaalverdeling heeft, betekent dit dat het aantal broedparen in die periode in werkelijkheid bij benadering exponentieel groeide. Het aantal broedparen van de grauwe gans nam toe van 220 broedparen in 1983 tot 5000 in 1998. Na 1998 nam het aantal verder toe: in 2012 waren er 83 000 broedparen. We vragen ons af of de exponentiële groei in de periode 1983-1998 zich na 1998 op dezelfde wijze voortgezet heeft.
Vraag 13 4 punten
Onderzoek of het aantal van 83 000 in 2012 past bij een gelijkblijvende exponentiële groei.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- De groeifactor voor de eerste periode is (1)
- Dit geeft een groeifactor van ( = 1, 23...) per jaar (1)
- Het aantal in 2012 is dan 5000 ⋅1, 23...14 ≈ 92 000 (1)
- Het berekende aantal van 2012 vergelijken met het waargenomen aantal 83 000 en een passende conclusie (1)
In het vervolg van de opgave gaat het niet meer over alleen de broedparen van de grauwe gans, maar over alle grauwe ganzen.
Onderzoekers hebben een aantal jaren geleden een model gemaakt om de kosten van de schade te berekenen die door grauwe ganzen wordt veroorzaakt. Ze zijn hierbij uitgegaan van het aantal van 190 000 grauwe ganzen in de zomer van 2009: de zomerganzen. In de winter zijn er in Nederland twee soorten grauwe ganzen. Van de zomerganzen blijft 85% ook in de winter erna. Daar komen de grauwe ganzen bij die alleen in de winter in Nederland verblijven: de winterganzen. Het aantal zomerganzen groeit volgens dit model met 19% per jaar en het aantal winterganzen met 4% per jaar. In de winter van 2009/2010 waren er 301 800 winterganzen.
De totale schade in de winter van 2009/2010 bedroeg € 2 690 000. We nemen aan dat de schade in een winter recht evenredig is met het totale aantal grauwe ganzen in die winter.
Vraag 14 5 punten
Bereken het totale schadebedrag in de winter van 2017/2018 volgens dit model. Rond je antwoord af op duizenden euro's.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- In de winter van 2009/2010 zijn er 0,85 ⋅190 000 =161500 zomerganzen (1)
- In de winter van 2017/2018 zijn er 161500 ⋅1,198 =649 453 (of 649 454) zomerganzen (1)
- In de winter van 2017/2018 zijn er 301800 ⋅1, 048 =413034 winterganzen (1)
- In de winter van 2009/2010 zijn er in totaal (161 500 + 301800 =) 463 300 ganzen en in de winter van 2017/2018 zijn er in totaal ( 649 453 + 413 034 = )1 062 487 ganzen (1)
- De schade in de winter van 2017/2018 is 1062 487 ⋅ 2 690 000 ≈ 6169 000 (euro) (1)
In verband met de hoge kosten van de schade werden met ingang van het jaar 2013 maatregelen getroffen om het aantal grauwe ganzen te beperken, vooral de zomerganzen. Door deze maatregelen nam ná 2013 het aantal zomerganzen met 14% per jaar af. Het streven was om het aantal zomerganzen terug te brengen tot 100 000.
Vraag 15 4 punten
Bereken in de zomer van welk jaar er voor het eerst minder dan 100 000 zomerganzen zullen zijn.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- In 2013 waren er 190 000 ⋅1,194 = 381014 zomerganzen (1)
- Het aantal zomerganzen kan berekend worden met = N 381014 ⋅ 0,86 met t = 0 in 2013 (t in jaren) (1)
- Beschrijven hoe de vergelijking 381014 ⋅ 0,86t = 100 000 opgelost kan worden (1)
- t = 8,8... , dus (voor het eerst minder dan 100 000) in (de zomer van) 2022 (1)
Het Cyrillische alfabet
Het Cyrillische alfabet is het alfabet van diverse Oost-Europese landen. Het wordt onder andere gebruikt in Servië, Bulgarije en Rusland.
Hoewel er officieel maar één Cyrillisch alfabet is, hebben deze drie landen elk hun eigen variant. Er geldt:
- In deze drie landen samen worden 39 verschillende letters gebruikt.
- Van deze 39 letters komen er 24 voor in alle drie de landen.
- Er zijn 3 letters die alleen in Rusland voorkomen.
- Het Bulgaarse alfabet heeft 30 letters.
- Alle letters in het Bulgaarse alfabet komen ook voor in het Russische alfabet.
- Het Servische alfabet heeft 6 unieke letters, die dus niet in het Russische of Bulgaarse alfabet voorkomen.
Vraag 16 4 punten
Onderzoek hoeveel letters het Servische alfabet heeft.
Bekijk het antwoord
Voorbeeld uit het correctievoorschrift:
- Er moeten nog 39
- 24 = 15 letters verdeeld worden en daarvan zijn er 3 letters uniek voor Rusland dus blijven er nog 15
- 3 = 12 letters over (1)
- Omdat Bulgarije 30 letters heeft en er 24 in alle drie de landen voorkomen, zijn er nog 30
- 24 = 6 letters van Bulgarije over die niet in alle drie zitten en die 6 letters zitten ook in Rusland en dus niet in Servië (1)
- Dan zijn er nog 12
- 6 = 6 letters die niet in Bulgarije zitten maar wel in Servië en dat moeten dan precies de 6 letters zijn die uitsluitend in Servië (dus niet in Bulgarije en ook niet in Rusland) zitten (1)
Net als ons eigen alfabet (het Latijnse alfabet) is ook het Russische alfabet afgeleid van het Griekse alfabet. Het is dan ook niet verwonderlijk dat er veel letters zijn die in meerdere alfabetten voorkomen. In onderstaande figuur zijn alle letters uit het Latijnse, Griekse en Russische alfabet weergegeven in een Venn-diagram.
figuur
Met behulp van logische symbolen kunnen we beschrijven in welke alfabetten de letters voorkomen. We gebruiken daarvoor de volgende afkortingen:
- G: de letter komt voor in het Griekse alfabet.
- R: de letter komt voor in het Russische alfabet.
- L: de letter komt voor in het Latijnse alfabet.
- A: de letter komt voor in alle drie de alfabetten. De letter Π behoort tot de letters waarvoor geldt: R ∧ G
Voor een aantal letters geldt: G ∧ L ∧ ¬ A
Vraag 17 2 punten
Geef aan voor welke letters dit geldt. Licht je antwoord toe.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- Het gaat om de letters die in het Griekse én Latijnse alfabet zitten, maar niet in alle alfabetten voorkomen (1)
- Dat zijn de letters N, Z en I (1)
Iemand schrijft de volgende bewering op: ( R ∧ G ∧ ¬ A) ⇒ L
Vraag 18 3 punten
Vertaal deze logische symbolen naar een Nederlandse zin en onderzoek of de bewering waar is.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- De implicatiepijl vertalen naar een 'als…. dan-redenering’ (1)
- Een zin als 'Als een letter in het Russische en het Griekse alfabet voorkomt, en niet in alle alfabetten voorkomt, dan komt die letter voor in het Latijnse alfabet' (1)
- Toelichten (bijvoorbeeld met een tegenvoorbeeld) dat deze bewering niet waar is (1)
Toren van achtvlakken
Op de afbeelding zie je een kunstwerk van afbeelding Elt de Boer: een toren van regelmatige achtvlakken op een voet. Het bovenste deel van de voet is de helft van een regelmatig achtvlak met daaronder een kubus waarvan de ribbe dezelfde lengte heeft als die van het halve achtvlak. Daarboven zie je negen hele achtvlakken die naar boven toe steeds kleiner worden.
Een regelmatig achtvlak, zie de figuur, heeft figuur
12 ribben die allemaal even lang zijn. De ribbe van de voet is 20 cm en die van het bovenste ribbe achtvlak is 4 cm.
De achtvlakken worden naar boven toe steeds hoogte kleiner. De kunstenaar kan ervoor kiezen de ribbe van de achtvlakken steeds met een vaste factor r te vermenigvuldigen. Afgerond op twee decimalen geldt dan: r = 0,84
Vraag 19 3 punten
Bereken de waarde van r in drie decimalen nauwkeurig.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- De vergrotingsfactor van het bovenste achtvlak ten opzichte van het 4 onderste is (1)
- r = (1)
- Het antwoord: 0,836 (1)
De kunstenaar had er ook voor kunnen kiezen om de ribbe met een vaste lengte te laten afnemen. De lengten van de ribben van de opeenvolgende achtvlakken vormen dan een rij die hoort bij een lineair verband. Deze rij kan benaderd worden met de directe formule: un = 20
- 1,78n Hierin is n het nummer van het achtvlak. In de formule is un de lengte in cm van de ribbe van het n-de achtvlak. Bij n = 0 hoort de lengte van de ribbe van de voet.
Vraag 20 3 punten
Laat zien hoe de formule un = 20
- 1,78n afgeleid kan worden uit de gegevens.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
- • Er geldt: u0 = 20 (1) • De lengte van de ribbe neemt in 9 gelijke stappen af van 20 (cm) tot 4 (cm) (1) • Het verschil van twee opeenvolgende waarden van de rij is 20 − 4 4 − 20 ≈ 1, 78 (cm) (of ≈ −1, 78 (cm)) (dus de formule is 9 (9) u= n 20 − 1, 78n ) (1) (3)
De twee methoden zullen in het algemeen verschillende lengtes geven voor de ribben van de achtvlakken uit de serie.
Vraag 21 4 punten
Onderzoek bij welk achtvlak uit de serie dit verschil maximaal is en geef ook aan hoe groot dat verschil is. Rond je antwoord af op gehele millimeters.
Bij deze vraag hoort een afbeelding. Bekijk hem in: Opgaven · Uitwerkbijlage
Bekijk het antwoord
Opmerkingen
- Als een kandidaat twee tabellen maakt zonder de formules in de GR in te vullen, hiervoor geen scorepunten in mindering brengen.
- Als een kandidaat doorgerekend heeft met nauwkeuriger waarden dan 0,84 en 1,78, hiervoor geen scorepunten in mindering brengen.
22 maximumscore 4
Bron: College voor Toetsen en Examens, centraal examen vwo Wiskunde C 2018, tijdvak 1. Afbeeldingen en de exacte opmaak staan in het originele examen: https://www.examenblad.nl/2018/vwo/documenten/cse-1/vw-1026-a-18-1-o
Andere examens wiskunde C vwo
- 2026, tijdvak 1
- 2026, tijdvak 2
- 2025, tijdvak 1
- 2025, tijdvak 2
- 2024, tijdvak 1
- 2024, tijdvak 2
- 2023, tijdvak 1
- 2023, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 1
- 2022, tijdvak 2
- 2022, tijdvak 3
- 2021, tijdvak 1
- 2021, tijdvak 2
- 2021, tijdvak 3
- 2019, tijdvak 1
- 2019, tijdvak 2
- 2018, tijdvak 2
Hoe ToetsChecker wiskunde C per vraagtype nakijkt, lees je op wiskunde C toetsen nakijken met AI.
Veelgestelde vragen
Hoeveel vragen heeft het eindexamen wiskunde C vwo 2018, tijdvak 1?
Het centraal examen wiskunde C vwo 2018, tijdvak 1 loopt tot vraag 21. Van 20 vragen staat het onderwerp in de vragenbank. De meeste vragen gaan over formules en grafieken (10), logisch redeneren (4) en ruimtemeetkunde (3).
Wat zijn de antwoorden van het examen wiskunde C vwo 2018, tijdvak 1?
Op deze pagina staat bij elke vraag het antwoord uit het officiële correctievoorschrift van het College voor Toetsen en Examens, met de punten per onderdeel. Bij meerkeuzevragen staat de juiste letter erbij.
Waar vind ik het correctievoorschrift van wiskunde C vwo 2018, tijdvak 1?
Het correctievoorschrift staat op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens (https://www.examenblad.nl/2018/vwo/documenten/cse-1/vw-1026-a-18-1-c).
Hoe oefen ik met het examen wiskunde C vwo 2018, tijdvak 1 en krijg ik feedback?
Vraag je docent om het examen als oefentoets klaar te zetten in ToetsChecker. Je maakt het op papier of online, en het AI-model kijkt het na volgens het correctievoorschrift, met feedback per vraag. Je docent geeft het resultaat daarna vrij.